CConstaterende datKrimpen Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Jaarverslag GGD Rotterdam-Rijnmond 2023

Gemeenteraad 30 mei 2024, gemeente Krimpen Ad IjsselBij agendapunt: Raadsvoorstel Begroting Basistakenpakket Gemeenschappelijke Regeling GGD Rotterdam-Rijnmond 202513.592 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarrapportage 2023. Gemeenschappelijke Regeling GGD Rotterdam-Rijnmond

Jaarrapportage 2023 Gemeenschappelijke Regeling GGD Rotterdam-Rijnmond

GGD Rotterdam-Rijnmond Maart 2024

Voorwoord Beste bestuurders, collega’s en andere belangstellenden, We blikken in deze jaarrapportage graag terug op het jaar 2023 en de werkzaamheden van de GGD Rotterdam-Rijnmond voor de publieke gezondheid van onze 13 gemeenten. We zagen dat het druk bleef op het terrein van de infectieziektebestrijding, ondanks dat corona niet langer een crisis was en minder vroeg van de dienstverlening. Oorzaken hiervan waren onder meer nieuwe initiatieven zoals de HPV-campagne onder jongvolwassenen en diverse uitbraken van infectieziekten die steeds complexer en tijdrovender worden. Ook op de andere GGD-werkvelden stonden we paraat voor de inwoners van de regio, denk hierbij aan psychosociale hulpverlening bij ingrijpende gebeurtenissen, bevordering van seksuele gezondheid, advisering met betrekking tot een gezonde leefomgeving en de inspecties kinderopvang en gastouderopvang. Gelukkig heeft het bestuur de druk op de GGD onderkend en besloten de begroting 2024 vast te stellen met een noodzakelijke verhoging van de inwonerbijdrage, zodat de GGD de wettelijke basistaken kan blijven uitvoeren. Veel dank aan alle collega’s die er ook dit jaar alles aan hebben gedaan om de inwoners in onze regio van dienst te zijn en zich elke dag opnieuw inzetten voor de publieke gezondheid in de regio.

Onze organisatie blijft in beweging en zet stappen om ook in de toekomst klaar te staan voor alle ontwikkelingen die zich aandienen. Zoals u in dit verslag zult lezen zijn er in 2023 mooie resultaten behaald die we graag met u delen. Die resultaten zijn door gemeenschappelijke inzet met gemeenten, inwoners en andere betrokkenen tot stand gekomen. Het is een mooi palet. Ik wens u veel leesplezier.

Directeur Publieke Gezondheid GGD Rotterdam-Rijnmond

Pagina 2 van 50

Inhoudsopgave

Voorwoord Inleiding

2 4

DEEL 1: Basistakenpakket A1 – Ondersteuning bestuur gemeenschappelijke regeling A2 – Informatieverstrekking A3 – GGD Rampen Opvang Plan (GROP) A4 – Integrale gezondheidsmonitor Rijnmond A5 – Coördinatie Psychosociale hulp bij ingrijpende gebeurtenissen (PSHi) B1 – Infectieziektebestrijding (IZB) B2 – Tuberculosebestrijding B3 – SOA en seksuele gezondheid B4 – Technische Hygiënezorg B5 – Medische Milieukunde en Collectieve advisering gezonde leefomgeving C1 – Toezicht kinderopvang en gastouderopvang

5 6 6 7 8 10 11 17 20 22 23 26

DEEL 2: Overige taken en werkzaamheden buiten de regiobegroting 1. Centrum Seksueel Geweld 2. Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg 3. PrEP-zorg 4. Reizigerszorg 5. Versterking Infectieziektebestrijding en Pandemische Paraatheid (VIP) 6. Vaccinatiecampagnes: Corona/HPV 7. Gezond en actief leven akkoord en Integraal zorgakkoord (GALA en IZA) 8. Overzicht afname plusproducten 2023

28 29 30 30 30

34 35

BIJLAGEN Bijlage 1: Indicatoren/ kengetallen per product A-taken B en C-taken Bijlage 2: Overzicht meldingsplichtige infectieziekten per gemeente 2023

36 37 38 41 48

31 31

Pagina 3 van 50

Inleiding In deze rapportage zijn de werkzaamheden beschreven die de GGD Rotterdam-Rijnmond heeft uitgevoerd op het basistakenpakket zoals overeengekomen in de regiobegroting. De GGD legt hiermee verantwoording af over de begroting van 2023 aan het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijk regeling GGD Rotterdam-Rijnmond. In deel 1 wordt ingegaan op de taken die in het kader van de Wet publieke gezondheid (Wpg) worden uitgevoerd: het basistakenpakket. Het geeft een toelichting op vastgestelde indicatoren en beschrijft casuïstiek uit de dagelijkse praktijk ter illustratie en verduidelijking. Naast de financiering vanuit de regiobegroting ontvangt de GGD ook middelen vanuit het Rijk, diverse gemeenten (plustaak) of door directe betaling vanuit de cliënt/ afnemer (markttaak). Om een totaalbeeld van de werkzaamheden van de GGD te schetsen zijn de resultaten van deze taken beknopt beschreven in deel 2 van deze jaarrapportage. Tot slot zijn in de bijlagen de tabellen met de resultaten voor de indicatoren over 2023 te vinden.

Pagina 4 van 50

DEEL 1: Basistakenpakket

Pagina 5 van 50

A1 – Ondersteuning bestuur gemeenschappelijke regeling Bestuurlijke ondersteuning Voor de ondersteuning van de voorzitter, het bestuur en de directeur worden de vergaderingen van het bestuur voorbereid en zijn er overleggen met de ambtenaren volksgezondheid van alle deelnemende gemeenten. Ook waren er in het eerste halfjaar 13 bezoeken aan wethouders, die in het teken van de begroting 2024 stonden. Een groot deel van deze gesprekken hebben online via Teams plaatsgevonden vanwege de deadline rond de begroting. In het najaar is opnieuw met alle 13 wethouders een gesprek gevoerd. Deze hebben, na de jaren van corona, allemaal fysiek plaatsgevonden. De gesprekken zijn vanuit het oogpunt van relatiebeheer met de deelnemende gemeenten bijzonder belangrijk. De gesprekken worden gewaardeerd, ook omdat na alle gesprekken over de begroting van de GGD, er nu weer tijd was om inhoudelijk van gedachten te wisselen over actuele vraagstukken rond het brede terrein van gezondheid en de GGD. Eind 2023 is verder gewerkt aan de opzet voor de tevredenheidsmeting die plaatsvindt begin 2024. De meting is in 2023 niet uitgevoerd omdat kritisch gekeken wordt naar de opzet en insteek van de vragenlijst. De vragenlijst werd in 2021 beperkt tot een rapportcijfer.

Hoewel de respons daarmee wel weer hoger werd dan voorheen, leverde dit toch te weinig informatie op om een goed beeld te krijgen van de ervaringen van bestuurders en ambtenaren met de dienstverlening van de GGD. In het Algemeen Bestuur (AB) werd in 2023 de begroting 2024 succesvol behandeld en vastgesteld, werd een uitgewerkt voorstel om een Dagelijks Bestuur (DB) in te stellen aangenomen en werd de aanpassing van de gemeenschappelijke regeling goedgekeurd. Deze drie mijlpalen vroegen veel voorbereiding, maar gaan de GGD de komende tijd verder helpen om de uitvoering van de taken in de bestuurlijke omgeving beter vorm te geven.

A2 – Informatieverstrekking Het product informatieverstrekking richt zich op het delen van kennis over gezondheid, gezond gedrag en zorg en het vergroten van de kennis van inwoners en organisaties over deze thema’s. Hiervoor wordt gebruikgemaakt van sociale media, de website en voorlichting. Campagnes In juni startte een landelijke en regionale campagne om jongvolwassenen te attenderen op de laatste kans om de prik tegen het humaan papilloma virus (HPV) te halen. Het voorlichtingsteam van de GGD is op verschillende locaties door de hele regio ingezet om jongeren en jongvolwassenen te ontvangen en het gesprek te voeren. Deze acties zorgden ook voor meer toeleiding naar de website en gaf een kleine boost aan het aantal prikken dat is gezet. Half september begon de communicatie over de najaarscampagne corona. Bij de start van de campagne was een enorme toename in het aantal bezoekers van de website te zien. Dit gold ook voor de sociale media berichten op X (voormalig Twitter), LinkedIn en Facebook.

