1.21 RIB Jaarprogramma centrumtaken
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF
VAN HET COLLEGE VAN B&W VOOR
de gemeenteraad
CC DATUM ONDERWERP
2 juli 2024 Jaarprogramma centrumtaken
Beste meneer, mevrouw, De raad wordt met deze raadsinformatiebrief geïnformeerd over een aantal relevante ontwikkelingen rondom de Centrumtaken Maatschappelijke opvang (MO), Beschermd wonen (BW) en Vrouwenopvang (VO) (hierna Centrumtaken). Vooruitlopend op de vorming van de nieuwe gemeenschappelijke regeling Jeugd en Wmo Midden Holland (GR JW MH), met 1 januari 2025 als beoogde ingangsdatum, hebben de vijf colleges in Midden-Holland besloten om in 2024 al regionaal gezamenlijke verantwoordelijkheid te dragen voor de Centrumtaken BWMOVO. In dit memo wordt ingegaan op de volgende onderdelen: 1) De overdracht van de centrumtaken van Gouda naar de RWO en het BOSD in 2024 en bijbehorende Dienstverleningsovereenkomst BWMOVO; 2) Het jaarprogramma Centrumtaken 2024; 3) De onderzoeksuitvraag voorzieningenniveau MO scenario’s. Ad. 1. Overdracht verantwoordelijkheid centrum taken van Gouda naar RWO Alle gemeenten zijn op grond van artikel 1.2.1 Wmo 2015 verantwoordelijk voor Beschermd Wonen en Opvang (centrumtaken). Onder Opvang valt zowel Maatschappelijke opvang als Vrouwenopvang. De verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de centrumtaken is momenteel belegd bij de centrumgemeente Gouda. Gouda ontvangt hiervoor middelen vanuit het Rijk. Gouda voert dit uit op basis van een mandaat aan de wethouder die belast is met de portefeuille.
De daadwerkelijke uitvoering wordt gedaan door medewerkers van verschillende afdelingen binnen Gouda. De colleges van de vijf regiogemeenten Midden-Holland willen de verantwoordelijkheid voor de centrumtaken gezamenlijk dragen en hebben het voornemen dit onder te brengen in de nieuwe gemeenschappelijke Regeling GR JW MH per 1 januari 2025. Vooruitlopend daarop hebben de colleges besloten om in 2024 de taken al centraal te beleggen bij de RWO en het BOSD, zoals ook de overige taken Jeugd en Wmo bij de RWO zijn belegd. Dit houdt in dat de gemeenten gezamenlijke verantwoordelijkheid dragen voor beleid, inkoop/contractmanagement, en de budgettering, besteding en verantwoording van alle door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor de centrumtaken, op basis van besluitvorming. Momenteel zijn het beleid en inkoop/contractmanagement al bij de RWO ondergebracht, maar de overige taken en verantwoordelijkheden lagen nog bij Gouda. Om de verantwoordelijkheid voor de centrumtaken formeel regionaal te beleggen zijn de benodigde juridische afspraken vastgelegd in de ‘wijzigingsovereenkomst overdracht centrumtaken regionale werkorganisatie Midden Holland’ Een groot deel van de daadwerkelijke uitvoering (toegang, backoffice) blijft bij de medewerkers van de afdelingen van Gouda belegd.
Hiervoor is de ‘Dienstverleningsovereenkomst Beschermd wonen en Opvang’ opgesteld met afspraken tussen RWO en Gouda, over de aard en kwaliteit van te leveren diensten, randvoorwaarden en vergoeding. De DVO treft u in de bijlage.
1377653 / 1385129 gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl
In 2024 tot aan de inwerkingtreding van de nieuwe GR blijft de formele bevoegdheid over de Reserve Maatschappelijke Opvang, Beschermd Wonen en Vrouwenopvang nog bij de Raad van de gemeente Gouda. In de actualisatie van de ‘Nota Reserves en Voorzieningen 2023 Gouda’ is wel afgesproken dat voorstellen voor onttrekking altijd via het BOSD dienen te lopen. Ad. 2 Jaarprogramma Centrumtaken 2024 Het jaarprogramma centrumtaken 2024 zet in op het borgen van de ambities uit de regiovisie ‘Scherper aan de Wind’ en de regiovisie ‘Geweld Thuis Samen Aanpakken’. Het biedt een kader en opdracht van de colleges van de vijf gemeenten aan het bestuurlijk overleg sociaal domein in lijn met de regiovisie. Op de centrumtaken spelen stevige inhoudelijke en financiële vraagstukken, waar op een lange termijn door integrale samenhang de koers en de aanpak bepaald moet worden. De centrumtaken zijn onlosmakelijk verbonden met landelijke opgaven zoals de aanpak dakloosheid (regionaal actieplan van Dak tot Dak), scheiden van wonen en zorg (Wonen Eerst), de landelijke doelstelling om te ambulantiseren (zelfstandig wonen met zorg thuis), het organiseren van een gezinsaanpak t.b.v. de veiligheid (Toekomstscenario, Kind-en Gezinsbescherming) en het verbeteren aansluiting zorg en straf (Veiligheid Voorop). Daarnaast is het creëren van een soepele overgang van 18en 18+ in het hulpaanbod van belang.
In de brede opgave voor de komende jaren zien we drie opdrachten waar de resultaatafspraken voor dit jaar onder vallen. 1. Het uitbreiden van ambulantisering, omdat het bijdraagt aan herstel en om de door-en uitstroom in de opvang te versterken; 2. Het zorgdragen voor goede aansluiting van hulp op de vraag, gebaseerd op data, en onderzoek en met input alle betrokkenen; 3. Het versterken van de samenwerking ten behoeve van een integrale (gezins-)aanpak, waarbij passende hulp centraal staat. Bij deze drie opdrachten is de uitdaging om ervaringsdeskundigheid dusdanig te borgen in de uitwerking, dat het perspectief van de cliënt onderdeel is van het plan, de uitvoering en de evaluatie. Ad. 3 Onderzoeksuitvraag voorzieningenniveau MO scenario’s en winteropvang We beschouwen de rijksmiddelen die we ontvangen voor de centrumtaken als financieel kader, maar we zien in de nabije toekomst tekorten ontstaan. Daarbij zien we ook dat de voorzieningen van de maatschappelijke opvang meer en meer onder druk komen te staan en al hebben geleid tot forse kostenstijgingen, terwijl er ook forse opgaven liggen op het terrein van beschermd wonen. Om tot een structureel sluitende begroting te komen, zijn keuzes nodig. Keuzes in de vorm van maatregelen die én het meeste effect bewerkstellingen én betaalbaar zijn vanuit de beschikbare rijksmiddelen of door aanvullende bekostiging.
Of een combinatie van die twee. Om de juiste keuzes te kunnen maken, is het noodzakelijk inzicht te verkrijgen in: 1. De benodigde voorzieningen maatschappelijke opvang en beschermd wonen, en benodigde integrale aanpak om dakloosheid te voorkomen; 2. Mogelijke scenario’s in het organiseren van een dekkend en effectief zorglandschap; 3. Een overzicht van voor- en nadelen per scenario en de te verwachten kosten t.b.v. duurzame financiering.
pag. 2/3
Het onderzoek wordt door de RWO uitgezet, ten behoeve van het onderbouwd kunnen voorleggen van scenario’s voor effectief en efficiënt beleid, waarbij handvatten nodig zijn voor een sluitende meerjarenbegroting. Deze scenario’s zullen na afronding van het onderzoek worden gepresenteerd aan het BOSD. De uitwerking van de keuzes worden verwerkt in het jaarplan 2025 en bijbehorende begroting 2025 en verder.
