CConstaterende datKrimpen Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Regionaal Beleidsplan 2022-2026 Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang

Besluitvoorbereidende raadscommissie 1 20 januari 2022, gemeente Krimpen Ad IjsselBij agendapunt: Raadsvoorstel Regionaal beleidsplan Maatschappelijke ondersteuning en Beschermd wonen 2022-2026 (ca. 21.40 uur)1.938 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Datum collegevergadering: Datum raadsvergadering: Portefeuillehouder: Zaaknummer: Onderwerp: 2022-2026.

21 december 2021 27 januari 2022 H. van der Wal 9628

Regionaal beleidsplan Maatschappelijke ondersteuning en Beschermd wonen

Gevraagde Beslissing: Het Regionaal beleidsplan Maatschappelijke ondersteuning en Beschermd wonen 2022-2026 vast te stellen.

Inleiding Gemeenten zijn sinds 2015 verantwoordelijk voor Beschermd Wonen en al langer voor Maatschappelijke Opvang. Beschermd Wonen is wonen in een accommodatie van een zorgaanbieder met daarbij behorend toezicht en begeleiding. Deze woonvorm is bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen. Beschermd Wonen (BW) is een maatwerkvoorziening in de Wmo voor mensen met een psychosociale beperking die (tijdelijk) niet zelfstandig kunnen wonen en 24-uurstoezicht nodig hebben. Maatschappelijke Opvang betreft het bieden van tijdelijk verblijf aan mensen zonder dak boven hun hoofd, gekoppeld aan zorg en begeleiding en/of het verhelpen van een crisis. In het centrumgemeentegebied Rotterdam werken zeven gemeenten vanuit een gezamenlijk kader aan de invulling van deze verantwoordelijkheid: Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Ridderkerk en Rotterdam. De samenwerkende gemeenten hebben hiertoe vanaf 2015 een bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst afgesloten. Vanaf 2018 geldt het gezamenlijk regionaal beleidsplan 2018 - 2020 als kader voor de samenwerking. Dit regionaal beleidsplan werd op 27 oktober 2020 verlengd met een jaar (Djuma 9628). De zeven gemeenten hebben ervoor gekozen die lokale verantwoordelijkheid gezamenlijk in te vullen en voort te bouwen op de samenwerking die sinds 2015 is ontstaan.

Deze zijn verwerkt in het beleidsplan Maatschappelijke opvang en Beschermd Wonen 2022-2026. Gemeenten zijn vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) sinds 2015 verantwoordelijk voor Beschermd wonen (BW) en al langer voor Maatschappelijke Opvang (MO). Met ingang van 1 januari 2022 wordt BW doorgedecentraliseerd naar de regiogemeenten. Het belangrijkste doel van de decentralisatie is om mensen zoveel mogelijk in hun eigen omgeving, in nabijheid van hun eigen sociale netwerk, te begeleiden en te ondersteunen. Op deze manier blijven mensen meedoen aan de samenleving, hetgeen herstel kan bevorderen. BW ontwikkelt zich steeds meer tot ‘beschermd thuis’ (zo zelfstandig mogelijk wonen met begeleiding). De maatschappelijke opvang voor dak- en thuislozen is tot 2025 geen onderdeel van de doordecentralisatie en blijft een integrale kerntaak van de centrumgemeente. Het Rijk en de VNG hebben afspraken gemaakt over de manier waarop de transitie in BW de komende jaren tot stand moet komen:

• •

•

•

Gemeenten zijn verplicht om regionaal samen te werken. De centrumgemeenten blijven verantwoordelijk voor bestaande cliënten. De nieuwe cliënten vallen met ingang van 2023 onder de verantwoordelijkheid van de gemeente waar zij vandaan komen (de Krimpenaar die gaat wonen op een BW-locatie in Rotterdam, valt onder de verantwoordelijkheid van de Krimpen aan den IJssel, maar de uitvoering vindt plaats door gemeente Rotterdam). In een nieuw verdeelmodel worden de middelen verdeeld over alle gemeenten in plaats van alleen de centrumgemeenten. Dit gebeurt op basis van objectieve criteria in plaats van op de historisch gegroeide verdeling. De uitkomsten hiervan zijn nog niet definitief bekend. Er komt een gefaseerde invoering van het objectief verdeelmodel voor BW in 10 jaar, gerekend met ingang van 2023. De middelen voor de maatschappelijke opvang worden (vooralsnog) niet doorgedecentraliseerd.

