CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Advies ODMH ROM quickscan woningbouwprogramma Sportlaan

Raadsvergadering 4 juni 2024, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: (B) Locatiekeuze De Kromme Draai - voorbereidingskrediet1.428 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Team ROM, Externe veiligheid en Ecologie M. Kolpa 088 - 54 50 164 Postbus 45 2800 AA Gouda 088 - 54 50 000 www.odmh.nl

Gemeente Krimpenerwaard A. Stuit Postbus 51 2820 AB STOLWIJK a.stuit@krimpenerwaard.nl

Besluitdatum Verzenddatum

28-11-2023

Ons kenmerk

2023-00016869

Uw kenmerk Bijlagen

ROM quickscan woningbouwprogramma Sportlaan Ammerstol

Beste A. Stuit, Op 26 oktober 2023 heeft u ons gevraagd om voor het project ‘Woningbouwprogramma Sportlaan Ammerstol’ een quickscan ruimtelijke ordening en milieu op te stellen. Hierbij ontvangt u ons advies. Situatie Het voornemen is om 13 woningen op een deel van het bestaande sportterrein te realiseren. Hierbij zal een half sportveld worden herontwikkeld. De situatie is hieronder weergegeven in een uitsnede van de door u aangeleverde tekening.

U heeft ook een geuronderzoek aangeleverd in verband met de RWZI ten noorden van de locatie, welke is meegenomen in onze beoordeling. Meer informatie hebben wij niet ontvangen.

Identificatie D-2023-00104882

1 van 6

Afkadering De Omgevingsdienst Midden-Holland adviseert gemeenten op de omgevingsaspecten geluid (weg, spoor, industrie), luchtkwaliteit, licht, bedrijven & milieuzonering, externe veiligheid, bodem en ondergrond (verontreiniging, archeologie, ontplofbare oorlogsresten en overige ondergrond), natuur (gebieds- en soortenbescherming, natuurinclusief bouwen en biodiversiteit), klimaatadaptatie en duurzaamheid (circulariteit, mobiliteit, energietransitie). Daarnaast gaat de Omgevingsdienst bij elke ontwikkeling na of er sprake is van m.e.r.-plicht en/of een provinciaal milieubelang in het geding is. Advies De ontwikkeling past mogelijk niet binnen de actuele kwaliteiten van het gebied (voor zover beschreven of beschikbaar). De onderstaande tabel vat de quickscan samen. Bijlage 1 bevat een uitgebreidere bespreking van de diverse omgevingsaspecten. Thema

Aspect

Bespreking

Vervolgactie

Ondergrond

Bodemverontreiniging Archeologie

Geen onderzoek bekend, wel gevoelige functie Archeologie waarde 3

Ontplofbare oorlogsresten

Geen belemmering

Verkennend bodemonderzoek Archeologisch onderzoek Geen

Omgevingsveiligheid

Externe veiligheid

Geen

Gezondheid in relatie tot milieu

Geluid van weg, spoor en/of industrieterrein Geluid bedrijven (Mba)

Geen risicobronnen aanwezig Niet van toepassing Mogelijke geluidshinder vanuit sportvelden Potentiële hinder RWZI. Voldoende onderzocht Geen belemmering Potentiële hinder van sportvelden Impact op (stedelijk hitteeiland (UHI) wordt verwaarloosbaar geacht; Overstromingsrisico is ‘klein’ Natura2000-gebieden binnen 25 km afstand Niet van toepassing

Akoestisch onderzoek Geen

Geen belemmering

Geen

Geen belemmering

Geen

Geur bedrijven Luchtkwaliteit Lichthinder Duurzaamheid

*Klimaatrisico’s

Natuur

Gebiedsbescherming Soortenbescherming

Procedurele aspecten

Milieueffectrapportage (m.e.r.) Provinciale milieubelangen *aspecten met een (*) betreffen geen wettelijk kader.