Pagina 6 van 50

Ook is het voorlichtingsteam van de GGD op diverse locaties in de regio ingezet ten behoeve van deze najaarscampagne. Tijdens de start van het academisch jaar (Eurekaweek) namen verschillende teams van de GGD (Centrum Seksuele Gezondheid, TBC, Infectieziektebestrijding, preventie en voorlichting) deel aan de Eurekaweek om de studenten te informeren over de diensten van de GGD. In en na deze week werd met name Instagram gebruikt om studenten te informeren en terug te blikken. Deze posts zorgden voor een toename in het aantal likes en volgers. Ook de reacties waren erg positief. Website Het aantal bezoekers van de website over het hele jaar laat een afname zien. De daling komt met name doordat corona niet meer urgent en actueel was en er minder actief over de HPVcampagne is gecommuniceerd in de tweede helft van 2023. In oktober 2023 zagen we een sterke stijging in het aantal bezoeken op onze website vanwege de corona-najaarscampagne. In deze periode werden de coronapagina’s het best bezocht. Vooral de pagina over seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA) en seksualiteit blijft populair. Er is een stijging van het aantal bezoekers in de laatste 3 maanden van het jaar. Dit komt waarschijnlijk door de HPV-campagne waarover, zowel door de GGD als landelijke partijen veel is gecommuniceerd.

Gezien het aantal (unieke) bezoekers (342.201), kunnen we concluderen dat de website blijft voorzien in de bestaande informatiebehoefte.

A3 – GGD Rampen Opvang Plan (GROP) In januari 2023 is het GGD Rampen Opvangplan (GROP) geactualiseerd en opnieuw vastgesteld. Verder is het jaar gebruikt om een inhaalslag te maken op het gebied van opleiding en vakbekwaamheid, nadat dit in de coronaperiode een tijd lang stil heeft gelegen. Alle functionarissen van de GGD die vanuit hun dagelijkse werkzaamheden een rol kunnen vervullen tijdens crisisomstandigheden hebben deelgenomen aan een uitgebreid leertraject Basistraining Crisisfunctionarissen. Deze eenmalige extra inspanning verklaart het grote aantal trainingen, en legt een solide basis voor de implementatie van het vernieuwde GROP. In opvolging van de aanbevelingen uit het rapport ‘Geleerde lessen’ van de coronaopschaling is de groep opgeleide crisisfunctionarissen multidisciplinair uitgebreid met medewerkers van het team Corona Vaccinatie en Voorlichting (CVV) en van Concern Ondersteuning. In de komende jaren wordt de focus verlegd naar training, specialisatie en beoefening van de pool crisisfunctionarissen. Daarnaast is een start gemaakt met mediatraining voor alle procesleiders GROP, crisiscoördinatoren en inhoudsexperts. Het komt steeds vaker voor dat tijdens een crisis vanuit de landelijke en lokale media contact wordt gezocht met de inhoudelijke experts van de GGD.

In 2023 is een start gemaakt met het opleiden van een aantal experts en in 2024 wordt deze groep uitgebreid.

Pagina 7 van 50

Als gevolg van de aangeleerde kennis en vaardigheden is in 2023 al twee keer gebruik gemaakt van de opschalingsstructuur Crisisbeheersing, waaruit blijkt dat de in de ‘basistraining’ geleerde kennis, vaardigheden en werkwijze ook in de praktijk worden toegepast. In juni 2023 is met zeer korte voorbereidingstijd het Cruiseschip Silja Europa in Rotterdam aangemeerd ten behoeve van de tijdelijke opvang van statushouders. Het multidisciplinair crisisteam is vanwege de korte voorbereidingstijd 1x bijeengekomen en heeft de basis gelegd voor een multidisciplinaire aanpak vanuit de reguliere publieke gezondheidstaak. In september 2023 heeft een schietincident plaatsgevonden in Delfshaven en het Erasmus Medisch Centrum. Het multidisciplinair crisisteam heeft opdracht gegeven tot het uitvoeren van een behoefte-onderzoek voor psychosociale hulpverlening aan de bevolking en het laten onderzoeken van de noodzaak voor een Gezondheidsonderzoek na Rampen (GOR). Daarvoor is een onderzoek (Rapid Needs Assessment) uitgevoerd en samen met de ketenpartners is het hulpverleningsaanbod in kaart gebracht. Naar aanleiding hiervan is in overleg met het landelijk expertisecentrum GOR vastgesteld dat door alle genomen maatregelen een GOR niet meer noodzakelijk is.

A4 – Integrale gezondheidsmonitor Rijnmond In 2023 zijn de resultaten van de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen (V&O) 2022 en de Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen 2022 gepubliceerd. Dit zijn extra metingen in het kader van de ZonMW corona-subsidie. Van de Gezondheidsmonitor V&O 2022 is voor elke gemeente (13) een rapport gemaakt en zijn de cijfers opgenomen in de databank op de website ‘Gezondheid in kaart’. De dataverzameling van de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 is uitgevoerd in het najaar. 48 scholen uit de regio namen deel en ruim 8.000 leerlingen uit klas twee en vier hebben de vragenlijst ingevuld. In het eerste kwartaal van 2024 ontvangen scholen hun schoolrapportage en eind mei worden de gemeenterapporten gepubliceerd. Er zijn nog geen resultaten beschikbaar van deze meting. De volgende feitenkaarten zijn in 2023 verschenen: • Mentale gezondheid jeugd • Mentale gezondheid volwassenen • Valongevallen • Ervaren gezondheid • Overgewicht • Roken • Hinderbeleving Rotterdam The Hague Airport • Seksuele gezondheid

Pagina 8 van 50

• • • • • • • •

Fastfood Ontbijt Groente, fruit en vlees Suikerhoudende drank Financiële stress bij jongvolwassenen Niet specifieke klachten bij jongvolwassenen Vertrouwen in de toekomst en zorgen van jongvolwassenen Eenzaamheid bij jongvolwassenen

Na een lichte stijging in het eerste jaar van de Coronapandemie is de ervaren gezondheid bij volwassenen in 2022 fors gedaald. Zowel voor 18- t/m 23-jarigen, 24- t/m 64-jarigen en 65plussers geldt dat in 2022 het aandeel met een (zeer) goede gezondheid lager is dan in de metingen in alle jaren ervoor.

Figuur 1: Percentage volwassenen met een (zeer) goede gezondheid in regio Rotterdam-Rijnmond.

Jongvolwassenen in Rotterdam-Rijnmond ervaren veel mentale problemen. - Een derde van de jongvolwassenen in deze regio zegt zich sterk eenzaam te voelen. - Eén op de vijf jongvolwassenen heeft schulden. Zorgen over geld en geldproblemen leiden tot stress en vergroten de kans op gezondheidsproblemen. - Eén op de vijf jongvolwassen in Rotterdam-Rijnmond heeft weinig of geen vertrouwen in de toekomst. Jongeren maken zich vooral zorgen over de woningmarkt en het klimaat. Ook uit de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2022 blijkt dat met name de jongvolwassenen een ongunstige trend laten zien op het gebied van mentale gezondheid. Het totaal aandeel volwassen inwoners met overgewicht is niet veranderd, ruim de helft heeft overgewicht. Desondanks is wel een minder gunstige trend zichtbaar bij de jongvolwassenen (18 t/m 23 jaar). In 2012 was één op de vijf van de jongvolwassenen te zwaar. In 2022 is dit aandeel opgelopen tot één op de drie. Het aandeel volwassenen dat rookt is in 2022 vergelijkbaar met dat in 2020 (18%). Onder scholieren is een lichte stijging van dagelijkse rokers onder vierdeklassers waarneembaar.

Pagina 9 van 50

Deze uitkomsten brengen met zich mee dat in de nabije toekomst een groter beroep op de zorg wordt gedaan, zowel voor fysieke als mentale gezondheid. Ook is er een risico op (tijdelijke) uitval van mensen in het arbeidsproces. Dat vraagt om meer preventieve inzet op deze gebieden en het zoeken naar andere mogelijke manieren om gezondheidsproblemen samen met partners in de regio te voorkomen. Daarnaast is het aan te bevelen om een sterke lobby richting de Rijksoverheid te starten voor het nemen van betere en meer integrale maatregelen.

