CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

1.13 RIB Voortgang invulling kapitaalbehoefte Stedin en financiering netwerkbedrijven.pdf

Raadsvergadering 13 september 2022, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Informatie van het college10.854 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

RAADSINFORMATIEBRIEF

VAN HET COLLEGE VAN B&W VOOR

de gemeenteraad

CC DATUM ONDERWERP

19 juli 2022 Voortgang invulling kapitaalbehoefte Stedin en financiering netwerkbedrijven

Beste meneer, mevrouw, Bijgaand treft u een nieuwe brief aan van de AHC. Deze brief is een vervolg op de eerdere informatiebrieven over het traject Lange Termijn Financiering (hierna LTF) van Stedin Groep. Middels deze brief wil de AHC graag alle aandeelhouders van Stedin Groep informeren over de voortgang van de verkenning ter invulling van de lange termijn kapitaalbehoefte en de gemaakte afspraken rondom het herijkte Meerjarig Strategisch Plan. Daarnaast hebben er op 10 juni jl. en respectievelijk 28 juni jl. digitale informatiebijeenkomsten plaats gevonden voor potentiële nieuwe aandeelhoudende gemeenten en provincies in het verzorgingsgebied van Stedin en voor de bestaande aandeelhoudende gemeenten van Stedin. Bijgesloten vindt u de mails en aanbevelingsbrieven betreffende de verkenning van het aandeelhouderschap in Stedin. Deze zijn voorafgaand aan de digitale informatiebijeenkomst van 10 juni jl. verstuurd naar de potentiële nieuwe aandeelhoudende gemeenten en provincies. Tenslotte heeft het kabinet op 13 juli jl. een brief naar de Tweede Kamer gestuurd. In deze brief wordt de Tweede Kamer geïnformeerd over de lopende gesprekken met het Rijk over de financieringsuitdagingen van de netwerkbedrijven. Vanuit Stedin Groep is hierbij een begeleidende brief opgesteld ten behoeve van haar aandeelhouders. Ook deze treft u bijgaand aan.

Bijlagen RIB: 6 Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,

de burgemeester,

J. Hennip i.a.

P.J. Bouvy-Koene

1 van 1 1931786829 / 899253

Aandeelhouderscommissie Stedin

Ter attentie van de vertegenwoordigers van de aandeelhouders in Stedin Holding N.V.1

Rotterdam, 01 juli 2022

Betreft: Update inzake langetermijnfinanciering en strategie Stedin

Geachte aandeelhouders van Stedin, Deze

brief is een

vervolg

Langetermijnfinanciering Informatiebijeenkomst

op

(hierna d.d.

28

de eerdere

informatiebrieven

LTF)

van

de

juni

2022.

Met

deelneming deze

brief

over

het traject 2

Stedin

en

de

informeert

de

Aandeelhouderscommissie van Stedin (hierna AHC) u over de stand van zaken met betrekking tot: 1. Voortgang in de verkenning van de invulling van de lange termijn kapitaalbehoefte van Stedin en vervolgplanning. 2.

1

De gemaakte afspraken rondom de vaststelling van het Meerjarig Strategisch Plan (looptijd tot en met 2027).

Verkenning invulling lange termijn kapitaalbehoefte Stedin

In de vorige AHC-brief d.d. 22 maart 2022 is vermeld dat de Algemene vergadering van Aandeelhouders (hierna: AvA) op 16 februari 2022 op grond van Stedin's herijkte prognose en een validatie van de financieel adviseur van de AHC (Rothschild & Co) de kapitaalbehoefte heeft vastgesteld op afgerond € 1,8 miljard voor de periode tot 2029 (€ 1,8 miljard bruto, € 1,6 miljard netto)34 .

7 Deze AHC-brief is openbaar en kan derhalve zonder oplegging van geheimhouding aan de gemeenteraad worden verstrekt. 2

AHC Brieven: van 22 maart 2022, 27 januari 2022, 15 november 2021, 30 juni 2021, 28 mei 2021, 31 maart 2021, 17 december 2020, 18 september 2020, 20 juli 2020, 12 mei 2020, 3 maart 2020 en 29 oktober 2019. Voor een toelichting op oorzaken van deze kapitaalbehoefte en welke stappen hierin zijn gezet verwijzen we graag naar de brief die op 22 maart 2022 (27januari 2022) aan uw gemeente is verstrekt. In deze brief is ook kort belicht wat gevolg is indien Stedin's vermogensversterking niet tot stand komt. ' Zie paragraaf 1.2. De kapitaalbehoefte is op 16 februari vastgesteld, gegeven de looptijd van dit traject wordt deze voor potentiële investeerders in deze periode ook geactualiseerd op grond van de laatste ontwikkelingen en prognoses. 3

1 / 8

Aandeelhouderscommissie Stedin

Tevens is toen gemarkeerd dat de AvA, en daarmee u als gemeente, nog niet hoeft te besluiten over de exacte invulling van deze kapitaalbehoefte. Een besluit over de invulling is nog niet aan de orde. Stedin en de AHC verkennen eerst gezamenlijk in hoeverre de behoefte kan worden ingevuld door toetreding van nieuwe aandeelhouders zijnde de niet-aandeelhoudende gemeenten en provincies in het verzorgingsgebied en het Rijk. De rationale is dat het realiseren van de energietransitie

(Klimaatakkoord,

Fit

for

55,

REPowerEU)

een

gezamenlijke

verantwoordelijkheid is van alle overheden. De verdere (versnelling van de) elektrificatie is randvoorwaarde om deze klimaatambities te realiseren. Stedin beheert dit elektriciteitsnet en staat voor de publieke opgave om de energie-infrastructuur fors uit te breiden. Duidelijk is dat toegang tot het elektriciteitsnetwerk steeds belangrijker wordt voor

het

vestigingsklimaat in een regio. Minstens zo belangrijk is dat de leveringszekerheid geborgd blijft, ook in een situatie waarin het netwerk fors uitgebreid en verzwaard wordt. In de Regionale energiestrategie (RES) maken alle betrokken overheden met andere stakeholders

keuzes

voor

onder

meer

de

gas-

en

in

toenemende

mate

de

elektriciteitsinfrastructuur. Ook trekken gemeenten, Stedin en andere stakeholders samen op bij o.a. de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) en de Transitievisie Warmte (TVW). AIie gemeenten en provincies zijn dus gebaat bij een netbeheerder die opgewassen is om de uitdagingen te realiseren en tevens financieel gezond blijft. Niet alle gemeenten en provincies in het verzorgingsgebied zijn aandeelhouder in Stedin. Historische ontwikkelingen hebben ertoe geleid dat op dit moment 44 gemeenten aandeelhouder zijn, terwijl het verzorgingsgebied van Stedin 6 provincies en 119 gemeenten telt. Kortom, circa tweederde van de gemeenten in het verzorgingsgebied is geen aandeelhouder.

Gevolg is dat zij

enerzijds bij Stedin geen aandeelhoudersrechten kunnen uitoefenen anderzijds niet betrokken zijn bij gesprekken met stakeholders omdat zij geen aandeelhouder in de regionale netwerkbeheerder zijn. Vanuit proportionaliteit en solidariteit lijkt dat Stedin en de AHC geen wenselijke situatie en wordt meer in de kracht van het collectief gezien, wat gaat over meerdere overheidslagen variërend van gemeenten, en provincies in Stedin's verzorgingsgebied tot aan de Staat (zie onder). Immers elk van deze partijen heeft baat bij een adequate uitrol van de energietransitie met de focus op financiële robuustheid bij Stedin waardoor ze kan blijven investeren in netcapaciteit en -kwaliteit. Het Rijk is geen aandeelhouder van Stedin terwijl de kapitaalbehoefte bij Stedin, en alle andere regionale netbeheerders en landelijk netbeheerder TenneT, het gevolg is van

