CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

1.50 RIB Update Regionale Energiestrategie (RES) Midden Holland

Raadsvergadering 15 april 2025, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Informatie van het college4.026 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF

VAN HET COLLEGE VAN B&W VOOR

de gemeenteraad

CC DATUM ONDERWERP

Update Regionale Energiestrategie (RES) Midden-Holland

Beste meneer, mevrouw, De Regionale Energiestrategie (RES) Midden-Holland werkt aan het bod om in 2030 0,435 Terawattuur (TWh) aan hernieuwbare energie op te wekken. Dit is vastgesteld in de RES 1.0. Om dit bod te halen zet RES MiddenHolland naast 'zon op dak' onder andere in op het realiseren van opwekking via zon op veld, een opgave van ongeveer een derde van de totale opgave. Programma Zon op veld De RES Midden-Holland wil met betrekking tot 'zon op veld' graag initiatieven stimuleren, op een manier die bijdraagt aan een goede omgevingskwaliteit in de regio. Hiertoe is het Programma Zon op veld ontwikkeld. Dit programma is in 2024, na een wensen- en bedenkingenprocedure in de gemeenteraden, vastgesteld. Het programma biedt de uitgangspunten en randvoorwaarden voor initiatieven (met een kansenkaart, een afwegingskader en gebiedsbeschrijvingen op basis van de vastgestelde zoekgebieden). Voor het indienen van initiatieven zijn twee openstellingstermijnen geweest in 2024. Op basis van een voorlopig advies (na de eerste openstelling) konden initiatiefnemers hun initiatief aanpassen om de kans op wenselijkheid te vergroten. De tweede indieningstermijn is op 6 december 2024 gesloten.

Zoals vastgesteld in het Programma Zon op veld heeft de onafhankelijke Regionale Adviescommissie de ingediende projecten getoetst en een advies uitgebracht of initiatieven worden aangemerkt als 'wenselijk' of 'onwenselijk'. Voor het zoekgebied in Krimpenerwaard zijn twee initiatieven ingediend die door de onafhankelijke Regionale Adviescommissie als 'onwenselijk' zijn aangemerkt. Op basis van de ingediende initiatieven is de onafhankelijke Regionale Adviescommissie van mening dat er op dit moment geen plan kan worden ontwikkeld in Krimpenerwaard dat tegemoetkomt aan de gewenste omgevingskwaliteit, zoals gesteld in het programma, en aan uitgangspunten zoals Lokaal Eigendom. Het college van B&W heeft in lijn met dit advies de initiatieven als 'onwenselijk' aangemerkt. Dit betekent dat er op dit moment geen vergunbare initiatieven zijn binnen het vastgestelde zoekgebied in Krimpenerwaard. Vervolg De gemeenten van RES Midden-Holland nemen op basis van het advies van de onafhankelijke Regionale Adviescommissie een besluit over de (on)wenselijkheid en eventuele realisatie van ingediende initiatieven binnen hun gemeente. Het Programma Zon op veld vormt een onderdeel om te komen tot het totale RES-bod zoals is vastgesteld in de RES 1.0. Op basis van de RES-monitor loopt de RES Midden-Holland achter op de opgave om het bod aan hernieuwbare energie in 2030 op te wekken.

Binnen de RES zal de komende tijd gekeken worden naar denkrichtingen om te voldoen aan het vastgestelde bod.

972745 / 1570860 gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl

Onderzoek windenergie De provincie Zuid-Holland heeft op basis van de RES-monitor en de constatering dat RES Midden-Holland achterloopt op de opgave een Routekaart RES opgesteld (zie ook de Raadsinformatiebrief van juni 2024, Update Programma Zon op veld). In een brief van Gedeputeerde Staten aan Provinciale Staten (bijlage 1) wordt aangegeven dat de provincie Zuid-Holland het beleidsvoornemen heeft geformuleerd om te onderzoeken of plaats gevonden kan worden voor de opwek van windenergie. In het geval van Midden-Holland gaat dit om 13-18 windturbines van 5,6 MW (240 meter tiphoogte). Gedeputeerde Staten werken ook aan heroverweging van de plaatsingsvisie voor windenergie ten noorden van de rivieren, wat betreft het onderdeel clustering langs infrastructuur en open water. Gedeputeerde Staten geven aan dat het opportuun is om te heroverwegen in hoeverre clustering langs infrastructuur nog steeds de meest passende plaatsing is. 'De opgave is dusdanig groot, dat gekeken moet worden naar alternatieve zoekgebieden'. Voor RES Midden-Holland (naast RES Drechtsteden en RES Holland Rijnland) gaat de provincie Zuid-Holland een brede onderzoeksfase in. Dat betekent dat de provincie onderzoek doet naar alle technisch haalbare locaties náást de locaties die zijn vastgesteld in de RES 1.0.