A5 – Coördinatie Psychosociale hulp bij ingrijpende gebeurtenissen (PSHi) In 2023 is er in totaal 11 keer Psychosociale hulpverlening bij ingrijpende gebeurtenissen (PSHi) ingezet. In Rotterdam hebben 9 inzetten plaatsgevonden en in Vlaardingen 2. Opvallend is de duidelijke toename van de inzetten die te maken hebben met (extreem) geweld. Het (schiet)incident in Delfshaven heeft de meeste impact gehad. Hierbij is gebleken dat de samenwerking met de Psychosociale Hulpverlening bij ongevallen en Rampen (PSHor) als het PSHi-proces in zijn geheel werkt. De samenwerking met de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR), maar ook met andere samenwerkingspartners, is goed gegaan. Uit de PSHi-inzet blijkt dat de deelnemende gemeenten, anders dan Rotterdam, achterblijven met de meldingen en dus met de inzetten. Het is (nog) niet duidelijk of dit komt doordat er weinig aanleiding was voor een melding PSHi. Of dat er niet genoeg bekendheid is ten aanzien van de PSHi. Om dit laatste te voorkomen, is inmiddels gestart met de organisatie van een voorlichtingsronde over PSHi in elke gemeente. Een aantal gemeenten hebben deze voorlichting al gehad. In Q1 2024 volgen de overige gemeenten. De PSHi-inzetten worden allemaal conform privacywetgeving geregistreerd. Echter PSHi blijkt ook waardevol te zijn als er geen inzet (nodig) is.

Denk hierbij aan het geven van advies of het in contact brengen met ketenpartners. In 2024 zal hier ook een registratie van worden bijgehouden zodat deze informatie in het vervolg beschikbaar is en verstrekt kan worden.

Pagina 10 van 50

B1 – Infectieziektebestrijding (IZB) Het team Infectieziektebestrijding richt zich op een zevental kerntaken die wettelijk zijn vastgelegd. Dit zijn: 1. Bestrijden van infectieziekten en voorkomen van verdere verspreiding. 2. Surveillance: verzamelen, analyseren en duiden van beschikbare data zodat vroegtijdig maatregelen getroffen kunnen worden. 3. Beleidsadvisering: rondom thema’s infectieziektebestrijding richting de interne organisatie, evenals richting bestuurders. 4. Preventieactiviteiten: voorlichting, publieksacties en vaccinatiecampagnes. 5. Netwerk en regie: samenwerken met partners en stakeholders en versterken keten. 6. Voorbereiding op grote infectieziekte-uitbraken en pandemische paraatheid. 7. Kennis en onderzoek: wetenschappelijk onderzoek, deskundigheidsbevordering en onderwijs in het kader van infectieziektebestrijding. Kijkend naar de aanwezigheid van infectieziekten in het algemeen, heeft de coronapandemie hier veel effect op gehad. Te zien is dat de infectieziekten weer terugkomen op het niveau van voor de pandemie. Kinkhoest kwam bijvoorbeeld bijna niet meer voor en komt nu weer flink op. Maar we hebben ook te maken met een hoger aantal meldingen van bepaalde infectieziekten dan voor de pandemie, zoals groep astreptokokken en schurft (scabiës). Ook zien we meer legionella en bof.

De inzet door de medewerkers van het team infectieziektebestrijding is verschillend per ziekteverwekker, de omvang van de verspreiding, de mate van maatregelen, de ernst van het ziektebeeld en de acties op eventuele maatschappelijke onrust. Als de huidige trend zich voortzet, zal het aantal meldingen infectieziekten in 2024 hoger komen te liggen dan vóór de pandemie. Daarnaast zijn er diverse werkzaamheden die capaciteit vragen, zoals de inzet voor vogelgriep (aviaire influenza) en het versterken van surveillance. Aanvullend heeft de regio Rotterdam-Rijnmond te maken met regio-specifieke inzet ten behoeve van de haven, de luchthaven, maatschappelijke opvang, een groot aantal laboratoria en ziekenhuizen en een diversiteit aan (kwetsbare) doelgroepen. Tot en met september 2023 heeft IZB zich met name kunnen richten op kerntaak 1, Bestrijden van infectieziekten en voorkomen van verdere verspreiding. Kerntaak 2, Surveillance, heeft dankzij de inzet van middelen vanuit de Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid (VIP) en Specifieke uitkering (SPUK) de afgelopen maanden meer aandacht kunnen krijgen. Op de andere 5 kerntaken is het niet mogelijk geweest voldoende inzet te plegen. Met ingang van 2024 is hier vanuit de begroting van de gemeenschappelijke regeling meer ruimte voor. Hieronder volgt een verdere toelichting.

Meldingsplichtige infectieziekten We onderscheiden binnen de meldingsplichtige ziekten twee soorten meldingen: 1. Individuele meldingen: personen met een meldingsplichtige infectieziekte die aan de GGD doorgegeven worden door een behandelaar of een laboratorium. Pagina 11 van 50

2. Meldingen van uitbraken: twee of meerdere personen met dezelfde symptomen binnen eenzelfde groep of afdeling (als er sprake is van schurft moet een instelling dit al bij één geval doorgeven). We registreren dit soort meldingen voor alle gemeenten in onze regio. In beide tabellen in de bijlage is ook een categorie overig opgenomen: deze categorie betreft meldingen uit gemeenten buiten onze regio, die om praktische redenen door onze GGD in behandeling zijn genomen. Dit betreft bijvoorbeeld personen die in onze regio verblijven, maar ingeschreven staan in een andere regio. Individuele meldingen van infectieziekten In 2023 zijn in totaal 3.854 infectieziekten geregistreerd die meldingsplichtig waren. Wanneer we corona (Covid-19) buiten beschouwing laten, zijn dit er 822. Een arts hoeft sinds juni 2023 een enkel geval van corona niet meer te melden aan de GGD (een instelling geeft nog wel een uitbraak door van corona). Ten opzichte van de inschatting ten behoeve van de begroting van 2023 (1.100) is het totaal aantal gemelde infectieziekten dus een kwart minder. Dit komt met name door het nog lage aantal kinkhoestmeldingen in de eerste 9 maanden van 2023, een corona-effect. In de lijn der verwachting is het aantal kinkhoestmeldingen inmiddels aan het toenemen. Vooral in het laatste kwartaal is kinkhoest flink toegenomen (130 meldingen in 3 maanden).

In totaal zijn er 300 individueel gemelde infectieziekten geregistreerd in de laatste drie maanden van 2023, dit is 37% van het hele jaar. Grofweg de helft van de meldingen in het laatste kwartaal zijn kinkhoestmeldingen, dit maakt de werkbelasting hoger naast de al reguliere seizoensfactor. Een aantal meldingsplichtige infectieziekten worden hieronder verder toegelicht.

Figuur 2: Alle gemelde infectieziekten GGD RR per jaar (excl. corona).

Figuur 3: Kinkhoest-meldingen GGD RR 2023, per maand.

Invasieve groep A-streptokokkeninfecties (iGAS) Een groep A-streptokok kan als onschuldige bacterie in de keel en op de huid voorkomen en soms keelontsteking of roodvonk veroorzaken. In zeldzame gevallen ontwikkelt een ernstige infectie zoals een bloedvergiftiging, longontsteking, ernstige onderhuidse infectie of botinfectie. Deze ernstige infecties door iGAS werden het afgelopen jaar meer dan gebruikelijk gezien, vooral bij kinderen. Pagina 12 van 50

Vanwege de ernst van dit ziektebeeld is er vaak onrust in de omgeving of school/opvang/werk van deze patiënten. Ook kan er maatschappelijke onrust spelen, omdat het vaak kinderen betreft. Om de verspreiding van iGAS te voorkomen, heeft het RIVM in januari 2023 de meldplicht verruimd, waardoor het aantal meldingen nog verder toegenomen is. Bij een iGAS worden huishoudcontacten en eventueel andere nauwe contacten in kaart gebracht, geïnformeerd en schrijft de GGD preventieve behandeling voor. Daarnaast geeft de GGD vaak voorlichting om onrust in de omgeving te voorkomen. Legionellose (legionella) Legionella, ook wel veteranenziekte genoemd, is een zeldzame ernstige longontsteking veroorzaakt door de legionellabacterie. Deze bacterie zit in grond (bijvoorbeeld potgrond) en kan ook in water zitten. Als water stilstaat en opwarmt tussen 25 en 45 graden (boiler, vijver, fontein) dan kan legionella daarin groeien en mensen besmetten. De GGD doet onderzoek om deze bronnen in beeld te brengen en adviseert om nieuwe besmettingen te voorkomen. Jaarlijks is er een seizoensgebonden legionellapiek te zien, vooral in de nazomer en bij natte zomers. Dit jaar was de piek hoog in vergelijking met voorgaande jaren met 37 meldingen in de maanden juli, augustus en september. In dezelfde periode in de jaren 2018 tot en met 2022 waren dit gemiddeld 12 meldingen. Bof Bof is een besmettelijk virus.

