bijlage 1. Conceptbegroting 2022-2025 GR IJsselgemeenten
Tekst van het document
Concept Begroting 2022-2025
Inhoud 1 Inleiding / leeswijzer............................................................................................................................. 3 2 Beleid voor de komende jaren ............................................................................................................. 4 2.1 Beleid en dienstverlening afdeling Sociale Zaken ............................................................... 4 2.2 Beleid en dienstverlening afdeling ICT ................................................................................... 8 2.2.1 Beleidsontwikkelingen ........................................................................................... 8 3 Financiële begroting ........................................................................................................................... 10 3.1 Begroting bedrijfsvoering Sociale Zaken .............................................................................. 10 3.2 Toelichting op de (wijzigingen in de) bedrijfsvoering Sociale Zaken ............................... 11 3.3 Begroting bedrijfsvoering ICT................................................................................................. 14 3.4 Toelichting op de (wijzigingen in de) bedrijfsvoering ICT ..................................................
14 3.5 Begroting uitvoeringskosten ICT .......................................................................................... 16 3.6 Toelichting op de (wijzigingen in de) uitvoeringskosten ICT ............................................. 16 3.7 Reserves en voorzieningen .................................................................................................... 18 3.8 Kredieten / Investeringen ........................................................................................................ 18 3.9 Meerjarenbegroting 2021-2025 ............................................................................................. 19 3.10 Overzicht van incidentele baten en lasten ......................................................................... 20 3.11 Overzicht van structurele mutaties in reserves ................................................................. 20 4 Paragrafen .......................................................................................................................................... 21 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ........................................................................ 22 4.2 Bedrijfsvoering ..........................................................................................................................
27 4.3 Financiering .............................................................................................................................. 29 5 Bijlagen ............................................................................................................................................... 31 5.1 Reserves en voorzieningen .................................................................................................... 31 5.1.1 Reserve ESF ........................................................................................................ 31 5.1.4 Voorzieningen ...................................................................................................... 31 5.2 Conversietabel Taakvelden ..................................................................................... 32
2
1 Inleiding / leeswijzer IJsselgemeenten is een gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Zuidplas. Op het onderdeel sociale zaken nemen alle drie de gemeenten deel. Voor het onderdeel ICT betreft de samenwerking Capelle aan den IJssel en Krimpen aan den IJssel. IJsselgemeenten is een bedrijfsvoeringorganisatie gericht op uitvoering van taken, ondersteuning en service op het gebied van ICT, de Participatiewet, minima en schuldhulpverlening. We gaan daarbij uit van het motto: Samen Durven Doen. Onze kernwaarden zijn: • • •
Professioneel Dienstverlenend Samenwerken
Programma’s De begroting is opgebouwd uit de programma’s Sociale Zaken en ICT & Automatisering en een aantal verplichte paragrafen. De programma’s geven informatie per ‘beleidsveld’. In de programma’s presenteren we de bedrijfsvoeringbudgetten van deze afdelingen en bieden we inzicht in de beoogde doelstellingen, de wijze waarop we de doelstellingen trachten te realiseren en het beschikbare budget. Elk programma biedt inzicht in de voorgestelde wijziging op de begroting met een toelichting daarop. Paragrafen De paragrafen geven een ‘dwarsdoorsnede’ van de begroting, bezien vanuit een bepaald perspectief en zijn hierdoor een belangrijke aanvulling op de informatie over de begroting. Hier treft u ook een geprognosticeerde balans, de verplichte financiële kengetallen en het EMU-saldo aan. Herziening BBV vanaf 2018 Het herziene BBV schrijft een indeling in uniforme taakvelden voor. Hiervoor hebben we in de bijlage een conversietabel opgenomen. Overgedragen regelingen in begroting van deelnemende gemeenten De baten en lasten van de uitkeringen, re-integratiemiddelen en dergelijke zijn een onderdeel van de begrotingen van de deelnemende gemeenten en treft u daarom niet in deze begroting aan. De inhoudelijke doelstellingen zitten dan ook in de begrotingen van de deelnemende gemeenten opgenomen.
Impact Coronacrisis De uitbraak van COVID-19 (Corona) eind februari 2020 heeft een enorme impact op ons allemaal. De wereldwijde pandemie leidt tot ongekende omstandigheden. Voor de aanpak van COVID-19 kijken wij wat we, aanvullend op de landelijk maatregelen van het Rijk, kunnen doen. Dit raakt de uitvoeringsterreinen van onze organisatie. We streven naar een zo adequaat mogelijke uitvoering van de landelijke en lokale maatregelen en naar zoveel mogelijk continuïteit van de reguliere werkzaamheden en van noodzakelijke (digitale) besluitvorming en hebben daarvoor de nodige interne maatregelen genomen. Wij zullen in 2021 de vinger aan de pols houden ten aanzien van de ontwikkelingen bij Sociale Zaken en ICT en het bestuur daarover in de bestuurrapportages en bestuursvergaderingen informeren. Indien er aanleiding is om het meerjaren beeld bij te stellen zullen we dit in het 3e kwartaal 2021 middels een begrotingswijziging aan u voorstellen.
3
2 Beleid voor de komende jaren 2.1 Beleid en dienstverlening afdeling Sociale Zaken IJsselgemeenten voert de Participatiewet en de Wet gemeentelijke schulphulpverlening uit voor Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Zuidplas. In dit samenwerkingsverband bedient Sociale Zaken IJsselgemeenten drie gemeenten in een gebied met ruim 140.000 inwoners in 59.000 huishoudens. Bijna 3.200 inwoners zijn op dit moment klant bij ons voor een bijstandsuitkering. In totaal leveren we onze dienstverlening aan zo’n 5.000 huishoudens, in de vorm van een uitkering, werk, participatie, bijzondere bijstand, schuldhulpverlening of fraudepreventie. Onze medewerkers verstrekken bijstandsuitkeringen en bijzondere bijstand en begeleiden burgers naar werk of maatschappelijk nuttige activiteiten. IJsselgemeenten verleent hulp aan inwoners in schuldsituaties en voert een actief beleid ten aanzien van het handhaven van de regels van een bijstandsuitkering. In de arbeidsmarktregio Rijnmond werkt IJsselgemeenten samen met de andere gemeenten, het UWV, werkgevers en het werkgeversservicepunt. De ambitie van IJsselgemeenten is om bij te dragen aan een samenleving, waar iedereen die kan werken, werkt naar vermogen of maatschappelijk actief is. We werken samen met werkgevers, werknemersorganisaties, onderwijs en overheden, met name lokaal, om deze ambitie te realiseren.
Waar het de aanpak versterkt, zoeken we de samenhang binnen het brede sociaal domein, bijvoorbeeld met de sociale wijkteams en de WMO afdelingen. Onze missie is: Staan voor inkomenszekerheid en samen werken aan een samenleving waarin iedereen meedoet. De belangrijkste prioriteit binnen het participatiebeleid is: richten op uitstroom naar werk zonder structurele ondersteuning en daarmee het beperken van het aantal uitkeringen en de uitkeringslasten. Sociale Zaken geeft invulling aan het maatschappelijk beleid voor de doelgroep van de Participatiewet voor de komende jaren. Deze invulling is een nadere uitwerking en invulling van de hoofdlijnen van het participatiebeleid zoals vastgesteld in de integrale beleidsnota´s sociaal domein van drie gemeenten. IJsselgemeenten is een uitvoeringsorganisatie die er als opdrachtnemer naar streeft binnen de gestelde budgettaire en beleidsmatige kaders haar activiteiten en taken uit te voeren. Strategisch beleid blijft de bevoegdheid van de gemeenteraden van de afzonderlijke gemeenten. Het beleid van de drie gemeenten is bijna volledig geharmoniseerd. Alleen enkele gemeentelijke minimaregelingen zijn nog verschillend. We voeren onze taken in principe uit met de huidige beschikbare middelen: de invoering maar vooral de uitvoering is en blijft een continu proces van belangen afwegen en gefundeerd keuzes maken.