2/8

Aandeelhouderscommissie Stedin

rijksbeleid. De huidige regulering (door toezichthouder de Autoriteit Consument en Markt) is ook nog niet aangepast op de ontwikkelingen in de energietransitie. Om vorenstaande redenen is het gewenst dat alle provincies en gemeenten in het verzorgingsgebied én het Rijk tevens aandeelhouder in Stedin zijn of kunnen worden. In de gesprekken met het Rijk, gemeenten en provincies blijkt dat vanuit publiek belang de noodzaak van een solide elektriciteitsnetwerk onderkend wordt en dat van belang is dat netbeheerders een kapitaalstructuur hebben die een toegang tot de kapitaalmarkt tegen redelijke condities borgt. De AHC zal voor de aandeelhouders een aanvullend advies opstellen wanneer de gesprekken met het Rijk en niet-aandeelhoudende gemeenten en provincies zijn afgerond. Als voornoemd traject gericht op nieuwe aandeelhouders niet tot voldoende versterking van het vermogen leidt treden Stedin en de AHC logischerwijs in gesprek over de consequenties en de vervolgstappen. Daar kunnen in deze fase nog geen verdere uitspraken over worden gedaan. Op basis van de huidige inzichten en de planningen die de AHC en Stedin overeen zijn gekomen, verwacht men voor 2022 het volgende tijdpad:

I

• I

• Toezending uitnodiging participatie • Informatiebijeenkomsten en verkennende gesprekken

•

Versturen vertrouwelijke informatie aan mogelijke toetreders • Voortzetting gesprekken met Rijk en niet-aandeelhoudende

•

• Duidelijkheid welke toetreders meedoen in emissie en tegen welke voorwaarden Q4 '22: commitment

gemeenten & provincies

versterking eigen vermogen via overeenkomst op hoofdlijnen

• Due diligence en transactiedocumentatie

• Q1'23: afronding due diligence en investerings-documentatie

Volgens planning zijn de gesprekken niet afgerond. Toch geven wij graag in de volgende paragrafen kort de tussenstand weer van de gesprekken met het Rijk en de nietaandeelhoudende gemeenten en provincies in het verzorgingsgebied van Stedin. Deze informatie is ook reeds mondeling verstrekt in de bijeenkomst voor alle aandeelhouders d.d. 28 juni 2022.

3/8

Aandeelhouderscommissie Stedin

1. 7

Gesprekken met het Rijk

Kapitaalbehoefte langere termijn De

netbeheerders

Stedin,

Alliander

en

Enexis

en

diens

aandeelhoudersvertegenwoordigingen zijn in het gesprek met het Rijk (Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en kapitaalproblematiek op langere termijn.

het

ministerie

van

Financiën)

over

de

Bij deze gesprekken zijn dus een groot aantal partijen betrokken. Ter-stroomlijning van deze gesprekken is een zogenaamde bestuurlijke Stuurgroep ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van het Rijk de netbeheerders en de AHC's van Stedin, Alliander en Enexis. De voorzitter van onze AHC vertegenwoordigt in deze stuurgroep de AHC Stedin. In deze gesprekken wordt verkend of het Rijk bereid is om te participeren in de netbeheerders. Andere instrumenten zoals garanties, subsidies en fiscale instrumenten zijn in dit traject ook onderzocht maar werden door de gezamenlijke Stuurgroep als minder kansrijk gehad ten opzichte van een participatie van het Rijk. In het verlengde daarvan wordt ook gesproken over onder welke condities en voorwaarden participatie kan plaatsvinden, welke vorm en governance daar het beste bij past en wat de hoogte van de participaties kan zijn. Kapitaalbehoefte kortere termijn Stedin is daarnaast ook in gesprek met het Rijk over het invullen van de kapitaalvraag van Stedin op kortere termijn. Vanwege historische redenen is de omvang van het eigen vermogen van Stedin beperkter dan die van Alliander en Enexis, ook heeft Stedin een lagere credit rating. Daarnaast verschillen de verzorgingsgebieden en daarmee de opgaven en bijbehorende investeringen tussen netbeheerders.

In vergelijking met de andere twee netbeheerders manifesteert de kapitaalbehoefte daarom bij Stedin reeds op kortere termijn ten opzichte van de andere netbeheerders. Om die reden hebben Stedin en het Rijk ook gesprekken gevoerd over een instrument waarmee de kapitaalbehoefte van Stedin op de korte termijn kan worden gereduceerd. Dit proces is nog gaande. Met het oog op het financiële beleid van Stedin is het doel van Stedin om voor einde van het dit jaar duidelijkheid te hebben met het Rijk over de kapitaaloplossing voor de korte termijn.

4/8

Aandeelhouderscommissie Stedin

Wij verwachten dat op korte termijn de ministers Jetten en Kaag een brief aan de Tweede Kamer zenden inzake de kapitaalproblematiek van de regionale netbeheerders. Wij zullen u te zijner tijd deze Kamerbrief toezenden.

7.2

Gesprekken met niet-aandeelhoudende gemeenten en provincies

Algemeen Met de provincies Zuid-Holland, Utrecht en Zeeland zijn zowel bestuurlijke als ambtelijke gesprekken gevoerd. Dat geldt ook voor de gemeenten Utrecht en Amersfoort. Op 10 juni 2022 organiseerde de AHC samen met Stedin een (digitale) bijeenkomst voor alle niet-aandeelhoudende gemeenten en provincies. In voorbereiding op deze bijeenkomst ontvingen deze gemeenten en provincies op 25 mei 2022 een informatiebrochure. U ontvangt deze informatiebrochure alsmede de presentatie van de bijeenkomst d.d. 10 juni 2022 via de digitale portal. In de gesprekken met deze gemeenten en provincies is duidelijk herkenning van het publieke belang van de energietransitie en de cruciale rol van Stedin als netbeheerder.

Voorbereiding transactiedocumentatie voor een eventuele participatie van nieuwe aandeelhouders Informgtiememorgndum en due dilligence Voor Rijk, gemeenten en provincies, die interesse tonen om te participeren In Stedin, wordt door Stedin in samenwerking met de AHC een lnformatiememorandum opgesteld. Dit is gebruikelijk in dit soort trajecten en is bedoeld om voornoemde partijen een gedegen inzicht in Stedin te geven in aanloop naar een eventuele participatie. Dit is een vertrouwelijk document, waarin o.a. het profiel van de organisatie, de energietransitie, de regulering, financiële positie en prognoses, met daarbij ook aandacht voor de kapitaalbehoefte en de huidige corporate governance beschreven staan. Daarnaast is Stedin een due diligence traject gestart. Dit onafhankelijke (boeken)onderzoek heeft als doel om vast te stellen dat de gerapporteerde en geprognotiseerde financiële cijfers betrouwbaar zijn.

518

Aandeelhouderscommissie Stedin

Waardering

Ten behoeve van dit lnformatiememorandum actualiseert Stedin eerst de kapitaalbehoefte van €1,8 miljard en voert daarna een waardebepaling van de bestaande aandelen uit. Aan de hand van deze waardebepaling is vervolgens vast te stellen of van 'verwatering' van het aandelenbelang van bestaande aandeelhouders sprake is. Streven van Stedin is dat het lnformatiememorandum in de zomer 2022 met geïnteresseerde gemeenten en provincies wordt gedeeld.

2

Afspraken Meerjarig Strategisch Plan

In de vorige AHC-brief is een toelichting gegeven over de betrokkenheid van de AHC bij het opstellen van de strategie en de focuspunten van de AHC. Dit is de eerste strategie waarover de aandeelhouders sinds de governancewijziging in 2021 een goedkeuringsrecht hebben. Tevens is aangegeven dat de AHC in de gelegenheid is gesteld om over het Meerjarig Strategisch Plan (hierna: MSP) een advies uit te brengen aan de AvA. Inmiddels zijn in de aandeelhoudersvergadering van 22 april 2022 het MSP en het AHC Advies op het MSP unaniem door de aandeelhouders vastgesteld. Hieronder volgt een korte samenvatting van het MSP en de gemaakte afspraken ten aanzien van de verdere uitrol van de strategie en hoe wordt omgegaan bij nieuwe ontwikkelingen gedurende de planperiode van het MSP (looptijd tot 2027) in lijn met het AHC Advies. 2. 7

Samenvatting MSP

Het MSP maakt duidelijk dat Stedin voor grote uitdagingen staat. De energietransitie, economische effecten zoals inflatie en krapte op de arbeidsmarkt en toename van woningbouw vragen veel van de netbeheerder op alle terreinen. Met het MSP kiest Stedin om de focus te leggen op voldoende netcapaciteit, kortom het oplossen dan wel tot een minimum beperken van transport-schaarste op het elektriciteitsnet. Dat wil de vennootschap bereiken door sneller te bouwen, de infrastructuurbehoefte te managen o.a. door koppeling aan de Regionale Energiestrategieën en de netten zo optimaal mogelijk te benutten. De tweede prioriteit ligt op het goede beheer van de huidige netten, waarbij wordt gefocust op de huidige netperformance. Doel is om daarmee onder meer de mate van spanningskwaliteit en leveringszekerheid te handhaven en uitvalduur te beperken.

