CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

1.18 Bijlage - Kwaliteitsmonitor SD 2021 Leren en verbeteren in het sociaal domein.pdf

Raadsvergadering 21 december 2021, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Informatie van het college20.676 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Leren en verbeteren in het sociaal domein Kwaliteitsmonitor 2021

Inhoudsopgave Samenvatting

3

1 Monitor in 1 oogopslag

4

2 Inleiding

6 6 6 7 7

2.1 2.2 2.3 2.4

Werken aan de bedoeling, leren en verbeteren Wat leest u in de monitor? Reikwijdte van de monitor Maatschappelijke effecten en (richtinggevende) doelen

3 Beleidsrad Veerkracht

3.1 Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard? 3.2 Eigen kracht, samenkracht, stress en tegenslagen 3.3 Kansrijke start

9 9 9 12

4 Beleidsrad Leefstijl

15 15 15

5 Beleidsrad Mentale gezondheid

18 18 18

6 Beleidsrad Sociale leefomgeving

21 21 21 22 23 23

4.1 Cijfers: Hoe staat het ervoor in de Krimpenerwaard? 4.2 Landelijke en regionale ontwikkelingen in leefstijl als gevolg van corona

5.1 Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard? 5.2 Gevolgen coronacrisis op welbevinden

6.1 6.2 6.3 6.4 6.5

Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard? Sociale samenhang en leefbaarheid Sociale veiligheid Vrijwilligers en mantelzorg Inzet bedrijven voor kwetsbare inwoners

7 Beleidsrad Fysieke leefomgeving 7.1 7.2 7.3 7.4

Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard? Langer zelfstandig thuis Publieke ruimte Beschikbaarheid voorzieningen

24 24 24 25 25

8 Beleidsrad Sociaal economische status

27 27 27 31

9 Beleidsrad Lichamelijke gezondheid

32 32 32 33 33

10 Beleidsrad Zorggebruik

34 34 36 39 43 45 45

11 Transformatie

46 46 46 47 48

12 Slotbeschouwing

49

13 Bijlagen

50 51 55

8.1 Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard? 8.2 Ontwikkelingen in werk, participatie en inkomen 8.3 Ontwikkelingen in inburgering

9.1 9.2 9.3 9.4

10.1 10.2 10.3 10.4 10.5 10.6

10.1 10.2 10.3 10.4

Cijfers: Hoe staat het ervoor in de Krimpenerwaard? Vaccinatiegraad Basisgezondheidszorg Lichamelijke belemmeringen

Algemene trends en ontwikkelingen Jeugdzorg Wmo Participatiewet en Wet gemeentelijke schulddienstverlening Klachten & bezwaren Fraudepreventie en bestrijding

Transformatiedoelen Vroegtijdige hulp en preventie Integraal werken Eigen kracht en sociaal netwerk

1. Uitleg indicatoren 2. Bronnenlijst

Kwaliteitsmonitor 2021 - 2

Samenvatting Hoe gaat het in het sociaal domein van de Krimpenerwaard? Wat is de impact van onze activiteiten op onze inwoners? Welke baat hebben zij bij onze acties? Op deze vragen en nog veel meer geeft de kwaliteitsmonitor antwoord. Dit stelt ons in staat om bij te sturen als dat nodig is. In deze kwaliteitsmonitor geven we beschikbare cijfers weer en beschrijven we trends en ontwikkelingen in de Krimpenerwaardse samenleving.

Ervaren gezondheid over het algemeen positief Inwoners van de Krimpenerwaard zijn over het algemeen positief over hun gezondheid. Inwoners zijn tevreden met hun leven en hebben vertrouwen in de toekomst. Beperkingen in het ervaren van gezondheid kunnen leiden tot het gebruik van zorg of ondersteuning. Bijna 80% van de huishoudens in Krimpenerwaard maakt geen gebruik van gemeentelijke voorzieningen. Corona als rode draad Vanaf het begin van 2020 is corona van grote invloed op onze samenleving. De invloed van de coronacrisis is binnen vrijwel alle beleidsraderen zichtbaar. Kijkend naar mentale gezondheid zien we een toename van eenzaamheid en een daling van ons algemeen welbevinden. Op langere termijn wordt een toename van kansenongelijkheid in het onderwijs verwacht en zien we ook wijzigingen in het zorggebruik. De invloed van corona vraagt aandacht voor kwetsbare groepen. Gezondheidsverschillen worden door toedoen van corona onder kwetsbare groepen verder vergroot. De leefstijl van onze inwoners lijkt zich op onderdelen te verbeteren. Onduidelijk is nog of ook op langere termijn meer gevolgen zichtbaar worden. Vergrijzing grote opgave Als gevolg van de vergrijzing neemt het gebruik van Wmo in de Krimpenerwaard naar verwachting fors toe (op basis van alleen leeftijdsontwikkeling en bij ongewijzigd beleid).

Ook zal door de vergrijzing naar verwachting het aantal mensen met dementie met 44% toenemen. De vergrijzing en een complexer wordende samenleving heeft invloed op het aantal mensen dat onvoldoende regie ervaart, terwijl in toenemende mate wordt verwacht dat mensen zelf de regie nemen bij het regelen van sociale steun en zorg. Behalve grenzen aan eigen mogelijkheden zijn er ook grenzen aan de inzet van het eigen netwerk voor mantelzorg. Want het aantal mantelzorg-ontvangers stijgt naar verwachting tot 2040 met bijna 70%, terwijl het aantal mantelzorg-gevers met nog geen 7% toeneemt. In de Krimpenerwaard waar sprake is van zowel vergroening als vergrijzing zal deze opgave nu en in de toekomst een grote rol spelen.

Transformatie onvoldoende bereikt Uit diverse landelijke onderzoeken naar de transformatie in het sociaal domein bleek al voor de coronacrisis dat de transformatiedoelen nog onvoldoende zijn bereikt. We zien ook in de Krimpenerwaard de grenzen aan de inzet van eigen kracht en eigen netwerkt en wachttijden en krapte op de woningmarkt waardoor goede doorstroom en uitstroom uit zorg wordt beperkt. Een ander knelpunt is verkokering tussen en binnen wetten, wat integraliteit in hulp en ondersteuning beperkt. Toename van jeugdzorg en Wmo Ook voor corona was een toename zichtbaar van het gebruik van jeugdzorg en Wmo. Een stijging van het aantal inwoners dat gebruik maakt van zorg en ook een stijging van het aantal en de intensiteit van voorzieningen. Diverse maatschappelijke en sociaaleconomische trends zoals de rol van social media, toenemende prestatiedruk, vergrijzing of extramuralisering van de zorg liggen hier deels aan ten grondslag. Daar hebben we als gemeente niet altijd evenveel invloed op. Ook het oplossen van knelpunten in de verkokering van wetten, wachttijden in de zorg en krapte op de woningmarkt zijn van de lange adem en kunnen we in de Krimpenerwaard niet alleen. Uiteraard heeft ook de coronacrisis zijn weerslag op het gebruik van jeugdzorg en Wmo.

…maar ook inzet op vroegsignalering, preventie en normaliseren Om de transformatie op lokaal niveau te optimaliseren wordt steeds meer ingezet op vroegsignalering van bijvoorbeeld schuldenproblematiek, prenatale screening, voor- en vroegschoolse educatie of de inzet van een wijk-ggd’er. Uit de praktijkvoorbeelden blijkt dat het preventieteam en andere ketenpartners zich hard maken voor het voorkomen van problemen en hulpvragen. Thema’s als ouderschapsversterking en normaliseren worden opgepakt. Opvoeden gaat immers gepaard met vragen en problemen. Ondersteuning moet gericht zijn op kleine problemen klein te houden door het bieden van korte praktische hulp waardoor gezinnen weer zelfstandig verder kunnen. Tot slot krijgen ook de verschillen in sociale cohesie en leefbaarheid in wijken en dorpskernen steeds meer aandacht.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 3

1 Monitor in het kort Indicator

Beweging 2018

Sociale leefomgeving Sociale veiligheid Aantal meldingen huiselijk geweld (per 1.000 huishoudens) Percentage kindermishandeling Verbondenheid met de buurt Percentage geen lid van vereniging of organisatie klas 4 VO Percentage inwoners (19-64 jaar) dat mantelzorg geeft Mentale gezondheid Inwoners zijn tevreden met hun leven Percentage ernstige eenzaamheid 65+ Percentage hoog risico op angststoornis en depressie Aantal cliënten met indicaties BGGZ/SGGZ Veerkracht Sociaal vangnet Vertrouwen in toekomst Percentage vroegtijdig schoolverlaters Eigen kracht Sociaal economische status Percentage ernstige financiële belemmering Percentage laaggeletterdheid Slagingspercentage inburgeringsplichtigen Aantal gerealiseerde garantiebanen Aantal gerealiseerde beschutte werkplekken