De Participatiewet heeft voor veel mensen ingrijpende gevolgen, maar biedt ook kansen en uitdagingen. Hoe zorgen we er samen met werkgevers voor dat arbeidsbeperkten en statushouders aan de slag komen? Hoe zorgen we dat we de kwetsbaarste doelgroepen niet uit het oog verliezen? En, hoe zorgen we dat we ook zoveel mogelijk van onze inwoners zonder beperking aan de slag krijgen? 2020 stond uiteraard in het teken van corona en ook in 2021 speelt corona naar verwachting nog een grote rol. Het is daarom op dit moment erg lastig om goed in te schatten hoe 2022 er uit gaat zien. Hopelijk zijn alle beperkingen als gevolg van corona volgend jaar weer opgeheven en kunnen alle sectoren weer volop draaien. Dat zou immers een stijging van de werkgelegenheid betekenen. Vooralsnog gaan wij voor 2022 uit van dezelfde doelstellingen als die wij voor 2021 hanteerden.
4
Jaarlijks bespreekt Sociale zaken IJsselgemeenten met de drie deelnemende gemeenten het nieuwe Jaarplan. De gemeenten worden in de gelegenheid gesteld input en waar nodig kaders aan te geven voor dit jaarplan. Deze zijn voor het huidige en komende jaar min of meer gelijk en zijn als volgt in grote lijnen onderverdeeld: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Beperken van de instroom in de uitkering (poortwachtersfunctie). Prioriteit op uitstroom naar werk: Activering moeilijk bemiddelbare cliënten Hoogwaardig handhaven Bestrijden armoede en problematische schulden
IJsselgemeenten werkt samen met de lokale en regionale partners om bovenstaande kaders in te vullen en de dienstverlening optimaal vorm te geven. Werk boven uitkering De uitvoering van Sociale Zaken IJsselgemeenten heeft als doel zoveel mogelijk mensen aan het werk en uit de uitkering krijgen. ▪ ▪
▪ ▪
Alles wat we doen is erop gericht de zelfstandigheid van de inwoners van IJsselgemeenten te vergroten, met betaald werk als einddoel; Iedereen die een uitkering ontvangt doet iets terug voor de uitkering. Van klanten die (nog) niet kunnen uitstromen naar werk, wordt een bijdrage aan de maatschappij gevraagd. Dit kan in de vorm van re-integratie, activering, vrijwilligerswerk of mantelzorg. Ondersteuning vanuit IJsselgemeenten bij financiële problematiek en schulden en voorkomen dat onze inwoners de aansluiting met de maatschappij verliezen. Maximale inzet op het voorkomen van (onterecht) gebruik van de uitkering. Alleen wanneer personen recht hebben op een uitkering en er een noodzaak is voor het ontvangen hiervan, wordt de uitkering verstrekt. Ons streven hierbij is: streng aan de poort en ruimhartig in de voorzieningen.
Streven is het volume van het uitkeringsbestand te beheersen. Om dat te bereiken concentreren we ons op: ▪ Actieve inzet op uitstroom naar werk met telkens innovatieve maatwerktrajecten; ▪ Strenge en doortastende invulling van de poortwachtersfunctie. Blijvend investeren in kwaliteit en effectiviteit poortwachtersfunctie; ▪ Preventie op instroom vanuit de WW; ▪ Preventie en aanpak van het niet naleven van de verplichtingen bij de bijstand. Het motto dat hierbij wordt gehanteerd is: 'duidelijk en rechtvaardig'. Uitgangspunten ▪ Regie op het gebied van re-integratie en bemiddeling naar werk ligt bij IJsselgemeenten; ▪ Werk boven uitkering, Prioriteit op de uitstroom naar werk; ▪ Stimuleren eigen kracht en eigen verantwoordelijkheid; ▪ Uitgaan van mogelijkheden, niet van beperkingen, ook bij de nieuwe doelgroep van mensen met een functiebeperking; ▪ Bestrijding jeugdwerkloosheid blijft een belangrijke prioriteit. Jongeren leren of werken; ▪ Beperken van de instroom in de uitkering (poortwachtersfunctie); ▪ Alle klanten doen naar vermogen iets terug voor de uitkering; ▪ Hoogwaardig handhaven: vroegtijdig informeren, optimaliseren van de dienstverlening; controleren op maat en daadwerkelijk sanctioneren. Waarbij het evenwicht tussen repressie en preventie behouden blijft; ▪ Activering van klanten die nog niet kunnen uitstromen; 5
▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Moeilijk bemiddelbare klanten: verbinden, activering, dagbesteding, ontmoeting e.d. zo efficiënt en kostendekkend mogelijk; Inzet Beschut werk, gericht op klanten met de minste loonwaarde (0-30%); Klanten zonder uitkering: wel aanbod, met laag beroep op re-integratie middelen Regionale samenwerking en afstemming vindt plaats in het Werkgeverservicepunt Rijnmond. Lokaal blijft er ruimte om te doen wat al goed gaat; We blijven sturen op het rendement van instrumenten en trajecten. Actieve hulpverlening bij (dreigende) financiële problematiek.
Dienstverlening Sociale Zaken In de dienstverlening naar burger en werkgevers maken we heldere keuzes, de werkprocessen organiseren we zo ‘lean’ mogelijk, leggen we de nadruk op het vakmanschap van de medewerkers en het aangaan van samenwerkingsrelaties. Diensten en producten die anderen beter en goedkoper kunnen leveren laten we door hen uitvoeren. Wij zijn een netwerkorganisatie die samenwerkt met regionale maar met name met lokale partijen zoals sociale teams, woningcorporaties, schuldhulpmaatjes, welzijnsorganisaties, werkgevers en onderwijsinstellingen. De volgende wetten en taken worden voor de deelnemende gemeenten uitgevoerd. ▪ Participatiewet (Wwb, IOAW, IOAZ); ▪ Bbz1; ▪ Re-integratie en activering; ▪ Bijzondere bijstand; ▪ Minimabeleid; ▪ Schuldhulpverlening; ▪ Handhaving; ▪ Voorbereiding bezwaar en beroep; ▪ Inburgering, nieuwe wet vanaf 2021; ▪ Kinderopvang2; ▪ Wet op de lijkbezorging3; ▪ Voorlichting en Budgettering. Kaders: Uitgaven bijstand (I-deel) blijven binnen het aan de gemeenten toegekende rijksbudget. ▪ Bevorderen maatschappelijke participatie en re-integratie binnen budgettaire kaders. Doelstellingen: ▪ jongeren tot 27 worden begeleid naar opleiding/scholing waardoor zij uitstromen door het ontvangen van WSF. Wanneer scholing niet mogelijk is dan worden jongeren tot 27 jaar begeleid naar werk.
Het bestandsaandeel jongeren in de bijstand is lager dan 7%; ▪ 450 bijstandsgerechtigden stromen uit naar werk door bemiddeling van het Werkplein; ▪ 500 bijstandsgerechtigden met grote afstand tot de arbeidsmarkt in de FIP werkwijze; ▪ 400 bijstandsgerechtigden ontwikkelen zich een stap omhoog op de participatieladder; ▪ 150 bijstandsgerechtigden (10%) met grote afstand tot de arbeidsmarkt begeleiden naar het Werkplein ▪ Bevorderen kortdurend of deeltijdwerk tot minimaal 10% van het bestand ▪ 10 opstapbanen realiseren voor inwoners die meer dan 2 jaar bij het Werkplein bekend zijn.
1 Wordt uitgevoerd door RBZ Rotterdam 2
Beperkt tot bijzondere bijstand in deze kosten, staat los van toezicht
3 In Krimpen bij Publiekszaken ondergebracht
6
Doelstelling vanuit de regionale samenwerking en de garantiebanen: ▪ Voorheen namen wij een concrete doelstelling op met betrekking tot het aantal te realiseren garantiebanen. Door een wijziging in de financieringssystematiek vanuit het Rijk nemen wij voortaan geen doel meer op. In de nieuwe systematiek krijgen gemeenten namelijk financiering op basis van de daadwerkelijke realisatie. Gemeenten kunnen zo dus zelf bepalen hoeveel garantiebanen zij willen inzetten. Wij gaan met de drie gemeenten in gesprek over hun afzonderlijke wensen op dit punt. Financiën ▪ IJsselgemeenten streeft ernaar uit te komen met het beschikbare budget zoals opgenomen in de begrotingen van de drie gemeenten. ▪ IJsselgemeenten biedt medewerking en ondersteuning bij het indienen en onderbouwen van een aanvraag voor een eventuele Vangnetuitkering. ▪ IJsselgemeenten zet trajecten en ondersteuning in tot maximaal het door de gemeente vastgestelde bestedingsoverzicht voor re-integratie en activering. ▪ IJsselgemeenten maakt een prognose van de kosten voor komende jaren en maakt samen met de gemeenten werk van het terugdringen van uitgaven, in het bijzonder voor bijzondere bijstand. ▪ IJsselgemeenten neemt op grond van bestuurlijke afspraken voor minimaal € 312.000 trajecten/activiteiten af bij Promen.
