1.18 RIB Actuele ontwikkelingen in de Jeugdbescherming en ingezette maatregelen in regio Midden-Holland (1208342)
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF
VAN HET COLLEGE VAN B&W VOOR
de gemeenteraad
CC DATUM ONDERWERP
30-08-2023 Actuele ontwikkelingen in de Jeugdbescherming en ingezette maatregelen in regio Midden-Holland
Beste meneer, mevrouw, Op 6 juli 2023 (zie bijlage) bent u in een raadsmemo geïnformeerd over landelijke en regionale ontwikkelingen rondom de jeugdbescherming. De komende maanden zal er in verschillende raden in de regio gesproken worden over het regionaal sociaal domein: bijvoorbeeld in het kader van de inkoop en de hervormingsagenda en zal er ook specifiek aandacht zijn voor de jeugdbescherming. De jeugdbescherming kent een andere dynamiek dan andere taken onder de jeugdwet. De colleges vinden het van belang dat u de ontwikkelingen hierover de komende periode goed kan plaatsen en informeren u met dit memo daarom aanvullend op: 1. Proces en verantwoordelijkheden van ouders, gemeenten, het ministerie, de Inspectie, de rechtbank, en de verschillende partners in de Jeugdbeschermingsketen; 2. De sturing op kwaliteit van jeugdhulp; en de recent ingezette acties van de gecertificeerde instellingen om de kwaliteit van de zorg te verbeteren. Begin september is er in Gouda een bijeenkomst met onder andere raadsleden, jeugdbescherming en ouders. Dit memo geeft extra informatie wat gebruikt kan worden tijdens deze bijeenkomst. Omdat de jeugdbescherming alle regionale gemeenten aangaat, is gekozen de informatie ook met de regionale gemeenten te delen.
Bij dit memo ontvangt u vier bijlagen: - met relevante data over maatregelen, ingezette jeugdhulp en klachten; - een tijdlijn met daarin de ingezette interventies ten aanzien van kwaliteitsverbetering van de jeugdbescherming in de regio Midden-Holland in de afgelopen jaren; - een afkortingen lijst; - memo ontwikkelingen in de jeugdbescherming van 4 juli 2023. Context Landelijk is er veel aandacht voor de kwaliteit van de jeugdbescherming vanuit verschillende instanties zoals de Inspectie, Raad voor de Rechtspraak, Jeugdautoriteit en de Rekenkamer1. Ook in de regio Midden-Holland zetten de colleges zich in om de kwaliteit van de jeugdbescherming die wordt ingezet bij de meest kwetsbare gezinnen in onze regio te verbeteren, en zien we daarbij ook dat de sector onder druk staat. Ook op bovenregionaal niveau2 werken we al een aantal jaren samen om de kwaliteit bij de jeugdbescherming te verbeteren (zie bijlage Tijdlijn). Juist deze (vaak kwetsbare) kinderen hebben bescherming nodig en jeugdhulp van goede kwaliteit. Daarom hebben de colleges de afgelopen jaren, samen met de Gecertificeerde Instellingen (GI) ingezet om tot kwaliteitsverbetering te komen binnen de jeugdbeschermingsketen, zodat hulp aan gezinnen die onder verantwoordelijkheid van de Gecertificeerde Instellingen vallen zo goed mogelijk geborgd is.
Hier zijn ook andere organisaties zoals zorgaanbieders en lokale teams bij betrokken. Binnen de regio Midden-Holland en de regio ZuidWest blijft het college werken aan structurele verbeteringen in de jeugdbeschermingsketen. Concreet gaat het om het vereenvoudigen en verbeteren van processen, reeds ingezette veranderingen te borgen en het werkklimaat voor de jeugdbeschermers te verbeteren. Dit is een 1171446 / 1208342 gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl
ingewikkeld proces, o.a. vanwege krapte op de arbeidsmarkt, negatief imago, oplossingen die niet in een achternamiddag te realiseren zijn, maar die tijd kosten. 1. De jeugdbeschermingsketen Proces in de jeugdbeschermingsketen Ouder(s) zijn primair verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van hun kind(eren). Soms ervaren ouders problemen in de opvoeding van hun kind en dan kunnen ze om hulp vragen, bijvoorbeeld bij een lokaal team van hun gemeente. Dit team zal dan samen met ouders bekijken wat er nodig is en in overleg met de ouders de juiste hulp inzetten. Dit kan variëren van lichte tot zwaardere hulp, er wordt gekeken wat nodig is per gezin. In de meeste gevallen is deze hulp voldoende en vaak kunnen ouders dan zelf weer verder. Maar soms is er meer aan de hand en kan er bijvoorbeeld sprake zijn van (structurele) onveiligheid in een gezin. Indien er sprake is van zorgen over de veiligheid van jeugdigen binnen een gezin, kan er een melding gedaan worden bij de Jeugdbeschermingstafel (JBT). Deze wordt voorgezeten door een onafhankelijk voorzitter. Met alle betrokkenen (melder, ouders, jeugdige, betrokken hulpverleners, steunfiguren voor ouders/jeugdige etc.) wordt dan het gesprek aangegaan over de zorgen. Het kan zijn dat er naar aanleiding van dit gesprek besloten wordt dat de Raad voor de Kinderbescherming verder onderzoek gaat doen.
Als de Raad constateert dat de zorgen ernstig zijn kan er verzocht worden om een Onder Toezicht Stelling (OTS). Dit verzoek wordt gedaan bij de rechtbank. De kinderrechter kan op basis van het onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming besluiten tot een OTS en beslist ook welke Gecertificeerde Instelling deze maatregel moet gaan uitvoeren. Ook kan er een verzoek tot uithuisplaatsing (MUHP= machtiging uithuisplaatsing) gedaan worden bij de kinderrechter. Het percentage jeugdigen waarbij sprake is van een OTS is relatief klein ten opzichte van het totaal aan jeugdigen (zie bijlage). De professionals die werken bij een gecertificeerde instelling kunnen bij de kinderrechter een verzoek indienen tot een machtiging uithuisplaatsing (MUHP) of machtiging gesloten plaatsing. Machtigingen uithuisplaatsingen variëren van een uithuisplaatsing bij de andere ouder tot aan een plaatsing in een residentiële instelling. In sommige gevallen worden ondertoezichtstellingen samen met machtiging uithuisplaatsing doorgezet naar de Gecertificeerde instellingen. Dit kan komen doordat het kind al uit huis geplaatst is in het voorveld of de Raad voor de Kinderbescherming heeft een machtiging verzocht. Bij de start van de OTS voert de gecertificeerde instelling de maatregel inclusief de machtiging uit.
