CConstaterende datKrimpen Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

memo MIRT-organisatie tbv radenbijeenkomst 14 april 2021

Informatieve commissie 10 juni 2021, gemeente Krimpen Ad IjsselBij agendapunt: Reflectie raad Krimpen op Notitie Kansrijke Oplossingen MIRT-verkenning (21.15-22.15 uur)1.641 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo MIRT-verkenning Oeververbindingen Regio Rotterdam

Bezoekadres: MRDH Westersingel 12, Rotterdam Postadres: p/a Postbus 1130 3000 BC Rotterdam Internet: www.oeververbindingen.nl mail@oeververbindingen.nl Betreft: Achtergrondinformatie MIRT-verkenning Oeververbindingen regio Rotterdam Aan: Raadsleden van de gemeenten Capelle a/d IJssel, Krimpen a/d IJssel en Krimpenerwaard

1.

Datum: 1 april 2021

Introductie

Hierbij ontvangt u informatie over de voortgang van de MIRT-verkenning Oeververbindingen regio Rotterdam (in het kort: de MIRT-verkenning). Initiatiefnemers gemeente Rotterdam, de provincie Zuid-Holland, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de metropoolregio RotterdamDen Haag, werken hier gezamenlijk aan. Voor het onderdeel Algeracorridor beslissen de gemeenten Krimpen aan den IJssel, Krimpenerwaard en Capelle aan den IJssel hierover mee. Zij dragen voor dat deel bij aan de bekostiging. U wordt kort meegenomen in de hoofddoelen van de verkenning, de fase waarin het project zich begeeft (‘zeef 1’), en de conceptresultaten van het onderzoek. Een aantrekkelijke regio voor bewoners, werkenden en bezoekers De regio Rotterdam is sterk in ontwikkeling. Zo groeit alleen al de stad Rotterdam naar verwachting met minimaal 50.000 woningen tot 2040. Deze woningbouwopgave moet hand in hand gaan met het verbeteren van de bereikbaarheid van de regio voor bewoners, werkenden en bezoekers. Daarom worden in de MIRT-Verkenning maatregelen uitgewerkt voor drie belangrijke bereikbaarheidsknelpunten in de regio: het NMCA-knelpunt op de A16 Van Brienenoordcorridor, het knelpunt Algeracorridor (N210), en het NMCA-knelpunt stedelijk OV (metro en tram).

De zes maatregelen zijn: • Een nieuwe multimodale oeververbinding tussen Kralingen en Feijenoord in Rotterdam; • Een treinstation ‘Stadionpark’; • Een Hoogwaardige Openbaar Vervoerverbinding tussen Kralingse Zoom en Zuidplein; • Een Hoogwaardig Openbaar Vervoer busverbinding tussen Rotterdam Centraal en Zuidplein via de Maastunnel; • Maatregelen op de A16, waaronder het weefvak in de A16 ten zuiden van de Van Brienenoordbrug tussen het Knooppunt Terbregseplein en het Knooppunt Ridderkerk; • Maatregelen op de Algeracorridor. Met de uitwerking van de MIRT-verkenning wordt gestreefd naar het in meerdere opzichten aantrekkelijker maken van de regio. Naast het verbeteren van bereikbaarheid is het faciliteren en waar mogelijk versnellen van de woningbouwopgave een belangrijke doelstelling. Ook het verbeteren van de leefkwaliteit is een belangrijk thema: denk aan schone lucht, verkeersveiligheid en het beperken van geluidhinder. En het gaat om het verbeteren van mogelijkheden om maatschappelijk te participeren door bijvoorbeeld het verbeteren van bereikbaarheid van werklocaties en onderwijsinstellingen. De vijf hoofddoelen van de MIRT-verkenning zijn: • Het verbeteren van de bereikbaarheid met het OV; • Het verbeteren van de bereikbaarheid via de weg; • Het mogelijk maken van verstedelijking;

MIRT-verkenning regio Rotterdam

• •

Het verbeteren van de stedelijke leefkwaliteit; Het vergroten van kansen voor mensen.

Op weg naar een Notitie Kansrijke Oplossingsrichtingen (NKO) De initiatiefnemers volgen samen de systematiek van het MIRT, het meerjarenprogramma waarin de Rijksoverheid samenwerkt met medeoverheden op de thema’s Infrastructuur, Ruimte en Transport. Hieronder in afbeelding 1 ziet u de verschillende fases van het MIRT.

