1.13 Afdoening T24-068 - Regiovisie Huiselijk geweld Holland Midden 2024-2028
Tekst van het document
Afdoening T24-068 - Regiovisie Huiselijk geweld Holland Midden 2024-2028 T24-068
21-5-2024
6. Regiovisie Huiselijk geweld Holland Midden 2024-2028
Wethouder Bultman zegt toe nog nadere informatie te verstrekken rondom het gedwongen kader in relatie tot de Wet Zorg & Dwang. (T24-068)
Beslissingen nemen: hoe lang ga je door? Wie wacht op wie? In de regiovisie nagelezen: wanneer is het vrijwillig en wanneer kan er ingegrepen worden? Je wilt iets regelen voordat het uit de hand loopt? Wie besluit dat? Zijn er financiële aspecten die meewegen bij het kiezen voor gedwongen kader? Wie beslist er of het gedwongen wordt? De wethouder verwijst naar de wet Zorg en Dwang en de toelichting daarover. En deze toelichting wordt toegezegd door de wethouder. Antwoord: De wethouder gaf aan dat in de jeugdzorg een jeugdbeschermingsmaatregel binnen het gedwongen kader enkel via de kinderrechter kan worden afgegeven. De Wet Zorg en Dwang regelt de rechten bij onvrijwillige zorg of onvrijwillige opname van mensen met een verstandelijke beperking en mensen met een psychogeriatrische aandoening (zoals dementie). De wet is alleen in uitzonderlijke situaties van toepassing bij de uitvoering van de aanpak huiselijk geweld. Als we kijken naar de aanpak huiselijk geweld zijn er twee wetten van toepassing wanneer we van vrijwillige hulp naar wettelijk ingrijpen kunnen overgaan om escalaties te voorkomen en verdere schade te beperken, als mensen niet mee willen of kunnen werken aan hulp. 1) de jeugdwet (zoals hierboven al beschreven) en 2) de Wet Tijdelijk Huisverbod (WTH).
Bij deze laatste heeft de burgemeester de bevoegdheid om een persoon van wie een ernstige dreiging van huiselijk geweld - hieronder valt ook kindermishandeling - uitgaat, de toegang tot zijn woning te ontzeggen. Het verbod kan uitsluitend worden opgelegd aan een meerderjarig persoon voor een periode van 10 dagen. Het verbod kan verlengd worden tot ten hoogste 4 weken. Tijdens deze periode mag de betreffende persoon geen contact opnemen met de overige bewoners van het huis. De periode dient te worden benut om andere maatregelen te nemen die (de dreiging van) huiselijk geweld kunnen wegnemen. Het in gang zetten van een hulpverleningstraject heeft prioriteit gedurende het huisverbod. Daarnaast is er de mogelijkheid via het Strafrecht om een pleger te veroordelen voor het geweld door de rechtbank of kan er in via Civielrecht of Strafrecht een contact- en gebiedsverbod worden aangevraagd ten behoeve van bescherming van het slachtoffer. Uit bovenstaande blijkt dat de rechtbank verantwoordelijk is voor de besluitvorming, alleen bij een WTH is dat de burgermeester die besluit, en eventueel getoetst wordt door de rechtbank. De financiën zijn geen onderdeel van de afweging in een casus of er van vrijwillig naar gedwongen kader moet worden overgegaan.
De mate van medewerking (of het gebrek daaraan) door betrokkenen om te veranderen en noodzaak om acute verandering in de casus aan te brengen wel.