In tabel 2 in de bijlage wordt weergegeven in hoeveel gevallen er een machtiging OTS is uitgesproken in combinatie met een MUHP bij Jeugdbescherming West. Taken en verantwoordelijkheden binnen de jeugdbeschermingsketen Er zijn verschillende taken en verantwoordelijkheden in de jeugdbeschermingsketen. Gemeenten Gemeenten hebben in de Jeugdwet een jeugdhulpplicht gekregen. Zij zijn verantwoordelijk voor een kwalitatief en kwantitatief toereikend aanbod van jeugdzorg voor de jeugdigen in hun gemeente. Artikel 2.4.2 van de Jeugdwet omschrijft deze plicht specifiek voor de jeugdbescherming en stelt dat een gemeente: 1. moet voorzien in voldoende aanbod van gecertificeerde instellingen; 2. de jeugdhulp moeten inzetten waarvan de jeugdbeschermer vindt dat deze noodzakelijk is voor het kind. Daarnaast staat in de Jeugdwet het volgende over toeleiding naar Raad v.d. Kinderbescherming uitvoering geven aan artikel 2.4, lid 1, van de Jeugdwet: a. ‘Zodra het college tot het oordeel komt dat een maatregel met betrekking tot het gezag over een minderjarige die zijn woonplaats heeft binnen zijn gemeente overwogen moet worden, doet het college een verzoek tot onderzoek bij de Raad voor de Kinderbescherming’; b.
Het maken van afspraken over het starten, uitstellen of afwenden van een beschermingsonderzoek door de Raad van de Kinderbescherming en de inzet van Niet Langer Vrijblijvende Hulpverlening. Hierin wordt de continuïteit van de hulpverlening, het optimaal benutten van het vrijwillig kader en het laten aansluiten van het vrijwillig op het gedwongen kader gewaarborgd Dit proces gaat in onze regio via de Jeugdbeschermingstafel. Raad voor de Kinderbescherming De Raad voor de Kinderbescherming is een onafhankelijk orgaan, dat valt onder het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Het Ministerie van Justitie en Veiligheid is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de Raad voor de pag. 2/6
Kinderbescherming en stuurt daarnaast ook op de kwaliteit bij de GI (zie voor meer informatie hieronder). Kinderrechter: Ook de kinderrechter is onafhankelijk, maar wel gebonden aan het recht. De rechter bepaalt, op basis van informatie vanuit de Raad voor de Kinderbescherming of een maatregel (OTS of Voogdij of Jeugdreclassering) noodzakelijk is. Zowel de Raad voor de Kinderbescherming als de kinderrechter zijn volledig onafhankelijk. Gemeenten hebben in dit proces (behalve bij de Jeugdbeschermingstafel) geen rol. Zie verder onder de kopjes Gemeenten en Bestuurlijke overleggen, ketenoverleg, bestuurlijke samenwerking welke rol gemeenten wel hebben m.b.t. de GI. Gecertificeerde Instellingen Als de rechter beslist dat er een kinderbeschermingsmaatregel komt, zorgt een gecertificeerde instelling (GI) voor de uitvoering daarvan. De Jeugdwet schrijft voor dat een instelling die op basis van een gerechtelijke uitspraak jeugdbescherming en/of jeugdreclassering uitvoert daartoe gecertificeerd moet zijn. In Midden- Holland hebben we de volgende GI’s gecontracteerd: Jeugdbescherming West (grootste GI), William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering (specifieke kennis: licht verstandelijke beperkte kinderen of volwassenen) en het Leger des Heils (christelijke organisatie, gespecialiseerd in kwetsbare doelgroepen) 2.
Sturing op kwaliteit binnen de jeugdbeschermingsketen: taken rollen en verantwoordelijkheden Ministerie van Justitie en Veiligheid De rijksoverheid is verantwoordelijk voor een goed jeugdhulpstelsel om kinderen te beschermen waarbij veiligheid in het geding is. In figuur 1 3 zijn de taken van de rijksoverheid, gemeenten, gecertificeerde instellingen (GI) en de Inspecties Gezondheidszorg en Jeugd uitgewerkt. Het Ministerie van Justitie en Veiligheid is verantwoordelijk voor het landelijke normenkader en is opdrachtgever van het Keurmerk Instituut (KMI) Het KMI controleert ieder jaar de kwaliteit van de GI volgens een certificatie schema. Er is een Commissie van Belanghebbenden waar naast het Ministerie, Inspectie en het KMI ook vertegenwoordigers van de GI, cliënten en gemeenten zitting hebben. Deze commissie kan indien nodig het certificatie schema aanpassen aan de praktijk. IGJ De Inspectie van Gezondheidszorg (IGJ) en Jeugd ziet toe op de kwaliteit van jeugdhulpaanbieders en ook gecertificeerde instellingen. De afgelopen jaren is de IGJ intensief betrokken geweest bij verbetering van de kwaliteit bij de GI en heeft hier de regio Zuidwest concrete opdrachten voor gegeven om de kwaliteit van de zorg aan jeugdigen met een maatregel te verbeteren.
Onder andere in het controleren of de normtijden bij de GI behaald werden, de zogenaamde doorbraakaanpak, waarbij jeugdigen met een maatregel voorrang kregen bij inzet jeugdhulp en (het sturen op de) verlaging van de caseload. Gemeenten De gemeente is verantwoordelijk voor een kwalitatief en kwantitatief toereikend aanbod van de jeugdzorg voor de jeugdigen in hun gemeente. De gemeenten in Midden- Holland trekken hierin samen op en hebben deze taak ondergebracht in de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein. Deze stuurt hierop door middel van contracten en contractmanagement. Tijdens periodieke contractmanagementgesprekken met de gecontracteerde gecertificeerde instellingen komen pag. 3/6
de volgende onderwerpen aan bod: • ontwikkelingen binnen de regio en de gecertificeerde instellingen; • data met betrekking tot (V)OTS-en, Voogdij, Jeugdreclassering en Niet Langer Vrijblijvende Hulpverlening; • toegang tot jeugdhulp en eventuele knelpunten daarin. Bestuurlijke overleggen, keten overleg, bovenregionale samenwerking Vanaf juni 2023 is er, vanwege de druk op de GI, halfjaarlijks een bestuurlijk overleg met Jeugdbescherming West (als grootste GI in de regio) met wethouder Bultman van Krimpenerwaard als bestuurlijk trekker van de gecertificeerde instellingen voor de regio Midden-Holland. Met de andere GI’s wordt ambtelijk gesproken. Er is een (ambtelijk) kwartaal overleg met de Raad voor de Kinderbescherming. Er is een Ketenoverleg Veiligheid met de Gecertificeerde Instellingen, Veilig Thuis, de Raad. JBT en lokale teams. Hierbij worden in ieder geval knelpunten besproken op het gebied van beschikbare zorg. Daarnaast staat de onderlinge samenwerking centraal en wordt besproken hoe de samenwerking beter kan. De laatste jaren is er intensief aandacht geweest voor de (verbetering van de) kwaliteit van de uitvoering bij de GI´s en ook de aansluiting bij de lokale teams/gemeenten. Bovenregionaal werken we samen met de regio’s Haaglanden, Zuid Holland Zuid en Holland Rijnland.
