CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

2 - Brief provincie Zuid-Holland inzake 'Besluit tot indeplaatsstelling huisvesting statushouders' (gepubliceerd op 24 maart)

Raadsvergadering 23 april 2026, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Debat over besluit provincie inzake indeplaatsstelling gemeente Krimpenerwaard omtrent huisvestingstaak statushouders2.193 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gedeputeerde Staten

Gemeenteraad van de gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB STOLWIJK

Contact mw. E.M. Kremer T 06 - 48436990 em.kremer@pzh.nl Provinciehuis Postbus 90602 2509 LP Den Haag T 070 - 441 66 11 www.zuid-holland.nl/contact Datum Zie verzenddatum linksonder Ons kenmerk PZH-2026-888108621 DOS-2026-0000318 Uw kenmerk Bijlagen 1

Onderwerp Afschrift besluit tot indeplaatsstelling huisvesting vergunninghouders Geachte gemeenteraad, Hierbij ontvangt u onze brief aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard inzake het besluit tot indeplaatsstelling voor de huisvesting van vergunninghouders. Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, secretaris,

voorzitter,

drs. M.J.A. van Bijnen MBA

Mr. A.W. Kolff

Wij verzoeken u in uw correspondentie altijd het DOS-nummer (DOS-2026-0000318) te vermelden. Meer informatie www.zuid-holland.nl/contact

Bijlagen

Brief aan college besluit tot indeplaatsstelling huisvesting vergunninghouders

Gedeputeerde Staten

Contact mw. E.M. Kremer T 06 - 48436990 em.kremer@pzh.nl

Burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB STOLWIJK

Provinciehuis Postbus 90602 2509 LP Den Haag T 070 - 441 66 11 www.zuid-holland.nl/contact Datum Zie verzenddatum linksonder Ons kenmerk PZH-2026-888103427 DOS-2026-0000318 Uw kenmerk Bijlagen 1

Onderwerp Huisvestingswet: huisvesting vergunninghouders Beoordeling 1 januari 2026 Geacht college, Het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Zuid-Holland heeft besloten tot indeplaatsstelling op grond van artikel 124 van de Gemeentewet bij de uitvoering van de wettelijke taakstelling op grond van artikel 28 jo. 29 van de Huisvestingswet 2014 voor de huisvesting van vergunninghouders. Met deze brief informeren wij u over dit besluit en de daaraan ten grondslag liggende overwegingen. Indeplaatsstelling is een ingrijpende stap. Gedeputeerde Staten zijn evenwel van oordeel dat gedurende het voorgaande traject voldoende terughoudendheid is betracht bij de uitoefening van het toezicht. Deze inspanningen hebben niet geleid tot het alsnog realiseren van de taakstelling, en op dit moment ontbreken voldoende aanknopingspunten dat dit binnen afzienbare termijn zal wijzigen. Indeplaatsstelling is daarom het aangewezen en noodzakelijke interventie-instrument om de realisatie van de gemeentelijke taakstelling te waarborgen. Het doel blijft om u zo goed mogelijk te ondersteunen bij het behalen van de door het ministerie van Asiel en Migratie op de grond van artikel 29 van de Huisvestingswet 2014 vastgestelde taakstellingen.

Gelet op de omvang en duur van de achterstand zijn Gedeputeerde Staten gehouden om met dit besluit te voorzien in een zorgvuldige borging van de tijdige en volledige uitvoering van deze taak. Wij blijven streven naar een constructieve dialoog en samenwerking aan oplossingen die recht doen aan zowel de wettelijke verplichtingen als de specifieke situatie van uw gemeente. Wettelijk kader en bevoegdheid tot indeplaatsstelling Op grond van artikel 124, eerste lid, van de Gemeentewet oefent de provincie toezicht uit op de realisering van de gemeentelijke taakstelling met betrekking tot de huisvesting van vergunninghouders. Deze taakstelling wordt halfjaarlijks vastgesteld door het ministerie van Asiel en Migratie.