7
2.2 Beleid en dienstverlening afdeling ICT 2.2.1 Beleidsontwikkelingen Algemene/landelijke ontwikkelingen Inwoners en ondernemers verwachten van hun gemeenten hetzelfde niveau van digitale volwassenheid als die de markt hen biedt. De digitale dienstverlening van de gemeenten moet, net als bij webwinkels, 24/7 beschikbaar en van hoge kwaliteit zijn. In combinatie met de dreigingen die vanuit de buitenwereld op digitale dienstverleners in het algemeen en gemeenten in het bijzonder afkomen zorgen deze verwachtingen voor de nodige uitdagingen die een grote impact hebben op de I-functie. Een I-functie die een steeds prominentere rol krijgt in de bedrijfsvoering en op termijn misschien net belangrijk is als de overige primaire processen als gevolg van in toenemende mate data gedreven te werken. De vragen uit de organisatie bepalen de mate en het tempo waarin die rol zich ontwikkelt. Deze vraagkant van de informatievoorziening, ligt bij de gemeenten. Wij vragen hen hun ambitie en wensen kenbaar te maken waarop ICT IJsselgemeenten als dienstverlener een antwoord en invulling formuleert. De technologie ontwikkelt zich sneller dan ooit tevoren. Voor zowel de gemeenten als voor een organisatie als IJsselgemeenten zijn er twee trends waarmee zij gezamenlijk te maken zullen krijgen. Allereerst is dat de digitale vaardigheid.
De steeds verdergaande vorm van digitalisering als ook de rappe ontwikkelingen op het gebied van nieuwe applicaties en het plaats- en tijdonafhankelijk werken maken dat we van onze medewerkers verwachten dat zij in staat zijn hier professioneel mee om te gaan en zelfredzaam te zijn. Niet alleen voor de huidige middelen maar ook voor nieuwe middelen die snel en zonder veel ondersteuning zullen verschijnen. Vervolgens zien de we de komende jaren steeds meer “disruptieve”, oftewel verstorende, ontwikkelingen. Dit geldt voor ieder gebied. Op technologisch gebied maar ook als het gaat om nieuwe vormen van dienstverlening en nieuwe bedrijfsmodellen. Er is lang niet altijd tijd en ruimte om zorgvuldige afwegingen en keuzes te maken. Soms is het niet meer de vraag of we het wel willen en kunnen, maar wanneer en hoe we het gaan regelen. Samen met de gemeenten zullen we hierin mee moeten gaan en er een antwoord op moeten hebben. [Intern, binnen onze organisaties, maar ook buiten, in hun gemeenten.] Het ontstaan van Uber en Airbnb, de kracht van sociale media heeft ons geleerd dat oude modellen niet meer werken en dat nieuwe ontwikkelingen niet tegen te houden zijn. De Covid-19-uitbraak is ook een voorbeeld van hoe snel en ingrijpend de manier van werken kan veranderen.
Vandaar dat de gemeenten nog meer dan ooit nadenken over de invulling die zij willen geven aan hun dienstverlening maar ook over hun visie op werken en het inzetten van hun belangrijkste assets: de mensen. Wij zullen gezamenlijk met hen onderzoeken wat hiervoor nodig is en hoe zij hier invulling aan wensen te geven. Hieruit volgt het informatiebeleid van de gemeenten. Dit informatiebeleid beschrijft de informatiebehoefte en de gewenste functionaliteiten. Een deel van het antwoord komt van ICT IJsselgemeente en is gebaseerd op architectuurprincipes. Deze architectuurprincipes zijn richtinggevend voor alle veranderingen (van klein tot groot) in onze informatievoorziening. Alle wijzigingen in de informatievoorziening worden getoetst aan deze principes. Voor het applicatielandschap zijn die gebaseerd op het gedachtengoed van Common Ground zoals dat is opgesteld en uitgewerkt door de VNG. Common Ground levert ons meer flexibiliteit en maakt het mogelijk nieuwe opgaven sneller en wendbaarder op te pakken om zo de dienstverlening verder te verbeteren. En hierbij schuiven meer en meer delen van onze infrastructuur richting de Cloud.
8
Op generiek niveau zijn de uitgangspunten: • Informatie – Open – Standaarden – Vertrouwd (privacy & security) • Datastructuur – Eenmalige vastlegging • Applicaties – Generiek en procesgericht – Component gebaseerd • Infrastructuur – Uniforme toegang – Standaardisatie werkplekken – Continuïteit en beschikbaarheid – Schaalbaarheid en flexibiliteit – Beheerbaarheid – Veilig Om invulling te geven aan de wensen van plaats- en tijdonafhankelijk werken zal ICT invulling geven aan de “slimme” werkplek. Een werkplek die voldoet aan de wensen en eisen van de gebruikers en die is voorbereid om altijd en overal te kunnen (samen)werken, zowel binnen de eigen organisatie als met mensen buiten de organisatie. Informatiebeveiliging De ICT-voorziening als geheel is voor de gemeente in toenemende mate bepalend voor het goed kunnen functioneren van de organisatie. Nagenoeg alle processen zijn gedigitaliseerd, e-mail is een onmisbaar communicatiemiddel, de hoeveelheid opgeslagen data bedraagt inmiddels ruim 170 TB die jaarlijks met ruim 21% groeit en onze medewerkers kunnen 24x7 plaats- en tijdonafhankelijk werken. Gezien de grote afhankelijkheid van ICT-voorzieningen is het noodzakelijk dat deze te allen tijde goed functioneren en beschikbaar zijn. Vanwege de voorgaande digitalisering wordt de impact van een verstoring, in welke vorm dan ook, ook steeds groter.
Daarnaast is het noodzakelijk de data die de gemeente in beheer heeft, waaronder een grote hoeveelheid privacygevoelige gegevens, goed te beschermen. Op vele fronten is inmiddels geïnvesteerd om de beschikbaarheid van de ICT-omgeving te verhogen c.q. de kans op uitval te verkleinen en informatie veilig te houden. De komende jaren blijven we echter hard werken aan het behalen van een nog hoger beveiligingsniveau. Daarvoor nemen we zowel maatregelen die de gebruikers raken als technische oplossingen op de werkplek en in het netwerk. Overige ontwikkelingen Om verdere invulling te geven aan de “slimme” werkplek en de gebruikers optimaal te ondersteunen in een flexibele manier van werken zullen er meer en meer applicaties naar de cloud verhuizen. Ook zal de gehele Microsoft lijn uitgerold worden waarbij samenwerkingsoplossingen zijn samengebracht in Office 365 en Teams. Dit is een voorbeeld van een disruptieve ontwikkeling, die aandacht vraag bij de organiseren en inrichten van reguliere werkprocessen en werkwijzen Niet meer een email die in een mailbox verschijnt bepaalt veelal het werk maar het samenwerken in een omgeving als Teams maakt dat de gebruiker de informatie moet ophalen en veel meer zelf aan zet is in het organiseren van het eigen werk en het werken met anderen samen.
9
3 Financiële begroting 3.1 Begroting bedrijfsvoering Sociale Zaken De begroting voor het onderdeel Sociale Zaken is als volgt: Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Werkplekvergoeding
1.296
1.311
1.331
1.331
1.331
1.331
Salarissen en inhuur / flexibele schil
9.557
10.106
10.105
9.883
9.883
9.883
Bedrijfsvoering Sociale Zaken
Stelpost cao (1,1%)
0
256
266
266
266
266
Ambtsjubilea en forensenvergoeding
136
100
100
100
100
100
Algemene kosten (Verzekeringen, lease, etc.)