Afbeelding 1 Fasen in het MIRT

Eerdere besluitvorming: pre-verkenning en startfase Begin 2018 zijn de vier initiatiefnemers gestart met een zogenaamde pre-verkenning. Dit is de fase die vooraf ging aan de MIRT-verkenning. In de pre-verkenning zijn de hoofddoelen geformuleerd en is onderzocht welke maatregelen moeten worden genomen om de knelpunten op te lossen. Daarbij zijn drie zoekgebieden voor een nieuwe oeververbinding onderzocht. Op basis van de resultaten van de pre-verkenning is tijdens het bestuurlijk overleg MIRT (BO MIRT) van november 2018 afgesproken om een MIRT-verkenning te starten. De stappen in de MIRT-verkenningsfase, ziet u in afbeelding 2. Tijdens de startfase van de MIRT-verkenning moest nog een keuze gemaakt worden tussen twee zoekgebieden voor een oeververbinding: Oost (oeververbinding tussen Feijenoord en Kralingen) en Oost-oost (oeververbinding tussen Krimpenerwaard en Ridderkerk). Om die keuze te kunnen maken is nader onderzoek uitgevoerd naar de Algeracorridor, het NMCA-knelpunt A16 Van Brienenoordcorridor en de ‘Studie gebiedsbod Krimpenerwaard’. Op basis van de resultaten uit de startfase hebben Rijk en regio besloten dat de MIRT Verkenning zich richt op het samenhangende pakket van zes maatregelen zoals eerder in dit memo beschreven.

Waarbij dus gekozen is voor het uitwerken van een nieuwe multimodale oeververbinding tussen Kralingen en Feijenoord in Rotterdam en maatregelen op de Algeracorridor. Tijdens het BO MIRT van november 2019 zijn hierover afspraken gemaakt en is de startbeslissing voor de MIRT-verkenning genomen en gepubliceerd. Daarin zijn de opgave, scope en aanpak van de MIRT-verkenning vastgelegd. Tegelijk met de startbeslissing is de Notitie Reikwijdte en Detailniveau opgesteld. In deze Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) is vastgelegd wat er onderzocht gaat worden voor de milieueffectrapportage die in het kader van de MIRT-verkenning wordt opgesteld. De NRD laat zien wat de diepgang en de reikwijdte is van de onderzoeken die we uitvoeren in de analytische fase, en in de beoordelingsfase (zeef 1 en zeef 2), en waarom we dat doen. De concept NRD is begin 2020 gepubliceerd. Daarop kon iedereen zienswijzen indienen. Die zienswijzen zijn verwerkt in de

MIRT-verkenning regio Rotterdam

Nota van Antwoord, en heeft geleid tot de publicatie van de definitieve NRD in juli 2020. De startbeslissing en de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (en de Nota van Antwoord) markeren de start van de analytische fase, waar het project zich nu in bevindt.

Afbeelding 2 Stappen in een MIRT-verkenning

Analytische fase: komen tot kansrijke oplossingsrichtingen Het onderzoek in deze fase resulteert in de selectie van kansrijke oplossingsrichtingen, wat ‘zeef 1’ genoemd wordt. Het onderzoek voor zeef 1 startte medio 2020, en doorloopt tot aan medio 2021 de volgende stappen in kwalitatieve analyses en kwantitatieve effectbepalingen: -Een probleemanalyse per deelstudie ; -Onderzoek naar verschillende oplossingsrichtingen per deelstudie ; -Effectbepalingen van die oplossingsrichtingen per deelstudie en in samenhang; -Inzicht in de meest kansrijke oplossingsrichtingen, en een voorstel voor vervolg van de verkenning. Om te komen tot de meest kansrijke oplossingsrichtingen, wordt een systematische aanpak gevolgd. Eerst worden vanuit breed perspectief ideeën en mogelijke oplossingen voor de invulling van de zes maatregelen verzameld (divergeren). Het brede perspectief zorgt ervoor dat geen mogelijk kansrijke oplossingsrichtingen over het hoofd gezien worden. Vervolgens wordt beschouwd welke oplossingen logisch zijn, kijkend naar probleemstelling, projectdoelen en de specifieke kenmerken van de betreffende werksporen, waaronder ook de fysieke omgeving. In deze stap (convergeren) komt een palet aan oplossingen bovendrijven die verder worden bestudeerd.

Op basis van verdere uitwerking en beoordeling op verschillende (sub)aspecten binnen de onderwerpen doelbereik, kosten, techniek, inpasbaarheid, milieueffecten en belevingswaarde (het beoordelingskader van zeef 1) komen vervolgens de meest kansrijke oplossingen naar voren die worden opgenomen in de Notitie Kansrijke Oplossingsrichtingen (NKO). In dit proces wordt een brede groep aan stakeholders betrokken.