6/8

Aandeelhouderscommissie Stedin

Andere aandachtsgebieden in de strategie zijn de inzet op: a] verdere digitalisering; b] het verder opschalen van samenwerking met ketenpartners zoals anders netbeheerders en waterbedrijven; c] duurzaamheid in de eigen bedrijfsvoering, zoals de target om in 2030 volledig klimaatneutraal en circulair te zijn en; d] goed voorbereid zijn op een eventuele wettelijke raak rondom de waterstof- en warmtenetten. Hierdoor wordt duidelijk dat in de strategie op adequate wijze de publieke belangen worden geadresseerd die de aandeelhoudende gemeenten belangrijk vinden. Zo geeft Stedin duidelijk in de strategie aan wat de doelstellingen zijn rondom leveringszekerheid (netperformance en netcapaciteit), veiligheid en de energietransitie. 2.2

AHC Advies op het MSP en een blik op de gemaakte afspraken

De AHC onderschrijft Stedin's prioritering in het MSP. Het maatschappelijk belang van een geslaagde energietransitie is immers groot, en voldoende netcapaciteit is een cruciaal aspect. Tegelijk dient er ook aandacht te blijven voor het beheer van de bestaande netten. De AHC heeft positief geadviseerd ten aanzien van het MSP, maar de AHC heeft daarbij wel aandachtspunten geformuleerd die zijn opgenomen in het advies van het MSP. De aandachtspunten zien met name op verdere concretiseringen en nadere werkafspraken. In afstemming met Stedin zijn goede afspraken gemaakt die onder meer zien op de volgende punten. • Stedin zal door middel van individuele jaarplannen inzage bieden in de concreet te behalen doelen per jaar voor de eigen strategische prioriteiten uit het MSP zodat er een koppeling is tussen de strategie en de daadwerkelijke uitvoering in een bepaald jaar. Deze jaarplannen worden ook met de aandeelhouders gedeeld. ■

In het verlerigde daarvan zal voortaan in de jaarplannen meer inzicht worden gegeven in de doelstellingen (kritische prestatie- indicatoren, hierna KPl's) met daarin de doorvertaling van strategische KPl's die in het MSP staan opgenomen, naar onderliggende operationele KPl's. Vanuit aandeelhoudersperspectief ondersteunt dit in het krijgen van inzicht en het monitoren van de prestaties in het licht van de uitrol van de strategie en de daarmee gepaarde publieke belang. Er loopt thans een procedure om de regulering rondom energiebronnen als warmte en waterstof te herijken. Indien de wettelijke taken omtrent warmte en/of waterstof wijzigen en er

7/8

Aandeelhouderscommissie Stedin

nadrukkelijker een wettelijke taak zal komen voor Stedin als netbeheerder zal de nieuwe situatie opnieuw worden overlegd en beoordeeld in samenwerking met de aandeelhouders gegeven de impact op de uitvoering van de strategie. Waarbij nadrukkelijk stilgestaan zal worden bij de rol die de AvA (eventueel) te vervullen heeft. •

Met verwijzing naar de toelichting in paragraaf 1 over de invulling van de kapitaalbehoefte van€ 1,8 miljard is een logische afspraak dat Stedin continue blijft monitoren wat de impact is van o.a. (politieke) besluiten en macro economische ontwikkelingen (inflatie, rentestijgingen, netverliezen, krapte op de arbeidsmarkt) op de financiële ratio's en eventueel de kapitaalbehoefte en daar de aandeelhouders over informeert. Doel hiervan is dat het zicht op de financiële positie van Stedin accuraat blijft in het licht van het lopende proces ter invulling van de kapitaalbehoefte.

Wij verwachten u 77staande geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, mede namens de AHC,

G

enhil C Stedin

8/8

Geacht College van B&W,

Betreft: verdieping van de samenwerking via een verkenning van aandeelhouderschap in Stedin

I Stedin en de aandeelhouderscommissie: een korte introductie Stedin is als regionale netbeheerder de organisatie die de energienetten in uw gemeente beheert en onderhoudt. Naast uw gemeente omvat het totale verzorgingsgebied van Stedin een groot deel van de provincies Utrecht, Zeeland, een groot deel van Zuid-Holland en bepaalde delen van NoordHolland en Friesland. Hieronder vallen drie van de vier grootste steden van Nederland, de Rotterdamse en Zeeuwse haven, zware industrie en glastuinbouw. Kenmerkend voor het verzorgingsgebied van Stedin is de dynamische omgeving van dichtbebouwde gebieden naar landelijk gelegen gemeentes. Als netwerkbedrijf heeft Stedin de taak om het energienet veilig en betrouwbaar te houden en zorg te dragen voor de leveringszekerheid van energie, oftewel de uitvalduur zoveel mogelijk te beperken. Stedin is hierbinnen verantwoordelijk voor het beheren, onderhouden en aanleggen van gasleidingen en elektriciteitsnetten in uw gemeente. Daarnaast faciliteert Stedin de energiemarkt. Concreet zorgt Stedin dus niet alleen voor het transport van gas en elektriciteit, maar sluit ze bijvoorbeeld ook laadpalen aan voor elektrische mobiliteit en faciliteert ze dat er voldoende capaciteit is zodat duurzame energiebronnen zoals zonnepanelen en windmolens kunnen “invoeden” op het net.

De Aandeelhouderscommissie van Stedin is een vertegenwoordigend en adviserend orgaan van en voor de 44 aandeelhoudende gemeenten. II Aanleiding voor deze brief Als bestuur en Aandeelhouderscommissie (hierna: AHC) van Stedin Groep verkennen we graag met u of we onze bestaande samenwerking zouden kunnen verdiepen via een participatie en aandeelhouderschap in Stedin. Als aanleiding daartoe identificeren Stedin en de AHC twee hoofdpunten, hetgeen we in deze brief onder punt III en IV, de brochure en bij voorkeur ook graag in gesprek met u willen toelichten. III Asymmetrie tussen verzorgingsgebied en aandeelhouders Eerste punt is dat er een relatief grote asymmetrie is tussen het aantal overheden in Stedin’s verzorgingsgebied en het aantal overheden dat daadwerkelijk aandeelhouder is. Het verzorgingsgebied is door historische fusies van gemeentelijke energiebedrijven enerzijds, maar juist ook door de onderlinge verkoop van energiebedrijven ontstaan. Voorbeelden hiervan zijn de verkoop (2002) van energiebedrijf REMU (regio Utrecht) aan Eneco (de voorloper van Stedin) en de verkoop (2017) van Enduris en DNWG (Zeeland) aan Stedin.

1

Derhalve is het verzorgingsgebied niet een logisch aaneengesloten gebied. Daarnaast hebben deze historische ontwikkelingen ervoor gezorgd dat op dit moment 44 gemeenten aandeelhouder zijn, terwijl het verzorgingsgebied van Stedin vijf provincies en meer dan 1001 gemeenten telt. Kortom circa een derde van de gemeenten in het verzorgingsgebied is aandeelhouder. Hoewel diverse gemeenten dus geen eigenaar (meer) zijn van een netbeheerder en diens energienetten, ligt er tegelijkertijd wel een grote opgave voor die energienetten in uw gemeente waardoor als er geen veranderingen optreden “slechts” 44 gemeenten hier verantwoordelijkheid moeten dragen. Dit is ook een aandachtspunt dat de door Rijksoverheid aangestelde commissie Kist al in een eerder stadium heeft geconstateerd2. Daarbij geldt ook dat de andere twee grote netbeheerders Alliander en Enexis in veel sterkere mate dan bij Stedin het geval is een overlap kennen tussen de overheden in het verzorgingsgebied en de overheden die aandeelhouder zijn. Vanuit proportionaliteit en solidariteit (zie onder) lijkt dat Stedin en de AHC geen wenselijke situatie en zien wij meer in de kracht van het collectief, wat gaat over meerdere overheidslagen variërend van gemeenten, en provincies in Stedin’s verzorgingsgebied tot aan de Staat.