In het geval van RES Midden-Holland gaat dit laatste om de reserve-zoekgebieden wind langs de A12 en N11. De gemeente Krimpenerwaard houdt hierbij vast aan de gezamenlijk vastgestelde RES 1.0 en ziet op dit moment geen kansen om locaties voor grootschalige windenergie aan te dragen om mee te nemen als zoeklocatie. Dit neemt niet weg dat de provincie Zuid-Holland een brede onderzoeksfase ingaat, vanuit het bevoegde gezag van de provincie met betrekking tot grootschalige windenergie. Het uitgangspunt van Krimpenerwaard is dat eventuele aanpassingen alleen het resultaat mogen zijn van een aanpassing/herijking van de vastgestelde RES 1.0 waarbij een proces wordt doorlopen waarbij gemeenteraden en inwoners op de juiste wijze betrokken moeten worden.

Bijlagen RIB: 1. Brief Gedeputeerde Staten (Stand van zaken en vervolgproces routekaart RES)

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,

de burgemeester,

J. Hennip

ir. J. Beenakker

pag. 2/2

GS brief aan Provinciale Staten Provinciehuis Postbus 90602 2509 LP Den Haag T 070 - 441 66 11 www.zuid-holland.nl Datum 11 februari 2025 Ons kenmerk PZH-2025-867054088 DOS-2015-0005387 Bijlagen 0

Aan Provinciale Staten

Onderwerp: Stand van zaken en vervolgproces routekaart Regionale Energie Strategie (RES) Geachte Statenleden, In december 2024 heeft u de Monitor RES (Regionale Energie Strategie) 2024 van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en de NPRES foto december 2024 ontvangen (PZH-2024-865720677 DOS-2015-0005387). Met deze brief gaan we nader in op de betekenis van de belangrijkste uitkomsten van de RES Monitor, de NP RES Foto, en op de voortgang en de vervolgstappen van de routekaart RES (GS-besluit PZH-2024-850223786 DOS-2015-0005387, zie ook PZH-2024-850280783 DOS-2015-005387 en de brief van Minister Hermans over Voortgang Regionale Energiestrategie (RES) en interbestuurlijke samenwerking). Daarmee geven we invulling aan de toezegging om een tijdlijn en planning voor de RES’en te delen (EE/T2024.26). We richten ons in deze brief op de RESbiedingen, dat wil zeggen op grootschalige elektriciteitsproductie door windturbines, zonneparken en zon op dak. De RES-biedingen van 2030 zijn gericht op opwek door middel van zonneparken, zon op dak en windturbines. Daarom gaan we niet in op de bijdrage die kernenergie kan gaan leveren. Dit onderzoeken we apart via het Rijksprogramma en het provinciale plan van aanpak. Urgentie In 2021 zijn de RES’en 1.0 vastgesteld door gemeenteraden, algemene besturen van waterschappen en Provinciale Staten.

De volksvertegenwoordigers in de provincie Zuid-Holland hebben besloten 6,3 tot 6,8 terrawattuur (TWh = 1.000 gigawattuur) aan grootschalige hernieuwbare elektriciteit in ZuidHolland te willen realiseren in 2030. Sinds het vaststellen van de RES’en 1.0 door Provinciale Staten, gemeenteraden en de algemene besturen van waterschappen in 2021 is het CO2-reductie doel in de Klimaatwet opgehoogd van 49% naar 55%. Dat betekent dat het sectordoel voor hernieuwbare elektriciteit op zee en land (inclusief kleinschalige zonnestroominstallaties) is opgehoogd van 91 naar 120 TWh. Volgens de ramingen uit de Klimaat en Energieverkenning 2024 van PBL koerst Nederland af momenteel op 60 tot 96 TWh in 2030. PBL concludeert in de Klimaat en Energieverkenning 2024 (KEV 2024) dat het heel erg onwaarschijnlijk is dat Nederland het wettelijk klimaatdoel van 55% emissiereductie in 2030 haalt. Ook constateert het PBL in de KEV 2024 dat de noodzakelijk opschaling van de productie van hernieuwbare energie uitblijft en dat de kans dat Nederland zijn streefwaarde van 39% in 2030 haalt kleiner dan 5% is. Het ophogen van het doel in de Klimaatwet betekent niet dat de RES-biedingen zijn aangepast. Het betekent wel dat het behalen van de RES-biedingen, ook die van de zeven RES’en in