Bijlagen RIB: 1. Dienstverleningsovereenkomst Beschermd wonen en Opvang; 2. Jaarprogramma centrumtaken 2024. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,
de burgemeester,
J. Hennip
ir. J. Beenakker
pag. 3/3
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
Dienstverleningsovereenkomst Beschermd Wonen en Opvang tussen De gemeente Gouda en De Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein, een samenwerkingsverband van vijf gemeenten uit de regio Midden-Holland: Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas
De gemeente Gouda, hierbij rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer R. Bakker, gemeentesecretaris van de gemeente Gouda; hierna ook te noemen: “Opdrachtnemer” en: De vijf gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas die de oprichtingsovereenkomst Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein zijn aangegaan, hierbij rechtsgeldig vertegenwoordigd door mw. P. Verkerk-Derksen, programmadirecteur van de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein, hierna ook te noemen: of “Opdrachtgever”. Hierna gezamenlijk ook aan te duiden als ‘Partijen’ Overwegende dat: -
-
-
De vijf gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas samenwerken ten behoeve van de uitvoering van de regionale taken en bovenregionale taken op het gebied van het sociaal domein; De vijf voornoemde gemeenten hiervoor de Oprichtingsovereenkomst Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein met elkaar zijn aangegaan en als zelfstandige eenheid hebben ondergebracht in de organisatie van de gemeente Gouda; De bestuurlijke verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de taken van de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein belegd is bij het Bestuurlijk Overleg Sociaal Domein Midden Holland (BOSD) bestaande uit bestuurlijke vertegenwoordiging van de vijf gemeenten; 1
DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
-
-
-
-
-
De vijf gemeenten voornemens zijn de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein te verzelfstandigen als samenwerkingsorganisatie in het kader van de Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 januari 2025; De gemeenten op grond van artikel 1.2.1 Wmo 2015 verantwoordelijk zijn voor Beschermd Wonen en Opvang; Gouda, als centrumgemeente, ook in 2024 nog de rijksmiddelen voor de taken op het gebied van Beschermd Wonen en Opvang ontvangt en als centrumgemeente verantwoordelijk is voor de besteding en verantwoording van deze middelen; De vijf gemeenten in de regio Midden-Holland per 1 januari 2024 regionaal gezamenlijk bestuurlijke verantwoordelijkheid willen dragen voor de voornoemde centrumtaken zoals ook voor de taken op het gebied van Jeugd en Wmo.
Dit houdt ook in gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de budgettering, besteding en verantwoording van alle door het Rijk beschikbaar gestelde middelen op basis van besluitvorming BOSD1; De Opdrachtnemer de door het Rijk beschikbaar gestelde budgetten voor Beschermd Wonen en Opvang in de begroting oormerkt onder budgethouderschap van Opdrachtgever; Een deel van de uitvoering van de centrumtaken bij Gouda is belegd en de vijf regiogemeenten via de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein gebruik wil maken van de diensten van de gemeente Gouda, hierna genoemd de ‘’BW-O’’ taken; De gemeenten vooruitlopend op de genoemde verzelfstandiging afspraken over bovenvermelde dienstverlening aan de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein willen vastleggen in een dienstverleningsovereenkomst.
Komen het volgende overeen: Artikel 1
Begrippen
1. Beschermd Wonen: wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij op de locatie dag en nacht aanwezige toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van
1 Overeenkomst Beschermd wonen, vastgesteld in de colleges van de vijf gemeenten op in Gouda 31 oktober 2023 en in andere gemeenten
een week later.
2 DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
2.
3.
4.
5.
gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving; Beschut Wonen: wonen in een kleinschalige – geclusterde-woonvorm met bewoners met vergelijkbare behoefte aan ondersteuning en waarbij de cliënt zelf huur betaalt. Begeleiding is op doordeweekse dagen op vaste momenten aanwezig en daarbuiten 24-uurs bereikbaar en indien nodig op afroep langskomt. Ondersteuning is nodig door psychiatrische problematiek, lvbproblematiek, verslaving of een combinatie hiervan. Beschut wonen is bedoeld voor bewoners die uitstromen uit beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verblijfszorg jeugdzorg én om instroom te voorkomen. Opvang: onderdak en begeleiding voor personen die de thuissituatie hebben verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving, niet zijnde personen die de thuissituatie hebben verlaten in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld.
Dit omvat zowel Maatschappelijke Opvang als Vrouwenopvang; Uitvoeringsbudget: in de regionale begroting voor de regionale voorzieningen opgenomen budget bestemd voor de uitvoering door de Regionale Werkorganisatie waaronder inbegrepen zijn de kosten voor de regionale toegang, indicatiestelling en plaatsing van cliënten door consulenten van De Toegang, ondersteunend en adviserend personeel en de backoffice taken; Uitvoerende taken: de bij Opdrachtnemer belegde uitvoeringstaken, niet zijnde de taken die bij de Regionale Uitvoeringsorganisatie Sociaal Domein zijn ondergebracht, op het gebied van Beschermd Wonen en Opvang zoals omschreven in bijlage 1 bij deze overeenkomst.
Artikel 2
Omschrijving van de dienstverlening
1. De Opdrachtgever verleent hierbij aan Opdrachtnemer opdracht tot het uitvoeren van de Wmo-taken op het gebied van Beschermd Wonen en Opvang. 2. De uitvoerende taken op het gebied van Vrouwenopvang zijn door de Opdrachtgever op basis van subsidie belegd bij Vrouwenopvang Kwintes. Opdrachtnemer levert voor Opdrachtgever ondersteunende diensten ten behoeve van de subsidieverlening. 3. De beschrijving van de in het eerste en tweede lid genoemde uitvoeringstaken is opgenomen in bijlage 1 en maakt integraal onderdeel uit van deze overeenkomst. 4. Uitvoering van de taken vindt plaats overeenkomstig het vastgestelde beleid van Opdrachtgever en de regiovisie Jeugd en Wmo Midden-Holland 2021-2024.
3 DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
Artikel 3
Vergoeding
1. Opdrachtgever is voor de door Opdrachtnemer uit te voeren taken genoemd in artikel 1 een jaarlijkse vergoeding verschuldigd. 2. De vergoeding bestaat uit de met de uitvoering van de taken samenhangende directe personeelslasten, bestaande uit de jaarlijkse loon-en inhuurkosten inclusief een opslag van 35% overhead, welke niet al zijn verrekend via de Dienstverleningsovereenkomst Bedrijfsvoering. 3. Van het bedrag aan loonkosten wordt een initiële opslag van 10% in rekening gebracht voor inhuur als gevolg van ziektevervanging/verzuim. De werkelijke kosten voor inhuur als gevolg van ziektevervanging zoals bedoeld in het tweede lid worden separaat in beeld gebracht en achteraf verrekend. 4. De voor de uitvoering van de taken benodigde personele capaciteit is gebaseerd op de omvang en complexiteit dan wel intensiteit van het aantal meldingen van hulpvragen in relatie tot Beschermd Wonen en Opvang. 5. Opdrachtnemer heeft de grondslag en de berekening van de jaarlijkse vergoeding van de voor opdrachtgever uit te voeren taken op transparante wijze inzichtelijk gemaakt welke door Opdrachtgever is geaccepteerd en als bijlage 3 bij deze overeenkomst is gevoegd. 6. Als blijkt dat de vergoeding als bedoeld in het tweede lid niet toereikend is, treden Partijen in overleg over een -al dan niet tijdelijke- bijstelling van de vergoeding.