Het doel van de bovenregionale samenwerking is inhoudelijke en financiële afstemming tussen de regio’s. Deze overleggen zijn erop bestuurlijk, directeuren, ambtelijk en controllers niveau. Overige ontwikkelingen in Midden- Holland De regio Midden- Holland heeft in de afgelopen jaren een aantal maatregelen genomen ten aanzien van sturen op kwaliteit binnen de jeugdbeschermingsketen, door de zorg voor de meest kwetsbare gezinnen (met vaak complexe problematiek) uit te breiden: • PAST en IVT (Team In Verbinding): gezamenlijk project van meerdere zorgaanbieders in gezinnen waar meervoudige problematiek speelt waarbij zo effectief mogelijk hulp ingezet wordt met als doel jeugdigen zo lang mogelijk thuis te laten wonen. Bij IVT wordt zoveel mogelijk het netwerk betrokken als steun voor het gezin. PAST kan flexibele hulp inzetten, gedurende langere tijd, waarbij verschillende expertises gecombineerd kunnen worden • De BREAK: Deze is recent geopend. Dit is een integrale, domein-overstijgende zogenaamde harmonica voorziening, waar ondersteuning op maat geboden wordt. Dit kan in de vorm zijn van één of meerdere nachten verblijven op locatie in combinatie met intensieve ondersteuning in de thuissituatie of op een andere locatie via een van de betrokken organisaties.
In alle gevallen maakt de ondersteuning (in welke vorm dan ook) onderdeel uit van één integraal plan dat erop gericht is dat de jeugdige na 6 maanden structureel thuis kan (blijven) wonen. • Aandacht voor het hele gezin: Vaak is er bij gezinnen waar een OTS is, sprake van meervoudige problematiek, breder dan alleen bij de jeugdige. Er is aandacht voor sterke verbinding met de lokale teams zodat er breder gekeken kan worden naar wat er speelt in een gezin zoals bijvoorbeeld schulden, armoede, aanwezigheid van andere ondersteuning. Ook kan er sprake zijn van psychiatrische problematiek bij ouders en wordt geprobeerd ouders beter/eerder te laten aansluiten • Experttafel: Hier worden jongeren met zeer complexe problematiek aangemeld en wordt er door zorgaanbieders, onder aansturing van een onafhankelijk voorzitter, gezamenlijk met ouders en, indien mogelijk de jeugdige, bekeken welke vormen van hulp nodig is en hoe hierin (beter) samengewerkt/onderling afgestemd kan worden • Verblijfstafel: Hier wordt met verblijfsaanbieders bekeken welke verblijfsplek voor een jeugdige het meest passend is • Zorgcoördinatie: Er zijn zorgcoördinatoren (vanuit het Expertisecentrum Complexe Zorg) die zowel jeugdbeschermers vanuit de GI als professionals van de lokale teams ondersteunen in het vinden van de juiste, passende zorg en goed op de hoogte zijn van het regionale (som bovenregionale) aanbod
aan zorg • Samen Veilig Opgroeien: In het kader van de (landelijke) plannen voor het Toekomstscenario zijn we in Midden- Holland begonnen met een pilot in Bodegraven. Inmiddels zijn de voorbereidingen gestart om deze uit te breiden naar de overige gemeenten. Doel: Zo vroeg mogelijk de juiste zorg en ondersteuning bieden bij gezinnen waar complexe problematiek speelt, en hierbij het proces voor de gezinnen eenvoudiger maken. Hierbij worden naast de lokale teams en partners uit de jeugdbeschermingsketen ook ervaringsdeskundigen betrokken. pag. 4/6
Ingezette acties ter verbetering van de kwaliteit van de gecertificeerde instellingen in de regio MiddenHolland •
Jeugdbescherming West zet de volgende verbetertrajecten in: • Er wordt de komende maanden een data registratiesysteem ingericht waardoor JB-west een aantal zaken zoals bijvoorbeeld uithuisplaatsingen beter inzichtelijk kan maken voor gemeenten • Ieder gezin krijgt toegang tot zijn eigen dossier; • Er worden cliëntervaringsdeskundigen ingezet om tot kwaliteitsverbetering te komen; • Er wordt meer gestuurd op matching met een jeugdbeschermer; • Er wordt gezorgd dat jeugdbeschermers voldoende tijd hebben voor het gezin. • Er wordt gewerkt aan een systeem waarin terugplaatsingen van jeugdigen inzichtelijk worden gemaakt. Er is een financiële compensatie beschikbaar gesteld met betrekking tot de caseloadverlaging ten behoeve van het verbeterplan. Daardoor worden onder andere aan de volgende doelstellingen gewerkt en hierover moet Jeugdbescherming West periodiek verantwoording afleggen: • Aantal gezinnen dat niet direct een vaste jeugdbeschermer krijgt toegewezen wordt maximaal beperkt in omvang. Er wordt ingezet op zoveel mogelijk 1 vaste jeugdbeschermer per gezin. • Het uitstroom- en ziekteverzuimpercentage van personeel wordt gevolgd en maximaal beperkt in omvang.
JB-west maakt periodiek de gegevens hiervan inzichtelijk • Er wordt een zorgcoördinator ingezet die jeugdbeschermers ondersteunt in het zoeken naar de juiste zorg • Er worden ondersteuners ingezet die jeugdbeschermers ondersteunen in de administratieve taken • Er wordt aantoonbaar en gericht gewerkt aan het betrekken van de inbreng van cliënten in de werkwijze van de jeugdbescherming. Het gaat hierbij om de inzet van ervaringsdeskundigen bij team overleggen en casuïstiek besprekingen maar ook gerichte peilingen bij cliënten
•
William Schrikker Jeugdbescherming zet de volgende verbetertrajecten in: Er is een financiële compensatie beschikbaar gesteld met betrekking tot de caseloadverlaging ten behoeve van het verbeterplan. Daardoor worden onder andere aan de volgende doelstellingen gewerkt en hierover moet William Schrikker periodiek verantwoording afleggen: • Er wordt ingezet op een lagere caseload, voorkomen van uitstroom personeel en beperken van het ziekteverzuim • Er wordt een zorgcoördinator ingezet die jeugdbeschermers ondersteunt in het zoeken naar de juiste zorg • Er worden ondersteuners ingezet die jeugdbeschermers ondersteunen in de administratieve taken • Er is een praktijkcoach aangesteld. Deze praktijkcoach coacht en begeleidt de jeugdzorgwerker in zijn rol als jeugdbeschermer/jeugdreclasseerder in de verantwoordelijkheid en bevoegdheid ten aanzien van de beslissingen die genomen moeten worden rondom de jeugdige en het gezin. Daarnaast coachen zij de jeugdbeschermers op het methodisch werken en het leren reflecteren.