281
124
200
200
200
200
Ondersteuning gemeente Capelle
457
494
494
494
494
494
Opleidingen
46
138
140
140
140
140
Overige (personeelskosten)
82
116
118
118
118
118
Accountantskosten
60
62
51
51
51
51
11.915
12.708
12.805
12.583
12.583
12.583
Baten ESF
0
150
150
0
0
0
Taakstelling opvangen ESF baat
0
0
0
150
150
150
Bijdrage gemeente Capelle
8.259
8.792
8.859
8.703
8.703
8.703
Bijdrage gemeente Krimpen
1.770
1.883
1.898
1.865
1.865
1.865
Bijdrage gemeente Zuidplas
1.770
1.883
1.898
1.865
1.865
1.865
Overige baten
116
0
0
0
0
0
Totale baten
11.915
12.708
12.805
12.583
12.583
12.583
Totaal lasten
Totaal saldo van baten en lasten
0
0
0
0
0
0
Mutaties reserve ESF
150
0
0
0
0
0
Geprognosticeerd resultaat
150
0
0
0
0
0
Bedrijfsvoering Sociale Zaken Aandeel gemeenten
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
7.282
7.809
7.925
7.873
7.873
7.873
977
983
934
830
830
830
Aandeel gemeente Capelle aan den IJssel
8.259
8.792
8.859
8.703
8.703
8.703
Bijdrage gemeente Krimpen aan den IJssel
1.624
1.735
1.761
1.750
1.750
1.750
146
148
137
115
115
115
Aandeel gemeente Krimpen aan den IJssel
1.770
1.883
1.898
1.865
1.865
1.865
Bijdrage gemeente Zuidplas
1.739
1.850
1.876
1.865
1.865
1.865
Bijdrage gemeente Capelle aan den IJssel Bijdrage uit participatiebudget
Bijdrage uit participatiebudget
Bijdrage uit participatiebudget
31
33
22
0
0
0
Aandeel gemeente Zuidplas
1.770
1.883
1.898
1.865
1.865
1.865
Totaal aandeel gemeenten
11.799
12.558
12.655
12.433
12.433
12.433
10
3.2 Toelichting op de (wijzigingen in de) bedrijfsvoering Sociale Zaken Onderstaand geven we een toelichting (op de wijzigingen). Salarissen en inhuur / flexibele schil Het salarisbudget is geraamd op het maximum van de functionele schaal inclusief werkgeverslasten. Dit betekent dat de personeelsbegroting 2022 gebaseerd is op de schaalbedragen en sociale lasten werkgever per 1 januari 2021. In de begroting hebben we geen budget voor inhuur opgenomen. Er is geen zichtbare stijging van de loonkosten in 2022 ten opzichte van 2021. In 2021 is er echter tijdelijke formatie uitbreiding met een arbeidsbemiddeling statushouder (70) om de uitstroom van anderstaligen te vergroten en een arbeidsbemiddeling arbeidsbeperkten (70) om het aantal plaatsingen van arbeidsbeperkten te vergroten, in totaal 140K. Tevens is er middels de 1e begrotingswijziging 2021 in 2021 en 2022 twee fte uitbreiding FIP-Aanpak (148) en één fte uitbreiding vrijwilligerscoördinator (74) opgenomen. Dit betreft een continuering van de in 2020 ingezette impuls. De kosten in 2022 zouden eigenlijk 140K lager moeten zijn. Gezien functieherwaarderingen en een stijging sociale lasten van totaal 140K is dit niet zichtbaar in bovengenoemd overzicht. Loonkosten: plus 1,1% De precieze loonmutatie voor 2022 en verder is nog niet bekend. De huidige Cao loopt niet verder dan 1 januari 2021. Voorlopig gaan we uit van 1,1%.
Dit is gebaseerd op de prijsmutatie beloning werknemers van overheden uit de Korte Termijnraming van het Centraal Planbureau (november 2020). Dit is overeenkomstig de uitgangspuntenbrief van de gemeente Capelle aan den IJssel. Bij de start van IJsselgemeenten is namelijk besloten de arbeidsvoorwaarden en loonontwikkeling van IJsselgemeenten te koppelen aan die van de gemeente Capelle aan den IJssel. Het personeel dat uit de deelnemende gemeenten is overgegaan, is in vaste dienst gekomen bij de GR. De stelpost bedraagt 266K. Dit is slechts 10K hoger ten opzichte van 2021, ondanks dat er voor 2021 nog geen cao is vastgesteld. Dat de stelpost slechts 10K hoger is komt doordat een deel van de structurele stelpost uit 2021 is opgegaan aan loonstijging door hogere premies. Algemene kosten De afgelopen jaren is er een overschrijding op de post algemene kosten. Dit betreffen kosten voor abonnementen, lidmaatschappen, benchmark Divosa, leasekosten, verzekeringen, bankkosten etc. Deze kosten zijn noodzakelijk voor de uitvoering van de werkzaamheden van de GR IJsselgemeenten, zijn structureel en niet beïnvloedbaar. Daarnaast zijn er ook incidentele uitgaven voor tolken, invordering, catering en transport, deze kosten vallen ook onder de algemene kosten.
De afgelopen jaren is het steeds gelukt om deze bedrijfsvoeringskosten ten koste van de beschikbare middelen voor scholing, opleiding en personeel af te dekken. Hierdoor zijn er echter minder middelen beschikbaar voor opleiding en scholing. Dit was incidenteel een oplossing, echter structureel niet wenselijk. Het budget is in de begroting, gebaseerd op de feitelijke reële uitgaven, met 76K opgehoogd ten op zichten van 2021. Ondersteuning gemeente Capelle De gemeente Capelle aan den IJssel ondersteunt op twee wijzen IJsselgemeenten: zij voorziet in de eerste plaats de kantoorhuisvesting voor IJsselgemeenten en daarnaast verzorgt zij de overheadtaken (zoals HR, financiële ondersteuning, inkoop, communicatie). IJsselgemeenten betaalt voor deze diensten aan Capelle respectievelijk een werkplekvergoeding en een bedrag voor ondersteuning, die gebaseerd zijn op een Dienstverleningsovereenkomst (DVO). Het DVO liep (loopt..) per 31 december 2021 af. De bedragen in deze begroting zijn gebaseerd op de huidige DVO waarbij de kosten voor de ondersteuning in deze periode gehandhaafd blijft op 5% van de loonsom. De kosten voor de huisvesting/werkplekken zijn in 2022 geraamd op 9.785 per fte. Deze kosten voor de werkplekvergoeding wordt geïndexeerd met de prijsmutatie overheidsconsumptie netto materieel, die het CPB in december van jaar T-2 doet voor het jaar T-1.
De uitkomst daarvan is in de begroting
11
verwerkt. Eventuele financiële consequenties van de nieuwe DVO zullen in een afzonderlijke begrotingswijziging worden aangeboden en verwerkt. Baten ESF In de (meerjaren)begroting is een structurele baat opgenomen uit hoofde van ESF-subsidie. Deze baat (150) kent een onzeker karakter; het is meer een streven om jaarlijks 150 aan ESF-baten te realiseren, dan een “harde” structurele subsidietoekenning. Het risico bestaat dus dat we de begrote baten niet geheel – voor het deel van de opgenomen ESF-baat van 150 – realiseren. Om dit risico af te dekken, doteren we een eventueel surplus in de reserve ESF. Het huidige project RRIA2 had een oorspronkelijke looptijd van 2017/2018, maar is verlengd met één jaar tot 2019. Pas in 2020 is de beschikking definitief vastgesteld. In de reserve ESF zit ultimo 2021, na de resultaatbestemming van 2020, een bedrag van 604. De conservatieve verwachting is dat RRIA2 751 aan subsidiebaten gaat opleveren. Naar verwachting is dit ruim voldoende om de geraamde ESF baten voor de jaren 2017, 2018 en 2019 af te dekken. In 2019 is het project afgerond. De financiële afwikkeling van de subsidieafrekening vindt in 2021 plaats. Over de jaren 2021 en 2022 worden momenteel geen baten verwacht vanuit een ESF traject.