Een afwijking binnen een bandbreedte van 10% van de vergoeding is toegestaan, zonder dat daarvoor bestuurlijke besluitvorming in het BOSD nodig is. Opdrachtnemer brengt hiervoor ook een opslag van 35% overhead als bedoeld in het derde lid in rekening. 7. Wanneer dit voor één of beide partijen niet leidt tot een bevredigende uitkomst, treden de escalatiebepalingen zoals beschreven in artikel 4 lid 5 in werking. 8. Indien door opdrachtgever incidenteel aanvullende inzet van opdrachtnemer wordt gevraagd in het kader van de uitvoering van specifieke pilots of projecten of andere werkzaamheden die buiten de scope van de reguliere taken als bedoeld in bijlage 1 vallen en niet kunnen worden opgevangen binnen de bandbreedte als bedoeld in het zesde lid, worden hiervoor specifieke afspraken gemaakt. Het personeel dat hiervoor door opdrachtnemer wordt ingezet, wordt tegen een vooraf vastgesteld uurtarief doorbelast aan de opdrachtgever. Het uurtarief is gekoppeld aan het schaalniveau van de functionaris. 9. De kosten voor de dienstverlening worden (intern) verrekend via een transparante en navolgbare procedure.
4 DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
Artikel 4
Kwaliteit van de geleverde dienstverlening
1. Partijen verplichten zich over en weer om de dienstverlening met maximale zorg en tegen de afgesproken vergoeding te blijven leveren en in te zetten. Bij constatering van afwijkingen in de geleverde diensten wordt op operationeel niveau direct contact gezocht met de andere partij om verspilling van geld en energie tegen te gaan. 2. Uitvoering van de taken vindt plaats in overeenstemming met de in bijlage 2 beschreven servicenormen en kwaliteitscriteria. 3. Opdrachtnemer zet personeel in dat voldoet aan de wettelijke eisen en dat minimaal beschikt over de gangbare competenties en vaardigheden die nodig zijn om de activiteiten zoals genoemd in artikel 2 uit te voeren. 4. Wanneer partijen het niet eens zijn over de kwaliteit van de geleverde dienst wordt dit zo spoedig mogelijk door de in artikel 9, lid 2 genoemde personen mondeling kenbaar gemaakt en binnen een week met een onderbouwde toelichting en zo mogelijk met een voorgestelde oplossing kenbaar gemaakt aan de wederpartij. Deze verplicht zich binnen een week te komen met een inhoudelijke reactie op de voorgestelde oplossing. 5. Wanneer dit niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing is escalatie mogelijk op directieniveau (gemeentesecretaris Gouda en programmadirecteur RWO) en daarna op het niveau van het Regionale Secretarissen Overleg Midden-Holland (RSO). Artikel 5 1. 2.
Opdrachtgever verplicht zich om de uitvoerende diensten op het gebied van Beschermd Wonen en Opvang genoemd in artikel 2, uitsluitend af te nemen van Opdrachtnemer. De verplichting diensten af te nemen geldt gedurende de looptijd van de overeenkomst, tenzij anders schriftelijk door beide partijen overeengekomen.
Artikel 6 1. 2.
Exclusiviteit
Verzekering, aansprakelijkheid en vrijwaring
Opdrachtnemer aanvaardt geen aansprakelijkheid die verband houdt met of ten gevolge van de uitvoering van werkzaamheden voortvloeiend uit deze overeenkomst. Wanneer in deze overeenkomst opgenomen verplichtingen niet worden uitgevoerd of kunnen worden uitgevoerd, treden partijen met elkaar in overleg. In dit overleg wordt in ieder geval de oorzaak van de tekortkoming besproken en de mogelijkheden om de geconstateerde onvolkomenheden binnen een redelijke termijn op te lossen. Wanneer dit voor één of beide 5
DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
partijen niet leidt tot een bevredigende uitkomst, treden de escalatiebepalingen zoals beschreven in artikel 4 lid 5 in werking.
Artikel 7
Duur van de overeenkomst
1. Deze overeenkomst wordt aangegaan voor de periode van één jaar en gaat in met terugwerkende kracht op 1 januari 2024 en eindigt op 31 december 2024, met een verlengingsoptie van maximaal één jaar. 2. Uiterlijk drie maanden vóór de in het vorige lid genoemde einddatum moet duidelijkheid bestaan over eventuele verlenging van de overeenkomst en de voorwaarden waaronder dat geschiedt.
Artikel 8
Informatievoorziening
1. Partijen dragen zorg voor een zorgvuldige, tijdige, juiste en eenduidige informatievoorziening die noodzakelijk is voor, althans van invloed is op, omstandigheden die samenhangen met een rechtmatige en doelmatige uitvoering van de opdracht als bedoeld in artikel 2. Hieronder wordt ook verstaan een wijziging van bestaande wet- en regelgeving, dan wel het voornemen tot het opstellen van nieuw beleid, of andere omstandigheden die naar verwachting gevolgen kunnen hebben voor de uitvoeringspraktijk. 2. Onder de informatievoorziening bedoeld in het eerste lid valt ook de door Opdrachtgever te verstrekken tijdige en juiste informatie ten behoeve van de door Opdrachtnemer op te stellen managementrapportages. Artikel 9
Coördinatie- en afstemming
1. Minimaal tweemaal per jaar vindt er afstemming plaats tussen Opdrachtgever en Opdrachtnemer over de geleverde dienstverlening en of verbeterpunten zijn in de samenwerking. De manager van de Opdrachtgever neemt daartoe contact op met de Opdrachtnemer. Daarnaast vindt overleg plaats op incidentele basis als daartoe aanleiding is. 2. Voor een goede sturing op- en coördinatie van de uitvoering van de taken vindt er per kwartaal afstemming plaats op operationeel niveau tussen beleidsadviseurs Beschermd wonen en Opvang van Opdrachtgever en het voor de toegang van Beschermd wonen en Opvang verantwoordelijk afdelingshoofd(en) van Gouda. De uitkomst van de overleggen dienen als input voor het 6 DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
twee jaarlijkse overleg als bedoeld in het eerste lid. Bijzonderheden en afwijkingen van de dienstverlening worden zo snel mogelijk gecommuniceerd. 3. Als uit het in het tweede lid genoemde afstemmingsoverleg wijzigingen voortvloeien in deze dienstverleningsovereenkomst en de bijbehorende bijlagen, worden deze schriftelijk vastgelegd.
