CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

1.215 RIB Aanpak alleenverdienersproblematiek

Raadsvergadering 18 november 2025, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Informatie van het college2.708 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF

VAN HET COLLEGE VAN B&W

de gemeenteraad

VOOR CC DATUM ONDERWERP

11 november 2025 Aanpak alleenverdienersproblematiek

Beste meneer, mevrouw, Op 11 november 2025 heben wij beleidsregels vastgesteld voor de aanpak van de alleenverdienersproblematiek. Namelijk de beleidsregels alleenverdienersproblematiek 2023-2024 Krimpenerwaard en de beleidsregels alleenverdienersproblematiek 2025, 2026 en 2027 Krimpenerwaard. Met deze brief informeren wij u over dit beleid. Mensen met lage inkomens krijgen extra ondersteuning door middel van toeslagen. Een specifieke groep huishoudens ontvangt door een ongelukkige samenloop van wet- en regelgeving te weinig toeslagen. Dit heeft nadelige gevolgen voor het netto-inkomen van deze huishoudens. Zij ontvangen een netto-inkomen dat lager is dan een vergelijkbaar (echt)paar met bijstand en maximale toeslagen. Daarmee komen zij netto uit onder het bestaansminimum. Deze problematiek ontstond in 2009 toen de overdraagbaarheid van de Algemene Heffingskorting gefaseerd werd afgebouwd (volledige afbouw in 2023), en daarbij een andere afbouw volgde dan de bijstandsuitkering (volledige afbouw in 2039). Het wegnemen van deze ongewenste situatie wordt in 3 fasen gecorrigeerd waarbij het rijk gemeenten heeft verzocht hierbij te ondersteunen in fase 1 en 2. • • •

Fase 1: Gemeenten helpen het rijk in 2023 en 2024 met een oplossing via individuele bijzondere bijstand. Fase 2: Gemeenten helpen het rijk in 2025, 2026 en 2027 met (de uitvoering van) de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek. Fase 3: Vanaf 2028 is door de Belastingdienst een definitieve oplossing voorzien via de fiscaliteit (de inkomstenbelasting).

Met de vastgestelde beleidsregels wordt uitvoering gegeven aan fase 1 en 2 van deze hersteloperatie. Voor verdere informatie verwijzen wij u graag naar de bijgevoegde beleidsregels. Bijlagen RIB: • Beleidsregels Alleenverdienersproblematiek 2023 –2024 Krimpenerwaard; • Beleidsregels Alleenverdienersproblematiek 2025, 2026 en 2027 Krimpenerwaard.

1725490 / 1752409 gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,

de burgemeester,

J. Hennip

ir. J. Beenakker

pag. 2/2

Beleidsregels Alleenverdienersproblematiek 2023 -2024 Krimpenerwaard Beleidsregels voor de uitvoering van de OV-Meedoenpas Intern

Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld) Onderwerp

Gemeente Krimpenerwaard Beleidsregels Beleidsregels Alleenverdienersproblematiek 2023 -2024 Krimpenerwaard Beleidsregels Beleidsregels Alleenverdienersproblematiek 2023 -2024 Krimpenerwaard College van burgemeester en wethouders Beleidsregels Beleidsregels Alleenverdienersproblematiek 2023 -2024 Krimpenerwaard

Opmerkingen m.b.t. de regeling n.v.t. Grondslagen • titel 4.3 van de Algemene wet Bestuursrecht; • de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht; • artikel 35 van de Participatiewet; Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) 1. Geen Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen Datum Terugwerkende Betreft Ontstaansbron: Inwerkingtreding: Voorstel inwerkingtre kracht datum datum gemeenteraad ding ondertekening; ondertekening; bron bekendmaking bron bekendmaking Na 1 januari 2025 Alleenverdiener n.v.t. bekendmakin sproblematiek g 2023-2024 Tekst van de regeling Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard; gelet op: - titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht; - de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht; - artikel 35 Participatiewet; Overwegende dat: - het gewenst is om met terugwerkende kracht over 2023 en 2024 beleidsregels vast te stellen voor de verstrekking van de individuele bijzondere bijstand aan gezinnen die huur- en zorgtoeslag missen door de samenloop van fiscaliteit, sociale zekerheid en toeslagen.

