BIJL 2A - bijlage 12 vormvrije m.e.r.-beoordeling
Tekst van het document
M.e.r.-beoordelingsbesluit Bestemmingsplan Dikke Boom
1
Aanleiding
In verband met de voorgenomen ontwikkeling op de locatie ter hoogte van IJsseldijk Noord 111-115 te Ouderkerk aan den IJssel hebben wij beoordeeld of een milieueffectrapportage (MER) moet worden opgesteld in het kader van het vaststellen van een plan zoals bedoeld in artikel 3.8, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening. De voorgenomen ontwikkeling heeft betrekking op de herbouw van een bestaande woning, nieuwbouw van 3 woningen en het realiseren van 4 aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen aan de IJsseldijk-Noord in Ouderkerk aan den IJssel. Op grond van de aanmeldnotitie m.e.r. beoordelen wij of, voorafgaand aan de besluitvorming het plan, een milieueffectrapport moet worden opgesteld.
2
Besluit
Wij besluiten, gelet op de overwegingen die zijn opgenomen in dit besluit, dat bij de voorbereiding van het plan voor hierboven genoemde ontwikkeling door de initiatiefnemer (C.G. Vis Beheersmaatschappij B.V.) geen milieueffectrapport hoeft te worden opgesteld. De toelichting van het bestemmingsplan Dikke Boom en de Memo-vormvrije m.e.r.-beoordeling d.d. 15 december 2022, van Stantec B.V. Oosterhout maken onderdeel uit van dit besluit.
3
Rechtsmiddelen
Op grond van artikel 6:3 van de Algemene wet bestuursrecht is deze beoordeling een voorbereidingsbesluit waarop geen bezwaar en beroep mogelijk is, tenzij aangetoond kan worden dat dit besluit belanghebbende rechtstreeks treft. In de bestemmingsplanprocedure kan door een ieder zienswijzen over het ontwerpbestemmingsplan naar voren worden gebracht. De zienswijzen kunnen ook betrekking hebben op dit voorbereidingsbesluit.
4
Procedure
De voorbereiding van het m.e.r.-beoordelingsbesluit heeft plaatsgevonden overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 7.6 van de Wet milieubeheer en het Besluit milieueffectrapportage. De aanmeldnotitie en de daarbij gevoegde bescheiden voldoen aan de eisen die het Besluit milieueffectrapportage daaraan stelt.
5
Overwegingen
De volgende inhoudelijke overwegingen liggen aan dit besluit ten grondslag:
5.1
Toetsingskader
De aangevraagde activiteit komt niet voor in onderdeel C van de bijlage van het Besluit milieueffectrapportage. Hierdoor is geen directe plicht om een milieueffectrapport op te stellen. De aangevraagde activiteit komt wel voor in onderdeel D van de bijlage van het Besluit milieueffectrapport, namelijk onder D 11.2. In kolom 2 van D 11.2 is de m.e.r-beoordelingsdrempel opgenomen: In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: 1°. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2°. een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of 3°. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. Op grond van het Besluit milieueffectrapportage moet het bevoegd gezag, ook voor activiteiten die beneden de m.e.r-beoordelingsdrempel liggen, bepalen of de activiteit daadwerkelijk geen belangrijke nadelige milieugevolgen heeft en of al dan niet een MER opgesteld dient te worden. Dit dient te gebeuren aan de hand van de criteria genoemd in bijlage III bij de EG-richtlijn milieueffectbeoordeling (2011/92/EU en 2014/52/EU). Deze criteria omvatten: de kenmerken van het project (onder andere omvang en cumulatie); de locatie van het project (de kenmerken van het plangebied in relatie met kwetsbaarheid omgeving); soort en kenmerken van het potentiële effect (mogelijke effecten van de activiteit, onder andere bereik, waarschijnlijkheid en omkeerbaarheid).
Als uitgangspunt geldt dat alleen een MER hoeft te worden opgesteld, indien het bevoegd gezag van oordeel is dat dit noodzakelijk is vanwege belangrijke nadelige gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben. 5.1.1 De kenmerken van het project De omvang van het project In de nieuwe situatie zullen 4 woningen en aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen worden gerealiseerd. De bestaande woning wordt gesloopt. De cumulatie met andere projecten Er zijn in de directe omgeving geen woningbouwprojecten. Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen Dit betreft het gebruik van reguliere natuurlijke bouwmaterialen tijdens de bouw. Bijzondere effecten zijn hierbij niet te verwachten. Verontreiniging en hinder Beperkte hinder en verontreiniging van de omgeving zal plaatsvinden bij de sloop en bij de bouw van de woningen. Risico van ongevallen Het plan veroorzaakt geen risico van zware ongevallen en/of rampen, alsmede de menselijke gezondheid.