Artikel 10
Bijlagen
Van deze overeenkomst maken de hieronder opgenomen bijlagen onlosmakelijk deel uit: 1. Beschrijving taken en diensten 2. Kwaliteitsnormen (‘Service Level’) 3. Financieel kader en uitvoeringskosten a. Memo KokxDeVoogd b. Berekening personele uitvoeringskosten op basis van de ureninzet
Ondertekening: Aldus overeengekomen, Plaats: Gouda
Datum
_______________ Namens gemeente Gouda, De heer R. Bakker, gemeentesecretaris
Plaats: Gouda
Datum
______________________________ Namens het Bestuurlijk Overleg Sociaal Domein van de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein, Mw. P. Verkerk-Derksen, programmadirecteur van de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein 7 DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
BIJLAGE 1
CATEGORIE CONTACTPERSOON BESCHERMD WONEN
ZORG EN ONDERSTEUNING
Taken Beschermd Wonen en Opvang
SERVICE
TAKEN EN WERKZAAMHEDEN
A1
Vraagverheldering
A2
Onderzoek
A3
Besluitvorming
A4
Integrale dienstverlening
A5
Proactief signaal gestuurd schakelen
Het uitvoeren van vraagverheldering en beoordeling van aanvragen Wmo gericht op meldingen Beschermd Wonen, bij voorkeur gedaan via huisbezoek(en). Onderzoek doen met als doel zorgen voor de juiste hulp en/of passende (maatwerk)voorziening(en) eventueel met sociaal medische advisering en met afstemming van alle betrokkenen. Beslissen over de in te zetten maatwerkvoorzieningen (inclusief de eigen mogelijkheden en de mogelijkheden in het sociale netwerk en algemene voorzieningen) voor zover het gaat om producten waarvan afgesproken is dat Gouda die namens de regio uitvoert als bedoeld in deze DVO in het kader van wet- en regelgeving en dit onderbouwen. Leggen van verbanden wat ten goede komt aan de integrale dienstverlening aan de cliënt. Proactief schakelen met interne collega’s en/of samenwerkingspartners zoals de GGZorganisaties, Veilig Thuis, Meldpunt Zorg en Overlast bij problematiek en signalen (op andere gebieden).
WERK EN FINANCIËN OPGROEIENEN START ARBEIDSMARKT
8 DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
CATEGORIE CONTACTPERSOON
SERVICE
A6
Wachtlijstbeheer
A7 A8
Crisis woonplaats Procesregie wachtlijst en uitstroom Multidisciplinaire overlegtafels
A9
A10 Meedenkkracht
OPVANG
B1
Bemensing loket
WERK EN FINANCIËN
B2
Vraagverheldering
B3
Onderzoek
B4
Besluitvorming
OPGROEIEN EN START ARBEIDSMARKT
TAKEN EN WERKZAAMHEDEN
Wachtlijstbeheer beschermd wonen en beschut wonen; Organiseren, plannen en voorzitten van de plaatsingscommissie beschermd wonen en beschut wonen. Organiseren van tijdelijke woonplek bij crisis. Procesregie op individuele casuïstiek tijdens de periode van de wachtlijst, tijdens verblijf en bij uitstroom. Op uitnodiging deelnemen aan multidisciplinaire overlegtafels in relatie tot Beschermd Wonen met externen vaak op basis van individuele casuïstiek. Meedenken over oplossingen en doen van voorstellen voor gesignaleerde verbeterpunten aan beleid. Bemensen van het loket dak- en thuislozen (telefonisch en inloop). Uitvoeren van vraagverheldering en beoordeling van aanvragen maatschappelijke opvang, briefadres en bijkomende hulpvragen (Wmo, SHV, Participatiewet). Onderzoek doen met als doel zorgen voor de juiste hulp en/of passende opvang eventueel met sociaal medische advisering en met afstemming van alle betrokkenen. Beslissen over de in te zetten maatwerkvoorziening (inclusief de eigen mogelijkheden en de mogelijkheden in het sociale netwerk en algemene voorzieningen)
9 DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
CATEGORIE CONTACTPERSOON
SERVICE
B5
Integrale dienstverlening
B6
Proactief signaal gestuurd schakelen
B7 B8
Noodopvang Procesregie wachtlijst en uitstroom Multidisciplinaire overlegtafels
B9
B10 Meedenkkracht
MAATSCHAPPELIJK BELEID
C1 Subsidieondersteuning
C2 Beleidstaken regionale voorzieningen
TAKEN EN WERKZAAMHEDEN in het kader van wet- en regelgeving en dit onderbouwen. Leggen van verbanden wat ten goede komt aan de integrale dienstverlening aan de cliënt. Proactief schakelen met interne collega’s en/of samenwerkingspartners zoals de GGZorganisaties, Veilig Thuis, Meldpunt Zorg en Overlast, Veiligheidshuis, Reclassering en PI zorgaanbieders bij problematiek en signalen (op andere gebieden). Organiseren van noodopvang bij crisis. Procesregie op individuele casuïstiek tijdens de periode van de wachtlijst, tijdens verblijf en bij uitstroom. Op uitnodiging deelnemen aan multidisciplinaire overlegtafels in relatie tot Maatschappelijke Opvang met externen vaak op basis van individuele casuïstiek Meedenken over oplossingen en doen van voorstellen voor gesignaleerde verbeterpunten. Inhoudelijke, financiële en procedurele ondersteuning subsidie afhandeling maatschappelijke opvang en vrouwenopvang Beleidstaken specifiek gekoppeld aan de regionale voorzieningen/locaties die in Gouda gevestigd zijn of die verband houden met feit dat het loket in Gouda gevestigd is, waaronder: 10
DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
CATEGORIE CONTACTPERSOON
SERVICE
TAKEN EN WERKZAAMHEDEN •
•
•
•
Inzet bij (on)veiligheid: overlast, ontruimingen, gesprekken met buurtbewoners etc. Inzet t.b.v. huisvesting/wonen: afstemming met ruimtelijk beleid, wonen, vastgoed etc., Inzet t.b.v. briefadressen. dak- thuisloze opvang in centrum gemeente Gouda en de daarbij horende lokale interventies zoals bijv bij overlast, koude regeling, Wmo begeleiding et cetera.
11 DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
BIJLAGE 2
Kwaliteitsnormen
THEMA
KWALITEITSNORMEN
RICHTLIJNEN, WERKINSTRUCTIES EN PROTOCOLLEN
Efficiëntie en effectiviteit
Onafhankelijke cliëntondersteuning
Transparantie
Warme overdracht
Samenwerking
DESKUNDIGHEID
Eigen oordeel
Medewerkers beoordelen de effectiviteit en efficiëntie van de gebruikte werkprocessen als voldoende. Client wordt tijdens het onderzoek gewezen op de mogelijkheid van gebruik van onafhankelijke clientondersteuning. Ook wordt aan de cliënt kenbaar gemaakt in de ontvangstbevestiging van de Wmo-melding. De opdrachtgever beoordeelt de dienstverlening van de opdrachtnemer in relatie tot de financiering als transparant en navolgbaar. Daarvoor voert de opdrachtnemer een deugdelijke administratie en goede registratie uit. Bij casuïstiek op het snijvlak van wat lokaal en regionaal is, vindt een warme overdracht plaats tussen de lokale gemeenten en Gouda als centrumgemeente. De samenwerking tussen de Toegang en inen externe ketenpartner (waaronder de zorgaanbieders) wordt met tenminste een voldoende beoordeeld. Dit wordt tweemaal jaarlijks geëvalueerd in de plaatsingscommissie. Medewerkers beoordelen middels hun jaarlijkse evaluatie/individuele werkplan met de leidinggevende hun eigen deskundigheid en de ondersteuning(smiddelen) met minimaal een voldoende. 12
DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
THEMA
KWALITEITSNORMEN Training en opleiding, op peil houden vakkennis
KLANTEN
Laagdrempelige toegang
Tevredenheid eerste contact
Tevredenheid casusregie
Tevredenheid afgeronde casussen
Klachten
De professionals beschikken over de vereiste diploma’s, certificaten en hebben vakinhoudelijke kennis en passende vaardigheden. De kennis en vaardigheden van de professionals wordt d.m.v. wekelijks casuïstiek overleg, afstemming met de gedragswetenschapper en middels opleidingen en trainingen up-to-date gehouden. De inwoners die gebruik maken van de diensten van gemeente Gouda, beoordelen de bereikbaarheid en laagdrempeligheid van de Toegang tot ondersteuning met minimaal een voldoende. Dit wordt gemeten in een breed cliënttevredenheidsonderzoek van gemeente Gouda. Inwoners die contact opnemen met gemeente Gouda, beoordelen de eerste ondersteuning en hulp bij hun vraag met minimaal een voldoende. Dit wordt gemeten in een breed cliënttevredenheidsonderzoek van gemeente Gouda. 80% van de inwoners die door Gouda geholpen is, is tevreden met de uitvoering van het plan en het contact met de regisseur. Medewerkers van Gouda sturen in 100% van de casussen op het behalen van de doelen in het plan van aanpak dat samen met de cliënt wordt opgesteld. Gemeente Gouda handelt klachten af van inwoners die gebruik maken van diensten 13
DVO BW-MO-VO final 16012024
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
THEMA
KWALITEITSNORMEN van Gouda in het kader van taken omschreven in deze DVO in overeenstemming met de door Gouda vastgestelde klachtenprocedure.
