BIJL 1: Kadernota 2026
Tekst van het document
ER-DOEL
We faciliteren een meer toekomstbestendige agrarische sector.
WE METEN
Aantal hectare bodemdalingremmende maatregelen (bron: gebiedsprocessen).
X
Aantal agrariërs dat deelneemt aan gebiedsprocessen (bron: gebiedsprocessen).
INSPANNINGEN 2026
In het gebiedsplan “Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied” (ZH-PLG) wordt een actielijst opgenomen waarin de inspanningen vanaf 2026 zijn opgenomen.
INSPANNINGEN 2026 2029
We continueren de faciliterende rol bij de gebiedsprocessen voor de planvorming ZHPLG (klimaat, stikstof, natuur). We verbinden onze lokale ambities aan de wettelijke (Europese) opgaven en de doelstellingen van de provincie. We brengen onze lokale ambities in het ZH-PLG proces. Deze lokale ambities zijn onder andere een toekomstbestendige landbouw en een duurzaam beheer van het buitengebied.
MIDDELEN 2026
-
Ruimte voor bedrijvigheid AMBITIE
Wij zetten in op het realiseren van voldoende ruimte voor de ontwikkelingsmogelijkheden van lokale bedrijven. Hiervoor zorgen we voor een heldere bedrijventerreinenstrategie en actieve lobby richting de provincie.
ER-DOEL
We zetten in op meer ruimte voor de duurzame ontwikkeling van lokaal gebonden bedrijven.
WE METEN X
·Het aantal hectares bedrijventerrein. ·De (lokale en regionale) behoefte aan bedrijventerreinen.
INSPANNINGEN 2026
In 2026 wordt een plan van aanpak geïmplementeerd voor nieuwe bedrijventerreinen in Krimpenerwaard. Ook gaan we aan de slag met een aanpak van bestaande bedrijventerreinen op gebied van revitalisering en beter benutten.
INSPANNINGEN 2026 2029
We implementeren de bedrijventerreinenstrategie. Zo realiseren we meer ruimte voor de ontwikkeling van lokaal gebonden bedrijven.
MIDDELEN 2026
-
26
Korte ketens in de agrarische sector AMBITIE
Voedselvoorziening is cruciaal, zeker gezien de ontwikkelingen in de wereld. Onze agrariërs hebben, in relatie tot de recreatieve mogelijkheden, hierbij in de gemeente Krimpenerwaard een belangrijke rol. We stimuleren dat meer (voedsel)producten uit ons gebied terecht komen bij onze inwoners. ‘Korte ketens tussen productie en verbruik maken de cirkel rond’.
ER-DOEL
We stimuleren dat meer voedselproducten uit ons gebied direct terechtkomen bij de klant.
WE METEN
-
INSPANNINGEN 2026
Korte ketens zijn in de voorlopige projectenlijst van de Regio Deal opgenomen. Als het project definitief wordt in de Regio Deal gaat dit vanaf 2026 lopen. Vanuit de gemeente coördineren we de projecten die in Krimpenerwaard vanuit de Regio Deal starten.
INSPANNINGEN 2026 2029
We onderhouden een netwerk met: Voedselfamilie Krimpenerwaard, Rotterdam de Boer op en Cheese Valley. We koppelen initiatieven voor korte ketens aan initiatieven voor recreatie en toerisme (onder andere Stichting Promotie Krimpenerwaard). We kennen (leader)subsidies toe om initiatieven op het gebied van korte ketens en streekproducten te stimuleren.
MIDDELEN 2026
-
Vitale winkelgebieden AMBITIE
Wij zetten in op versterking van de detailhandelstructuur en waar mogelijk het op peil houden van het huidige winkelaanbod.
ER-DOEL
We versterken de beleving en aantrekkelijkheid van onze winkelgebieden.
WE METEN
Het aantal winkels, het aantal vierkante meters winkelaanbod, leegstand, waardering (via tweejaarlijkse koopstromenonderzoek). (bron 2021: kso2021.nl)
INSPANNINGEN 2026
In 2025 zijn trends en ontwikkelingen in de retailsector (winkelgebieden) in Krimpenerwaard in beeld gebracht. In 2026 worden de lokale effecten daarvan verwerkt in een lokale uitvoeringsagenda. Deze wordt opgesteld door de lokale winkeliersverenigingen en de gemeente. Afhankelijk van de aard en inhoud van deze acties gaan we de bijbehorende acties uitvoeren.
INSPANNINGEN 2026 2029
We versterken de (onderlinge) samenwerking van en met winkeliersverenigingen via reguliere overleggen en via de bestaande samenwerkingsverbanden. Hierbij hebben we aandacht voor lokaal kopen. We bepalen in overleg met de winkeliersverenigingen welke acties nodig en haalbaar zijn. Dit doen wij aan de hand van de uitkomsten van het koopstromenonderzoek. Deze acties voeren wij uit.
MIDDELEN 2026
27
-
Bodemdaling AMBITIE
We zetten ons in om bodemdaling te verminderen en wisselen hierover kennis uit.
ER-DOEL
We zetten binnen en buiten de bebouwde kom in op minder bodemdaling.
WE METEN
We monitoren de effecten en wisselen actief ervaringen uit met andere gemeenten.
INSPANNINGEN 2026
Huidige samenwerkingen op het gebied van bodemdaling lopen door in 2026.
INSPANNINGEN 2026 2029
We werken samen met Waterschappen en Provincie om bodemdaling in het landelijk gebied tegen te gaan. We nemen deel aan het platform Slappe Bodem. We experimenteren met de toepassing van (innovatieve) lichte ophoogmaterialen onder wegen en achterpaden.
MIDDELEN 2026
-
Buitengebied AMBITIE
Samen met onze partners (waaronder de agrarische sector) zoeken we naar economische perspectieven die het buitengebied versterken. We staan positief tegenover maatwerkoplossingen. Bijvoorbeeld op het gebied van bouwvlakken, windmolens tot een ashoogte tot 15 meter voor eigen energie-opwek, herbestemming van vrijkomende agrarische bebouwing en nevenactiviteiten in onder andere de recreatieve sfeer. Bij te nemen maatregelen bij de inrichting van het buitengebied en het voldoen aan (bijvoorbeeld stikstof-) opgaven van het Rijk zijn de ambities vanuit de gemeente leidend, waarbij wij rekening houden met de belangen van het Rijk
ER-DOEL
We vinden meer economische perspectieven die het buitengebied versterken.
WE METEN
-
INSPANNINGEN 2026
In de uitvoering van de Regio Deal werken we vanaf 2026 aan een toekomstbestendige landbouw en een breed economisch perspectief. Projecten binnen de Regio Deal zijn hier dan ook grotendeels op gericht.
INSPANNINGEN 2026 2029
We stellen een omgevingsprogramma landbouw vast, waarin concrete plannen en processen zijn uitgewerkt. We kennen (Leader)subsidies toe om initiatieven te stimuleren die agrariërs economisch perspectief kunnen bieden.
MIDDELEN 2026
-
Financieel overzicht EXPLOITATIE (x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Structureel
-10
-10
-10
-10
Beleidskeuze
-10
-10
-10
-10
Subsidies Economie
-10
-10
-10
-10
Eindtotaal
-10
-10
-10
-10
INVESTERINGEN Voor dit programma zijn geen aanvullende investeringen opgenomen.
28
3.5 Onderwijs, sport, cultuur en recreatie In dit programma legt de gemeente Krimpenerwaard de basis voor het beleid om kinderen en jongeren gezond en veilig te laten (op)groeien in een stimulerende omgeving, zodat zij hun talenten kunnen ontwikkelen en volwaardig aan de samenleving kunnen deelnemen. De gemeente is verantwoordelijk voor de voor- en vroegschoolse educatie, openbaar basisonderwijs, onderwijshuisvesting, onderwijsbeleid waaronder ook de afstemming van het passend onderwijs en leerlingvoorzieningen. Met dit programma stimuleert de gemeente tevens het culturele en sportieve klimaat. Dit draagt bij aan de goede gezondheid, talentontwikkeling en participatie van inwoners. Ook draagt het bij aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat in de gemeente. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor het uitvoeren van openbaar onderwijs, onderwijshuisvesting, onderwijsbeleid, leerlingzaken, de taakvelden Sportbeleid en activering, Sportaccommodaties, Culturele presentatie, -productie en -participatie, Musea Cultureel erfgoed, Media (waaronder het bibliotheekwerk), Openbaar groen en (openlucht) recreatie. Ontwikkelingen Onderwijs, sport, cultuur en recreatie 2026 Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen : Het onderwijs heeft de opdracht toe te werken naar inclusiever onderwijs, zodat kinderen zoveel mogelijk binnen het reguliere (basis)onderwijs kunnen blijven.
