CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

251118 Bijlage 4 - Fusie Effectrapportage

Raadsvergadering 18 november 2025, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: (H) Verzoek tot instemmen met statuten Stichting Voortgezet Onderwijs Gouda/Schoonhoven6.963 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

FUSIE-EFFECTRAPPORTAGE BESTURENFUSIE DE GOUDSE WAARDEN EN HET SCHOONHOVENS COLLEGE

5 mei 2025 Stuurgroep bestaand uit vertegenwoordigers van: - Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs Schoonhoven - Stichting voor Protestants-Christelijk Voortgezet Onderwijs in Gouda en omgeving - Verus, de vereniging voor christelijk en katholiek onderwijs

FER-plus DGW&SC

VOORAF De schoolbesturen van De Goudse Waarden en het Schoonhovens College zijn in oktober 2024 (vanaf voorjaar 2024 zijn zij in overleg met elkaar) een onderzoek gestart naar de gevolgen van een mogelijke besturenfusie c.q. bestuursoverdracht van scholengemeenschap De Goudse Waarden te Gouda naar Stichting openbaar voortgezet onderwijs Schoonhoven te Schoonhoven. Het onderzoek was erop gericht om de effecten van de bestuursoverdracht in kaart te brengen en te beschrijven, zodat er vervolgens besluitvorming kon plaatsvinden. Zolang nog niet helder is of er sprake is van een besturenfusie dan wel een bestuursoverdracht, gebruiken we in dit stuk de term ‘nieuwe’ stichting. Na het ondertekenen van de intentieverklaring op 24 oktober 2024 is gestart met dit onderzoek in de vorm van een uitwerking op de deelterreinen Onderwijs & Kwaliteit (O&K), Cultuur & Identiteit (C&I), Personeel & Organisatie (P&O) en Financiën & Huisvesting/ICT (F&H). Er is een stuurgroep ingesteld, die het gehele proces heeft gecoördineerd en in goede banen geleid. Het onderzoek is afgesloten in april 2025 en heeft geresulteerd in deze fusie-effectrapportage (verder te noemen FER), die een belangrijk document in de besluitvorming vormt. Naast de beantwoording van de vragen die door DUO gesteld worden, maken de onderzoeksrapportages van de vier hierboven genoemde werkgroepen onderdeel uit van deze FER.

Deze zijn als bijlagen toegevoegd. De stuurgroep is uiteraard verantwoordelijk voor de inhoud van deze FER en de bijbehorende bijlagen. De kansen en mogelijke risico’s die zijn beschreven in deze eindrapportages zijn verwerkt in dit document. De FER is een formeel document in de besluitvorming, gebaseerd op artikel 3.31 van de Wet op het voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020). Als bestuurders hebben wij 1 veel waardering voor de medewerking en de constructieve houding van iedereen (werkgroepleden, leden van (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden en leden van de raden van toezicht), die er in de afgelopen tijd vanuit alle geledingen is geweest. Peter van Dijk, College van Bestuur De Goudse Waarden Philip Nijgh, College van Bestuur a.i. Schoonhovens College 1

In voorliggend document wordt veel in de ‘wij’-vorm geschreven. Hiermee wordt bedoeld: de besturen van beide organisaties.

1

FER-plus DGW&SC

FORMAT FER Dit document bevat de fusie-effectrapportage (FER), zoals bedoeld in hoofdstuk 2, artikel 2 van de Regeling en beleidsregels fusietoets in het onderwijs 2017. Dit document volgt het voorgeschreven format 2 van de FER. Dit document beschrijft een sectorale fusie tussen twee schoolorganisaties voor voortgezet onderwijs. Een dergelijke fusie is onderhevig aan een lichte toets 3 door DUO. Deze toets houdt in, dat wordt beoordeeld of het proces zorgvuldig en correct doorlopen is en of de betrokken medezeggenschapsorganen hebben ingestemd met de besturenfusie c.q. bestuursoverdracht. 2

https://wetten.overheid.nl/BWBR0039819/2022-02-01#Bijlage2 De verplichting voor een inhoudelijke toets is komen te vervallen: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2018-40728.html 3

2

FER-plus DGW&SC

Inhoudsopgave Inhoud

VOORAF ............................................................................................................................................. 1 FORMAT FER ..................................................................................................................................... 2 HOOFDSTUK 1 ................................................................................................................................... 5 Beoogde fusie .................................................................................................................................. 5 1.1 Beoogde fusie en fusieproces............................................................................................. 5 1.2 Tijdsbestek ........................................................................................................................... 7 1.3 Motieven ............................................................................................................................... 8 1.5 Te bereiken (gekwantificeerde) doelen van de fusie.......................................................... 9 HOOFDSTUK 2 ................................................................................................................................. 10 Communicatie over de fusie...........................................................................................................

10 2.1 Wijze waarop de medezeggenschap erbij is en wordt betrokken ................................... 10 2.2 Wijze waarop de toezichthouders erbij worden en zijn betrokken ................................. 10 2.3 Wijze waarop personeel, ouders en leerlingen worden betrokken ................................. 11 2.4 Wijze waarop externe belanghebbenden zijn en worden betrokken .............................. 11 HOOFDSTUK 3 ................................................................................................................................. 13 Gevolgen voor personeel, ouders en leerlingen - borging van de menselijke maat ........................ 13 3.1 Omvang en organisatie van de rechtspersoon na de fusie ............................................. 13 3.2 Gevolgen van de fusie voor overzichtelijkheid op locatieniveau.................................... 14 3.3 Gevolgen van de fusie voor betrokkenheid van personeel, leerlingen en ouders ........ 14 3.4 Gevolgen voor de voorzieningen ...................................................................................... 14 3.5 Gevolgen voor de arbeidsvoorwaarden en het personeelsbeleid .................................. 14 HOOFDSTUK 4 .................................................................................................................................

16 Effecten van de fusie op keuzevrijheid, diversiteit, bereikbaarheid en kwaliteit .............................. 16 4.1 Effecten van de fusie op de keuzevrijheid ........................................................................ 16 4.2 Effecten van de fusie op de diversiteit en identiteit ......................................................... 16 4.3 Effecten van de fusie op de spreiding van onderwijsvoorzieningen in de regio ........... 16 4.4 Effecten van de fusie op onderwijs en kwaliteit ............................................................... 16 HOOFDSTUK 5 ................................................................................................................................. 18 Kosten en baten van de fusie......................................................................................................... 18 5.1 Financiële kosten en baten................................................................................................ 18 5.2 Onderwijs & Kwaliteit ......................................................................................................... 19 5.3 Personeelsbeleid en arbeidsvoorwaarden ....................................................................... 19 5.4 Cultuur & Identiteit .............................................................................................................