Kinderen worden tegen bof gevaccineerd door middel van het BMR-vaccin (bof, mazelen en rodehond) in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Het aantal bof-meldingen loopt weer op nadat de ziekte door de coronapandemie vrijwel was verdwenen de afgelopen jaren. Het aantal bof-meldingen is zodoende hoger dan voorgaande jaren. In 2023 zijn er 15 bofinfecties gemeld ten opzichte van 6 meldingen in 2020, geen in 2021 en één in 2022. Vanwege een uitbraak van bof in regio Haaglanden en een link met cases in onze regio is er uitgebreider bron -en contactonderzoek uitgevoerd en, indien nodig, preventief gevaccineerd. Om deze uitbraak in beeld te krijgen en te beperken, is intensief samengewerkt met GGD Haaglanden en het RIVM. Een daling in de vaccinatiegraad van het RVP, zowel landelijk als regionaal, kan een rol spelen bij de toename van de bofbesmettingen (zie ook onderwerp vaccinatiegraad hieronder). Meldingen van uitbraken In 2023 zijn 467 uitbraken van infectieziekten geregistreerd in onze GGD-regio. Dit betreft uitbraken die moeten worden gemeld op basis van artikel 26 uit de Wet publieke gezondheid (Wpg). Een groot deel van de uitbraakmeldingen betreft corona (143 meldingen). Zoals eerder benoemd, is de individuele meldplicht voor corona in juni 2023 vervallen.

Uitbraken bij instellingen waar kwetsbare personen verblijven, zoals verpleeghuizen en woonzorgcentra, blijven daarentegen meldingsplichtig. Tot 2023 heeft de overheid de meerkosten van de infectieziektebestrijding met betrekking tot de coronapandemie gefinancierd. Met het beëindigen van deze financiering in 2023 valt corona onder de reguliere werkzaamheden van de infectieziektebestrijding en de reguliere financiering via de regiogemeenten (m.u.v. de corona vaccinatiecampagne). Het aandeel van corona in het afgelopen jaar is zichtbaar gemaakt in de figuur. Het totaal aantal uitbraken is mede hierdoor aanzienlijk hoger dan vooraf is ingeschat (250).

Pagina 13 van 50

Figuur 4: Aantal uitbraken van infectieziekten in GGD-regio Rotterdam-Rijnmond, 2018-2023. Donkergroen geeft het aantal corona-uitbraken in 2023 weer (bronnen: Meldpunt Uitbraken Infectieziekten (MUIZ) en HPZone). Voorgaande jaren is corona niet meegenomen omdat hier alleen een schatting van bestaat.

Figuur 5: Aantal schurftuitbraken in GGD-regio Rotterdam-Rijnmond, 2018-2023 (bronnen: Meldpunt Uitbraken Infectieziekten (MUIZ) en HPZone).

Schurft (Scabiës) Opvallend is dat het aantal uitbraken van schurft blijft stijgen in 2023. Er zijn 76 uitbraken gemeld, aanzienlijk meer dan in voorgaande jaren: 49 in 2022, 24 in 2021 en slechts 9 in 2020 (zie figuur 5). Het bestrijden van schurft blijkt vaak een complexe taak, vooral wanneer het zich voordoet in een omgeving met gemeenschappelijke ruimtes, zoals een verpleeghuis of een opvanglocatie voor asielzoekers. In die gevallen verloopt de bestrijding vaak moeizamer, omdat de symptomen minder snel worden opgemerkt dan bijvoorbeeld in een kinderdagverblijf. Bovendien kan bij kwetsbare groepen, vanwege een verzwakt immuunsysteem en andere zorgroutines de behandeling minder effectief zijn of kunnen zij gevoeliger zijn voor mogelijke complicaties.

Pagina 14 van 50

De verspreiding van schurft via huid-op-huidcontact en het gebruik van gedeelde meubels maakt het beheersen ervan uitdagend. Om een uitbraak onder controle te krijgen, is het essentieel om bij een besmetting alle contacten van de geïnfecteerde persoon op te sporen en tegelijkertijd te behandelen. Dit vergt een gecoördineerde aanpak om de verspreiding te stoppen, waarbij de GGD vaak een leidende rol speelt. Bovendien hebben uitbraken vaak aanzienlijke financiële gevolgen voor (zorg)instellingen, aangezien deze grondig gereinigd en gedesinfecteerd moeten worden. Dit omvat o.a. het wassen van al het beddengoed en kleding om verdere verspreiding te voorkomen. Vaak is er maatwerk nodig bij het bepalen van de benodigde infectiepreventieve maatregelen, hierbij wordt nauw samengewerkt met de deskundigen infectiepreventie en het team Technische Hygiënezorg (THZ) (zie ook B4 – Technische Hygiënezorg). Bij veel locaties is THZ al betrokken vanwege eerdere preventieve adviezen. Inmiddels loopt er een aantal onderzoeken om beter in kaart te brengen hoe schurft zich verspreidt en hoe het beter bestreden kan worden. We streven ook naar een verhoogd bewustzijn over schurft door preventieve activiteiten en het benadrukken van het belang van infectiepreventie, in de hoop dat hierdoor het aantal gevallen van schurft verminderd kan worden.

Overige taken Een belangrijke taak van infectieziektebestrijding is het uitvoeren van preventieve taken, zoals het verstrekken van reisadvies en bijbehorende vaccinaties, om de import van infectieziekten uit het buitenland te verminderen. Speciale aandacht gaat ook uit naar kwetsbare groepen zoals vluchtelingen en ontheemden vanwege hun verhoogde risico op infectieziekte-uitbraken en de complexere bestrijding hiervan. Dit speelt bijvoorbeeld bij ontheemden uit Oekraïne, die buiten de zorgverstrekking van de Gezondheidszorg Asielzoekers (GZA) vallen en niet onder het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA), wat de procesmatige inrichting van de zorg bemoeilijkt. Bij het voorkomen en bestrijden van uitbraken binnen deze groepen speelt het team Technische Hygiënezorg een belangrijke rol gezien hun expertise m.b.t. infectiepreventieve maatregelen (zie ook B4 – Technische Hygiënezorg). Risico’s voor toename infectieziekten Dalende vaccinatiegraad Rijksvaccinatieprogramma (RVP) De laatste jaren daalt de totale vaccinatiegraad van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP), zowel landelijk als in onze regio. Uit een peiling, uitgevoerd door RIVM in 2022, blijkt dat meer ouders negatiever staan ten opzichte van vaccinaties dan in 2013. Dit kan een gevolg zijn van de coronapandemie.

Pagina 15 van 50

In onze regio ligt de vaccinatiegraad in sommige gemeenten ver onder het landelijke gemiddelde, in slechts een enkele gemeente ligt deze hoger. In samenwerking met het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) en de gemeenten wordt bekeken hoe we de vaccinatiegraad kunnen verhogen door middel van onder andere voorlichting, interventies, inzet van sleutelpersonen en marktacties. Een lage vaccinatiegraad heeft als risico dat een gemeenschap vatbaar wordt voor uitbraken van infectieziekten en besmettingen zich snel kunnen verspreiden. Denk hierbij aan bijvoorbeeld bof, kinkhoest of mazelen. Dit risico wordt groter naarmate de infectieziekte besmettelijker is. De lage vaccinatiegraad bij mazelen is in grote delen van onze regio een groot risico omdat het virus verspreid wordt via de lucht. Een besmet persoon kan tussen de 12 en 18 andere personen besmetten (het reproductiegetal). Dit betekent dat de verspreiding heel hard kan gaan, zeker als de vaccinatiegraad laag is. De World Health Organisation (WHO) geeft aan dat de vaccinatiegraad van mazelen boven de 95% moet zijn om groepsimmuniteit te bereiken. Op basis van dit gegeven is de huidige vaccinatiegraad voor mazelen in de regio te laag. Wat ook opvalt, is dat kinderen niet meer volledig gevaccineerd worden en de tweede prik niet gehaald wordt.