Leger des Heils Jeugdbescherming en Jeugdreclassering zet de volgende verbetertrajecten in: Er is een financiële compensatie beschikbaar gesteld met betrekking tot de caseloadverlaging ten behoeve van het verbeterplan en dit wordt op de volgende wijze ingezet door het Leger: • Het Leger des Heils zet extra personeel in om effecten van ziekteverzuim, personeelsverloop en zwangerschapsverlof te kunnen verminderen. Daarnaast kunnen zij overbelaste medewerkers tijdelijk ontlasten en zo langdurig verzuim te voorkomen. Bijlagen 1. Data GI (aantal cliënten, aantal MUHP, aantal klachten) 2. Tijdlijn met ingezette maatregelen n.a.v. verschenen rapporten vanaf 2019 3. Afkortingenlijst 4. Memo ontwikkelingen in de jeugdbescherming van 4 juli 2023 pag. 5/6
Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,
de burgemeester,
J. Hennip
P.J. Bouvy-Koene
pag. 6/6
Bijlage 1: Cijfers maatregelen, uithuisplaatsingen, en ingezette zorg vanuit de GI en klachten per GI 1. Ingezette maatregelen per GI Net als in andere jeugdhulpregio’s, wordt in de regio Midden-Holland jeugdzorg regionaal ingekocht. In Midden-Holland zijn er drie gecertificeerde instellingen gecontracteerd, namelijk Jeugdbescherming West, William Schrikker Stichting en het Leger des Heils. Jeugdbescherming West is de grootste gecertificeerde instelling in de regio Midden-Holland. Jeugdbescherming West voert 85% van de maatregelen uit in de regio Midden-Holland. Van de 781 maatregelen die in 2022 zijn afgegeven (zie onderstaande tabel) voert Jeugdbescherming West 664 maatregelen uit. De overige maatregelen worden door de William Schrikker Stichting (89 maatregelen) en het Leger des Heils (28 maatregelen) uitgevoerd.
Afgegeven maatregelen in 2022 per gemeente
Jeugdreclassering
31
7
13
6
BodegravenReeuwijk 6
Voogdij OTS
76 177
32 126
37 106
7 78
16 63
Gouda
Krimpenerwaard
Zuidplas
Waddinxveen
300 250 200 150 100 50 0
1. Ontwikkeling maatregelen Binnen Jeugdbescherming West is er onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van de opgelegde maatregelen. In onderstaande grafiek is te dat er sprake is van een daling van het aantal maatregelen. De daling van het aantal maatregelen lijkt vooralsnog te stabiliseren. Uit het onderzoek zijn de volgende oorzaken voor de daling naar voren gekomen: • maatschappelijke visie op jeugdbescherming is veranderd (kritischer op meerwaarde van overheidsingrijpen); • wachtlijsten binnen de keten spelen een rol; • door negatieve berichtgeving is het vertrouwen in de jeugdbescherming laag. Daardoor wordt relatief laat de jeugdbescherming benaderd.
2. Ingezette jeugdhulp per GI Naast het uitvoeren van de maatregel die de rechter heeft opgelegd, kunnen gecertificeerde instellingen jeugdigen doorverwijzen naar jeugdhulp als dit nodig is. In de onderstaande tabellen staan de vormen
van jeugdhulp en het aantal jeugdigen vanuit de gecertificeerde instellingen. In de eerste tabel gaat het om ambulante jeugdhulp en in de tweede tabel gaat het om jeugdhulp met verblijf. Hierin vallen de jeugdigen die een machtiging uithuisplaatsing hebben, als ook jeugdhulp met verblijf zonder machtiging uithuisplaatsing.
Aantal unieke jeugdigen met naar type jeugdhulp per GI in 2022 200 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0
Jeugdbescherming West William Schrikker Stichting
g nd ha be
Gr oe ps
la Am bu
vid In
di
el in
ie k ag no Di
nt
Da
st
cr isi sh
gb e
st
e
ed
ul
p
in g
Z GG
ue
le
be
Be
ha
nd
ge le i
el in
g
di ng
Leger des Heils
Aantal unieke jeugdigen met Jeugdzorg met verblijf per GI in 2022 70 60 50 40 30
Jeugdbescherming West s
in tra m er
Ka
gg z+ Je ug d-
cr isi
ve r
bl
ni n zie vo or
i jf
s Pl u m ilie us
3 Ve
rb
lijf
va
or g Je ug dz
ge er op
oe p lgr de
be ha n
lo
ve rb lijf
ui sh Ge zin
ee gz or Pl
in g
0 g
William Schrikker Stichting ng
10 s
Leger des Heils
g
20
3. Uithuisplaatsingen Bij Jeugdbescherming West, als grootste gecertificeerde instelling uit de regio, is data opgevraagd over het aantal machtiging uithuisplaatsingen (MUHP) in de regio Midden-Holland. In onderstaande tabellen wordt weergegeven in hoeveel gevallen er tegelijk bij de ondertoezichstelling (OTS) ook een MUHP is afgegeven en in hoeveel gevallen Jeugdbescherming West zelf een MUHP verzocht bij de rechter. De tabellen laten zien dat het grootste gedeelte van alle uithuisplaatsingen die Jeugdbescherming West uitvoert niet door hen zelf zijn aangevraagd. In 2022 zijn er 15 MUHP aangevraagd door Jeudgbescherming West, terwijl er 47 MUHP zijn afgegeven door de rechter.