20 5.5 Algehele conclusie ............................................................................................................. 21 3

FER-plus DGW&SC

HOOFDSTUK 6 ................................................................................................................................. 22 Evaluatie van de fusie .................................................................................................................... 22 HOOFDSTUK 7 ................................................................................................................................. 23 Advies gemeente ........................................................................................................................... 23 HOOFDSTUK 8 ................................................................................................................................. 24 Instemming medezeggenschapsorganen....................................................................................... 24

4

FER-plus DGW&SC

HOOFDSTUK 1 Beoogde fusie

1.1 Beoogde fusie en fusieproces Beoogd wordt een bestuurlijke fusie (is feitelijk een bestuursoverdracht op grond van artikel 3.16 t/m 3.21 WVO 2020) tussen Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs Schoonhoven te Schoonhoven en Stichting voor Protestants Christelijk Voortgezet Onderwijs in Gouda en omgeving te Gouda. De aanleiding voor deze voorgenomen fusie is dat beide besturen van mening zijn dat de onderwijsvisies en doelen van beide scholen nauw overeenkomen. Echter, als relatief kleine, zelfstandige schoolorganisaties voelen zij zich op termijn kwetsbaar. Gezamenlijk kunnen zij een kwaliteitsslag maken in de veelheid van onderwijsvraagstukken. Beide scholengemeenschappen zijn financieel gezond, maar de complexiteit van en verantwoordelijkheid voor schoolbesturen vraagt om krachtenbundeling en professionalisering. Dit kun je met zijn tweeën beter dan alleen. Het behoud/uitbouwen van kwaliteit en continuïteit van onderwijs vraagt om een zeker volume en een meer robuuste ondersteuning van de twee scholengemeenschappen. Een samenwerkingsbestuur, waarin openbaar en christelijk voortgezet onderwijs in Schoonhoven en Gouda zijn ondergebracht kan zo’n sterke partner zijn. Er is sprake van een samenwerkingsbestuur wanneer openbaar en bijzonder onderwijs onder een bestuur ressorteren.

Het is goed te benadrukken dat het Schoonhovens College een school voor openbaar onderwijs blijft en De Goudse Waarden een school voor christelijk onderwijs, ook in de toekomst. Een besturenfusie tussen de genoemde organisaties kan voor beide partijen voordeel opleveren en daarmee zowel voor huidige als toekomstige leerlingen hoogwaardig voortgezet onderwijs voor alle opleidingsniveaus en met voldoende keuzemogelijkheden in profielen en schoolvakken toegankelijk houden.

We beogen een bestuurlijke fusie en geen scholenfusie. Beide scholen behouden hun identiteit en signatuur. Het aan de scholengemeenschappen verbonden personeel blijft werken waar ze nu werken. Dit verandert alleen als collega’s er zelf voor kiezen om hun horizon te verbreden en vrijwillig op de andere school van hetzelfde bestuur gaan werken of als onderwijskundige of formatieve maatregelen dit noodzakelijk maken. De overblijvende/nieuwe stichting wordt immers de werkgever van alle personeelsleden van beide scholengemeenschappen, die allen een bestuursaanstelling hebben bij de stichting. Dit betekent dat het in dienst zijnde personeel meer baanzekerheid/behoud van werk heeft, omdat in geval van formatieve krimp op de ene school personeelsleden van de krimpschool bij voorrang in vacatures op de andere school benoemd moeten worden, tenzij zij dit niet wensen. Schets van het proces De bestuurders van de Goudse Waarden en het Schoonhovens College kwamen met elkaar in contact, bleken een gelijkluidende visie op onderwijs te hebben en beiden leiding te geven aan gezonde maar ook relatief kleine en kwetsbare schoolorganisaties. Na oriënterende gesprekken is gekozen om samen een verdere verdieping en verkenning te gaan uitvoeren in dit proces. Er is een stuurgroep gevormd, bestaande uit de bestuurders van beide stichtingen en een procesbegeleider 5

FER-plus DGW&SC

van Verus, de landelijke organisatie voor christelijk en katholiek onderwijs. Onder verantwoordelijkheid van de stuurgroep is een viertal beleidsterreinen onderzocht, Onderwijs & Kwaliteit, Cultuur & Identiteit, Personeel & Organisatie en Financiën, ICT & Huisvesting. Dit onderzoek moest inzicht geven in de gevolgen van een besturenfusie voor leerlingen/ouders en voor personeel van de beide stichtingen. In het proces richting bestuursoverdracht per voorgenomen fusiedatum 1 januari 2026 onderscheiden we vier fasen. Onderstaande figuur toont deze fasen:

Oriëntatie

Onderzoek

Besluitvorming

Uitvoering

De verkennende gesprekken tussen de bestuurders, het betrekken van de raden van toezicht en de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden (verder (G)MR’s) en de voorbereiding van het onderzoek kunnen worden gezien als de oriëntatiefase. Deze fase is in oktober 2024 afgesloten met een intentieverklaring, waarin betrokken besturen hun intenties voor de onderzoeksfase hebben uitgesproken en vastgelegd. Vervolgens is de projectorganisatie (formeren van een stuurgroep en het benoemen van de onderzoeksterreinen) ingericht. In de periode daarna is hard gewerkt door de stuur- en werkgroepleden om hun onderzoeken voor 1 april 2025 te voltooien. Dat is gelukt en heeft uiteindelijk geresulteerd in rapportages betreffende de vier deelterreinen. Er is hierbij gekeken naar de gevolgen van de voorgenomen besturenfusie. Dit is erop gericht om de effecten van de besturenfusie naar boven te brengen, zodat de (G)MR’s hiermee kunnen instemmen, de Raden van Toezicht kunnen goedkeuren en de bestuurders hierover definitief kunnen besluiten. Het onderzoek is gecoördineerd door de stuurgroep. Het eindproduct van dit onderzoek en de uiteindelijke conclusies van de bestuurders zijn in de voorliggende FER verwoord.