Immers elk van deze partijen heeft baat bij een adequate uitrol van de energietransitie met de focus op financiële robuustheid bij Stedin waardoor ze kan blijven investeren in netcapaciteit en -kwaliteit. IV Proportionaliteit en solidariteit als oplossing voor Stedin’s kapitaalbehoefte Tweede punt is vooral een combinatie van de maatschappelijke en financiële belangen die met Stedin gemoeid zijn. U en andere gemeenten en provincies hebben een zekere positie en regie bij de uitrol van de energietransitie, zoals rondom de Regionale Energie Strategieën (RES’en), laad-infrastructuur agenda’s en warmtetransitievisies. Gezien de uitdagingen die voor ons liggen, is een goede energieinfrastructuur binnen het verzorgingsgebied van Stedin van groot maatschappelijk belang. Tegelijkertijd zorgt deze energietransitie en alle daarvoor noodzakelijke investeringen in het energienet ervoor dat Stedin de komende jaren extra eigen vermogen nodig heeft. Nederland heeft immers tot doel om versneld over te gaan op schone energie uit hernieuwbare bronnen. Om de doelen uit het Klimaatakkoord te halen moet Nederland de komende decennia haar CO2-uitstoot flink inperken. Daarboven komen de aangescherpte doelstellingen van de Europese Unie (FIT for 55), de ambities van het laatste regeerakkoord en de gevolgen van de recente ontwikkelingen in de Oekraïne.

Stedin voorziet tot aan 2030 dat de energietransitie binnen haar verzorgingsgebied versnelt door toenemende elektrificatie, wat zich uit in de verdere groei van zonne- en windenergie, laadpunten en een toename van warmtepompen voor de verwarming van woningen. Daarnaast heeft Stedin de verantwoordelijkheid om gemeentes en provincies binnen haar verzorgingsgebied van een betrouwbaar en betaalbaar energienetwerk te blijven voorzien. De versnelling van de energietransitie en economische ontwikkelingen zoals rondom de woningbouw zouden er niet toe mogen leiden dat storingen op het netwerk kunnen toenemen.

1 Stedin Groep, 2022. O.b.v. van aansluitingen voor gas en elektriciteit (klein- en groot verbruik) is Stedin actief in 124

gemeenten. 2 Commissie Kist, 2008. Rapport: Publiek aandeelhouderschap in energiebedrijven (o.a. pag.54-55).

2

Voornoemde ontwikkelingen leiden tot een verdere versnelling en vergroting van de investeringen en daarmee de eigen vermogensbehoefte. Om enerzijds deze versnelling te financieren en anderzijds het energienet betrouwbaar en betaalbaar te houden heeft Stedin een vermogensversterking van € 1,8 miljard nodig om de energietransitie en economische ontwikkelingen maximaal te faciliteren en het beheer en onderhoud goed uit te voeren. Kortom, met dit eigen vermogen blijft Stedin voldoende kredietwaardig en financieel robuust waardoor ze kan blijven investeren in de energietransitie door het verslimmen (digitaliseren) en versterken van haar energienetten uit het oogpunt van veiligheid en de capaciteit. Bij een vermogensvraag is het logisch om in eerste aanleg de bestaande aandeelhouders aan te spreken. De bestaande aandeelhouders hebben eerder al een bijdrage geleverd in de vermogensversterking van Stedin, onder meer door een kapitaalstorting van €200 miljoen en de verkoopresultaten van dochterondernemingen toe te voegen aan de reserves en “in” Stedin te laten en niet als dividend uit te keren. Een voorbeeld daarvan is het resultaat van € 251 miljoen door de verkoop van Joulz dat is gebruikt om het eigen vermogen te versterken. Relevant om te vermelden is dat naast een vermogensversterking via de uitgifte van nieuwe aandelen ook een breed palet aan andere instrumenten is onderzocht.

Echter, andere instrumenten zoals als subsidies, leningen en garanties zijn naar mening van Stedin en de AHC geen adequate lange termijn oplossing voor het probleem. Goed om te benoemen is dat diverse gemeenteraden van de bestaande aandeelhouders ook hebben gevraagd of er geen private partijen geïnteresseerd zouden zijn om in Stedin te investeren. Een valide vraag, echter op basis van de Gas- en Elektriciteitswet3 mogen netbeheerders als Stedin enkel in eigendom zijn van openbare lichamen zoals gemeenten, provincies en de Staat en kunnen private partijen zoals bijvoorbeeld pensioenfondsen niet participeren. Ook u heeft baat bij een sterke netbeheerder. Daarom lijkt het Stedin en de AHC vanuit proportionaliteit en solidariteit logisch om te verkennen of u en andere gemeenten in het verzorgingsgebied mogelijk interesse hebben in het aandeelhouderschap en Stedin’s vermogensversterking breder te bezien dan het huidige “smaldeel” van bestaande aandeelhouders. Daarnaast is bekend dat wij in samenwerking met de andere netbeheerders met de Staat in gesprek zijn over welke bijdrage het Rijk zou kunnen leveren in deze kapitaalbehoefte van €1,8 miljard4.

Tot slot is het logisch om het aandeelhouderschap uit te breiden middels de toetreding van gemeenten en provincies uit het verzorgingsgebied omdat de energietransitie een complexe opgave is en veel samenwerking vergt voor goede en tijdige ruimtelijke inpassing. Via het aandeelhouderschap kunnen de belangen van overheden ten aanzien van de vormgeving van de ruimtelijke inpassing optimaler worden gelijkgeschakeld met die van strategische rationale om het aandeelhouderschap en verzorgingsgebied meer op een lijn te brengen. Een voorbeeld is de commissie energietransitie voor aandeelhouders. In deze commissie worden strategische vraagstukken besproken over bijvoorbeeld elektrisch vervoer, warmte, geothermie, waterstof en energieopslag. Onderwerpen die naar verwachting voor u ook zeer relevant zijn. We hopen dat u ook aan deze commissie als aandeelhouder deel kan nemen.

3 Artikel 93, respectievelijk artikel 85 van de Elektriciteit- en Gaswet. 4 Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, 8 februari 2022. Brief aan Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-

Generaal. Kamerbrief met een periodieke update over de schaarse transportcapaciteit op het elektriciteitsnet.

3

Kortom: de maatschappelijke toegevoegde waarde van een goede energie-infrastructuur is in het belang van alle overheden in het verzorgingsgebied van Stedin en daarom is het logisch dat zij gezamenlijk hun inhoudelijke en financiële betrokkenheid tonen via het aandeelhouderschap en de bijbehorende vermogensversterking. IV Vervolgproces Bij deze brief ontvangt u een informatiebrochure. Deze brochure beschrijft de uitdaging van de energie-transitie in het algemeen, voor Stedin specifiek en voor alle gemeenten en provincies binnen het verzorgingsgebied in het bijzonder. In vervolg op deze brief en informatiebrochure organiseren wij op 10 juni 2022 een digitale informatie bijeenkomst (digitaal) Deze bijeenkomst is bedoeld voor bestuurders en ambtenaren. In deze bijeenkomst gaan wij nader in op de maatschappelijke uitdagingen in het algemeen en het proces om samen te verkennen in welke mate u en andere overheden een rol zouden kunnen spelen om in Stedin’s vermogensbehoefte te voorzien.