besluit Artikel 1 Begripsbepalingen 1. Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet (PW), het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). 2. In deze beleidsregels wordt verstaan onder: a. de wet: Participatiewet; b. algemene bijstand: algemene bijstand op grond van artikel 19 van de Participatiewet; c. het college: het college van burgemeester en wethouders; d. gezin: gehuwden en samenwonenden die volgens de Wet op de Inkomstenbelasting en de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) als fiscaal partner worden aangemerkt en waarvan: I. één van de partners een inkomen heeft en de andere partner geen of slechts een heel laag inkomen heeft, en; II. de minstverdienende partner, vanwege de afbouw van de algemene heffingskorting minstverdienende partner niet in aanmerking komt voor de algemene heffingskorting minstverdienende partner; e. toeslagenjaar: de kalenderjaren 2023 en/of 2024 waarin het gezin recht heeft op huur –en/of zorgtoeslag van de Belastingdienst-Toeslagen; f. toetsingsinkomen: I. bij een aangifte Inkomstenbelasting met definitieve vaststelling door de Belastingdienst, is het toetsingsinkomen gelijk aan het verzamelinkomen uit de definitieve aanslag Inkomstenbelasting; II.

als er nog geen definitieve vaststelling Inkomstenbelasting door de Belastingdienst is, of er is geen aangifte Inkomstenbelasting gedaan is, is het toetsingsinkomen gelijk aan het belastbare loon blijkend uit de jaaropgaven en/of inkomensspecificaties. g. belastbaar loon: hieronder wordt ook verstaan: ‘bedrag of loon voor de loonheffingen (LH of LB)’, of ‘fiscaal loon’. h. alleenverdienersproblematiek: hiervan is sprake als een groep alleenverdieners-huishoudens, vergeleken met een vergelijkbaar gezin voor wie algemene bijstand de enige bron van inkomsten is, minder toeslag ontvangt op grond van de Wet op zorgtoeslag en de Wet op de huurtoeslag. Dit vanwege asynchroniteit van de afbouw van de dubbele algemene heffingskorting zoals bedoeld in artikel 37, tweede lid, van de wet ten opzichte van de afbouw van de dubbele algemene heffingskorting als bedoeld in artikel 8.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001; i. lijst van het Inlichtingenbureau: door het inlichtingenbureau gepubliceerde lijst uit juli 2024, waar de Burgerservicenummers op staan van potentiële alleenverdienende huishoudens zoals deze bekend zijn bij de Belastingdienst. Artikel 2 Doelgroep Alleenverdienersproblematiek 1. De bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek kan ambtshalve worden verstrekt aan een gezin dat op de lijst van het Inlichtingenbureau voorkomt en woonachtig is in Krimpenerwaard.

Het gaat om de toeslagenjaren 2023 en 2024. 2. De bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek kan op aanvraag worden verstrekt aan een gezin dat: a. een inkomen heeft gehad in 2023 en/of 2024 uit een uitkering, niet zijnde een uitkering op grond van de wet, eventueel aangevuld met algemene bijstand op grond van artikel 19 van de wet, en; b. vergeleken met een vergelijkbaar gezin voor wie algemene bijstand op grond van artikel 19 van de wet de enige bron van inkomsten is, minder toeslag ontvangt op grond van de Wet op de pag. 2 van 4

3.

4. 5. 6.

zorgtoeslag en de Wet op de huurtoeslag, vanwege de afbouw van de dubbele algemene heffingskorting zoals bedoeld in artikel 37, tweede lid, van de wet ten opzichte van de afbouw van de dubbele algemene heffingskorting als bedoeld in artikel 8.9 van de Wet Inkomstenbelasting 2001, en; c. hierdoor in een toeslagenjaar een netto-inkomen heeft dat lager ligt dan het inkomen van een vergelijkbaar gezin met een volledige bijstandsuitkering. In afwijking van lid 2 kan de bijzondere bijstand ook worden toegekend aan (voormalige) gezinsleden die op het moment van indiening van de aanvraag niet langer fiscaal partner zijn, maar dit wel waren over (een gedeelte van) de toeslagenjaren 2023 en/of 2024. In dat geval wordt het aan het voormalige gezin uit te betalen bedrag gesplitst, waarbij iedere partner recht heeft op de helft van het bedrag dat op basis van deze beleidsregels kan worden uitgekeerd. Voor de toepassing van deze regeling wordt het vermogen niet in aanmerking genomen. Bijzondere bijstand op grond van deze regeling kan alleen worden verstrekt aan een gezin of gezinsleden die woonachtig zijn in de gemeente Krimpenerwaard. Bijzondere bijstand op grond van deze beleidsregel wordt niet verstrekt aan een gezin of gezinsleden die al in een andere gemeente of op een andere manier compensatie hebben ontvangen voor de alleenverdienersproblematiek.

