1.204 SV25-072 antw CU, Precariobelasting, meer informatie is gewenst (afdoening T25-043)
Tekst van het document
RAADSVRAAG Nr: SV25-072 Datum: 3 oktober 2025 Vraag art. 38 Indiener: Ton van Dorp en Joeri Jansen, ChristenUnie Onderwerp: Precariobelasting, meer informatie is gewenst
Toelichting bij en doel van de vragen: Tijdens de behandeling van de kadernota is de bezuinigingsoptie ‘invoeren precariobelasting’ door het college naar voren geschoven in hun gewenste/optimale bezuinigingspakket. Zowel in de oordeelsvormende vergadering als in de raadsvergadering over de kadernota is het onderwerp ‘precariobelasting’ door een aantal fracties wel aangebracht, maar hier lijkt door de raad nog weinig op gereflecteerd te zijn. Ook de wethouder heeft wel wat informatie meegegeven over de keuze om precariobelasting (mogelijk) in te voeren, maar ChristenUnie Krimpenerwaard is van mening dat dit onderwerp momenteel nog niet voldoende is behandeld. Via deze schriftelijke vragen willen wij meer te weten komen over het onderwerp precariobelasting om dit ook richting de begrotingsoverleggen weer mee te nemen. Vragen: 1. De wethouder heeft opgemerkt dat precariobelasting in eenzelfde soort kader past als het huidige beleid rond snippergroen. Wat is (in grove lijnen) het huidige beleid rond snippergroen? Antwoord college: In de huidige beleidsnota snippergroen 2025 (beleidsnota) wordt een terughoudend uitgangspunt ingenomen t.a.v. het uitgeven van gemeentegrond. Zo wordt voorkomen dat afstoten (of kwijtraken) van openbare grond ten koste gaat van de kwaliteit van de openbare ruimte inclusief het groen en de strategische en ecologische waarden.
Verzoeken van burgers worden allemaal getoetst aan toetsingscriteria die goed aansluiten bij de hedendaagse ambities en doelstellingen van de gemeente. Ook gemeentegrond die zonder toestemming in gebruik is genomen wordt aan deze criteria getoetst en afgehandeld. Als aan de criteria wordt voldaan dan is het uitgangspunt verkopen. Als verkoop niet mogelijk is, wordt beoordeeld of verhuur van het snippergroen aan de bewoner wel wenselijk is. In voorkomende gevallen is een gebruiksovereenkomst mogelijk. Maatwerk dus. Het grondgebruik is op deze wijze gelegaliseerd hetgeen het kwijtraken van gemeentegrond door een geslaagd beroep op verjaring minimaliseert. 2. Welke wijziging zou er op het beleid rond snippergroen komen als de gemeente Krimpenerwaard precariobelasting invoert? Antwoord college: Beide regelingen behandelen het gebruik van gemeentegrond. Echter, precario is een belasting die de gemeente heft voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Het wordt eenzijdig aan de gebruiker opgelegd. Tegen de aanslag staat bezwaar en beroep open (Algemene wet bestuursrecht). De uitgifte van snippergroen daarentegen gebeurt o.b.v. een wederkerige privaatrechtelijke overeenkomst. Grondgebruik waar precariobelasting over wordt geheven valt daarom niet onder het snippergroenbeleid. Het snippergroenbeleid hoeft niet te worden gewijzigd.
In de verordening precariobelasting wordt een vrijstelling opgenomen voor gebruik waar al een privaatrechtelijke vergoeding voor is overeengekomen.
3. Waarom is een wijziging in het beleid rond snippergroen gewenst? Antwoord college: Zie hiervoor het antwoord op vraag 2. 4. Invoeren van precariobelasting zou volgens pagina 35 & 36 uit het document ‘Voorstel structureel sluitende begroting’ van de raad van 15 juli jaarlijks ongeveer 47.420 euro structureel opbrengen. Hoe hoog wordt het tarief voor de gemiddelde ondernemer zodat de gemeente uiteindelijk op die 47.420 euro komt? Antwoord college: Invoering van precariobelasting is geen door uw raad geselecteerde (‘groene’) bezuinigingsmaatregel om te komen tot een sluitende jaarschijf in 2029. Het tarief is afhankelijk van de keuzes die gemaakt worden. Welke voorwerpen worden er in de heffing betrokken en tegen welk(e) tarief/tarieven? Dit is niet nader uitgewerkt, omdat de bezuinigingsmaatregel niet is geselecteerd. Er is gekeken naar opbrengsten van precariobelasting elders in Nederland. Aan de hand daarvan is een schatting gemaakt van een mogelijke opbrengst en daar zijn de jaarlijkse kosten (bij uitvoering door het SVHW) van afgetrokken. 5. Precariobelasting wordt geheven over voorwerpen onder, op of boven grond die van de gemeente is en bedoeld is voor openbaar gebruik.
Is de gemeente van plan om voor alle voorwerpen al belasting te heffen, en indien nee, waar trekken we dan de grens tussen niet belastte en wel belastte voorwerpen? Antwoord college: De gemeenteraad maakt bij de inrichting van de verordening precariobelasting een afweging over de volgende elementen: - de keuze om de belasting in de hele gemeente te heffen of in een gedeelte (bijvoorbeeld om het gemeentelijk terrassenbeleid te reguleren) - de voorwerpen waarover de belasting moet worden betaald - de maatstaven die de belastingschuld bepalen - de hoogte en differentiatie van tarieven die de belastingschuld bepalen - facultatieve vrijstellingen (bijvoorbeeld voorwerpen waarvoor de gemeente een privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen of voorwerpen waarvan de gemeente eigenaar is en die niet in gebruik zijn bij een derde) 6. Welke (buur)gemeentes heffen ook precariobelasting en raden gemeentes die precariobelasting heffen deze maatregel ook aan? Antwoord college: De gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Lopik, Oudewater en Zuidplas heffen precariobelasting. Deze gemeenten heffen allemaal precariobelasting over terrassen, overige voorwerpen varieert per gemeente. De gemeenten Krimpen aan den IJssel, Molenlanden, Nieuwkoop en Waddinxveen heffen geen precariobelasting.
Het SVHW verzorgt de uitvoering van precariobelasting voor de gemeente Alblasserdam en de gemeente Voorne aan Zee. Bij het SVHW zijn 14 gemeenten aangesloten. 7. Hoe verhouden de voorgestelde tarieven van de precariobelasting zich tot de tarieven in omliggende gemeentes? Antwoord college: Dat is afhankelijk van de inrichting van de verordening precariobelasting. Zie ook de beantwoording van vraag 5.
Ondertekening college: Burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris, de burgemeester,
J. Hennip
ir. J. Beenakker