BIJL 2 - Wijzigingsoverzicht Verordening bekostiging leerlingenvervoer Krimpenerwaard 2023
Tekst van het document
Bijlage 2. Wijzigingstabel Verordening bekostiging leerlingenvervoer Krimpenerwaard 2023 Hoofdstuk of artikel Hoofdstuk 1 Inleiding
Artikel 2.3 lid 2 Advisering Wanneer de inwoner vindt dat het door de gemeente afgegeven advies niet juist is, dan is de inwoner zelf verantwoordelijk om de gemeente hiervan te overtuigen. Dit kan door het advies van een specialist aan de gemeente te leveren. Het oordeel van enkel een huisarts is niet voldoende. Als er geen specialist betrokken is, dan dient de inwoner aan de gemeente een objectief en onafhankelijk oordeel van een (sociaal) medisch adviseur te laten zien.
Artikel 3.2 Voorwaarden De gemeente kan extra voorwaarden stellen aan de vervoersvoorziening die wordt gegeven. Zoals bijvoorbeeld het deelnemen aan een programma om zelfstandig te leren reizen.
Artikel 3.2.1 lid 2c Vervoersvoorziening de leerling gaat naar een passende school (op meer dan zes kilometer van de woning) die verder weg is gelegen dan de dichtstbijzijnde passende school, en de ouders hebben in het aanvraagformulier uitgelegd waarom zij, op basis van geloof/levensovertuiging, kiezen voor de verder weg gelegen passende
Wijziging Nieuw hoofdstuk betreffende de doelstellingen die de gemeente belangrijk vindt, de uitgangspunten en kernwaarden van de gemeente. Ouders dienen, als een specialist niet betrokken is, via een onafhankelijk (sociaal) medisch advies aan te tonen dat een uitzondering gemaakt dient te worden, waarbij dit onafhankelijk (sociaal) medisch advies voorheen niet nodig was. Wel wordt in de huidige verordening, waar nodig, om een verklaring van huisarts gevraagd.
Gevolg N.v.t.
Aan de verstrekking van een vervoersvoorziening kan het college voorwaarden verbinden. Zo kan het college bepalen dat, bijvoorbeeld in het kader van het streven naar zelfredzaamheid, in de winterperiode een vergoeding van de kosten van het aangepast vervoer wordt verstrekt, onder de voorwaarde dat in de andere maanden met de (elektrische) fiets of het openbaar vervoer wordt gereisd en dat hiervoor wordt geoefend en/of wordt deelgenomen aan een project met dit doel. Voorheen werd gevraagd om te motiveren waarom een ouder bezwaar had tegen een andere richting, nu wordt gevraagd om te motiveren waarom ouder/verzorger wilt dat de leerling naar een bepaalde school met erkende richting gaat, zonder andere erkende richtingen af te keuren.
Zelfredzaamheid stimuleren en mogelijk kostenreductie.
1
Mogelijk minder uitzonderingen voor ouders worden gemaakt, omdat enkel het oordeel van een huisarts niet voldoende is.
Aansluiten uitspraak van de Afdeling (21 oktober 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2467). Dit nieuwe lid is geformuleerd naar aanleiding van de uitspraak van de Afdeling (21 oktober 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2467). De Afdeling heeft het volgende bepaald (rechtsoverweging 5): “Artikel
school. De gemeente moet wel altijd nog beoordelen of deze uitleg voldoende is.
Artikel 3.2.1 lid 5 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer of vervoer per fiets ten behoeve van een begeleider Vergoeding voor begeleiding in het OV of op de fiets betaalt de gemeente alleen als de leerling jonger dan elf jaar is of als het kind een blijvende lichamelijk, verstandelijk, zintuigelijk of geestelijke beperking heeft.
Artikel 4.2 Tijdelijke woning buiten de gemeente Krimpenerwaard Indien een leerling tijdelijk (korter dan 6 weken) in een andere gemeente verblijft, blijft aanspraak op leerlingenvervoer vanuit de Krimpenerwaard bestaan.
