Raadsvoorstel Ontwerpbestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum collegevergadering: Portefeuillehouder: Behandelend team: Zaaknummer:
11 november 2025 Wethouder Van der Wal Duurzaam Wonen en Werken 2148068
Onderwerp Ontwerpbestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie. Gevraagd raadsbesluit: 1. De nota van zienswijzen met betrekking tot het ontwerpbestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel)’ vast te stellen en de ingekomen zienswijze met betrekking tot het ontwerpbestemmingsplan ontvankelijk en gegrond te verklaren. 2. Het bestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel)’, met plancodering NL.IMRO.0542.BPLGKLgeluidtennet va01, gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zoals dat ter inzage heeft gelegen, vast te stellen, waarbij de Grootschalige Basiskaart Krimpen aan den IJssel als ondergrond is gebruikt. 3. Op grond van artikel 6.12, lid 2 Wet ruimtelijke ordening geen exploitatieplan vast te stellen voor het bestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel)’. Aanleiding Tijdens de raadsvergadering van 30 november 2023 besloot u om twee raadsvoorstellen over de TenneT-locatie aan te houden.1 Het voornaamste voorstel dat voorlag ging over een ontwerpverklaring van geen bedenkingen voor een vergunningaanvraag voor het vervangen van een transformator door TenneT. Voortvloeiend uit de voorbereiding van dat voorstel stelde het college ook voor om een nieuwe geluidzone van de TenneT-locatie vast te stellen.
U besloot om beide voorstellen aan te houden en nam eveneens een ‘motie vreemd aan de orde van de dag’ aan. De kern van deze motie was dat u verwacht dat TenneT zorgt voor geluidwerende maatregelen om de ervaren geluidoverlast te verminderen. U vroeg hierbij om nieuwe raadsvoorstellen voor te leggen, nadat TenneT schriftelijk helderheid heeft gegeven over de uitvoering van effectieve geluidwerende maatregelen. Op 12 mei 2025 informeerden wij u over dat TenneT de plannen voor de transformatvervangingen aanpast. 2 TenneT zal bovenwettelijke geluidmaatregelen toepassen. Een ander belangrijk onderdeel van de aanpassing is dat een nieuwe 3-fase transformator verder van de woningen van de wijk Langeland komt te staan binnen het bestaande bouwvlak van het bestemmingsplan Langeland. Ook meldden wij dat de plannen daarmee dusdanig veranderen dat TenneT de lopende aanvraag voor een omgevingsvergunning zal intrekken. TenneT heeft dat inmiddels gedaan. TenneT verwacht op dit moment dat zij de nieuwe aanvraag zullen indienen in het eerste kwartaal van 2026.
1 Zie Vergadering Gemeenteraad 30-11-2023 (inclusief motie vreemd aan de orde van de dag
‘Geluidswerende maatregelen TenneT’) 2 Zie RIB Vervolgtraject TenneT en geluidswerende maatregelen 1 van 7
Het raadsvoorstel voor de ontwerpverklaring van geen bedenkingen komt met bovengenoemde redenen te vervallen. Dit geldt niet voor het voorstel over het gewijzigde paraplubestemmingsplan. Met dit voorstel stelt het college voor om het paraplubestemmingsplan alsnog vast te stellen. Het voorliggende voorstel wijkt in essentie niet af van het voorstel uit november 2023.3 Het ontwerpbestemmingsplan is ongewijzigd ten opzichte van het voorstel uit 2023. Het college besloot om een nieuw paraplubestemmingsplan op te stellen vanwege de te verwachte ruimtelijke plannen van TenneT en de geluidproblematiek. Het nieuwe paraplubestemmingsplan voorziet daarom in een verkleining van de geluidzone in een aantal bestemmingsplannen. Het ontwerpbestemmingsplan lag al ter inzage voor de zienswijzeperiode. De laatste stap is de vaststelling van het paraplubestemmingsplan door u als gemeenteraad. We willen met het vaststellen van het paraplubestemmingsplan de doorlopen procedure formeel afronden (exclusief eventuele beroepsprocedure). Argumenten 1.1 De verkleining van de geluidzone blijft relevant. Een van de aanleidingen om de geluidzone te verkleinen was de vergunningaanvraag door TenneT. Het intrekken van de aanvraag betekent echter niet dat de verkleining niet meer relevant is.