Ons kenmerk PZH-2026-888103427 DOS-2026-0000318 Het toezicht is nader uitgewerkt in het Uitvoeringsprogramma generiek interbestuurlijk toezicht 2024 en het Aanvullend beleidskader huisvesting vergunninghouders 2020. Bij achterstanden hanteert de provincie de Interventieladder indeplaatsstelling bij taakverwaarlozing. Uw gemeente wordt met dit besluit geplaatst op trede 5. Indien binnen de gestelde termijn niet alsnog aan de wettelijke taakstelling wordt voldaan, volgt bij trede 6 de feitelijke uitvoering van de indeplaatsstelling.’ Deze juridische interventie is voorafgegaan door een ambtelijk en bestuurlijk traject, waarin de gemeente eerst zelf in de gelegenheid is gesteld om alsnog aan haar verplichtingen te voldoen. Onder het kopje ‘Verantwoording van het toezicht- en escalatietraject’ wordt nader ingegaan op dit verloop. Wettelijke verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders Op grond van artikel 28 van de Huisvestingswet 2014 dragen burgemeester en wethouders zorg voor de huisvesting van vergunninghouders overeenkomstig de voor de gemeente geldende taakstelling. Indien deze taak niet (volledig) wordt uitgevoerd, kunnen Gedeputeerde Staten overgaan tot indeplaatsstelling. Dit houdt in dat Gedeputeerde Staten de noodzakelijke maatregelen treffen om de taakstelling te realiseren, op kosten van de gemeente.

Tekortschietende uitvoering van de huisvestingstaak Gedeputeerde Staten constateren dat uw gemeente sinds 1 januari 2023 niet (volledig) voldoet aan de wettelijke taakstelling voor de huisvesting van vergunninghouders. Per 1 januari 2026 bedraagt de achterstand 46 te plaatsen vergunninghouders. Deze achterstand is nagenoeg gelijk aan de taakstelling voor de eerste helft van 2026, die 48 bedraagt. Wel zien wij dat de afgelopen periode een stijging zichtbaar is in het aantal gerealiseerde plaatsingen. Het maatschappelijk resultaat dat met deze wettelijke taak wordt beoogd, is dat vergunninghouders binnen een redelijke termijn passende huisvesting verkrijgen. Het uitblijven daarvan leidt tot knelpunten in de opvangketen en raakt het functioneren van het asiel- en huisvestingsstelsel als geheel. Daarnaast heeft uitstel van huisvesting een directe negatieve impact op het leven en de integratie van vergunninghouders. Te realiseren resultaat en herstel van de taakuitvoering Van uw gemeente wordt verwacht dat zij de volledige achterstand inloopt en aansluitend structureel voldoet aan de halfjaarlijks vastgestelde taakstellingen. Dit besluit betreft de achterstand zoals vastgesteld per 1 januari 2026 (46). Indien de volledige taakstelling, inclusief de achterstand, alsnog vóór 1 april 2027 is ingelopen, vervalt het besluit tot indeplaatsstelling.

De achterstand kan pas worden ingehaald nadat eerst aan de reguliere taakstelling is voldaan. Gelet op de gestelde termijn tot 1 april 2027 betekent dit dat op dat moment volledig moet zijn voldaan aan de taakstelling over 2026, dat ten minste 50% van de taakstelling over de eerste helft van 2027 moet zijn gerealiseerd en dat de opgelopen achterstand is gehuisvest.

2/7

Ons kenmerk PZH-2026-888103427 DOS-2026-0000318

Verantwoording van het toezicht- en escalatietraject Uw gemeente loopt sinds 1 januari 2023 achter op haar taakstelling en is daarom per 1 juli 2025 geplaatst op trede 4 van de bestuurlijke interventieladder. Sinds 2024 zijn ambtelijk toezichtgesprekken gevoerd met de gemeente, het COA en woningcorporaties, gericht op het versnellen van de huisvesting en het wegnemen van knelpunten. In 2025 en 2026 hebben meerdere bestuurlijke gesprekken plaatsgevonden waarin is beoordeeld of voldoende grond bestond om af te zien van verdere escalatie. Gedeputeerde Staten erkennen dat uw gemeente extra inspanningen heeft geleverd en dat dit heeft geleid tot een toename van het aantal plaatsingen. Deze inzet wordt gewaardeerd. Tegelijkertijd moet worden vastgesteld dat uw gemeente geen huisvestingsplan voor vergunninghouders heeft aangeleverd. Gelet hierop zien Gedeputeerde Staten geen aanleiding om bestuurlijke coulance toe te passen of af te zien van plaatsing op trede 5. Termijn voor zelfstandig herstel van de taakuitvoering Hoewel u met dit besluit op trede 5 wordt geplaatst, blijft het uitgangspunt dat de gemeente primair zelf verantwoordelijk is voor de uitvoering van de wettelijke taak. Tot 1 april 2027 bestaat de mogelijkheid om alsnog zelfstandig volledige uitvoering te geven aan de taakstelling.