Het feit dat het bij deze besturenfusie gaat om een samenwerkingsbestuur (openbaar en christelijk voortgezet onderwijs onder één bestuur) heeft bij de werkzaamheden van de stuurgroep bijzondere aandacht gekregen. Onderzoek ingesteld door de stuurgroep De stuurgroep heeft een Plan van Aanpak opgesteld, waarin opdrachten en onderzoeksvragen zijn gesteld, die verder moesten worden onderzocht. Het onderzoek was, zoals gezegd, gericht op de vier deelterreinen: O&K, C&I, P&O, F&H en ICT. De onderzoekers in de werkgroepen hebben op basis van de documenten en beleidsstukken van de besturen en scholen het vigerende beleid van de twee organisaties vergeleken. Daar waar nodig hebben zij adviezen gegeven en voorstellen gedaan voor harmonisatie van (bovenschools) beleid voor de situatie na de fusie per 1 januari 2026. De stuurgroep heeft op basis van de onderzoeksresultaten geconcludeerd dat de realisatie van de voorgenomen besturenfusie c.q. bestuursoverdracht per 1 januari 2026 in het belang is van beide scholen Er heeft een zorgvuldig proces plaats gehad, waarbij alle betrokken stakeholders kennis hebben kunnen nemen van de fusiedocumenten en hun mening hebben kunnen geven. De colleges van burgemeester en wethouders in de gemeenten Krimpenerwaard en Gouda zijn in 6

FER-plus DGW&SC

het kader van deze FER gevraagd advies uit te brengen over de wenselijkheid van de voorgenomen besturenfusie c.q. de bestuursoverdracht. Deze adviezen zijn dit voorjaar te verwachten en zullen als bijlagen worden toegevoegd aan deze rapportage. Deze FER zal tezamen met het voorgenomen besluit tot bestuurlijke fusie/bestuursoverdracht worden voorgelegd aan de Raden van Toezicht voor goedkeuring en aan de (G)MR’s van de twee scholengemeenschappen ter instemming conform artikel 10 lid 1 onder h van de Wet medezeggenschap op scholen (WMS). Daarnaast zal de besturenfusie moeten worden goedgekeurd door de gemeenteraad van de gemeente Krimpenerwaard, aangezien het Schoonhovens College een school voor openbaar onderwijs is. Wanneer de benodigde documenten voor 3 juni a.s. worden aangeleverd zal de gemeenteraad in zijn vergadering van 30 september een besluit kunnen nemen. Tenslotte moet na deze interne besluitvorming de FER ter toetsing worden voorgelegd aan DUO.

1.2 Tijdsbestek Hieronder geven we de verschillende stappen aan die zijn doorlopen in voorbereiding op deze FER, alsmede de beoogde fusiedatum en de zaken die na de formele fusiedatum nog geregeld moeten worden. Besluitvorming - intern

Periode

Opstellen en ondertekenen intentieverklaring

Oktober 2024

Onderzoek naar de regeling van de gevolgen van de bestuursoverdracht, samengevat in eindrapportages

Oktober 2024 t/m maart 2025

Opstellen fusie-effectrapportage (FER-plus)

April 2025

Positieve conclusie over haalbaarheid en wenselijkheid van de bestuursoverdracht door bestuurders; het nemen van een voorgenomen fusiebesluit

April 2025

Het ter goedkeuring voorleggen van het voorgenomen besluit tot de bestuursoverdracht alsmede de FER aan de Raden van Toezicht Het ter instemming voorleggen van het voorgenomen besluit tot de bestuursoverdracht alsmede de FER aan de (G)MR’s van de twee besturen. Het nemen van het definitieve fusiebesluit door de bestuurders

Mei 2025 Mei 2025 Juni/juli 2025

Besluitvorming – extern

Periode

Advies aanvraag bij Colleges van B & W van Krimpenerwaard en Gouda over de wenselijkheid van de besturenfusie.

Juni 2025

Decentraal Georganiseerd Overleg (DGO) voeren met de vakbonden over de arbeidsvoorwaardelijke/rechtspositionele gevolgen voor het personeel

Juni/juli

Besturenfusie voorleggen ter goedkeuring aan de gemeenteraad van de gemeente Krimpenerwaard

September 2025

7

2025

FER-plus DGW&SC

Fusieaanvraag indienen bij DUO

Juni/juli 2025

Na reactie van DUO: Besluitvorming en start implementatie

Periode

Nadere uitwerking en voorbereiding implementatie bestuursoverdracht. In deze periode worden naast het formaliseren van de bestuursoverdracht diverse interne regelingen en reglementen herzien. Tevens zal gestart worden met het harmoniseren van ondersteunende processen. Nader te bepalen wat voor 1 januari 2026 klaar ‘moet’ zijn en welke harmonisatie per latere datum gereed kan zijn (must have en nice to have).

Vanaf augustus t/m december 2025

Na goedkeuring door de toezichthouders, instemming medezeggenschap, advies van de Colleges van B&W van de gemeenten Krimpenerwaard en Gouda en goedkeuring door de gemeenteraad van Krimpenerwaard: Fusiedatum

Periode

Effectuering besturenfusie/bestuursoverdracht en start implementatie.

1 januari 2026

Eerste evaluatie van het resultaat van de besturenfusie door het College van Bestuur van de stichting (zie hiervoor hoofdstuk 6)

Q1 2027

1.3 Motieven Vanuit onze beide onderscheiden identiteiten (openbaar en christelijk) bieden wij onderwijs dat kinderen van 12 tot circa 18 jaar uitdaagt om al hun mogelijkheden te benutten op het gebied van kwalificatie, socialisatie en persoonsvorming (zie Biesta). We voelen ons verantwoordelijk voor goed voortgezet onderwijs; onderwijs dat niet alleen voldoet aan de algemeen aanvaarde norm van onze maatschappij, maar ook vooral rekening houdt met wat de individuele leerling nodig heeft en wat voor álle leerlingen, ongeacht hun basisschooladvies, levensbeschouwing, religie of (seksuele) identiteit toegankelijk is. De aanleiding voor deze voorgenomen fusie is, zoals aangegeven in paragraaf 1.1, dat de besturen van de beide scholengemeenschappen van mening zijn dat zij als zelfstandige stichtingen op termijn kwetsbaar zijn en meer volume nodig hebben om een kwaliteitsslag te kunnen maken en een professionele ondersteuning te kunnen bieden aan de scholen. Het behoud van kwaliteit en continuïteit van onderwijs en bestuur vraagt om samenwerking tussen twee onderwijsorganisaties met meer volume waarboven een daadkrachtig bestuur opereert. Het te vormen samenwerkingsbestuur kan zo’n sterke partner zijn.

Een besturenfusie tussen de genoemde partijen kan voor beide partijen voordeel hebben en levert een robuuste en (nog meer) invloedrijke partner op in het scholenpalet voor voortgezet onderwijs in de regio op. Verder is voor de interne organisatie en de externe positie van het samenwerkingsbestuur sprake van een minder kwetsbare positie, een versteviging van de kwaliteitszorg en professionalisering op het terrein van de beleidsondersteuning door het bestuurskantoor van de ‘nieuwe’ stichting. Ook in 8

FER-plus DGW&SC

relatie tot de plaatselijke overheden, de collega-schoolbesturen en de samenwerkingsverbanden passend onderwijs en andere overlegpartners lijkt de voorgenomen besturenfusie van beide besturen het onderwijs van De Goudse Waarden en het Schoonhovens College en de positie van de stichting ten goede te komen.