Tegelijkertijd heeft het onderwijs ook te maken met de maatschappelijke opgave van kansen(on)gelijkheid. We hebben te maken met prestatiedruk en maakbaarheidsdenken. De aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt blijft een continue aandachtspunt. Sport, cultuur en recreatie worden steeds meer verbonden met andere beleidsterreinen uit zowel het sociaal domein als het ruimtelijk domein. Sport, cultuur en recreatie zijn een middel om de sociale en fysieke leefomgeving van mensen te verbeteren en daarmee het welzijn en welbevinden van mensen te verhogen. In het verlengde hiervan heeft het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een aantal uitkeringen bedoeld voor het stimuleren van gezondheid, sport en bewegen, cultuurparticipatie en het versterken van de sociale basis gebundeld in één Brede Regeling specifieke uitkering (SPUK). Door landelijk, regionaal en lokaal intensiever in te zetten op preventie en het versterken van de sociale basis proberen we de vraag naar zorg en ondersteuning (op langere termijn) te verminderen. Dit vraagt – in samenhang – te investeren in bestaanszekerheid, het vergroten van kansengelijkheid en gezond samenleven. Lokale ontwikkelingen : Krimpenerwaard wil voor haar inwoners een leefbare gemeente zijn met vitale gemeenschappen, vitale kernen en een vitaal buitengebied.
Daarvoor gaat aantrekkelijke en passende woningbouw hand in hand met een sterke sociale basis. Een sterke sociale basis met daarin een afwisselend en robuust voorzieningenniveau. We zetten in op een beweegvriendelijke omgeving, ruimte voor ontmoeting, positieve gezondheid, eenduidig beheer en exploitatie, ontwikkeling van een integrale en lokale toegang, clustering van voorzieningen en het ondersteunen van vrijwilligersorganisaties. Hierbij werken we samen met diverse partners die actief zijn in de sociale basis. Denk daarbij aan bibliotheken, sport- en cultuuraanbieders, de GGD en het onderwijs.
29
Onderwijs AMBITIE
De gemeente wil inclusiever en toegankelijk onderwijs. Wij zetten daarbij in op goede en gezonde onderwijshuisvesting ook in de kleinere kernen met aandacht voor clustering van scholen en andere maatschappelijke voorzieningen.
ER-DOEL
We zetten in op een veiliger en gezonder klimaat binnen de scholen vanuit zowel huisvesting als pedagogisch klimaat.
SUBDOELEN
Onderwijshuisvesting is meer multifunctioneel, gezonder en duurzamer.
WE METEN
Percentage vroegtijdig schoolverlaters (www.eengezonderhollandsmidden.nl).
Meer kinderen doorlopen hun schoolloopbaan binnen het regulier (basis)onderwijs in Krimpenerwaard.
Het aantal opgeleverde schoolgebouwen. Score voorzieningenniveau basisonderwijs (waarstaatjegemeente.nl). INSPANNINGEN 2026
De werkzaamheden in de omgeving van de nieuwbouw van Schoonhoven College Vlisterweg worden afgerond.
We stellen een nieuw uitvoeringsprogramma Voor- en Vroegschoolse Educatie 2026-2029 (VVE) op
We treffen voorbereidingen voor nieuwbouw van Kiezel & Kei Bergambacht.
We evalueren de uitkomsten van de pilot Inclusief onderwijs. De uitkomsten kunnen leiden tot een integraal en duurzaam plan Inclusief onderwijs, waarvan de kinderopvang eveneens onderdeel is.
Het ontwerp van De Kromme Draai Ammerstol wordt afgerond en voorbereidingen voor realisatie worden getroffen.
We starten een pilot die bijdraagt aan inclusieve kinderopvang. In deze pilot brengen we de jeugdhulp naar de kinderopvang.
Het ontwerpproces voor nieuwbouw van Koningin Emma Centrum en De Krullevaar in Schoonhoven wordt gestart. Voor een van de twee VO-scholen in Lekkerkerk start de renovatie. INSPANNINGEN 2026 - We realiseren de nieuwbouw van De Ark 2029 (oplevering gepland in 2027).
We ontwikkelen activiteiten en acties die bijdragen aan de kansengelijkheid van inwoners. Dit doen we door het versterken van de pedagogische basis, inclusief onderwijs en het terugdringen van onderwijsachterstanden.
Op basis van het IHP 2018 is gestart met een aantal nieuwbouwprojecten. Conform planning leveren we in de periode tot 2028 vier nieuwe schoolgebouwen op. We stimuleren scholen om te komen tot groene schoolpleinen. MIDDELEN 2026
30
Structureel: De jaarlijkse afschrijvingslasten als gevolg van oplevering nieuwe scholen
-
Cultuur AMBITIE
We versterken het rijke culturele leven in de gemeente en maken het zichtbaar. Dit doen wij door het nastreven van de doelen uit het Uitvoeringsprogramma Cultuur. We zetten in op culturele vorming en participatie van iedereen en vooral van de jeugd. Via kunst en cultuur zetten we in op het meer zichtbaar maken van de identiteit van de kernen. We verbinden verschillende culturele organisaties en initiatieven in de gemeente en versterken het cultureel ondernemerschap. Cultuur moet ook toegankelijk blijven voor mensen met minder financiële middelen.
ER-DOEL
Meer inwoners ervaren een gezonde en cultuurrijke leefomgeving.
SUBDOELEN
Meer cultuurparticipatie door jong en oud.
WE METEN
Percentage deelname jeugdfonds cultuur.
Betere zichtbaarheid van de identiteit van de kernen door de inzet van kunst en cultuur.
Percentage dat geen lid is van vereniging of organisatie in klas 4 van het voorgezet onderwijs (www.eengezonderhollandsmidden.nl). Aantal scholen en culturele instellingen dat deelneemt aan het programma Cultuureducatie met Kwaliteit 2021-2024 INSPANNINGEN 2026
We evalueren het We geven uitvoering aan het Collectieplan kunst. Uitvoeringsprogramma Cultuur 20212025. We stellen het Uitvoeringsprogramma Cultuur voor de periode 2026-2029 op.
INSPANNINGEN 2026 2029
We realiseren het We geven uitvoering aan het Uitvoeringsprogramma Cultuur 2026- Uitvoeringsprogramma Cultuur. 2029.
MIDDELEN 2026
-
-
Sport AMBITIE
We willen de maatschappelijke kracht van sport benutten. Dit doen we samen met sportaanbieders, welzijnsinstellingen en onderwijs. Naast sport bij een vereniging stimuleren we bewegen en sporten in de openbare ruimte. Sport moet toegankelijk zijn en blijven voor mensen met minder financiële middelen.
ER-DOEL
Meer inwoners bewegen voldoende.
SUBDOELEN
Meer inwoners hebben een gezonde levensstijl en gezond gewicht.
WE METEN
·Percentage inwoners dat voldoet aan de beweegrichtlijn (bron: www.eengezonderhollandsmidden.nl).
Meer samenwerking met en tussen sportaanbieders en andere maatschappelijke partners.
· Percentage inwoners met overgewicht. (bron: www.eengezonderhollandsmidden.nl) INSPANNINGEN 2026
We stimuleren een gezonde leefstijl onder inwoners door middel van buurtsportcoaches, een JOGGregisseur en Team:Fit.
We stellen het beheermodel Sport vast en starten met de implementatie ervan.
INSPANNINGEN 2026 2029
We voeren de activiteiten uit het Uitvoeringsprogramma Gezondheid 2024-2027 uit.
De Stimuleringsopdracht Sport, Gezondheid en Cultuur wordt door Team Sportservice Krimpenerwaard volgens het uitvoeringskader uitgevoerd en wordt voortdurend op basis van kennis en ontwikkelingen bijgestuurd.
MIDDELEN 2026
-
Incidenteel: Frictiekosten. De hoogte is afhankelijk van te maken keuzes in het verzelfstandigingplan. Globale schatting € 150.000 in 2026.
31
Recreatie en Toerisme AMBITIE
Wij faciliteren en stimuleren nieuwe bestaande recreatieve voorzieningen, waaronder overnachtingsmogelijkheden. Wij staan voor een integrale benadering en de koppeling van streekproducten met de promotie van het toerisme.
ER-DOEL
We stimuleren meer voorzieningen voor recreatief en toeristisch bezoek en verblijf.
WE METEN
Aantal overnachtingen in de Krimpenerwaard (bron: SVHW). Aantal banen in de sector R&T (bron: LISA).