Tabel 1 MUHP bij uitspraak OTS Tabel 2 MUHP verzocht door JB-West Als er wordt ingezoomd op de machtigingen uithuisplaatsingen in het eerste half jaar van 2023, worden de meeste jeugdigen geplaatst in een gezinsgerichte setting. Zo ‘thuis mogelijk’ plaatsen lukt dus in veel gevallen, want de meerderheid van de kinderen verblijft met een machtiging bij de andere ouder, het netwerk of in een pleeggezin. In sommige gevallen worden jeugdigen residentieel geplaatst, omdat er geen pleeggezin beschikbaar is. Dit is zeker bij oudere kinderen een groot knelpunt. Tabel 3 Verblijfplaats jeugdigen met een MUHP jan-juni 2023 in Midden-Holland 4. Klachtenafhandeling gecertificeerde instellingen Onderstaande tabel geeft het aantal officiële klachten weer over 2022. De klachten die door middel van een bemiddelingstraject zijn opgelost, zijn hierin niet meegenomen. In Q1 en Q4 2022 zijn relatief veel klachten binnengekomen van cliënten in de regio Midden-Holland. Aantal ingediende klachten worden per klacht geteld (het komt vaak voor dat cliënten meer dan één klacht indienen). Om deze reden is het aantal klachten in bijvoorbeeld Q1 en Q4 in de regio Midden-Holland hoger dan voorgaande periodes. Binnengekomen klachten
Q1
Q2
Q3
Q4
Totaal
2022 totalen JB-west Regio Midden-Holland
43 9
21 4
27 5
35 8
126 26
Het aantal klachten binnen heel Jeugdbescherming West laat een stabiel beeld zien van het aantal klachten die bij de klachtencommissie behandeld zijn. In al deze zaken valt de regio Midden-Holland niet opvallend op ten opzichte van de andere regio’s waar Jeugdbescherming West werkzaam is. Aantallen
2018
2019
2020
2021
2022
Klachten
130
117
124
131
126
% Gegrond % Deels gegrond
10% 12%
8% 9%
14% 18%
10% 9%
18% 13%
Inspectie- meldingen Cliënt-incidenten Tuchtzaken Agressie- incidenten
25 189 9 147
12 144 5 98
7 150 5 70
18 191 5 90
16 172 8 78
Klachten William Schrikker Stichting: Klachten voor de regio Midden-Holland: er is geen klacht die tot de interne klachtencommissie is gekomen. Tot op heden zijn alle klachten naar tevredenheid van de cliënt opgelost. Klachten Leger des Heils: In de regio Midden- Holland zijn er geen klachten geweest.
Bijlage 2: Tijdlijn proces verbetering jeugdbescherming. Rapport Inspectie 08 november 2019: https://www.inspectie-jenv.nl/Publicaties/rapporten/2019/11/08/rapport-kwetsbare-kinderen-onvoldoendebeschermd. In dit rapport uit de Inspectie haar zorgen over de stand van zaken bij de jeugdbescherming, waardoor jeugdigen niet tijdig passende zorg ontvangen. Bestuurlijk overleg regio’s 29 november 2019 Naar aanleiding van het rapport zijn de regio’s Haaglanden, Holland Rijnland en Midden – Holland samen met Jeugdbescherming West en de VNG in overleg gegaan over de actuele situatie en welke acties ondernomen zouden kunnen worden. Zuid Holland Zuid was hierbij afwezig, maar heeft zich wel aan de afspraken gecommitteerd. Deze regio wordt ook wel Zuidwest4 genoemd. De regio’s en JB-west spreken commitment uit om in gesprek te gaan en afspraken te maken over: • Uniformering van administratieve procedures; • Bovenregionale en meerjarige afspraken over tarieven en werkkapitaal; • Afspraken over een op te bouwen buffer. Bij buffers kan het gaan om drie soorten/doelen. Een buffer om: • Werk kapitaal te financieren; • Eigen vermogen op te bouwen; • Expertise op te bouwen en te innoveren.
17 december 2019 zijn colleges en raden over deze ontwikkeling geïnformeerd: Reactie op kamerbrief: “Naar een betere organisatie van jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering”, inspectierapport en aanvullende kamerbrief) inclusief bijlagen o.a. Inspectierapport en twee Kamerbrieven Begin 2020 heeft de regio Midden-Holland, samen met de andere regio’s en Jeugdbescherming West een Verbeterplan opgesteld waarbij aan het beschikbaar stellen van financiering voorwaarden gesteld zijn gericht op kostenstructuur en performance van JB-West, zoals doorlooptijden, tijdige afschaling van maatregelen en intensievere inzet bij de start van hulpverleningstrajecten. In januari 2020 hebben de colleges in Midden- Holland ingestemd met indexeringssystematiek conform bovenregionale afspraken, waardoor er bovenregionaal uniforme tarieven vastgesteld werden. Begin juni 2020 hebben de colleges ingestemd met de Verbeteragenda en financiële vertaling en zijn de raden in Midden- Holland hierover geïnformeerd. Daarmee voldeden we – net als de andere regio’s- aan de voorwaarde van het Rijk; ‘de basis op orde’. Er is daarbij gekozen voor incidentele financiering. Dit omdat de verwachting was dat er vanuit het Rijk mogelijk een hogere bijdrage aan de gemeenten voor jeugdhulp zou komen, en er indicaties waren dat het vastgestelde caseloadniveau van 2014 niet meer zou voldoen aan gewenste niveau.
Daarnaast waren er ontwikkelingen in de regio gericht op andere wijze van samenwerking met lokale teams die naar verwachting ook tot veranderingen zouden kunnen leiden. De gemeenteraden in de regio zijn hierover 2 juni 2020 over geïnformeerd via de Memo: Bovenregionale Verbeteragenda Gecertificeerde Instellingen In november 2020 draagt de IGJ de regio’s op om te komen met een zgn. doorbraakaanpak waarbij passende hulp voor wachtende jeugdigen met een maatregel sneller geregeld wordt. Regio’s leveren daarover maandelijks cijfers aan en IGJ monitort dit periodiek. Met de GI wordt ook – per regiomaandelijks besproken waar de knelpunten liggen en hoe deze op te lossen. Gemeenteraden zijn op 3 november 2020 hierover geïnformeerd via een raadsmemo: Voortgangsrapportage IGJ/IJenV: 'Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd' In juli 2021 verschijnt een derde inspectierapport. De regio’s in ZW 4 werden per juli 2021 onder verscherpt toezicht van de IGJ geplaatst, omdat er nog te veel kinderen met een JB maatregel te lang op jeugdhulp wachtten. Overigens is dat in de regio Midden- Holland niet het geval. Daarnaast plaatst VWS en JenV de regio ZW 4 per juli 2021 onder Interbestuurlijk toezicht. ZW 4 krijgt de opdracht om een Plan van Aanpak op te stellen, waaruit blijkt dat er duurzame maatregelen genomen worden om te voorkomen dat kinderen met een JB-maatregel lang op jeugdhulp wachten.