Begeleiding van de leerling op de fiets of in het OV is t/m tien jaar mogelijk, waarbij dit in de huidige verordening t/m acht jaar was. In de praktijk bleek dat negen jaar een te jonge leeftijd is om leerlingen die in aanmerking komen voor leerlingenvervoer zelfstandig naar school te laten fietsen of middels het OV te reizen. Tevens is in het verleden door een GGD-arts geadviseerd om de leeftijd van negen naar elf jaar te verhogen. Dit advies wordt daarmee gevolgd. Voorheen stond hierover al kort iets beschreven in de beleidsregels. In dit nieuwe artikel wordt daar uitgebreider op in gegaan, zo worden er bijvoorbeeld ook voorwaarden genoemd, welke wij in de praktijk al hanteren. Wat nieuw is in dit artikel is lid 2. Het besluit waarin de vervoersvoorziening is gegeven toen het kind in de gemeente Krimpenerwaard woonde wordt opgeschort vanaf het moment dat het kind tijdelijk buiten de gemeente Krimpenerwaard woont. Deze vervoersvoorziening wordt opnieuw aangezet zodra het kind weer in de gemeente Krimpenerwaard woont,
2
4, derde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs vereist dat een regeling als bedoeld in het eerste lid van die bepaling over de vergoeding van leerlingenvervoer de op godsdienst of levensbeschouwing van de ouders berustende keuze van een school eerbiedigt. Dat ouders op grond van godsdienst of levensbeschouwing een bepaalde school kiezen, hoeft niet te betekenen dat zij overwegende bezwaren hebben tegen een openbare school of een bijzondere school van een andere richting. Uiteindelijk zelfstandigheid leerlingen bevorderen. Begeleiding op de fiets of in het OV is voor een grotere doelgroep mogelijk. Hierdoor kunnen mogelijk meer leerlingen oefenen met reizen op de fiets of met het OV, wat hun zelfstandigheid bevordert.
Administratieve verlichting ouders / verzorgers. Ouders / verzorgers hoeven minder vaak een aanvraag in te indienen als deze situatie zich voordoet omdat de vervoersvoorziening herleeft als de leerling terugkeert in de gemeente.
Artikel 4.4 Vraag naar specifiek onderwijs
Artikel 5.2 lid 4 Schooltijden en wachttijden Als er sprake is van een bijzondere situatie (bijvoorbeeld een pandemie) waardoor de schooltijden anders zijn dan de opgeschreven tijden die in de schoolgids, wordt het aangepast vervoer niet betaald, tenzij dit niks extra’s kost. Artikel 5.3.1 lid 6 Vervoersvoorziening De gemeente kan ouders vragen of op aanvraag van ouders toestaan om één of meer kinderen zelf te vervoeren of laten vervoeren.
Artikel 5.3.1 lid 6b. Vervoersvoorziening De gemeente betaalt aan de ouders die een kind zelf vervoeren: een openbaar vervoer vergoeding voor de leerling zonder begeleiding, als de leerling recht zou hebben op een openbaar vervoer vergoeding met of zonder begeleiding.
tenzij de einddatum van de vervoersvoorziening voorbij is. Voorheen diende opnieuw een wijzigingsformulier ingediend te worden om na terugkeer in de gemeente weer aanspraak te maken op de vervoersvoorziening. Met dit nieuwe lid herleeft de vervoersvoorziening direct weer als de leerling terugkeert in de gemeente. Dit nieuwe artikel biedt de mogelijkheid om leerlingen waarbij er een specifieke en noodzakelijk onderwijsbehoefte is, zoals hoogbegaafdheidsonderwijs, aanspraak te laten maken op een vervoersvoorziening als aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Dit lid is opgenomen, omdat afgelopen jaren meerdere malen vragen waren over het vervoer tijdens afwijkende schooltijden vanwege Corona-beleid.
Onder bepaalde voorwaarden de mogelijkheid bieden voor bekostiging leerlingenvervoer aan betreffende doelgroep. Mogelijk kostenstijging.
Duidelijkheid voor ouders / verzorgers wanneer deze situatie zich voordoet. Dit artikel is niet afkomstig uit de modelverordening.
In de huidige verordening kon het college ouders op aanvraag toestaan één of meer leerlingen zelf te vervoeren of laten vervoeren. In de nieuwe verordening kan het college de ouders ook zelf vragen om één of meer leerlingen zelf te vervoeren of laten vervoeren, naast dit ook op aanvraag te kunnen toestaan.
Zelfredzaamheid stimuleren door ouders actief te vragen om zelf te vervoeren.
In de huidige verordening stond dat elke ouder die zelf rijdt een kilometervergoeding voor de auto afgeleid van de Reisregeling binnenland krijgt, tenzij de leerling initieel in aanmerking kwam voor de fietsvergoeding. De bekostiging van het eigen vervoer is in de nieuwe verordening gerelateerd aan de voorziening waar de ouders in principe op basis van de bepalingen in de Verordening bekostiging
N.v.t.