1.4 Alternatieven voor de fusie Het alternatief om als twee zelfstandige stichtingen voor openbaar resp. christelijk voortgezet onderwijs door te gaan, het handhaven van de status quo, is na uitgebreid overleg tussen de besturen en raden van toezicht als niet wenselijk beoordeeld. Voorafgaand aan dit fusietraject hebben beide partners andere fusie-opties verkend, maar deze hebben niet tot resultaat geleid

1.5 Te bereiken (gekwantificeerde) doelen van de fusie Het doel van deze bestuursoverdracht is het op lange termijn borgen van kwalitatief goed voortgezet onderwijs in Schoonhoven en Gouda ten behoeve van leerlingen uit de Krimpenerwaard, Gouda en omliggende regio’s. Hiermee denken we de leerlingen in beide voedingsgebieden te dienen en het personeel van beide scholengemeenschappen verder te kunnen professionaliseren. De besturenfusie biedt voor de twee schoolbesturen de mogelijkheid om langdurig de gezamenlijk geformuleerde visie en doelen ten behoeve van het onderwijs en aantrekkelijk werkgeverschap na te streven en vorm te geven. Niet onbelangrijk in deze tijden van krapte op de onderwijsarbeidsmarkt. Scholen dienen continuïteit te waarborgen en moeten tevens onderwijsinhoudelijk en financieel goede resultaten laten zien. Een besturenfusie van De Goudse waarden en het Schoonhovens College garandeert deze kwaliteit en continuïteit op de lange termijn beter, dan ieder voor zich.

9

FER-plus DGW&SC

HOOFDSTUK 2 Communicatie over de fusie 2.1 Wijze waarop de medezeggenschap erbij is en wordt betrokken Momenteel hebben beide schoolbesturen een eigen medezeggenschapsstructuur. Bij De Goudse Waarden bestaat deze uit twee medezeggenschapsraden op de scholen (de scholengemeenschap en de school voor praktijkonderwijs hebben ieder een eigen brinnummer) en een overkoepelende GMR. Het Schoonhovens College heeft een MR.

Formele rol medezeggenschap De (G)MR van beide besturen heeft instemmingsrecht ten aanzien van een besluit tot besturenfusie c.q. bestuursoverdracht en de FER die ten behoeve daarvan wordt opgesteld op grond van artikel 10, lid 1, sub h Wet medezeggenschap op scholen (WMS). De (G)MR’s ontvangen het instemmingsverzoek van het eigen schoolbestuur.

De (G)MR’s zijn direct in het voorjaar van 2024 betrokken bij het proces van besturenfusie. Ook is aan de GMR van De Goudse Waarden en de MR van het Schoonhovens College hun zienswijze gevraagd voorafgaand aan de ondertekening van de intentieverklaring en zijn de verschillende medezeggenschapsorganen tijdens de onderzoeksfase op de hoogte gehouden van de voortgang van de werkzaamheden. Via periodieke communicatie zijn de (G)MR’s op de hoogte gehouden over de ontwikkelingen in de periode vanaf voorjaar 2024 tot aan het moment dat de FER ter besluitvorming is voorgelegd in mei 2025. Daarnaast zijn de (G)MR-leden uitgenodigd voor extra informatiemomenten met de bestuurder, voor informatiemomenten met het medewerkersteam en bij de ouderraadpleging, zodat de (G)MR-leden ook goed op de hoogte zijn van alle vragen en eventuele zorgen die bij medewerkers en ouders leven. We zijn dan ook van mening dat het proces de rest van dit kalenderjaar zorgvuldig kan verlopen met voldoende tijd voor de medezeggenschap om tot een afgewogen oordeelsvorming ter zake te komen en de tijd tot aan de fusiedatum te benutten voor het vormgeven van de medezeggenschapsstructuur na 1 januari 2026. Een medezeggenschapsstuurgroep (voorzitters MR en GMR en bestuurder DGW) is daartoe in maart 2025 met overleg gestart.

De stuurgroep is altijd bereid om met de (G)MR’s mochten zij daar behoefte aan hebben in overleg te treden en mogelijke vragen te beantwoorden of bij hen levende zorgen te bespreken.

2.2 Wijze waarop de toezichthouders erbij worden en zijn betrokken 10

FER-plus DGW&SC

De leden van de twee Raden van Toezicht zijn tijdig betrokken bij de voornemens van de besturen en daarna door de besturen op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen rondom de besturenfusie. Voor de start van de onderzoeksfase is met de RvT’s gesproken over inhoudelijke en procedurele uitgangspunten voor het voornemen om bestuurlijk te gaan fuseren. Na accordering van deze uitgangspunten door beide RvT’s zijn de bestuurders aan de slag gegaan met verdere uitwerking hiervan. De voorzitters van de RvT’s zijn bij de ouderraadpleging aanwezig geweest om te horen welke vragen en eventuele zorgen onder ouders leven. Met de leden van de beide RvT’s heeft onder leiding van een externe deskundige op 17 april een bijeenkomst plaatsgevonden waarin is ingegaan op de consequenties en mogelijkheden voor het opstellen van een gezamenlijke doelstelling/visie in de nieuwe statuten van het samenwerkingsbestuur. De beide Raden van Toezicht moeten het fusiebesluit en de FER goedkeuren en zijn als werkgever van het College van bestuur verantwoordelijk voor de vormgeving van de governancestructuur van de nieuwe schoolorganisatie. Hiertoe wordt na de zomervakantie van 2025 een Raad van Toezicht in oprichting geformeerd.

Formele rol Raden van Toezicht De Raden van Toezicht hebben als primaire verantwoordelijkheid om erop toe te zien of het gevoerde beleid goed is voor de organisatie, voor de regionale samenleving en voor de leerlingen waaraan dit dienend is. Vanuit dit perspectief dienen de betrokken Raden van Toezicht goedkeuring te geven aan het voorgenomen besluit, de FER en het definitieve besluit tot fusie.

2.3 Wijze waarop personeel, ouders en leerlingen worden betrokken Alle medewerkers van De Goudse Waarden en het Schoonhovens College zijn gedurende het gehele proces van besturenfusie periodiek via de reguliere informatievoorzieningen geïnformeerd over de intentie tot besturenfusie en de voortgang van het proces om te komen tot een bestuursoverdracht per 1 januari 2026. Beide bestuurders van de twee stichtingen hebben hun directies vooral via de eigen kanalen, zoals tijdens vergaderingen van het managementteam geïnformeerd. De ouders van beide scholengemeenschappen zijn periodiek geïnformeerd via de nieuwsbrieven van de school. Er heeft op 25 maart 2025 een ouderraadpleging ex artikel 15, lid 3 WMS plaatsgevonden. De leerlingen van beide scholengemeenschappen zijn niet apart geïnformeerd, anders dan dat hun ouders hen hierover kunnen hebben verteld.