In rapportagejaar 2023 (gegevens 2022) is er een verschil van ruim 12 procentpunt tussen de basis immuniteit (eerste prik) en volledige immuniteit (10 jaar, tweede prik) voor de BMR-vaccinatie. Figuur 6: Vaccinatiegraad BMR kinderen van 2 en 10 jaar in Nederland en de regio in 2022 (Bron: RIVM, verslagjaar 2023)

Mazelen (BMR) prik Basis immuun (2 jaar) Landelijk Regio Rotterdam-Rijnmond

89,4% 85%

Mazelen (BMR) prik volledig (10 jaar) Landelijk Regio Rotterdam-Rijnmond

85,1% 76%

Risicogroepen voor infectieziekten zijn zuigelingen die nog niet gevaccineerd kunnen worden, zwangere vrouwen, ouderen en patiënten met afweerstoornissen. Een lagere vaccinatiegraad kan bovendien effect hebben op de curatieve gezondheidszorg. Denk hierbij aan ziekenhuisopnames of baarmoederhalskanker in relatie tot de HPV-vaccinatie. Vogelgriep (aviaire influenza) Vogelgriep wordt veroorzaakt door griepvirussen. De toenemende verspreiding van vogelgriep onder vogels (en soms zoogdieren) kan een risico vormen voor de volksgezondheid en dat wil de GGD voorkomen. In dit kader is een projectgroep opgesteld die een aantal doelstellingen heeft met betrekking tot preventie, publiekscommunicatie, beleidsadvisering en surveillance. Dit is een voorbeeld van preventieve inzet die nodig is in het kader van pandemische paraatheid, maar niet als zodanig is opgenomen in de regiobegroting en nu mogelijk is vanwege de aanvullende financiering vanuit het Rijk (VIPSPUK). Tot slot In de afgelopen jaren heeft het team infectieziektebestrijding van de GGD te maken gehad met onder andere corona, mpox (apenpokken) en publieke gezondheidszorgtaken voor ontheemden en asielzoekers. In 2023 heeft het team zich kunnen richten op het verbeteren

Pagina 16 van 50

van kwaliteit van primaire werkprocessen die hierdoor minder aandacht hebben gehad. Dit wil zeggen dat er met name aandacht is uitgegaan naar kerntaak 1, andere kerntaken hebben minder aandacht kunnen krijgen. Om de publieke gezondheid te waarborgen, moeten keuzes gemaakt worden en werkzaamheden geprioriteerd worden. In 2023 betekende dit met name investeren in de basis. Wel is er een start gemaakt met investeren in surveillance en netwerk en regie. Sinds de pandemie zijn er weer voor het eerst fysieke netwerkbezoeken geweest om de banden met ketenpartners aan te halen. Verder is er in 2023 ingezet op de versterking van de infectieziektebestrijding en de pandemische paraatheid met behulp van financiering vanuit het Rijk, dit loopt ook in 2024 nog door. Zie voor toelichting ook deel 2 punt 5 van deze rapportage. Met hulp van de extra middelen in de regiobegroting vanaf 2024 krijgt het team infectieziektebestrijding ruimte om meer in te zetten op de andere wettelijke kerntaken.

B2 – Tuberculosebestrijding De 25 GGD’en in Nederland werken samen vanuit vier regionale expertisecentra (REC’s) bij het bestrijden van tuberculose (TBC). Uitvoering van TBC-bestrijding voor de GGD Rotterdam-Rijnmond vindt plaats vanuit het TEC-TBC Zuid-Holland (ZH). Het REC-TBC ZH betreft een samenwerkingsverband tussen de vier GGD’en binnen de ZHregio (GGD Rotterdam-Rijnmond, GGD Zuid-Holland Zuid, GGD Haaglanden en GGD Hollands-Midden). Het REC-TBC ZH biedt hoogwaardige TBC-diensten voor een veilige, toegankelijke en kwalitatief goede TBC-zorg voor alle burgers van de vier GGD'en in ZH. Uitgevoerde activiteiten in 2023 De GGD heeft in 2023 op actieve wijze verschillende activiteiten uitgevoerd, zoals: • Het screenen van groepen met een verhoogd risico op TBC of TBC-Infectie1 (TBI) (zeevarenden, immigranten, asielzoekers, contactgroepen, dak- en thuislozen). • Het behandelen en begeleiden van TBC/TBI-patiënten. • Het systematisch uitvoeren van bron- en contactonderzoek bij contacten van TBC/TBIpatiënten. • Het uitvoeren van BCG-vaccinatie bij kinderen van ouders uit landen waar TBC veel voorkomt en bij personen die langdurig in risicolanden gaan verblijven (Bacillus Calmette-Guérin-vaccinatie is de vaccinatie tegen tuberculose). • Verzamelen en presenteren van epidemiologische gegevens over TBC. • Bestrijden van uitbraken van TBC en mogelijke onrust die daarmee gepaard gaat.

• Het adviseren van individuele burgers, gemeentebesturen en andere samenwerkingspartners. • Intensieve preventieve voorlichtingen aan risicogroepen en samenwerkingspartners. In de TBC-bestrijding wordt onderscheid gemaakt tussen TBC-ziekte (TBC, wel besmettelijk) en TBC-infectie (TBI, drager van de TBC-bacterie, (nog) niet besmettelijk). 1

Pagina 17 van 50

• • •

Het onderhouden van contacten met (medische) ketenpartners, waaronder Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA), medische specialisten en huisartsen Het opleiden van nieuwe TBC-professionals. Het uitvoeren van beschikbaarheids- en bereikbaarheidsdienst voor (spoed)meldingen en vragen over TBC, etc.

Behaalde resultaten De dalende trend van het aantal TBC-patiënten in Nederland, die de afgelopen twintig jaar gaande is, zette ook in 2023 door. Tijdens de uitbraak van het coronavirus, in de periode 2020-2022, daalde het totale aantal TBC-patiënten sterker dan in de jaren ervoor. Waarschijnlijk kon de TBC-bacterie zich minder makkelijk verspreiden door de Coronamaatregelen (zoals afstand houden of minder contact hebben met andere mensen). Ook de daling van het aantal immigranten, asielzoekers en de uitgestelde zorg hebben hier invloed op gehad. De GGD heeft in 2023 (Figuur 4) ruim 8.305 cliënten onderzocht op tuberculose en totaal 8.763 cliëntcontacten gehad. Via screening en contactonderzoek zijn er in totaal 76 patiënten met een TBC-besmetting gediagnosticeerd. Dit is bijna 12 procent meer dan in 2022 (68 patiënten). In 2023 zijn er ook meer personen met een TBI geregistreerd, dan wel gemeld bij de GGD (112). Dit is bijna 15 procent meer dan in 2022 (97). Deze stijging is grotendeels een gevolg van een toenemende screening op TBI (screening op infectie i.p.v. screening op ziekte (TBC)), hoewel dit geen compleet beeld van het vóórkomen van TBI betreft, omdat het melden van TBI's niet verplicht is in Nederland.

Pagina 18 van 50

Figuur 7: Resultaten TBC 2023

Indicator

Realisatie 2023

Aantal (nieuwe) gediagnosticeerde TBC2-patiënten

76

Cliënten met een TBC-infectie (TBI)

112

Aantallen verrichtingen (foto’s, Mantoux-screeningen*, BCG-screeningen, IGRA-screeningen**, inclusief medische consulten)

8.305

Overig Totaal aantal cliëntcontacten

270 8.763

* De mantouxtest is een test die infectie met tuberkelbacteriën kan aantonen.

** Interferon Gamma Release Assay is een bloedtest waarmee een besmetting met tuberculose kan worden vastgesteld.

In 2023 zijn er ruim 1.475 kinderen (> 2 maanden), van wie een ouder uit een land komt waar TBC vaak voorkomt, opgeroepen voor een vaccinatie (BCG-vaccinatie). Ongeveer 51% van deze groep kinderen (753) is succesvol gevaccineerd. Dit percentage is hoger dan in 2022 (38%) en in lijn met het landelijke BCG-vaccinatiepercentage (50-52%). Extra activiteiten Naast het inhoudelijk versterken van de reguliere TBC-activiteiten, heeft de GGD zich in 2023 ook op actieve wijze ingezet op toekomstige uitdagingen op het terrein van TBCbestrijding, waaronder: • Het verdiepen van de algehele TBC-deskundigheid en het waarborgen van de continuïteit en de kwaliteit van de TBC-uitvoering door een verbreding van de regionale TBCsamenwerking op provincie-niveau (binnen het REC-TBC ZH samenwerkingsverband). • Het verbeteren van de toegankelijkheid en laagdrempeligheid van de TBC-zorg door het uitbreiden van de (online) dienstverlening, de verbeterde bereikbaarheid en spreekuurplanning. • Het opzetten en uitvoeren van preventieactiviteiten, in samenwerking met onze ketenpartners (Vluchtelingenwerk, COA, Gezondheidscentra, Leger des Heils, Kerken/Moskeeën, Talenscholen, Penitentiaire Inrichtingen etc.), richting diverse TBCrisicogroepen.