Gemeenteraden zijn hierover op 6 juli 2021 geïnformeerd: Eindrapportage Inspecties: 'Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd' ZW 4 stelt in oktober 2021 een Plan van Aanpak op met 8 onderwerpen waarin samen wordt gewerkt: 1. Het verder ontwikkelen en borgen van de doorbraakaanpak op korte en lange termijn. 2. Knelpunten bij het aanbod oplossen. 3. Bovenregionale samenwerking voortzetten en intensiveren. 4. Verbeterplannen continueren. 5. Bureaucratische belemmeringen wegnemen. 6. Arbeidsmarktproblematiek aanpakken. 7. Systeemcondities en landelijk op te lossen knelpunten agenderen. 8. Voortgang bewaken en monitoren. In onderlinge samenwerking en met de GI wordt hier vervolgens concrete invulling gegeven, daar waar mogelijk en nuttig bovenregionaal, maar ook regionaal worden er een aantal concrete zaken opgepakt. Gemeenteraden zijn 5 oktober 2021 via een raadsmemo geïnformeerd over deze ontwikkelingen: Voortzetting caseloadverlaging/Verbeterplannen en plan van aanpak Inspectie Vertraging in proces: Omdat het landelijk proces vertraging op liep is in oktober 2021 opnieuw in de colleges besloten tot voortzetting van de financieringen en verbetermaatregelen in oktober 2021.
Op 30 november 2021 zijn de raden geïnformeerd over de Voortgang van het Inspectietraject en doorbraakaanpak Stoppen van het Verscherpt en Interbestuurlijk Toezicht/ vervolgrapport IGJ voor ZW 4 per 28 februari 2022: VWS en IGJ geven aan vertrouwen te hebben in de aanpak van ZW 4 en stoppen het Interbestuurlijk en Verscherpt Toezicht. In september 2022 is in de colleges besloten tot: 1. het structureel borgen van de tijdelijke verlaging van de caseload bij de drie regionaal gecontracteerde Gecertificeerde Instellingen, zodat de caseload op het niveau van de landelijke norm uit 2014 kan blijven, onder voorwaarde dat de verbeteragenda bij Jeugdbescherming West, William Schrikker Jeugdbescherming/Jeugdreclassering en Leger des Heils Jeugdbescherming/Jeugdreclassering voortgezet wordt 2. Hiertoe het gemeentelijk aandeel van XXX voor 2023 en 2024 incidenteel beschikbaar te stellen, als onderdeel van het totale bedrag van € 600.000, - voor de regio Midden-Holland 3. Te streven naar reële tarieven waarin de caseloadverlaging is opgenomen. Tot die tijd wordt de caseloadverlaging via lumpsum gefinancierd Gemeente
% 0 tot 18 (1-1-2022)
Bijdrage per gemeente
Bodegraven-Reeuwijk
15,07
90.420
Gouda
28,45
170.675
Krimpenerwaard
22,81
136.870
Waddinxveen
13,65
81.871
Zuidplas
20,03
120.164
TOTAAL
100%
600.000
Landelijk proces tarieven GI: Begin 2023 is er een landelijke werkgroep ingesteld die zich gaat buigen over landelijke tarieven voor de GI. Significant heeft in een rapport het kwaliteitskader voor de GI in beeld gebracht o.a. de normen en wettelijke bepalingen die voor de GI gelden. Dit rapport wordt gebruikt bij het bepalen van de landelijke tarieven. Juli 2023 werd duidelijk dat dit proces mogelijk vertraging op gaat lopen.
pagina 2
Bijlage 3: afkortingenlijst bij raadsmemo actuele ontwikkelingen in de Jeugdbescherming en ingezette maatregelen in regio Midden-Holland) GI: Gecertificeerde instellingen IGJ: Inspectie van Gezondheidszorg en Jeugd JB: jeugdbescherming JBT: Jeugdbeschermingstafel (JBT) JB-West: Jeugdbescherming-West JenV: ministerie van justitie en veiligheid KMI: Keurmerk Instituut MUHP: machtiging uithuisplaatsing OTS: Onder Toezicht Stelling (OTS) PAST: Project Ambulante Specialistische jeugdhulp Thuis TIV: Team Inverbinding VOTS: Voorlopige Onder Toezicht Stelling VWS: ministerie van volksgezondheid, welzijn en sport ZW4: Zuidwest4 (hier vallen de regio´s Haaglanden, Holland Rijnland, Midden–Holland en Zuid Holland Zuid onder
1171446 / 1176217
RAADSINFORMATIEBRIEF VAN HET COLLEGE VAN B&W VOOR
de gemeenteraad
CC DATUM ONDERWERP
04-07-2023 Ontwikkelingen in de Jeugdbescherming
Beste meneer, mevrouw,
Informatie ontwikkelingen jeugdbescherming in de regio Zuid West [1] De problematiek in de jeugdbeschermingsketen is groot. Jeugdigen met een jeugdbeschermings-maatregel wachten vaak lang op passende hulp, de werkdruk voor de jeugdbeschermers is hoog en er is krapte op de arbeidsmarkt. Dit is een landelijk probleem en de regio Zuid West is hierop geen uitzondering. De regio Zuid West werkt samen met de Gecertificeerde Instellingen (GI's) om de meest kwetsbare kinderen en gezinnen te beschermen. Het belangrijkste is daarbij natuurlijk de meest kwetsbare jeugdigen en gezinnen tijdig de juiste ondersteuning te geven en hen perspectief voor de toekomst te bieden. In deze raadsbrief informeer ik u over: De landelijke ontwikkelingen in de jeugdbescherming De regionale ontwikkelingen Zuid West De ontwikkelingen in de regio Midden-Holland Over dit onderwerp bent u de afgelopen jaren op meerdere momenten geïnformeerd. Hierbij de laatste actuele ontwikkelingen.
1. Landelijke ontwikkelingen De werkdruk in de jeugdbescherming Door de hoge werkdruk en de stroom van negatieve publiciteit (met name in het eerste halfjaar van 2022) was er een vicieuze cirkel van hoge uitstroom ontstaan waardoor de werkdruk door vacatures en inwerken van nieuwe krachten nog groter werd. Om deze vicieuze cirkel te doorbreken is er het volgende ingezet: In opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid (J&V) en in samenwerking met gemeenten en GI’s heeft onderzoeksbureau Significant twee rapporten gepubliceerd in januari 2023[2]. Belangrijk hierin was een kwaliteitskader met prestatiebeschrijvingen voor de jeugdbescherming [ondertoezichtstellingen (OTS) en voogdij]. Welke activiteiten en welk tijdbeslag zijn gemoeid bij de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen? De rapporten concludeerden dat een caseload van 12,5 kinderen per fte jeugdbeschermingsmedewerker voor de OTS en voogdij het maximum is om de werkdruk van de medewerkers gezond te houden. Rijk, GI’s en de VNG zijn akkoord met de rapporten en hiermee ligt er een gedegen basis om tot afspraken te komen over prestaties, caseload en tarieven voor een gezond werkklimaat voor de medewerkers jeugdbescherming. Voor de regio Zuid West betekent dit een verlaging van de caseload van bijna 25% ten opzichte van de huidige situatie.
