2026-01-14 Beantwoording openstaande en aanvullende vragen SvK Omgevingsvisie
Tekst van het document
Beantwoording vragen raadsvoorstel Samen voor Krimpen | Omgevingsvisie 2025 | 14 januari 2026 Naar aanleiding van de beeldvormende vergadering heeft Samen voor Krimpen nog niet, of niet volledig, antwoord gekregen op de gestelde vragen. De onderstaande vragen zijn door Samen voor Krimpen gesteld. 1. Is onderzocht hoeveel mensen met de auto naar hun werk gaan? Kan het OV een overstap naar minder autogebruik überhaupt aan? Welke ideeën heeft u om het autogebruik in Krimpen te verminderen, en waarom denkt u dat de nieuwe visie ervoor zorgt dat meer mensen het OV gebruiken? Antwoord: In de Omgevingsvisie is geen nieuw kwantitatief onderzoek opgenomen naar het huidige autogebruik van woon-werkverkeer. Daarvoor wordt aangesloten bij bestaande analyses uit onder meer de Verkeer- en Vervoersvisie van Krimpen aan den IJssel en regionale mobiliteitsstudies. Uit die visie blijkt dat Krimpen een sterke auto-oriëntatie kent, mede door de ligging en de afhankelijkheid van de Algerabrug. Tegelijkertijd is vastgesteld dat het OV op regionaal niveau aanwezig is, maar dat verbetering van snelheid, betrouwbaarheid en overstapmogelijkheden nodig is om een reëel alternatief te vormen.
De Omgevingsvisie zet daarom in lijn met de verkeer- en vervoersvisie in op een samenhangend pakket van maatregelen: betere fietsverbindingen, aantrekkelijke OV-knooppunten, verdichting rond voorzieningen en het combineren van wonen, werken en voorzieningen op kortere afstanden. 2. In de Omgevingsvisie staan plannen voor het Hart van Krimpen. Nu blijkt dat sommige dingen, zoals het verhuizen van de bibliotheek veel geld gaat kosten. Zitten we dan niet te veel vast aan deze plannen als er straks tegenvallers komen? Antwoord: De Omgevingsvisie bevat geen uitgewerkte investeringsbesluiten, maar beschrijft ambities en ontwikkelrichtingen op hoofdlijnen. Concrete projecten, zoals de mogelijke verplaatsing van de bibliotheek, worden afzonderlijk uitgewerkt (inclusief financiële onderbouwing) en door de gemeenteraad beoordeeld. De omgevingsvisie legt daarmee geen onomkeerbare verplichtingen vast, maar biedt een kader waarbinnen keuzes kunnen worden gemaakt. De gemeenteraad behoudt bij ieder afzonderlijk project zijn budgetrecht en afwegingsruimte. 3. Kunt u toelichten waarom in de beantwoording van de zienswijze inwoners (3.3) wordt doorverwezen naar de projectleider gebiedsvisie, terwijl het onderwerp al wel is opgenomen in de omgevingsvisie? Antwoord: De ontwikkeling van het betreffende gebied loopt in tijd parallel aan het opstellen van de Omgevingsvisie.
Hierin is de hoofdlijn en het beleidskader opgenomen, maar de ruimtelijke en programmatische uitwerking vindt plaats in een aparte Gebiedsvisie die dit later dit jaar aan uw gemeenteraad wordt voorgelegd. Daarom is voor de beantwoording van detailvragen verwezen naar de projectleider van die Gebiedsvisie waar het onderwerp concreet en integraal wordt uitgewerkt. 4. Wat wordt er bedoeld met de Oostelijke ontsluitingsroute bij het gebied Toepad die de inwoners als alternatief aandragen? Waar zou die route dan lopen? Antwoord: De door inwoners genoemde oostelijke ontsluitingsroute betreft een alternatief voor de huidige verkeersontsluiting van het gebied Toepad. Deze is bedoeld om verkeersstromen anders te spreiden. De precieze ligging, ruimtelijke inpassing en verkeerskundige effecten maken
1 van 2
onderdeel uit van het onderzoek in het kader van de Gebiedsvisie Toepad en worden daar verder verkend. 5. Hoe is het eigendom verdeeld van het gebied Toepad? Antwoord: De kadastrale verdeling en de gevolgen daarvan voor ontwikkelmogelijkheden en fasering worden in kaart gebracht in het kader van de Gebiedsvisie Toepad. Deze detailuitwerking valt buiten de scope van de Omgevingsvisie die zich beperkt tot de strategische koers en hoofdlijnen.
2 van 2