CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

1.54 SV25-023 antw PvdA-GL, Aanpak loodverontreiniging Binnenstad Schoonhoven

Raadsvergadering 15 april 2025, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Informatie van het college1.262 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVRAAG Nr: SV25-023 Datum: 7 maart 2025 Vraag art. 38 Indiener: Bart van Ree & Sascha Silvester, PvdA-GroenLinks Onderwerp: Aanpak loodverontreiniging Binnenstad Schoonhoven

Toelichting bij en doel van de vragen: Middels een raadsinformatiebrief (RIB d.d. 23 januari 2025) is onze raad op de hoogte gesteld van de aanpak van het restant aan loodverontreiniging in de binnenstad van Schoonhoven. De loodverontreiniging kent een zeer lange geschiedenis en is, voor het eerst pas in 1996, onderwerp van serieuze politieke besluitvorming geworden. Op basis van onderzoeken destijds in 1995 en 1996, heeft de Provincie beschikt dat er sprake is van ernstige bodemverontreiniging, waarbij de sanering met spoed moet worden uitgevoerd! In de beschikking van de provincie uit 1996 is gedetailleerd aangegeven welke percelen er wel of niet verontreinigd zijn met lood en wanneer er sprake is van verontreinig op welke wijze een sanering moet worden toegepast. De genoemde gedetailleerde indeling van de binnenstad wat betreft de verschillende wijze van sanering, uit 1996, staat in schril contrast met de manier waarop de Omgevingsdienst Midden-Holland (ODMH) het onderliggende onderzoek van destijds het in de uitnodigingsbrief en tijdens de informatieavond (d.d. 12 februari 2025) typeert. In de brief en tijdens de avond wordt door de ODMH gesteld dat de onderzoeken uit 1995/1996 minder specifiek waren en geen inzicht geven in de loodgehaltes op individueel (tuin-)niveau.

Dit vormde de aanleiding voor de Provincie Zuid-Holland om de ODMH opdracht te verlenen voor nader onderzoek naar de mate van verontreiniging per individuele tuin/erf en indien noodzakelijk tijdelijke beveiligingsmaatregelen te treffen vanuit het oogpunt van de volksgezondheid. Tijdens de informatie-avond bleek dat de Provincie Zuid-Holland de ODMH een strikte opdracht heeft gegeven enkel de percelen (nader) te onderzoeken die in haar beschikking van 1996 genoemd zijn. De specifieke keuze van de te onderzoeken percelen en het beperken tot enkel de gebieden uit de beschikking van 1996 heeft tot veel vragen geleid bij de in grote getale aanwezige bewoners van de binnenstad van Schoonhoven. Opmerkelijk is dat het aangekondigde onderzoek de waterbodem van de singels en grachten van de binnenstad niet meeneemt. De aard van de industriële activiteiten die decennialang hebben plaatsgevonden in de binnenstad van Schoonhoven maken het onwaarschijnlijk dat hier alleen sprake kan zijn van loodverontreiniging. Het is verbazingwekkend dat tijdens het voorgestelde onderzoek enkel op aanwezigheid van lood en niet tevens op de aanwezigheid van andere gevaarlijke stoffen wordt bemonsterd, stoffen zoals onder andere zware metalen (zink, tin, kwik), oliën, organische oplosmiddelen, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAKs).

Bewoners, die al lang in de binnenstad wonen, maken zich zorgen over hun mogelijk langdurige blootstelling aan genoemde stoffen. Vragen over een mogelijk verband van genoemde stoffen en zeldzame ziektegevallen in Schoonhoven zijn reeds aan enkele huisartsen voorgelegd.

Tijdens de informatie-avond bleek veel onduidelijkheid te bestaan over de fase na het ODMHonderzoek. Hoe moet de eventuele sanering eruit zien? Wie gaat de sanering betalen? Wat betekent de - in het kadaster vastgelegde - status van een verontreinigd perceel voor de waarde en verkoopbaarheid van de grond en opstallen? Gaat de status ‘verontreinigd’ van het perceel af na sanering? Realiserend dat de Provincie Zuid-Holland in deze kwestie het bevoegd gezag is en opdrachtgever van het door de ODMH uit te voeren onderzoek, spreek ik uw aan als hoeder van de volksgezondheid en de belangen van de inwoners in onze gemeente. Vragen: 1. Kan het College instemmen met de constatering dat het onderzoek wat ten grondslag ligt aan de beschikking van de Provincie Zuid-Holland een actualisering behoeft, wat betreft de selectie van de te onderzoeken percelen? Antwoord college: Nee. In het verleden heeft veel onderzoek plaatsgevonden naar de omvang van de loodverontreiniging. Dit alles heeft geleid tot de beschikking uit 1996 en de daarbij vastgelegde percelen. In de beschikking is vastgelegd dat er voor sommige gebieden nog nader onderzoek noodzakelijk is. Het onderzoek wat nu start geeft invulling hieraan. 2.