INSPANNINGEN 2026 2029
We blijven betrokken bij de planvorming en uitvoering van de provincie op het gebied van recreatieve toevoegingen in de NNN gebieden.
MIDDELEN 2026
-
Financieel overzicht EXPLOITATIE (x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Incidenteel
-150
0
0
0
Collegeprogramma
-150
0
0
0
Beheermodel sport
-150
0
0
0
Structureel
180
162
936
782
Noodzakelijk
180
162
936
782
0
-18
-18
-18
IHP – Bijstelling afschrijving nieuwbouw en renovatie scholen
201
201
975
821
Nieuwe exploitatiekosten De Meent
-21
-21
-21
-21
Eindtotaal
30
162
936
782
(x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Structureel
10
10
10
10
Budgetneutraal
10
10
10
10
Subsidies Economie (dekking)
10
10
10
10
Eindtotaal
10
10
10
10
10% meer bomen (afschrijving)
Dekking
32
INVESTERINGEN (x € 1.000)
2026
Incidenteel
-17.298
0
-27.126
-9.707
Noodzakelijk
-17.298
0
-27.126
-9.707
10% meer bomen
2027
2028
2029
-725
0
0
0
-3.683
0
0
0
IHP 2.0 - De Rank (nieuwbouw) - SCH
0
0
-8.367
0
IHP 2.0 - De Vlieger (nieuwbouw) - SCH
0
0
-5.767
0
IHP 2.0 - Emmaschool (nieuwbouw) - SCH
-4.604
0
0
0
IHP 2.0 - Gemini college (renovatie) - LKK
-8.286
0
0
0
IHP 2.0 - Kon. Wilheminaschool vernieuwbouw) - LKK
0
0
0
-8.223
IHP 2.0 - Polsstok (renovatie) - BKW
0
0
0
-1.484
IHP 2.0 - Schoonhovens college AP (renovatie) - SCH
0
0
-12.992
0
0
0
0
-71
-17.298
0
-27.126
-9.778
IHP 2.0 - De Krullevaar (nieuwbouw) - SCH
Renovatie sportvelden Eindtotaal
3.6 Sociaal domein Dit Programma richt zich op de vraagstukken over welzijn, welbevinden van en (inkomens-) ondersteuning aan inwoners. We versterken de zelfredzaamheid en onderlinge verbondenheid van inwoners en bieden een vangnet waar nodig. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor het uitvoeren van de transformatieopgave (van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’), die volgt uit de transitie van de Jeugdwet, Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en Participatiewet. Ontwikkelingen Sociaal domein 2026 Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen : Het rijksbeleid blijft gericht op toegankelijke en betaalbare zorg en een gezonde generatie in 2040. Samen met zorg- en welzijnspartners geven gemeenten uitvoering aan akkoorden als IZA, GALA en WOZO. Momenteel (april 2025) wachten gemeenten op duidelijkheid over de toekomst van het IZA, na de tijdelijke terugtrekking van VNG als partner. Dit heeft mogelijk gevolgen voor financiering via de IZA-SPUK vanaf 2026. Regionale scenario’s worden uitgewerkt; een gezamenlijke bijdrage van de vijf gemeenten in Midden Holland is nodig, met in elk geval € 515.000 aan reeds gemaakte verplichtingen. Personeelstekorten en wachtlijsten blijven groot. Niet geld, maar personeel gaat de grootste uitdaging vormen. De vergrijzing, inflatie en maatschappelijke spanningen versterken de druk op zorg en mentale gezondheid.
Sociaal-economische ongelijkheid groeit, vooral onder mensen met weinig hulpbronnen. Dit vergroot gezondheidsverschillen en zet de sociale cohesie onder druk. Er komen wetswijzigingen in de Participatiewet, Wmo en Jeugdwet. Het doel van deze wijzigingen is om meer vorm en inhoud te geven aan normaliseren, het hanteren van de menselijke maat, zelf bieden van basishulp en betere zorg aan kinderen en volwassen waar sprake is van onveiligheid. Voorwaardelijk voor deze ontwikkeling is een sterke sociale basis waar inwoners elkaar kennen, omzien naar elkaar en elkaar steun bieden bij alledaagse problemen. Professionals sluiten aan bij de vragen van de inwoners en werken daarbij domein overstijgend samen. De opvang van vluchtelingen en statushouders vraagt om blijvende inzet op huisvesting, zorg, onderwijs en welzijn. Zie verder: Opvang vluchtelingen.
33
Lokale ontwikkelingen : Gemeente Krimpenerwaard streeft naar een leefbare omgeving met vitale gemeenschappen en kernen. Uit de kwaliteitsmonitor blijkt een negatieve trend op het gebied van middelengebruik, bewegen en vaccinatiegraad. Steeds meer inwoners ervaren druk op hun bestaanszekerheid. Bij het Geldpunt is een stijging zichtbaar in vragen over financiën. Dit preventieve aanbod én vroegsignalering draagt mogelijk bij aan het feit dat minder mensen zich melden voor schuldhulp, al nemen problematische schulden wel toe. Voor het versterken van de sociale basis, het sportakkoord en gezondheid ontvangt de gemeente incidentele SPUK-middelen tot en met 2026. De opgave blijft echter structureel, ook na 2026, en zet de begroting onder druk. Het advies van de commissie van Ark benadrukt het belang van een sterke lokale toegang en basisvoorzieningen. De beoogde besparingen uit de Hervormingsagenda Jeugd worden echter betwijfeld. Onze aanpak op jeugdproblematiek richt zich daarom breder op wonen, onderwijs, bestaanszekerheid en volwassenzorg. We werken samen met ouders, mede-opvoeders en de sociale basis aan de kansen voor de jeugd, met aandacht voor de oorzaken van problemen en domein overstijgende samenwerking.
Welzijnspartners spelen hierbij een sleutelrol, in het versterken van verbindingen in wijken en kernen, het versterken van de lokale toegang, het bereiken van de meest kwetsbare inwoners en meer groepsgericht werken.
34
Veerkracht en mentale gezondheid AMBITIE
We zetten in op het mentaal welbevinden van onze inwoners, waarbij we een focus leggen op het voorkomen van eenzaamheid onder ouderen en jongeren en het bespreekbaar maken van mentale problemen (taboes doorbreken) om erger te voorkomen. In het bijzonder onder onze jongeren. We zetten in op het faciliteren van informele en sociale steun. Inwoners moeten het zelf doen, maar niet alleen. We richten ons niet op de problemen, maar op de kansen. We zoeken actief naar (normaliserende) activiteiten en mogelijkheden in de buurt om de talenten van jong en oud verder te ontwikkelen.
ER-DOEL
Meer sociale samenhang in de kernen.
SUBDOELEN
Minder sociale eenzaamheid onder ouderen en jongeren.
WE METEN
Percentage ernstige eenzaamheid onder 65+ (www.eengezonderhollandsmidden.nl).
Meer inwoners maken gebruik van informele en sociale netwerken.
Percentage hoog risico op angststoornissen en depressie (19-64 jaar) (www.eengezonderhollandsmidden.nl). Score verbondenheid met de buurt (Bron: www.waarstaatjegemeente.nl). Score voorzieningenniveau (Bron: www.waarstaatjegemeente.nl). Vertrouwen in de toekomst onder 15- en 16- jarigen (bron: www.eengezonderhollandsmidden.nl). INSPANNINGEN 2026
We onderzoeken de mogelijkheid om We investeren in de sociale basis door het de maatschappelijke diensttijd (MDT) beschikbaar stellen van budget, voor activiteiten in te zetten in samenwerking met georganiseerd voor én door inwoners. partners. Door middel van subsidies sturen we op het organiseren van activiteiten die gericht zijn op het vormen van informele en sociale netwerken. We geven invulling aan het opdrachtgeverschap van het Sociaal Preventieteam met nadrukkelijk aandacht voor versterken sociale cohesie in wijken en kernen. We geven invulling aan het Omgevingsprogramma Sociale basis en maatschappelijke voorzieningen.
INSPANNINGEN 2026 2029
We voeren het Uitvoeringsprogramma We investeren in de sociale basis door het Gezondheid 2024-2027 uit. beschikbaar stellen van een budget, voor activiteiten georganiseerd voor én door inwoners. We zetten in op het (verder) versterken van de sociale basis en benutten daarvoor het budget vanuit de SPUK-middelen. Daarnaast geven we uitvoering aan het Omgevingsprogramma Sociale Basis en Maatschappelijke Voorzieningen.
MIDDELEN 2026
35
-
-
Leefstijl en lichamelijke gezondheid AMBITIE
Een gezonde leefstijl is van invloed op de lichamelijke gezondheid. We bevorderen sport en bewegen in samenwerking met lokale organisaties. We zetten in op een rookvrije generatie. Wij zetten preventief in op het terugdringen van drank- en drugsgebruik, gok- en seksverslaving en andere verslavingsvormen.