PZH-2025-867054071 dd. 11-02-2025

Ons kenmerk PZH-2025-867054088 DOS-2015-0005387

de provincie Zuid-Holland, onverminderd van belang blijft om de wettelijke klimaatdoelstelling van 2030 te behalen. In de provincie Zuid-Holland heeft het elektriciteitsnet zijn maximale capaciteit voor grootverbruikers bereikt (PZH-2024-865212945 DOS-2015-0005387). De vraag naar elektriciteit blijft naar verwachting groeien door elektrificatie van bestaande mobiliteit en industrie, en door de komst van nieuwe bedrijven en nieuwe woonwijken. Door in te zetten op regionaal opwekken, (her)gebruiken, opslaan en uitwisselen van elektriciteit en warmte hoeft het elektriciteitsnetwerk minder te worden uitgebreid. Dat betekent minder ruimtelijke druk en lagere maatschappelijke kosten. Het regionale deel van het energiesysteem draagt bij aan energie-onafhankelijkheid, vermindering van netcongestie én een betere uitvoerbaarheid want het kost minder tijd, grondstoffen en arbeid. Een goede mix van lokale duurzame opwek (wind- en zonne-energie), warmtenetten en energieopslag draagt bij aan het oplossen van deze stroomtekorten en kan daarmee bijdragen aan het verminderen van de vraagcongestie voor grootverbruikers. Een goede mix van lokale duurzame opwek en energieopslag kan zo ook bijdragen aan sterke economische regio’s, naast de noodzakelijke netuitbreiding. Collectieve warmtesystemen verzachten de netcongestie elektriciteit, maar hebben ook stroom nodig.

Om de uitrol van collectieve warmtesystemen voortgang te laten vinden heeft de Energieraad Zuid-Holland daarom recent bij het Rijk bepleit om grootaansluitingen voor collectieve warmtesystemen als congestieverzachters voorrang te geven en ook grootaansluitingen voor liften te prioriteren om woningbouw verder te helpen. ACM heeft aangegeven dat beiden als woongebonden voorzieningen prioriteit krijgen. De RES’en, en alle RES-partners, zijn verantwoordelijk voor het realiseren van de RES-biedingen. De provincie is partner binnen de RES’en met een rol die we toelichten in de deze brief. De RESbiedingen voor 2030 zijn een tussendoelstelling onderweg naar onze bijdrage aan de hogere streefcijfers uit het Nationaal Plan Energiesysteem voor de periode 2031-2050, die nodig zijn om in de verwachte groei in vraag naar elektriciteit te kunnen voorzien. Dat vraagt ook van ons als provincie een proactieve houding zodat we het halen van de doelen niet belemmeren, maar juist mogelijk maken en er samen met onze RES-partners actief aan werken om de RES-biedingen te realiseren. Energiebesparing en zon op dak hebben daarbij de prioriteit, maar zijn geen provinciale taak.