De belangrijkste reden om de geluidzone te verkleinen was en blijft dat de huidige geluidzone onnodig ruim is (zie figuur 2.1 op pagina 16 van bijlage 1). Het is daarom op z’n minst nodig dat de nieuwe geluidzone beter aansluit op de actuele geluidproductie van het industrieterrein. De nieuwe geluidzone faciliteert ook een strenger kader voor de geluidproductie, omdat de nieuwe zone kleiner is dan de actuele productie. De verkleining is zodanig dat er geen woningen meer gelegen zijn binnen de geluidzone. De huidige geluidzone is ook gedateerd ten opzichte van de actuele situatie, omdat de huidige zone is vastgesteld in 1990. Voor de volledige uitleg kunt u pagina 15-18 van bijlage 1 raadplegen. 1.2 De huidige geluidzone biedt onnodig veel ruimte voor toekomstige (ongewenste) ontwikkelingen. De nieuw vast te stellen geluidzone is aanzienlijk kleiner dan de vigerende geluidzone. Het biedt TenneT en Stedin niet langer onnodig veel (te ontwikkelen) geluidruimte. Bij het bepalen van de nieuwe geluidzone is TenneT en Stedin wel 3 dB(A) ruimte voor toekomstige ontwikkelingen geboden. Voor bedrijventerreinen is het in het kader van een goede ruimtelijke ordening gebruikelijk om ontwikkelruimte te bieden. Daarbij is op deze locatie juist ontwikkelruimte nodig vanwege de energietransitie.
De verkleining inclusief ontwikkelruimte is nog steeds zodanig dat er geen woningen meer gelegen zijn binnen de nieuwe geluidzone. De verkleinde geluidzone inclusief ontwikkelruimte is nergens ruimer dan de vigerende geluidzone. De nieuwe geluidzone is daarmee een strenger kader voor toekomstige plannen van TenneT en Stedin. 1.3 De motie ‘Geluidswerende maatregelen TenneT’ die u aannam is afgevoerd. U nam een motie aan toen u besloot om beide voorstellen over de TenneT-locatie aan te houden. De kern van deze motie was dat u verwacht dat TenneT zorgt voor geluidwerende maatregelen om de ervaren geluidoverlast te verminderen. U vroeg hierbij om nieuwe raadsvoorstellen voor te leggen, nadat TenneT schriftelijk helderheid heeft gegeven over de uitvoering van effectieve geluidwerende maatregelen. De motie was vooral gericht op het voorstel over de ontwerpverklaring van geen bedenkingen voor de vergunningaanvraag door 3 Zie Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-
locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel) 2 van 7
TenneT. TenneT bevestigde schriftelijk de aanpassing van de plannen en het toepassen van bovenwettelijke geluidwerende maatregelen. TenneT lichtte dit ook toe tijdens de informatieve commissie ‘Energietransitie en elektriciteitsnet’ op 13 mei 2025.4 U besloot vervolgens om de motie af te voeren.5 Wij zien daarom geen inhoudelijke reden meer om het voorstel over het ontwerpbestemmingsplan langer aan te houden. 1.4 Het vaststellen is het slotstuk van een doorlopen ruimtelijke proces. Het opstellen van het nieuwe paraplubestemmingsplan startte in 2022. Het wettelijke vooroverleg vond plaats en de zienswijzeperiode is afgerond. Wij zien daarom ook geen (planologisch) procedurele reden meer om het voorstel langer aan te houden. Wij zijn bovendien gecommitteerd aan landelijke en regionale afspraken om de ruimtelijke inpassing en vergunningverlening voor elektriciteitsinfrastructuur te versnellen. Dit om de bouw van elektriciteitsinfrastructuur te versnellen om de invloed van netcongestie te verminderen. Wij namen deze actie op in het Krimpens Actieplan Netcongestie dat aansluit op het Landelijk Actieprogramma Netcongestie van het Rijk.6 1.5 Wettelijke zienswijzeperiode was ook afgerond. Volgend op argument 1.4 was de ter inzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan eveneens procedureel afgerond.
Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende een periode van 6 weken ter inzage gelegen vanaf 7 december 2022. Het ontwerpbestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel)’ heeft daarmee de wettelijke procedure van artikel 3.8, lid 1 Wro doorlopen. Er is één zienswijze ingediend. Deze zienswijze is in de nota van zienswijzen voorzien van een reactie. Voor de volledigheid verwijzen wij naar de nota van zienswijzen op pagina 67-69 van bijlage 1. 1.6 De zienswijzeperiode leidde tot een wijziging van de ontwerpgeluidzone. De zienswijze die wij ontvingen was van Stedin. Het verzoek van Stedin was om de ontwerpgeluidzone te verruimen aan de zuidwest- en zuidoostzijde. Deze ruimte is volgens Stedin noodzakelijk vanwege een vervanging en uitbreiding van haar station om de energietransitie in de regio te faciliteren. Het nieuwe station komt verder van de woningen af te staan. Wij traden in overleg met Stedin met het verzoek om haar initiatief verder uit te werken, zodat wij aan de hand van een concreet initiatief konden bepalen hoe de uitbreiding zich verhoudt tot het ontwerpbestemmingsplan. Hieruit bleek dat het initiatief van Stedin in beperkte mate niet paste binnen de eerste ontwerpgeluidzone, maar wel past in de vigerende geluidzone.
Ook bleek dat de benodigde geluidruimte zich niet bevindt aan de zijde van de wijk Langeland, maar beperkt is tot de zuidwest- en zuidoostzijde van de geluidzone richting de N210 waar geen woningen zijn. Wij besloten om in te stemmen met het verzoek van Stedin om de ontwerpgeluidzone te verruimen voor de door haar benodigde ruimte. De gewijzigde geluidzone valt nog altijd ruim binnen de vigerende geluidzone en de verruiming vindt niet plaats aan de zijde van de wijk Langeland. Daarmee is de geluidzone in het vast te stellen bestemmingsplan aan alle zijdes nog steeds aanzienlijk kleiner dan de geluidzone op basis van de vigerende bestemmingsplannen. Het geluidniveau naar de woningen zal ook niet toenemen door het initiatief.
4 Zie Informatieve commissie 13-05-2025 5 Zie Vergadering Gemeenteraad 28-05-2025 6 Zie RIB Impactanalyse en actieplan netcongestie
3 van 7
Stedin lichtte haar plannen ook aan u toe tijdens de informatieve commissie ‘Energietransitie en elektriciteitsnet’ op 13 mei 2025. Stedin heeft in de tussentijd een principeverzoek ingediend. U ontving onze principereactie hierop. Wij verwijzen u voor meer informatie naar bijlage 1 en onze principereactie op het plan van Stedin.7 1.7 Formalisering van de geluidzone is ook een teken van betrouwbaar bestuur. In het proces om tot een nieuwe geluidzone te komen is veelvuldig gesproken met TenneT, Stedin en de omgeving (met in het bijzonder BOTIK). De nieuwe geluidzone is daarmee zorgvuldig tot stand gekomen. Het is een evenwichtig resultaat na een uitgebreid proces. Dat zorgt ook voor verwachtingen bij deze partijen ten aanzien van het planologisch kader dat het ontwerpbestemmingsplan met zich meebrengt voor de noodzakelijke ontwikkelingen. Het langer aanhouden van het ontwerpbestemmingsplan zorgt voor onduidelijkheid bij deze partijen over dat kader. Het heeft bovendien invloed op andere gemeenten. Station Langeland is namelijk van groot belang voor de regionale energievoorziening. Het voedt naast onze gemeente ook de gemeenten Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpenerwaard, Ridderkerk en Rotterdam. Wij zien het daarom als een teken van betrouwbaar bestuur om dit traject af te ronden. En de nieuwe geluidzone daarmee te formaliseren als kader voor toekomstige ontwikkelingen.