MIRT-verkenning regio Rotterdam

De NKO vertelt dus wat de meest kansrijke oplossingen zijn die voortkomen uit het onderzoek, en geeft aan hoe de MIRT-verkenning vervolg krijgt, en geeft daarom ook aan welke oplossingsrichtingen niet kansrijk genoeg zijn en afvallen. De vier initiatiefnemers stellen de NKO vast, en voor het onderdeel Algeracorridor stellen de gemeenten Krimpen aan den IJssel, Krimpenerwaard en Capelle aan den IJssel de notitie mede vast. Dit is naar verwachting voor de zomer van 2021. Na vaststelling van de NKO volgt verdere verdieping, in de volgende fase van de verkenning. Die verdere verdieping noemen we de beoordelingsfase. Voor de tweede selectieronde (zeef 2) wordt gedetailleerder onderzoek gedaan naar de (milieu)effecten van de kansrijke alternatieven. In bijlage 1 vindt u het beoordelingskader van zeef 2. Aan het einde van de beoordelingsfase ligt er gedetailleerde informatie, in een Verkenningenrapport, een milieueffectrapportage (MER) en een kosten-batenanalyse. De benodigde informatie ligt op tafel, om een bestuurlijke keuze te maken voor het voorkeursalternatief. Die keuze wordt beschreven in een ontwerp-Voorkeursbeslissing. Op de ontwerp-Voorkeursbeslissing en de daarbij horende documenten (zoals het Verkenningenrapport, MER, MKBA) kunnen belanghebbenden zienswijzen indienen. De ontwerpVoorkeursbeslissing is voorzien medio/ Q3 2022.

Voor meer informatie kunt u ook terecht op de website van deze MIRT-verkenning.

2. Stand van zaken: concept onderzoeksresultaten Stand van zaken

MIRT-verkenning regio Rotterdam

Op dit moment (eind maart) zijn de concept-onderzoeksresultaten gereed. Dat zijn conceptresultaten uit de verschillende deelstudies (A16, Algera, OV en inpassing) en uit de onderzoeken naar Kansen voor Mensen en verstedelijking, en hebben we inzicht in de meest belangrijke signalen vanuit omgevingspartijen. Die partijen hebben samen met de projectorganisatie vorm gegeven aan de onderzoeken, en hebben geparticipeerd in verschillende klankbordgroepen, werkateliers, en bijeenkomsten. Stedelijke leefkwaliteit is tevens meegenomen in de verschillende deelstudies. U vindt de concept-resultaten op hoofdlijnen in de powerpointpresentatie (bijlage 1). Dit zijn de concept-resultaten op hoofdlijnen, en worden ondersteund door verschillende deelstudies, die elk via een rapportage opgeleverd worden. Overwegingen In de presentatie wordt een aantal overwegingen meegegeven. Dat zijn dillema’s en vraagpunten die vanuit het project leven op weg naar vaststelling NKO. 3. Rol Raden en Staten en vervolg Voorafgaand aan de bestuurlijke vaststelling van de NKO, worden er verschillende bijeenkomsten gehouden met Raden en Staten: -Gezamenlijke raadsbijeenkomst voor raadsleden vanuit de gemeenten Krimpen aan den IJssel, Capelle aan den IJssel en Krimpenerwaard.

(14 april) -Technische sessie voor raadsleden gemeente Rotterdam (commissie EDEM op 14 april), en een raadsbehandeling (commissie EDEM op 21 april). -Statencommissie-bijeenkomst voor Statenleden van de Provincie Zuid Holland (op 14 mei). -Presentatie voor de bestuurscommissie van de MRDH (op 14 april). Tijdens deze bijeenkomsten is er ruimte om belangrijke overwegingen op te halen bij Raads- en Statenleden. Deze input wordt meegenomen in de totstandkoming van de NKO. Voor de zomer van 2021 wordt de NKO bestuurlijk vastgesteld, en worden uw Raden en Staten geïnformeerd over de vastgestelde NKO. De NKO is een tussenstap op weg naar een voorkeursalternatief. Bij de keuze voor een voorkeursalternatief in 2022 (‘zeef 2’ uit de analytische fase), hebben uw Raden en Staten de formele bevoegdheid dit alternatief vast te stellen. De Algeragemeenten bepalen mee ten aanzien van de Algeracorridor.

MIRT-verkenning regio Rotterdam

Bijlage 1, beoordelingskader zeef 1

Bijlage 1 beoordelingskader zeef 2

MIRT-verkenning regio Rotterdam

MIRT-verkenning regio Rotterdam

MIRT-verkenning regio Rotterdam

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10188811/1