11,5 2,7

2019

6,49 10,9 3,5 7,26 25

2020

Trend

Benchmark

15,6 5,8

14

7,25

619

1,4 8,48

613

9 3,8 657

7,01 72 1,4

1,3

2 19

39

10 45

Kwaliteitsmonitor 2021 - 4

1 Leefstijl Levensverwachting in goed ervaren gezondheid Percentage inwoners dat voldoet aan beweegrichtlijn Percentage inwoners met overgewicht Percentage klas 2/ 4 VO dat recent heeft gedronken

47 51 32

Fysieke leefomgeving Fysieke leefomgevingskwaliteit Beweegvriendelijke omgeving Voorzieningenniveau Lichamelijke gezondheid Percentage inwoners dat ernstige lichamelijke belemmering ervaart Percentage gebruik eerstelijnszorg huisarts Percentage 2 jarigen dat volledig gevaccineerd Zorggebruik Jeugd: Unieke cliënten Jeugd Jeugd: Percentage herhaald beroep jeugdzorg Jeugd: Percentage positief tegenover effect ondersteuning ( jeugdige) Jeugd: Percentage positief tegenover effect ondersteuning (ouders) Jeugd: Aantal jeugdmeldingen per fte WMO: Unieke cliënten WMO WMO: Zelfstandig wonende 75 plussers per 1.000 inwoners WMO: Percentage positief tegenover effect ondersteuning WMO: Aantal meldingen WMO per fte P&S: Saldo in- en uitstroompercentage bijstand P&S: Aantal personen in schuldhulpverlening (per 10.000 inwoners) P&S: Percentage door traject meer kans op baan P&S: Aantal toegewezen aanvragen minimaregelingen

6,36 46 6,72

79,1 84,9

1.336 15,9 78 68 1.841 941 76 0 21 51 1.556

4 79,0 87,8

1.326 13,1

123 2.029

214 -5 21 1.251

88,6

1.359 73 82 103 2.234 940 80 195 7 22 56 1.352

Kwaliteitsmonitor 2021 - 5

2

Inleiding 2.1

Werken aan de bedoeling, leren en verbeteren

Hoe gaat het met onze inwoners en wat willen we voor hen bereiken? Dat beschrijven we In het integraal beleidskader Sociaal Domein (IBK). De maatschappelijke agenda (MAG) beschrijft vervolgens met welke aanpak we deze resultaten willen behalen. Met welke inspanningen we dit willen doen hebben we bepaald met onze maatschappelijke partners. We beschrijven in de kwaliteitsmonitor aan de hand van cijfers en ervaringen, of onze inwoners ook daadwerkelijk beter worden van onze inspanningen en hoe we daar achter komen. Dat stelt ons in staat om de ontwikkelingen op de maatschappelijke ambities uit het IBK te volgen en biedt een opening voor een gesprek en mogelijk een vervolgonderzoek: Hoe zit het precies? Wat kan de oorzaak zijn? Willen we er iets mee? Door met elkaar in gesprek te gaan, kunnen we leren en onze werkwijze verbeteren.

monitoren en daar direct sturing aan te geven. Er gebeurt immers veel in een mensenleven wat we niet allemaal direct kunnen beïnvloeden. Ook zijn we afhankelijk van aspecten zoals landelijk beleid en de landelijke conjunctuur. Om toch een beeld te krijgen van waar de Krimpenerwaard staat, vergelijken we daarom waar mogelijk met andere gemeenten van gelijke omvang en kijken we naar landelijke trends en ontwikkelingen. Het is lastig om de doelen van de transformatie te monitoren. Daarom sluiten we hierbij ook zoveel mogelijk aan bij de landelijke onderzoeken op dit terrein en wat hierover blijkt uit lokale of regionale cijfers en onderzoeken. Daarbij is de transformatie geen doel, maar een middel om uiteindelijk maatschappelijke effecten en doelen te bereiken. Deze monitor het verkrijgen van inzicht in de effecten op de doelen in het sociaal domein en beschrijft ontwikkelingen in de kosten van gemeentelijke voorzieningen. Verantwoording vindt plaats via de begrotingscyclus. Wel wordt getracht een koppeling te maken tussen de hier beschreven effecten op de gestelde doelen in het sociaal domein en beschrijft ontwikkelingen in de kosten van gemeentelijke voorzieningen. Verantwoording vindt plaats via de begrotingscyclus. Wel wordt getracht een koppeling te maken tussen de hier beschreven effecten en de financiën.

Op het moment van schrijven zijn we ons aan het beraden hoe hier het beste invulling aan kan worden gegeven.

2.2 Wat leest u in de monitor? Dit is de eerste Krimpenerwaardse kwaliteitsmonitor sociaal domein. Voor deze monitor sluiten we aan bij de uitgangspunten notitie voor het IBK sociaal domein van de raad en de ordening volgens de beleidsraderen van positieve gezondheid. Dat betekent onder meer dat we aansluiten bij de geformuleerde maatschappelijke effecten en doelen en we niet alleen ‘tellen maar ook vertellen’. We hebben in deze eerste monitor gekozen om kwalitatief onderzoek te doen in de vorm van een verzameling praktijkvoorbeelden van maatschappelijke partners. Zonder context zeggen cijfers immers weinig. Voor deze kwaliteitsmonitor hebben we een set aan indicatoren gekozen die een evenwichtig beeld geven van cijfers op het niveau van de hele samenleving, maar ook op het niveau van voorzieningen. Daarnaast willen we niet alleen indicatoren die meetbaar zijn, maar ook merkbaar voor onze inwoners. We zoeken daarin een juiste balans en een overzichtelijk aantal indicatoren. Dat maakt dat de indicatoren niet uitputtend zijn en niet altijd overeen komen met de indicatoren die reeds genoemd zijn in het IBK

Figuur 1: Samenhang IBK, MAG, kwaliteitsmonitor en dialoog

Tot op heden volgden we de effecten van alle veranderingen sinds 2015 gefragmenteerd. Per beleidsthema werden met verschillende regelmaat rapportages uitgebracht. Met het opstellen van het IBK ontstond ook de ambitie om (beleids) informatie over het sociaal domein op een gestructureerde, samenhangende en herhaalbare wijze in kaart te brengen. Desondanks blijft het lastig om de invloed van ons beleid op de maatschappelijke ambities te

Van ‘alles een beetje’ naar diepte onderzoek Deze eerste kwaliteitsmonitor beschrijft op alle beleidsraderen uit het IBK de voortgang van de beoogde maatschappelijke resultaten. Ook de verzameling praktijkervaringen geeft op meerdere raderen context aan de cijfers en helpt begrijpen hoe het sociaal domein in de realiteit uitpakt. Dat van ’alles een beetje’ is voor een eerste kwaliteitsmonitor een mooie start. Deze eerste monitor kan echter aanleiding geven om meer te willen weten, om diepte onderzoek te doen, aanvullende informatie te verstrekken en in een volgende monitor een thema centraal te stellen.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 6

2 2.3 Reikwijdte van de monitor De reikwijdte van deze kwaliteitsmonitor is het sociaal domein en bestaat uit de beleidsthema’s Werk & Inkomen, Jeugd & Onderwijs, Zorg & Welzijn en Sport & Cultuur welke allemaal verwerkt zijn in de beleidsraderen van positieve gezondheid. De drie decentralisaties (stelselwijziging waarin gemeenten met ingang van 2015 verantwoordelijk werden voor de uitvoering van de Wmo, Jeugdwet en Participatiewet) inclusief Passend Onderwijs, nemen we hierin integraal mee. Daarnaast heeft het sociaal domein raakvlakken met onderwerpen als veiligheid en wonen. Daar waar het raakvlakken heeft, maakt veiligheid en wonen ook onderdeel uit van deze monitor. Meer specifieke (beleids)informatie over deze beleidsthema’s komen onder andere terug in de veiligheidsmonitor en de burgerpeiling. Monitor tijdens coronacrisis geschreven Deze monitor is tijdens de coronacrisis geschreven. Corona heeft niet alleen grote gevolgen voor de volksgezondheid en de economie, maar ook voor de maatschappij. De gevolgen van de coronacrisis voor specifieke onderdelen van het Sociaal Domein worden in deze kwaliteitsmonitor beschreven. Zo worden de mogelijke gevolgen voor armoede en schulden en mogelijk toegenomen kansenongelijkheid in het onderwijs beschrijven we in het hoofdstuk sociaal economische status.