Gegeven de hoogte van de huidige ESF reserve en het vertrouwen dat de opbrengst van RRIA2 niet tegenvalt, stellen we voor de begrote ESF baat voor de jaren 2021 en 2022 af te dekken uit de ESF reserve. Gegeven deze onzekerheid en risico’s van de structurele ESF baten nemen wij deze vanaf 2023 niet meer in de begroting op en is vooralsnog door middel van een taakstelling in de begroting opgevangen. Indien de bestemmingsreserve niet meer noodzakelijk is voor het oorspronkelijke doel en er geen initiatieven vanuit de bedrijfsvoering zijn voor de inzet van resterende middelen valt de reserve vrij en wordt op basis van de dan geldende verdeelsleutels aan de gemeenten gerestitueerd. Bijdrage gemeenten Capelle – Krimpen – Zuidplas (kostenverdeling 70:15:15) De kosten voor de bedrijfsvoering van de afdeling Sociale Zaken worden verdeeld over de gemeenten Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Zuidplas volgens een verhouding 70:15:15. Die verdeling is naar rato van de formatieomvang die beide gemeenten bij de oprichting van IJsselgemeenten in 2015 inbrachten. De verdeelsystematiek is zoals destijds is afgesproken na 3 jaar geëvalueerd (brief met kenmerk: 1073179). De conclusie is dat de huidige kostenverdeling (70:15:15) recht doet aan de feitelijke kosten die per gemeenten worden gemaakt.
Het is aan de deelnemende gemeenten om deze verdeling vast te stellen, vooralsnog hanteren we in de begroting 2022 opnieuw deze verdeling. Middelen implementatie Participatiewet Vanaf 2018 dragen de deelnemende gemeenten de middelen die zij in de algemene uitkering van het gemeentefonds ontvangen voor de implementatie en uitvoering van de Participatiewet bij. De middelen worden daarmee ingezet waarvoor ze zijn toegekend. Het budget middelen implementatie Participatiewet is in 2019 (1e begrotingswijziging) toegevoegd aan gemeentelijke bijdrage volgens de verhouding 70:15:15. Formatie ontwikkeling en taakstelling Het klantenbestand is in de jaren 2018 en 2019 significant afgenomen, maar is als gevolg van de ontwikkelingen als gevolg van Covid-19 weer boven het niveau bij de start van IJsselgemeenten. Daarnaast vergen de nieuwe doelgroep en de statushouders specifieke, intensievere en uitgebreidere begeleiding en ondersteuning dan het reguliere bestand. Voor de begeleiding van de nieuwe doelgroep is vanaf 2018 daarom ook structureel 1 fte toegevoegd. Deze uitbreiding is gefinancierd vanuit de middelen die hiervoor in de Participatiewet beschikbaar zijn gesteld. Voor de begeleiding van de statushouders wordt tijdelijk, tot eind 2021, 1 fte arbeidsbemiddelaar statushouders ingezet in verband met de grote groep anderstaligen en de komst van de nieuwe wet Inburgering per 2021.
Daarnaast is de nieuwe doelgroep “arbeidsbeperkten” vanaf 2015 gegroeid van 12
0 tot ruim 480. Daarvan heeft circa 1/3 deel een bijstandsuitkering en die tellen mee in het bestand. Echter is IJsselgemeenten voor de andere 320 wel wettelijk verplicht om begeleiding en ondersteuning te bieden. Voor de begeleiding naar werk van deze groep is extra inzet noodzakelijk en wordt er tijdelijk, tot eind 2021, 1 fte arbeidsbemiddelaars arbeidsbeperkten ingezet. In het vierde kwartaal van 2021 bekijkt IJsselgemeenten de omvang en toereikendheid van de formatie. Is de tijdelijk beschikbaar gestelde formatie nog steeds nodig of kan de behoefte aan aanvullende ondersteuning door verschuiving binnen de bestaande reguliere formatie kan worden gevonden, omdat er ruimte ontstaat door de daling van het bestand. Los van de formatie voor de nieuwe doelgroep, heeft er voor de aanzienlijke toename van het klantenbestand in de jaren tot 2018 geen structurele uitbreiding van de formatie plaatsgevonden. Vanwege de huidige omvang van het klantenbestand, de toegenomen behoefte aan begeleiding en ondersteuning van de huidige klanten en met name de nieuwe doelgroep en de statushouders was de in de begroting 2018 opgenomen taakstelling van 5 fte (380K) niet opportuun.
In de begroting is de taakstelling afgedekt door middel van een taakstellende ESF-baat en het beschikbaar stellen van de structurele middelen voor de implementatie van de Participatiewet vanuit de Algemene Uitkering die aanvullend ter beschikking zijn gesteld aan gemeenten. Gegeven de onzekerheid en risico’s van de structurele ESF-baten is het bestuur van IJsselgemeenten in overweging gegeven deze vanaf 2023 niet meer in de begroting op te nemen. Eventueel te realiseren baten kunnen dan in het vervolg als baat worden geboekt en aan de gemeenten worden gerestitueerd. De dekking voor het aframen van deze taakstellende ESF-baat kan gevonden worden in een verlaging van de formatie, mits de ontwikkeling van het klantenbestand dit toelaat.
13
3.3 Begroting bedrijfsvoering ICT De begroting voor het onderdeel ICT is als volgt: Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
327
332
336
336
336
336
Salarissen en inhuur / flexibele schil
2.697
2.774
2.695
2.695
2.695
2.695
Salarissen en inhuur / flexibele schil
0
41
41
41
41
41
Stelpost cao (1,1%)
0
64
67
67
67
67
Ambtsjubilea en forensenvergoeding
31
20
20
20
20
20
Algemene kosten (Verzekeringen, lease, etc)
22
12
12
12
12
12
Ondersteuning gemeente Capelle
125
129
135
135
135
135
Opleidingen
33
39
39
39
39
39
Overige (personeelskosten)
8
40
40
40
40
40
Accountantskosten
15
16
13
13
13
13
Totaal lasten
3.258
3.467
3.398
3.398
3.398
3.398
Bijdrage gemeente Capelle
1.887
2.080
2.039
2.039
2.039
2.039
Bijdrage gemeente Krimpen
1.258
1.387
1.359
1.359
1.359
1.359
Overige baten
113
0
0
0
0
0
Totale baten
3.258
3.467
3.398
3.398
3.398
3.398
Totaal saldo van baten en lasten
0
0
0
0
0
0
Geprognosticeerd resultaat
0
0
0
0
0
0
Bedrijfsvoering ICT Werkplekvergoeding
3.4 Toelichting op de (wijzigingen in de) bedrijfsvoering ICT Onderstaand geven we een toelichting op de wijzigingen. Salarissen en inhuur / flexibele schil Het salarisbudget is geraamd op het maximum van de functionele schaal inclusief werkgeverslasten. Dit betekent dat de personeelsbegroting 2022 gebaseerd is op de schaalbedragen en sociale lasten werkgever per 1 januari 2019. In de begroting hebben we geen budget voor inhuur opgenomen. De salarissen stijgen in 2022 verder met 126K, dit wordt veroorzaakt door herwaardering van diverse functies en stijging van de sociale lasten. Loonkosten: plus 1,1% De precieze loonmutatie voor 2022 en verder is nog niet bekend. De huidige Cao loopt niet verder dan tot 1 januari 2021. Voorlopig gaan we uit van 1,1%. Dit is gebaseerd op de prijsmutatie beloning werknemers van overheden uit de Korte Termijnraming van het Centraal Planbureau (november 2020). Dit is overeenkomstig de uitgangspuntenbrief van de gemeente Capelle aan den IJssel. Bij de start van IJsselgemeenten is namelijk besloten de arbeidsvoorwaarden en loonontwikkeling van IJsselgemeenten te koppelen aan die van de gemeente Capelle aan den IJssel. Het personeel dat uit de deelnemende gemeenten is overgegaan, is in vaste dienst gekomen bij IJsselgemeenten. De stelpost bedraagt 67.
Dit is slechts 3K hoger ten opzichte van 2021, ondanks dat er voor 2021 nog geen cao is vastgesteld. Dat de stelpost slechts 3K hoger is komt doordat een deel van de structurele stelpost uit 2021 is opgegaan aan loonstijging door hogere premies.
14
Toerekening loonkosten aan investeringen Met ingang van 2018 verplicht het BBV loonkosten toe te rekenen aan investeringen. Voor IJsselgemeenten betekent dit dat voor alle vaste activa de salariskosten die direct aan een actief zijn toe te rekenen moeten worden geactiveerd. Dit zijn structureel de loonkosten van 2,3 fte met schaal 10 en ½ fte met schaal 7. Het vrijgevallen budget zetten we in voor de kapitaallasten die de toerekening extra met zich mee brengt, inhuur en overige maatregelen om een inhaalslag te leveren. Het budget hebben we toegevoegd aan de post kapitaalasten en onderhoud. toerekenen loonkosten aan investeringen
2021
2022
2023
2024
2025
toename investeringen
182
182
182
182
182
eerste effect op exploitatie
-182
-182
-182
-182
-182
toename kapitaallasten
108
145
182
182
182
inhaalslag/intensivering onderhoud, etc.