Deze komt dan bovenop de caseloadverlaging als gevolg van de verbeterplannen in de jaren 2020 t/m 2024. Acties FNV en principeakkoord Op initiatief van vakbond FNV is overgegaan tot werkonderbrekingen en verminderde dienstverlening om kracht bij te zetten voor de vermindering van de werkdruk. Op 21 maart jl. is een principeakkoord gesloten tussen de GI’s en de FNV dat inmiddels definitief is. Daarin wordt uitgegaan van een caseload van 12 kinderen per fte. Er wordt stapsgewijs naar deze norm toegewerkt in 2024. Jeugdhulpregio's Haaglanden, Holland-Rijnland, Midden-Holland en Zuid-Holland Zuid https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2023/03/16/tk-bijlage-2-prestatiebeschrijvingen-jeugdbescherming [3] https://vng.nl/sites/default/files/2023-03/20230322-ledenbrief-verbetering-jeugdbeschermingsketen-op-korte-en-lange-termijn.pdf [1] [2]
1171446 / 1208362 gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl
Uitwerking principeakkoord Naar aanleiding van het principeakkoord heeft de VNG op 22 maart jl. gemeenten een brief gestuurd met daarin een aantal maatregelen die zij van belang vinden[3]. De financiering Rijk en VNG zijn nog in gesprek over de financiering die nodig is om te komen tot een lagere caseload. De huidige situatie vraagt om een herbezinning op de financieringswijze die nog is gebaseerd op het gerealiseerde volume aan uitgevoerde maatregelen. Hiervoor is het van belang dat er duidelijkheid is over een landelijk tarief, de bekostigingsvorm, de caseloadnorm en de totale kosten als de inrichting van de jeugdbescherming wordt gebaseerd op de nieuwe normen voor de caseload. Onderstaande landelijke bedragen zijn genoemd in relatie met de verlaging van de werkdruk voor de jeugdbescherming (in miljoenen euro’s). 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 Brief JenV sep’22 (Rijk)
10
10
10
10
Bijdrage gemeentefonds
10
Voorjaarsnota 2023 (Rijk)
43
50
50
50
50
50
63
60
60
50
50
50
Totaal
10
Het is nog niet zeker of de bedragen uit de voorjaarsnota '23 in zijn geheel aan werkdrukverlaging besteed kunnen worden. Hoewel het exacte bedrag nog niet is berekend voor de caseloadverlaging verwachten Rijk en VNG daarvoor jaarlijks meer dan € 100 miljoen nodig te hebben. De nu bekend gemaakte extra rijksmiddelen zijn dus niet genoeg voor de financiering van de voorgestelde caseload-verlaging. De VNG heeft daarbij de inzet om het dekkingstekort te betrekken bij de financiële afwikkeling van de Hervormingsagenda. Dit houdt in dat de gemeenten bij die afwikkeling worden gecompenseerd voor de middelen die zij nu inbrengen voor de caseloadverlaging. Wetgevingstraject toekomstscenario Een structurele oplossing van de problematiek in de jeugdbeschermingsketen wordt verwacht van de invoering van het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. Hiermee worden dubbelingen in werk eruit gehaald en kan er door lokale teams meer worden gedaan aan de veiligheid binnen gezinnen, in samenwerking met een Regionaal Veiligheidsteam. Ofwel, met minder personeelsinzet en kortere doorlooptijden wordt de onveiligheid binnen gezinnen beter en gerichter aangepakt. De wetgeving voor de invoering van het toekomstscenario kinden gezinsbescherming wordt eind 2024 aan de Tweede Kamer aangeboden. Invoering van het toekomstscenario wordt in de loop van 2025 of 2026 verwacht. 2.
Ontwikkelingen in de jeugdbeschermingsregio Zuid West Verlenging verbeterplannen Voor de jaren 2020 tot en met 2022 zijn er verbeterplannen van de GI’s op incidentele basis gefinancierd waarmee de caseload al was verlaagd ten opzichte van 2019. In het najaar van 2022 is de financiering van de verbeterplannen gecontinueerd tot en met 2024. 5 dagen termijn Ondanks de extra financiële impuls vanuit de verbeterplannen is de personeelsbezetting fragiel bij de GI's. Het verloop is groot, de jaarlijkse uitstroom in Zuid West is bijna 20% en de instroom van nieuw personeel blijft achter. Zeker als het gaat om werving van SKJ-geregistreerde en ervaren jeugdbeschermers. Nieuw ingestroomde jeugdbeschermers kunnen dan niet direct met een volledige caseload aan de slag. Hierdoor blijft het een dagelijkse uitdaging om elk gezin binnen 5 dagen blijvend te koppelen aan een vaste jeugdbeschermer. Om toch de directe en structurele veiligheid te waarborgen is er in samenwerking met het ministerie van J&V een Handelingsperspectief ontwikkeld. De GI’s in de regio werken volgens dit Handelingsperspectief. Dit betekent:
pag. 2/4
dat in die situaties waarin de 5 dagen termijn niet gehaald wordt altijd de onveiligheid rond het kind in beeld wordt gebracht er wordt voor gezorgd dat er veiligheidsafspraken worden gemaakt (met het betrokken sociale- en professionele netwerk en het gezin) om directe onveiligheid weg te nemen daarnaast wordt, wanneer de 5 dagen termijn niet wordt gerealiseerd, een oorzaakanalyse uitgevoerd waarom die termijn niet wordt behaald en hoe dit op te lossen. Met die invulling zijn volgens het Keurmerkinstituut de belangen van de jeugdigen gewaarborgd, kunnen de doelstellingen zoals verwoord in het Handelingsperspectief worden gerealiseerd, wordt aan het normenkader voldaan en is de certificatiestatus van de GI niet in het geding. Efficiënt verwijsproces Om administratieve lasten en daarmee werkdruk te verminderen voor de jeugdbeschermers hebben de GI’s de wens uitgesproken om het toeleidingsproces naar jeugdhulp efficiënter in te richten. Helpend hierbij is één aanmeldformulier voor de inzet van de hulp door jeugdhulpaanbieders. Op dit formulier staan: de problematiek van de jeugdige/het gezin, de hulpvraag en indien noodzakelijk de persoonsgegevens vermeld. Nu werken de jeugdhulpaanbieders nog met een eigen aanmeldformulier, wat veel extra tijd kost van de jeugdbeschermers.