Het onderwerp gezonder of juist ongezonder eten komt aan de orde in het hoofdstuk leefstijl. Een deel van de gebruikte cijfers en onderzoeken zijn van voor de coronacrisis. Door de snelle en onvoorspelbare ontwikkelingen van de coronacrisis komt een deel van de uitkomsten in een ander daglicht te staan. Waar mogelijk nemen we wel de maatschappelijke gevolgen van de coronacrisis mee. Hierin volgen we de verwachtingen van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP). Wat de precieze gevolgen in aantallen zijn, is op het moment van het schrijven van deze monitor niet te voorspellen.

Opbouw van de monitor: hoe verhouden indicatoren zich tot doelen en maatschappelijke effecten Voor de opbouw van de kwaliteitsmonitor gaan we uit van de beleidsraderen, zoals vastgesteld in het IBK. Te weten: Veerkracht; Leefstijl, Mentale gezondheid, Sociale leefomgeving, Fysieke leefomgeving, Sociaal economische status, Lichamelijke gezondheid, Zorggebruik. Bij ieder rad starten we met een doelenboom waarin beschreven staat wat de maatschappelijke effecten en doelen zijn die samenhangen met het betreffende rad.

Figuur 1: Voorbeeld doelenboom

Vervolgens zien we bij ieder beleidsrad een tabel waarin de belangrijkste indicatoren staan. In deze tabel staat ook hoe deze indicatoren zich ontwikkelen in de tijd en indien beschikbaar hoe we in de Krimpenerwaard op deze indicator ‘scoren’ ten opzichte van vergelijkbare gemeenten. Hieronder volgt een voorbeeld ter verduidelijking.

2.4 Maatschappelijke effecten en (richtinggevende) doelen In deze monitor maken we een koppeling tussen de gewenste maatschappelijke effecten en de bijbehorende doelen uit het IBK. We willen voor al onze inwoners dat zij mee kunnen doen naar vermogen. Dat is uitgewerkt in de volgende drie maatschappelijke effecten: • Inwoners ervaren een goede kwaliteit van leven • Inwoners zijn zelfredzaam • Inwoners zijn samenredzaam Voor de beschrijving van de stand van zaken op deze maatschappelijke effecten en bijbehorende doelen, gebruiken we meerdere Krimpenerwaardse en landelijke onderzoeken. Daarnaast gaan we in het hoofdstuk transformatie in op de transformatiedoelen. De transformatie van het sociaal domein moet helpen om de gewenste maatschappelijke gewenste effecten te bereiken.

Tabel 1: Voorbeeld en uitleg scores op indicatoren

Kwaliteitsmonitor 2021 - 7

2 In de eerste kolom staat de indicator, in de twee kolom staat de bron waarvan de cijfers zijn verzameld. Vervolgens worden de waarden weergegeven voor de jaren 2018, 2019 en 2020. De kolom trend geeft aan of de cijfers zich in de gewenste richting ontwikkelen. Dit wordt aangegeven door middel van een drietal symbolen die in het bovenstaande gedeelte van de tabel worden uitgelegd. In dit voorbeeld stijgt het percentage volledig gevaccineerde 2-jarigen, hetgeen als een positief effect wordt aangemerkt en daarom als een groene pijl wordt weergegeven. De laatste kolom ‘benchmark’ vergelijkt de cijfers van de gemeente Krimpenerwaard met soortgelijke gemeenten. Afhankelijk van de indicator en databeschikbaarheid wordt vergeleken met de regio Midden-Holland, Hollands Midden en weinig stedelijke gemeenten. Met een symbool wordt aangegeven of de Krimpenerwaard lager of hoger dan het gemiddelde van de benchmark presteert of ongeveer gelijk. Belangrijk hierbij om op te merken is dat het symbool onder benchmark geen waardeoordeel geeft, zoals dit bij trend wel het geval is (dat wil zeggen gewenste of ongewenste richting). Onder benchmark wordt louter aangegeven of lager of hoger, dan wel gelijk aan het gemiddelde van de benchmark wordt gepresteerd. Afhankelijk van de indicator kan dit als positief dan wel negatief worden aangemerkt.

Ook de symbolen met betrekking tot benchmark worden in de tabel toegelicht. Ondanks dat de trend dus positief is, kan men zien dat het aantal volledig gevaccineerde 2-jarigen zich nog onder de benchmark bevindt. Als de velden onder de jaren, trend en benchmark niet zijn gevuld, zijn er geen gegevens bekend. Het kan voorkomen dat bij een indicator geen of slechts één cijfer bekend is voor de jaren 2018 tot en met 2020, maar dat toch sprake kan zijn van een trend. Deze trendbeweging wordt dan gebaseerd op cijfers van 2018. Omwille de leesbaarheid worden deze cijfers niet altijd weergegeven. Om toch een indruk te krijgen van de trend hebben we er voor gekozen om waar mogelijk deze beweging toch aan te duiden.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 8

3 Beleidsrad Veerkracht Veerkracht is het vermogen van mensen om met veranderingen, stressvolle gebeurtenissen, tegenslagen en uitdagingen om te kunnen gaan. Naast iemand persoonlijke eigenschappen zijn daarvoor ook het hebben van een sociaal netwerk, actief en gezond zijn, doelen nastreven en toekomst perspectief hebben erg belangrijk.

3.1 Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard?

3.2 Eigen kracht, samenkracht, stress en tegenslagen Weerbaarheid van kwetsbare inwoners neemt af door corona We streven er in de Krimpenerwaard naar dat inwoners om kunnen gaan met stress en tegenslagen en dat zij op eigen kracht hun huishouden kunnen organiseren. Partners in het preventief domein zien dat de weerbaarheid, zeker bij kwetsbare inwoners, is afgenomen vanwege de coronacrisis.. Dit kan verlammend werken en mensen voelen zich onmachtig. Daarnaast hebben sommige inwoners erg weinig contacten gehad de afgelopen anderhalf jaar, waardoor ze zijn verleerd om in gesprekken op te komen voor zichzelf of hun vragen te stellen. Door het aanbod van weerbaarheidstrainingen voor zowel jongeren als volwassen in de Krimpenerwaard wordt ingezet op

Kwaliteitsmonitor 2021 - 9

3 het meer nemen van regie op mentale klachten zoals eenzaamheid, weerbaarder worden en sociale vaardigheden vergroten. Een goede weerbaarheid betekent minder stress en minder stress betekent meer energie gedurende de dag. Mensen kunnen hierdoor meer druk aan, helderder denken en zelfvertrouwen opbouwen. Het hebben van een informeel netwerk, om op terug te kunnen vallen, is ook belangrijk bij het kunnen omgaan met stress en tegenslag. Ontmoeting en laagdrempelige ondersteuning voor inwoners bij wie een sociaal vangnet niet vanzelfsprekend is helpt daarbij. Denk bijvoorbeeld aan project Steunouders.

worden en langer gezond blijven, biedt ook mogelijkheden voor doelen als ‘meer inwoners maken gebruik van sociale steun’ en ‘meer oplossingen worden binnen het gezin en het eigen netwerk gezocht’. Uit onderzoek blijkt dat mensen zich na hun pensionering graag nuttig willen blijven voelen. Dit kan bijvoorbeeld door het geven van zorg of hulp aan anderen, door het verrichten van betaalde of onbetaalde arbeid of vrijwilligerswerk. We zien ook steeds meer ouderen na hun 65e en 70e nog actief op de arbeidsmarkt. Mogelijkheden sociaal vangnet enigszins vergroot In de Krimpenerwaard vinden we het belangrijk dat ouders/verzorgers en mantelzorgers voldoende worden opgevangen en ondersteund vanuit de directe sociale omgeving, zodat zij op lange termijn zorg kunnen blijven bieden die nodig is. Daarom zetten we in op het vergroten van de onderlinge betrokkenheid in de kernen. De mate waarin inwoners van de Krimpenerwaard denken terug te kunnen vallen op een sociaal vangnet (familie, vrienden en buurtgenoten) voor hulp en ondersteuning is de laatste jaren licht gestegen van een schaalscore van 6.92 naar 7.01 (VNG, 2019). Dit ligt hoger dan landelijke gemiddelde, maar iets lager dan andere gemeentes in een weinig stedelijk gebied.

