Afspraken over Hamer- en Bespreekstukken in RvO en Verordening RC.pdf
Tekst van het document
Wellicht ten overvloede wijst het presidium u bij deze op de gemaakte afspraken over Hamer- en Bespreekstukken, zoals die zijn vastgelegd in de Verordening voor de Commissies en het Reglement van Orde voor de Raad.
In de Verordening voor de Commissies staat over de totstandkoming van Hamer- en Bespreekstukken bij artikel 16 en bij de toelichting op artikel 16 het volgende:
Artikel 16. Verloop van het debat 4. Commissieleden – en de aanwezige leden van B&W- leveren een beknopte bijdrage en vallen niet in herhaling. De voorzitter ziet hier op toe. Toelichting Artikel 16. Verloop van het debat Het stellen van technische vragen in de eerste of tweede termijn van de Oordeelsvormende vergaderingen is niet toegestaan. In oordeelsvormende vergaderingen worden politieke vragen gesteld. Dit vraagt om een voorzitter die hier scherp op toeziet, een wethouder die deze vragen teruggeeft aan de voorzitter en om commissieleden die elkaar op dit punt durven aan te spreken. Om te voorkomen dat in de raadsvergadering het hele debat uit de commissie opnieuw gevoerd wordt, vraagt de voorzitter van de commissie aan de raadsleden/fracties die een raadsvoorstel als bespreekstuk willen behandelen in de raad, aan te geven wat precies de bespreekpunten zijn en noemt deze in zijn samenvatting/advies. Deze worden meegenomen in de Besluiten en toezeggingenlijst van de commissievergadering.
In het RVO voor de Raad staat over de behandeling van Hamer- en Bespreekstukken het volgende: Artikel 15. Verloop van het debat 8. De voorzitter ziet erop toe dat de discussie uit de beeldvormende en oordeelsvormende fasen niet herhaald worden. Toelichting Artikel 15. Verloop van het debat Het debat in de besluitvormende raad wordt beperkt tot de in de oordeelsvormende commissie geadviseerde bespreekpunten. Deze staan opgenomen in de besluiten en toezeggingenlijst van de commissievergadering. Op die manier wordt (veel) herhaling voorkomen. Daardoor is er meer ruimte voor een debat dat gericht is op het formuleren van in ieder geval een meerderheidsstandpunt op basis van argumentatie of overtuiging. Tevens geeft het formuleren van bespreekpunten de voorzitter van de raad een sturingsmiddel in het debat. De voorzitter kent de bespreekpunten, benoemt deze in zijn inleiding van het agendapunt en geeft (een van de) aanvragers van het bespreekstuk als eerste het woord. Mocht het debat te veel afdwalen van de genoemde bespreekpunten, dan kan de voorzitter bijsturen.
Toelichting Artikel 38. Schriftelijke vragen en art. 39 Technische vragen Technische vragen dienen in de Beeldvormende fase gesteld te worden. Het stellen van technische vragen in de eerste of tweede termijn van de Oordeelsvormende en Besluitvormende vergaderingen is niet toegestaan. Dit vraagt om een voorzitter die hier scherp op toeziet, een wethouder die deze vragen teruggeeft aan de voorzitter en om commissie/raadsleden die elkaar op dit punt durven aan te spreken. In Oordeelsvormende vergaderingen worden politieke vragen gesteld. In de Besluitvormende vergaderingen worden verantwoordingsvragen gesteld. In de Besluitvormende -raadsvergadering worden geen vragen meer aan het college gesteld. Het college kan wel reactie geven op moties/amendementen/actualiteiten-debat.