Naar voorbeeld van de regio Gelderland is in de regio Zuid West een werkgroep, met vertegenwoordigers van de GI's, jeugdhulpaanbieders en de gemeenten, gestart om te komen tot één aanmeldformulier. Ook is er een landelijke werkgroep die zich hiermee bezighoudt. Deze landelijke werkgroep heeft de input van onze regio meegenomen in de volgende versie van het formulier. In de tweede helft van 2023 wordt dit uniforme formulier in onze regio ingevoerd. De ambitie is dat ook andere verwijzers naar jeugdhulp (de lokale teams en huisartsen) het formulier gaan gebruiken.
3. Ontwikkelingen in de regio Midden-Holland Proeftuin toekomstscenario Het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming van de ministeries van VWS en J&V uit 2021 betekent een fundamentele herziening van de veiligheidsketen. Dit is van groot belang om de jeugdbescherming effectiever en sneller uit te voeren. In Midden- Holland hebben we in Bodegraven- Reeuwijk geëxperimenteerd met een pilot met als doel dat er aan de voorkant samengewerkt zou worden door de partners in de JB-keten en het lokale team. Ervaringen uit deze pilot worden nu meegenomen in uitbreiding naar de 4 andere gemeenten. Hierover is overleg geweest met bestuurders van de betrokken instellingen, er is een projectgroep opgericht die een projectplan geeft gemaakt. Komende maanden wordt met de betrokken organisaties bekeken wat er nodig is om van start te gaan. Doorbraakaanpak Naar aanleiding van het Inspectie- onderzoek is er regelmatig overleg met de zorg coördinatoren (zij helpen jeugdbeschermers bij het vinden van passende zorg) bij de GI om knelpunten in het zorgaanbod te bespreken en te bekijken welke oplossingen er zijn. Daarnaast is ook bekeken of eventuele bureaucratische belemmeringen weggenomen konden worden. Maar dit bleek in de regio Midden- Holland niet aan de orde.
Voorrang voor jeugdigen met een maatregel Landelijk is er een oproep gedaan om jeugdigen met een maatregel voorrang te verlenen bij jeugdhulp. Het NJI heeft hier recent een afwegingskader voor ontwikkelt. Dit gaan we komende periode in afstemming met GI en aanbieders in praktijk brengen. Verwijsproces GI’s Ook zullen we komende periode het proces om tot 1 aanmeldformulier te komen gaan implementeren met als doel en makkelijker toeleidingsproces voor zowel verwijzers als zorgaanbieders. Tot slot Binnen de regio Zuid West gaan we verder om te komen tot structurele verbeteringen in de jeugdbeschermingsketen. Doel is om processen te verbeteren, veranderingen te borgen en het werkklimaat voor de jeugdbeschermers te verbeteren. Wij blijven u informeren over de voortgang.
pag. 3/4
Bijlage 1: voornaamste punten uit de VNG-ledenbrief van 22 maart 2023 1. Verkenning landelijk tarief: De VNG vindt het noodzakelijk dat er een reëel landelijk tarief komt met de daarbij passende financiering voor gemeenten. Het onderzoek is 1 juli dit jaar gereed en gemeenten worden hier nauw bij betrokken. Afhankelijk van de uitkomst van het onderzoek, hebben gemeenten een rol bij de implementatie van dit tarief. • Het Samenvattend Kwaliteitskader en prestatiebeschrijvingen Jeugdbescherming (KKPB): Rijk, gemeenten, VNG en GI’s hebben gezamenlijk het KKPB uitgewerkt waarin o.a. de werkzaamheden van de jeugdbeschermers worden beschreven. De kaders dienen ertoe betere en eenduidigere afspraken te maken over prestaties, workload en tarieven en zijn de eerste stap op weg naar een reëel landelijk tarief. • Subsidieregeling ‘workload’-verlaging: Voor het jaar 2022 was 10 miljoen euro subsidie beschikbaar gesteld door het ministerie van J&V in september jl. Voor 2023 hebben het ministerie en gemeenten ieder 10 miljoen euro beschikbaar gesteld. GI’s dienen hun subsidieverzoek af te stemmen met de regio voor aansluiting op de lopende contractafspraken. Deze middelen zijn nadrukkelijk bedoeld als aanvullende middelen voor het terugdringen van de werkdruk, bovenop lopende contractuele afspraken.
• Subsidieregeling zij-instroom medewerkers: Tot en met 2024 is 10 miljoen euro subsidie en een ondersteuningsteam beschikbaar voor GI’s, met als doel het bieden van opleidings- en arbeidsplekken aan zij-instromers. • Aanpassing normenkader Keurmerkinstituut: Het ministerie van J&V laat een advies opstellen of verlichting van normen of toezicht houden mogelijk is, dan wel of er een alternatief is voor het keurmerkinstituut (KMI). De VNG zet, met behoud van kwaliteit, in op een alternatief voor KMI. • Monitoring effecten van de verbetermaatregelen: De minister gaat driemaal per jaar met een monitor de Tweede Kamer informeren over de effecten van de verbetermaatregelen. Gemonitord wordt toename aantal jeugdbeschermers, ontwikkeling van de gemiddelde organisatie workload en wachttijden voor een jeugdbeschermingsmaatregel. • Vergemakkelijken inzet passende jeugdhulp: Sommige regio’s hebben het verwijsproces naar passende jeugdhulp voor de jeugdbeschermer eenvoudiger gemaakt. Naar aanleiding van deze goede voorbeelden is een handreiking in de maak. • Afwegingskader voor het bepalen van urgentie bij inzet van jeugdhulp: Het NJI heeft de opdracht gekregen een afwegingskader voor verwijzers en jeugdhulpaanbieders te maken.
In dit afwegingskader wordt de uitspraak van de rechter zwaarwegend en krijgen jeugdigen met een kinderbeschermingsmaatregel voorrang bij het toekennen van jeugdhulp. Gemeenten worden opgeroepen het afwegingskader in samenspraak met de jeugdhulpaanbieders te implementeren. • Aanpassing werkwijze tuchtreglement: De aanpassing van het tuchtreglement is inmiddels afgerond, zodat de werkwijze van de Stichting Kwaliteitsregister Jeugd minder belastend is voor jeugdbeschermers. Hierdoor gaan alleen de klachten over ernstig verwijtbaar handelen nog naar het tuchtcollege. Naar verwachting zal ruim 75% van de zaken via een andere route lopen waarin de zogenoemde commissie van consultatie het gesprek aangaat met de klager en de professional, en zo nodig ook met bijvoorbeeld de bestuurder van een GI. De commissie van consultatie kan geen maatregelen opleggen. Het lerend effect voor professionals staat centraal. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,
de burgemeester,
J. Hennip
P.J. Bouvy-Koene
pag. 4/4