Figuur 2: Eigen kracht

Ervaren ‘eigen kracht’ licht gestegen De mate waarin inwoners in de Krimpenerwaard ervaren zonder beperkingen (fysiek, psychisch, taal, financieel) mee te kunnen doen in de samenleving is de laatste jaren licht gestegen van een schaalscore van 8,42 naar 8.48 (VNG, 2019). Dit was lange tijd hoger dan het landelijk gemiddelde en andere weinig stedelijke gebieden. Echter stijgt de ervaring van ‘eigen kracht’ landelijk harder dan in de Krimpenerwaard. Dat Nederlanders steeds ouder Figuur 3: Sociaal vangnet

Kwaliteitsmonitor 2021 - 10

3 Verenigingsleven verandert De sociale cohesie die een vereniging biedt heeft ook invloed op het sociale vangnet en de weerbaarheid van inwoners. Of je nu actief lid bent of als vrijwilliger actief, het verenigingsleven kan een netwerk bieden om op terug te vallen. Het verenigingsleven is aan verandering onderhevig, ook in de Krimpenerwaard. Mensen zijn drukker en willen zich niet graag binden aan structurele, vaste en langdurige vrijwilligerstaken. Toch zijn velen wel bereid iets voor een vereniging te doen. Doordat meer mensen langer fit blijven, blijft het aantal vrijwilligers bij verenigingen naar verwachting stabiel. Het is belangrijk dat verenigingen mee veranderen als zij een vitale vereniging willen blijven. Er komen steeds meer hulpmiddelen beschikbaar om hen daarbij te ondersteunen. Bijvoorbeeld apps die helpen bij de administratie en combineren van vraag en aanbod. iiiIn de Krimpenerwaard kunnen sportverenigingen vanuit het Sportakkoord de app ‘Taakie’ een jaar lang gratis gebruiken.

Uit de praktijk: ‘Over zelfredzaamheid en sociale samenhang’ WelZijn Krimpenerwaard signaleert verschillende ontwikkelingen op onderlinge betrokkenheid, het sociale vangnet en de sterkte van de sociale omgeving in de verschillende kernen. De stichting ziet daarin verschillen tussen de kernen in de Krimpenerwaard.

Onder andere vanwege de coronacrisis is er meer sociale samenhang ontstaan. Meer mensen zijn zich tijdens de coronaperiode bewust geworden van wat eenzaamheid is en zij zoeken elkaar op. De dorpskern Vlist is klein en mensen kennen elkaar en zijn bereid om veel voor elkaar te doen. Daarentegen is de diversiteit in een kern als Stolwijk groter. Bijvoorbeeld in inkomensklassen en woonachtige statushouders. Daar is de behoefte aan sociale samenhang en het opzoeken van elkaar minder waarneembaar. In Schoonhoven Oost ziet WelZijn dat veel inwoners zelfredzaam zijn, maar er ook zeker op diverse plekken een buurtgevoel heerst. Er zijn in verschillende wijken buurtverenigingen actief, op burendag wordt iets georganiseerd en AED’s worden met elkaar aangeschaft. Omzien naar elkaar in tijden van corona Zoals eerder gezegd, verandert het verenigingsleven. Ook corona is hierop van invloed zegt Welzijn Krimpenerwaard. “Sommige inwoners haken af in verband met het vaccinatiebeleid”. Tegelijkertijd werden ook in coronatijd veel nieuwe initiatieven opgezet waarin mensen omzagen naar elkaar. In Haastrecht bijvoorbeeld werden er met elkaar bloemstukjes gemaakt, soep, kaarten en tijdschriften rondgebracht. Ondanks al die activiteiten, zijn sommige inwoners nog steeds angstig. Niet iedereen durft onder de mensen te komen.

Helaas is het vangnet van mensen die zich in de coronatijd extra hebben ingezet nu ook grotendeels weer verdwenen. Uit de informatieve huisbezoeken, op de inloopmomenten, van thuiszorgmedewerkers en via kinderen van, verneemt WelZijn Krimpenerwaard dat veel ouderen en ook jongeren eenzaam zijn of zijn geweest. Vooral in de avonden en weekenden. Vragen om hulp, of om ergens heen gebracht te worden, is lang niet voor iedereen vanzelfsprekend.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 11

3 3.3 Kansrijke start Jeugd in de Krimpenerwaard meestal gelukkig In de Krimpenerwaard willen we dat kinderen een kansrijke start maken. Daar waar mogelijk worden eigen mogelijkheden en/of het sociaal netwerk van het kind ingezet. Het gaat goed met onze jeugd. Het SCPiv schetst dat de jeugd van Nederland behoort tot de gelukkigste van de wereld. Ze zijn in het algemeen tevreden over hun leven en met hun sociale relaties. Steeds minder leerlingen worden gepest, steeds minder jeugdigen worden verdacht van misdrijven en steeds minder jongeren roken. In de Krimpenerwaard is 87% meestal (zeer) gelukkig. Verder is ruim 89% van de jongeren in de Krimpenerwaard voldoende weerbaar. Dit is iets lager dan het regionaal en het landelijk gemiddelde. Weerbare jongeren zijn minder vaak eenzaam, beter bestand tegen pesten, voelen zich gezonder, en ervaren minder psychische problemen. Dat het goed gaat met veel kinderen en jongeren zien we ook terug in het onderwijs. Veel kinderen en jongeren volgen regulier onderwijs. Maar het gaat niet met alle kinderen goed. Zij kunnen daardoor terecht komen in jeugdzorg of lopen risico op verzuim of vroegtijdig schoolverlaten. Risicofactoren verhogen kans op minder kansrijke start De gezondheid van een kind begint niet pas bij de geboorte, maar al voor de conceptie.

Vanaf die conceptie is de ontwikkeling van een kind bepalend voor zijn gezondheid en welzijn als volwassene. En zelfs voor de gezondheid van volgende generaties. Er zijn verschillende risicofactoren die de kans op een minder goede start verhogen. Dit zijn vroeggeboorte en/of laag geboortegewicht, sterfte rond de geboorte (perinatale sterfte) en start van de zwangerschapsbegeleiding, als maat voor de toegankelijkheid van zorg. Naast medische risicofactoren, verhoogt vooral blootstelling aan stress tijdens de eerste 1000 dagen de kans op een minder goede start. In de Krimpenerwaard is het aantal vroeggeboortes en/of kinderen met een laag geboortegewicht lager dan in de rest van Nederland. Ook sterfte rond de geboorte komt in de Krimpenerwaard minder vaak dan in de rest van Nederland. Toename kinderopvang en groter bereik van voor- en vroegschoolse educatie (VVE) Uit de rapporten van het ministerie van Sociale Zaken en werkgelegenheid komt naar voren dat er steeds meer kinderen gebruik maken van kinderopvang. Dit hangt ook samen met de toename van arbeidsparticipatie door vrouwen. In de Krimpenerwaard zien we deze trend ook. Eind 2020 had de peuteropvang in de gemeente Krimpenerwaard een peuter bereik van 43%. Dit betekent dat van de 1222 peuters (2020) in de Krimpenerwaard, er 520 naar de peuteropvang gingen.

Bijna alle overige peuters in de Krimpenerwaard gaan naar een dagopvang op gastouder. Naar verwachting bereiken we daarmee een totaal van ruim 90% van de peuters. Voor peuters waar de Jeugdgezondheidszorg een achterstand in de taalontwikkeling signaleert, of andere risicofactoren die dit negatief beïnvloeden, wordt er een indicatie voor Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) afgegeven. Hiermee kan een peuter twee extra dagdelen (kosteloos voor ouders) naar de peuteropvang. Alle 19 peuteropvang locaties in de Krimpenerwaard bieden een VVE programma. Van de 1222 peuters in de Krimpenerwaard waren in 2019 108 peuters geïndiceerd voor VVE. Eind 2020 waren dit er 94. 87% van de peuters met een indicatie voor VVE werden in 2020 bereikt. Het gemiddelde bereikpercentage was in 2019 lager, namelijk 68%.