74
37
0
0
0
totaal effect op exploitatie
0
0
0
0
0
Ondersteuning gemeente Capelle De gemeente Capelle aan den IJssel ondersteunt op twee wijzen IJsselgemeenten: zij voorziet in de eerste plaats de kantoorhuisvesting voor IJsselgemeenten en daarnaast verzorgt zij de overheadtaken (zoals HR, financiële ondersteuning, inkoop, communicatie). IJsselgemeenten betaalt voor deze diensten aan Capelle respectievelijk een werkplekvergoeding en een bedrag voor ondersteuning, die gebaseerd zijn op een Dienstverleningsovereenkomst (DVO). Het DVO loopt per 31 december 2021 af. De bedragen in deze begroting zijn gebaseerd op de huidige DVO waarbij de kosten voor de ondersteuning in deze periode gehandhaafd blijft op 5% van de loonsom. De kosten voor de huisvesting/werkplekken zijn in 2022 geraamd op 9.785 per fte. Deze kosten voor de werkplekvergoeding wordt geïndexeerd met de prijsmutatie overheidsconsumptie netto materieel, die het CPB in december van jaar T-2 doet voor het jaar T-1. De uitkomst daarvan is in de begroting verwerkt. Eventuele financiële consequenties van de nieuwe DVO zullen in een afzonderlijke begrotingswijziging worden aangeboden en verwerkt. Bijdrage gemeenten Capelle - Krimpen (kostenverdeling 60:40) De kosten voor de bedrijfsvoering van de afdeling ICT worden verdeeld over de gemeenten Capelle en Krimpen aan den IJssel volgens een verhouding 60:40.
Die verdeling is naar rato van de formatieomvang die beide gemeenten bij de oprichting van IJsselgemeenten in 2015 inbrachten. De verdeelsystematiek is zoals destijds is afgesproken na 3 jaar geëvalueerd (brief met kenmerk: 1073179). De conclusie is dat de huidige kostenverdeling (60:40) recht doet aan de feitelijke kosten die per gemeenten worden gemaakt. Het is aan de deelnemende gemeenten om deze verdeling vast te stellen, maar vooralsnog hanteren we in de begroting 2022 opnieuw deze verdeling.
15
3.5 Begroting uitvoeringskosten ICT De begroting uitvoeringskosten ICT is als volgt: Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
3.862
3.611
3.468
3.468
3.468
3.468
Onderhoud door IBKW en Krimpenwijzer
0
81
81
81
81
81
Onderhoud door toerekening loonkosten
0
74
37
0
0
0
1.166
1.079
1.081
1.081
1.039
1.027
0
22
22
22
22
22
-182
108
145
182
182
182
0
2
2
2
2
2
Totaal lasten
4.846
4.977
4.837
4.836
4.794
4.782
Bijdrage gem. Capelle (inwonersbijdrage)
3.010
2.953
2.856
2.856
2.827
2.819
81
81
81
81
81
81
Uitvoeringskosten ICT Onderhoud
Kapitaallasten Kapitaallasten door IBKW (zie baten) Kapitaallasten door toerekening loonkosten Rente langlopende lening
Aanvullende bijdrage gem. Capelle
1.319
1.327
1.284
1.283
1.270
1.266
Aanvullende bijdrage gem. Krimpen
10
10
10
10
10
10
Bijdrage gem. Zuidplas
114
114
114
114
114
114
Bijdrage derden
312
310
310
310
310
310
Bijdrage gem. Krimpen (inwonersbijdrage)
0
182
182
182
182
182
4.846
4.977
4.837
4.836
4.794
4.782
Totaal saldo van baten en lasten
0
0
0
0
0
0
Geprognosticeerd resultaat
0
0
0
0
0
0
Toerekening loonkosten aan investeringen Totale baten
3.6 Toelichting op de (wijzigingen in de) uitvoeringskosten ICT Onderstaand geven we een toelichting op de wijzigingen.
Onderhoudskosten De onderhoudskosten waren de afgelopen jaren toereikend. Het jaar 2020 was echter niet geheel representatief vanwege Covid-19. Hierdoor zijn activiteiten uitgesteld waardoor budgetten ook zullen opschuiven. Als gevolg van het besluit van de commissie BBV met betrekking tot de Materiële vaste activa (MVA) is het voor IJsselgemeenten vanaf 2019 niet meer toegestaan om implementatiekosten (personeel, advies, inhuur) voor SAAS oplossingen te activeren en daarmee de kosten daarvan middels kapitaallasten over meerdere jaren te spreiden. In het vervolg dienen deze kosten in het jaar waarop ze betrekking hebben volledig in de onderhoudskosten te worden opgenomen. Dit heeft een kosten opdrijvend effect op het toch al krappe onderhoudsbudget. Naast de verschuiving hierdoor van investering naar onderhoud, zien we in de praktijk dat he uitfaseren van bestaande (of oudere) applicaties problemen oplevert. Vak afdeling blijken steeds weer te moeten terugvallen op gegevens in de oude applicaties. Hierdoor zijner niet alleen de kosten van het beheer van de nieuwe applicaties maar tevens die van de oude applicaties. Dit vergt met name veel beheercapaciteit en databases die inde lucht moeten blijven en dus moeten worden betaald. Per 1 juli 2021 zullen we overgaan op een nieuwe licentiestructuur van Microsoft. Deze licentievorm is duurder dan voorheen.
De functionaliteiten zijn uitgebreider en we zullen op termijn ook andere applicaties kunnen afsluiten. Hier zal echter wel enige tijd overheen gaan. Ook is het aantal servers fors uitgebreid vanwege meer applicaties, meer opslag en zwaardere servers waardoor het aantal serverlicenties ook meer is en dus voor hogere kosten zorgt.
16
Op het moment dat deze begroting tot stand komt, is de Europese aanbesteding voor de licenties nog niet afgerond en kan nog niet worden aangeven wat de definitieve kosten voor de komende zes jaar zullen gaan zijn. De prijzen worden steeds door Microsoft aangepast (lees: verhoogd) en tevens zal de uplift van de licentie leverancier meespelen. Het blijven werken met de Microsoft omgeving is geen keus. Voor de comptabiliteit met de vak applicaties is dit een voorwaarde en ook uit oogpunt van beveiliging kan er niet voor een alternatief gekozen worden. Zodra er meer duidelijkheid is over de kosten komen wij hier in 2022 op terug middels een 1e begrotingswijziging 2022.
Kapitaallasten Onze strategie is “SAAS tenzij”. Dit sluit aan op de ontwikkelingen in de markt. De grootste leverancier van vak applicaties Centric, zet hier nu ook vol op in. Echter deze overschakeling kost nog enkele jaren voor hen. Wij willen de infrastructuur zoveel mogelijk in de cloud hebben en begin 2021 zal dan ook een deel van de office gebruikers over zijn Echter voordat alles als een SAAS (Software As A Service) oplossingen kan worden aangeboden zijn we vijf jaar verder. Dat betekent dat we de komende jaren dus een hybride omgeving hebben. Bovendien zien we daarnaast bij de huidige SAAS oplossingen (b.v. eSize, Motion, Financials, Topdesk) dat er ook nog veel zaken op onze eigen servers geïnstalleerd moeten worden, en moeten worden beheerd. De ervaring leert dat de SAAS oplossingen niet goedkoper zijn qua beheer en eigen hardware. Voor de jaren 2022 en verder zijn nog geen onvoorziene investeringen in beeld en er is dan ook sprake van een gelijkblijvend investeringsniveau voor de jaren 2022 en verder van 1,18 miljoen. De kapitaallasten zijn vanaf 2021 gecorrigeerd voor de effecten van het doorschuiven van de investeringen uit 2019 en de effecten van het besluit van de commissie BBV met betrekking tot Materiële vaste activa (MVA). Op deze wijze zijn de beschikbare kapitaallasten toereikend voor de noodzakelijke basisinvesteringen van de komende jaren.