5.1.2 De plaats van het project Het bestaande grondgebruik De locatie is lange tijd niet in gebruik geweest en had als tijdelijke bestemming natuur. Rijkdom aan en kwaliteit en regeneratieve vermogen natuurlijke hulpbronnen van het gebied Het plangebied ligt aan de Hollandsche IJssel. Aan de overzijde van de rivier liggen gebieden die zijn aangewezen als NNN-gebied (Natuur Netwerk Nederland). Er zijn wel archeologische verwachtingswaarde aanwezig op deze locatie. Bij voorgenomen graafwerkzaamheden zal onderzoek nodig zijn. Het opname vermogen van het natuurlijke milieu Het natuurlijke milieu ter plaatse heeft een voldoende opname vermogen voor de voorgenomen ontwikkeling. 5.1.3 Kenmerken van het potentiële effect Bereik van het effect (Geografisch en grootte getroffen bevolking) Het effect van aanlegfase en de gebruiksfase van dit plan beperkt zich tot de lokale omgeving. Grensoverschrijdend karakter De voorgenomen ontwikkeling heeft geen grensoverschrijdend karakter. Orde van grootte en complexiteit effect De effecten zijn beperkt en niet complex van aard. Duur, frequentie en omkeerbaarheid effect Het effect van de sloop en realisatie van de woningen is tijdelijk. Het effect van het gebruik van de woning is langdurig. Het project kan worden teruggebracht naar het huidige gebruik 5.2
Conclusie Gelet op bovenstaande overwegingen kan worden uitgesloten dat de activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu heeft. Het opstellen van een milieueffectrapport is daarom niet nodig.
Stolwijk, 28 maart 2023 Burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard, De gemeentesecretaris, De burgemeester,
J. Hennip
P.J. Boevy-Koene
Memo Aan:
Gemeente Krimpenerwaard
Van:
Stantec B.V. Oosterhout
Project:
Memo – Vormvrije m.e.r.-beoordeling Datum:
15 december 2022
Referentie: Bestemmingsplan Dikke Boom te Ouderkerk a/d IJssel
1
Inleiding
Aan de IJsseldijk Noord 111 te Ouderkerk aan den IJssel, in de gemeente Krimpenerwaard, is de initiatiefnemer (C.G. Vis Beheersmaatschappij B.V.) voornemens om één bestaande woning te herbouwen, drie nieuwe vrijstaande woningen te bouwen en aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen bij de vier woningen te realiseren. De realisatie van de woningen inclusief aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen, past niet binnen het ter plaatse geldende bestemmingsplan ‘IJsseldijk-Noord 2005’. Om woningbouw te kunnen realiseren dient voor de locatie daarom een nieuw ruimtelijk en functioneel kader te worden vastgelegd in de vorm van een nieuw bestemmingsplan. In dit bestemmingsplan wordt de ‘Natuur’ bestemming gewijzigd in een woonbestemming.
2
Kader
De milieueffectrapportage beoordeling (m.e.r.-beoordeling) is een procedure met als hoofddoel om het milieubelang volwaardig te laten meewegen bij de voorbereiding en vaststelling van plannen en besluiten. De verplichting tot het volgen van deze procedure, is geregeld in hoofdstuk 7 van de Wet Milieubeheer (Wm) en in het Besluit m.e.r. Van belang zijn de volgende artikelen: 1. In artikel 7.2 Wm wordt het doorlopen van de m.e.r.-procedure gekoppeld aan bepaalde in het Besluit m.e.r. opgenomen plannen en besluiten die verbonden zijn aan de eveneens in het Besluit m.e.r. weergegeven activiteiten. Het besluit m.e.r bevat hiertoe bijlagen, waarbij vooral de onderdelen C en D van belang zijn. Onderdeel C beval activiteiten, plannen en besluiten waarvoor het maken van een m.e.r. verplicht is. Activiteiten, plannen en besluiten waarvoor een m.e.r.beoordeling benodigd is staan in onderdeel D. Voor beide onderdelen worden per activiteit de drempelwaarden beschreven. 2. In artikel 7.2a Wm wordt het doorlopen van de m.e.r.-procedure gekoppeld aan een activiteit waarvoor op grond van artikel 2.8, eerste lid, van de Wet natuurbescherming een passende beoordeling moet worden gemaakt. Een passende beoordeling hoeft niet opgesteld te worden wanneer op voorhand significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden kunnen worden uitgesloten.
