CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJL 2: Voorstel structureel sluitende begroting

Raadsvergadering 8 juli 2025, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Kadernota 2026 en meerjarenraming (+bezuinigingen)27.930 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Tot een afstand van 15 km waardoor scholen binnen de Krimpenerwaard, Krimpen aan de IJssel, Gouda en Capelle vaak binnen dit bereik komen te liggen - sturen we standaard voor kinderen zonder fysieke beperkingen - aan op -

92 -

het gebruik van de fiets/OV of oplossingen vanuit de samenredzaamheid. Het bus-aanbod richt zich alleen nog op de inkoop van aanvullend busvervoer op de hoofdassen (doorgaande N-wegen N210, N207, N228)) en leerlingen met een fysieke beperking. Dat doen we door: - deze ambitie nadrukkelijker op te nemen in de verordening; - een streng handelings- en toetsingskader als hulpmiddel op te stellen; - te voorzien in hulpmiddelen gericht op ondersteuning via de (bak)fiets, eventueel in combinatie met openbaar vervoer op de hoofdassen & het bevorderen van samenredzaamheid. Bij het bevorderen van samenredzaamheid moet je bijvoorbeeld denken aan bij elkaar brengen van ouders om elkaars kinderen naar school te brengen en daar onderling afspraken over te maken. De vergoeding van de gemeente is dan beperkt tot een vergoeding voor een inzittende-verzekering. Met deze aanpak zetten we op termijn in op een besparing van 10% op de kosten van het leerlingenvervoer.

Gevolgen - Een groep leerlingen die nu op basis van de afstand tot school toch in aanmerking kwam voor leerlingenvervoer komt nu niet meer in aanmerking voor busvervoer; - tevoren is duidelijker voor ouders van kinderen zonder fysieke beperkingen welke mate van inzet van hen wordt verwacht; Toelichting wijzigingen Het verzoek van de raad is richting gegeven door de focus te leggen op (op het oog kansrijke) taakvelden waar nog geen mogelijkheden voor zijn aangedragen. Risico's en frictiekosten / eenmalige investeringen - de verandering van de werkwijze kan leiden tot veel bezwaren: ondanks de intenties in de verordening om meer te verwachten van de zelf- en samenredzaamheid is de striktere aanpak een verslechtering ten opzichte van de huidige situatie; - samenredzaamheid kent veel minder regie vanuit de overheid, dat kan ook leiden tot ongewenste situaties; - Er ligt een intentie om de huidige (regionaal ingekochte) vervoersdiensten te verlengen, de aanpak grijpt waarschijnlijk in op deze vervoersdiensten. De intentie kan dan niet worden opgevolgd. De juridische houdbaarheid van de intentie moet daarom worden onderzocht &/ het project moet ook regionaal worden omarmt; Om de striktere handelswijze goed en verantwoord door te voeren is eerst nader onderzoek nodig - wij stellen voor dit projectmatig aan te pakken. Een post incidentele kosten is hiervoor opgenomen.

In het project nodig om: - Data van de bestaande bestedingen nader te analyseren; - tijd en middelen te besteden aan het bijstellen van de handelingsrichtlijnen en communicatie met mensen en instellingen die nu voordeel hebben van de regeling; - Aanvullende diensten / mogelijkheden in te kopen; - een goede motiverende onderbouwing is nodig om de aanpak juridisch voldoende robuust te maken; Planning tot realisatie 1. besluit raad (Q2 2025) 2. voorbereiding, communicatie en ter inzagelegging startnotitie (Q3 2025) 3. start projectmatige aanpak innovatie leerlingenvervoer (2026) -

93 -

4. vaststellen nieuwe handelingslijnen (Q4 2026) 5. communicatie met belanghebbenden (Q1/Q2 2027) 6. in werking treden nieuwe verordening bij aanvang nieuwe schooljaar (Q3 2027) 7. monitoring financiële effecten (2028 / 2029) en evaluatie. Financiële planning

Taakveld: 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

Gevolgen business-case Jaar

Afname lasten

Toename opbrengsten

(+) a

(+) b

Structurele opbrengst /besparing (incl. FTE) c=a+b

Personele besparing (in FTE) d

Incidentele kosten / frictiekosten (-) e

2026

.

.

-200.000

2027

30.000

30.000

.

2028

120.000

120.000

.

2029

182.000

182.000

.