Bijdrage gemeenten Capelle - Krimpen (kostenverdeling 69:31) De verdeling van de uitvoeringskosten ICT geschiedt op basis van de omvang van de gemeenten, geoordeeld naar het inwonertal. Concreet betekent dit, dat vanaf deze begroting 2018 een kostenverdelingspercentage voor Capelle en Krimpen aan den IJssel wordt aangehouden van respectievelijk 69 – 31. De verdeelsystematiek is begin 2019 geëvalueerd (brief met kenmerk: 1073179). De conclusie is dat de huidige kostenverdeling (69:31) voldoende basis biedt en de huidige verdeelsleutel adequaat is en er niet direct iets aan veranderd dient te worden. Het is aan de deelnemende gemeenten om deze verdeling vast te stellen, maar vooralsnog hanteren we in de begroting 2022 dus opnieuw deze verdeling.
Bijdrage derden Jaarlijks wordt het aantal gebruikers opnieuw bekeken alsmede de diensten en middelen en zal er bij meer/minder de bijdrage worden aangepast.
17
3.7 Reserves en voorzieningen
Reserves
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Stand per 1-1
604
454
604
604
604
604
Mutatie in het jaar
-150
150
0
0
0
0
Stand per 31-12 (inclusief afronding)
454
604
604
604
604
604
In de reserve (ESF) zit ultimo 2021, na de resultaatbestemming van 2020, een bedrag van 604 om de geraamde ESF baten in de komende jaren af te dekken.
3.8 Kredieten / Investeringen De investeringen beperken zich tot ICT. In de meerjarenbegroting houden we rekening met onderstaande investeringen.
Kredieten Krediet Aanvullende kredieten voor toerekening loonkosten (BBV)
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
1.044
1.391
1.000
1.000
1.000
1.000
182
182
182
182
182
182
1.226
1.573
1.182
1.182
1.182
1.182
Het investeringsbudget is in 2021 eenmalig hoger door uitgestelde en doorgeschoven investeringen veroorzaakt door Covind-19. Voor 2022 en verder is er weer een gelijkblijvend investeringsniveau van 1,18 miljoen.
18
3.9 Meerjarenbegroting 2021-2025 Onderstaande tabel geeft de meerjarenbegroting 2021-2025 weer. Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Lasten bedrijfsvoering Sociale Zaken
11.915
12.708
12.805
12.583
12.583
12.583
Lasten bedrijfsvoering ICT
3.257
3.465
3.398
3.398
3.398
3.398
Uitvoeringskosten ICT
Meerjarenbegroting
4.848
4.977
4.837
4.836
4.794
4.782
Totaal lasten
20.018
21.150
21.040
20.817
20.775
20.763
Aandeel gemeente Capelle aan den IJssel
13.237
13.905
13.835
13.679
13.650
13.642
Aandeel gemeente Krimpen aan den IJssel
4.357
4.606
4.551
4.517
4.504
4.501
Aandeel gemeente Zuidplas
1.884
1.997
2.012
1.979
1.979
1.979
Baten ESF
0
150
150
0
0
0
Taakstelling niet opnemen ESF baat
0
0
0
150
150
150
540
310
310
310
310
310
Bijdrage derden Toerekening loonkosten aan investeringen Totale baten
0
182
182
182
182
182
20.018
21.150
21.040
20.817
20.775
20.763
Totaal saldo van baten en lasten
0
0
0
0
0
0
Mutaties reserves
150
0
0
0
0
0
Gerealiseerd resultaat
150
0
0
0
0
0
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
12.260
12.922
12.901
12.849
12.820
12.812
977
983
934
830
830
830
Aandeel gemeente Capelle aan den IJssel
13.237
13.905
13.835
13.679
13.650
13.642
Bijdrage gemeente Krimpen aan den IJssel
4.211
4.458
4.414
4.402
4.389
4.386
146
148
137
115
115
115
Aandeel gemeente Krimpen aan den IJssel
4.357
4.606
4.551
4.517
4.504
4.501
Bijdrage gemeente Zuidplas
1.853
1.964
1.990
1.979
1.979
1.979
Bijdrage uit participatiebudget
31
33
22
0
0
0
1.979
1.979
20.133
20.122
Aandeel gemeenten in meerjarenbegroting
Bijdrage gemeente Capelle aan den IJssel Bijdrage uit participatiebudget
Bijdrage uit participatiebudget
Aandeel gemeente Zuidplas Totaal aandeel gemeenten
1.884
1.997
2.012
1.979
19.478
20.508
20.398
20.175
Het aandeel van de gemeenten bestaat uit de gemeentelijke bijdrage en de doorbelasting aan het participatiebudget. Voor de benodigde middelen voor re-integratie en participatie baseerden we ons altijd op de bedragen die het Rijk publiceerde. Vanaf 2021 is dit echter niet meer zichtbaar en vormen deze budgetten onderdeel van de algemene uitkering. Gedurende 2021 zullen we in overleg met de deelnemende gemeenten bekijken hoe het benodigde participatiebudget in de toekomst kan worden bepaald en op welke wijze het verwerkt wordt in de begroting van IJsselgemeenten.
19
3.10 Overzicht van incidentele baten en lasten Niet van toepassing.
3.11 Overzicht van structurele mutaties in reserves Niet van toepassing.
20
4 Paragrafen Dit hoofdstuk bevat de paragrafen die volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplicht opgesteld moeten worden. Voor de paragrafen van de begroting gelden de bepalingen van de artikelen 9 tot en met 16 BBV. Een aantal van deze paragrafen is voor IJsselgemeenten niet van toepassing. Niet van toepassing zijn de paragrafen: ▪ Lokale heffingen; ▪ Verbonden partijen; ▪ Onderhoud kapitaalgoederen; ▪ Grondbeleid. Deze zijn verder dan ook niet uitgewerkt. De volgende paragrafen zijn wel van toepassing: ▪ Weerstandsvermogen en risicobeheersing; ▪ Bedrijfsvoering; ▪ Financiering.
21
4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing FIN
Algemeen Artikel 11 lid 2 van het BBV geeft aan welke onderdelen de paragraaf moet bevatten, te weten een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, een inventarisatie van de risico’s en het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s. Daarnaast zijn we verplicht een aantal kengetallen op te nemen en de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie te beoordelen. Beleid Wij streven na om geen onnodige risico’s te lopen en, mits financieel verantwoord, zoveel mogelijk risico’s af te dekken door verzekeringen. Risico’s die niet worden afgedekt door een verzekering of een voorziening moeten worden opgevangen door de beschikbare weerstandscapaciteit. Definitie weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen of waar na het treffen van maatregelen nog restrisico’s overblijven. De verhouding wordt uitgedrukt in een ratio. Ratio weerstandsvermogen = de beschikbare weerstandscapaciteit : de risico’s. Definitie weerstandscapaciteit De middelen en mogelijkheden waarover men beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken.
Definitie van een risico De kans op het optreden van een gebeurtenis die zowel negatieve als positieve gevolgen kan hebben, waarvan de omvang thans onbekend is, maar waarvan de omvang substantieel kan zijn. Onder substantieel moet in dit verband worden verstaan een mogelijke schade en/of verlies van 50 of meer. Ook positieve risico’s vallen onder de definitie. Bij risico’s met een incidenteel karakter hanteren we een factor van 1. Voor risico’s met een structureel karakter hanteren we een factor van 4. Dat betekent dat de weerstandscapaciteit 4 maal zo groot moet zijn als het totaalbedrag aan structurele risico’s De weerstandscapaciteit per 1 januari 2021 bedraagt 604, te weten een reservering van 454 voor ESF in 2016 tot en met 2019 en 150 gerealiseerd resultaat 2020. De 150 is in 2021 gedoteerd aan de reserve ESF. Wij lopen het risico dat bij de vorming van reserves de Belastingdienst een aanslag vennootschapsbelasting oplegt. De Belastingdienst stelt namelijk in haar brief van 25 oktober 2018 (kenmerk 8544.42.996) dat wanneer er (structurele) overschotten worden behaald, er sprake is van een onderneming in fiscale zin. Om dit te voorkomen heeft het bestuur in de bestuursvergadering van 22 februari 2018 besloten gerealiseerde resultaten met de deelnemende gemeenten af te rekenen.
In 2020 hebben we de deelnemersbijdrage voor de kosten op basis van nacalculatie bepaald en is het begrote saldo van baten en lasten niet gelijk aan het gerealiseerde resultaat. Het totale gerealiseerde resultaat 2020 bedraagt 150. Dit bedrag is in 2021 gedoteerd aan de reserve ESF. Deze resultaatbestemming is gelijk aan de verwerkte onttrekking uit de reserve ESF in 2020. De toegepaste systematiek is in overeenstemming met de vastgestelde begroting. In de reserve ESF hebben wij over 2020 150 onttrokken ter dekking van de voor 2020 begrote opbrengsten (150). Per 31-12-2020 bedraagt de weerstandscapaciteit: 604.