2.4 Wijze waarop externe belanghebbenden zijn en worden betrokken De gemeenten Krimpenerwaard en Gouda zijn door de bestuurders op de hoogte gebracht van hun plannen en van het proces op hoofdlijnen om te komen tot een besturenfusie. De wethouders Onderwijs van beide gemeenten zijn vroegtijdig op de hoogte gesteld van de fusievoornemens. De Colleges van B&W van Krimpenerwaard en Gouda worden in juni 2025 formeel gevraagd om te adviseren over de voorgenomen besturenfusie. Het schriftelijk advies van beide gemeenten zal in hoofdstuk 7 van deze FER worden opgenomen.

11

FER-plus DGW&SC

Formele rol van de gemeente De Colleges van B&W van de gemeenten waar de betrokken scholen staan, dienen een advies te geven over de wenselijkheid van de voorgenomen besturenfusie. Dit advies is onderdeel van de FER. Daarnaast moet de gemeenteraad van Krimpenerwaard goedkeuring verlenen aan de bestuursoverdracht, omdat het Schoonhovens College een openbare school is op grond van het bepaalde in de artikelen 3.16 t/m 3.21 WVO 2020.

Collega-schoolbesturen, het samenwerkingsverband Midden Holland en Rijnstreek en andere samenwerkingspartners zijn door de bestuurders op de hoogte gesteld van het voornemen tot bestuursoverdracht. Daarnaast hebben beide besturen met talrijke dienstverleners formele overeenkomsten, waaronder uiteraard de accountant. Al deze betrokkenen worden na de formele besluitvorming schriftelijk geïnformeerd over de bestuurlijke fusie. In reguliere bestuurlijke overleggen zal, indien aan de orde/gewenst, de fusie nader worden toegelicht.

12

HOOFDSTUK 3

Gevolgen voor personeel, ouders en leerlingen - borging van de menselijke maat 3.1 Omvang en organisatie van de rechtspersoon na de fusie Kenmerken van de ‘nieuwe’ stichting zijn als volgt: Beide schoolorganisaties kennen nu de stichting als rechtspersoon. De stichting als rechtsvorm zal worden voortgezet na de datum van besturenfusie c.q. bestuursoverdracht. -

-

-

-

De functies van intern toezicht en uitvoerend bestuur zijn gescheiden in een twotiermodel, te weten een College van Bestuur en een Raad van Toezicht. De Raad van Toezicht concentreert zich op de toetsing van de kwaliteit van het bestuur en de besturing (als intern toezichthouder, werkgever en klankbord). Het College van Bestuur draagt zorg voor de kwaliteit van het onderwijs. Het eenhoofdige College van Bestuur geeft richting (strategie), ontwikkelt beleid (om strategie om te zetten in beleidskaders) en stuurt de schooldirecties aan. De directies zijn inhoudelijk betrokken bij de totstandkoming van de kaders. De staf ondersteunt de scholen in het realiseren van hun onderwijs en adviseert het management en het College van Bestuur over de respectievelijke deelterreinen van beleid. De komende jaren zal worden onderzocht in hoeverre het wenselijk is om tot één fysiek bestuurskantoor te komen of tot een verdeling van bestuurskantoormedewerkers over de locaties. De directies op de scholen zijn verantwoordelijk voor de onderwijskwaliteit en het welzijn van het personeel en de leerlingen op de eigen scholen. Daarnaast hebben ze een stichtingsbrede verantwoordelijkheid voor het doorvoeren en realiseren van de organisatiestrategie binnen de scholen. Ten slotte zijn ze verantwoordelijk dat de scholen hun bedrijfsvoering binnen de gestelde (jaarlijkse) kaders uitvoeren.

Zij behartigen de belangen van de gehele stichting én van de individuele scholen en leveren hiervoor een actieve bijdrage aan het kadervormende beleid.

De Raad van Toezicht van de ‘nieuwe’ stichting bestaat uit minimaal drie en maximaal zeven personen. Met beide (G)MR’s worden afspraken gemaakt over effectieve structuren voor wat betreft medezeggenschap na de fusiedatum. We spreken over nieuwe stichting tussen aanhalingstekens, omdat op dit moment (april 2025) nog niet duidelijk is of er een derde, nieuwe stichting wordt opgericht of dat een van de bestaande stichtingen wordt omgevormd tot samenwerkingsstichting.

13

3.2 Gevolgen van de fusie voor overzichtelijkheid op locatieniveau Op locatieniveau (i.e. op niveau van de scholengemeenschappen) treden geen structurele veranderingen op. Met de besturenfusie wordt ingezet op het waarborgen van het zelfstandig kunnen functioneren en de eigenheid en kwaliteit van het aanbod van de scholen. Het Schoonhovens College blijft een scholengemeenschap voor openbaar voortgezet onderwijs en De Goudse Waarden een scholengemeenschap voor christelijk voortgezet onderwijs. Er treedt geen wijziging op in de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de scholen voor personeel, leerlingen en ouders.

3.3 Gevolgen van de fusie voor betrokkenheid van personeel, leerlingen en ouders Voor het personeel, de ouders en leerlingen zijn er geen gevolgen als het gaat om de betrokkenheid. De huidige inspraakorganen blijven immers bestaan, zijnde de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden. Het personeel heeft inspraak in de eigen schoolontwikkeling en kan via de reguliere inspraakorganen (teamvergaderingen en vergaderingen van de MR) inspraak blijven houden in de koers en kwaliteit van de school. Dit geldt mutatis mutandis ook voor de ouders. Voor de medewerkers van de staf kan de fusie betekenen dat zij in de toekomst mogelijk voor één of meerdere dagen op een centrale locatie werkzaam zullen zijn, die niet de huidige werklocatie is. De komende jaren zal uitgezocht worden voor elke functiegroep in hoeverre dit wel of niet wenselijk is.

3.4 Gevolgen voor de voorzieningen Het aanbod en de bereikbaarheid van voorzieningen en faciliteiten in brede zin veranderen als gevolg van de fusie niet. De medewerkers van beide scholengemeenschappen zullen gaan profiteren van de gespecialiseerde ondersteuning van de beleidsmedewerkers van de staf op het terrein van personeel, financiën, kwaliteitszorg, ICT, PR & communicatie en huisvesting. Doel hiervan is om enerzijds een kwaliteitsverbetering te bewerkstelligen, anderzijds om de locatiedirecteuren te ontzorgen.

