1.26 SV23-041 antw PK, Bakkerskil.pdf
Tekst van het document
RAADSVRAAG Nr: SV23-041 Datum: 31 maart 2023 Vraag art. 38 Indiener: Bert Vriezen, Pro Krimpenerwaard Onderwerp: Bakkerskil Toelichting: Het College heeft wederom geweigerd antwoord te geven op hele legitieme vragen van onze partij over Bakkerskil. Wij snappen hier noch inhoudelijk noch qua antwoord niets van, het is in het openbaar belang dat de Raad snapt waarom het College deze stelling inneemt. Maar zij weigert keer op keer antwoord hierop te geven. Vragen: Waarom stelt het college een meer dan 10 jaar oude aanvraag voor een steiger, op een bestaande ligplaats gelijk aan een nieuwe aanvraag van iemand zonder ligplaats? Ik wil als raadslid alle dossierstukken incl. rechtszaken, alle interne correspondentie, collegeadviezen over deze zaak, vanaf de start van het dossier (2010? misschien zelfs wel eerder) alsook alle stukken van de andere partij(en) die ook een loopplak hebben aangevraagd naast die van mevrouw Molenaar/de 1e aanvrager kunnen inzien. Wanneer is dat mogelijk? Dat kan op kantoor in Stolwijk, maar het heeft mijn voorkeur als de stukken worden opgestuurd. Het kan m.i. nooit echt veel zijn, het gaat namelijk bij de 1e om a. een loopbrug naar de vergunde ligplaats, waarbij alle andere boten deze al jaren geleden hebben gekregen. Dus het qua ruimtelijke ordening geen enkel probleem zou moeten zijn. b.
bij de tweede om te toetsen of nadat de 1e is vergund er op deze of andere plek nog ruimte is voor een nieuwe ligplaats en eventueel een loopbrug. Antwoord college: Het college doet, op grond van artikel 169, derde lid, Gemeentewet, over dossiers die onder de rechter zijn geen nadere mededelingen. Het doen van mededelingen of verstrekken van inlichtingen is namelijk in strijd met het openbaar belang omdat het een doorkruising van lopende procedures kan vormen. In de betreffende kwestie zijn er momenteel een achttal beroepsprocedures aanhangig. Zo is er beroep ingesteld tegen een beslissing op bezwaar aangaande afwijzing van een verzoek om handhaving voor wat betreft de vergunde aanlegsteigers ter hoogte van de Molendijk 88 en 90 in Krimpen aan de Lek. Er zijn beroepen ingesteld tegen de beslissingen op bezwaar aangaande vergunningen die zijn verleend voor de steigers ter hoogte van Molendijk 88 en 90 in Krimpen aan de Lek en zijn er beroepen ingesteld tegen beslissingen op bezwaar aangaande de verleende vergunning van een steiger ter hoogte van Molendijk 88a in Krimpen aan de Lek. Het college zal daarom de gestelde vraag niet beantwoorden. Ondertekening college: Burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,
de burgemeester,
J. Hennip
P.J. Bouvy-Koene