Regionaal beleidsplan In onze regio wordt met ingang van 2018 samengewerkt op basis van het regionaal beleidsplan 2018 - 2020. Gemeente Rotterdam voert uit. Dit regionaal beleidsplan werd op 8 juli 2020 verlengd met een jaar (Djuma 316335). De zeven gemeenten hebben ervoor gekozen die lokale verantwoordelijkheid gezamenlijk in te vullen en voort te bouwen op de samenwerking die sinds 2015 is ontstaan. Alle nieuwe afspraken zijn vastgelegd in het Regionaal beleidsplan Maatschappelijke ondersteuning en Beschermd wonen 2022-2026. • Inhoud De visie in het beleidsplan is dat alle cliënten naar vermogen meedoen in de samenleving. Dit sluit goed aan bij onze Visie sociaal domein. BW-Cliënten hebben te maken met vaak ernstige (multi)problematiek: naast psychische/ psychosociale problemen zijn er vaak schulden, gezondheidsproblemen, relationele problemen, etc. De ambitie is herstel: het oplossen van en/of leren omgaan met problematiek, zodat cliënten weer zelfstandig kunnen wonen. De definitie van de doelgroep BW is iets ruimer geformuleerd dan de strikte, wettelijke definitie, en omvat alle vormen van wonen met slapende wacht. Daarmee moet in de zeven gemeenten (waar cliënten uit de verschillende gemeenten in dezelfde voorzieningen wonen) een geleidelijke overgang naar zelfstandig wonen worden vergemakkelijkt.

Lokaal moet worden gezorgd voor voldoende plekken en een goed werkende keten van wonen met zorg. Daarmee wordt uitstroom uit BW mogelijk, maar kan ook een noodzakelijke tussenstap worden gemaakt. Ook moet worden gezorgd voor goede aanvullende en/of aansluitende lokale voorzieningen (bijvoorbeeld ambulante begeleiding, schuldhulp-verlening, gezondheidsbeleid, voorkomen huisuitzetting, e.d.). Daarmee kan soms instroom in BW worden voorkomen, het verblijf in BW goed verlopen en uitstroom succesvol zijn. De zeven gemeenten gaan over de keten van wonen met zorg en de lokale voorzieningen meer afstemmen. • Organisatie In het regionaal beleidsplan wordt voorgesteld om de lokale verantwoordelijkheid als zeven gemeenten gezamenlijk in te vullen en de uitvoering in hoofdlijnen bij gemeente Rotterdam te laten. Dit is verstandig gezien de kleine aantallen cliënten in de andere gemeenten en de ervaring van Rotterdam met de uitvoering. Dit betekent onder meer, dat naast het handhaven van een loket in Rotterdam, de inkoop door Rotterdam wordt gedaan, en dat de middelen bij elkaar worden gevoegd en er geen onderlinge afrekening zal zijn (ondanks de verwachte invoering van het woonplaatsbeginsel). Het streven is te zorgen voor voldoende locaties en plekken in de regio en te zorgen voor meer spreiding over de regio.

Om te borgen dat BW een gezamenlijke verantwoordelijkheid is en blijft, is het voornemen de samenwerking vast te leggen in een op te richten Gemeenschappelijke Regeling. Wij zullen u hierover een voorstel voorleggen op een later tijdstip (eerste kwartaal 2022).

2

• Impact voor Krimpen aan den IJssel In het algemeen is de impact voor cliënten klein. Voor onze gemeente zijn er wel juridische en financiële gevolgen. Voor de cliënten zijn er weinig gevolgen. Cliënten die al beschermd wonen blijven dat doen en op dezelfde plek. Aangezien de uitvoering bij Rotterdam blijft, verandert er ook voor aanvragers weinig tot niets (zie ook onder Toegang). Meer cliënten zullen zelfstandig(er) gaan wonen, bij voorkeur 'beschermd thuis'. Regionaal zal in 2022 verder worden ingevuld wat ‘beschermd thuis’ precies inhoudt. Dit gebeurt uiteraard alleen voor zover dat mogelijk is voor cliënten. De uitvoering blijft bij gemeente Rotterdam, dus dit geldt ook voor de toegang en de inkoop.

We gaan zorgen voor een nog betere aansluiting op het lokaal beleid. Hiermee kan in sommige gevallen worden voorkomen dat men in BW terechtkomt (bijvoorbeeld vroegtijdige signalering, ambulante ondersteuning). Tijdens BW is soms aanvullende lokale ondersteuning nodig (zoals schuldhulpverlening). En bij uitstroom is vaak ook weer lokale ondersteuning nodig (ambulante ondersteuning, schuldhulpverlening). We willen zorgen voor voldoende woningen voor uitstroom uit BW en voldoende locaties voor BW-voorzieningen en ook semi-murale voorzieningen als tussenvorm. In 2021 en begin 2022 wordt er in onze gemeente een woonzorganalyse en -visie opgesteld. In deze analyse is ook aandacht voor mogelijke extra plekken BW in Krimpen. Zoals bekend heeft Rotterdam naar verhouding veel meer BW-plekken. Dit wordt vooral veroorzaakt door buitenregionale instroom. In het bestuurlijk overleg is eerder afgesproken om de BW-plekken beter te spreiden over de regiogemeenten. In onze gemeente bevinden zich Zero & Sano met 30 plekken en Pameijer met 12 plekken. De afgelopen jaren is het aantal BW-plekken toegenomen van 30 in 2019 naar 42 in 2021. Op grond van de bestuurlijk besproken spreiding, zou dit betekenen dat er in onze gemeente 19 extra plekken bij zouden ‘moeten’ komen. Dit zijn nu 12.

