1.13 RIB Evaluatie grondverwervingsinstrumenten Krimpenerwaard in kader Veenweiden
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF
VAN HET COLLEGE VAN B&W VOOR de gemeenteraad CC DATUM ONDERWERP
De griffie 23 oktober 2024 Start Evaluatie onderzoek Grondverwervingsinstrumenten in kader Veenweiden
Geachte raadsleden, Graag informeren wij u over de start van een Evaluatieonderzoek naar Grondverwervingsinstrumenten in de Krimpenerwaard in het kader van het realiseren van het NatuurNetwerk Nederland (NNN). Inleiding Het inrichten van een NNN in Nederland is nadrukkelijk een Rijksopgave waarbij de uitvoering is gedecentraliseerd naar provincies. De provincie Zuid-Holland heeft gevraagd aan de gebiedspartijen (gemeenten en waterschap) om dit voor de Krimpenerwaard op te pakken. Sinds 2015 is de stuurgroep verantwoordelijk voor de realisatie van het NNN-gebied in de Krimpenerwaard. Belangrijk uitgangspunt was om het NNN gebied zoveel mogelijk samen met de streek te realiseren. Daartoe is, naast verwerving en natuurinrichting door de overheid, ook gekozen voor het instrument zelfrealisatie. Een zelfrealisator geeft zelf uitvoering aan de inrichting en het natuurbeheer op eigen grond. Zelfrealisatoren zijn zowel agrariërs als particulieren. De provincie heeft, mede op verzoek van de stuurgroep, eerst een instrumentenkoffer opgesteld die zelfrealisatie mogelijk maakt of faciliteert. Een belangrijk instrument voor de agrariërs is de mogelijkheid tot pacht van extra gronden. Dat is om te kunnen extensiveren om te voldoen aan de mestnormen. Van grondeigenaren die niet tot zelfrealisatie wilden overgaan, werd de grond aangekocht door de provincie, of werden gronden geruild.
De gemeenteraad heeft bij het vaststellen van het bestemmingsplan in 2019 een onteigeningsbesluit genomen, dat in november 2020 bekrachtigd is middels Koninklijk Besluit. Vanaf dat moment konden boeren worden gedagvaard met wie geen minnelijke overeenstemming was over de aankoop van gronden. Op 16 november 2021 heeft de gemeenteraad een motie (M21-103) aangenomen die het college van B&W oproept om de aanpak van de NNN te evalueren, omdat zij van mening was dat de natuurontwikkeling met onteigening als drukmiddel niet bijdraagt aan de goede verhoudingen en het vertrouwen tussen de overheid en de agrarische sector. Inmiddels zijn alle gronden verworven en wil ook de provincie graag lering trekken uit het doorlopen proces en de daarbij gebruikte instrumentenkoffer. Tot slot is vanuit het Rijk ook aangegeven dat men geïnteresseerd is in de manier waarop grondverwerving en de inzet van grondinstrumenten in de Krimpenerwaard heeft plaatsgevonden. In Nederland is dit nog nooit op deze wijze en op dit schaalniveau gebeurd. Een eerste onderzoek heeft al plaatsgevonden Op het moment dat de provincie en de gemeente het Rijk betrokken bij het opstarten van deze evaluatie kwam naar voren dat in opdracht van het Planbureau voor de Leefomgeving een onderzoek heeft plaatsgevonden naar de strategieën die in de Krimpenerwaard zijn ingezet om natuur te realiseren.
Dit onderzoek is uitgevoerd door Wageningen Environmental Research en het Kadaster in de Krimperenwaard. De studie beschrijft vijf realisatie-strategieën in de afgelopen dertig jaar en geeft aan hoe deze het realisatietempo hebben beïnvloedt. De gemeente Krimpenerwaard is in dit onderzoek niet betrokken. Wel is de Programmamanager Veenweiden bevraagd in het kader van dit onderzoek.
1 van 2 1469952/ 1408197
Het onderzoek is sinds vandaag openbaar te vinden op de volgende website: https://www.wur.nl/nl/onderzoek-resultaten/kennisonline-onderzoeksprojecten-lvvn/wot-natuur-enmilieu/nieuws.htm Conclusie van dit onderzoek In het algemeen concluderen de onderzoekers dat een mix aan instrumenten, budget en grondvoorraad, heeft bijgedragen aan de uiteindelijke natuurrealisatie. Een gebiedsproces leent zich voor het samenhangend sturen op ander gebruik van landbouwgrond. Wel is het een complex proces, waarin in de Krimpenerwaard zowel het afdwingen van een keuze door grondeigenaren, als ook het bieden van maatwerk, het doorlopen van een individueel traject met iedere grondeigenaar, menskracht, tijd en creativiteit, de sleutel zijn geweest tot de realisatie. Vervolgonderzoek Het programmabureau Veenweiden Krimpenerwaard start een nieuw onderzoek naar het procesverloop, de kosten en de succes- en faalfactoren van de verschillende grondinstrumenten. Ook hoopt het Programmabureau beter in beeld te krijgen hoe het aanbod van de instrumenten is ervaren door betrokken agrarisch ondernemers bij het maken van hun afweging om grondeigendom te verkopen of natuur op eigen grond zelf te realiseren. Dit is relevant om lessen uit te trekken voor (toekomstige) gebiedsprocessen in Zuid-Holland en elders in Nederland. WEnR en het Kadaster voeren het vervolgonderzoek uit.
Het onderzoek start op 1 november en wordt eind 2025 afgerond. Het onderzoek wordt gefinancierd door het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, provincie Zuid-Holland en de gemeente Krimpenerwaard.
Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,
de burgemeester,
J. Hennip
Ir. J. Beenakker
Pag. 2/2