Ongelijke kansen in het onderwijs, mogelijk groter door corona Het bieden van gelijke kansen lijkt een punt van aandacht binnen het onderwijs. Het CPB en SCP stelt dat de verschillen kunnen stijgen als gevolg van de coronacrisis doordat kinderen uit kwetsbare groepen (leerlingen met een migratieachtergrond, met ouders met een lagere opleiding of met een lager huishoudens inkomen) mogelijk leerachterstanden en sociale achterstanden oplopen, waardoor de kans op passende doorstroming afneemt. Aan de hand van afgenomen eindtoetsen binnen het primair onderwijs werd duidelijk dat ook kinderen in de Krimpenerwaard in de basisschool leeftijd, een leervertraging hebben opgelopen. Waar de leerachterstanden in het begin van de lockdown groter waren, bleken kinderen na de lockdown ook veerkracht te tonen en een deel van de schade in te halen. Met name kinderen in een kwetsbare positie zijn verder achterop geraakt. Op het gebied van rekenen, spelling en begrijpend lezen liepen kinderen met een lage sociaaleconomische status grotere achterstanden op dan leeftijdsgenoten met een hogere sociaaleconomische status. Op het Voortgezet Onderwijs in Midden Holland werden vooral achterstanden op samenwerking zichtbaar en zijn er zorgen om het praktijkonderwijs. Het inkomen is overigens niet de enige factor die een rol speelt bij de leerachterstanden van kinderen.

Ook kinderen met een migratieachtergrond liepen beduidend meer vertraging op. Daling van verzuim in het onderwijs We streven ernaar dat kinderen een kansrijke start maken. Als kinderen of jongeren verzuimen van school, doen zij niet mee via onderwijs en is hun ontwikkeling mogelijk niet optimaal. Zo is schoolverzuim een belangrijke risicofactor voor voortijdig schoolverlaten, en hebben thuiszitters vaak meerdere problemen tegelijk. Zo stelt de landelijke evaluatie van het passend onderwijs “dat thuiszitten voor komt bij leerlingen met heel uiteenlopende, maar vaak zeer complexe psychische of psychiatrische problemen en/of thuissituaties. Vooral als een leerling al langere tijd thuis zit, blijkt het heel moeilijk om hem of haar terug te leiden naar het onderwijs.” Om die reden zijn inzicht in het aantal thuiszitters en voortijdig schoolverlaten relevant. Bureau leerlingzaken (afdeling van gemeente Gouda) voert voor de gemeente de Krimpenerwaard alle leerplicht taken uit. Een ontwikkeling die zich het afgelopen schooljaar heeft voortgezet is dat ketenpartners de medewerkers van bureau leerlingzaken goed weten te vinden. Het aantal verzuimzaken in de Krimpenerwaard is gedaald van 81 in het schooljaar 2019 - 2020 naar 63 in het schooljaar 2020 - 2021. In de Krimpenerwaard is het aantal geregistreerde thuiszitters 0 in het jaar 2020-2021.

Het aantal kinderen dat in werkelijkheid thuis zit, ligt naar verwachting veel hoger. Kinderen die geoorloofd thuis zijn vanwege psychische of lichamelijke problematiek vallen niet onder deze cijfers, maar zitten wel degelijk thuis.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 12

3 Minder vroegtijdig schoolverlaters in de Krimpenerwaard dan in de regio In de Krimpenerwaard is het aantal jongeren tussen de 12 en 23 jaar dat zonder startkwalificatie (havo-, vwo- of minimaal mbo-2-diploma) het onderwijs verliet het afgelopen jaar iets gedaald van 1.4% naar 1.3%vii. In verhouding zijn er in de Krimpenerwaard minder vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie dan in de regio en op landelijk niveau. De daling in het aantal vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie is wel iets sterker terug te zien op regionaal (van 1.9% naar 1.5%) en landelijk (van 2.0% naar 1.7%) niveau.

dan jongens (25%)ix . De stress komt vooral door school en huiswerk. Jongeren en jongvolwassenen zijn meer op zichzelf aangewezen en moeten meer hun eigen weg zoeken dan voorgaande generaties. Veel jongeren en jongvolwassenen werken nu vaak op basis van tijdelijke contracten. De samenleving is individualistischer en competitief geworden. We leven in een tijd van maakbaarheid. Het perfecte lichaam en de perfecte baan is haalbaar als je daar maar voldoende je best voor doet. Excelleren lijkt de maatschappelijke norm. Die maakbaarheidsgedachte levert veel stress op. Als iets niet lukt is het je eigen schuld. Dat veroorzaakt langdurige stress en de kans op een depressie. Sociale media vergroot de individualistische en competitieve maatschappij uit. Facebook en Instagram stellen ons in staat om onszelf de hele dag met elkaar te vergelijken. Stijging van betrokkenheid van kinderen in echtscheidingssituaties Een stabiele thuissituatie is een indicator voor een kansrijke start. Een scheiding kan gunstig zijn voor kinderen als daardoor langdurige chronische conflicten tussen hun ouders stoppen. Helaas is dat niet altijd het geval. Chronische conflicten tussen ex-partners vormen de grootste oorzaak van problemen bij kinderen van gescheiden ouders.

Ten opzichte van 2010 is in 2018 een stijging zichtbaar van het percentage minderjarige kinderen betrokken bij een echtscheiding (van 0,6% naar 0,8%).

Uit de praktijk: Echtscheiding in partnerschap De vrijwilligers van Humanitas hebben in 2021 drie echtparen in scheiding kunnen helpen om de scheiding zo soepel mogelijk te laten verlopen voor de kinderen. Dit is bewerkstelligd door middel van de begeleide omgangsregeling.

Daarnaast hebben we in het kader van het voorkomen van complexe scheidingen de lokale instantie Sterkers de opdracht gegeven om 10 echtparen met kinderen door middel van de SCHIP aanpak te helpen in partnerschap te blijven tijdens het echtscheidingsproces. Het is landelijk bewezen dat de SCHIP-aanpak helpt om complexe scheidingen te voorkomen en daarmee alle consequenties voor kinderen (schooluitval, eenzaamheid, psychische problematiek) drastisch te reduceren. Figuur 4: Percentage voortijdig schoolverlaters

Maakbaarheid, individualisering en toenemende prestatiedruk Jongeren in Nederland en in de Krimpenerwaard zijn over het algemeen gelukkig, maar er zijn ook zorgelijke ontwikkelingen volgens het SCPviii. Een ontwikkeling die gerelateerd is aan het onderwijs, is dat de druk om te presteren toeneemt, wat gevolgen kan hebben voor de psychische gezondheid van jongeren. Zo geeft 37% van de Krimpenerwaardse leerlingen aan dat ze zich (zeer) vaak gestrest voelen. Meisjes ervaren meer stress (47%)

Inzet op normaliseren/versterken ouderschap In onze samenleving, wordt er steeds meer van ouders gevraagd. Doe ik het goed als ouder? Hoe krijg ik het allemaal georganiseerd? Is dit normaal? Allemaal gedachten die regelmatig door het hoofd van ouders schieten. In toenemende mate ontstaat er behoefte om vragen, onzekerheden en frustraties rondom het ouderschap (met elkaar) te kunnen delen. Erkenning krijgen dat het ouderschap af en toe zwaar is en dat dit in veel gevallen ‘normaal’ is, haalt soms de druk van de ketel. Bovendien vragen maatschappelijke ontwikkelingen steeds meer om aandacht voor het ouderschap. Denk aan de invloed van digitale ontwikkelingen (sociale media), de toename van

Kwaliteitsmonitor 2021 - 13

3 het aantal scheidingen en samengestelde gezinnen, maar ook het combineren van werk en privé (zeker in tijden van corona). Het is voortdurend zoeken naar een balans, omdat er vele ballen in de lucht te houden zijn. Opvoeden is er ‘slechts’ één van. Met de coalitie Kansrijke Start ontsluiten we bestaand aanbod voor ouders. De sociale kaart is daar faciliterend in. In de opdracht aan het preventieteam is het belang van het netwerk van ouders onderstreept. Het 18-maanden huisbezoek is gestart vanaf september 2021 en het prenataal huisbezoek voor kwetsbare zwangere vrouwen start vanaf 1 januari 2022. Resultaten van deze interventies zijn nu nog niet weer te geven.