Artikel 3 Hoogte van de bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek en wijze van uitbetaling. 1. De bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek bedraagt € 1.000,00 per toeslagenjaar per gezin. 2. De bijzondere bijstand waarop recht bestaat wordt per toeslagenjaar als één bedrag toegekend en uitgekeerd. Artikel 4 De aanvraag 1. De toepassing van dit artikel heeft geen betrekking op de doelgroep uit artikel 2 lid 1. 2. De aanvraag bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek wordt ingediend via het daarvoor beschikbaar gestelde formulier. 3. Een aanvraag voor de bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek moet uiterlijk vóór 1 juli 2026 zijn ingediend. Voor de bepaling van het recht is de woonplaats van het gezin op de datum van de aanvraag leidend. Het is niet relevant wat de woonplaats van het gezin was toen de kosten waarvoor de bijzondere bijstand wordt aangevraagd zich voordeden. 4. Als in het toeslagenjaar waarop de aanvraag bijzondere bijstand betrekking heeft sprake was van fiscaal partnerschap maar door verbreking van die relatie bestaat dat fiscaal partnerschap thans niet meer, dan moeten beide partners ieder voor zich de aanvraag bijzondere bijstand voor dat betreffende toeslagenjaar indienen. Artikel 5 Overgangsrecht 1.

De groep alleenverdieners die valt onder de definitie in artikel 1 lid d en al gecompenseerd zijn via de algemene bijstand, worden opnieuw beoordeeld op basis van deze beleidsregels. Hebben ze minder ontvangen dan het bedrag in artikel 3 lid 1 dan ontvangen ze een nabetaling ter hoogte van het verschil. Als ze meer hebben ontvangen, gaan we niet over tot terugvordering. Artikel 6 Inwerkingtreding en duur beleidsregels 1. Deze beleidsregels treden in werking met terugwerkende kracht per 1 januari 2025 en vervallen met ingang van 1 juli 2026 met dien verstande dat ze hun werking nog blijven behouden voor aanvragen, waarop nog niet is beslist. Artikel 7 Citeertitel 1. Deze beleidsregels worden aangehaald als 'Beleidsregels bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek 2023-2024 gemeente Krimpenerwaard’. Aldus besloten in de vergadering van het college en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard, gehouden op 11 november 2025. pag. 3 van 4

De secretaris,

de burgemeester,

J. Hennip

J. Beenakker

pag. 4 van 4

Beleidsregels Alleenverdienersproblematiek 2025 -2027 Krimpenerwaard Beleidsregels voor de uitvoering van de OV-Meedoenpas Intern

Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld) Onderwerp

Gemeente Krimpenerwaard Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Krimpenerwaard 2025, 2026 en 2027 Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Krimpenerwaard 2025, 2026 en 2027 College van burgemeester en wethouders Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Krimpenerwaard 2025, 2026 en 2027

Opmerkingen m.b.t. de regeling n.v.t. Grondslagen • titel 4.3 van de Algemene wet Bestuursrecht; • de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht; • artikel 78gg van de Participatiewet; Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) 1. Geen Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen Datum Terugwerkende Betreft Ontstaansbron: Inwerkingtreding: Voorstel inwerkingtre kracht datum datum gemeenteraad ding ondertekening; ondertekening; bron bekendmaking bron bekendmaking Na 1 januari 2025 Alleenverdiener n.v.t. bekendmakin sproblematiek g 2025-2027 Tekst van de regeling Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard; gelet op: - titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht; - de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht; - artikel 78gg Participatiewet; Overwegende dat: - het wenselijk vindt om aan te geven in welke situaties en onder welke voorwaarden een huishouden een vaste tegemoetkoming kan worden verstrekt of geweigerd en; - daartoe beleidsregels wenst vast te stellen;

besluit Artikel 1. Begripsbepalingen 1. In deze beleidsregels wordt verstaan onder: - Alleenverdiener: het huishouden dat: a. een inkomen heeft uit een uitkering, niet zijnde een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet, eventueel aangevuld met een uitkering op grond van de Participatiewet en; b. vergeleken met een vergelijkbaar huishouden, waarvoor het inkomen uit enkel een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet bestaat, een lager bedrag aan tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ontvangt, als gevolg van de verschillende afbouwpaden van de dubbele algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 37, tweede lid, Participatiewet en in artikel 8.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en; c. een netto-inkomen en tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ontvangt dat in totaal lager ligt dan bij een vergelijkbaar huishouden waarvoor het inkomen uit een uitkering enkel bestaat uit een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet, vanwege hetgeen genoemd is onder sub b. -

Huishouden: twee personen die fiscaal partner en toeslagpartner van elkaar zijn voor het jaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft;

-

Vaste tegemoetkoming: het bedrag dat over de kalenderjaren 2025, 2026 en 2027 per jaar wordt vastgesteld bij ministeriële regeling in het kader van artikel 78gg, Participatiewet.