Identificatie D-2023-00104882

Geen

Geen Onderzoek lichthinder Geen

Aerius-berekening Geen

2 van 6

Heeft u vragen? Neem dan contact op met M. Kolpa. Dat kan via 088 - 54 50 164 of per e-mail via mkolpa@odmh.nl. Vermeld dan het kenmerk 2023-00016869. Zo kunnen wij u sneller helpen. Met vriendelijke groet, M.J. Kolpa Adviseur ROM &EV Dit document is digitaal vastgesteld.

Bijlage 1: Beoordeling en conclusie per aspect

Identificatie D-2023-00104882

3 van 6

Bijlage 1 Beoordeling en conclusie per aspect Bodemverontreiniging Er zijn van het plangebied bij de Omgevingsdienst Midden-Holland geen bodemkwaliteitsgegevens bekend. Er is sprake van een kunstgrasveld, waarschijnlijk ingestrooid met rubberkorrels. Ook is er een gedempte sloot aanwezig. Voor deze ontwikkeling moet voor de ruimtelijke procedure daarom een verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) worden uitgevoerd. Archeologie Op grond van het vigerende bestemmingsplan moet een archeologisch onderzoek worden gedaan als de grond over een oppervlakte van 1.000 m2 of diepte van 30 cm. wordt geroerd. Voor de realisatie van de woningen (plangebied ca 4.000 m²) is archeologisch onderzoek noodzakelijk. Ontplofbare oorlogsresten Uit ervaring blijkt dat circa 10 à 15% van de tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikte munitie niet tot de gewenste uitwerking kwam en als blindganger in de bodem is achtergebleven. Op grond van Arbowetgeving moet in alle gevallen waarin gevaar voor de veiligheid of gezondheid van werknemers kan bestaan door de mogelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten een oriënterend onderzoek worden gedaan voordat werkzaamheden kunnen starten. Indien nodig gevolgd door een nader onderzoek, indien nodig gevolgd door opsporing van ontplofbare oorlogsresten of andere passende maatregelen.

Uit eerder uitgevoerd grootschalig vooronderzoek blijkt dat het plangebied onverdacht is op ontplofbare oorlogsresten. Verder onderzoek naar ontplofbare oorlogsresten is naar onze mening niet noodzakelijk. Hoewel er geen indicaties zijn voor de aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten, kunnen wij niet met zekerheid stellen dat die er niet zijn. Als men bij graafwerk stuit op een verdacht object, zijn passende maatregelen nodig. Externe veiligheid Het plangebied ligt niet in het invloedsgebied Groepsrisico van een risicobron (inrichting, weg, spoor, buisleiding). Het plangebied ligt niet in het aandachtsgebied van een hoogspanningsleiding. Er hoeft geen Verantwoording Groepsrisico te worden opgesteld. Geluid van weg, spoor en/of industrieterrein Er wordt een geluidsgevoelige bestemming gerealiseerd. Ten aanzien van de Wet geluidhinder is er een onderzoeksplicht. Weg: De locatie ligt niet binnen de geluidszone van de weg, er is geen onderzoek noodzakelijk. Als de ontwikkeling plaats vindt langs een 30 km weg, dan moet in het kader van een goede ruimtelijke ordening een geluidstoetsing plaatsvinden. Ook daar is geen sprake van Industrieterrein: De locatie/ontwikkeling ligt niet binnen de geluidszone van een gezoneerd industrieterrein, er is geen onderzoek noodzakelijk.