Bijzonderheden Het aantal nieuwe gevallen van TBC/TBI (incidentie) in Nederland (gemiddeld 3 TBC/6 TBIdiagnoses per 100.000 inwoners) blijft gemiddeld stabiel en passend binnen een geleidelijk dalende trend van het aantal nieuwe TBC-besmettingen. De TBC/TBI incidentie op RR-regioniveau is gemiddeld twee keer zo hoog, hoewel nog steeds passend binnen de algehele dalende trend van TBC/TBI-meldingen. Een belangrijke verklaring voor deze hogere TBC/TBI-incidentie, is de grote diversiteit in bevolkingsgroepen en de mate van instroom van asielzoekers en andere migranten binnen onze regio.

2

Het percentage van de TBC-patiënten dat behandeling voltooit en het percentage TBI-personen dat preventieve behandeling voltooit is pas vanaf einde 2e of begin 3e kwartaal van 2025 bekend.

Pagina 19 van 50

Bij een hoge(re) incidentie van TBC zoals huidig, blijft het actief opsporen en preventief behandelen van TBC een belangrijke vereiste voor de GGD’en. Dit om eventuele toename en verspreiding van de TBC tijdig en succesvol te kunnen voorkomen. Immers, via reizen en immigratie blijft de ziekte alsnog onze regio binnenkomen, wat een blijvende alertheid, passende preventieve inspanningen en een gerichte screening van diverse groepen met een verhoogd TBC-risico vereist. Sturen op een verantwoorde TBC-basisinfrastructuur op GGDniveau blijft essentieel, ook voor de komende jaren.

B3 – SOA en seksuele gezondheid Context van het werk Centrum Seksuele Gezondheid Op grond van de Wet publieke gezondheid (Wpg) zijn de GGD’en verantwoordelijk voor de preventie van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa zoals hiv, chlamydia en gonorroe) in de samenleving. De taak van het Centrum Seksuele Gezondheid (CSG) van de GGD is het voorkomen, opsporen en behandelen van soa’s in de regio, en het bevorderen van seksueel gezond gedrag. Voorkomen, opsporen en behandelen van soa’s Mensen met een verhoogd risico op (een) soa kunnen bij het CSG een afspraak maken voor een soa-test. Daaronder vallen jongeren jonger dan 25 jaar, migranten en mannen die seks hebben met mannen (MSM). Een afspraak kan binnen twee weken worden ingepland, vindt plaats in één van de spreekkamers op de soa-poli op de GGD en is geheel gratis. De laagdrempelige en gratis toegang wordt bekostigd vanuit de regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG) met een Specifieke Uitkering (SPUK) vanuit het Rijk. Dit wordt verder toegelicht in deel 2 van deze jaarrapportage: ‘Overige werkzaamheden buiten de regiobegroting’. Een opvallend gegeven is dat er in de zomerperiode een toename is geweest van gonorroe. De regio Rotterdam-Rijnmond heeft een hogere prevalentie van gonorroe bij CSG-cliënten in vergelijking met het landelijke gemiddelde, met percentages zoals 3,5% vs. 2,3% bij vrouwen en 3,2% vs.

2,4% bij heteroseksuele mannen (2022). In de afgelopen jaren steeg zowel het absolute aantal opgespoorde gevallen van gonorroe als het percentage positieve testen. Opvallend is de recente toename van gonorroe bij hoogopgeleide jongeren sinds 2023, terwijl gonorroe eerder voornamelijk voorkwam bij andere risicogroepen. Redenen voor deze stijging zijn tot dusver onbekend. In 2024 starten diverse onderzoeken naar gonorroe en wordt de oorzaak van deze stijging onderzocht. Bevorderen van seksueel gezond gedrag Bij voorlichtingsactiviteiten richt het CSG zich op groepen met een verhoogd risico op soa, te weten praktisch opgeleide jongeren, migranten, MSM, prostituees en personen met hiv. Daartoe hebben outreach-activiteiten plaatsgevonden op evenementen zoals festivals, Pride-evenementen en de start van het academisch jaar (Eurekaweek). De informatiemarkten en festivals hebben in de zomerperiode plaatsgevonden. Bij deze evenementen zijn 2.500 bezoekers bereikt. In oktober is daarnaast een samenwerking gestart met een Queergym. Het doel is om de doelgroep transgender-diverse personen makkelijker te benaderen. Pagina 20 van 50

Ten slotte wordt actief bijgedragen aan het bevorderen van seksuele gezondheid door middel van het actief geven van gastlessen aan kwetsbare groepen en het trainen van docenten en andere intermediairs. De GGD heeft negen voorlichtingen gegeven over seksuele gezondheid aan 89 deelnemers, waaronder aan jonge vluchtelingen in Rotterdam (Maaszicht) en in Vlaardingen (Leger des Heils). Vijf voorlichtingen zijn via het programma Nu Niet Zwanger (plusproduct) tot stand gekomen. Een nevenopbrengst van Nu Niet Zwanger is dat de GGD in contact komt met (jonge) mensen die behoefte hebben aan voorlichting over seksuele gezondheid. In februari 2023 ontstond ophef over de Week van de Lentekriebels. Deze nationale projectweek voor het speciaal- en basisonderwijs, waarbij scholen lesgeven over weerbaarheid, relaties en seksualiteit, bestaat al achttien jaar. Het is voor het eerst in de bestaansgeschiedenis dat dermate veel ophef ontstaat om de Week van de Lentekriebels. Het is een initiatief van Rutgers en de GGD’en om scholen te ondersteunen bij het maken van een goede start met relationele en seksuele vorming. Het thema was in 2023 ‘Wat vind ik fijn’. Kinderen bespraken bijvoorbeeld of het fijn is om op een verjaardag op de mond gezoend te worden door een ouder familielid. Opiniemakers meenden dat kinderen een verkeerd beeld opgedrongen kregen over seks en gender.

Daarnaast werd landelijk een petitie gestart om de Week van de Lentekriebels pas op latere leeftijd aan kinderen te onderwijzen. De petitie wordt 50.000 keer ondertekend en de GGD ontving een klacht. Deze klacht is conform de procedures afgehandeld. Een enkele keer heeft een cliënt bij een medewerker van de GGD gerefereerd aan de ophef.

Pagina 21 van 50

B4 – Technische Hygiënezorg Het team Technische Hygiënezorg (THZ) houdt zich bezig met het geven van hygiëneadviezen aan particulieren, professionals, instellingen en bedrijven om infectieziekten te voorkomen. De werkzaamheden kunnen worden onderverdeeld in: • Basistaken die worden gefinancierd door de gemeenten. Voorbeelden hiervan zijn het geven van adviezen aan en uitvoeren van inspecties van seksinrichtingen, evenementen en locaties in de maatschappelijke opvang en het adviseren in legionellapreventie. • Markttaken die buiten de begroting om worden gefinancierd, zoals het uitvoeren van inspecties bij tattooshops en piercingstudio’s n.a.v. een aanvraag van een vergunning. Er zijn in zijn in totaliteit meer adviezen en inspecties geregistreerd (344) dan vooraf ingeschat (250). De 113 inspecties bij tattooshops en piercingstudio’s zijn hierbij niet meegerekend. Deze inspecties vallen feitelijk buiten de begroting, omdat ze door de aanvragers van een vergunning betaald worden. Adviezen naar aanleiding van een infectieziektenuitbraak zijn niet meegeteld als THZ-adviezen, omdat deze onderdeel zijn van de inzet van deskundigen infectiepreventie bij Infectieziektebestrijding (zie ook B1 - Infectieziektebestrijding (IZB)). De inzet bij de verschillende soorten inspecties en adviezen kan erg variëren afhankelijk van het type inspectie of advies.