Artikel 2. Ambtshalve toekenning 1. Het college kent aan ieder huishouden waarvan voor het betreffende kalenderjaar het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner is verstrekt aan het college op grond van artikel 78gg, vijfde lid, Participatiewet, ambtshalve de vaste tegemoetkoming voor dat kalenderjaar toe. 2. Het college kent de vaste tegemoetkoming over de jaren 2025, 2026 en/of 2027 ambtshalve toe aan het huishouden, indien: a. het huishouden voor 2025, 2026 en/of 2027 nog geen vaste tegemoetkoming toegekend heeft gekregen; b. voor 2025, 2026 en 2027 het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner in het huishouden niet is verstrekt aan het college op grond van artikel 78gg, vijfde lid, Participatiewet; c. op basis van de bij het college bekende gegevens het college vermoedt dat het huishouden aanspraak kan maken op de vaste tegemoetkoming; d. er zich tussentijds geen relevante wijzigingen hebben voorgedaan in de situatie van het huishouden of de achterliggende wetten en; e. de meestverdienende partner ingeschreven staat in de gemeente.

Artikel 3. Aanvraag op uitnodiging 1. Het college kan het huishouden uitnodigen om over 2026 en/of 2027 een aanvraag voor de vaste tegemoetkoming in te dienen, indien: a. het huishouden voor 2025, 2026 en/of 2027 nog geen vaste tegemoetkoming toegekend heeft gekregen; b. voor 2026 en 2027 het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner in het huishouden niet is verstrekt aan het college op grond van artikel 78gg, vijfde lid, Participatiewet; c. op basis van de bij het college bekende gegevens het college vermoedt dat het huishouden aanspraak kan maken op de vaste tegemoetkoming en; pag. 2 van 4

d. de meestverdienende partner ingeschreven staat in de gemeente. Artikel 4. Aanvraag zelfmelder 1. 2. 3. 4.

Het huishouden kan een aanvraag om een vaste tegemoetkoming indienen bij het college. De aanvraag om een vaste tegemoetkoming kan vormvrij worden ingediend bij het college. Het college beoordeelt of de aanvrager, behoort tot de doelgroep als bedoeld in artikel 1. Het college beoordeelt of de meestverdienende partner in het huishouden op de datum van aanvraag inwoner van de gemeente is en het huishouden voor het betreffende jaar nog geen vaste tegemoetkoming heeft ontvangen. 5. Bij de vaststelling van het inkomen om te bepalen of het huishouden tot de doelgroep van alleenverdieners behoort, telt alleen het inkomen van beide fiscale - en toeslagpartners mee. 6. Als er sprake is van een vast maandinkomen, toetst het college het inkomen van de meest recente maand van het jaar voorafgaand aan de datum van aanvraag. Het college rekent dit maandinkomen om naar een verwacht jaarinkomen. 7. Als er sprake is van een variabel maandinkomen, toetst het college het inkomen van de meest recente drie achtereenvolgende maanden voorafgaand aan de datum van aanvraag. Het college rekent deze maandinkomens om naar een verwacht jaarinkomen. 8.

Als de definitieve aanslag inkomstenbelasting of definitieve beschikking voor toeslagen over het kalenderjaar waarover de vaste tegemoetkoming wordt aangevraagd al bekend is, dan gebruikt het college het belastbaar jaarinkomen waar deze aanslag of beschikking op is gebaseerd. 9. Bij de vaststelling van het vermogen hanteert het college de vermogensgrens van de zorgtoeslag zoals die geldt voor het kalenderjaar waarover de vaste tegemoetkoming wordt aangevraagd. 10. Het peilmoment van het vermogen is 1 januari 00:00 van het kalenderjaar waarover de vaste tegemoetkoming wordt aangevraagd. 11. De vaste tegemoetkoming over de kalenderjaren 2025, 2026 en 2027 wordt uiterlijk 31 december 2028 aangevraagd. Artikel 5. Toekenning 1. Het college kent de vaste tegemoetkoming eenmaal voor het betreffende kalenderjaar toe en voor het gehele bedrag. Artikel 6. Verstrekking 1. Het college verstrekt de vaste tegemoetkoming over in één keer of verdeeld over de resterende maanden in het kalenderjaar, onder aftrek van de reeds verstrekte bedragen over dat betreffende kalenderjaar. 2. De verstrekking voor het betreffende kalenderjaar loopt door als het huishouden uit de gemeente verhuist. Artikel 7. Ingangsdatum 1. Deze beleidsregels treden met terugwerkende kracht in werking met ingang van 1 januari 2025. Artikel 8. Titel 1.

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Krimpenerwaard 2025, 2026 en 2027.

pag. 3 van 4

De secretaris,

De burgemeester,

J. Hennip

J. Beenakker

pag. 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=45ead076-baf0-47b0-9e25-329bef14f635