Het project bestaat uit het maken van een bestemmingsplan voor het herbouwen van één bestaande woning, de bouw van drie nieuwe vrijstaande woningen en het realiseren van aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen bij de vier woningen. Een dergelijke project kan worden aangemerkt als stedelijk ontwikkelingsproject, zoals vermeld in bijlage D van het Besluit m.e.r. onder D 11.2.
15 december 2022 Gemeente Krimpenerwaard Bladzijde 2 van 6
Referentie: Bestemmingsplan Dikke Boom te Ouderkerk a/d IJssel
Doordat het project echter ruim onder de drempelwaarden zoals genoemd in onderdeel D11.2 blijft, geldt geen verplichting voor het opstellen van een milieueffectrapportage. Wel is de m.e.r.-beoordelingsplicht van toepassing. Voor elk besluit of plan dat betrekking heeft op activiteit(en) die voorkomen op de D-lijst die beneden de drempelwaarden vallen, dient namelijk een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd. In de vormvrije m.e.r.-beoordeling wordt getoetst of een activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. Een vormvrije m.e.r.-beoordeling kan leiden tot twee conclusies: 1. Belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn uitgesloten er is geen m.e.r. of m.e.r.beoordeling noodzakelijk; 2. Belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een m.e.r.-beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor een m.e.r. De criteria waaraan moet worden getoetst zijn opgenomen in artikel 2 lid 5 Besluit m.e.r. jo. artikel 7.16, lid 2 en 3 Wet milieubeheer. Hierbij moet rekening worden gehouden met de onderstaande drie hoofdcriteria van bijlage III bij de m.e.r.-richtlijn: 1. Een beschrijving van de fysieke kenmerken van de gehele activiteit en voor zover van belang, van sloopwerken; 2.
Een beschrijving van de locatie van de activiteit, met bijzondere aandacht voor de kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de activiteit van invloed kan zijn; 3. Een beschrijving van de waarschijnlijk belangrijke gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben.
3
Toetsing
In dit hoofdstuk wordt getoetst of op basis van de criteria die zijn genoemd in bijlage III van de EEGrichtlijn milieueffectbeoordeling (zie hiervoor) een m.e.r.-beoordeling uitgevoerd dient te worden. De onderstaande m.e.r.-beoordeling is opgesteld op basis van de onderzoeken die zijn uitgevoerd in het kader van de aanpassing van het bestemmingsplan om de aanwezige woning te herbouwen en drie vrijstaande woningen inclusief aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen te realiseren. In de onderstaande tabellen vindt de beoordeling/toets plaats aan de criteria die zijn genoemd in bijlage III van de EEGrichtlijn milieueffectbeoordeling. Kenmerken van het project Het project bestaat uit de aanpassing van het bestemmingsplan voor het herbouwen van één bestaande woning en het bouwen van drie nieuwe vrijstaande woningen, inclusief realiseren van aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen bij de vier woningen. Het plangebied ligt ten noorden van de kern Ouderkerk aan den IJssel, in het buitendijkse gebied van de oostelijke oever van de Hollandsche IJssel. De afbeelding op de volgende pagina toont de ligging van het plangebied.
15 december 2022 Gemeente Krimpenerwaard Bladzijde 3 van 6
Referentie: Bestemmingsplan Dikke Boom te Ouderkerk a/d IJssel
Afbeelding 1: Situering planlocatie Criteria Omvang van het project
Cumulatie met andere projecten
Gebruik van natuurlijke hulpbronnen
Productie van afvalstoffen
Verontreiniging en hinder
Risico van ongevallen
Toets De omvang van het project is beperkt; het betreft de herbouw van één bestaande woning en de nieuwbouw van drie vrijstaande woningen inclusief het realiseren van aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen bij de vier woningen. Nee, er is geen sprake van andere projecten en/of activiteiten die plaatsvinden in de nabijheid van de ontwikkellocatie, waardoor cumulatie van effecten kan optreden. Het project betreft het realiseren van vier vrijstaande woningen inclusief aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen waar elektriciteit wordt verbruikt voor alledaags gebruik. Dit verbruik is niet dermate hoog dat dit tot nadelige gevolgen of effecten leidt. Onder natuurlijke hulpbronnen worden onder andere niet vernieuwbare bronnen, zoals fossiele brandstoffen verstaan, maar ook vernieuwbare bronnen, zoals hout, rubber, drinkwater en zuurstof. Voor de realisatie van het project is gebruik maken van natuurlijke hulpbronnen onontkoombaar, dit betreft niet het gebruik op een dermate grote schaal dat het doorlopen van een milieueffectrapportage aan de orde is. Door de realisatie van het project zal de hoeveelheid afval (papier/karton, restafval en GFT-afval) op de locatie toenemen. Er komen namelijk drie extra woningen bij die er eerst niet stonden. Echter verandert het type afval niet en zal de toename van het afval ook niet dermate hoog zijn, dat dit tot nadelige gevolgen of effecten leidt.