Uiteraard biedt dit ook de mogelijkheid om in te gaan op uw vragen en onderwerpen die bij dit vraagstuk komen kijken zoals wat de implicaties zijn voor Stedin als de vermogensversterking onvoldoende van de grond komt, welke meerwaarde aandeelhouderschap heeft ten opzichte van uw huidige positie, welke zeggenschap u krijgt en het proces om tot antwoorden te komen op de vragen wat de financiële bandbreedte en het rendement c.q. de dividendbaat is indien u wenst te participeren. Heeft u voor die tijd vragen dan kunt u contact opnemen met Wigge van Bemmelen van Stedin Bestuurlijke Zaken (fm_bestuurlijkezaken@stedingroep.nl of 06-29332135). Wij gaan graag met u in gesprek. Met vriendelijke groet,

Arjan van Gils Voorzitter AHC Stedin Groep

Koen Bogers CEO | Voorzitter RvB Stedin

4

Geacht College van Gedeputeerde Staten,

Betreft: verdieping van de samenwerking via een verkenning van aandeelhouderschap in Stedin

I Stedin en de aandeelhouderscommissie: een korte introductie Stedin is als regionale netbeheerder de organisatie die de energienetten in uw provincie beheert en onderhoudt. Het totale verzorgingsgebied van Stedin omvat een groot deel van de provincies Utrecht, Zeeland, een groot deel van Zuid-Holland en bepaalde delen van Noord-Holland en Friesland. Hieronder vallen drie van de vier grootste steden van Nederland, de Rotterdamse en Zeeuwse haven, zware industrie en glastuinbouw. Kenmerkend voor het verzorgingsgebied van Stedin is de dynamische omgeving van dichtbebouwde gebieden naar landelijk gelegen gemeentes. Als netwerkbedrijf heeft Stedin de taak om het energienet veilig en betrouwbaar te houden en zorg te dragen voor de leveringszekerheid van energie, oftewel de uitvalduur zoveel mogelijk te beperken. Stedin is hierbinnen verantwoordelijk voor het beheren, onderhouden en aanleggen van gasleidingen en elektriciteitsnetten in uw provincie. Daarnaast faciliteert Stedin de energiemarkt. Concreet zorgt Stedin dus niet alleen voor het transport van gas en elektriciteit, maar sluit ze bijvoorbeeld ook laadpalen aan voor elektrische mobiliteit en faciliteert ze dat er voldoende capaciteit is zodat duurzame energiebronnen zoals zonnepanelen en windmolens kunnen “invoeden” op het net.

De Aandeelhouderscommissie van Stedin is een vertegenwoordigend en adviserend orgaan van en voor de 44 aandeelhoudende gemeenten. II Aanleiding voor deze brief Als bestuur en Aandeelhouderscommissie (hierna: AHC) van Stedin Groep verkennen we graag met u of we onze bestaande samenwerking zouden kunnen verdiepen via een participatie en aandeelhouderschap in Stedin. Als aanleiding daartoe identificeren Stedin en de AHC twee hoofdpunten, hetgeen we in deze brief onder punt III en IV, de brochure en bij voorkeur ook graag in gesprek met u willen toelichten. III Asymmetrie tussen verzorgingsgebied en aandeelhouders Eerste punt is dat er een relatief grote asymmetrie is tussen het aantal overheden in Stedin’s verzorgingsgebied en het aantal overheden dat daadwerkelijk aandeelhouder is. Het verzorgingsgebied is door historische fusies van gemeentelijke energiebedrijven enerzijds, maar juist ook door de onderlinge verkoop van energiebedrijven ontstaan. Voorbeelden hiervan zijn de verkoop (2002) van energiebedrijf REMU (regio Utrecht) aan Eneco (de voorloper van Stedin) en de verkoop (2017) van Enduris en DNWG (Zeeland) aan Stedin. Derhalve is het verzorgingsgebied niet een logisch aaneengesloten gebied.

Daarnaast hebben deze historische ontwikkelingen ervoor gezorgd dat op dit moment 44 gemeenten aandeelhouder zijn, terwijl het verzorgingsgebied van Stedin vijf provincies en meer dan 1001 gemeenten telt. 1 Stedin Groep, 2022. O.b.v. van aansluitingen voor gas en elektriciteit (klein- en groot verbruik) is Stedin actief in 124

gemeenten.

1

Kortom circa een derde van de gemeenten in het verzorgingsgebied is aandeelhouder. Hoewel diverse gemeenten dus geen eigenaar (meer) zijn van een netbeheerder en diens energienetten, ligt er tegelijkertijd wel een grote opgave voor die energienetten in uw provincie waardoor als er geen veranderingen optreden “slechts” 44 gemeenten hier verantwoordelijkheid moeten dragen. Dit is ook een aandachtspunt dat de door Rijksoverheid aangestelde commissie Kist al in een eerder stadium heeft geconstateerd2. Daarbij geldt ook dat de andere twee grote netbeheerders Alliander en Enexis in veel sterkere mate dan bij Stedin het geval is een overlap kennen tussen de overheden in het verzorgingsgebied en de overheden die aandeelhouder zijn. Vanuit proportionaliteit en solidariteit (zie onder) lijkt dat Stedin en de AHC geen wenselijke situatie en zien wij meer in de kracht van het collectief, wat gaat over meerdere overheidslagen variërend van gemeenten, en provincies in Stedin’s verzorgingsgebied tot aan de Staat. Immers elk van deze partijen heeft baat bij een adequate uitrol van de energietransitie met de focus op financiële robuustheid bij Stedin waardoor ze kan blijven investeren in netcapaciteit en -kwaliteit.

IV Proportionaliteit en solidariteit als oplossing voor Stedin’s kapitaalbehoefte Tweede punt is vooral een combinatie van de maatschappelijke en financiële belangen die met Stedin gemoeid zijn. U en andere gemeenten en provincies hebben een zekere positie en regie bij de uitrol van de energietransitie, zoals rondom de Regionale Energie Strategieën (RES’en), laad-infrastructuur agenda’s en warmtetransitievisies. Gezien de uitdagingen die voor ons liggen, is een goede energieinfrastructuur binnen het verzorgingsgebied van Stedin van groot maatschappelijk belang. Tegelijkertijd zorgt deze energietransitie en alle daarvoor noodzakelijke investeringen in het energienet ervoor dat Stedin de komende jaren extra eigen vermogen nodig heeft. Nederland heeft immers tot doel om versneld over te gaan op schone energie uit hernieuwbare bronnen. Om de doelen uit het Klimaatakkoord te halen moet Nederland de komende decennia haar CO2-uitstoot flink inperken. Daarboven komen de aangescherpte doelstellingen van de Europese Unie (FIT for 55), de ambities van het laatste regeerakkoord en de gevolgen van de recente ontwikkelingen in de Oekraïne.

Stedin voorziet tot aan 2030 dat de energietransitie binnen haar verzorgingsgebied versnelt door toenemende elektrificatie, wat zich uit in de verdere groei van zonne- en windenergie, laadpunten en een toename van warmtepompen voor de verwarming van woningen. Daarnaast heeft Stedin de verantwoordelijkheid om gemeentes en provincies binnen haar verzorgingsgebied van een betrouwbaar en betaalbaar energienetwerk te blijven voorzien. De versnelling van de energietransitie en economische ontwikkelingen zoals rondom de woningbouw zouden er niet toe mogen leiden dat storingen op het netwerk kunnen toenemen. Voornoemde ontwikkelingen leiden tot een verdere versnelling en vergroting van de investeringen en daarmee de eigen vermogensbehoefte. Om enerzijds deze versnelling te financieren en anderzijds het energienet betrouwbaar en betaalbaar te houden heeft Stedin een vermogensversterking van € 1,8 miljard nodig om de energietransitie en economische ontwikkelingen maximaal te faciliteren en het beheer en onderhoud goed uit te voeren. Kortom, met dit eigen vermogen blijft Stedin voldoende kredietwaardig en financieel robuust waardoor ze kan blijven investeren in de energietransitie door het verslimmen (digitaliseren) en versterken van haar energienetten uit het oogpunt van veiligheid en de capaciteit.

2 Commissie Kist, 2008. Rapport: Publiek aandeelhouderschap in energiebedrijven (o.a. pag.54-55).

2

Bij een vermogensvraag is het logisch om in eerste aanleg de bestaande aandeelhouders aan te spreken. De bestaande aandeelhouders hebben eerder al een bijdrage geleverd in de vermogensversterking van Stedin, onder meer door een kapitaalstorting van €200 miljoen en de verkoopresultaten van dochterondernemingen toe te voegen aan de reserves en “in” Stedin te laten en niet als dividend uit te keren. Een voorbeeld daarvan is het resultaat van € 251 miljoen door de verkoop van Joulz dat is gebruikt om het eigen vermogen te versterken. Relevant om te vermelden is dat naast een vermogensversterking via de uitgifte van nieuwe aandelen ook een breed palet aan andere instrumenten is onderzocht. Echter, andere instrumenten zoals als subsidies, leningen en garanties zijn naar mening van Stedin en de AHC geen adequate lange termijn oplossing voor het probleem. Goed om te benoemen is dat diverse gemeenteraden van de bestaande aandeelhouders ook hebben gevraagd of er geen private partijen geïnteresseerd zouden zijn om in Stedin te investeren. Een valide vraag, echter op basis van de Gas- en Elektriciteitswet3 mogen netbeheerders als Stedin enkel in eigendom zijn van openbare lichamen zoals gemeenten, provincies en de Staat en kunnen private partijen zoals bijvoorbeeld pensioenfondsen niet participeren. Ook u heeft baat bij een sterke netbeheerder.