MEETBARE DOELEN
Doorlooptijden / wettelijke termijnen
Tenminste 75% van de casussen wordt doorlopen binnen de daarvoor geldende wettelijk gestelde termijnen. Overschrijding kan voorkomen, mits uitstel aan cliënt gevraagd en door de cliënt verleend.
14 DVO BW-MO-VO final 16012024
BIJLAGE 3: Vergoeding centrumtaken Inleiding De gemeenten in de regio Midden-Holland willen vanaf 2024 regionaal gezamenlijke verantwoordelijkheid dragen voor de 3 centrumtaken zoals ook voor de taken op het gebied van Jeugd en Wmo. Een deel van deze taken blijft formeel bij Gouda belegd, waardoor de noodzaak ontstaat om hiervoor een DVO op te stellen met de regiogemeenten via de RWO. Beleid, contractmanagement en toezicht zit al bij RWO, uitvoeringstaken zijn en blijven bij de gemeente Gouda belegd. Als centrumgemeente ontvangt Gouda ook in 2024 nog de rijksmiddelen voor de taken op het gebied van Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang. De rijksmiddelen dekken zowel de programmakosten als de uitvoeringskosten. De taken en middelen worden vanaf 1 januari 2024 belegd bij de RWO en de uitvoering van de taken worden door de gemeente Gouda voor de RWO uitgevoerd. Opbouw kosten centrumtaken Voor 2024 worden onderstaande componenten toegerekend aan de begroting centrum taken: a) kosten voor beleidsmedewerkers (vanuit de RWO) b) kosten voor uitvoering centrumtaken (vanuit div. afdelingen Gouda) c) kosten voor overhead beleidsmedewerkers RWO (als opslag van 35% over sub a) d)
kosten voor overhead uitvoering centrumtaken (als opslag van 35% over sub b)
Omdat de beleidsmedewerkers (onderdeel a) al onderdeel zijn van de RWO, worden alleen de onderdelen b) en d) gesommeerd als bedrag opgenomen in de DVO. Onderdeel c) is immers al onderdeel van de DVO Bedrijfsvoering. Hierdoor worden dubbellingen in de overeenkomsten en vergoedingen voorkomen. Definities kostencomponenten In artikel 3 van de DVO staat een definitie van de met de uitvoering van de taken samenhangende kosten. Deze kosten bestaan uit drie componenten: 1. Personeelskosten 2. Inhuurkosten 3. Overhead Met personeelskosten worden bedoeld de brutoloonkosten inclusief werkgeverslasten, individueel keuzebudget en pensioenafdrachten. Met inhuurkosten wordt bedoeld alle kosten van de inhuur van extern personeel. Met overhead wordt bedoeld de kosten van de bedrijfsvoeringsfuncties (PIOFAH-functies) conform de definitie van de DVO Bedrijfsvoering. Uitgangspunten voor de berekening Voor de berekening van de omvang van de inzet vanuit de gemeente Gouda (component b) is gebruik gemaakt van een op waarnemingen gebaseerde inschatting van de direct leidinggevenden, die vervolgens door hen getoetst is bij de medewerkers. Bij afwezigheid van specifieke urenregistratie is dit de next-best optie. Voor de consulentenfunctie is ter onderbouwing nog een rekensystematiek onderlegd op basis van taken, aantal dossiers, gemiddelde tijd per dossier enz.
Per functionaris is een inschatting gedaan over het gemiddelde aantal uren per week (zie bijlage). Gelet op de zorgvuldigheid waarmee de ramingen zijn gedaan beoordelen wij deze als voldoende betrouwbaar. Wij hebben geen reden om aan te nemen dat de inschattingen niet kloppen. Voor de berekening van de loonkosten zijn wij uitgegaan van de maandbedragen uit de tabellen cao gemeenten per 1/1/2024 op een gemiddelde periodiek max min 1 (trede 10), vermeerderd met een IKB17
Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein
percentrage van 18% en werkgeverslasten van 32% (totaal 50%). Daarnaast zijn wij uitgegaan van een opslag voor inhuurkosten van 10% op de loonsom van component b. Voor de overhead wordt, conform de afgesproken rekenregel, 35% opslag gehanteerd. Overzicht kostencomponenten centrumtaken Op basis deze uitgangspunten komen wij tot het volgende overzicht van toewijsbare personeels- en inhuurkosten:
In de bijlage hebben we hiervan de onderliggende berekening opgenomen. In de DVO BOMOVO dient hiervan het bedrag te worden opgenomen dat behoort bij de scope van de DVO. In de scope van de DVO dient het rode en lichtrode deel worden meegenomen. Opgeteld komt het totaal van de waarde van de DVO-taken op (€ 1.044.197 + € 365.469 =) € 1.409.666.
16 DVO BW-MO-VO final 16012024
Addendum bij Jaarprogramma RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein Midden-Holland Uit te voeren door Regionale werkorganisatie sociaal domein
Addendum jaarprogramma
RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein
1. Inleiding Het jaarprogramma centrumtaken 2024 zet in op het borgen van de ambities uit de regiovisie ‘Scherper aan de Wind’ en de regiovisie ‘Geweld Thuis Samen Aanpakken’. Het biedt een kader en opdracht van de colleges van de vijf gemeenten aan het bestuurlijk overleg sociaal domein in lijn met de regiovisie. Op de centrumtaken spelen stevige inhoudelijke en financiële vraagstukken, waar op een lange termijn in een meer integrale samenhang de koers en de aanpak bepaald moeten worden. In de regiovisie ‘Scherper aan de Wind’ 2021-2024 is afgesproken tot een gedeelde verantwoordelijkheid en gezamenlijke financiering van de taken Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang te komen. Bij het proces rondom de kadernotitie 2024 heeft het BOSD het voornemen geuit om de taken gefinancierd uit de decentralisatie-uitkering vrouwenopvang toe te voegen, zodat er een koppeling met de regionale reserve wordt gemaakt. Onder centrumtaken vallen de onderwerpen - Beschermd Wonen, - Maatschappelijke Opvang, - Vrouwenopvang & Huiselijk Geweld en kindermishandeling, - OGGZ (Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (waaronder bemoeizorg). De centrumtaken worden onder verantwoordelijkheid van het Bestuurlijk Overleg Sociaal Domein uitgevoerd. De uitvoering van de centrumtaken is vastgelegd in dit jaarprogramma en daar hoort een begroting bij met daarin ook een doorkijk naar 2025 en verder.