ER-DOEL
Meer inwoners hebben een gezonde levensstijl.
SUBDOELEN
Minder roken, drank- en drugsgebruik en andere verslavingsvormen onder jongeren.
WE METEN
Percentage inwoners dat voldoet aan de beweegrichtlijn.
Meer inwoners groeien op in een gezonde omgeving.
Percentage inwoners met overgewicht. Percentage inwoners van 18 jaar en ouder die een goede gezondheid ervaren. Percentage middelengebruik onder jongeren (al deze indicatoren: bron www.eengezonderhollandsmidden.nl). INSPANNINGEN 2026
We gaan verder met de implementatie van het traject Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO), dat gericht is op aanpak middelengebruik onder jongeren.
We voeren activiteiten uit volgens de ambities van het Sportakkoord 2.0 samen met Teamsportservice en de sportverenigingen.
INSPANNINGEN 2026 2029
We voeren de activiteiten uit het We onderzoeken en voeren een vervolg Uitvoeringsprogramma Gezondheid 2024-2027 van het sportakkoord en de uit, waaronder het implementatietraject combinatiefuncties uit. Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO). De OKO-cyclus van monitoring naar dialoog, beleidsvorming en uitvoering wordt tweemaal doorlopen.
MIDDELEN 2026
-
-
Sociale leefomgeving AMBITIE
We zetten ons in voor een veilige sociale leefomgeving. De komende jaren zetten we ons in voor een goede integratie van nieuwe inwoners van de gemeente Krimpenerwaard. We verbeteren de toegankelijkheid voor mensen met een beperking. We nemen stelling tegen racisme en discriminatie.
ER-DOEL
Meer inwoners voelen zich verbonden met elkaar.
SUBDOELEN
Meer sociale veiligheid in de kernen, de wijken en gezinnen.
WE METEN
Score verbondenheid met de buurt (bron: waarstaatjegemeente.nl).
Meer inwoners ervaren een inclusieve leefomgeving.
Percentage meldingen van discriminatie (bron: monitor discriminatie). Score sociale veiligheid (bron: waarstaatjegemeente.nl). INSPANNINGEN 2026
We investeren in informele netwerken om de verbondenheid in de buurten te vergroten. Hiervoor verstrekken we subsidie aan het SPT om dit te faciliteren en te stimuleren.
We voeren het Uitvoeringsprogramma Inburgering 2022-2027 uit.
We geven aandacht aan landelijke campagnes de week van de ouderenmishandeling en Orange the World. We werken regionaal mee aan de uitvoering van de plannen rondom Dak tot Dak en Grip op Onbegrip. INSPANNINGEN 2026 2029
We geven verder uitvoering aan het Uitvoeringsplan Huiselijk Geweld/Kindermishandeling.
We voeren het Uitvoeringsprogramma Inburgering 2022-2027 uit.
MIDDELEN 2026
-
-
36
Sociaal economische status AMBITIE
We vinden het belangrijk dat al onze inwoners mee kunnen doen in de samenleving en gelijke kansen krijgen, iedereen naar eigen vermogen. Daarbij is het belangrijk dat iedereen een bestaanszekerheid kan opbouwen. Dat is niet voor alle inwoners vanzelfsprekend, deze inwoners ondersteunen wij. Kinderen die opgroeien in huishoudens met een laag inkomen krijgen onze specifieke aandacht.
ER-DOEL
Meer inwoners doen mee naar vermogen.
SUBDOELEN
Meer inwoners hebben duurzaam betaald werk of doen mee naar vermogen.
WE METEN
Percentage inwoners dat door een traject meer kans op een baan krijgt (bron: cliëntervaringsonderzoek).
Meer inwoners met een laag inkomen hebben bestaanszekerheid.
Percentage uitstroom uit de bijstand (bron: Divosa). Score aantal gerealiseerde banen beschut werk (bron: Csam). Score aantal succesvol afgesloten schuldhulpverleningstrajecten. Score bereik minimaregelingen (onder andere kinderen) (bron: CBS). Eigen kracht (burgerpeiling, waarstaatjegemeente.nl). INSPANNINGEN 2026
We ontwikkelen activiteiten en acties die bijdragen aan de bestaanszekerheid van inwoners. Dit doen we door te zorgen voor een voorspelbaar inkomen, ondersteuning en toeleiding naar werk, het voorkomen en stabiliseren van schulden en het inzetten van minimaregelingen.
INSPANNINGEN 2026 2029
We zetten de activiteiten en acties uit 2026 voort We ontwikkelen activiteiten en acties die en stellen deze waar nodig bij. bijdragen aan de bestaanszekerheid van inwoners. Dit doen we door te zorgen voor een voorspelbaar inkomen, ondersteuning en toeleiding naar werk, het voorkomen en stabiliseren van schulden en het inzetten van minimaregelingen.
MIDDELEN 2026
-
37
We geven uitvoering aan de minimaregelingen en vergroten het bereik ervan.
-
Organisatie en financiën van zorg AMBITIE
Als gemeente én samenleving zullen we de komende jaren keuzes moeten maken om te komen tot een goede afbakening van wat wel en niet onder (jeugd)zorg én de verantwoordelijkheid van de gemeente valt. We zetten in op meer laagdrempelige en vroegtijdige ondersteuning en het vergroten van de nabijheid van zorgaanbieders. Daarnaast is samenwerking tussen gemeente, het preventieteam, huisartsen, Welzijn Krimpenerwaard, (passend) onderwijs, jeugdwerkers en zorgaanbieders essentieel. We maken duidelijke afspraken en voeren adequate controle uit op de financiën.
ER-DOEL
We zetten in op een robuuster systeem en het meer versterken van het informele netwerk.
SUBDOELEN
Meer passend aanbod en verbindingen in het preventief domein.
WE METEN
Aantal unieke cliënten jeugd (bron: Csam).
Meer inzet op (financiële) doelmatigheid bij maatwerkvoorzieningen zorg.
Percentage herhaald beroep op jeugdzorg (bron: CBS). Percentage positief tegenover effect ondersteuning (jeugdigen) (bron: clientenervaringsonderzoek). Aantal unieke Wmo-cliënten (bron:Csam). Percentage positief tegenover effect Wmo-ondersteuning (bron: clientenervaringsonderzoek).. Sociaal vangnet (bron: burgerpeiling, www.waarstaatjegemeente.nl). INSPANNINGEN 2026
We geven invulling aan het We implementeren de integrale toegang opdrachtgeverschap van het Sociaal Krimpenerwaard breed. Preventieteam met nadrukkelijk aandacht voor versterken van de sociale cohesie in wijken en kernen, en passende ondersteuning voor alle inwoners. Met de inzet van een coördinator Preventie Jeugd investeren en versterken we het netwerk rondom opvoeden en opgroeien, gericht op samenwerking tussen informele en formele partners en het komen tot passend preventief aanbod.
We implementeren de maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd en verbreden onze aanpak conform advies commissie van Ark.
We geven uitvoering aan de ketenaanpakken Brede SPUK en daarbij de samenwerking tussen sociaal en medisch domein: Valpreventie, Kansrijke Start, Welzijn op Recept, Gezonde Leefstijl Interventie, Kinderen op Gezond Gewicht.
We implementeren de inkoop Jeugd en Wmo lokaal.
INSPANNINGEN 2026 - We geven invulling aan het 2029 opdrachtgeverschap van het Sociaal Preventieteam. We sturen via de subsidieverstrekking op het gezamenlijke werkplan van de partners van het Sociaal Preventieteam.
MIDDELEN 2026
38
Gespreide aanbestedingen contracten Wmo en Jeugd; via de GR JW.
Met de inzet van een coördinator Preventie Jeugd investeren en versterken we het netwerk rondom opvoeden en opgroeien, gericht op samenwerking tussen informele en formele partners en het komen tot passend preventief aanbod.
We implementeren maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd (t/m 2028).
-
-
Financieel overzicht EXPLOITATIE (x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Structureel
-500
-276
-276
-276
0
-176
-176
-176 -176
Beleidskeuze Indexatie subsidieplafonds 2027
0
-176
-176
Noodzakelijk
-500
-100
-740
722
Eigen bijdrage Wmo*
-500
-100
-100
-100
0
0
840
822
-500
-276
564
546
Maatregelen Rijk beheersing Jeugdzorg** Eindtotaal
*In de meicirculaire 2025 wordt duidelijkheid verwacht over de compensatie op de eigen bijdrage. **Pas bij het verschijnen van de meicirculaire 2025 komt er meer duidelijkheid ten aanzien van de haalbaarheid van deze post.