3.5 Gevolgen voor de arbeidsvoorwaarden en het personeelsbeleid Op het gebied van personeel zien wij geen wezenlijke belemmeringen om bestuurlijk te fuseren. Integendeel, door krachten te bundelen zien wij juist kansen en een effectieve meerwaarde. De ‘nieuwe’ stichting blijft een aantrekkelijke werkgever, werkgelegenheid wordt behouden, alle medewerkers kunnen zich ontwikkelen door expertise op te bouwen en kennis uit te wisselen. De professionaliteit zal toenemen. Ontwikkeling van talent staat centraal. Ook biedt de besturenfusie mogelijkheden voor doorstroom en carrièreperspectieven. Een belangrijk gevolg van de bestuursoverdracht is dat alle personeelsleden een benoeming bij de 14

‘nieuwe’ stichting krijgen, met behoud van hun huidige rechtspositie/arbeidsvoorwaarden. Wettelijk is gegarandeerd dat de personeelsleden die op de overdrachtsdatum bij De Goudse Waarden in dienst zijn voor onbepaalde tijd, op basis van de WVO 2020 mee overgaan met behoud van hun rechtspositie (salaris(perspectief), diensttijd en pensioenaanspraken). Een fusie is geen grond voor beëindiging van het dienstverband. Wel kan het moment van fusie samenvallen met de afloop van tijdelijke dienstverbanden. Wettelijk gezien betreft de fusie een ‘overgang van onderneming’ zoals beschreven in Boek 7 artikel 663 Burgerlijk Wetboek. Aangezien alle rechten en plichten mee overgaan is er dus geen sprake van een nieuw dienstverband, Alleen de naam van de werkgever wijzigt. Alle medewerkers van het overdragende bestuur ontvangen een nieuwe arbeidsovereenkomst met daarin dezelfde arbeidsvoorwaarden, maar dan vanuit naam van de ‘nieuwe’ stichting. Daarnaast bestaan er tussen de twee besturen verschillen op het gebied van personeelsbeleid, maar er zijn meer overeenkomsten dan verschillen. Deze heeft de stuurgroep op hoofdlijnen in kaart gebracht (zie bijlage). Op onderwerpen waar er verschillen zijn, zal een keuze moeten worden gemaakt. Dit gebeurt in het decentraal georganiseerd overleg (DGO) met de vakbonden.

Daar waar personeelsleden erop achteruit gaan in het nieuw afgesproken beleid worden individuele afspraken tussen werknemer en werkgever gemaakt.

15

HOOFDSTUK 4 Effecten van de fusie op keuzevrijheid, diversiteit, bereikbaarheid en kwaliteit 4.1 Effecten van de fusie op de keuzevrijheid De besturenfusie heeft geen gevolgen voor de keuzevrijheid voor ouders, immers beide scholengemeenschappen blijven bestaan en behouden ieder hun eigen levensbeschouwelijke identiteit. Ook de vrijheid in de keuze hoe invulling wordt gegeven aan de brede identiteit, de pedagogisch-didactische aanpak blijven op de scholen hetzelfde. Hiermee is er ook na de besturenfusie nog steeds een reële keuze voor ouders om passend bij de onderwijsbehoefte voor hun kind(eren) te kiezen voor een school van een bepaalde signatuur en onderwijsprofiel.

4.2 Effecten van de fusie op de diversiteit en identiteit Deze besturenfusie betekent dat divers en inclusief onderwijs, ontstaan vanuit de openbare identiteit in Schoonhoven en de christelijke identiteit in Gouda zo duurzaam mogelijk wordt behouden. Hiermee wordt ook voor de lange termijn voorzien in kwalitatief goed voortgezet onderwijs, dat voorziet in een duidelijke behoefte en voor alle leerlingen toegankelijk is

4.3 Effecten van de fusie op de spreiding van onderwijsvoorzieningen in de regio De besturenfusie heeft geen gevolgen voor de spreiding, de bereikbaarheid en daarmee de toegankelijkheid van onderwijsvoorzieningen. Het huidige scholenbestand blijft immers gehandhaafd.

4.4 Effecten van de fusie op onderwijs en kwaliteit Een gevolg van de besturenfusie is dat beide scholengemeenschappen gaan samenwerken en dat men van elkaar gaat leren. De verwachting is dat dit ten goede komt aan de kwaliteit van het onderwijs op beide scholen en dat ‘the best of both worlds’ hun intrede doen op de scholen in Schoonhoven en in Gouda. Kwaliteitsbeleid en onderwijsopbrengsten. Door uitwisseling tussen de secties van beide scholen, kunnen met name kleinere secties beter werken aan kwaliteitsbehoud en -ontwikkeling, zeker in het geval van een tekort aan docenten. Samenwerkingsverband / inclusief onderwijs. Beide scholen zijn onderdeel van hetzelfde samenwerkingsverband. Doordat beide scholen op andere wijze actief zijn in inclusief onderwijs (bijvoorbeeld de Leerroute Plus op SC en het Praktijkonderwijs op DGW) kunnen beide scholen profiteren van deze fusie. 16

Risico’s en kansen. Beide scholen kennen risico’s voor de langere termijn. De Krimpenerwaard is voorlopig nog een zogenoemd ‘krimpgebied’ waar het VO-leerlingen betreft. In Gouda is een aanvraag gedaan voor een extra (Islamitische) VO-school in een al sterk concurrerende omgeving. Door de besturenfusie wordt de samenwerking eenvoudiger en loopt het brede onderwijs- en profielenaanbod bij een eventuele daling in leerlingenaantal minder snel gevaar. Daarmee wordt de aanwezigheid van toegankelijk voortgezet onderwijs voor alle leerlingen in zowel de Krimpenerwaard als Gouda beter geborgd. Vanuit het perspectief van onderwijs en kwaliteit biedt de besturenfusie duidelijke kansen: versterking van de onderwijskundige samenwerking tussen scholen, uitwisseling van expertise en leermiddelen, versterking van kleine vaksecties, gezamenlijke professionaliseringstrajecten en bovenschoolse ondersteuning op het gebied van beleid, personeel en kwaliteitszorg.

17

HOOFDSTUK 5 Kosten en baten van de fusie 5.1 Financiële kosten en baten

De beide bij de besturenfusie betrokken stichtingen zijn financieel gezonde organisaties. Uit de kengetallen komt naar voren dat verwacht mag worden dat beide organisaties, zowel op korte als middellange termijn, voldoende middelen hebben om aan de financiële verplichtingen te voldoen. Er zijn voldoende liquide middelen aanwezig en er is voldoende vermogen om eventuele calamiteiten en risico’s financieel op te vangen, zonder dat de continuïteit in gevaar komt. De jaarverslagen van beide stichtingen over 2023 en concept-jaarverslagen over 2024 bevestigen dit beeld. Het gezamenlijk vermogen van de twee stichtingen biedt na de besturenfusie een voldoende grote buffer om risico’s af te dekken en benodigde investeringen te doen. De werkgroep benoemt ook zorgen en risico’s. De beide organisaties zijn op diverse onderdelen verschillend ingericht Dit betekent dat het afstemmen of gelijktrekken van administratieve processen, regelingen, organisatieonderdelen of procedures veel werk en tijd betekent. De in de matrix van de werkgroep genoemde zorgen met betrekking tot de vestigingsbekostiging zijn niet van toepassing. Bij de beoogde bestuurlijke fusie gaan namelijk geen BRIN-nummers verloren. Ook kunnen veel genoemde zaken die afgestemd moeten worden – anders dan in de matrix staat – ook geregeld worden in de jaren na de fusiedatum.