Waar mogelijk ondersteunen we gemeenten, dakeigenaren en lokale initiatieven, bijvoorbeeld via het programma maatschappelijk vastgoed, de cluster energiestrategieën, de subsidieregeling Zonnig Zuid-Holland en via het programma eerlijke energietransitie. De provincie heeft wel de bevoegdheid om windenergie mogelijk te maken binnen het provinciaal Omgevingsbeleid en een wettelijke bevoegdheid voor windenergie. De provincie is in de Elektriciteitswet bevoegd gezag voor vergunningverlening aan windprojecten van 5 tot 100 MW en vanaf 1 juli 2025 in de Energiewet in ieder geval voor nieuwe projecten tussen 15 MW en 100 MW (plusminus 3 tot 20 windturbines). Om die redenen zijn wij als provincie in het bijzonder betrokken bij en verantwoordelijk voor de realisatie van windenergie. De zoekgebieden voor windenergie uit RES 1.0 zijn alleen opgenomen in het provinciale Omgevingsprogramma en nog niet toegevoegd aan de Omgevingsverordening. In tegenstelling tot 2/7

PZH-2025-867054071 dd. 11-02-2025

Ons kenmerk PZH-2025-867054088 DOS-2015-0005387

kleine(re) windturbines zijn grote windturbines in Zuid-Holland verboden buiten de gebieden die in de Omgevingsverordening zijn aangewezen als windlocatie. Doordat de RES’en daar nog niet zijn verwerkt belemmert de provincie het ontwikkelen van initiatieven in de toegevoegde zoekgebieden uit RES 1.0. De vorig jaar vastgestelde routekaart RES en de herziening van het provinciaal Omgevingsbeleid 2025 beogen dit te veranderen door meer zoeklocaties voor windenergie in de provinciale Omgevingsverordening op te nemen, zodat de provincie transformeert van hindermacht naar realisatiekracht voor de RES-biedingen. De inzet van de provincie op windenergie laat onverlet dat gemeenten een deel van het RES-bod kunnen realiseren met zon op dak, zon op veld en windprojecten kleiner dan (1)5 MW. Zon op veld initiatieven en kleinere windprojecten dienen wel te passen in provinciaal beleid, waaronder de provinciale zonneladder en de provinciale Omgevingsverordening. Door in te zetten op grotere windenergie projecten kunnen we onze verantwoordelijkheid nemen, als de ontwikkeling van zon op dak, zon op veld en windprojecten, waar de gemeente als bevoegd gezag (wil) optreden, onvoldoende is om het RES-bod te halen. In het Klimaatakkoord is afgesproken om in 2025 vergunningen voor concrete projecten te verlenen.

Helaas halen we dit niet voor alle projecten, maar om de regio's ruimte te bieden en te voorkomen dat de provinciale besluitvorming belemmerend is voor het realiseren van de RES-biedingen zetten GS in op de uitvoer van de routekaart RES. Betekenis uitkomsten Monitor RES 2024, PBL, en NPRES Foto december 2024 voor Zuid-Holland De Monitor RES van PBL bevat o.a. de nieuwste inschatting van het PBL over doelbereik van de RES’en. Het nationaal programma regionale energiestrategie (NPRES) en PBL constateren beide dat in 2030 waarschijnlijk 35 TWh wordt gerealiseerd, maar dat de afgesproken 55 TWh duurzame elektriciteit op land in 2030 waarschijnlijk niet gehaald wordt. Zowel PBL als NP RES (Nationaal Programma Regionale Energie Strategie) constateren dat de ‘pijplijn’ met nieuwe plannen opdroogt, waardoor het behalen van de gezamenlijke RES-biedingen van 55 TWh en de streefcijfers uit het Nationaal Plan Energiesysteem (NPE) voor 2035 en 2040 uit beeld raken. Tabel 1 laat zien op welke hoeveelheid duurzame elektriciteit de verschillende RES’en in Zuid-Holland volgens de Monitor RES 2024 uitkomen in 2030.

3/7

PZH-2025-867054071 dd. 11-02-2025

Ons kenmerk PZH-2025-867054088 DOS-2015-0005387

Tabel 1: stand van zaken RES-bod elektriciteit per RES (in GWh)

RES

Alblasserwaard* Drechtsteden GoereeOverflakkee Hoeksche-Waard

Realisatie 2023

Toename realisatie 2024

Schatting pijplijn

Verwacht

58 111

9 98

23 63

89 272 935

717

217

1

2030

Bod 2030

Verwachte productie t.o.v. bod (%)