22
Het gevolg van de werkwijze om te werken zonder algemene reserves en voorzieningen is dat eventuele onvoorziene en incidentele extra kosten door de deelnemende gemeenten opgevangen moeten worden omdat IJsselgemeenten niet over eigenstandig weerstandsvermogen beschikt . Risico ESF In 2018 hebben we een schatting gemaakt van de baten over 2018. De beschikking van het ESFproject Rria2 komt pas in 2021. In de (meerjaren)begroting is een structurele baat opgenomen uit hoofde van ESF-subsidie. Deze baat (150) kent een onzeker karakter; het is geen “harde” structurele subsidietoekenning maar meer een streven om jaarlijks 150 aan ESF-baten te realiseren. Het huidige project heeft een looptijd van 2017 tot en met medio 2019. Pas 2 jaar na einddatum van het project wordt de beschikking definitief vastgesteld. Voor de periode na 2019 hebben we op dit moment nog geen ESF-aanvraag kunnen indienen. De toegerekende ESF-baat in de jaarrekening 2019 is 216. Dit is 66 hoger dan de geraamde ESFbaat. Het surplus is gedoteerd aan de reserve ESF. In totaal is er nu voor Rria2 een verwachte baat opgenomen van 967 over de jaren 2017, 2018 en 2019. Op basis van het stelsel van baten en lasten en hetgeen is opgenomen in het BBV, zijn wij verplicht deze baten te nemen in deze jaren, maar het is zeer onzeker of deze ook daadwerkelijk (volledig) gerealiseerd zullen worden.
In de kaderbrief voor de Begroting 2021 is de overweging aan het bestuur meegegeven om, gegeven de onzekerheid en risico’s, de geraamde ESF-baten vanaf 2023 niet meer in de begroting op te nemen. Het risico bedraagt maximaal 150 per jaar voor de toekomstige jaren en eenmalig 967 (de tot en met 2019 toegerekende baat over Rria2), waarbij er (deels) dekking gevonden kan worden in de bestemmingsreserve ESF.
Risico Vennootschapsbelasting (Vpb) De Wet op de Vennootschapsbelasting stelt dat wij vanaf 1 januari 2016 onder de Wet op de Vennootschapsbelasting vallen voor zover de activiteiten niet vallen onder quasi-inbesteding (uitvoeren van diensten ten behoeve van de participerende gemeenten). Activiteiten die niet onder de quasi-inbesteding vallen, worden door de Belastingdienst beoordeeld op de criteria voor een onderneming (organisatie van kapitaal en arbeid in het economisch verkeer en winstgevendheid). De bepaling voor de vennootschapsbelasting wordt bepaald op basis van het behaalde resultaat. De standpunten die wij innemen zijn getoetst door de belastingdienst. De belastingdienst heeft voor de jaren 2016 als 2017 onze aangifte teruggedraaid naar nihil. De belastingdienst heeft in een brief op 25 oktober 2018 aangegeven dat in 2018 het IBKW een derde partij is die kan leiden bij winst tot een VPB aanslag. Dit houdt in dat wij over 2018 aangifte moeten doen, ongeachte het resultaat. Wij zullen in overleg treden met de belastingdienst over onze zienswijze van het IBKW als een aanverwante partij. Wanneer er door IJsselgemeenten diensten en/of goederen wordt geleverd voor een nieuwe partij, anders dan een lid van IJsselgemeenten, kan dit leiden tot een vennootschapsplicht. De inschatting van het risico op de Vpb is p.m.
23
Risico Omzetbelasting (OB) / BCF Ondanks de ontwikkelingen medio 2017 over het mogelijk vervallen van de koepelvrijstelling, is in brief van de belastingdienst niet aangegeven dat de vrijstelling van de GR gaat vervallen. Wij gaan er vanuit dat deze onder de huidige omstandigheden de vrijstelling voor de deelnemende gemeenten van kracht blijft. Wel is het belangrijk om uit voorzichtigheid het percentage van 10% van de totale omzet in de gaten houden als het gaat om werkzaamheden door derden. De inschatting van het risico op OB / BCF is p.m. Risico uitvoeringskosten ICT De kosten van onderhoud ICT zullen conform de markt licht stijgen en geïndexeerd moeten worden. In principe zullen we bij vervanging, en dus harmonisering, kiezen voor een oplossing in de Cloud, tenzij het financieel veel aantrekkelijker is om het wel aan te schaffen (on Premise). De echte gevolgen voor de budgetten op het gebied van investeren of exploitatie zullen de komende jaren pas echt duidelijk worden. De bijdrage per inwoner van de deelnemende gemeenten ligt lager dan het landelijk gemiddelde, het verschil is € 3 minder geworden dan de afgelopen jaren. Het betreft een verschil van +/- € 8 per inwoner. Op basis van dit verschil kan gesteld worden dat de bandbreedte van het risico 0 tot 1.680 is.
Weerstandscapaciteit Omdat IJsselgemeenten afgezien van de reserve ESF, geen weerstandscapaciteit heeft, komen alle nadelen als gevolg van de genoemde risico’s ten laste van de deelnemende gemeenten.
24
Geprognosticeerde balans 2021 – 2025 Realisatie 2020
2021
2022
Begroting 2023
2024
2025
Activa Va s te a ctiva Imma teri ël e va s te a ctiva Ma teri ël e va s te a ctiva Fi na nci ël e va s te a ctiva Totaal vaste activa
0 3.539 0 3.539
0 3.833 0 3.833
0 3.766 0 3.766
0 3.663 0 3.663
0 3.602 0 3.602
0 3.553 0 3.553
Vl ottende a ctiva Voorra den Ui tzetti ngen Li qui de mi ddel en Overl opende a ctiva Totaal vlottende activa
0 6.173 119 6.651 12.943
0 6.019 0 6.651 12.670
0 6.019 0 6.651 12.670
0 6.019 0 6.651 12.670
0 6.019 0 6.651 12.670
0 6.019 0 6.651 12.670
Totaal activa
16.482
16.503
16.436
16.333
16.272
16.223
Passiva Va s te pa s s i va Res erves Res ul taa t boekja a r Voorzi eni ngen Va s te s chul d Totaal vaste passiva
454 150 0 2.800 3.404
604 0 0 2.000 2.604
604 0 0 1.200 1.804
604 0 0 757 1.361
604 0 0 699 1.303
604 0 0 651 1.255
Vl ottende pa s s i va Vl ottende s chul d Overl opende pa s s i va Totaal vlottende passiva
11.405 1.673 13.078
12.226 1.673 13.899
12.959 1.673 14.632
13.299 1.673 14.972
13.296 1.673 14.969
13.295 1.673 14.968
Totaal passiva
16.482
16.503
16.436
16.333
16.272
16.223
Prognose meerjarenbalans
Toelichting geprognosticeerde balans De geprognosticeerde balans laat zien dat als gevolg van een gelijkblijvend investeringsvolume in ICT ten opzichte van de jaarlijks sluitende exploitatie naast het aantrekken van kort geld (vlottende passiva/kasgeldleningen) het aantrekken van een (nieuwe) lening (vaste passiva/opgenomen leningen > 1 jaar) bepekt noodzakelijk is. Financiële kengetallen vanuit BBV Het BBV heeft besloten om een aantal financiële kengetallen toe te voegen aan het jaarverslag om makkelijker inzicht te geven in de financiële positie. De kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel (financiële) ruimte IJsselgemeenten beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Ze geven inzicht in de financiële weerbaarheid en wendbaarheid. Kengetallen 1a . Netto s chul dquote 1b. Netto s chul dquote gecorr. voor a l l e vers trekte l eni ngen 2. Sol va bi l i tei ts ra ti o 3. Grondexpl oi ta ti e 4. Structurel e expl oi ta ti erui mte 5. Gemeentel i jke bel a s ti ngca pa ci tei t
Realisatie 2020 14,7% 14,7% 3,7% 0,0% 0,7%
25
2021 15,3% 15,3% 3,7% 0,0% 0,0%
2022 15,0% 15,0% 3,7% 0,0% 0,0%