Uit de praktijk: ‘je doet het goed en je bent niet alleen’ De jeugdgezondheidszorg (JGZ) vervult een belangrijke taak in de ondersteuning van ouders door gezondheidsproblemen vroeg op te sporen, de gezondheid te bevorderen en opvoeders te ondersteunen. Structureel ingaan op het opvoedvertrouwen, de ouderschapsbeleving en het welzijn van ouders verdient blijvende aandacht in de JGZ en vraagt verbinding met ouders. We blijven met elkaar in gesprek om hier op adequate manier invulling aan te blijven geven. Op dit moment zijn er in de Krimpenerwaard kleinschalige (fysieke en digitale) initiatieven, waarin de behoefte aan erkenning voor de impact van het ouderschap gedeeld wordt (Facebook: ouders voor ouders Schoonhoven e.o., Speelotheek Leentje Beer in Schoonhoven, Weggeefhoek de Krimpenerwaard, de bibliotheek etc.).Partners van het preventieteam starten een deelproject waarin zij zich inzetten voor het stimuleren van/aanhaken bij (burger)initiatieven, het faciliteren van ontmoeting, het inspelen op behoeften van ouders en het duurzaam borgen van initiatieven waardoor de opvoedcultuur versterkt wordt.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 14

4 Beleidsrad Leefstijl Een gezonde leefstijl helpt voor het ervaren van een goede gezondheid. Daar streven we naar in de Krimpenerwaard. Dat betekent voldoende bewegen, niet roken, matig alcoholgebruik, gezonde voeding en ontspanning. In de afgelopen anderhalf jaar is de coronacrisis van invloed geweest op onze leefstijl. Het RIVM heeft diverse Nederlandse onderzoeken naast elkaar gelegd om de effecten van corona op leefstijl te duiden. Regionale ontwikkelingen voor jongeren volgen uit de jeugdmonitor.

4.1 Cijfers: Hoe staat het ervoor in de Krimpenerwaard?

4.2 Landelijke en regionale ontwikkelingen in leefstijl als gevolg van corona We bewegen minder Nederlanders zijn tijdens de 1e en 2e lockdown gemiddeld minder gaan bewegen. Dat zien we ook terug in de cijfers van de Krimpenerwaard. In 2016 bewoog 49% van de volwassenen in de Krimpenerwaard voldoende. In 2020 is dit nog 47%. 15% van de Nederlanders is over de gehele coronaperiode juist wel meer gaan bewegen. Dat zijn relatief meer vrouwen, hoger opgeleiden en 24-44 jarigen. In tegenstelling tot lager/middelbaar opgeleiden, mannen en 60 plussers. Zij scoren tijdens de coronacrisis onder het landelijke gemiddelde met betrekking tot de beweegnorm.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 15

4 Voor jongeren t/m 18 jaar geldt dat zij tijdens corona relatief minder zijn gaan bewegen. De verschillen op het gebied van sporten en bewegen lijken groter te zijn geworden. Kinderen die al matig bewogen gingen nog minder bewegen tijdens de 1e lockdown. Daarnaast viel tijdens de lockdown het georganiseerd sporten en gym op school weg, en ook het lopen of fietsen van en naar school of een sportclub. De verwachting is dat de verschillen kleiner worden naarmate maatregelen versoepelen. Kinderen die al veel buiten speelden zijn dit meer gaan doen, kinderen die niet veel buiten speelden zijn dit minder gaan doen.

is ook een dalende trend te zien in het gebruik van genotsmiddelen (met uitzondering van harddrugs). De dalende trend geldt zowel voor alcohol, rookwaren, lachgas als hasj/wiet. Team Fit zet zich in om een gezonde leefstijl te bevorderen op sportverenigingen. Zij ondersteunen verenigingen op de thema’s voeding, roken en alcohol. Om een ‘Rookvrije Generatie’ te bereiken, is een communicatiecampagne gelanceerd. In samenwerking met jongeren, openbare orde en veiligheid, GGD, Jongerenwerk, Team Sportservice, politie, BOA’s en Brijder wordt binnen het actieplan Integrale aanpak middelengebruik intensief gewerkt aan het voorkomen van middelengebruik. Gezien het hogere percentage jongeren dat alcohol gebruik in klas 2 en 4 van het voortgezet onderwijs dan in regio Hollands Midden, is in 2020 en 2021 prioriteit gegeven aan het bereiken van jongeren tussen de 12 en 18 jaar.

Figuur 5: Percentage inwoners dat voldoet aan beweegrichtlijn

Gebruik van alcohol en genotsmiddelen neemt af tijdens corona Ruim een kwart van de Nederlanders is tijdens de coronacrisis minder gaan drinken. In verhouding zijn iets meer Nederlanders minder gaan drinken dan meer gaan drinken. Een verklaring daarvan is mogelijk dat het ‘sociale drinken’, in gezelschap of cafés of restaurant aanzienlijk minder mogelijk was en dat alcoholverkoop na 20.00 uur een tijd lang niet toegestaan was. Vóór corona zagen we in klas 2 en 4 van het voortgezet onderwijs dat jongeren in de Krimpenerwaard vaker alcohol drinken dan jongeren in de rest van Hollands Midden. Ook onder jongeren is er landelijk in de coronatijd minder gedronken en naar verwachting ook in de Krimpenerwaard. In Holland Midden

Figuur 6: Percentage klas 2/4 VO dat recent heeft gedronken

Stress als gevolg van corona leidt tot meer roken Onder de rokende bevolking zijn in verhouding meer mensen die meer zijn gaan roken, dan mensen die minder zijn gaan roken tijdens de coronacrisis. De mensen die meer zijn gaan roken, noemen het ervaren van stress als een belangrijke reden voor deze toename.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 16

4 Internetgebruik en gamen onder jongeren neemt toe Het gebruik van sociale media onder jongeren is in de afgelopen jaren enorm toegenomen. 98% van de jongeren is in het bezit van een smartphone waarop gebruik wordt gemaakt van kanalen als Whatsapp, Instagram, Snapchat, Tiktok en Youtube. Jongeren lijken steeds meer tijd te besteden aan sociale media, filmpjes en gamen. Het percentage dat 5 uur of meer per dag hieraan besteedt, stijgt sinds 2018-2019. Toch geven evenveel leerlingen aan voldoende tijd over te houden voor andere dingen. Ook zeggen leerlingen op tijd te kunnen stoppen om te slapen.

Uit de praktijk, ‘Online en offline is met elkaar verweven’ Stichting Jeugd en Jongerenwerk (STJJW) ziet 3 thema’s als het gaat om sociale media: 1. (Overmatig) gebruik van sociale media speelt in Krimpenerwaard , maar is nooit een probleem op zich en nooit de aanleiding voor problemen. Jongeren zitten veel op sociale media omdat ze bijvoorbeeld weinig contacten hebben, niet naar buiten gaan. Er speelt meestal iets onderliggends op sociaal emotioneel gebied. Een verslaving aan sociale media is STJJW nog niet tegen gekomen in het werken in de Krimpenerwaard. Gameverslavingen komen wel voor. 2. STJJW ziet dat, ondanks de positieve beleving door jongeren over steun en contact, sociale media ook stress kan geven. Jongeren zien sociale media niet als probleem, maar leggen de lat voor zichzelf wel hoger door de mooie beelden/plaatjes/verhalen die gedeeld worden. Sociale media draagt ook bij aan de druk die jongeren ervaren (school, vrienden, sport, sociale media, etc.). Sociale media gaat 24 uur per dag door en kan er dan ook voor zorgen dat jongeren stress ervaren, vooral jongeren die gevoelig zijn voor het idee dat ze iets missen. 3. Sexting, oplichting, bedreiging etc. zijn ook onderdeel van het online zijn. Dit is echter geen trend van de laatste tijd, maar speelt al enkele jaren.

Het jeugd- en jongerenwerk richt zich op dit onderwerp vooral op voorlichting en in gesprek gaan met jongeren. In groepen vragen ze aandacht voor dit onderwerp, door vragen te stellen als “Wie ben jij en wat doe je online?”, “Wat doen anderen?”. Het gaat om bewustwording over gedrag offline en online. Voor jongeren is dit overigens geen scheidslijn. Online/offline is verweven met elkaar in het leven. Voor Stichting Jeugd en Jongerenwerk is de online wereld ook een vind- en werkplaats. Het is een belangrijke plek om te kunnen signaleren. Jongerenwerk kan direct contact zoeken bij zorgelijke signalen. Ook is infomeren gemakkelijk via socials. Denk bijvoorbeeld aan het wijzen op de corona-regels maar ook het inleveren van steekwapens tijdens de week van de veiligheid. Met social media kunnen veel jongeren worden bereikt en kunnen ontwikkelingen en trends nauw worden gevolgd.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 17

5 Beleidsrad Mentale gezondheid Sociale contacten zijn belangrijk voor de kwaliteit van leven van mensen. Als mensen zich niet met anderen verbonden voelen, spreken we over eenzaamheid. Mentale gezondheid gaat daarom over verbondenheid en saamhorigheid, zodat gevoelens van eenzaamheid, angst en depressie minder snel de kop opsteken.