Daarom lijkt het Stedin en de AHC vanuit proportionaliteit en solidariteit logisch om te verkennen of u en andere gemeenten en provincies in het verzorgingsgebied mogelijk interesse hebben in het aandeelhouderschap en Stedin’s vermogensversterking breder te bezien dan het huidige “smaldeel” van bestaande aandeelhouders. Daarnaast is bekend dat wij in samenwerking met de andere netbeheerders met de Staat in gesprek zijn over welke bijdrage het Rijk zou kunnen leveren in deze kapitaalbehoefte van €1,8 miljard4. Tot slot is het logisch om het aandeelhouderschap uit te breiden middels de toetreding van gemeenten en provincies uit het verzorgingsgebied omdat de energietransitie een complexe opgave is en veel samenwerking vergt voor goede en tijdige ruimtelijke inpassing. Via het aandeelhouderschap kunnen de belangen van overheden ten aanzien van de vormgeving van de ruimtelijke inpassing optimaler worden gelijkgeschakeld met die van strategische rationale om het aandeelhouderschap en verzorgingsgebied meer op een lijn te brengen. Een voorbeeld is de commissie energietransitie voor aandeelhouders. In deze commissie worden strategische vraagstukken besproken over bijvoorbeeld elektrisch vervoer, warmte, geothermie, waterstof en energieopslag. Onderwerpen die naar verwachting voor u ook zeer relevant zijn. We hopen dat u ook aan deze commissie als aandeelhouder deel kan nemen.

Kortom: de maatschappelijke toegevoegde waarde van een goede energie-infrastructuur is in het belang van alle overheden in het verzorgingsgebied van Stedin en daarom is het logisch dat zij gezamenlijk hun inhoudelijke en financiële betrokkenheid tonen via het aandeelhouderschap en de bijbehorende vermogensversterking.

3 Artikel 93, respectievelijk artikel 85 van de Elektriciteit- en Gaswet. 4 Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, 8 februari 2022. Brief aan Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-

Generaal. Kamerbrief met een periodieke update over de schaarse transportcapaciteit op het elektriciteitsnet.

3

IV Vervolgproces Bij deze brief ontvangt u een informatiebrochure. Deze brochure beschrijft de uitdaging van de energie-transitie in het algemeen, voor Stedin specifiek en voor alle gemeenten en provincies binnen het verzorgingsgebied in het bijzonder. In vervolg op deze brief en informatiebrochure organiseren wij op 10 juni 2022 een digitale informatie bijeenkomst (digitaal) Deze bijeenkomst is bedoeld voor bestuurders en ambtenaren. In deze bijeenkomst gaan wij nader in op de maatschappelijke uitdagingen in het algemeen en het proces om samen te verkennen in welke mate u en andere overheden een rol zouden kunnen spelen om in Stedin’s vermogensbehoefte te voorzien. Uiteraard biedt dit ook de mogelijkheid om in te gaan op uw vragen en onderwerpen die bij dit vraagstuk komen kijken zoals wat de implicaties zijn voor Stedin als de vermogensversterking onvoldoende van de grond komt, welke meerwaarde aandeelhouderschap heeft ten opzichte van uw huidige positie, welke zeggenschap u krijgt en het proces om tot antwoorden te komen op de vragen wat de financiële bandbreedte en het rendement c.q. de dividendbaat is indien u wenst te participeren. Heeft u voor die tijd vragen dan kunt u contact opnemen met Wigge van Bemmelen van Stedin Bestuurlijke Zaken (fm_bestuurlijkezaken@stedingroep.nl of 06-29332135). Wij gaan graag met u in gesprek. Met vriendelijke groet,

Arjan van Gils Voorzitter AHC Stedin Groep

Koen Bogers CEO | Voorzitter RvB Stedin

4

> Retouradres Postbus 20401 2500 EK Den Haag

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Prinses Irenestraat 6 2595 BD DEN HAAG

Directoraat-generaal Klimaat en Energie Directie Energiemarkt Bezoekadres Bezuidenhoutseweg 73 2594 AC Den Haag Postadres Postbus 20401 2500 EK Den Haag Overheidsidentificatienr 00000001003214369000 T 070 379 8911 (algemeen) F 070 378 6100 (algemeen) www.rijksoverheid.nl/ezk

Datum Betreft

Financiering regionale netwerkbedrijven

Geachte Voorzitter,

Ons kenmerk DGKE-DE / 22183922 Bijlage(n) 1

Wij informeren u graag over de stand van zaken en het beoogde vervolgproces om tot adequate financiering van de regionale netwerkbedrijven te komen. Daarmee willen we voorkomen dat investeringen in het elektriciteitsnet en daarmee het slagen van de energie- en klimaattransitie onder druk komen te staan. Deze investeringen zijn van groot belang voor de Nederlandse economie. Op 28 april 2021 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat in dit kader het ‘IBO Financiering Energietransitie – Beleidsmatige keuzes in kosten, prikkels en verdeling’ aan uw Kamer aangeboden (Kamerstuk 32813/31239, nr. 689). Hierin werd aanbevolen om versterking van de kapitaalbasis van de regionale netwerkbedrijven door de Staat uit te werken, aanvullend op een kapitaalstorting door de huidige en eventuele nieuwe aandeelhouders (gemeenten en provincies). Op 29 oktober 2021 bent u door de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat geïnformeerd dat de Staat rond de zomer van 2021 het gesprek is aangegaan met de netwerkbedrijven Alliander, Enexis en Stedin en hun aandeelhouders over wat de precieze investeringsopgave is en welke kapitaalbehoefte daar op welk moment uit voortvloeit (Kamerstuk 32813, nr. 913). De overige kleinere netwerkbedrijven hebben aangegeven dat ze de kapitaalversterking zelf kunnen invullen.

De afgelopen periode hebben intensieve gesprekken plaatsgevonden met de drie grote netwerkbedrijven en vertegenwoordigers van hun aandeelhouders. Deze gesprekken worden gecoördineerd door een stuurgroep met vertegenwoordigers van de aandeelhouders, de CEO’s van de netwerkbedrijven, de ministeries van Economische Zaken en Klimaat en Financiën en een onafhankelijk voorzitter. In deze brief gaan wij in op achtereenvolgens de kapitaalbehoefte, de mogelijke bijdrage van huidige aandeelhouders en mogelijke oplossingsrichtingen waarmee de Staat een bijdrage zou kunnen leveren. Wij zien een kapitaalstorting, en daarmee aandeelhouderschap, door de Staat als belangrijk verder uit te werken onderdeel van een oplossing. Dit in aanvulling op een eventuele bijdrage door medeoverheden (bestaande en mogelijk nieuwe aandeelhouders) op wie nadrukkelijk ook een beroep wordt gedaan en met wie we een gezamenlijke verantwoordelijkheid voelen om dit probleem op te lossen. Vervolgens schetsen

Pagina 1 van 6

Directoraat-generaal Klimaat en Energie Directie Energiemarkt

we een aantal voorwaarden waaraan we denken indien de Staat gaat participeren via een kapitaalstorting. Tot slot informeren we u over het beoogde vervolgproces.

Ons kenmerk DGKE-DE / 22183922

1. Kapitaalbehoefte De regionale netwerkbedrijven zijn een essentieel onderdeel van de energieinfrastructuur. Om die reden is dan ook bij wet vastgelegd dat de aandelen van netbeheerders direct of indirect in publieke handen zijn. De netwerkbedrijven zullen de komende jaren fors moeten investeren om de klimaatdoelen te halen en economische groei te faciliteren. In totaal verwachten de drie hierboven genoemde netwerkbedrijven tot 2030 circa 30 miljard euro te moeten investeren in de uitbreiding en verzwaring van het net. Op de lange termijn verdienen de netwerkbedrijven de efficiënte investeringen plus een redelijk rendement terug via de nettarieven, maar op de korte termijn moeten zij de investeringen voorfinancieren. Dit komt omdat investeringen nu gedaan moeten worden, maar pas gedurende de afschrijvingstermijn van gemiddeld circa 40 jaar vergoed worden via de nettarieven. Voor deze voorfinanciering moeten de bedrijven extra vreemd en eigen vermogen aantrekken. Het additionele eigen vermogen is nodig om een solide financiële positie te behouden wanneer er veel vreemd vermogen wordt aangetrokken. De behoefte aan extra eigen vermogen, ook wel kapitaalbehoefte genoemd, van de drie grote netwerkbedrijven ontstaat al op korte termijn en loopt door tot, voor zover we nu kunnen overzien, 2040 of mogelijk zelfs 2050.