Kanttekeningen 1.1 Er is één zienswijze ontvangen van een indiener die het oneens was met het ontwerpbestemmingsplan. Stedin was in eerste instantie negatief over de wijziging van de geluidzone. Het overleg na de zienswijze leidde echter tot een aanpassing van het ontwerpbestemmingsplan zoals uitgelegd in argument 1.6. Stedin kan zich nu wel vinden in het ontwerpbestemmingsplan. Verder waren er geen bijzonderheden in de zienswijzeperiode naar voren gekomen. Voor de volledigheid kunt u de nota van zienswijzen raadplegen op pagina 67-69 van bijlage 1. 1.2 Waarom stellen we niet direct een geluidproductieplafond op, met eventueel toepassing van strengere normen of een nog kleinere geluidzone, in het kader van de Omgevingswet? Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet komt de Wet geluidhinder te vervallen. Voor een industrieterrein met een ‘grote lawaaimaker’ (zoals de TenneT-locatie) wordt de huidige systematiek van de Wet geluidhinder, met een geluidzone om een industrieterrein, vervangen door ‘geluidproductieplafonds’ (GPP’s) onder de Omgevingswet. De GPP’s moeten worden vastgelegd in het omgevingsplan, waarbij het omgevingsplan uiterlijk op 31 december 2031 moet zijn vastgesteld. Voor bestaande gezoneerde industrieterreinen is het overgangsrecht van toepassing.
Zijn er nog geen GPP’s vastgesteld, dan is de systematiek van de geluidzone volgens de Wet geluidhinder van toepassing. Wat betreft het omgevingsplan geldt voor onze gemeente dat de omgevingsvisie ter zienswijze ligt tijdens het schrijven van dit voorstel (en er nog niet was tijdens de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan). We vertalen het beleid uit de omgevingsvisie na de vaststelling vervolgens naar het omgevingsplan. We geven met regels in het omgevingsplan uitvoering aan het beleid uit de omgevingsvisie. Het omgevingsplan vervangt alle bestemmingsplannen. Het opstellen van het omgevingsplan gebeurt volgens het ‘transitieplan omgevingsplan’.8 Het transitieplan beschrijft de technische uitgangspunten en route naar het nieuwe omgevingsplan in 2032. We zetten eerder uiteen in een 7 Zie RIB Principeplan Stedin Langeland 8 Zie RIB Transitieplan omgevingsplan
4 van 7
raadsinformatiebrief dat het theoretisch mogelijk is om de TenneT-locatie ‘naar voren te halen’ in dit Transitieplan.9 De kern van deze uitleg was echter dat dit geen wenselijke procedure is, omdat het opzetten van het omgevingsplan een zeer zorgvuldige volgordelijkheid van de procedure vraagt. Waarbij wij het verstandiger achten om te starten met het tijdelijke deel van het omgevingsplan en (de structuur van) het nieuwe deel van het algehele omgevingsplan. Het naar voren halen van TenneT als apart onderdeel van het omgevingsplan betekent dat deze ingepast moet worden in het nog op te stellen (structuur van) omgevingsplan voor de gehele gemeente in plaats van andersom. Dat is naar ons inzicht geen wenselijke volgordelijkheid gezien de invloed die dit kan hebben en complexiteit met zich meebrengt. Dit komt omdat in die volgorde de TenneT-locatie andere wijzigingen van het nieuwe omgevingsplan kan beïnvloeden en precedentwerking kan betekenen. Wij zijn bovendien van mening dat dit ook niet is vereist. Dit komt doordat de nieuwe geluidzone, die nu voor ligt ter vaststelling, al een strenger kader biedt. Ook zijn er geen woningen meer gelegen binnen de zone. De voorgestelde geluidzone is een evenwichtig resultaat dat rekening houdt met de belangen van de omwonenden en van TenneT en Stedin.