5.1 Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard?

5.2 Gevolgen coronacrisis op welbevinden In maart 2020 veranderde de samenleving als gevolg van de coronapandemie en bleek daarmee de grootste oorzaak van de ontwikkelingen op de mentale gezondheid van onze inwoners. Dalend mentale gezondheid bij jongeren De Nederlandse bevolking lijkt zich (gemiddeld genomen) mentaal heel redelijk door deze crisis heen te slaan. Veel mensen voelden zich wel somberder als ze dat vergeleken met de periode voor corona, maar het psychisch welbevinden en de tevredenheid met het leven (in een rapportcijfer) waren in het najaar van 2020 nauwelijks anders dan voor corona zo blijkt uit onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureauxiii. In de Krimpenerwaard zien we dat met name jongeren tussen de 16 en 24 jaar gedurende de Coronaperiode meer

Kwaliteitsmonitor 2021 - 18

5 psychische klachten ervaarden dan bijvoorbeeld ouderen (70+). Alle leeftijdsgroepen scoorden de eerste maanden van 2021 laag op psychische gezondheid. Sinds maart 2021 is het percentage deelnemers dat scoort als psychisch gezond in alle leeftijdsgroepen gemiddeld toegenomen, waarbij de verschillen tussen de leeftijdsgroepen kleiner werden. Ook onder mensen die corona van dichtbij meemaakten (een naaste hebben die ernstig ziek werd of overleed) of extra risico lopen als ze het virus krijgen, was het aandeel met een laag psychisch welbevinden groter en zij waren gemiddeld minder tevreden met hun leven.

Toename crisiszorg en JGGZ Eind december 2020 meldde de Nederlandse ggz dat zorgaanbieders in de psychiatrische zorg voor kinderen en jongeren een forse toename van het beroep op crisiszorg zagen door kinderen en jongeren met ernstige depressies, acuut suïciderisico of acute eetstoornissen. Deze trend zien we ook in onze lokale cijfers van het zorggebruik terug in bijvoorbeeld het aantal verstrekte voorzieningen voor basis ggz (BGGZ) en specialistische ggz (SGGZ) en een toenemend aantal ggz hulpvragen die worden gesteld bij Kwadraad. Wat niet helpt, is dat de coronamaatregelen ertoe hebben geleid dat sociale structuren voor mensen met psychische kwetsbaarheid voor een groot deel zijn weggevallen, zoals werk, buurthuis, dagopvang of woonbegeleiding en contacten met vrienden en familie, die doorgaans ook een signalerende functie hebben en hulp kunnen inschakelen. Bovendien is er minder face-to-face contact geweest met hulpverleners binnen de ggz.

Figuur 7: Eenzaamheid

Toename van emotionele eenzaamheid In de Krimpenerwaard is de afgelopen jaren een stijging waarneembaar van het aantal inwoners van 65 jaar of ouder dat zich ernstig eenzaam voelt. Deze lokale ontwikkeling volgt de landelijke trend. Voor de groep tussen de 19 en 64 jaar zien we in de Krimpenerwaard tussen 2016 en 2020 juist een daling van het aantal mensen dat zich ernstig eenzaam voelt. Landelijk zien we een toename van emotionele eenzaamheid als gevolg van corona. Uit het gedragswetenschappelijk onderzoek COVID 19 van het RIVM blijkt dat het percentage deelnemers dat eenzaamheid ervaart sinds maart 2021 wel afneemt.

Figuur 8: Aantal cliënten met indicatie BGGZ en SGGZ

Ook zijn er landelijk signalen dat (volwassen) cliënten nu vaker in zorgwekkende psychische, maar ook lichamelijke conditie worden aangetroffen bij crisisdiensten. De Krimpenerwaard is met ingang van november 2020 gestart met de inzet van wijk GGD’ers met als opdracht het vroegsignaleren van psychische kwetsbaarheid en het tijdig toeleiden

Kwaliteitsmonitor 2021 - 19

5 naar passende hulp in samenwerking met o.a. politie, ggz, Kwadraad. Dit heeft er tot dusver toe geleid dat het aantal inwoners dat naar de psychiatrische eerste hulp in Leiden is vervoerd is gedaald ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. (12 in de periode nov tot april 2019/2020 naar 5 in 2020/2021).

Uit de praktijk: Een brede aanpak tegen eenzaamheid Partners uit het preventief domein ontvangen signalen van inwoners met verdriet over hun naasten die tijdens de coronapandemie achteruit zijn gegaan of hun dierbare moeten missen. Met een aanbod rouwverwerking voor nabestaanden van corona patiënten en een praatgroep voor ex corona patiënten wordt hierop ingespeeld. WelZijn Krimpenerwaard signaleert ook een toename van het aantal vragen voor maatjes in verband met eenzaamheid. De ontmoetingsgroepen zijn door toedoen van corona tijdelijk on hold gezet en zijn nu weer opgestart. Met beperkte inzet hebben veel (nieuwe en tijdelijke corona-)vrijwilligers zich ingezet bij praktische ondersteunende diensten als boodschappen halen voor ouderen met een beperkt netwerk, wekelijkse telefoontjes voor een praatje, het bezorgen van boeken, kaartjes, puzzels of lekkere baksels, het geven van digitale tips voor filmpjes, thuis-beweegoefeningen, doe-tips, telefooncirkels, etc. Dit heeft de eenzaamheid voor velen wat verlicht. Daarnaast wordt gewerkt aan het versterken van de Coalitie tegen eenzaamheid. Medewerkers van WelZijn Krimpenerwaard volgen een train-de-trainer cursus om eenzaamheid bespreekbaar te maken. Zij kunnen op hun beurt anderen leren hoe hiermee om te gaan.

Door andere partijen te betrekken (maatschappelijke partners, maar ook ondernemers) wordt gewerkt aan een brede aanpak tegen eenzaamheid.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 20

6 Beleidsrad Sociale leefomgeving Een prettige sociale leefomgeving gaat over wonen in een veilige en leefbare buurt én over veiligheid binnen gezinnen. De gemeente Krimpenerwaard streeft ernaar dat inwoners elkaar sneller en makkelijker vinden voor hulp in de omgeving. Hulp in de omgeving kan bijvoorbeeld geboden worden door mantelzorgers en vrijwilligers. Daarnaast spannen bedrijven zich in om te zorgen dat kwetsbare inwoners een plek vinden op de arbeidsmarkt met de benodigde begeleiding.

6.1 Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard?

6.2 Sociale samenhang en leefbaarheid Verbondenheid met de buurt neemt af In de Krimpenerwaard streven we naar een inclusieve samenleving waarin iedereen er bij hoort en mee kan doen. Inclusie gaat over diversiteit én gelijkwaardigheid. Er zijn veel verschillen tussen mensen en het gaat er bij een inclusieve samenleving om dat die verschillen gewaardeerd worden om daarmee sociale ongelijkheid, vooroordelen,

Kwaliteitsmonitor 2021 - 21

6 stigma’s en discriminatie te bestrijden. Mensen kunnen om verschillende redenen worden uitgesloten van volwaar dige deelname aan de samenleving. Bijvoorbeeld door een beperking, hun leeftijd, etnische herkomst, seksuele oriëntatie of genderidentiteit. Maar ook door armoede of laaggeletterdheid.

complexen voorlichtingsavonden samen met de GGZ over het verschil tussen ‘last’ en ‘overlast’. Hierna zijn de overlastmeldingen in die complexen minder frequent geworden.

6.3 Sociale veiligheid Aantal meldingen van huiselijk geweld en het percentage kindermishandeling stijgt De stijging van het aantal meldingen van huiselijk geweld en kindermishandeling is een landelijke trend en ook merkbaar in de Krimpenerwaard. De consulenten van het loket Samenleving en Zorg zien daarnaast ook een toename aan complexe casuïstiek. Dit wordt vermoedelijk deels veroorzaakt door de coronacrisis. Ook bestaat de indruk dat inwoners vaker melden. Er wordt via diverse mediakanalen meer aandacht gevestigd op de problematiek waardoor inwoners de weg beter weten te vinden. In 2021 heeft de gemeente ervoor gekozen om de samenwerking met Veilig Thuis te intensiveren door een medewerker van Veilig Thuis aan te laten sluiten bij het loket Samenleving en Zorg. Deze interventie zorgt voor kortere lijnen zodat er sneller geschakeld kan worden tussen Veilig Thuis en het Loket. Omdat men gezamenlijk optrekt zal de inwoner ondanks de stijgende meldingen beter geholpen zijn.