Deze termijn is verlengd, omdat gedurende de hersteltermijn sprake is van een wisseling van het bestuur als gevolg van de verkiezingen. Om een nieuw college in redelijkheid de gelegenheid te bieden de taakstelling alsnog in te lopen, wordt een extra kwartaal geboden om de volledige opgave te realiseren. Indien uw gemeente binnen deze termijn overtuigend aantoont dat zij door middel van concrete, uitvoerbare en verifieerbare maatregelen de volledige achterstand tijdig inloopt, waarbij als eerder vernoemd geldt dat daarvoor eerst aan de reguliere taakstelling(en) dient te zijn voldaan, zal dit worden betrokken bij de verdere opvolging van dit besluit. Indien uw gemeente niet binnen de geboden termijn aantoont dat zij door middel van concrete, uitvoerbare en verifieerbare maatregelen de volledige achterstand tijdig inloopt, waarbij als gezegd geldt dat daarvoor eerst aan de reguliere taakstelling(en) dient te zijn voldaan, zal per 1 april 2027 worden overgegaan tot trede 6 en (daarmee) feitelijke uitvoering van de indeplaatsstelling. Op grond van de Gemeentewet zijn wij in dat geval gemachtigd om alle nodige maatregelen te nemen die ten doel hebben de desbetreffende taakstelling (alsnog) te verwezenlijken.

Financiële gevolgen van indeplaatsstelling Indien wordt overgegaan tot feitelijke uitvoering van de indeplaatsstelling, zullen de kosten die samenhangen met het treffen van de vereiste maatregelen volledig ten laste worden gebracht van uw gemeente. Dit betreft onder meer de kosten die de provincie maakt voor het organiseren en realiseren van huisvesting voor vergunninghouders, waaronder begrepen – maar niet beperkt tot – personele inzet, inhuur van derden, juridische ondersteuning, administratieve uitvoering en eventuele overige uitvoeringskosten die redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor het behalen van de taakstelling. 3/7

Ons kenmerk PZH-2026-888103427 DOS-2026-0000318

De provincie zal deze kosten zoveel mogelijk specificeren en, indien aan de orde, bij uw gemeente in rekening brengen. Het feit dat kosten ten laste van de gemeente worden gebracht, laat de eigen verantwoordelijkheid van uw gemeente voor het realiseren van de wettelijke taak onverlet. In het geval over wordt gegaan tot feitelijke indeplaatsstelling (trede 6) zal de provincie uw gemeente regelmatig informeren over de voortgang van de uitvoering van het indeplaatsstellingsbesluit. In dat verband zal de provincie uw gemeente onder meer tijdig op de hoogte stellen van belangrijke ontwikkelingen, waaronder keuzes ten aanzien van huisvestingslocaties en de samenwerking met de woningcorporatie(s) en andere samenwerkingspartners. Besluit Conform artikel 124 van de Gemeentewet jo. artikel 28 en 29 van de Huisvestingswet 2014 besluiten wij tot indeplaatsstelling van uw college met betrekking tot de resterende taakstelling per 1 januari 2026 voor de huisvesting van 46 vergunninghouders. Daarbij geldt als gezegd dat pas aan voornoemde taakstelling kan worden voldaan nadat eerst aan de reguliere taakstelling is voldaan.

Openbaarmaking en informatievoorziening aan bestuursorganen Conform artikel 124, vierde lid, van de Gemeentewet maken wij ons besluit tot indeplaatsstelling aan uw gemeenteraad kenbaar door een afschrift daarvan aan uw gemeenteraad te zenden en doen wij mededeling van ons besluit tot indeplaatsstelling in het gemeenteblad. In verband met onze proactieve informatieplicht zullen wij ook de leden van Provinciale Staten informeren over het besluit tot indeplaatsstelling. Uitvoering van het besluit tot indeplaatsstelling Het besluit tot indeplaatsstelling wordt geformuleerd als een last. Dit betekent dat Gedeputeerde Staten, indien de vereiste maatregelen niet binnen de gestelde termijn door uw gemeente worden genomen, deze maatregelen zelf zal treffen, op kosten van uw gemeente. Een en ander zoals hiervoor toegelicht. Tot slot Wij vertrouwen erop dat uw college de ernst van deze stap onderkent en zich met volledige inzet zal richten op het realiseren van de wettelijke taakstelling en het inlopen van de achterstand.