Wij benadrukken daarbij dat TenneT bevestigde om bovenwettelijke geluidmaatregelen te treffen boven op de geluidsituatie van de nieuwe geluidzone. Een (nog) strenger kader is ook niet raadzaam, omdat de locatie een belangrijke rol heeft in de energietransitie. TenneT en Stedin hebben namelijk (ontwikkel)ruimte nodig om het elektriciteitsnet toekomstbestendig te maken. Het doel van het ministerie van Klimaat en Groene Groei en de provincie Zuid-Holland is om energie-infrastructuur sneller uit te breiden en aan te passen om de energietransitie mogelijk te maken en netcongestie tegen te gaan. Zij zetten in op het versnellen van energie-infrastructuurprojecten (inclusief ruimtelijke procedures) waarbij de uitbreiding van het stroomnet is aangemerkt als ‘zwaarwegend maatschappelijk belang’.10 Het versnellen van energieprojecten is provinciaal uitgewerkt in het Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (pMIEK). Station Langeland speelt een belangrijke rol in het nationale en regionale elektriciteitsnetwerk en is daarom onderdeel van pMIEK Zuid-Holland. PMIEK is dus gericht op het versnellen van energieprojecten die van belang zijn om de (provinciale) ambities op het gebied van wonen, werken en mobiliteit mogelijk te maken en netcongestie tegen te gaan.
Het is om diezelfde redenen dat het van groot belang is dat de werkzaamheden van zowel Stedin als TenneT op dit station volgens planning doorgang kunnen vinden en zij ruimte hebben om de noodzakelijke projecten uit te voeren. Voor de volledigheid herhalen wij ook dat TenneT in 2026 een ruimtelijk traject zal starten om te onderzoeken waar en hoe station Langeland uitgebreid kan worden richting 2035.11 Dat is nodig voor de lange termijn energievraag in het kader van de energietransitie en het garanderen van een betrouwbaar elektriciteitsnet. Deze lange termijn ontwikkeling van station Langeland biedt nieuwe kansen om verder aan te slag te gaan om de leefbaarheid van de omgeving te waarborgen. 1.3 Betekent de nieuwe geluidzone dat de actuele geluidproductie door TenneT niet meer voldoet? 9 Zie RIB Vervolg op vragen Krimpens Belang TenneT in relatie tot Omgevingswet en Beantwoording
schriftelijke vragen KB over TenneT in relatie tot de Omgevingswet 10 Zie Kabinet zet nieuwe stap snellere uitbreiding stroomnet | Nieuwsbericht | Rijksoverheid.nl 11 Zie RIB Vervolgtraject TenneT en geluidswerende maatregelen 5 van 7
De actuele geluidproductie overschrijdt de nieuwe geluidzone. Het overgangsrecht is echter van toepassing, waardoor het huidige gebruik is toegestaan. Het overgangsrecht geldt in principe voor een periode van 10 jaar. 1.4 Kan het ontwerpbestemmingsplan nog altijd worden vastgesteld ondanks de lange duur van de aanhouding van het voorstel? Het ontwerpbestemmingsplan kan ‘gewoon’ worden vastgesteld. Er zijn geen (beleids)ontwikkelingen geweest die zodanig van aard zijn dat de geluidzone in het paraplubestemmingsplan aangepast dient te worden. Er kan ook gebruikt worden gemaakt van het overgangsrecht, in het kader van het nieuwe omgevingsrecht, om het ontwerpbestemmingsplan vast te stellen. Dit komt doordat het ontwerpbestemmingsplan al ter inzage lag voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024. 1.5 Is het vaststellen van een exploitatieplan nodig? Het paraplubestemmingsplan voorziet niet in uit te voeren werken of werkzaamheden. Het plan voorziet daarmee ook niet in een aangewezen bouwplan als bedoeld in artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening. Het vaststellen van een exploitatieplan is daarom niet nodig. Het bestemmingsplan is economisch uitvoerbaar te achten.