320 370 853

28% 74% 110%

428

38690-111% 313 30 85 476 Holland-Rijnland 361 1.140 32% 182 30 149 Midden-Holland* 129 435 30% 104 18 7 Rotterdam/Den2.459 2.80077-88% Haag 1.288 547 624 3.200 Totaal 4.673 6.30469-74% 2.772 949 952 6.794 *Voor RES Alblasserwaard en RES Midden-Holland laat de Monitor RES een daling zien van gerealiseerde productie, die wij en onze RES-partners niet kunnen verklaren. Daarom hanteren wij voor de RES Alblasserwaard en RES Midden-Holland de realisatiecijfers uit 2023 uit de Regionale Klimaat Monitor van RVO en hebben wij PBL om toelichting gevraagd. Tabel 1 laat zien dat er in 2024 grote voortgang is bereikt in de productie van hernieuwbare elektriciteit op land. De totale productie van hernieuwbare elektriciteit is in 2024 toegenomen met 949 GWh ten opzichte van 2023. Alle zeven RES’en hebben voortgang geboekt in het realiseren van extra productie van hernieuwbare elektriciteit op land. De tabel laat ook zien dat de RES-biedingen van twee van de zeven RES’en in provincie Zuid-Holland bereikt zijn of binnen bereik komen, mits de pijplijnprojecten daadwerkelijk gerealiseerd worden. Dat is een duidelijke verbetering ten opzichte van de situatie in 2023.

Tegelijkertijd is niet zeker dat pijplijnprojecten gerealiseerd worden, omdat dit projecten betreft die in afwachting zijn van een (onherroepelijke) Omgevingsvergunning door gemeente of provincie, of van toekenning van de SDE++ subsidie door het Rijk. Het zijn ook projecten waarvoor de initiatiefnemers nog geen definitieve investeringsbeslissing hebben genomen. PBL en NP RES constateren dat nieuwe plannen worden bemoeilijkt door onzekerheid over afstandsnormen voor windturbines, strengere regels voor zonneparken en in sommige regio’s ook door netcongestie. Dit laatste speelt beperkt in Zuid-Holland, doordat er hier vooral sprake is van netcongestie voor afname van elektriciteit. De gerealiseerde productie en de omvang van de pijplijn zijn samen onvoldoende om de RESbiedingen in de vijf andere RES’en te behalen. De uitvoer van de routekaart RES blijft dus onverminderd van belang om de RES-biedingen te kunnen halen PBL stelt dat het voor doorgroei na 2030 belangrijk is om nu goed na te denken over behoud van draagvlak en een integratie met andere ruimtelijke claims, zoals woningbouw en natuur. Ook is het volgens PBL nodig om tot een integrale aanpak te komen, waarbij hernieuwbare elektriciteitsproductie op land in samenhang wordt beschouwd met de energievraag en het 4/7

PZH-2025-867054071 dd. 11-02-2025

Ons kenmerk PZH-2025-867054088 DOS-2015-0005387

energieaanbod in de gehele keten en op verschillende schaalniveaus. Keuzes om extra productiecapaciteit te ontwikkelen, worden dan bijvoorbeeld veel afhankelijker van de vraag naar energie en de infrastructuurontwikkeling. Daarbij is niet alleen de samenhang binnen de elektriciteitsketen belangrijk, maar ook de wisselwerking met de andere energieketens. Door deze interacties is de ontwikkeling van regionale energiesystemen maatwerk. Energiehubs bieden daarin ook een manier om lokaal vraag en aanbod van energie beter in balans te brengen. Gedeputeerde Staten onderschrijven het belang om tot een integrale aanpak te komen en hebben energie daarom opgenomen in de laag van ordenende netwerken in het ruimtelijk voorstel (PZH2024-848956371-DOS-2022-0003410). Voortgang routekaart RES In april 2024 hebben GS de routekaart RES vastgesteld. In de routekaart RES geven we aan dat de provincie, als partner in de RES, medeverantwoordelijk is voor het behalen van het bod uit RES1.0. Met de routekaart RES geven we invulling aan die verantwoordelijkheid. De routekaart RES is daarom als beleidsvoornemen realisatie RES-doelen opgenomen in de herziening van het provinciaal Omgevingsbeleid 2025. De herziening van het provinciaal Omgevingsbeleid 2025 bevat dit jaar ook een omgevingseffectrapportage (OER).