3
leerlingenvervoer voor in aanmerking komen. Artikel 5.3.1 lid 8 Als ouders naast aangepast vervoer voor het kind ook zelf het kind willen vervoeren, bestaat alleen recht op kilometervergoeding wanneer het kind minimaal twee dagen door de ouders wordt vervoerd.
Vanwege meerdere casussen waarbij ouders één dag zelf wilden rijden en de rest van de dagen aangepast vervoer (waarbij alle dagen aangepast vervoer vaak goedkoper is), is besloten dat minimaal 2 dagen door ouders zelf gereden moeten worden om aanspraak te maken op kilometervergoeding.
Duidelijkheid voor ouders wanneer deze situatie zich voordoet. Eigen kracht stimuleren. Dit artikel is niet afkomstig uit de modelverordening.
Artikel 5.3.1 lid 9 Vervoersvoorziening Heeft de leerling recht op een vervoersvoorziening? Dan kan de gemeente na overleg met de ouders een andere passende voorziening betalen, die goedkoper is dan of hetzelfde kost als een openbaar vervoer vergoeding.
In vorige verordening betrof het een andere passende voorziening verstrekken, die goedkoper is dan de bekostiging van de vervoersvoorziening en met een max van € 1000,-. Nieuwe verordening betreft het een bekostiging voor een andere passende voorziening, die goedkoper is dan of gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer. In de huidige verordening stond dat het college de inkomensbedragen aanpast. Hierdoor werden de nieuwe bedragen elk jaar voorgelegd aan het college, ook die van de eigen bijdrage. Vanaf heden zullen deze bedragen niet meer aan het college worden voorgelegd, maar worden de bedragen aangepast conform hetgeen gesteld in de verordening.
N.v.t.
In de huidige verordening wordt niet vermeld dat het leerlingenvervoer een agendapunt is in het OOGO met de samenwerkingsverbanden. De samenwerking met de samenwerkingsverbanden op het gebied van leerlingenvervoer wordt in dit artikel benadrukt. Beschrijving hoe we (inwoner en gemeente) met elkaar omgaan. En hoe de gemeente de afspraken controleert, zodat regels rondom rechtmatigheid en fraude ook geborgd zijn in deze verordening. In de nieuwe verordening ligt de nadruk op het voorkomen van
Structureel overleg over leerlingenvervoer in het OOGO met de samenwerkingsverbanden.
Artikel 5.3.2 lid 5 Bijzondere regeling vervoer naar een gewone basisschool De gemeente past de bedragen van de inkomensgrenzen in het eerste en derde lid, en van de eigen bijdragen in het derde lid, jaarlijks aan (indexering). De gemeente volgt daarbij de wijzigingen die de VNG aan de gemeente doorgeeft. Artikel 5.5 OOGO met de samenwerkingsverbanden
Hoofdstuk 6 Afspraken tussen inwoner en gemeente
4
N.v.t.
N.v.t.
Begrip reistijd
misbruik, door de afspraken tussen inwoner en gemeente te benoemen. In de huidige verordening is de reistijd de tijd tussen het moment van het verlaten van de woning en de starttijd van de school volgens de schoolgids. Van deze reistijd mag maximaal 15 minuten worden afgetrokken als het kind gewoonlijk iets voor de start van de school aankomt op school. Voor de terugreis geldt de tijd tussen de eindtijd van de schooldag volgens de schoolgids en de aankomst bij de woning van het kind. Hierbij kan maximaal 15 minuten worden opgeteld voor een eventuele wachttijd voor OV of aangepast vervoer. In de nieuwe verordening is de correctie van de tijd van 15 minuten gewijzigd in 10 minuten.
5
Aansluiten bij de praktijk. De praktijk leert dat leerlingen, ongeacht de manier waarop zij de afstand naar school overbruggen, zo’n tien minuten voor de aanvang van de lessen op het schoolplein aankomen. Het ligt voor de hand deze tijd uit te sluiten van de reistijd. De eventuele wachttijd voor het openbaar vervoer aan het einde van de schooldag wordt wel meegerekend. Wanneer een leerling met aangepast vervoer wordt vervoerd, is er tijd nodig de school te verlaten en in de taxi(bus) te stappen. Het is in dit geval dan ook redelijk enige tijd (tien minuten) op te tellen bij de berekende duur van de rit. Deze periode is ook volgens de Afdeling redelijk (ABRvS 5 oktober 1990, nr. R03.90.6236/86538).