Dit is echter geen resultaatverplichting, maar een inspanningsverplichting waarvoor bovendien een periode van maximaal 10 jaar is afgesproken. De doordecentralisatie van BW heeft juridische consequenties. Om de uitvoering van BW bij de gemeente Rotterdam te laten, moet de samenwerking juridisch worden vastgelegd. Er wordt gedacht aan de lichtste vorm van een gemeenschappelijke regeling (GR), een collegeregeling. Uitgangspunten van de gemeenschappelijke regeling zullen zijn: uitvoering door gemeente Rotterdam (taken en bevoegdheden worden gemandateerd aan gemeente Rotterdam, hierdoor blijven alle gemeenten zelf eindverantwoordelijk), een jaarlijkse begroting en bijdrage per gemeente, vergaderingen van de GR zijn openbaar en de vergaderstukken worden gepubliceerd. De juridische uitwerking is nog niet gereed. Indien wordt gekozen voor een GR, zullen wij u separaat een voorstel doen. De ingangsdatum van een GR (of een andere samenwerkingsvorm) is niet op 1 januari geregeld. Wij zullen mandaat verlenen aan gemeente Rotterdam met ingang van 1 januari 2022. Beoogd effect De opgave is om in regionaal verband continuïteit in de ondersteuning te blijven bieden aan de doelgroep voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Nieuwe afspraken over de regionale samenwerking inzake maatschappelijke opvang en beschermd wonen verder vorm te geven. Argumenten 1.1.

Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang zijn een gemeenschappelijke verantwoording van de centrumgemeente en regiogemeenten Het huidige regionaal beleidsplan bevat afspraken rond de toegang tot de functie Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang in de zin van artikel 1.1.1 Wmo 2015 en het waarborgen van de continuïteit van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Verder

3

gaat het onder andere over medezeggenschap, landelijke toegankelijkheid en aansluiting op GGZ en zorgverzekeraars. De wettelijke basis wordt gevormd door de Wet maatschappelijke ondersteuning (maatschappelijke opvang en beschermd wonen). Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen worden nu uitgevoerd door centrumgemeenten. Het kabinet en de VNG hebben afgesproken dat deze taken worden doorgedecentraliseerd, met ingang van 1 januari 2022, naar alle gemeenten. In onze regio van centrumgemeente Rotterdam (plus Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Ridderkerk, Albrandswaard en Barendrecht), moeten daarom nieuwe afspraken over de regionale samenwerking worden gemaakt. Kanttekeningen N.v.t. Financiële consequenties Vooralsnog zijn er geen financiële consequenties. Hoewel het beleidsplan gaat over MO en BW, is de financiële verantwoordelijkheid voor de MO niet overgeheveld naar alle gemeenten. Voor MO is de gemeente Rotterdam gedurende deze beleidsperiode financieel verantwoordelijk. Hier komt dan ook alleen het financiële kader voor BW aan de orde. Dit kader wordt bepaald door de uitkering die het Rijk verstrekt aan de centrumgemeente. Tot en met 2022 is de gemeente Rotterdam de ontvanger van de Rijksmiddelen. Met ingang van 2023 start de decentralisatie van de financiële middelen naar alle gemeenten. Deze herverdeling volgt een ingroeipad van 10 jaar.

Voor 2022 zijn er dus geen financiële gevolgen voor onze gemeente. In de begroting 2023 zal een voorstel worden gedaan met betrekking tot de te ontvangen rijksmiddelen en de overheveling naar Rotterdam. In de september-circulaire is aangegeven wat de budgetten voor de komende jaren zijn. Rotterdam heeft hun meerjarenraming hierop aangepast. De verwachting is dat we de komende jaren als regio en als gemeente zullen uitkomen met de beschikbare middelen. Er zijn wat dat betreft wel onzekerheden, bijvoorbeeld over de gevolgen van invoering van het woonplaatsbeginsel. Door de verwachte stijging van het aantal indicaties, kan er met ingang van 2027 een tekort ontstaan. De komende jaren zal worden gewerkt aan het voorkomen van een tekort. Vervolg De samenwerking zal worden geformaliseerd in een 'lichte' Gemeenschappelijke Regeling. Deze zullen wij u voorleggen ter vaststelling in het eerste kwartaal van 2022. Alle gemeenteraden van de samenwerkende gemeenten dienen het beleidsplan vast te stellen. Bijlagen / achtergrondinformatie 1. Beleidsplan Regionaal Beleidsplan 2022-2026 Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang 2. Inspraaknotitie

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Krimpen aan den IJssel, Mr. A. Boele secretaris

4

M.W. Vroom burgemeester

besluit De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 21 december 2021

besluit: Vast te stellen Regionaal beleidsplan Maatschappelijke ondersteuning en Beschermd wonen 2022-2026 Aldus besloten door de raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel in zijn openbare vergadering van 27 januari 2022.

Voorzitter

griffier

M.W. Vroom

O. Vliegenthart

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10971219/2