▪ Bodem: door de aard van het project (bouwen woningen en dus geen milieu relevante bedrijven) is er een verwaarloosbaar risico op bodemverontreiniging. ▪ Geluid: Het voorgenomen project leidt niet tot geluidhinder. ▪ Trillingen: Het voorgenomen project leidt niet tot trillinghinder. ▪ Luchtkwaliteit: Het voorgenomen project leidt niet tot verslechtering van de luchtkwaliteit. Niet van toepassing.
Conclusie kenmerken van het project Geconcludeerd wordt dat relevante verontreiniging en hinder als gevolg van het toekomstig gebruik van het plangebied niet aan de orde is. Er zijn geen kenmerken van het project die aanleiding geven voor het doorlopen van een m.e.r.-procedure.
15 december 2022 Gemeente Krimpenerwaard Bladzijde 4 van 6
Referentie: Bestemmingsplan Dikke Boom te Ouderkerk a/d IJssel
Plaats van het project Het plangebied wordt gevormd door de percelen, kadastraal bekend als gemeente Ouderkerk aan den IJssel, sectie B, nummers 3459, 3460, 3440 en 3441. Het gebied heeft een totale oppervlakte van circa 4.950 m2 en ligt direct ten oosten van de Hollandsche IJssel op circa 1 kilometer ten noorden van de kern Ouderkerk aan den IJsel. Ouderkerk aan den IJssel is een typisch Zuid-Hollands dijkdorp. Een langgerekt dorp, waarvan de vorm is bepaald door het verloop van de dijk samen met de rivier. Kenmerkend voor het landschap zijn de lange smalle stroken van ontgonnen land vanaf de dijkwoningen. Het plangebied ligt ter plaatse van een zogenaamde ‘zelling’. Een zelling is een ondiep stuk grond aan een rivier, die vroeger werd gebruikt om rivierklei te winnen voor een steenfabriek. Ook werd er elders afgegraven klei tijdelijk opgeslagen, in afwachting van latere bewerking. Deze zellingen hebben inmiddels hun functie verloren. Door het herbestemmen van de locatie kunnen deze cultuurhistorische elementen in het landschap worden behouden. Het plangebied ligt niet binnen of in de nabijheid van een gebied met een bijzondere status, zoals bijvoorbeeld een Natura 2000-gebied. Criteria Bestaand grondgebruik
Relatieve rijkdom een kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen in het gebied Het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor: ▪ Gevoelige gebieden (wetlands, kustgebieden, berg- en bosgebieden, reservaten en natuurparken, monumenten, Habitat- en Vogelrichtlijngebieden
▪
▪ ▪
Gebieden waarin bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschreden Gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid Landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang
Toets In de huidige situatie bestaat de projectlocatie uit een onverhard terrein wat is aangeduid als natuurgebied. Door de realisatie van de ontwikkeling zal het verhard oppervlak toenemen. Echter zal dit niet in die mate zijn dat dit tot nadelige gevolgen of effecten leidt. De projectlocatie ligt niet binnen een als waardevol aangeduid gebied. Er is geen sprake van een grote rijkdom aan natuurlijke hulpbronnen.
De projectlocatie ligt op ruimte afstand van Vogel- of Habitatrichtlijngebieden, of een ander beschermd natuurgebied (Natura 2000). Echter is in het kader van stikstofdepositie wel een onderzoek uitgevoerd, waardoor inzicht is verkregen in de invloed van de planontwikkeling op de Natura 2000-gebieden “Boezems Kinderdijk”, ”Donkse Laagten” en “Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein” Uit een uitgevoerde berekening blijkt dat de ontwikkeling niet leidt tot een toename van stikstof ter plaatse van de stikstofgevoelige habitattypen ter plaatse van de Natura 2000-gebieden, waardoor geen sprake is van negatieve effecten. De projectlocatie ligt niet in de omgeving van gebieden waarin bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschreden. De projectlocatie ligt niet binnen een gebied met een hoge bevolkingsdichtheid. De projectlocatie ligt binnen een gebied met een archeologisch verwachtingswaarde. In het kader van de ruimtelijke procedure is het aspect archeologie aan de hand van een QuickScan onderzocht (ODMH, 18-08-2015). Uit de resultaten van deze QuickScan is gebleken dat het deel van het plangebied wat is aangeduid als VAW2 (nu: WA-4) een lage verwachting op archeologische resten heeft en in het deel van het projectgebied wat is aangeduid als AW2 (nu: WA-2) een hoge verwachting op archeologische resten heeft.
