Afdoening T24-110 - Nota Lokale heffingen 2024
Tekst van het document
Afdoening T24-110 - Nota Lokale heffingen 2024 1. Waarom zijn de kosten of de baten van GFT en plasticafval niet meegenomen in de berekening van de kostendekkendheid? Antwoord: De kosten van GFT en PMD (plastic, metaal en drankkartonnen) worden ook meegenomen in de kostendekkendheid afval. De term huishoudelijk restafval (zoals vermeld in de nota) moet in feite zijn: huishoudelijk afval. De term restafval wordt met name gebruikt voor het afval dat overblijft na afvalscheiding. Dit wekt wat verwarring op. We zullen dit in de nota wijzigen. 2. Waar komt de norm van 25% straatvegen en 25% baggerwerkzaamheden vandaan en waar is die op gebaseerd? Antwoord: Stelregel: Indien kosten redelijkerwijs kunnen worden toegerekend aan de verhaalbare activiteit mogen zij worden meegenomen in de kostendekkendheid. Binnen het vakgebied riolering zijn dit: - veegkosten voor straatreiniging en - baggerkosten voor oppervlaktewater. Veegkosten voor straatreiniging Onder de veegkosten voor straatreiniging verstaan we het machinaal vegen van de wegen, straten en pleinen in de gemeente. Deze staan via straatkolken (putten) in verbinding met het rioolstelsel. Met name hemelwater loopt de kolk in en stroomt vervolgens door het riool naar oppervlaktewater (gescheiden stelsel) of de rioolzuivering (gemengd stelsel).
Het reinigen van de straten gebeurt voornamelijk om een aangename leefomgeving te creëren voor de inwoners. We doen dit ook om te voorkomen dat straatvuil in kolken en het riool terechtkomt. Daarom is het belangrijk de straat regelmatig te reinigen. Verstopte kolken en riolen leiden tot wateroverlast en extra overstortingen. Dat wordt met het reinigen van de straten voor een deel tegengegaan. Daarom wordt 25% van de kosten gedragen vanuit de rioleringsbegroting. Baggerkosten oppervlaktewater De oppervlaktewateren dienen de juiste waterkwaliteit te behouden maar moeten ook voldoende capaciteit hebben om hemelwater te bergen en af te voeren. Baggervorming, onder andere door afstervende planten en blad, vermindert de capaciteit. Ook door overstortingen uit het rioolstelsel en meespoelen van zand raken oppervlaktewateren verstopt. Alle oppervlaktewateren worden daarom regelmatig gebaggerd. Deze werkzaamheden worden uitbesteed en 25% van de kosten worden gedekt vanuit de rioleringsbegroting. Deze 25% is geen norm. Je dient als gemeente zelf te bepalen hoeveel kosten je redelijkerwijs kunt toerekenen aan het product. Je kunt hierbij op zoek gaan naar de uitersten maar voorzichtigheidshalve hebben wij dit gesteld op 25%. In de loop der jaren is de benadering van de rioleringszorg breder geworden.
Naast de volksgezondheid in de bebouwde kom is de totale kwaliteit van het oppervlaktewater in beeld gekomen (o.a. door de klimaatverandering). Daardoor kijken we bijvoorbeeld of de baggerwerkzaamheden geen grotere rol gaan spelen in de rioolheffing. De term rioolheffing dekt overigens niet meer volledig de lading, riool- en waterzorgheffing is een betere term. Bij de herziening van het Programma Riolering & Klimaatadaptatie zal dit worden bezien.