Participatie We legden het ontwerpbestemmingsplan voor aan de provincie Zuid-Holland, Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH), gemeente Krimpenerwaard en andere wettelijke ketenpartners in het kader van het wettelijk verplichte vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. De provincie Zuid‐Holland en MRDH dienden geen reacties in en vroegen niet om aanvullend overleg. Met de gemeente Krimpenerwaard vond wel overleg plaats. We hadden ook vooroverleg met TenneT als vergunninghouder en actiegroep Beperking Overlast Trafo in Krimpen aan den IJssel (BOTIK). Deze vooroverleggen droegen eraan bij dat we op een zorgvuldige wijze de nieuwe geluidzone definieerden. De voorgestelde geluidzone is een evenwichtig resultaat dat rekening houdt met de verschillende belangen. U kunt hierover meer lezen in de gespreksverslagen van de vooroverleggen in de nota vooroverleg en inspraak op pagina 61-64 van bijlage 1. Stedin diende daarnaast een zienswijze in zoals wij beschreven in argument 1.6. Stedin valt onder de vergunning van TenneT, maar heeft zelfstandige belangen. Wij voerden verschillende gesprekken met Stedin naar aanleiding van de zienswijze. De zienswijze leidde tot een aanpassing van de ontwerpgeluidzone. De geluidzone in het voorliggende plan kent de instemming van Stedin. Financiële gevolgen Dit voorstel kent geen financiële gevolgen.
Vervolg Het vastgestelde bestemmingsplan maken we op de wettelijk voorgeschreven manier openbaar bekend via het Omgevingsloket en officielebekendmakingen.nl. Ook verzenden we het aan de verantwoordelijke diensten van het Rijk, de provincie en het waterschap. Gemeente Krimpenerwaard, TenneT, Stedin en BOTIK ontvangen een schriftelijk bericht over de vaststelling vanwege hun betrokkenheid in het vooroverleg en de zienswijzeperiode. Op grond van artikel 3.8, lid 3 Wro moet het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan binnen twee weken na de vaststelling bekend worden gemaakt. Op een besluit tot 6 van 7
vaststelling van een bestemmingsplan zijn in aanvulling op artikel 3.8, lid 3 Wro de artikelen 3:40; 3:42; 3:43; 3:44 en 3:45 en afdeling 3.7 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan treedt op grond van artikel 3.8, lid 5 Wro in werking met ingang van de dag na die waarop de beroepstermijn van 6 weken afloopt. Bijlagen Bijlage 1. Bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel) Bijlage 2. Nota van zienswijzen Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Krimpen aan den IJssel, mr. drs. A.E. Bosker
mr. H.D. Westerdijk
loco-secretaris
burgemeester
7 van 7
Raadsbesluit Onderwerp Ontwerpbestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie.
De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel; Besluit, na het lezen van het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 november 2025, om: 1. De nota van zienswijzen met betrekking tot het ontwerpbestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel)’ vast te stellen en de ingekomen zienswijze met betrekking tot het ontwerpbestemmingsplan ontvankelijk en gegrond te verklaren. 2. Het bestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel)’, met plancodering NL.IMRO.0542.BPLGKLgeluidtennet va01, gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zoals dat ter inzage heeft gelegen, vast te stellen, waarbij de Grootschalige Basiskaart Krimpen aan den IJssel als ondergrond is gebruikt. 3. Op grond van artikel 6.12, lid 2 Wet ruimtelijke ordening geen exploitatieplan vast te stellen voor het bestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan geluidzone TenneT-locatie KadIJ (Krimpen aan den IJssel)’. Dit besloot de raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel in zijn openbare vergadering van 17 december 2025.
voorzitter
griffier
mr. H.D. Westerdijk
L. van der Linden MSc