4/7

Ons kenmerk PZH-2026-888103427 DOS-2026-0000318

Ons doel blijft om feitelijke uitvoering van indeplaatsstelling te voorkomen. Dat vergt aantoonbare en tijdige resultaten. In dat kader zullen wij u rond juli 2026 uitnodigen voor een bestuurlijk overleg om de voortgang van de huisvesting te bespreken en te bezien in hoeverre wij u daarbij, binnen onze rol als toezichthouder, kunnen ondersteunen. Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, secretaris,

voorzitter,

drs. M.J.A. van Bijnen MBA

mr. A.W. Kolff

Wij verzoeken u in uw correspondentie altijd het DOS-nummer (DOS-2026-0000318) te vermelden. Meer informatie www.zuid-holland.nl/contact

Bijlagen  Rechtsmiddelen, Beroep en voorlopige voorziening  Stand van Zaken Afschrift aan  Gemeenteraad van Krimpenerwaard

5/7

Ons kenmerk PZH-2026-888103427 DOS-2026-0000318

Bijlage 1: Rechtsmiddelen, Beroep en voorlopige voorziening Tegen dit besluit tot indeplaatsstelling kan door uw gemeente beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. De beroepstermijn vangt aan op de dag na bekendmaking van dit besluit en bedraagt zes weken. Aan het instellen van beroep zijn kosten verbonden in de vorm van griffierecht. Het instellen van beroep heeft geen schorsende werking ten aanzien van dit besluit. Indien onverwijlde spoed dit vereist, kan naast het instellen van beroep een verzoek om een voorlopige voorziening worden ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Aan het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening zijn eveneens kosten verbonden in de vorm van griffierecht.

6/7

Ons kenmerk PZH-2026-888103427 DOS-2026-0000318 Bijlage 2: Stand van Zaken De gemeente Krimpenerwaard heeft sinds 1 juli 2023 een achterstand op de taakstelling huisvesting vergunninghouders. Op 1 januari 2026 zouden 109 (taakstelling 2025-II + achterstand = 42 + 67) vergunninghouders gehuisvest moeten zijn, echter heeft de gemeente 63 vergunninghouders gehuisvest. Een volledig overzicht van het verloop is hieronder te zien: Type cijfers per jaar

Cijfers

Plaatsing op de interventieladder

Voorsprong op 1 januari 2023

2 Trede 0 ‘Taakstelling gerealiseerd’

Taakstelling 2023-I

69

Taakstelling 2023-I incl. achterstand

67

% behaald per 1 april 2023

37% Trede 1 ‘Signaleren’

Achterstand op 1 juli 2023

14 Trede 2A 'Informatie opvragen en beoordelen'

Taakstelling 2023-II

57

Taakstelling 2023-II incl. achterstand

71

Achterstand op 1 januari 2024

39 Trede 2A 'Informatie opvragen en beoordelen'

Taakstelling 2024-I

61

Taakstelling 2024-I incl. achterstand

100

Achterstand op 1 juli 2024

46 Trede 2B 'Ambtelijk afspraken maken met termijn'

Taakstelling 2024-II

55

Taakstelling 2024-II incl. achterstand

101

Achterstand op 1 januari 2025

66 Trede 3 'Bestuurlijk afspraken maken met termijn'

Taakstelling 2025-I

48

Taakstelling 2025-I incl. achterstand

114

Achterstand op 1 juli 2025

67 Trede 4 ‘Vooraankondiging juridische indeplaatsstelling’

Taakstelling 2025-II

42

Taakstelling 2025-II incl. achterstand

109

Achterstand op 1 januari 2026

46 Trede 5 ‘Besluit tot indeplaatsstelling’

Taakstelling 2026-I

48

Taakstelling 2026-I incl. achterstand

94

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=95154316-7e08-4a4c-9867-d87458826f7c