INVESTERINGEN Voor dit programma zijn geen aanvullende investeringen opgenomen.
3.7 Volksgezondheid en milieu Binnen dit programma werkt de gemeente Krimpenerwaard aan het behouden en bevorderen van een gezonde en duurzame leefomgeving. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor het uitvoeren van taken op het gebied van volksgezondheid, milieu, klimaatadaptatie, energietransitie, circulaire economie, biodiversiteit en dierenwelzijn. Ontwikkelingen Volksgezondheid en milieu 2026 Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen : Landelijk wordt ingezet op een versnelling van klimaatadaptatie en een waterrobuuste inrichting van ons land. Tegelijkertijd is er een ambitie uitgesproken om het primaire grondstoffengebruik in 2030 te halveren. Dit wordt gerealiseerd via een circulaire economie die inzet op preventie, hergebruik en recycling van materialen. Een andere landelijke ontwikkeling is de uitbreiding van de producentenverantwoordelijkheid, o.a. voor textiel, luiers en incontinentiemateriaal. Daarnaast wil Nederland minder afhankelijk worden van buitenlandse energiebronnen. Daarom ligt de focus op het opwekken van hernieuwbare energie, het besparen van energie en het aanpakken van netcongestie. Ook op het gebied van gezondheid wordt ingezet op preventie en vitaliteit. De uitvoering van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) staat hierbij centraal, met aandacht voor thema’s zoals mentale gezondheid, een gezond gewicht en het vitaal ouder worden.
Lokale ontwikkelingen : Deze landelijke ambities vertalen zich ook naar de lokale context. Binnen de gemeente en de regio wordt gewerkt aan een versnelde uitvoering van klimaatmaatregelen. De afvalinzameling wordt aangepast in lijn met de nieuwe producentenverantwoordelijkheden, wat niet alleen bijdraagt aan een betere afvalscheiding, maar mogelijk ook leidt tot een lagere afvalstoffenheffing voor inwoners. In 2026 staat een actualisatie van het lokale warmtebeleid op de agenda, waarbij de gemeente verplicht is een Warmteprogramma vast te stellen. De voortgang op het gebied van duurzame energieopwekking loopt via de Regionale Energiestrategie Midden-Holland. Daarnaast wordt actief gecommuniceerd en ondersteuning geboden aan inwoners en ondernemers om energie te besparen. Tot slot krijgt het uitvoeringsprogramma Gezondheid 2024–2027 een vervolg, waarin dezelfde thema’s als in het GALA centraal staan. 39
Klimaatadaptatie AMBITIE
Het klimaatadaptief inrichten van de openbare ruimte en het stimuleren van inwoners en ondernemers om in het particulier grondgebied zo veel mogelijk klimaatadaptieve maatregelen toe te passen.
ER-DOEL
We richten samen met onze inwoners en ondernemers de buitenruimte klimaatbestendiger en waterrobuuster in.
WE METEN
De kwetsbaarheden in ons gebied met betrekking tot extreme neerslag, hitte, droogte en overstroming.
INSPANNINGEN 2026
Op basis van scenario 3 “Versneld aan de slag” van de vastgestelde klimaatadaptatiestrategie continueren we de uitvoering van de maatregelen op basis van de zes pijlers (informeren, stimuleren, verankeren, verplichten, meekoppelen en onderzoeken) die hiervoor de kern vormen. Deze maatregelen zijn opgenomen in de Uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie van het Omgevingsprogramma Riolering en Klimaatadaptatie. In navolging van de eerste DPRA-cyclus (Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie) wordt op basis van de in 2025 te houden regionale stresstest uitvoering gegeven aan de tweede DPRA-cyclus, welke start met een gemeentelijke stresstest.
INSPANNINGEN 2026 2029
We geven uitvoering aan de Uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie van het Omgevingsprogramma Riolering en Klimaatadaptatie. We geven verdere uitvoering aan de tweede DPRA-cyclus.
MIDDELEN 2026
-
Energietransitie AMBITIE
We onderstrepen de urgentie van de energietransitie. Hierbij zetten we in op zowel het opwekken van duurzame elektriciteit, maar zeker ook op energiebesparing. We werken samen in de regio en staan open voor innovatieve ontwikkelingen en technieken. Mede om te zorgen voor een stabiel stroomnet, samen met de coöperaties. We hebben zoekgebieden aangewezen waarbij we lokale betrokkenheid en ondernemerschap stimuleren. We geven de voorkeur aan het opwekken van zonne-energie op die plekken die andere of bestaande functies versterken. Denk aan zon op daken of bij grote parkeerplaatsen.
ER-DOEL
We zetten in op minder gebruik van fossiele energie en meer op hernieuwbare energie.
WE METEN
C02-uitstoot in de Krimpenerwaard (Klimaatmonitor). Energieverbruik (Klimaatmonitor). Hoeveelheid hernieuwbare energie (Klimaatmonitor).
INSPANNINGEN 2026 2029
Het klimaat- en energiebeleid van het Rijk krijgt steeds meer vorm. Gemeenten spelen een belangrijke rol in de uitvoering van dit beleid. We werken langs de volgende inspanningen aan een duurzaam en vitaal Krimpenerwaard: Uitvoering Omgevingsprogramma Warmtetransitie (2024-2030) met een focus op onder andere energiebesparing, de isolatiesubsidie en het tegengaan van energiearmoede. We faciliteren de opwek van hernieuwbare energie via de Regionale Energiestrategie (RES) Midden-Holland en via lokaal beleid voor kleinschalige opwek. We werken aan een verkenning van een Lokaal Energiesysteem waarin een vitaal en toekomstbestendig Krimpenerwaard centraal staat. Hierbij gaat het om de vraag op welke wijze de gemeente de samenhang tussen opwek, gebruik, transport en opslag van (schone en betrouwbare) energie kan faciliteren. We werken samen met inwoners en ondernemers aan de energietransitie. We zetten in op het faciliteren en stimuleren van acties die bijdragen aan onze gezamenlijke doelstellingen. Daarnaast werken we aan een goede samenwerking met energiecoöperatie Waardstroom.
MIDDELEN 2026
40
-
Benutten van grondstoffen AMBITIE
We zetten nog meer in op het stimuleren van afvalscheiding. Hierbij onderzoeken we de mogelijkheid voor (gedeeltelijke) nascheiding van afval.
ER-DOEL
We willen meer grondstoffen uit het restafval benutten.
WE METEN
Het aandeel van fijn en grof huishoudelijk restafval in kilogram per inwoner per jaar.
INSPANNINGEN 2026 2029
We stellen een grondstoffenbeleidsplan vast. We breiden de bewustwordingscampagne uit met onder meer het project Afvalvrije school We zetten afvalcoaches in om inwoners te informeren en te assisteren bij het optimaal scheiden van huishoudelijk afval. We maken een plan van aanpak voor het nascheiden van grondstoffen uit grof restafval op de milieustraat door middel van sorteren, demontage en hergebruik.
MIDDELEN 2026
-
Samen de biodiversiteit vergroten AMBITIE
De diversiteit en soortenrijkdom staan onder druk en vragen om maatregelen. Binnen de kernen zetten wij in op bevordering van diversiteit van soorten. Denk aan natuurvriendelijke oevers, variatie in de beplanting en een flexibel snoei- en maaibeleid.
ER-DOEL
Samen met inwoners en andere overheden de biodiversiteit vergroten.
WE METEN
Het aantal bomen in de kernen en het aantal uitgedeelde bomen. Het aandeel nieuwbouwprojecten waarbij een afspraak is gemaakt over het vergroten van de biodiversiteit. Het aantal verleende subsidies voor biodiversiteitsinitiatieven.
INSPANNINGEN 2026
In 2025 werken we met partners aan de invulling van een tweede convenantperiode van Prachtlint Krimpenerwaard. Hierin staan de inspanningen vanaf 2026.
INSPANNINGEN 2026 2029
We planten bomen in de openbare ruimte (1.000) en delen bomen uit aan particulieren (750). We beheren bermen en oevers zoveel mogelijk ecologisch. We voeren projecten Operatie Steenbreek en Prachtlint uit. We ondersteunen biodiversiteitsinitiatieven van inwoners met subsidie. We werken samen met gebiedspartners om de rivierkreeftenproblematiek onder de aandacht te brengen bij LNV en we werken mee aan bewustwordingscampagnes over de bestrijding van invasieve soorten/ exoten.
MIDDELEN 2026
41
-
Betrokkenheid bij het beheer van de openbare ruimte AMBITIE
De openbare buitenruimte is van ons allemaal. Daarom betrekken we inwoners actief bij het beheer en onderhoud ervan.