Locaties waar preventief inspecties worden gedaan als onderdeel van infectiepreventie en voor het verlenen of behoud van een vergunning zijn inspecties bij: • Seksinrichtingen Iedere seksinrichting wordt jaarlijks geïnspecteerd. Wegens minder beschikbare capaciteit en inzet op bijvoorbeeld inspectie van nieuwe opvanglocaties zijn in 2023 24 van de 35 vergunde seksinrichtingen bezocht. De resterende seksinrichtingen worden in het begin van 2024 bezocht. • Evenementen Jaarlijks worden circa 15 evenementen bezocht om te bepalen of in de uitvoering wordt voldaan aan de landelijke hygiënerichtlijnen van het RIVM. Op basis van overleg met de veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) en eerdere ervaringen wordt bepaald welke evenementen bezocht worden. In 2023 zijn 13 evenementen bezocht en heeft de GGD een actieve rol gespeeld in de evaluatie van deze evenementen. Dit jaar is extra aandacht besteed aan het beleid rondom evenementen. Zo werd meegewerkt aan het actualiseren van de landelijke hygiënerichtlijnen voor evenementen. • Opvanglocaties voor asielzoekers en ontheemden In 2023 zijn alle asielzoekerslocaties één of meerdere keren bezocht. Met de gemeente Rotterdam zijn afspraken gemaakt om de opvanglocaties voor Oekraïners ook in 2023 te bezoeken. In 2024 zal met de overige gemeenten besproken worden of deze dienst ook daar kan worden aangeboden.

Hierbij wordt nauw samengewerkt met team Infectieziektebestrijding (zie ook B1 – Infectieziektebestrijding (IZB)). • Tattooshops en piercingstudio’s In 2023 zijn 113 inspecties voor het verkrijgen van een vergunning voor een tattooshop en/of piercingstudio uitgevoerd. Daarnaast zijn er 14 vrijstellingen van de vergunningsplicht voor tattoo- en/of piercingevenementen uitgegeven. Deze inspecties Pagina 22 van 50

•

en vrijstellingen vallen buiten de begroting, omdat de vergunning aanvrager betaalt voor het verkrijgen van een vergunning. Binnen de begroting worden er adviezen gegeven aan startende ondernemers en burgers over de hygiëneaspecten en preventieve maatregelen bij de tattooshops en piercingstudio’s. Adviezen m.b.t. legionella Omdat er in 2023 veel legionellose meldingen binnenkwamen bij Infectieziektebestrijding, heeft THZ meer onderzoek gedaan om te bepalen of bemonstering nodig was en adviezen in maatregelen gegeven. In totaal was THZ in 2023 bij 72 meldingen betrokken. In 2022 waren dat 27 meldingen. Zie ook de toelichting bij het product B1. Infectieziektebestrijding.

▪ Conclusie De productiecijfers van het team THZ wijken in 2023 af van de vooraf ingeschatte aantallen. Team THZ heeft keuzes moeten maken wat betreft inzet op taken. Eén van de oorzaken hiervan is te vinden in bijvoorbeeld geopolitieke ontwikkelingen die ook onze regio raken. Zo heeft THZ ook in 2023 meer asiel- en Oekraïnecrisis opvanglocaties moeten bezoeken. Ook was er meer inzet door THZ nodig door de vele legionellose meldingen.

B5 – Medische Milieukunde en Collectieve advisering gezonde leefomgeving Het team Gezondheid & Milieu (team G&M) voert binnen de gemeenschappelijke regeling twee taken uit: • Basistaak Medische Milieukunde (MMK); • Basistaak Collectieve advisering gezonde leefomgeving. Hiernaast kunnen individuele gemeenten de plustaak gemeentelijke advisering gezonde leefomgeving afnemen. Met uitzondering van Maassluis en Schiedam nemen in 2023 alle gemeenten het plusproduct af. De basistaak Collectieve advisering gezonde leefomgeving en de plustaak Gemeentelijke advisering gezonde leefomgeving zijn per 2023 nieuwe taken. Deze taken zijn ontwikkeld ter voorbereiding en ter uitvoering van de Omgevingswet, welke per 1 januari 2024 in werking is getreden. De taken zijn, volgens afspraak, eind 2023 geëvalueerd. De resultaten van deze evaluatie komen via een separaat traject terug naar het Algemeen Bestuur. Begroting Om de gezamenlijke inzet te laten zien, presenteert het team kengetallen voor adviezen en meldingen. Dit zijn nadrukkelijk geen prestatie-indicatoren. Team G&M behandelt alle meldingen en adviesvragen die binnenkomen. Deze aantallen kunnen per jaar fluctueren. Natuurlijk houdt het team deze fluctuatie wel goed in de gaten om te kijken naar eventuele trends. Er is over de laatste jaren een dalende trend waar te nemen wat betreft het aantal meldingen van burgers over hun leefomgeving.

In 2023 zijn er 240 meldingen ontvangen en

Pagina 23 van 50

afgehandeld in plaats van de geschatte 350. Dit is een landelijke trend. De daling lijkt dit jaar af te vlakken. Mogelijke verklaringen zijn het warmere weer en de goede informatie op onze websites. De tijd die vrijkomt door het lagere aantal meldingen wordt met name gebruikt om meer en betere informatie op de website gezondeleefomgeving.nl te zetten. Hierin wordt samengewerkt met alle GGD’en in Nederland samen. Advisering Wat betreft advisering liggen de aantallen op schema: in 2023 zijn er in totaal 554 adviezen gegeven, iets meer dan verwacht. De verklaring voor het iets hogere aantal is dat er meer grote incidenten/adviestrajecten in de regio zijn geweest dan verwacht. Adviezen gegeven in het kader van de basistaak Collectieve advisering gezonde leefomgeving zijn altijd in het collectieve belang. Dit verklaart het relatief hoge aantal adviezen in de kolom 'overig'. Zie hiervoor de tabellen in de bijlage. Het nieuwe product Collectieve advisering gezonde leefomgeving verloopt naar tevredenheid. Naast het aantal adviezen hierboven genoemd, worden ook drie indicatoren bijgehouden voor deze basistaak. In 2023 zijn twee gemeentegrensoverstijgende adviestrajecten uitgevoerd in plaats van de ingeschatte drie: Geluid haven en luchthaven Rotterdam The Haque Airport. Daarentegen zijn er meer overleggen bijgewoond dan begroot. De drie toegezegde kennisberichten zijn uitgegaan.

Inzet bij een incident Brand AVR Op 21 september 2023 heeft er een grote brand bij de Afvalverwerking Rijnmond (AVR) in Rozenburg, Rotterdam plaatsgevonden. Hierbij zijn veel dioxinen vrijgekomen die neer zijn gekomen in het gebied tussen Vlaardingen en Maassluis. Hier bevinden zich veel agrarische bedrijven, waaronder enkele veehouderijen. Dioxinen komen terecht in de melk van grazende koeien of de eieren van kippen. De consumptie van eieren of melk met te hoge hoeveelheden dioxinen kan leiden tot effecten op het immuunsysteem, de hersenontwikkeling en de voortplanting. Bij heel hoge concentraties kan het leiden tot een verhoogd risico op kanker. Daarom is door de milieu-ongevallendienst (MOD) van het RIVM de hoeveelheid dioxinen in het gras van de weilanden tussen Vlaardingen en Maassluis bepaald. Deze bleek sterk verhoogd, boven de veevoedernorm. De GGD Rotterdam-Rijnmond, team Gezondheid en Milieu, is betrokken geweest bij de afhandeling van het incident. In samenwerking met de GGD Haaglanden is gewerkt aan een inschatting van de gezondheidsrisico’s en de manier waarop het gebied weer veilig kon worden gesteld. De GGD heeft hierbij gefungeerd als centraal aanspreekpunt en intensief samengewerkt met de veiligheidsregio en de verschillende betrokken gemeenten. Het incident is naderhand geëvalueerd.

Uit de evaluatie is naar voren gekomen dat de samenwerking met de GGD-Haaglanden erg goed is verlopen. Een van de lessen was dat eerder in kaart had moeten worden gebracht welke mogelijke scenario’s er waren, voordat de meetresultaten bekend waren. Het instellen van een GGD Rampen Opvang Plan (GROP) ten tijde van het incident, met een warme overdracht vanuit het Regionaal Operationeel Team (ROT), had hierbij goed kunnen helpen. Het belang van een warme overdracht is ook met de Veiligheidsregio besproken en de noodzaak hiervan is onderkend. Daarnaast is gebleken dat het lastig was de juiste

Pagina 24 van 50

instanties te vinden voor een onderwerp waar de GGD de kennis niet of onvoldoende voor in huis heeft (hier betreft dit voedselveiligheid). Het komend jaar willen we hiervoor de banden aanhalen met instanties zoals de Nederlandse Zuivelorganisatie (NZO) en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). PFAS Risico’s van per- en polyfluoralkylstoffen (PFAS) staan de laatste tijd volop in de belangstelling. Ook in onze regio worden PFAS in wisselende gehalten gevonden in bodem, grondwater en oppervlaktewater. GGD Rotterdam-Rijnmond wordt hierover benaderd als het gaat om het beoordelen van de gezondheidsrisico’s. Er is momenteel geen sprake van een acuut gezondheidsrisico door PFAS, maar wel kunnen mensen in sommige situaties meer PFAS binnenkrijgen dan gezondheidskundig wenselijk is. De GGD geeft in die gevallen de gezondheidskundige duiding en zo nodig gebruiksadviezen. Hiernaast denkt de GGD mee over de communicatie aan de betrokkenen. Deze communicatie gaat altijd in afstemming met de andere betrokken partijen. Ook is de GGD rechtstreeks bereikbaar voor burgers die vragen hebben over PFAS en gezondheid.