Is het College er toe bereid er bij de Provincie Zuid-Holland op aan te dringen de te onderzoeken percelen in de binnenstad uit te breiden tot de gehele binnenstad? Dit om de onduidelijke perceel-keuze uit de beschikking van 1996 en de hiermee samenhangende onrust bij de binnenstad bewoners weg te nemen? Antwoord college: Nee. De inspanning richt zich tot de in de beschikking genoemde percelen. Wij kunnen de provincie Zuid-Holland alleen juridisch houden aan de opgave die voortvloeit uit de beschikking. We zijn het afgelopen jaar in overleg geweest met de provincie en de ODMH om tot een aanpak van deze bodemverontreiniging te komen. De huidige aanpak is het resultaat daarvan. 3. Is het College er toe bereid er bij de Provincie Zuid-Holland op aan dringen om de voorgestelde monstername en de analyse van de bodem uit te breiden met andere potentieel aanwezige verontreinigingen vanuit de historische lakproductieketen? Dit om de eventuele gezondheidsrisico’s afdoende in kaart te brengen. Antwoord college: Nee. De historische lakproductieketen vond plaats op het voormalige HBB-terrein. Hier zijn in het verleden ook andere verontreinigingen aangetroffen, zoals minerale olie. Dit terrein is al gesaneerd en hier heeft lange tijd actieve nazorg plaats gevonden.

Verspreiding buiten het voormalige HBB-terrein betreft de stof lood door looddepositie en verspreiding met lood verontreinigde stalmest. Andere stoffen worden hier niet verwacht als gevolg van de loodwitfabriek.

4. Is het College er toe bereid er bij de Provincie Zuid-Holland op aan te dringen het onderzoek uit te breiden naar de waterbodem van de watergangen van de binnenstad van Schoonhoven? Dit omdat er veel afvalstoffen direct in het oppervlaktewater terecht gekomen zijn tijdens de productie van loodwit en verf in de binnenstad. Antwoord college: Tijdens het vooronderzoek wordt nagegaan welke percelen binnen het onderzoeksgebied al zijn onderzocht, danwel gesaneerd. Watergangen vallen hier ook onder. 5. Is het College er toe bereid er bij de Provincie Zuid-Holland op aan te dringen zorgvuldig na te gaan waar de bij in het verleden vrijgekomen met lood verontreinigde grond en -bagger in de gemeente gestort is? Tijdens de informatie-avond werd er door enkele aanwezige bewoners locaties van stort aangewezen die niet op de lijst van te onderzoeken gebieden van de ODMH staan. Antwoord college: Nee. Het huidige onderzoek is gericht op risico’s voor bewoners/gebruikers van individuele tuinen/percelen binnen het beschikte gebied. Het is helaas niet meer te achterhalen waar eventuele bagger in de jaren voorafgaand aan de beschikking is opgeslagen/ toegepast. Eventuele locaties waar dit mogelijk in het verleden terecht is gekomen, worden bij ontwikkeling uiteraard wel onderzocht op geschiktheid. 6.

Geldt hier nog steeds het principe van ‘de vervuiler betaald’? En zo niet wie moet er opdraaien voor de kosten van de eventueel toekomstige sanering van de verschillende percelen? Antwoord college: In principe geldt “de vervuiler betaald”. Kostenverhaal is bij deze veroorzaker echter niet meer mogelijk. De aanpak van de gevalsbeschikking ligt bij de provincie Zuid-Holland. 7. Wat betekent de status ‘verontreinigde grond’ voor de eigenaar van een perceel in het kadaster? Wordt door een sanering deze status ongedaan gemaakt? Antwoord college: Bij het kadaster is de volgende aantekening (publiekrechtelijke beperking) opgenomen: “Kennisgeving, vordering, bevel of beschikking Wet bodembescherming”. Er staat niet wat de beperking precies inhoudt. Daarvoor moet het brondocument worden geraadpleegd. Deze verwijst op dit moment naar de beschikking Wbb. Na uitgevoerd onderzoek wordt het perceel herbeschouwd en wordt eventueel een nieuwe aantekening/beperking opgenomen. Hierbij kan gedacht worden aan het in stand laten van bijvoorbeeld een verharding of de aantekening dat er voor een perceel geen blootstellingsrisico’s zijn. Ondertekening college: Burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,

de burgemeester,

J. Hennip

ir. J. Beenakker

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=0d00be65-6640-4f68-86c3-65e21532c364