ER-DOEL
We vergroten de tevredenheid en betrokkenheid van onze inwoners met het beheer van de openbare ruimte.
WE METEN
De tevredenheid over de leefomgeving en dienstverlening (door burgerpeiling) De beoordeling van de fysieke leefomgevingskwaliteit (door Kwaliteitsmonitor Sociaal Domein)
INSPANNINGEN 2026 2029
We intensiveren de communicatie over het beheer. Welke kwaliteit kan de inwoner verwachten, wat is de afspraak. We zetten in op verdere participatie bij het werken in de openbare ruimte.
MIDDELEN 2026
-
Financieel overzicht EXPLOITATIE (x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Incidenteel
-123
-70
-30
0
Beleidskeuze
-23
0
0
0
Uitbreiding subsidie t.b.v. St. Cultureel Centrum Concordia
-23
0
0
0
Noodzakelijk
-100
-70
-30
0
Subsidie Hospice
-100
-70
-30
0
Eindtotaal
-123
-70
-30
0
(x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Incidenteel
100
70
30
0
AR vrij vermogen
100
70
30
0
Subsidie Hospice (dekking)
100
70
30
0
Eindtotaal
100
70
30
0
(x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Incidenteel
-6.821
-6.821
-6.821
-6.821
Noodzakelijk
-6.821
-6.821
-6.821
-6.821
Progr. Riolering & Klimaatadaptatie
-6.821
-6.821
-6.821
-6.821
Eindtotaal
-6.821
-6.821
-6.821
-6.821
Dekking
INVESTERINGEN
3.8 Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Dit programma richt zich op ontwikkeling en behoud van een kwalitatief hoogwaardige woon-, werk- en leefomgeving. In dit programma zijn middelen opgenomen voor advisering op het gebied van wonen en de kwaliteit van de leefomgeving, het voeren van projecten en grondexploitaties, het faciliteren van ontwikkelingen van inwoners en ondernemers en het begeleiden van bestemmingsplannen en afgeven van en toetsen op
42
omgevingsvergunningen. Door de introductie van Omgevingswet veranderen veel van de bestaande instrumenten en werkwijzen. Ontwikkelingen Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing 2026 Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen : In 2026 wordt (waarschijnlijk) de Wet Versterking Regie Volkshuisvesting ingevoerd. De Wet Versterking Regie Volkshuisvesting geeft Rijk, provincies en gemeenten meer sturingsmogelijkheden op wat, waar en voor wie er gebouwd wordt. Gemeenten worden verplicht een volkshuisvestingsprogramma op te stellen en moeten minimaal twee derde betaalbare woningen realiseren, waaronder ten minste 30% sociale huur. Provincies krijgen de bevoegdheid om in te grijpen als gemeenten onvoldoende bijdragen aan de regionale woonopgave. Lokale ontwikkelingen : Door invoering van de Wet Versterking Regie Volkshuisvesting moet lokaal de Huisvestingsverordening opnieuw worden geactualiseerd. De invoering van deze wet heeft mogelijk ook gevolgen voor de Woonvisie / Programma Volkshuisvesting en beleid over wonen op erven. De provincie houdt toezicht en kan ingrijpen als we onvoldoende sturen. Deze wet vraagt om stevige keuzes en regie in ons lokale woonbeleid. In het omgevingsprogramma woningbouw worden de zaken die overkoepelend geregeld moeten worden voor de woningbouwambitie opgepakt.
Het betreft bijvoorbeeld de afspraken met de hoogheemraadschappen, hoe er met voorzieningen wordt omgegaan, subsidies en klimaatbestendig bouwen. Op dit moment wordt gewerkt aan verschillende onderzoeken waarover de raad later dit jaar geïnformeerd wordt. De woningbouwambitie van de gemeente Krimpenerwaard is groot en op dit moment zijn we volop in gesprek met o.a. de provincie Zuid Holland om woningbouwprojecten mogelijk te kunnen maken. Richting het opstellen van de begroting onderzoeken we hoeveel inzet van capaciteit en middelen dit met zich meebrengt.
Leefbaarheid en vitaliteit AMBITIE
De ambitie is om vitaliteit en leefbaarheid niet te laten begrenzen door schijnbare onmogelijkheden (zoals regelgeving van hogere overheden of conflicterende belangen). Met daadkracht willen we ons laten leiden door wat goed is voor de Krimpenerwaard. We gaan uit van onze eigen kracht! De Strategische visie Krimpenerwaard schetst in de optie “Schouders eronder” (en op onderdelen “Met brede blik) onze ambitie. Hier gaan we actief mee aan de slag. We zetten in op het instrument van actieve grondpolitiek indien het bijdraagt aan het realiseren van deze maatschappelijke doelen.
ER-DOEL
We versterken de vitaliteit en leefbaarheid van onze gemeente.
WE METEN
Leefbarometer (ministerie BZK). Sociale verbondenheid met de buurt.
INSPANNINGEN 2026 2029
We brengen de instrumenten voor grondpolitiek in beeld. Er wordt uitvoering gegeven aan de vastgestelde nota grondbeleid 2024 door het instellen van een investeringsfonds. Daarbij wordt het kostenverhaal toegepast bij Ruimtelijke ontwikkelingen en sociaal bouwen. De methodiek wordt uitgewerkt in de nota kostenverhaal.
MIDDELEN 2026
43
-
Kernen AMBITIE
We stimuleren initiatieven vanuit de kernen die aansluiten bij de behoefte en identiteit van de eigen kern. De gemeente faciliteert hierbij. Dit past bij de nieuwe Omgevingswet. Aan de randen van onze kernen maken we ruimte voor wonen en werken.
ER-DOEL
We versterken de vitaliteit en leefbaarheid van onze kernen.
SUBDOEL
We verbeteren de samenwerking tussen de samenleving en de overheid.
WE METEN
-
INSPANNINGEN 2026 2029
We faciliteren initiatieven uit de samenleving We voeren de woonvisie en de lokale door ze in behandeling te nemen via de bedrijventerreinenstrategie uit intaketafel.
MIDDELEN 2026
-
We maken meer ruimte voor wonen en werken.
-
Wonen AMBITIE
Om de vitaliteit van de kernen te versterken zetten we vol in op het ontwikkelen woningen. Dit doen we in én aansluitend aan de randen van de bestaande kernen. We werken daarbij samen met woningbouwverenigingen. We kijken daarbij ook naar levensloopbestendige woningen, combinaties van wonen en zorg, creatieve woonvormen en andere oplossingen.
ER-DOEL
We willen meer en sneller woningen realiseren.
WE METEN
Het aantal nieuwe woningen per jaar (CBS).
INSPANNINGEN 2026 2029
Versnellingsagenda wonen: we zijn en blijven bezig met praktische en concrete versnelling van woningbouwprojecten. Dit doen we niet door een agenda te schrijven, maar op een praktische manier ervoor te zorgen dat dat het proces om te komen tot een nieuw woningbouwproject niet vertraagd en juist versnelt kan worden. We blijven ons inspannen om alle acties uit het uitvoeringsprogramma van de woonvisie uit te voeren. Zo stellen we onder andere een vereveningsfonds sociale huur op (onderdeel nota kostenverhaal), maken we een doelgroepenverordening en maken we beleid voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Ook werken we samen met andere beleidsterreinen aan doorstroomcampagnes (ook samen met woningcorporaties), informatiecampagnes over toekomstbestendig wonen en een hoogbouwvisie. We werken samen met woningcorporaties en marktpartijen aan het realiseren van woningen. Dat doen we op verschillende manieren, zoals ook benoemd staat bij de versnellingsagenda wonen. Met woningcorporaties hebben we regulier overleg over (toekomstige en huidige) woningbouwprojecten. Met projectontwikkelaars met grote locaties aan de randen van de kernen werken we aan een Omgevingsprogramma Woningbouw.
MIDDELEN 2026
44
-
Huisvesting statushouders en opvang asielzoekers AMBITIE
De ambitie uit het collegeprogramma gaat uit van inzet op kleinschalige opvang van max. 100 vluchtelingen voor een periode van maximaal 2 jaar. In april 2023 heeft de raad ingestemd met het in eerste instantie opvangen van 2200 vluchtelingen in de regio Midden Holland, in Krimpenerwaard 153. De eerste 80 vluchtelingen worden vanaf 7 augustus opgevangen in het Klooster in Haastrecht voor een periode van 3 jaar.