Identificatie D-2023-00104882

4 van 6

Bedrijven & milieuzonering De ontwikkeling betreft, vanuit Bedrijven en Milieuzonering bezien, een milieugevoelige activiteit. In de directe nabijheid liggen de volgende milieubelastende bestemmingen: - Sportvelden (met verlichting). Hierbij geldt een richtafstand van 50 m (op basis van geluid) voor ‘rustige woonwijk’ en 30 meter tot ‘gemengd gebied’. Vooralsnog wordt een richtafstand van 30 meter gehanteerd. Deze afstand wordt in het plan vooralsnog niet gehaald. Om de geluidsoverlast te kunnen beoordelen is een akoestisch onderzoek noodzakelijk. - RWZI Ammerstol. Voor een kleine RWZI geldt een richtafstand van 200 meter (op basis van geur voor ‘rustige woonwijk’ en 100 meter tot ‘gemengd gebied’. Vooralsnog wordt een richtafstand van 100 meter gehanteerd. Deze afstand wordt in het plan vooralsnog niet gehaald. Hierom is reeds een geuronderzoek uitgevoerd. Geurhinder De geplande ontwikkeling ligt in de nabijheid van een RWZI. Hiervoor is een geuronderzoek aangeleverd (Olfasense, kenmerk GEKR20B1, november 2020). Het geuronderzoek is akkoord bevonden door ODMH. Luchtkwaliteit De ontwikkeling betreft de realisatie van 13 woningen, dit is onder de getalsmatige grens van de regeling NIBM. Het plan kan derhalve onderbouwd worden door middel van de NIBM-regeling. De ontwikkeling is niet te onderbouwen door middel van een verwijzing naar de regeling NIBM.

De verkeersaantrekkende werking van het plan moet worden bepaald en hiermee kan worden doorgerekend of deze ontwikkeling al dan niet in betekenende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Uit de monitoringtool van het NSL (Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit) blijkt dat de luchtkwaliteit ter plaatse voldoende is voor de gewenste ontwikkeling. Lichthinder De geplande ontwikkeling ligt in de buurt van een bron van lichthinder (sportvelden). Er is een onderzoek naar lichthinder noodzakelijk. Ecologie Gebiedsbescherming: Als een ontwikkeling in of in de buurt van een beschermd gebied plaatsvindt, kunnen mogelijk negatieve effecten ontstaan. Gezien de omvang van de ontwikkeling en de afstand tot diverse Natura2000-gebieden, zoals Donkse Laagten (circa 6 km) adviseren wij om een AERIUS berekening te laten doen. Dit zijn twee berekeningen, één voor de bouwfase en één voor het gebruik van de woningen. Soortenbescherming: Ten behoeve van de gewenste ontwikkeling is, gezien het huidige gebruik, geen ecologische quickscan noodzakelijk. Bij de realisatie van het initiatief kan aandacht worden gegeven aan de toegankelijkheid van de woningen voor beschermde soorten zoals vleermuizen, de gierzwaluw of de huismus. Denk aan

Identificatie D-2023-00104882

5 van 6

vogel- of vleermuiskasten. Meer informatie staat op de websites van bijvoorbeeld de vogelbescherming of de zoogdiervereniging. Klimaatrisico’s De toename van verharding heeft, gezien de grootte van het dorp, naar verwachting geen significant effect op het stedelijk hitte-eiland (UHI). Het overstromingsrisico (LIWO model - Plaatsgebonden overstromingskans) wordt ‘klein’ geacht (1/300 jaar – 1/3.000 jaar). M.e.r. Het initiatief betreft geen m.e.r.-plichtige activiteit. Provinciale milieubelangen De provincie Zuid-Holland benoemt in haar Omgevingsbeleid een aantal provinciale milieubelangen. Namens de provincie toetst ODMH initiatieven op vier van deze belangen:

 

Bescherming van stiltegebieden De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de buurt van) een stiltegebied. Windenergie stimuleren De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de buurt van) een plaatsingsgebied voor windmolens. Beschermen van (watergebonden) bedrijventerreinen1 De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de nabijheid van) een (watergebonden) bedrijventerrein. Afname van of beperkingen aan (watergebonden) bedrijventerreinen is derhalve niet aan de orde. Beschermen van grote groepen mensen De voorgenomen ontwikkeling ligt niet in een invloedsgebied Groepsrisico van een EV-relevante risicobron.

De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met deze provinciale milieubelangen.

1

Omgevingsverordening in werking per 15 maart 2022, Artikel 6.12 Bedrijven i.c.m. kaart 20 in bijlage II.

Identificatie D-2023-00104882

6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=26b9be82-c3a2-4880-910c-0564ac42a3c3