In dit document hebben we alleen een financiële toelichting opgenomen, geen cijfers. Een deel van de uitvoerende taken, namelijk de toegang en backofficetaken voor Beschermd wonen en maatschappelijke opvang wordt door de centrum gemeente Gouda uitgevoerd. Hiervoor is de Dienstverleningsovereenkomst Beschermd wonen en Opvang opgesteld met afspraken tussen RWO en Gouda over de aard en kwaliteit van te leveren diensten, randvoorwaarden en vergoeding
2
Addendum jaarprogramma
RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein
2. Uitvoering centrumtaken Alle gemeenten zijn verantwoordelijk voor de veiligheid van burgers, het voorkomen van maatschappelijke uitval en dakloosheid door het vroegtijdig signaleren en beïnvloeden van (risico)factoren. Daarnaast is het doel maatschappelijk herstel te bevorderen in de richting van een zo zelfredzaam mogelijk leven en een aanvaardbare kwaliteit van leven voor kwetsbare mensen. Centrumgemeenten hebben wettelijke taken gericht op maatschappelijke-en vrouwenopvang, beschermd wonen en ambulantisering (zelfstandigheid, scheiden wonen en zorg). Deze taken gaat RWO in overleg met de regiogemeenten -waarvan de centrumgemeente er één is- uitvoeren. Daarbij hoort het voorkomen van huiselijk geweld, (herhaalde) dakloosheid en/of preventie van verslaving of noodzaak tot intensivering van specialistische zorg (via programma Mentale Gezondheid/IZA). De uitvoering van deze taken, wordt in samenhang met de gemeenten in Midden-Holland uitgevoerd, en daarnaast is er sprake van bovenregionale samenwerking in de Veiligheidsregio Hollands Midden, en met het arrondissement Haaglanden. De RWO onderhoudt tevens de contacten met de VNG op de centrumtaken.
Centrumtaken zijn onlosmakelijk verbonden met landelijke opgaven zoals de aanpak dakloosheid (regionaal actieplan van Dak tot Dak), scheiden van wonen en zorg (Wonen Eerst), de landelijke doelstelling om te ambulantiseren (zelfstandig wonen met zorg thuis), het organiseren van een gezinsaanpak t.b.v. de veiligheid (Toekomstscenario, Kind-en Gezinsbescherming) en het verbeteren aansluiting zorg en straf (Veiligheid Voorop). Daarnaast is het creëren van een soepele overgang van 18- en 18+ in het hulpaanbod van belang. In de brede opgave voor de komende jaren zien we drie opdrachten waar de resultaatafspraken voor dit jaar onder vallen. 1. Het uitbreiden van ambulantisering, omdat het bijdraagt aan herstel en om de door-en uitstroom in de opvang te versterken. 2. Het zorgdragen voor goede aansluiting van hulp op de vraag, gebaseerd op data, en onderzoek en met input alle betrokkenen. 3. Het versterken van de samenwerking ten behoeve van een integrale (gezins-)aanpak, waarbij passende hulp centraal staat. Bij deze drie opdrachten is de uitdaging om ervaringsdeskundigheid dusdanig te borgen in de uitwerking, dat het perspectief van de cliënt onderdeel is van het plan, de uitvoering en de evaluatie. 2.1.1 Beschermd Wonen Beschermd Wonen is een voorziening voor een specifieke doelgroep (psychiatrie eventueel in combinatie met verstandelijke beperking en/of verslaving).
In onze regio krijgt BW in 2024 vorm in drie producten: Beschermd Wonen, Beschut Wonen en Gewoon Thuis. Vanaf 2015 is de landelijke beweging van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis ingezet. In deze regio heeft die beweging vorm gekregen door afspraken te maken over de realisatie van locaties voor Beschut Wonen in de regiogemeenten en door het ontwikkelen van het product Gewoon Thuis.
3
Addendum jaarprogramma
RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein
Onderdeel van de beweging naar Beschermd Thuis is ook een toekomstige doordecentralisatie van de Beschermd Wonen middelen van centrumgemeenten naar alle gemeenten. De doordecentralisatie van de middelen heeft onder meer tot doel dat lokale gemeenten meer betrokken worden bij de zorg voor de psychisch kwetsbare inwoners in de eigen gemeente. Gemeenten worden zo gestimuleerd om cliënten zoveel mogelijk in hun eigen wijk en bij voorkeur ambulant te helpen en om de inclusie van psychisch kwetsbare inwoners te bevorderen. Om de lokale ondersteuning van deze beweging te concretiseren is in 2024 met ondersteuning van het landelijk transitieteam een Plan van Aanpak in de maak. Daarnaast is in de inkoop voor 2025 en daarna een product Gewoon Thuis intensief toegevoegd om de ambulantisering een extra boost te geven. Vorig jaar (2023) werd de beoogde doordecentralisatie Beschermd Wonen uitgesteld en na de val van het kabinet is de wetswijziging controversieel verklaard. Dit betekent dat de wetwijziging, als daar positief op besloten wordt, op z’n vroegst in kan gaan in 2026. De opgave tot ambulantisering en maatschappelijke ontwikkelingen zoals een groeiende groep GGZ-cliënten met zeer complexe problematiek (incl. zorgmijders), krapte op de arbeidsmarkt, woningnood en het daardoor stagneren van doorstroom hebben (grote) invloed op de centrumtaken.
Wat is er nu en in de toekomst nodig om inwoners passende zorg te bieden? Voor de centrumtaken geldt dat samenwerking tussen de verschillende domeinen zoals wonen, opvang, preventie en welzijn maar ook het in de uitvoering verwerken van de kerndoelen van de IZA en GALA-akkoorden, noodzakelijk is. Wellicht mede door bovengenoemde zaken, nemen de instroom en de wachttijden voor Beschermd Wonen, ondanks de ambulantisering toe. Dit wordt mede veroorzaakt doordat het aantal plekken Beschermd Wonen zonder bij te sturen afneemt, doordat plekken worden omgezet in WLZ of jeugdwet. Om de wachttijden niet te ver te laten oplopen wordt al een tijd gewerkt aan uitbreiding van het aantal Beschermd Wonen plekken. Deze beweging zetten we in 2024 voort. In het inkoopkader voor 2025 is opgenomen dat de ontwikkelopgaven ambulantisering en verkorten wachttijden met de kernpartners samen wordt doorontwikkeld. De wijze van samenwerken met de kernpartners wordt in dialoogtafels in 2024 voorbereid. Resultaat: het inkooptraject is afgerond Het inkooptraject gaat over de inkoop van maatwerkvoorzieningen. Voor Beschermd Wonen is gekozen voor langdurige partnerrelaties met een beperkt aantal aanbieders om de belangrijkste ontwikkelopgaven uit het inkoopkader (ambulantisering en verkorten wachttijden) effectiever te kunnen oppakken. In 2024 wordt deze samenwerking middels o.a. dialoogtafels voorbereid.
Resultaat: er is een plan van aanpak ter ondersteuning van de verdere ambulantisering. Een bijdrage aan preventie van instroom in Beschermd Wonen en versnelling van succesvolle uitstroom is het versterken van de lokale ondersteuning van mensen met een psychische kwetsbaarheid thuis. Bij het maken van een plan van aanpak is het Landelijk Transitieteam betrokken.