ER-DOEL
-
WE METEN
-
INSPANNINGEN 2026
In 2026 huisvesten we 153 asielzoekers in het kader van de spreidingswet. Daarmee voldoen we niet aan het verdeelbesluit. Over deze huisvesting zijn afspraken gemaakt met het COA en relevante partners als de regio en het ISK. Omdat de spreidingswet wellicht wordt ingetrokken en, als de wet van kracht blijft, elke twee jaar nieuwe verdeelbesluiten worden genomen zal capaciteit nodig blijven in uitvoering, besluitvorming en afstemming in de regio.
INSPANNINGEN 2026 2029
De huisvesting van asielzoekers zal de komende jaren capaciteit vragen als het gaat om de communicatie met en participatie van de omgeving van de locatie en omgevingsmanagement. Hiervoor zullen plannen moeten worden opgesteld en uitgevoerd. Er zal afstemming met samenwerkingspartners als het ISK en de regio Midden-Holland nodig zijn. Om de locatie en de omgeving veilig te houden en te beheren zullen afspraken worden gemaakt met o.a. het COA. Er zal ook invulling moeten worden gegeven aan de dienstverlening en zorg voor asielzoekers als het gaat om gemeentelijke taken.
MIDDELEN 2026
-
Financieel overzicht EXPLOITATIE
Voor dit programma zijn geen aanvullende aanvragen opgenomen. INVESTERINGEN
Voor dit programma zijn geen aanvullende investeringen opgenomen.
45
4. INDELING BEGROTING 4.1 Taakvelden Om te voldoen aan de vereisten, zoals opgenomen in de herziening BBV, is de begroting vanaf de meerjarenbegroting 2019-2022 ingericht op basis van taakvelden. Het gebruik van deze uniforme taakvelden maakt het mogelijk om baten en lasten van activiteiten te aggregeren en met die van andere gemeenten te vergelijken. Samen met de informatie op www.waarstaatjegemeente.nl vormt de indeling naar taakvelden een goede basis en mogelijkheid voor de onderlinge vergelijking van gemeenten op soortgelijke onderdelen. Programma’s Grotendeels gebaseerd op de hoofdtaakvelden hanteren we onderstaande programma's in de begroting. • Bestuur en ondersteuning • Veiligheid • Verkeer en vervoer • Economie • Onderwijs, sport cultuur en recreatie • Sociaal Domein • Volksgezondheid en milieu • Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing
4.1.1 Beleidsindicatoren De ambities uit het collegeprogramma zijn per programma uitgewerkt naar doelen, indicatoren, inspanningen en exploitatielasten. Op de in de programma’s opgenomen indicatoren sturen wij door middel van beleid actief. Daarnaast zijn gemeenten op grond van het BBV verplicht een basisset met overige indicatoren te presenteren. Deze worden ook in de begroting in de begroting opgenomen, maar hierop voeren wij geen actief beleid. Op grond van de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016, moeten gemeenten voortaan in de programma’s de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma’s worden beoogd, toelichten aan de hand van beleidsindicatoren. Bij ministeriële regeling is hiertoe een set van beleidsindicatoren verplicht gesteld. Met de implementatie van de indicatoren worden raadsleden in staat gesteld om op maatschappelijke effecten te kunnen sturen. Bovendien wordt de onderlinge vergelijkbaarheid van gemeenten op deze manier vergroot. Het staat gemeenten vrij om naast de verplichte indicatoren ook nog facultatieve indicatoren op te nemen. Dit kan eventueel op basis van een door de VNG hiertoe ontwikkelde set. Maar hier kiezen wij niet voor.
4.2 Paragrafen Met ingang van het jaar 2023 zijn er 8 verplicht voorgeschreven paragrafen. De Openbaarheidsparagraaf is er als laatste verplichte bijgekomen. In artikel 3.5 van de Wet Open overheid (Woo) wordt voorgeschreven dat bestuursorganen in de jaarlijkse begroting aandacht besteden aan de beleidsvoornemens inzake de uitvoering van deze wet en in de jaarlijkse verantwoording verslag doen van de uitvoering ervan, mede in relatie tot de beleidsvoornemens. Daarnaast staat het de gemeente vrij om naar eigen inzicht paragrafen toe te voegen om een bepaald onderdeel van de begroting nader toe te lichten. Sinds de jaarrekening 2022 kiezen wij er voor om een aparte paragraaf Opvang vluchtelingen op te nemen. Aangezien dit thema nog steeds actueel is, zullen 46
we deze paragraaf ook weer opnemen in de komende begroting. Ook nemen wij de aanvullende paragraaf 'Maatregelen vanwege korting gemeentefonds 2026 en verder' op. Hierin worden de maatregelen beschreven die we moeten nemen of voornemens zijn te nemen om de verwachte financiële gevolgen van de kortingen door het Rijk het hoofd te kunnen bieden. Het opnemen van deze paragraaf sluit aan bij een eerder ontvangen begrotingsadvies vanuit de VNG. Indien alle gemeenten dit op een min of meer soortgelijke wijze inzichtelijk maken, ontstaat landelijk een goed totaaloverzicht van de keuzes die gemeenten moeten maken. In de komende begroting zullen we in deze paragraaf de maatregelen presenteren waarvan uw raad , in het kader van het traject om te komen tot een structureel sluitende meerjarenbegroting, heeft aangegeven dat ze kunnen worden ingezet.
47
5 KADERS VOOR DE BEGROTING 2026 5.1 Financieel toezicht In de gemeentewet is geregeld dat het College van Gedeputeerde Staten (GS) toezicht houdt op de gemeenten. Voor de uitvoering hiervan volgt GS de financiële positie van onze gemeente en de ontwikkelingen die daarbij een rol spelen. Jaarlijks worden wij door onze toezichthouder geïnformeerd over de actuele onderwerpen en aandachtspunten waarop onze (meerjaren)begroting wordt beoordeeld. Dit is een aanvulling op het Gemeenschappelijk financieel toezichtkader (GTK2020). Enkele van de onderwerpen en aandachtspunten zijn: Financiële ontwikkelingen Gemeentefonds Bij de beoordeling van de (meerjaren)begroting 2026-2029 worden de bedragen uit de mei- of septembercirculaire 2025 gehanteerd. De in de begroting gehanteerde loon- en prijsstijging moet minimaal aansluiten op de in de betreffende circulaire gepubliceerde indexen. Herijking gemeentefonds Vanaf 1 januari 2023 is het verdeelmodel van het gemeentefonds volledig herzien. Het doel van het Rijk is een stabiel verdeelmodel dat zoveel mogelijk aansluit bij de kosten van de gemeenten. Een ‘ingroeipad’ zorgt ervoor dat de gevolgen van de herziening beperkt blijven. Tot en met 2027 blijven de financiële gevolgen beperkt tot maximaal € 37,50 per inwoner. Dat geldt voor alle gemeenten. Daarbij maakt het niet uit of een gemeente voordeel of nadeel heeft van het nieuwe verdeelmodel.
Met een verwacht voordeel groter dan € 37,50 mag nog geen rekening worden gehouden. Het daadwerkelijke voordeel kan kleiner uitvallen. Klimaat- en energiebeleid Gemeenten spelen een belangrijke rol in de uitvoering van de klimaat en energieplannen. Het kabinet ondersteunt gemeenten hierbij met geld uit de CDOKE-regeling voor de jaren 2023 tot en met 2025. Omdat de verwachting is dat de middelen ook na 2025 beschikbaar worden gesteld, is het toegestaan om de middelen alvast op te nemen in de begroting 2026 en het meerjarenperspectief 2027-2029. Daarbij is het belangrijk dat zowel de baten als de aan de middelen verbonden lasten opgenomen worden. Extra middelen jeugdzorg Eind januari heeft de deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd het rapport 'Groeipijn' gepubliceerd, waarbij onderzoek is gedaan naar hervormingsplannen en de betaalbaarheid van de jeugdzorg. In het rapport zijn een aantal aanbevelingen gedaan, waarbij de commissie oproept om financiële afspraken tussen het Rijke en de gemeenten te herijken. In april heeft het overheden overleg plaatsgevonden waar de resultaten van het rapport 'Groeipijn' en de financiering van de jeugdzorg zijn worden besproken. De financiële uitkomsten van dit overleg zijn gepresenteerd in de Voorjaarsnota en op basis hiervan verwerkt in deze kadernota. De definitieve uitkomst blijkt straks uit de meicirculaire 2025.
