2.7 Raad van State, Horecabeleid Buitengebied gemeente Krimpenerwaard.pdf
Tekst van het document
Raad
vanState INOTKOMEN
A fdelii] g bescuu rsreci i cspra a k
Pagina 1 van 1
KRIMPENERWAARD
2 3 MRT 2012 n.ca
Raad van de gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB STOLWIJK
Datum
Ons numnier
22 maart 2022
202102433/2/R3
Uw kenmerk
[nlichtingen
Onderwerp
Mw. F. Sardar
Krimpenerwaard Horecabeleid Buitengebied gemeente Krimpenerwaard 2020
Procedure
Beroep
Geachte heer/mevrouw, In bovengenoemde procedure heeft de Afdeling uitspraak gedaan. De procedure is daarmee beeindigd. Een kopie van deze uitspraak treft u hierbij aan. Aangezien dit bericht geautomatiseerd is aangemaakt, is dit niet ondertekend. Hoogachtend, de griffier
.vS'I3A99{(':A0)
Postbus 20019 - 2500 EA Den Haag -T 070 426 44 26 - F 070 365 13 80 - www.raadvanstate.nl Bij correspondentie de datum en het nummer van deze brief vermelden
Raad
vanState 202102433/2/R3. Datum uitspraak: 22 maart 2022
AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak na vereenvoudigde behandeling (artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) in het geding tussen: , gevestigd te
, gemeente Krimpenerwaard,
appellant. en de raad van de gemeente Krimpenerwaard, verweerder.
202102433/2/R3
2
22 maart 2022
Procesverloop heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 1 5 december 2020 van de raad, inhoudende de vaststelling van het Horecabeleid Buitengebied Krimpenerwaard 2020 (hierna: het Horecabeleid). De raad heeft een verweerschrift ingediend. Overwegingen Toepasselijk recht 1. Artikel 1:3, vierde lid, van de Awb luidt: "Onder beleidsregel wordt verstaan: Een bij besluit vastgestelde algemene regel, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift, omtrent de afweging van belangen, de vaststelling van feiten of de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid van een bestuursorgaan". Artikel 8:3, eerste lid, luidt: "Geen beroep kan worden ingesteld tegen een besluit: a. inhoudende een algemeen verbindend voorschrift of een beleidsregel
Beroep tegen het Horecabeleid mogelijk? 2. In het Horecabeleid staat onder het kopje "Afbakening toepassingsbereik" dat de beleidsregel primair bedoeld is om de ruimtelijke inpassing van (nieuwe) horeca-initiatieven van een passend kader te voorzien. Of een horecabedrijf of -functie gevestigd kan worden op een locatie worden bepaald door de planologische mogelijkheden (het bestemmingsplan). De beleidsregel biedt hiervoor geen grondslag; de beleidsregel geeft alleen antwoord op de vraag in hoeverre er kan worden meegewerkt met een nieuw initiatief, dan wel in hoeverre een horecabedrijfof functie kan worden uitgebreid. Anders dan in zijn beroepschrift betoogt, is het Horecabeleid niet aan te merken als bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening. Het Horecabeleid betreft een beleidsregel als bedoeld in artikel 1:3, vierde lid, van de Awb. Gelet op artikel 8:3, eerste lid, van de Awb kan daarom geen beroep worden ingesteld tegen het besluit tot vaststelling van het Horecabeleid.
Condusie 3. nemen.
De Afdeling is kennelijk onbevoegd om van het beroep kennis te
4.
De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.
5. Redelijke toepassing van artikel 8:74, tweede lid, van de Awb brengt met zich dat de griffier van de Raad van State aan het door hem betaalde griffierecht voor het beroep terugbetaalt.
202102433/2/R3
3
22 maart 2022
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: I.
verklaart zich onbevoegd om van het beroep kennis te nemen; bepaalt dat de griffier van de Raad van State aan het door hem betaalde griffierecht ten bedrage van € 184,00 voor de behandeling van het beroep terugbetaalt.
Aldus vastgesteld door mr. A. ten Veen, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. A.J. Soede, griffier.
w.g. Ten Veen lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Soede griffier
Uitgesproken in het openbaar op 22 maart 2022 270-1006 Verzonden: 22 maart 2022
Tegen deze uitspraak kan verzet worden gedaan bij de Afdeling (artikel 8:55 van de Awb). - Verzet moet schriftelijk en binnen zes weken na verzending van deze uitspraak worden gedaan. - In het verzetschrift moeten de redenen worden vermeld waarom de indiener het niet eens is met de gronden waarop de beslissing is gebaseerd. - Als de indiener over het verzet door de Afdeling wil worden gehoord, moet dit in het verzetschrift worden gevraagd. Het horen gebeurt dan alleen over het verzet.