-

94 -

VS23-VS36 - Toeristenbelasting verhogen naar landelijk gemiddelde Beschrijving Deze mogelijkheid gaat uit van het verhogen van het tarief toeristenbelasting (voor overnachten op water) tot het landelijk gemiddelde tarief. € 1,96 is het tarief 2025 in onze gemeente € 3,21 is het landelijk gemiddelde tarief in 2024 (bron: COELO). Het BTW-tarief voor overnachtingsmogelijkheden (behouden kampeergelegenheden) zal vanaf 1 januari 2026 stijgen van 9% naar 21%. Wij zijn uitgegaan van het landelijke gemiddelde tarief. Een andere mogelijkheid is om uit te gaan van het mediane tarief (€ 1,89). Het mediane tarief is het tarief dat in het midden ligt; de helft van de gemeenten heeft een hoger tarief en de helft een lager tarief. De mediaan is daardoor minder gevoelig voor extreme waarden dan het gemiddelde. (bron: COELO) In 2025 is de toeristenbelasting in Nederland gemiddeld met 8% gestegen. (bron: FAMO) In onze gemeente is het tarief met 2,3% (inflatie) gestegen. gemeente Krimpenerwaard Bodegraven-Reeuwijk Gouda Krimpen a/d IJssel Molenlanden Nieuwkoop Oudewater Waddinxveen Zuidplas

hotel € 1,96 € 3,10 € 2,50 € 2,00 € 1,50 € 1,45 € 1,03 € 3,47

vakantiepark € 1,96 € 2,65 € 2,50 - € 2,00 € 1,50 € 1,45 € 1,03 € 3,47

camping € 1,96 € 2,05 € 2,50 € 2,00 € 1,50 € 1,45 € 1,03 € 3,47

De opbrengst komt in de algemene middelen van de gemeente en is door de gemeente vrij besteedbaar. Er is geen verplichting om de geheven belasting in te zetten voor uitgaven die samenhangen met recreatie en toerisme. Gevolgen De opbrengst van de toeristenbelasting is vrij besteedbaar. De toeristenbelasting komt niet ten laste van onze inwoners, maar van mensen die niet staan ingeschreven in de gemeente en die zakelijk of privé overnachten in onze gemeente. Door (een hoger tarief van) deze belasting betalen ze (meer) mee aan de algemene voorzieningen in onze gemeente. Verhoging van het tarief kan leiden tot minder overnachtingen en daardoor tot minder inkomsten bij onze overnachtingsaanbieders en lokale ondernemers. Vaststelling van het tarief 2026 in de begrotingsraad is voor de overnachtingsaanbieders laat om hun (potentiële) gasten te informeren over de tarieven. De toeristenbelasting wordt afgedragen door de overnachtingsaanbieders en kan weerstand opleveren. Zij mogen de toeristenbelasting doorberekenen aan hun gasten. Toelichting wijzigingen De raad heeft twee voorstellen gedaan over toeristenbelasting (VS23 en VS36). De raad heeft al besloten om toeristenbelasting op water in te voeren per 1-1-2026 tegen hetzelfde tarief als de reeds bestaande toeristenbelasting op land. Daarom zijn de voorstellen samengevoegd. -

95 -

Risico's en frictiekosten / eenmalige investeringen Dit kan leiden tot lagere inkomsten door het wegblijven van toeristen. Dit was in het verleden niet het geval, ook niet bij een extra tariefstijging (boven de inflatie). Dit kan leiden tot minder overnachtingen op water in de havens (in Ouderkerk aan den IJssel beroepsvaart en in de zomer ook pleziervaart, in Schoonhoven cruiseschepen, in Haastrecht en in de commerciële havens van Krimpen aan de Lek en Schoonhoven) en daardoor tot minder toeristen die geld besteden in de havens en bij de horeca en detailhandel. Heffing voor overnachtingen op water (vanaf 2026) kan ook leiden tot lagere inkomsten havengelden (in Ouderkerk aan den IJssel beroepsvaart en in Schoonhoven cruiseschepen) en een lagere kostendekkendheid. Er is bezwaar en beroep mogelijk. Planning tot realisatie Dit kan per 1 januari 2026 worden ingevoerd. De Verordening toeristenbelasting 2026 wordt in de Begrotingsraad (11-11-2025) vastgesteld. Aanslagen toeristenbelasting worden na afloop van het belastingjaar opgelegd, omdat dan pas het aantal overnachtingen bekend is. In 2027 worden de aanslagen toeristenbelasting 2026 opgelegd. Financiële planning

Taakveld: 3.4 Economische promotie

Gevolgen business-case Jaar

Afname lasten

Toename opbrengsten

(+) a

(+) b

Structurele opbrengst /besparing (incl. FTE) c=a+b

Personele besparing (in FTE) d

Incidentele kosten / frictiekosten (-) e

2026

.

115.000

115.000

.

2027

.

230.000

230.000

.

2028

.

230.000

230.000

.