Het precieze moment waarop deze financieringsvraag zich bij de bedrijven voordoet, verschilt aanzienlijk. Eén bedrijf heeft op zeer korte termijn (binnen 12 maanden) al een tekort aan eigen vermogen om haar huidige credit rating te behouden. Een ander bedrijf loopt hier pas richting 2030 tegenaan. Op basis van schattingen van de bedrijven is de totale eigenvermogensbehoefte circa 4,5 miljard euro tot en met 2027. De Staat zal in het vervolgtraject onder meer onderzoeken in hoeverre mitigerende maatregelen kunnen bijdragen aan het reduceren van de eigenvermogensbehoefte zodat deze significant kan dalen. De Staat zal de kapitaalbehoefte en mogelijkheden om deze te verlagen extern laten toetsen en valideren. Zowel de timing als de hoogte van de kapitaalbehoefte is afhankelijk van veel factoren en is daardoor aan verandering onderhevig. Ontwikkelingen in de vraag en het aanbod van energie, kosten (bijvoorbeeld vanwege gestegen grondstofprijzen of inflatie) en de precieze invulling van de klimaatambities zijn bijvoorbeeld factoren die invloed kunnen hebben. Ook hebben de bedrijven zelf in samenwerking met andere partijen nog mogelijkheden om de kapitaalbehoefte te verminderen. 2.

Mogelijke bijdrage medeoverheden als aandeelhouder Uit de gesprekken met de netwerkbedrijven en vertegenwoordigers van hun aandeelhouders bleek dat de huidige aandeelhouders, gemeenten en provincies, na een eerdere ronde van stortingen samen niet langer (voldoende) in staat of Pagina 2 van 6

Directoraat-generaal Klimaat en Energie Directie Energiemarkt

bereid zijn om extra kapitaal aan de bedrijven te verschaffen. De terughoudendheid van medeoverheden heeft twee oorzaken: •

•

Ons kenmerk DGKE-DE / 22183922

Financiële ruimte. Soms ontbreekt de financiële ruimte bij gemeenten en provincies om op lange termijn voldoende eigen vermogen beschikbaar te stellen aan het regionale netwerkbedrijf. Niet alle gemeenten en provincies zijn aandeelhouder. Niet alle gemeenten en provincies zijn aandeelhouder van het regionale netwerkbedrijf dat werkzaam is in hun gebied. Sommige aandeelhouders willen daarom niet langer kapitaal storten. Zij hebben het gevoel dat zij anders investeringen van hun netwerkbedrijf financieren in een andere provincie of gemeente die zelf geen financiële verantwoordelijkheid neemt voor het netwerkbedrijf.

Gezien de gezamenlijke opgave wordt van medeoverheden verwacht dat ze naar vermogen maximaal bijdragen. Een deel van de betreffende aandeelhouders lijkt namelijk wel financiële ruimte te hebben en/of heeft ook de bereidheid uitgesproken om nogmaals bij te dragen. Daar zullen wij ook in het vervolg de medeoverheden toe blijven uitnodigen en aanspreken. 3. Mogelijke oplossingsrichtingen Met de verschillende partijen is naast de analyse van het probleem ook gesproken over mogelijke oplossingen. Daarbij is het allereerst van belang in te blijven zetten op mogelijkheden om de kapitaalbehoefte te verkleinen. We zullen van de bedrijven vragen hun financieringsmix te optimaliseren en te onderzoeken waar zij doelmatiger kunnen opereren. Hoewel de regulering van netbeheerders gebaseerd is op het in Europese regelgeving vastgelegde uitgangspunt van vergoeding van efficiënte kosten en niet op de voorfinancieringsvraag, zijn we ook in gesprek met de onafhankelijk toezichthouder (ACM) over in hoeverre zij dit vraagstuk mee kan wegen bij de aanpassing van de reguleringsmethode vanaf 2027. Er is een breed scala aan oplossingen voorbij gekomen voor de resterende kapitaalbehoefte, waarvan de belangrijkste hieronder kort worden besproken. Voor de voor- en nadelen per oplossing verwijs ik u naar de bijlage bij deze brief. •

•

• •

Nieuwe aandeelhouders. Er zijn diverse constructieve gesprekken geweest om te kijken of er nieuwe medeoverheden willen instappen als aandeelhouders en er zijn ook nog gesprekken gaande. Vooralsnog heeft dit niet geleid tot nieuwe aandeelhouders. De verwachting is dat eventuele nieuwe aandeelhouders slechts een beperkt deel van de kapitaalbehoefte kunnen dekken. Participatie van de Staat. De Staat voorziet per netwerkbedrijf in de resterende toekomstige kapitaalbehoefte, wanneer die zich voordoet, en neemt daarmee een aandelenbelang in de drie bedrijven. Door het storten van kapitaal wordt het probleem direct aangepakt en krijgt de Staat zeggenschap. Subsidies. De Staat zou de drie bedrijven kunnen subsidiëren waardoor de kasstromen verbeteren en er minder vreemd en eigen vermogen nodig is. Garantie. De Staat zou nieuw aan te trekken vreemd vermogen van de netwerkbedrijven kunnen voorzien van een garantie. Daarmee kan de schuld

Pagina 3 van 6

Directoraat-generaal Klimaat en Energie Directie Energiemarkt

•

•

eenvoudiger en tegen aantrekkelijkere voorwaarden in de markt worden geplaatst. Verstrekken leningen aan aandeelhouders. De Staat zou de huidige aandeelhouders een lening kunnen verstrekken en zo het kapitaal van de bedrijven kunnen versterken. Hybride converteerbare lening. De Staat zou de bedrijven een hybride lening kunnen verschaffen. Een hybride converteerbare lening is een achtergestelde lening die onder voorwaarden kan worden omgezet in aandelen. Een hybride lening kan afhankelijk van de voorwaarden volledig worden gekwalificeerd als eigen vermogen.

Ons kenmerk DGKE-DE / 22183922

Op basis van de gevoerde gesprekken en de analyses zien wij een kapitaalstorting, en daarmee aandeelhouderschap, door de Staat als een verder uit te werken onderdeel van de oplossing voor de kapitaalbehoefte, als aanvulling op een bijdrage door medeoverheden. Overwegingen hierbij zijn allereerst dat hiermee direct in additioneel eigen vermogen wordt voorzien, wat de kern van deze problematiek is. Ten tweede impliceert een aandelenbelang van de Staat ook zeggenschap en medeverantwoordelijkheid van de Staat in de bedrijven (anders dan bijvoorbeeld bij een lening). Dat sluit aan bij de gezamenlijke verantwoordelijkheid van medeoverheden en de Staat voor het slagen van de energietransitie en bredere maatschappelijk opgaves van de netwerkbedrijven, zoals in het Klimaatakkoord overeengekomen. Daarnaast kan de Staat aansturen op meer samenwerking tussen netwerkbedrijven, wat mogelijk tot maatschappelijke en economische voordelen leidt. 4. Voorwaarden Indien de Staat daadwerkelijk gaat participeren in de drie bedrijven zullen er voorwaarden verbonden worden aan een dergelijke participatie. Over deze voorwaarden gaan wij in het vervolgproces met de netwerkbedrijven hun aandeelhouders in gesprek. De voorwaarden die we nu voor ons zien zijn: •