Met betrekking tot financiën & huisvesting hoeven voorafgaand aan de fusie uitsluitend een getekende DGO-verklaring, een gezamenlijk functiehuis (inclusief was-wordt-lijst), afspraken omtrent secundaire/tertiaire arbeidsvoorwaarden en een gezamenlijke accountant geregeld te worden. Voor de volledige rapportage van de werkgroep Financiën & Huisvesting verwijzen we naar bijlage 1

18

In de volgende paragrafen van dit hoofdstuk wordt ingegaan op de niet-financiële baten en lasten van de gefuseerde stichting.

5.2 Onderwijs & Kwaliteit

De werkgroep Onderwijs & Kwaliteit heeft verschillende aspecten in kaart gebracht om een volledig beeld te krijgen van de overeenkomsten en verschillen tussen de beide schoolorganisaties op het gebied van onderwijs en kwaliteit. De belangrijkste elementen die zijn onderzocht, omvatten de visie op onderwijs, het pedagogisch klimaat, de didactische aanpak, de zorgstructuur, de kwaliteitszorg en -cultuur, de mate van autonomie van de scholen, en de wijze van betrekken van ouders. Voor elk van deze elementen zijn de bevindingen gedetailleerd beschreven om inzicht te geven in de huidige situatie en mogelijke verbeterpunten. Uit het rapport komen de volgende zaken naar voren: • Beide organisaties delen een focus op goed onderwijs, goede kwaliteitszorg, een positief pedagogische klimaat en de inzet voor continue verbetering. De kernwaarden van beide scholen komen voldoende overeen. • In de uitwerking hiervan m.b.t. lesmethoden en pedagogische aanpak zijn er verschillen, net zoals die er soms zijn tussen locaties van één school. • Op gebied van leerling-ondersteuning kunnen de beide scholen elkaar versterken. • Beide scholen proberen cyclisch te werken aan kwaliteitsverbetering. • Beide scholen kennen een eigenheid. De werkgroep adviseert die te respecteren. • Beide scholen hechten aan het belang van het betrekken van ouders, maar gebruiken hier nu verschillende systemen voor.

Tenslotte geeft de werkgroep nog verschillende adviezen en kansen mee aan de stuurgroep. De werkgroep ziet verder geen onoverkomelijke belemmeringen voor een bestuurlijke fusie en ziet kansen om te profiteren van elkaars sterke punten, mits de scholen hun eigenheid en unieke kenmerken kunnen behouden. Voor de volledige rapportage van de werkgroep Onderwijs & Kwaliteit verwijzen we naar bijlage 2.

5.3 Personeelsbeleid en arbeidsvoorwaarden

De werkgroep Personeel & Organisatie heeft de beschikbare documenten op het terrein van HRM, zoals benoemingsbeleid, taakbeleid, gesprekkencyclus etc. vergeleken en in een matrix ingevuld. Uit dit onderzoek komt het volgende naar voren: Er zullen verschillende zaken op elkaar afgestemd moeten worden, soms vóór maar meestal na de fusiedatum. Denk hierbij aan bijvoorbeeld de salarisverwerking Sommige zaken kunnen op elkaar afgestemd worden, maar kunnen (voorlopig) ook nog per school geregeld worden, zoals bijvoorbeeld het taakbeleid, contracten met externen en de gesprekscyclus. De werkgroep adviseert snel duidelijkheid te geven over de eventuele effecten van de fusie op de werkplek van medewerkers of het mobiliteitsbeleid. Zie hierover paragraaf 3.3. Verder is er een aanzet tot één functiehuis gemaakt, is er een was-wordt opgesteld en zijn de secundaire arbeidsvoorwaarden van beide organisaties met elkaar vergeleken. Dit zijn allemaal 19

onderwerpen die aan de orde komen in het decentraal georganiseerd overleg (DGO) met de vakbonden. Dit zal medio juni plaatsvinden. Een belangrijk gevolg van de bestuursoverdracht is dat de bestaande aanstelling van alle personeelsleden wordt voortgezet, met behoud van rechten. Zij krijgen een benoeming bij de ‘nieuwe’ stichting met behoud van hun huidige rechtspositie/arbeidsvoorwaarden (salaris(uitzicht), betrekkingsomvang en aard van het dienstverband). Wettelijk is gegarandeerd dat de personeelsleden die op de overdrachtsdatum in dienst zijn voor onbepaalde tijd, op basis van artikel 3.21 van de Wet op het voortgezet onderwijs 2020 mee overgaan met behoud van hun rechtspositie (salaris(perspectief), diensttijd en pensioenaanspraken). Een fusie is geen grond voor beëindiging van het dienstverband. Wel kan het moment van fusie samenvallen met de afloop van tijdelijke dienstverbanden. Wettelijk gezien betreft de fusie een ‘overgang van onderneming’. Aangezien alle rechten en plichten mee overgaan is er dus geen sprake van een nieuw dienstverband. Alleen de naam van de werkgever wijzigt. Juridisch gezien hoeft hier geen nieuwe arbeidsovereenkomst voor in de plaats te komen. Een brief om de werknemers te informeren over hun nieuwe werkgever is voldoende.

De oude arbeidsovereenkomst, met alle rechten en plichten behorende bij het dienstverband, wordt overgenomen door de nieuwe werkgever. Een brief aan het personeel volstaat dus. In geval van toekomstige wijziging van het bestaande dienstverband krijgt een medewerker uiteraard wel een nieuwe arbeidsovereenkomst. Zoals eerder aangegeven, is de besturenfusie geen reden voor ontslag. Wanneer er in de toekomst onverhoopt toch sprake is van afvloeiing van personeel zal het afspiegelingsbeginsel van alle uitwisselbare functies binnen de onderneming het uitgangspunt zijn. (Hierbij gelden de uitvoeringsregels van het UWV) Daarbij geldt de ‘nieuwe’ stichting als onderneming. Voor de volledige rapportage van de werkgroep Personeel & Organisatie verwijzen we naar bijlage 3.