4
Addendum jaarprogramma
RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein
Resultaat: De woonbehoefte van de MOBW doelgroep wordt meegenomen bij het opstellen van een regionale woonzorgvisie. Vanuit MOBW wordt input geleverd aan de regionale woonzorgvisie voor wat betreft de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte aan passende woonplekken voor psychisch kwetsbare en dakloze mensen (zelfstandig en in groepsverband wonend). Resultaat: Er worden afspraken opgesteld over casuïstiek op het snijvlak van MO, BW, Jeugdwet en verantwoordelijkheid centrumgemeente en lokaal. We zien dat er rond een aantal cases er veel overleggen worden gevoerd en waarin over en weer naar elkaar verwezen wordt. De werkafspraken blijken niet duidelijk te zijn of er is een verschil van mening of het lokaal opgepakt kan worden of dat GGZ-hulp eerst nodig is. Door duidelijke lijnen uit te zetten kunnen we efficiënter en effectiever gaan werken. Tevens geeft een analyse op dit vlak aan waar de (terugkerende) knelpunten liggen en wat er mogelijk nog extra geregeld moet worden.
Resultaat: Er wordt voldaan aan landelijke eisen om uitvoering te geven aan een regioplan instroom Wlz-ggz Naar aanleiding van landelijke afspraken is een regioaanpak opgesteld om instroom in de Wlzggz te beperken. Landelijk wordt vinger aan de pols gehouden m.b.t. de voortgang onder andere door voortgangsrapportages te eisen. Daarnaast kunnen landelijke evaluaties leiden tot nieuwe vragen aan de regio’s. 2.1.2 Maatschappelijke Opvang Binnen de Maatschappelijke Opvang zetten we in op de innovatie van de opvang waarbij het benodigde en gewenste voorzieningenniveau (lees; passende voorzieningen voor elke doelgroep met ontwikkel- en/of omklapmogelijkheid) centraal staat. Omdat aard en omvang van doelgroepen en intensiteit van problematiek de zorg- en opvangbehoefte constant in beweging houdt, hebben we baat bij voorzieningen en zorgaanbieders die flexibel mee kunnen bewegen met deze behoefte. We leggen daarbij de nadruk op een integrale intake, een verbetering van de kwaliteit van de opvang en doorstroom naar een eigen woonruimte. We streven op het verkorten van de termijn van verblijf in de opvang en het bieden van zo snel en concreet mogelijk perspectief. In Regio Midden Holland geven wij het Nationaal actieplan Dakloosheid; Eerst een Thuis vorm in een eigen gezamenlijke plan van aanpak ‘van Dak tot Dak’.
De kopthema’s zijn; Preventie dakloosheid, Wonen Eerst, Wonen (scheiden wonen en zorg i.c. woonzorgvisie), Jongeren, EUarbeidsmigranten en Passend voorzieningenniveau. Voor een aantal thema’s werken wij vanuit bestaande beleidslijnen en geven we de aanpak verder vorm samen met maatschappelijk partners, ervaringsdeskundigen en de regiogemeenten. Deze interne en externe samenwerking in diverse werkgroepen op thema is domein overstijgend, met afvaardiging uit zowel het fysieke als sociale domein. In het regionale actieplan wordt doelgroepgericht de aanpak van voorkomen en de route naar oplossen van (herhaalde) dakloosheid voor de komende jaren beschreven. Het benodigde en gewenste voorzieningenniveau staat centraal in de aanpak, evenals het versterken van de sociale basis en inzet op preventie, naast stimuleren van door- en uitstroom naar zelfstandigheid (met ambulante zorg waar nodig).
5
Addendum jaarprogramma
RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein
Resultaat: Er is een Regionaal actieplan Dakloosheid; Actieplan van Dak tot Dak Het doel van de regionale aanpak dakloosheid is het verwerken van de nieuwe lijnen en kopthema’s uit het Nationaal Actieplan Dakloosheid en het aanscherpen van de focus en samenwerking in de regionale aanpak.
Resultaat: er is een extern advies met scenario’s voor de gewenste en benodigde voorzieningen afgesteld op zorgbehoefte en aard en omvang van de doelgroep, in lijn met de gewenste ambulantisering en door- en uitstroom uit MOBW. We stevenen af op een tekort binnen de Centrumtaken, met als grootste zorg over de structurele financiering van de benodigde MO. Daarom wordt extern advies gevraagd. Doel is om op een verantwoorde manier te komen tot een sluitende begroting voor Centrumtaken.
ETHOS-telling 2024-2025 Om doelgerichter en specifieker invulling te geven aan de scenario’s en het praktisch uitvoerbare voorzieningenniveau en omdat het de uitgelezen methodiek is om (verborgen) dakloosheid volgens de landelijk uniforme methodiek en definities in kaart te brengen, melden wij Regio Midden Holland aan voor de ethos telling 2024-2025. De uitkomsten van de Ethos Light telling 2024-2025 zorgen voor datagestuurde beleidsontwikkeling en uitvoering van de aanpak vanaf 2025. De meest eenduidige methode om (verborgen) dakloosheid in kaart te brengen is de ETHOS-light telling, waarin de definitie van dakloosheid duidelijk omschreven staat. Resultaat: er is een actueel overzicht van het aantal (verborgen) dak- en thuislozen in de Regio Midden Holland en zicht op een benodigd voorzieningenniveau voor voorkomen en afschalen/oplossen van dakloosheid en, met aanknoping op de te onderzoeken scenario’s om de centrumtaken (MOBW) houdbaar en betaalbaar te houden. In het kader van data gestuurd beleid ontwikkelen en de mogelijkheid om bij het organiseren van voorzieningen mee te bewegen met de actuele opvang- en zorgbehoefte ligt er dan een zuivere wetenschappelijk onderbouwde telling van de dak- en thuisloze mensen in onze regio.
EU-arbeidsmigranten Eén van de kopthema’s in het actieplan van Dak tot Dak is: EU-arbeidsmigranten. De stijgende problematiek vraagt zowel om een doelgerichte lokale aanpak als om regionale samenwerking. Arbeidsmigranten uit Midden en Oost-Europa die in Nederland en ook in onze regio werken maar door contractbeëindiging hun baan verliezen, worden meestal ook meteen uit hun tijdelijke woning gezet. Daardoor vormen zij een groeiende doelgroep, die niet rechthebbend is voor reguliere opvang en die juist vaak in de koudste periode van het jaar op straat leeft, met steeds intensievere (verslavings-)problematiek. Door de gemeente Gouda is in 2023 gestart met een pilot waarbij intensief samengewerkt wordt met bureau Barka (advies en repatriëring arbeidsmigranten; ondersteuning in de moedertaal). Vanaf 2024 willen wij de samenwerking met Barka financieren vanuit de regionale middelen. Tot op
6
Addendum jaarprogramma
RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein
heden werd Barka lokaal gefinancieerd en ingezet, alleen vanuit Gouda en Bodegraven- Reeuwijk. Vanaf nu gaan wij regionaal samenwerken en financieren. Resultaat: Voorkomen dat arbeidsmigranten uit de EU dakloos dreigen te worden. Intensiveren van advies en begeleiding voor arbeidsmigranten die dakloos (dreigen te) raken door verlies van werk, via structurele regionale & lokale samenwerking ten aanzien van EU arbeidsmigranten. Hierbij spelen maatschappelijk partners zoals Leger des Heils, Reakt en Barka een belangrijke rol. We organiseren de samenwerking met Barka vanuit regionale middelen 2.1.3 OGGZ Bemoeizorg valt onder de Wet Openbare Geestelijke Gezondheidszorg en is het verlenen van outreachende hulp. Bedoelend: bemoeizorgpartners werken actief en met korte lijnen samen en gaan actief de straat op en/of naar inwoners toe om zorgmijders en/of mensen die de weg niet weten kunnen toeleiden naar passende zorg en ondersteuning. Hulpverleners gaan actief op pad en toe en dragen zo ook bij aan het voorkomen en of escaleren van overlast en zorgen voor meer gezamenlijke ‘grip op onbegrip’. Bemoeizorg kan gezien worden als de laatste stap in de keten waar verschillende partijen met elkaar samenwerken op het snijvlak van zorg en veiligheid. Om deze samenwerking goed te laten verlopen zijn samenwerkingsafspraken nodig.