2029

.

230.000

230.000

.

Een deel van de opbrengst is al onderdeel van een andere mogelijkheid. In het financiële overzicht wordt de opbrengst hierop gecorrigeerd. Zie overzicht prioritering alle mogelijkheden.

-

96 -

NBZ20 - Subsidie Zilvermuseum Beschrijving Een deel van de raad heeft de volgende vraag gesteld, met als doel een extra mogelijkheid uit te werken: Subsidie Zilvermuseum korten met 2026 indien mogelijk en anders nu het …. We hebben dit als volgt uitgewerkt: Aan het Zilvermuseum is een meerjarige begrotingssubsidie beschikt voor de jaren 2025 tot en met 2028 inclusief een taakstelling. We bouwen deze subsidie binnen de komende 3 jaar af. Gevolgen Op 10 juli 2024 is er meerjarig een subsidie beschikt. Indien deze beschikking wordt doorkruist door een nieuw besluit heeft dit invloed op het imago van onze rol als overheid. Zeker als de afbouw in 3 jaar zou moeten worden gerealiseerd. De (meerjarige) gemeentelijke subsidie is van belang voor de bedrijfsvoering en het uitvoeren van het beleidsplan van het Zilvermuseum. Stopzetting van de subsidie leidt tot het wegvallen van ongeveer 50% van de inkomsten. Het is niet aannemelijk dat het tekort dat hierdoor ontstaat in korte tijd door extra bezoekersaantallen, sponsoring of andere inkomsten kan worden opgeheven. Het intrekken van de subsidie kan leiden tot faillissement en sluiting van het museum. Een voorziening voor toerisme en recreatie valt weg en een belangrijk onderdeel van de bekendheid van Schoonhoven als Zilverstad is er dan niet meer.

Bezoekers aan het Zilvermuseum dragen bij aan de economie in de gemeente aangezien zij, zoals eerder genoemd in onderzoek van Lawson Luiten en Atlas Research, de euro die zij in het Zilvermuseum besteden 6 tot 15 keer uitgeven in de gemeente. Het zilvermuseum draagt bij aan het levend houden van het ambacht Zilver en werkt hiervoor onder andere samen met de zilvervakschool, wat meerwaarde heeft voor zowel de school als het museum. De sluiting van het Zilvermuseum kan op (lange) termijn gevolgen hebben voor de verbondenheid van de vakschool aan Schoonhoven. Instroom van jongeren in de gemeente neemt dan iets af. De inzet van vrijwilligers rond het museum valt weg. Dit is onderdeel van het sociaal netwerk en de sociale basis van deze groep vrijwilligers. En dit geldt ook voor de medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt. En de vaste medewerkers verliezen hun baan. Momenteel is niet bekend wat er met de zilvercollectie zal gaan gebeuren als het Zilvermuseum ophoudt te bestaan. Toelichting wijzigingen Er stond geen tekst dus deze er zelf in geplaatst. Risico's en frictiekosten / eenmalige investeringen Gezien de afgegeven 4 jarige subsidiebeschikking zal er in lijn met de Algemene wet Bestuursrecht een redelijke termijn voor afbouw van de subsidie in acht moeten worden genomen en dit zorgt ervoor dat de bezuiniging niet meteen gehaald kan worden.

Qua aanpak wordt voorgesteld om de subsidie binnen de looptijd af te bouwen , 33,33 % per jaar, en dan is de besparing eind 2028 gerealiseerd. Rekening moet worden gehouden met eenmalige juridische kosten (schatting € 8.000,-) en een eventuele schadeclaim in combinatie met het bezwaar vanuit het Zilvermuseum. Als wij als gemeente een eventuele rechtzaak verliezen, betalen wij ook de juridische kosten van het Zilvermuseum

-

97 -

(schatting € 4.000,-). Daarnaast wordt de beoogde bezuiniging niet gerealiseerd. Daarnaast zal er extra ambtelijke inzet moeten worden gepleegd (schatting € 8.000,-) Planning tot realisatie Zodra de raad haar besluit heeft genomen, zal dit moeten worden gedeeld met het Zilvermuseum waarbij de eerder verleende meerjarige subsidiebeschikking 2025-2028 wordt ingetrokken. De afbouw in de jaren 2026 t/m 2028 wordt daarbij aangekondigd. Evenals het niet opnieuw verlenen van subsidie na 2028. Financiële planning

Taakveld: 5.4 Musea

Gevolgen business-case Jaar

Afname lasten

Toename opbrengsten

(+) a

(+) b

Structurele opbrengst /besparing (incl. FTE) c=a+b

Personele besparing (in FTE) d

Incidentele kosten / frictiekosten (-) e

2026

100.000

100.000

-20.000

2027

200.000

200.000

.