Op basis van de uitkomsten van het OER, participatie en overleggen met de RES-partners zal dit resulteren in een voorstel aan PS voor aanpassing van de provinciale Omgevingsverordening om voldoende ruimte te maken voor windenergie in de provinciale Omgevingsverordening, zodat realisatie van de RESbiedingen mogelijk wordt. In de eerste fase van de routekaart heeft de provincie de RES-partners het aanbod gedaan om te ondersteunen bij het concreet invullen van het RES-bod en verankering daarvan in het provinciale Omgevingsbeleid in 2025. De provincie heeft de RES-partners gevraagd om zoeklocaties voor windenergie aan te leveren, die in de omgevingseffectrapportage (OER) onderzocht worden op geschiktheid. Deze eerste fase heeft het volgende opgeleverd: •

•

Van de RES-partners in de RES’en, waar het RES-bod niet in zicht was en waar nog geen concrete afspraken over het traject om te komen tot zoeklocaties met RES-partners waren gemaakt, hebben we reactie gekregen op de routekaart RES. Deze reacties worden meegenomen in de Omgevingseffectrapportage Herziening Omgevingsbeleid 2025. Voor de RES’en, waar het RES-bod niet in zicht was, maar er afspraken waren met RES-partners over te ondernemen stappen, hebben we het proces vervolgd conform de gemaakte afspraken. Een beschrijving van het doorlopen proces in deze RES’en vindt u in de bijlage.

Op basis van de gerealiseerde hernieuwbare elektriciteitsproductie tot 2024 en de omvang van de pijplijn hebben we als beleidsvoornemen geformuleerd dat we onderzoeken of voor de volgende hoeveelheden windturbines plaats gevonden kan worden in de OER. • • • •

In RES Midden Holland om 318 gigawattuur (GWh), omgerekend 13-18 windturbines van 5,6 MW (240 meter tiphoogte). In RES Holland Rijnland gaat het om een resterende opgave van 779 GWh, omgerekend 39-44 windturbines van 5,6 MW. In RES Rotterdam Den Haag om 341 GWh, omgerekend 15-20 windturbines van 5,6 MW. In RES Drechtsteden gaat het om 98 GWh, omgerekend zo'n 5 windturbines van 5,6 MW. 5/7

PZH-2025-867054071 dd. 11-02-2025

Ons kenmerk PZH-2025-867054088 DOS-2015-0005387

GS werken ook aan heroverweging van de plaatsingsvisie voor windenergie ten noorden van de rivieren, wat betreft het onderdeel clustering langs infrastructuur en open water. Sinds het bepalen van de huidige plaatsingsvisie zijn windturbines groter geworden, waardoor ze efficiënter zijn en goedkoper elektriciteit produceren. De maat en schaal van de huidige turbines is dusdanig groot en daarmee de afstand tot de weg ook, dat een heroverweging opportuun is in hoeverre clustering langs infrastructuur nog steeds de meest passende plaatsing is. Ook is de opgave dusdanig groot, dat gekeken moet worden naar alternatieve zoekgebieden. De plaatsingsvisie wind is onderdeel van de provinciale Omgevingsvisie en Omgevingsverordening. Besluitvorming over eventuele aanpassing van de plaatsingsvisie is daarmee een bevoegdheid van Provinciale Staten. Vervolgproces routekaart RES GS hebben het beleidsvoornemen geformuleerd om de plaatsingsvisie voor windenergie ten noorden van de rivieren te heroverwegen en om voor vier RES’en zoeklocaties windenergie op te nemen in de herziening van het provinciale Omgevingsbeleid. In RES Rotterdam/Haag wordt een regionale planMER uitgevoerd ter onderbouwing van de besluitvorming. Ook voor RES Alblasserwaard wordt een eigenstandig proces doorlopen met de RES-partners, waar wij u binnenkort nader over zullen informeren.

