1.19 SV22-052 antw PK, Uitbreiding ligboxenstal_beantwoording.pdf
Tekst van het document
RAADSVRAAG Nr: SV22-052 Datum: 20 september 2022 Vraag art. 38 Indiener: Ad Struijs, Pro Krimpenerwaard Onderwerp: Uitbreiding ligboxenstal in Ouderkerk / uitbreiding bestaande jongveestal
Toelichting In het raadsvoorstel d.d. 13 september 2022 over de vaststelling bestemmingsplan IJsseldijk-Noord 148, Ouderkerk a/d IJssel staat het volgende. “In de principemedewerking zijn inhoudelijke voorwaarden gesteld over een bestaande jongveestal op het bedrijf en de landschappelijke inpassing van de nieuwe voeropslag. De betreffende jongveestal staat op korte afstand van woningen van derden. Die voldoet volgens het college aan de regels, maar bij een uitbreiding -zoals nu voorzien- dient op grond van de Wet geurhinder en veehouderij en de gemeentelijke geurverordening deze situatie te worden beëindigd. Daartoe is in de principemedewerking de voorwaarde gesteld dat dit binnen 10 jaar (de planperiode) wordt beëindigd. Beëindiging van dit gebruik is gewaarborgd in de regels. Onder verwijzing naar het bijgesloten artikel in het Algemeen Dagblad d.d. 17 september 2022 met als titel “Nieuwe dreun voor boeren: burgers die last hebben van stank hebben recht op schadevergoeding.” Het artikel kan als volgt worden samengevat: De overheid heeft omwonenden van veehouderijen onvoldoende beschermd tegen stankoverlast en moet hun daarom een schadevergoeding betalen. Dat heeft de rechtbank in Den Haag bepaald in een zaak die zestien burgers voerden tegen de staat. De advocaat van de omwonenden noemt de uitspraak 'een doorbraak’. Vragen: 1.
Is het college het met Pro Krimpenerwaard eens dat de voorgestelde uitbreiding van de jongveestal strijdig is met wet en regelgeving? Antwoord college: Nee 2. Is het college ook van mening dat de verstrekte toestemming gedurende ten hoogste 10 jaar deze strijdigheid niet opheft? Antwoord college: Nee 3. Zo nee, op grond welk artikel in de Wet geurhinder en gemeentelijke geurverordening kan hiervan worden afgeweken? Antwoord college: De Wet geurhinder en veehouderij is het toetsingskader bij omgevingsvergunningen voor de activiteit milieu. De Wet geurhinder en veehouderij biedt de gemeente de mogelijkheid om, binnen een wettelijke marge, maatwerk toe te passen door vaststelling van een verordening (artikel 6). Op 1 november 2016 heeft de gemeenteraad de geurverordening en de bijbehorende Geurgebiedsvisie Krimpenerwaard vastgesteld. In de Geurgebiedsvisie is de onderbouwing
voor de vastgestelde geurverordening gegeven. Het gaat hierbij om een afwijking (binnen een wettelijke marge) van de vaste afstanden. Deze afstanden hebben betrekking op melkrundvee, paarden en konijnen. De meeste overige dieren, waaronder varkens, geiten en kippen, hebben een geuremissiefactor. De wettelijke geuremissiefactoren zijn met de Krimpenerwaardse geurverordening niet aangepast. De uitspraak waar in bovengenoemd artikel naar wordt verwezen, heeft betrekking op intensieve veehouderijen met een geuremissiefactor. 4. Brengt de uitspraak van de rechter uw college op andere gedachten? Antwoord college: Nee. 5. Zo ja, kan de gemeenteraad een aangepast raadsvoorstel van uw college verwachten? 6. Zo nee, waarom niet? Antwoord college: Het bestemmingsplan is op 13 september 2022 door de gemeenteraad vastgesteld. 7. Of miss toevoegen, heeft het College rekening gehouden met het mogelijk moeten betalen van een schadevergoeding? Antwoord college: Nee, hiervoor is geen reden. 8. Heeft het college rekening gehouden met het mogelijk moeten betalen van een schadevergoeding? Antwoord college: Nee, hiervoor is geen reden.
Ondertekening college: Burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris, de burgemeester, J. Hennip
P.J. Bouvy-Koene