•

• •

•

Bijdrage medeoverheden. Gezien de gezamenlijke verantwoordelijkheid doen we ook een beroep op medeoverheden om waar mogelijk te blijven bijdragen. Een aantal heeft aangegeven ook bereid te zijn in de toekomst opnieuw bij te dragen. Maximale inzet bedrijven om kapitaalbehoefte te beperken. De bedrijven leveren een maximale inspanning om de kapitaalbehoefte te verkleinen. In de gesprekken met de bedrijven en aandeelhouders over een participatie zal de Staat bepaalde zeggenschapsrechten vragen om een optimale financieringsmix te kunnen realiseren. Geen uitkoop. De Staat zal bestaande aandeelhouders niet uitkopen. Uniforme voorwaarden. De Staat streeft naar gelijke voorwaarden voor alle netwerkbedrijven indien er een aandelenbelang wordt genomen en commitment naar de toekomst wordt afgegeven. Zeggenschap in lijn met deelnemingenbeleid. De Staat krijgt aandeelhoudersrechten vergelijkbaar met de rechten zoals de Staat deze nu heeft bij zijn andere deelnemingen en vult deze in zoals beschreven in de Nota Deelnemingenbeleid Rijksoverheid 2022. Gelet op het omvangrijke bedrag dat met een eventuele participatie is gemoeid, wenst de Staat Pagina 4 van 6

Directoraat-generaal Klimaat en Energie Directie Energiemarkt

•

•

•

daarnaast uniforme rechten en bevoegdheden op bepaalde punten op het gebied van governance en financieel beleid van de netwerkbedrijven. Meer doelmatigheid door samenwerking en een helder toekomstperspectief. Om de energietransitie te bevorderen is het van belang dat de bedrijven nog efficiënter gaan samenwerken dan ze nu al doen. Wij willen met de bedrijven in gesprek over een participatie van de Staat in de drie netwerkbedrijven, binnen de daarvoor geldende wettelijke kaders, bijdragen aan meer doelmatigheid door bijvoorbeeld samenwerking. Due diligence. Vanzelfsprekend zal de Staat een volledig due diligence onderzoek uitvoeren en krijgt het daarbij ook inzage in mogelijke risico’s, het huidige vreemd vermogen en andere financiële en contractuele verplichtingen. De financieringsstructuur wordt samen met de bedrijven geëvalueerd met als doel een optimale financieringsmix te realiseren. Marktconform. Mocht er inderdaad sprake zijn van een participatie dan gebeurt dit op basis van een marktconforme waardering volgens een vooraf bepaalde en overeengekomen waarderingsmethodiek.

Ons kenmerk DGKE-DE / 22183922

5. Vervolgproces Met deze brief hebben wij aangegeven dat wij het van groot belang vinden voor de voortgang van de energietransitie en de economische ontwikkeling van ons land dat de netwerkbedrijven voldoende gekapitaliseerd zijn. We moeten en willen voorkomen dat financieringsproblemen bij deze netwerkbedrijven een rem zetten op investeringen in de energie-infrastructuur. Daartoe moeten de netwerkbedrijven zich inspannen om de eigenvermogensbehoefte zo ver mogelijk te reduceren, bijvoorbeeld door hun financieringsmix, waar mogelijk, te optimaliseren. Voor de resterende eigenvermogensbehoefte kunnen zowel de medeoverheden als de Staat een rol spelen, met een bijdrage naar vermogen van de medeoverheden enerzijds als een bijdrage van de Staat anderzijds. Aanvullend daarop zien we een kapitaalstorting en daarmee aandeelhouderschap door de Staat als belangrijk onderdeel van de oplossing om verder uit te werken. Met het uitspreken van de strategische intentie om een deelneming verder te onderzoeken zal de Staat het gesprek voortzetten over de omvang en structurering van een eventuele participatie. Belangrijke onderwerpen voor deze gesprekken met de bedrijven en hun aandeelhouders zijn de verdeling van de zeggenschap, de waardering en de efficiëntere samenwerking. Op dit moment is er geen budgettair mandaat.

De uitkomsten van de gesprekken met netbeheerders en aandeelhouders zullen dan ook door het kabinet integraal gewogen worden in de voorjaarsbesluitvorming 2023, of waar nodig eerder, alvorens besluitvorming zal plaatsvinden. Bij deze besluitvorming wordt o.a. het Afwegingskader voor het aangaan van een deelneming uit de Nota Deelnemingenbeleid Rijksoverheid 2022 (Kamerstuk 28165, nr. 370) betrokken.

Pagina 5 van 6

Directoraat-generaal Klimaat en Energie Directie Energiemarkt

De ervaring leert dat de doorlooptijd van dit soort processen vaak lang is. Toch streven we naar een voldoende robuust beeld eind dit jaar om vervolgens in 2023 tot integrale besluitvorming te komen inclusief daarbij horende dekking, waarbij we nadrukkelijk oog houden voor de mate van urgentie bij een van de netwerkbedrijven. Wij zullen uw Kamer nauw blijven betrekken en blijven informeren over de voortgang van de uitwerking.

R.A.A. Jetten Minister voor Klimaat en Energie

Ons kenmerk DGKE-DE / 22183922

Sigrid A.M. Kaag Minister van Financiën

Pagina 6 van 6

Bijlage 1 – Onderzochte oplossingsrichtingen

Participatie van de Staat: De Staat voorziet, met (een aantal van) de bestaande aandeelhouders in de toekomstige kapitaalbehoefte en neemt daarmee een aandelenbelang in de drie grote regionale netwerkbedrijven. Door het storten van kapitaal wordt het probleem (een tekort aan eigen vermogen) direct aangepakt. Door het aandelenbelang krijgt de Staat ook zeggenschap in de regionale netwerkbedrijven. o Een participatie van de Staat is een oplossing, maar dit betekent ook dat de Staat in de voorzienbare toekomst aandeelhouder wordt in deze bedrijven. Bij een participatie is een exit-strategie lastiger dan bij de alternatieven, mede omdat de netwerken bij wet in publieke handen moeten blijven. Risico is daarbij dat meerdere kapitaalstortingen in de tijd nodig zullen blijken, de Staat steeds weer moet bijspringen en een steeds groter aandelenpercentage verkrijgt. o Het maatschappelijk voordeel van een participatie door de Staat is dat het zorgt voor lagere financieringslasten bij de regionale netwerkbedrijven, doordat aandeelhouderschap van een nationale overheid door de markt als risico verlagend wordt gezien. Door te sturen op een verdere verbetering van efficiëntie en samenwerking tussen bedrijven kunnen mogelijk nog meer financiële voordelen worden behaald. o Indien de Staat besluit te participeren gaat het daarmee een nieuwe deelneming aan.

Een participatie moet daarom in lijn zijn met het deelnemingenbeleid. Subsidies. De Staat zou de drie bedrijven kunnen subsidiëren waardoor de kasstromen verbeteren en er minder vreemd en eigen vermogen nodig is. o Over het algemeen worden subsidies alleen beleidsmatig en politiek toegekend als er sprake is van een zogenoemde onrendabele top. Dit is hier niet het geval. De drie netwerkbedrijven zijn in de kern gezonde bedrijven en verdienen, met vertraging, via de nettarieven hun efficiënte investeringen op termijn terug. De transitieopgave zorgt er, mede uitgaande van een vergelijkbare reguleringsmethodiek, de komende jaren, tot 2035 en wellicht tot 2040, wel voor dat de kosten voor de baten uitgaan. o Het ligt in de lijn der verwachtingen dat de ACM de additionele inkomstenstromen die via een subsidie worden gegenereerd, zal meenemen in de bepaling van de efficiënte kosten dan wel dat subsidies de aangroei van de Gestandaardiseerde Activa Waarde (GAW) beperken. Dit laatste verlaagt de basis waarover de zogenoemde gewogen gemiddelde kosten van kapitaal (WACC) wordt vergoed. Daarmee vervalt de beoogde positieve impact van dit instrument op de inkomsten van de netwerkbedrijven. Garantie. De Staat kan het nieuw aan te trekken vreemd vermogen van de netwerkbedrijven voorzien van een garantie. Daarmee kan de schuld eenvoudiger in de markt worden geplaatst.

o Met een garantie wordt het eigenlijke probleem, namelijk een tekort aan eigen vermogen, niet opgelost. De toegang tot vreemd vermogen wordt wel vergroot, doordat met eenzelfde hoeveelheid eigen vermogen een grotere hoeveelheid vreemd vermogen kan worden aangetrokken. o Dit leidt niet of nauwelijks tot lagere kosten voor de bedrijven, omdat zij de Staat een marktconforme premie zullen moeten betalen voor de afgegeven garantie waarbij onderliggend de ratio’s verslechteren en de premies in de tijd zullen toenemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=ecc7f94c-aaff-4733-b65e-8d5a358a3fee