De onderzoekslocaties van RES Drechtsteden, RES Holland Rijnland en RES Midden-Holland lopen mee in de OER voor de herziening provinciaal Omgevingsbeleid 2025. Wij benadrukken dat we nu een brede onderzoeksfase in gaan voor deze RES’en. Dat betekent dat we in deze RES’en starten met alle technische haalbare locaties en de locaties die zijn vastgesteld in de RES 1.0. Dit is nodig om de locaties goed af te kunnen wegen en een juridisch houdbaar besluit te kunnen laten nemen door Provinciale Staten. Het besluit is mede genomen op basis van de adviezen van DCMR en Commissie MER m.b.t. de NRD van de regionale planMER Rotterdam Den Haag en het advies van de Commissie MER m.b.t. de OER/planMER voor RES Alblasserwaard. In de tweede fase van de routekaart RES gaan we op basis van de tussenresultaten van de OER het gesprek aan met de RES-partners over welke locaties een plaats krijgen in ons ontwerp herziening van het provinciaal Omgevingsbeleid. Ook bieden we onze RES-partners de mogelijkheid om te komen met alternatieve voorstellen om (een deel van) het RES-bod te realiseren. In juli stellen GS de Ontwerp Herziening van het provinciaal Omgevingsbeleid 2025 en de OER vast. Het uitgangspunt voor GS blijft dat we bij voorkeur tot gezamenlijke keuzes met de RES-partners komen op basis van de uitkomsten de OER, van lokale besluitvorming en van lokale of regionale participatie.

Wij beseffen dat het een uitdagende planning is voor gemeenten om tot lokaal gedragen locatiekeuzes te komen, daarom zullen wij waar het niet regio’s en gemeenten niet lukt zelf de verantwoordelijkheid nemen om voldoende zoeklocaties voor windenergie op te nemen in de ontwerp Herziening. Bovendien zullen wij ons richten op locaties van ten minste 15 MW aan opgesteld windvermogen zodat het ook onder de nieuwe Energiewetvalt onder het bevoegd gezag van de provincie. Kleinere locaties tot 15 WM in RES Drechtsteden, RES Holland Rijnland en RES Midden-Holland zullen wij we enkel PS voorstellen op verzoek van gemeenten.RES-partners hebben de mogelijkheid om op het ontwerp besluit te reageren tijdens de ter inzagelegging van de ontwerp Herziening 2025. 6/7

PZH-2025-867054071 dd. 11-02-2025

Ons kenmerk PZH-2025-867054088 DOS-2015-0005387

In de OER werken wij met de ontwerpnormen voor windenergie zoals die vorig jaar zijn gepubliceerd (geluid, slagschaduw, afstand) . Zodra de Rijksnormen definitief zijn vastgesteld, wordt hier bij de vaststelling van het ontwerp en de vergunningverlening uiteraard rekening mee gehouden. Het wijzigen van de plaatsingsvisie windenergie en het aanwijzen van locaties voor windenergie is een bevoegdheid van Provinciale Staten. Beide besluiten maken onderdeel uit van de herziening provinciaal Omgevingsbeleid 2025: • • •

3e kwartaal 2025: vaststelling Omgevingseffectrapport en ontwerp herziening provinciaal Omgevingsbeleid door GS en zienswijze procedure 4e kwartaal 2025: beantwoorden en verwerken zienswijzen 1e halfjaar 2026: besluitvorming in PS over herziening provinciaal Omgevingsbeleid

Voor besluitvorming in PS over de herziening provinciaal Omgevingsbeleid zullen GS een advies uitbrengen aan PS over het aantal benodigde windlocaties op basis van de meest recente cijfers van PBL. Na vaststelling van de herziening van het provinciaal Omgevingsbeleid 2025 door PS volgt de laatste fase van de routekaart RES, waarin het gaat om realisatie van projecten in de aangewezen zoeklocaties. In deze fase zullen GS met gemeenten overleggen over de invulling van de rol van bevoegd gezag voor windprojecten. Met gemeenten, die de rol van bevoegd gezag willen en kunnen overnemen en daarmee de realisatie van windenergie versnellen, maken we afspraken over de vergunningverlening. Als er meer locaties nodig zijn om de RES-biedingen te realiseren, dan kunnen GS de projectprocedure opstarten voor zoeklocaties windenergie in gemeenten, die de rol van bevoegd gezag voor windenergie aan de provincie laten. Wij rekenen er op u hiermee van voldoende informatie over de voortgang van de routekaart RES en realisatie van de RES-biedingen te hebben gegeven. Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, secretaris,

voorzitter,

drs. M.J.A. van Bijnen MBA

mr. A.W. Kolff

7/7

PZH-2025-867054071 dd. 11-02-2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=8778b6f3-3b2b-432b-a127-a91e022c26d0