5.4 Cultuur & Identiteit

De werkgroep Cultuur & Identiteit heeft de beschikbare informatie op het terrein van cultuur en identiteit, zoals waarden, normen, levensbeschouwelijke identiteit van beide organisaties met elkaar vergeleken en in een matrix ingevuld. Daarnaast hebben zij een notitie geschreven over het bestuurlijk onder een dak brengen van openbaar en christelijk voortgezet onderwijs. Naar aanleiding van de verschillen tussen de matrix en de notitie heeft er vanuit de stuurgroep nog een aanvullend gesprek plaatsgevonden met enkele leden van de werkgroep, waarin de werkgroepleden een en ander hebben toegelicht. Er zijn veel overeenkomsten in cultuur en sfeer tussen beide organisaties. Volgens de werkgroep vertonen de vmbo- en lyceumlocaties van Schoonhoven en Gouda onderling meer gelijkenis dan het vmbo en lyceum binnen één en dezelfde scholengemeenschap. Er zijn echter ook duidelijke verschillen. Die zijn niet altijd goed aanwijsbaar of benoembaar, maar spelen een belangrijke rol en zitten vooral in de geschiedenis en wortels van de school (een protestants-christelijke achtergrond dan wel een openbare geschiedenis), in de aandacht voor religie op beide scholen (niet alleen in activiteiten op de scholen, maar ook in de mate waarin medewerkers met elkaar over hun geloof praten of zich in hun werk gevoed weten vanuit hun 20

geloofsovertuiging) en in de wijze waarop beide scholen zich profileren richting ouders en leerlingen (kleinschaligheid en sfeer dan wel een nadrukkelijk christelijke school). Beide scholen profileren zich nadrukkelijk als scholen waar álle leerlingen welkom zijn; ongeacht religie, achtergrond, basisschooladvies, (seksuele) identiteit enz. enz. Beide scholen kennen verschillende rituelen en tradities, hechten aan verbondenheid binnen het medewerkersteam en tussen de leerlingen, hechten aan eigenaarschap/autonomie bij leerlingen en medewerkers en werken actief aan tevredenheid bij leerlingen en medewerkers. Tenslotte benadrukt de werkgroep het belang om – als er een bestuurlijke fusie zou plaatsvinden of zoals de werkgroep zelf oppert een personele unie - de verschillende identiteiten van beide scholen nu en in de toekomst expliciet verschillend te houden. Juist door de eigenheid van beide scholen hierin te behouden, blijven dit ook twee unieke scholen, met een eigen doelgroep en profiel. Voor de volledige rapportage van de werkgroep Cultuur & Identiteit verwijzen we naar bijlage 4, waarin zowel de matrix als de notitie in zijn weergegeven.

5.5 Algehele conclusie

Net zoals de werkgroepen ziet de stuurgroep veel overeenkomsten, maar ook duidelijke verschillen tussen de twee organisaties. Er zijn veel kansen en mogelijkheden, maar daarnaast ook duidelijke risico’s, waarbij twee zaken duidelijk naar voren komen als een rode draad door alle rapportages heen: 1. Zorg dat beide scholen hun eigenheid kunnen behouden, waarbij m.n. de levensbeschouwelijke identiteit (christelijk versus openbaar) voorop staat. 2. De bestuurlijke fusie gaat veel werk opleveren. Neem waar mogelijk de tijd om zaken pas na de beoogde fusiedatum van 1 januari 2026 te regelen, zodat al het daarvoor benodigde werk behapbaar is voor de betrokken medewerkers en hen de kans biedt de afstemming tussen beide organisaties zorgvuldig te regelen. De stuurgroep wil deze aanbevelingen ter harte nemen en als dringend advies aan het nieuwe College van Bestuur en Raad van Toezicht meegeven. Verder is de stuurgroep van mening dat als aan deze voorwaarden voldaan wordt, de beoogde besturenfusie voor beide scholengemeenschappen meer kansen dan belemmeringen oplevert, omdat de overige risico’s niet opwegen tegen de in paragraaf 1.3 genoemde motieven voor de fusie.

21

HOOFDSTUK 6

Evaluatie van de fusie

De vorming van één bestuur voor beide scholengemeenschappen, via bestuursoverdracht of oprichting van een nieuwe stichting, vraagt om zorgvuldige monitoring en evaluatie. De overgang naar een nieuwe bestuurlijke en organisatorische inrichting betekent voor het College van Bestuur, de Raad van Toezicht, de medezeggenschapsraad een nieuwe fase met andere rollen, structuren en werkwijzen. Dit vergt aanpassingsvermogen, samenwerking en tijd om te wennen aan de nieuwe situatie. Het is daarom belangrijk om op een vast moment te evalueren in hoeverre de fusie in de praktijk functioneert zoals beoogd. De stuurgroep stelt voor om een eerste evaluatie te laten plaatsvinden één jaar na de fusiedatum, in het eerste kwartaal van 2027. Daarbij kan worden gekeken naar onder meer het functioneren van de governance, de kwaliteit van samenwerking, de borging van de eigenheid van beide scholen en de doorwerking op beleid en bedrijfsvoering. Het College van Bestuur en de Raad van Toezicht kunnen besluiten om op basis van deze eerste evaluatie vervolgmetingen in te plannen. De inhoudelijke criteria en aandachtspunten voor de evaluatie worden op een later moment vastgesteld.

22

HOOFDSTUK 7 Advies gemeente

Conform de wettelijke vereisten zijn de gemeenten Gouda en Krimpenerwaard tijdig geïnformeerd over het voornemen tot bestuursoverdracht. Na een mondelinge toelichting is het voorgenomen besluit per brief toegelicht. In lijn met artikel 64, tweede lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs 2020 is de Colleges van burgemeester en wethouders van beide gemeenten om advies gevraagd over de wenselijkheid van de voorgenomen besturenfusie. Beide gemeenten hebben een positief advies uitgebracht. De brieven zijn respectievelijk gedateerd op [datum brief gemeente Gouda] en [datum brief gemeente Krimpenerwaard], en zijn opgenomen in bijlage……..

23

HOOFDSTUK 8

Instemming medezeggenschapsorganen Op grond van artikel 10, eerste lid, onder h van de Wet medezeggenschap op scholen (WMS) is instemming vereist van de medezeggenschapsorganen bij een voorgenomen besluit tot bestuursoverdracht. De medezeggenschapsraad van het Schoonhovens College en de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van De Goudse Waarden hebben schriftelijk ingestemd met de voorgenomen besturenfusie. De brieven van instemming zijn respectievelijk gedateerd op [datum MR SC] en [datum GMR DGW], en zijn opgenomen in bijlage….

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=71d60965-2820-4d1a-9cae-b496d605a3ed