Eigen bijdrage Wmo-voorzieningen Het kabinet is van plan om voor één onderdeel van de Wmo 2015, namelijk de huishoudelijke hulp, een inkomensafhankelijke eigen bijdrage in te voeren. Het Rijk verwacht dat de invoering van de inkomensafhankelijke bijdrage de druk op het gebruik van Wmo-voorzieningen verlaagt, waardoor de Wmo voor gemeenten mogelijk langer betaalbaar blijft. Het kabinet heeft aangekondigd de ingangsdatum verder te verschuiven naar 1 januari 2027. Geraamde opbrengsten dienen voldoende onderbouwd te worden. Bij de Voorjaarsnota wordt meer bekend over de wijze waarop de vertraging in invoering doorwerkt op het gemeentefonds. Specifieke uitkering Oekraïners De afgelopen jaren mochten gemeenten eventuele overschotten voor het opvangen van Oekraïense vluchtelingen houden. De provincie stelt dat het hier om een tijdelijke taak gaat. Dit betekent dat overschotten incidenteel naar aard zijn en dat een gemeente een overschot raamt, zij de baten en lasten moet opnemen in het overzicht van incidentele baten en lasten.
48
Specifieke aandachtspunten Bezuinigingen Het is belangrijk dat bezuinigingen (of: stelposten, ombuigingen, taakstelling en/of verwerving van extra inkomsten) zowel benoemd als concreet toegelicht worden. Bezuinigingen die onvoldoende hard (specifiek) zijn onderbouwd, of waarbij onvoldoende duidelijk kan worden gemaakt of deze tijdig te realiseren zijn, worden door de toezichthouder bijgesteld op het structurele saldo. Bezuinigingen bij verbonden partijen De begroting van een gemeenschappelijke regeling (GR), zoals deze door het algemeen bestuur is vastgesteld, is voor het toezicht leidend. Dit betekent dat we geen taakstellingen voor de GR op mogen nemen in onze (meerjaren)begroting als het algemeen bestuur hier (nog) geen besluit over heeft genomen. Begrotingssaldo In het kader van transparantie is het belangrijk dat het structurele begrotingssaldo onderdeel uitmaakt van het raadsvoorstel, de aanbiedingsbrief of de inleiding van de begroting. Het structureel begrotingssaldo dient voor zowel het betreffende begrotingsjaar als voor de meerjarenraming inzichtelijk gepresenteerd te worden. Naast het structureel en reëel evenwicht dient de begroting ook formeel in evenwicht te zijn. Dit houdt dat alle lasten gedekt zijn door baten. De begroting kan een tekort tonen op één of meerdere jaren.
Indien sprake is van een tekort in het begrotingsjaar (maar wel een positief structureel en reëel evenwicht) dient in het raadsbesluit te worden opgenomen hoe het tekort in het begrotingsjaar wordt gedekt. Inzet incidenteel geld In het Bestuurlijk Overleg Financiële verhoudingen (BOFv) van 21 november 2023 is de notitie incidenteel/structureel vastgesteld. In deze notitie staan afspraken en verduidelijking over het onderwerp incidenteel/structureel. Eén van de afspraken gaat over de inzet van incidenteel geld voor structurele uitgaven. Gemeenten mogen een deel van de algemene reserve gebruiken voor structurele kosten. De voorwaarden hiervoor staan in deze notitie.
5.2 Uitgaven De uitgaven worden geraamd op basis van constante prijzen. Er vindt een aanpassing van de uitgaven plaats op basis van de inflatiecorrectie zoals die is opgenomen in de meicirculaire 2025 van het gemeentefonds. Het Centraal Planbureau (CPB) heeft eind februari 2025 het Centraal Economisch Plan (CEP) 2025 gepubliceerd. Hierin gaat het CPB voor de jaarschijf 2026 uit van een indexering van de prijzen met 2,7% ten opzichte van 2025. In deze kadernota hanteren wij vooralsnog deze prijsindex.
5.3 Inkomsten Ook de inkomsten worden geraamd op basis van constante prijzen. Er vindt een aanpassing van de inkomsten plaats op basis van de inflatiecorrectie zoals die is opgenomen in de meicirculaire 2025 van het gemeentefonds. Net als aan de uitgavenkant hanteren we in deze kadernota vooralsnog het in het CEP gepresenteerde prijsindexcijfer van 2,7% voor 2026 om de baten mee aan te passen.
5.4 Personele lasten Er zijn diverse interne en externe ontwikkelingen die van invloed zijn op de personele lasten voor volgend jaar. Onderstaand worden de belangrijkste toegelicht.
49
5.4.1 Salarisontwikkelingen Loonontwikkeling De personeelslasten worden binnen het meerjarenperspectief geraamd op basis van de geldende Cao afspraken. Op 22 april hebben de VNG en de bonden een akkoord bereikt over een nieuwe Cao. De uitkomst is een loonstijging van ongeveer 7,5% over een periode van 2 jaar. In de meerjarenbegroting 2025 hadden we al rekening gehouden met een stijging op jaarbasis van ruim 3%. Voor 2026 betekent dat een stijging van de salarislasten met ca. 3% en vanaf 2027 nog eens met ca. 1,6% extra. Ontwikkeling pensioenpremie De laatste jaren hebben we een stijging gezien in de pensioenpremies. Deze stijgingen waren vooral het gevolg van lagere beleggingsresultaten, waardoor er een hogere inleg van de deelnemers en werkgevers noodzakelijk was. Over 2025 zijn de premies gelijk gebleven, waarbij gelijktijdig de franchise wel iets is gestegen. Dat resulteert uiteindelijk in een iets lagere last in de pensioenpremies. Vooruitlopend op de stelselwijzigingen in de pensioenen die in 2027/2028 hun beslag krijgen, is de verwachting dat tot die tijd de premies stabiel zullen blijven. Daarom wordt er voor 2026 geen verhoging in de pensioenpremies verwacht. Vervallen 3e ziektejaar Medewerkers die ziek zijn geworden op of na 1 januari 2024 ontvangen gedurende het eerste ziektejaar hun volledige salaris. Vanaf het tweede ziektejaar wordt nog 70% uitbetaald.
Gedurende looptijd van de gehele ziekteperiode gedurende twee jaren blijven de kosten gelijk. De doorbetaling van een derde ziekjaar is komen te vervallen. Dat betekent dat op termijn de kosten bij langdurige arbeidsongeschiktheid zullen afnemen. 5.4.2 Vacatures en recruitment De krappe arbeidsmarkt blijft de komende jaren nog wel aanhouden, zeker gezien de (landelijke) vergrijzing en tekorten binnen bepaalde vakgebieden. De tekorten worden wel specialistischer en richten zich op bepaalde beroepsgroepen en doelgroepen, bijvoorbeeld de vergunningverlener, de BOA, informatiemanagement en leidinggevende posities. Het recruitmentbeleid krijgt daarmee meer focus op deze doelgroepen. Daarnaast wordt het benutten van de mogelijkheden binnen gerichte arbeidsmarktcommunicatie steeds belangrijker. Denk aan zichtbaarheid online en een goede WerkenBij website. Het aantal vacatures stijgt nog steeds en dit komt voornamelijk door de veranderingen in het politieke landschap, bijvoorbeeld binnen het Sociaal Domein of door de Omgevingswet. Werk wordt anders vormgegeven en dit vraagt ook andere en specialistische profielen van de arbeidsmarkt. Bij schaarste wordt uitgeweken naar externe invulling, opleiden van mensen, of detavast constructies. Deze oplossingen kosten meer geld en tijd en zorgen vaak voor een hogere werkdruk bij de zittende medewerkers.
De gemeente Krimpenerwaard kampt ook met vergrijzing waardoor de komende jaren veel natuurlijke uitstroom wordt verwacht door gepensioneerden. Dit betekent dat strategische en toekomstgerichte personeelsplanning voor de komende jaren cruciaal is. Om te borgen dat continuïteit van beleid en specifieke kennis van de gepensioneerden gewaarborgd is en blijft, is een warme overdracht van vertrekkende naar nieuwe medewerkers noodzakelijk. Om dit mogelijk te maken, is het nodig dat de betreffende vacatures kunnen worden opengesteld. Dit maakt dat het nog belangrijker te investeren in een stevig recruitmentbeleid, een sterk werkgeversmerk en een goed 'onboarding' programma. In ons strategisch HR-beleidsplan is naast werving & selectie ook het behouden van bestaand personeel een zeer belangrijk onderdeel, onder meer door aandacht voor ontwikkeling, vitaliteit etc. 5.4.3 Aanvragen formatie en inhuur Bij veel vraagstukken gaat het gesprek over de rol van de gemeente. We zien dat vanuit de hele samenleving naar de gemeente wordt gekeken om verantwoordelijkheid te nemen. We merken hierbij dat het steeds lastiger is om “nee” te zeggen. De gemeente wordt vaak verantwoordelijk gemaakt voor zaken. Dat merken we zowel in de samenleving als in de politiek. De gemeente kan eigenlijk (als we kijken naar