Resultaat: Er ligt eind 2024 een regionaal vastgesteld samenwerkingsconvenant. In het samenwerkingsconvenant staat beschreven wat de gezamenlijke visie en aanpak is inclusief duidelijke werkafspraken tussen gemeenten, zorgorganisaties en Meldpunt Zorg & Overlast. 2.1.4 Vrouwenopvang & aanpak Huiselijk Geweld De 18 gemeenten in de regio Hollands Midden hebben een nieuwe regiovisie huiselijk geweld ‘Geweld thuis samen aanpakken’ 2024—2028, dat in de besluitvormingsfase is aangekomen. In navolging van de regiovisie is een regionaal uitvoeringsplan in concept klaar om vastgesteld te worden. Voor de aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling zijn enkele landelijke programma’s leidend voor de ontwikkelingen. Daaronder het net afgeronde programma Geweld Hoort Nergens Thuis, dat geborgd moet worden in het programma Toekomstscenario, kind-en gezinsbescherming waarin gewerkt wordt aan het verbeteren van de jeugdbeschermingsketen richting een integrale gezinsaanpak. Daarnaast loopt al enkele jaren het programma Veiligheid Voorop, waarin de samenwerking tussen zorg en straf centraal staat. Momenteel wordt gewerkt aan het actieprogramma Gender Gerelateerd Geweld en een plan voor de aanpak van Femicide, welke we zullen volgen. Tot slot zijn er elementen van het programma Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag en Seksueel Geweld die van invloed zijn op het jaarplan.
De vrouwenopvang in Midden-Holland wordt gefinancierd uit de DU VO middelen en is onlosmakelijk verbonden aan de aanpak van Huiselijk Geweld en kindermishandeling. De DU VO is een financiële bijdrage voor de aanpak van alle vormen van huiselijk geweld. Hiermee worden regionale voorzieningen (volledig of deels) gefinancierd, zoals de vrouwenopvang (Kwintes), het Centrum Seksueel Geweld (Rivierduinen) en Veilig Thuis (Hecht). Daarnaast wordt de DU VO ingezet voor een
7
Addendum jaarprogramma
RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein
aantal regio brede ontwikkelingen, de uitvoering van de landelijke programma’s en de nodige deskundigheidsbevordering. RWO presenteert jaarlijks de begroting van de DU VO aan de colleges? van de vijf gemeenten. Vrouwenopvang biedt opvang en begeleiding aan vrouwen en hun kinderen die als gevolg van huiselijk geweld (fysiek, seksueel, financieel en/of psychisch) in een crisissituatie terecht zijn gekomen en dakloos zijn geraakt. Ook worden er vrouwen opgenomen die slachtoffer zijn van vrouwenhandel. De laatste jaren is de focus van alleen opvang naar ambulante zorg verschoven, waarbij uiteraard de veiligheid gewaarborgd moet zijn. Ambulante zorg vraagt aandacht voor een zorgvuldige overdracht naar de lokale teams en maakt het mogelijk om de beperkte capaciteit van de vrouwenopvang zo efficiënt mogelijk in te kunnen zetten. Resultaat: De gemeenteraden stellen dit jaar de regiovisie huiselijk geweld vast De prioriteiten in de gezamenlijke aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling zijn voor de komende jaren vastgelegd in de regiovisie ‘Geweld thuis samen aanpakken’ Aanpak Huiselijk Geweld Hollands Midden 2024–2028. Resultaat: Er is overeenstemming over het uitvoeringsplan en deze is vastgesteld in de colleges. In het uitvoeringsplan is opgenomen wat we bovenregionaal en op regionaal niveau MiddenHolland gaan oppakken en welke prioriteiten we daarin stellen.
Het bestaat uit een jaarplan 2024 en een planning 2024-2028. Dat wordt uitgewerkt in jaarplannen. Het uitvoeringsplan is in Q2 vastgesteld en wordt uitgevoerd. Resultaat: De samenwerking in de jeugdbeschermingsketen is versterkt door de gezinsaanpak gericht op veiligheid. De pilot Samen Veilig Opgroeien wordt geborgd in de lijn, waar de samenwerking wordt versterkt. Met partijen zijn afspraken gemaakt en vastgelegd. De uitwerking van de begrippen veiligheid, gezinsaanpak, verklarende analyse en veiligheid is beschikbaar en een stappenplan om deze uit te voeren uitgewerkt.
8
Addendum jaarprogramma
RWO 2024
Centrumtaken sociaal domein
3. Doorkijk naar 2025 en verder De komende jaren gaan we aanlopen tegen eerder genoemde knelpunten om te voldoen aan de ambitie om inwoners passende zorg te blijven bieden. Daarnaast hebben we de uitdaging om vorm te geven aan ontwikkelingen uit landelijke actieprogramma’s. Sturing op kwaliteit staat centraal. Niet alleen bij de inkoop van Beschermd Wonen, maar ook in de subsidiëring van de Maatschappelijke- en Vrouwenopvang bouwen we voort op wat er goed gaat. We veranderen gericht en gefaseerd vanuit zakelijk partnerschap met onze aanbieders. Met de nieuwe inkoop zorgen we ervoor dat de inwoners van de vijf gemeenten ook na 1 januari 2025 kunnen rekenen op goede maatschappelijke zorg. Voor Beschermd Wonen is niet met open house constructie gewerkt, maar gekozen voor een inkoop systematiek die moet resulteren in langdurige partnerrelaties met een beperkt aantal aanbieders. Voor de regionale werkorganisatie is het belangrijk om proactief te blijven met een goede afstemming met vertegenwoordigers van de gemeenten en betrokken partijen. Voor het uitdagingen op het terrein van MO/BW/VO is het noodzakelijk dat we samen zoeken naar mogelijkheden en oplossingen. Voor de komende jaren is het essentieel om voldoende te investeren in passende woonvoorzieningen en in een integrale aanpak van huiselijk geweld.
Daarbij moet er voldoende inzicht zijn in wat is passend is, moeten er duidelijke afspraken zijn over wie wat doet, en moet continue de aansluiting tussen aanbod en zorgbehoefte worden gevolgd. Op basis van inzicht en data kunnen we keuzes maken. Inhoudelijk vragen deze vraagstukken en knelpunten om een uitgewerkte visie voor Beschermd Wonen en Maatschappelijk Opvang, een analyse van de knelpunten en een meerjarig begrotingsplan. a. 1. 2. 3.
Visie en beleidsontwikkeling Wat willen we bereiken, Het definiëren van ons gewenste maatschappelijke voorzieningenniveau, Een logische opbouw van de subsidies,
b. 1. 2. 3.
Degelijke analyse De omvang en samenhang van de doelgroep, Werkzame elementen, Ontwikkelingen & trends
Voor de aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling wordt de komende jaren gewerkt aan de uitvoering van de regiovisie en het uitvoeringsplan, waarmee we invulling geven aan de landelijke programma’s.
9