Figuur 9: Verbondenheid met de buurt

Een indicator voor een inclusieve samenleving is de verbondenheid met de buurt. De verbondenheid met de buurt daalt de laatste jaren van een schaalscore van 7,63 naar 7,26. Daarmee ligt de verbondenheid van de buurt in de Krimpenerwaard gelijk aan het landelijk gemiddelde, maar onder de schaalscore van gemeenten in een weinig stedelijk gebied. Leefbaarheid in sommige buurten onder druk Over het algemeen is de leefbaarheidssituatie in de Krimpenerwaard goed. Er zijn een aantal buurten waar de leefbaarheid minder hoog scoort. Bijvoorbeeld in Schoonhoven Noord en in de Wibautstraat en Lorentzweg in Lekkerkerk. xivOpvallend is wel dat de Krimpenerwaard hoger scoort op fysieke verloedering dan de rest van Nederland. QuaWonen signaleert dat er bepaalde complexen zijn waar relatief veel mensen wonen die vaak problemen ervaren op meerdere leefgebieden. Dit kan voor overlast zorgen. QuaWonen organiseert in deze

Figuur 10: Aantal meldingen huiselijk geweld

Kwaliteitsmonitor 2021 - 22

6 6.4 Vrijwilligers en mantelzorg Aantal vrijwilligers boven landelijk gemiddelde In de Krimpenerwaard doet 33% van de inwoners boven de 18 jaar aan vrijwilligerswerk in georganiseerd verband. Bijvoorbeeld bij een sportvereniging, kerkbestuur of school. Dit percentage ligt boven het landelijk gemiddelde (30%). Zo ook binnen WelZijn Krimpenerwaard waar ruim 550 vrijwilligers actief zijn in tal van ondersteunende diensten en activiteiten. Dit aantal lag in 2020 nog iets hoger. Mogelijk zijn de coronamaatregelen hierop van invloed geweest. Met name zelfstandigheid en langer thuis kunnen blijven wonen, wordt met behulp van vrijwilligers zoveel mogelijk bevorderd. In de Krimpenerwaard zien we dat er vooral veel ouderen actief zijn als vrijwilliger. Aandeel mantelzorgers nu en in de toekomst Het aantal inwoners dat mantelzorg verleent daalt in de Krimpenerwaard naar circa 14% in 2020. De meeste mantelzorgers voelen zich niet of nauwelijks of enigszins belast. Echter, 15,4% van het totaal aantal mantelzorgers geeft aan zich zwaar belast te voelen. Dit % ligt hoger dan het landelijke gemiddelde (13%).

Uit landelijk onderzoek van het SCPxv blijkt dat in 2040 minder mensen zijn die mantelzorg kunnen bieden en er relatief meer mantelzorg komt van ouderen voor andere ouderen. De omvang van de groep ontvangers van mantelzorg onder de zelfstandig wonende 75 plussers stijgt in de toekomst met bijna 70%. Het aantal mantelzorggevers (van 4 uur of meer per week) aan 75 plussers neemt tussen 2018 en 2040 veel minder toe, namelijk met nog geen 7%. Weinig gebruik van mantelzorgondersteuning door gemeenten Volgens het SCP bieden vrijwel alle gemeenten een of meer vormen van mantelzorgondersteuning, maar het aantal mensen dat hiervan gebruik maakt is gering. De vindbaarheid van het aanbod speelt daarbij een rol. Een kwart van de mantelzorgers die geen ondersteuning heeft maar wel wil, kent de weg naar ondersteuning niet. Dit beeld herkennen we in de Krimpenerwaard. Bij de 3 lokale mantelzorgloketten van de voormalige welzijnsstichtingen samen waren in 2019 892 mantelzorgers geregistreerd. In 2020 zagen we een daling naar 811 geregistreerde mantelzorgers. Volgens Mantelzorg.nl zijn er in de Krimpenerwaard maar liefst 16621 mantelzorgers (van 15 jaar of ouder). 1513 mantelzorgers daarvan zijn zwaarbelast. xviDe berekening van Mantelzorg.nl gaat uit van het inwoneraantal op 1 januari 2020 en een onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP).

Het verschil tussen het aantal geregistreerde mantelzorgers bij de welzijnsstichtingen en de aantallen zoals genoemd op Mantelzorg. nl laat zien dat veel mantelzorgers zichzelf niet beschouwen als mantelzorger of zich niet laten registreren bij de Welzijnsstichting en daardoor ook de weg naar ondersteuning minder makkelijk vinden. Een samenvoeging van de 3 mantelzorgloketten wordt voorbereid. Hierdoor kan de herkenbaarheid worden vergroot en expertise gebundeld. In 2020 en 2021 hebben de welzijnsstichtingen geëxperimenteerd met webinars als gevolg van corona. Deze webinars bleken goed bezocht en goed gewaardeerd en worden vast onderdeel van het aanbod. Digitale mogelijkheden voor mantelzorgondersteuning worden door WelZijn Krimpenerwaard verder uitgebreid wat de laagdrempeligheid van de ondersteuning ten goede komt.

6.5 Inzet bedrijven voor kwetsbare inwoners

Figuur 11: Percentage inwoners dat mantelzorg geeft

Kwetsbare inwoners komen moeizaam aan een passende werkplek De Covid-19 crisis had grote impact op de arbeidsmarkt. De banenkrimp die hierop volgde, leidde tot een toename van de werkloosheidscijfers. Hierdoor was het voor kwetsbare inwoners (waaronder bijstandsgerechtigden en arbeidsbeperkten) moeizaam om passende werkplekken en werkervaringsplekken te vinden. Zij kwamen (nog) meer aan de kant te staan dan voorheen. Inmiddels is er een kanteling te zien op de arbeidsmarkt; de economie trekt aan, het aantal vacatures is groot en in sommige sectoren ontstaan personele tekorten. We streven er in de Krimpenerwaard naar dat bedrijven zich inzetten voor kwetsbare inwoners zodat ook voor hen meer kansen ontstaan op de arbeidsmarkt. Daarvoor wordt binnen de regionale samenwerking in het Werkgevers Servicepunt ingezet op inclusief ondernemerschap. Door middel van Social Return On Investment (SROI) bevorderen we dat ondernemers bij aanbestedingen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt inzetten. SROI is onderdeel van het inkoop- en aanbestedingsbeleid. Aan opdrachtnemers van de gemeente worden verplichtingen opgelegd met als doel een economisch en sociaal gezondere regio.

Kwaliteitsmonitor 2021 - 23

7 Beleidsrad Fysieke leefomgeving De fysieke leefomgeving van onze inwoners speelt een belangrijke rol in het ervaren van een positieve gezondheid. Daarvoor kijken we naar of iemand prettig woont, de beschikbaarheid van voorzieningen in de buurt en hoe de publieke ruimte is ingericht.

7.1 Cijfers: Hoe staat het er voor in de Krimpenerwaard?

7.2 Langer zelfstandig thuis Toename aantal inwoners die langer zelfstandig thuiswonen De afgelopen jaren heeft de trend van extramuralisering (fysiek scheiden van wonen en zorg waarbij zorg zoveel als mogelijk in de ‘thuissituatie’ wordt geboden) zich verder doorgezet. Steeds meer mensen wonen langer zelfstandig thuis. De gedachte hierachter is dat mensen beter functioneren en sneller herstellen in de maatschappij dan wanneer ze in een instelling geheel buiten de maatschappij een geïsoleerd leven leiden. Daarnaast is er vanwege de toenemende vergrijzing behoefte aan voldoende tussenvormen voor ouderen die niet meer zelfstandig thuis kunnen wonen en ook nog niet in een verpleeghuis terecht kunnen. We zien dat het aantal zelfstandig thuiswonenden in de Krimpenerwaard hoger ligt dan het landelijke gemiddelde. Dit brengt ook uitdagingen met zich mee. Mensen die voorheen langdurig opgenomen werden, wonen nu in een wijk en vertonen gedrag dat niet altijd begrepen wordt of omwonenden ervaren overlast. Dit vraagt om voldoende ambulante ondersteuning en het realiseren van geclusterde woonvormen in de wijk voor een verscheidenheid aan doelgroepen. De komende jaren

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=f4d153b0-cb21-4536-823b-076bf27f722c