2028

300.000

300.000

.

2029

300.000

300.000

.

-

98 -

NBZ14 - Collegeprogramma Beschrijving Een deel van de raad heeft gevraagd de volgende mogelijkheid te onderzoeken: Onderzoek of het jaarlijkse budget van €75.000 voor het collegewerkprogramma efficiënter kan worden ingezet. Denk aan het schrappen van minder urgente projecten, versobering van de uitvoeringskosten, of betere samenwerking met externe partijen. We hebben dit als volgt uitgewerkt: Voor deze opgave hebben we gekeken naar het totaal van middelen die structureel zijn opgenomen in de begroting naar aanleiding van de ambities van het collegeprogramma. Daarbij hebben we de onderdelen die onderdeel van een andere bezuinigingsmogelijkheid hier niet meer opgenomen. Zo voorkomen we dubbelingen. De analyse toont aan dat het overgrote deel van de structurele posten al onderdeel is van andere mogelijkheden. De volgende onderdelen blijven nog over: - ondermijning; - onderzoek en advisering verkeer; - verkeersveilige schoolomgeving; - bevorderen biodiversiteit; - vluchtelingen; De post ondermijning is eerder door de raad breed als bezuinigingsmogelijkheid afgewezen. De overige posten tellen in totaal op tot 460.000,- structureel, waarvan 400.000,- het budget voor het thema vluchtelingen. Het opvangen van vluchtelingen is (op dit moment) een wettelijke plicht (Spreidingswet).

Daarbij is te verwachten dat de gemeente Krimpenerwaard nu nog relatief weinig vluchtelingen opvangt ten opzichte van een evenwichtige verdeling over heel Nederland. We hebben bekeken of er mogelijkheden zijn om het budget van € 400k i.v.m. de opvang van vluchtelingen (onderdeel van het collegeprogramma) reëler en/of offensiever te ramen. Conclusie daarbij is dat we feitelijk al aan de onderkant zitten. Vooralsnog betreft het de consequenties die voortvloeien uit een wettelijke plicht, die bij de huidige prognoses eerder zwaarder wordt dan lichter. Het programma vangt daarbij veel negatieve gevolgen voor onze inwoners op, door in te zetten op goed omgevingsbeheer en door pro-actief in te spelen op ontwikkelingen. Vooralsnog zien we daarom hier geen ruimte om middelen af te ramen. Aangezien de intentie van de mogelijkheid is zaken efficienter / zuiniger aan te pakken gaan we daarbij uit van: - het vertragen van de aanpak van veilige schoolzones (15.000,-); De potentiele besparingen op de jaarbudgetten voor biodiversiteit en de onderzoekskosten verkeer zijn te beperkt als het gaat om een efficientieslag. Het stoppen met het stimuleren van de biodiversiteit (10.000,-) beschouwen we als te ver strekkend in de gevraagde uitwerking. Aanvullend onderzoek naar de wijze of dit bereikt kan worden door efficienter te werken achten we niet doelmatig.

We gaan uit van het behalen van het voordeel door vermindering van activiteiten op deze posten.

Gevolgen

-

99 -

- Concreet betekent dit dat er vertraging zal optreden op het gebied van de aanpak van schoolomgevingen - er kan maximaal 1 schoolomgeving per jaar worden aangepakt - en projecten die een relatie hebben met verkeersveiligheid. De verkeersveiligheid in schoolomgevingen neemt daardoor minder snel toe. Toelichting wijzigingen De opgave is uitgewerkt naar de middelen die concreet in de begroting zijn opgenomen. Daarbij is voorkomen dat de uitwerking van deze mogelijkheid leidt tot dubbelingen met andere mogelijkheden. Risico's en frictiekosten / eenmalige investeringen - Doordat de kosten per schoolomgeving verschillen kunnen de uitgaven per jaar meer fluctueren; Planning tot realisatie Bij de begroting worden bedragen lager vastgesteld. Na de lagere vaststelling van de begroting wordt de snelheid van de uitvoering van activiteiten hier op aangepast. Financiële planning

Taakveld: 2.1 Verkeer en vervoer

Gevolgen business-case Jaar

Afname lasten

Toename opbrengsten

(+) a

(+) b

Structurele opbrengst /besparing (incl. FTE) c=a+b

Personele besparing (in FTE) d

Incidentele kosten / frictiekosten (-) e

2026

15.000

15.000

.

2027

15.000

15.000

.

2028

15.000

15.000

.

2029

15.000

15.000

.

-

100 -

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=20d2e900-e6d3-445e-b2cd-ee6c9b481185