In 2023 is de GGD, naast het beantwoorden van veel relatief kleine vragen van gemeenten, betrokken bij een aantal grotere trajecten/incidenten: • Naar aanleiding van zwemwateronderzoek door de provincie (rond Chemours in Dordrecht) bleek de concentratie PFAS in het water van de Plas Vrijenburghbos in Barendrecht te hoog. Voor deze plas geldt een negatief zwemadvies. Deze plas grenst aan Rotterdam en staat in verbinding met diverse watergangen in Rotterdam. De bron van het PFAS is (nog) niet bekend. • Het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard (HHSK) heeft in augustus 2023 een onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van PFAS in binnenwater. Deze resultaten lieten zien dat in Schieland en de Krimpenerwaard vrijwel overal PFAS zit in het water. • Bij twee natuurzwembaden in Rotterdam is extra onderzoek gedaan, waarbij geconstateerd werd dat in het Kralingse Zwembad te veel PFAS zat. Na herbemonstering is dit bevestigd en blijft het negatief zwemadvies voor dit zwembad gehandhaafd. Nader onderzoek van het zwembad en HHSK wijst op mogelijke bronnen buiten het zwembad. Afgesproken is te starten met een historisch onderzoek naar mogelijke bronnen en op basis daarvan een onderzoeksvoorstel te maken voor vervolgonderzoek.

• Op Rotterdam The Haque Airport is een bodemverontreiniging op de brandweer oefenlocatie met PFAS aanwezig, die zich ook buiten de luchthaven in het oppervlaktewater bevindt. Aanvullend onderzoek op een naastgelegen volkstuincomplex en paarden- en ponyclub wordt uitgevoerd.

Pagina 25 van 50

C1 – Toezicht kinderopvang en gastouderopvang Kinderopvang inspecties Alle kinderopvang voorzieningen die in het landelijk systeem 'Gemeenschappelijke Inspectie Ruimte’ (GIR) geregistreerd zijn, zijn dit jaar bezocht. In de tabel (zie bijlage: Tabellen jaarrapportage GR 2023) is bij het ‘percentage inspectie t.o.v. de planning’ bij iedere gemeente 100 ingevuld. Anders gezegd, de productiviteitsdoelstellingen zijn behaald zonder dat er aanvullende maatregelen nodig waren. Ook zijn alle aanvullende inspecties uitgevoerd. Denk hierbij aan de Incidentele Onderzoeken (IO's) naar aanleiding van signalen/ meldingen, Nadere Onderzoeken (NO's) op basis van bevindingen uit de Jaarlijkse Onderzoeken (JO's) en de Onderzoeken Voor en Na Registratie (OVR/ONR) ten behoeve van nieuwe locaties. Gastouder inspecties Gemiddeld genomen is 90% van de gastouderinspecties uitgevoerd. Dit aantal is in lijn met de gemaakte afspraken met alle gemeenten. Daar waar er gedurende het jaar afwijkingen zijn ten opzichte van de steekproef (50% van het totaal aantal gastouders) is er overleg geweest met de betreffende gemeenten en zijn er nadere afspraken gemaakt. Afwijkingen zijn met name situaties waarin gedurende het jaar gastouders gestopt zijn met de opvang.

Opmerkelijk is het gegeven dat er 30% meer tijd nodig was voor het uitvoeren van een Incidenteel Onderzoek (IO) ten opzichte van de standaard van 4,5 uur per gastouderinspectie. Verantwoording ten opzichte van de inkoop Gemeenten hebben over het algemeen begin van het jaar ruimer ingekocht dan aan het eind van het jaar nodig bleek. Zoals bekend zijn er ieder jaar onzekere factoren, zoals aanvullende inspecties (IO's, NO's, OVR, ONR), die maken dat het op voorhand onmogelijk is om volledig dekkend in te kopen. Conform de meerjarenbegroting is dit het laatste jaar dat het verschil verrekend zal worden met de gemeenten. Vanaf 2024 wordt gerekend met een standaard 5% ‘verzekeringspremie’ boven op de inschatting van het totaal aantal benodigde inspecties. Deze verzekeringspremie is bedoeld om ruimte te bieden voor complexere onvoorziene situaties waar meer tijd voor nodig is. In 2023 hebben we per inspectie 6% meer tijd nodig gehad dan landelijke normen stellen. Opmerkelijk is dat er met name meer tijd nodig was bij het uitvoeren van de IO's (43%), NO's (16%), OVR (11%) en gastouder inspecties (8%). Dit gegeven is onderwerp van gesprek met andere GGD’en en het Landelijk Centrum Toezicht Kinderopvang van GGD GHOR Nederland. Afrekening In de tabel staat een overzicht van het gebruikte budget per gemeente.

De bedragen in de kolom ‘Verschil inkoop/gebruikt budget’ zijn de bedragen die met de gemeenten worden afgerekend. Totaal is er € 211.128,24 minder besteed dan is ingekocht. Gemiddeld is er 8% minder budget gebruikt ten opzichte van de inkoop. Dit is gelijk aan het percentage van vorig jaar (8%).

Pagina 26 van 50

Figuur 8: Gebruikt budget per gemeente 2023 ten behoeve van de afrekening toezicht kinderopvang Gemeenten Bedrag inkoop Bedrag Gebruikt budget Verschil Percentag 2023 (€) basisbegrotin 2023 (€) inkoop/ e verschil g 2023 (€) gebruikt t.o.v. de budget (€) inkoop Albrandswaard Barendrecht Capelle aan den IJssel GoereeOverflakkee Krimpen aan den IJssel Lansingerland Maassluis Nissewaard Ridderkerk Rotterdam Schiedam Vlaardingen Voorne aan Zee Totaal

44.513,00 105.659,32 181.077,00

46.680,00 123.228,00 156.220,00

32.856,51 87.766,40 153.389,55

11.656,49 17.892,92 27.687,45

26% 17% 15%

103.676,00

130.159,00

95.542,87

8.133,13

8%

62.613,00

78.618,00

49.258,64

13.354,36

21%

151.101,00 46.861,00 164.000,00 82.930,00 1.333.184,00 143.848,00 133.061,00 96.467,00

159.915,00 71.426,00 136.071,00 84.960,00 1.538.605,06 203.816,00 169.937,00 98.627,00

114.216,35 55.951,33 147.392,37 104.843,05 1.274.499,21 123.718,92 121.401,10 77.025,78

36.884,65 -9.090,33 16.607,63 -21.913,05 58.684,79 20.129,08 11.659,90 19.441,22

24% -19% 10% -26% 4% 14% 9% 20%

€ 2.648.990,32

€ 2.998.262,06

€ 2.437.862,08

€ 211.128,24

8%

De gemeenten Maassluis en Ridderkerk hebben te weinig ingekocht. In overleg met deze gemeenten zijn maatwerk afspraken gemaakt over de uitvoering van het toezicht om de overschrijding zo beperkt mogelijk te houden. Bij beide gemeenten zijn alle kinderopvanglocaties bezocht en is voldaan aan de wettelijke norm van 100%. De overige gemeenten hebben ruimer ingekocht en ontvangen een terugbetaling. De te ruime inkoop komt met name doordat er te veel incidentele onderzoeken (IO’s) en nadere onderzoeken (NO’s) zijn ingekocht. Deze inspecties zijn voor het grootste gedeelte onvoorspelbaar en worden ingekocht op basis van verwachting en historie. Zo was in 2023 de verwachting dat er meer incidentele onderzoeken (IO’s) en nadere onderzoeken (NO’s) nodig waren omdat er voor het eerst 50% van de gastouders (voorheen 5%, in 2022 20%) werden geïnspecteerd. Deze verwachting is niet uitgekomen. Ondanks dat er gemiddeld gezien 6% meer tijd besteed is per inspectie, zijn alle gemeenten, behalve Maassluis en Ridderkerk, binnen het budget gebleven (vanwege ruime inkoop).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14079516/1