Om deze reden is in het nieuwe bestemmingsplan, voor het deel van het project met de hoge verwachting, de dubbelbestemming archeologie opgenomen.
In onderdeel A van de bijlage bij het Besluit m.e.r is bepaald wat verstaan wordt onder een gevoelig gebied. Als gevoelig gebied zijn gebieden aangewezen die beschermd worden op basis van de natuurwaarden, landschappelijke waarden, cultuurhistorische waarden en waterwingebieden. Deze zijn vermeld in de tabel hieronder.
15 december 2022 Gemeente Krimpenerwaard Bladzijde 5 van 6
Referentie: Bestemmingsplan Dikke Boom te Ouderkerk a/d IJssel
Gevoelig gebied
Toets
Beschermd natuurmonument
Nee, de projectlocatie betreft geen beschermd natuurmonument.
Habitat- en Vogelrichtlijngebieden
Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een dergelijk gebied.
Watergebieden van internationale betekenis
Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een dergelijk gebied.
NNN (voorheen EHS)
Nee, de projectlocatie maakt geen deel uit van een dergelijk gebied.
Landschappelijke waardevol gebied
Nee, de projectlocatie maakt geen deel uit van een dergelijk gebied.
Waterwinlocaties, waterwingebieden en grondwater-beschermingsgebieden Beschermd monument
Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een dergelijk gebied.
Belvedere-gebied
De projectlocatie betreft geen monument, ook in de directe nabijheid van de locatie niet aanwezig. Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een dergelijk gebied.
Conclusie kenmerken van het project De plaats van het project geeft geen aanleiding voor het doorlopen van een m.e.r.-procedure. Kenmerken van het potentiële effect De effecten van het project op het plangebied en de directe omgeving zijn onderzocht voor een scala aan (mogelijk relevante) thema’s en aspecten. In alle gevallen zullen potentiële effecten enkel lokaal optreden, in of direct aangrenzend aan het plangebied. Ten aanzien van indirecte effecten als verzuring en vermesting door stikstofdepositie, blijkt dat er geen sprake is van significant negatieve effecten omdat de aangevraagde activiteiten niet leiden tot een toename van de stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelige habitattypen in omliggende Natura 2000-gebieden. In de stukken die zijn opgesteld in het kader van de aanpassing van het bestemmingsplan voor deze ontwikkeling, zijn de milieueffecten in beeld gebracht en beoordeeld. Op basis daarvan is onderbouwd dat de aangevraagde activiteiten een goede ruimtelijke ordening betreffen en op de locatie toelaatbaar worden geacht. Criteria Bereik van het effect (geografische zone en grootte van de getroffen bevolking) Grensoverschijdende karakter van het effect Waarschijnlijkheid van het effect Duur, frequente en de omkeerbaarheid van het effect
Toets Er zijn geen effecten te verwachten die uit te drukken zijn in geografische zone en/of grootte van de getroffen bevolking. Nee, gezien de ligging in de gemeente Krimpennerwaard waar geen landsgrens in de buurt is. Zie hierboven. Zie hierboven.
Conclusie kenmerken van het project De potentiële effecten van het project geven geen aanleiding voor het doorlopen van een m.e.r.procedure.
15 december 2022 Gemeente Krimpenerwaard Bladzijde 6 van 6
Referentie: Bestemmingsplan Dikke Boom te Ouderkerk a/d IJssel
4
Conclusies en advies
Het doel van deze vormvrije m.e.r.-beoordeling is om het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming te geven, door in een vroeg stadium te onderzoeken en te beoordelen of de voorgenomen activiteiten belangrijke nadelige milieugevolgen hebben. De voorgenomen ontwikkeling (realisatie van vier woningen met aanlegplaatsen voor pleziervaartuigen), kan worden aangemerkt als een stedelijk ontwikkelingsproject, zoals omschreven in het Besluit milieueffectrapportage onder D 11.2. Weliswaar blijft de omvang ervan onder de aangegeven drempelwaarden uit kolom 2, maar op grond van het Besluit m.e.r. is alsnog een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk. De conclusie van deze m.e.r.-beoordeling is dat het plan, rekening houdend met de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van het potentiële effect, geen belangrijke nadelige gevolgen heeft voor het milieu, voor de kenmerken van het gebied zelf en voor het woon- en leefmilieu in de omgeving. Er worden geen belangrijke negatieve effecten verwacht vanwege de ligging van het plangebied ten opzichte van gevoelige gebieden en de kenmerken en de potentiële effecten van de ontwikkeling.