CConstaterende datKrimpen Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-10-15 RIB Opvolging motie Investeringen

Gemeenteraad 7 november 2024, gemeente Krimpen Ad IjsselBij agendapunt: Raadsvoorstel Begroting 2025956 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF De leden van de raad Postbus 200 2920 AE KRIMPEN AAN DEN IJSSEL

Beste leden van de raad, Bij de behandeling van de kadernota op 11 juli 2024 heeft u de motie Investeringen aangenomen. In de motie vraagt u het college om “In het voorbereiden van de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 investeringen te wegen op nut, noodzaak en urgentie” en daarover separaat te rapporteren. In deze raadsinformatiebrief lichten wij toe hoe we bij het voorbereiden van de begroting 2025 aan deze motie invulling hebben gegeven. Tijdens de raadsvergadering hebben wij u, in reactie op de tekst van de motie, al aangegeven dat we ons in het begrotingsproces richten op planoptimalisatie. Het maken van (inhoudelijke) keuzes volgt, ook als het om investeringen gaat, in het bezuinigingsproces richting kadernota en begroting 2026. Meerjarige investeringsplanningen De investeringen in de gemeentebegroting betreffen voor het overgrote deel vervangingsinvesteringen. Deze worden geraamd en gepland op basis van het Beheerplan Openbare Ruimte (BOR), het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs en Binnensport (IHP) en het Strategisch Huisvestingsplan (SHP). Onder deze meerjarenplannen liggen door de raad vastgestelde uitgangspunten, die wij op dit moment (nog) niet ter discussie stellen. Beheer openbare ruimte Over de planning van (vervangings)investeringen in de openbare ruimte heeft u onlangs een raadsinformatiebrief ontvangen.

Daarnaast hebben wij u in een raadsvoorstel gevraagd in te stemmen met een nieuwe werkwijze Meerjarenplanning Openbare Ruimte. In die documenten is toegelicht hoe de ramingen tot stand komen en hoe de wisselwerking tussen programma en bestemmingsreserve functioneert. Bij het actualiseren van de meerjarenplanning zijn herprioritering en realistisch plannen nadrukkelijk aan de orde geweest. De vastgestelde uitgangspunten zoals de kwaliteit van het rioolstelsel en de mate van verzakkingen, die zijn vastgelegd in beleidsdocumenten, zijn niet ter discussie gesteld. Het resultaat is een uitvoerbare en realistische planning waarin rekening is gehouden met langere doorlooptijden van projecten. In de raadsinformatiebrief over de planning is dat verder toegelicht. De doorlooptijden van projecten zijn op basis van ervaringscijfers verlengd. Hierdoor is in vergelijking met de in de kadernota opgenomen investeringen sprake van een verlaging van de kapitaallasten, die verrekend wordt met de storting in de reserve investeringen maatschappelijk nut buitenruimte. Het effect op de begroting is dus neutraal.

Ondanks de doordachte wijze van plannen en ramen zijn de komende jaren hogere investeringsbedragen nodig dan in voorgaande begrotingen, vanwege gestegen kosten en de technische noodzaak om vervangingsinvesteringen doorgang te laten vinden. Onderwijs en binnensport Het IHP is kort voor het opstellen van de kadernota nog geactualiseerd met de laatste (realistische) inzichten en afspraken met schoolbesturen. Ook hier geldt dat de vastgestelde uitgangspunten zijn gevolgd. Op basis van het raadsvoorstel over de nieuwbouw van Mozaïek en Octaaf inclusief gym/sportzalen start de afschrijving van deze investeringen later. In de ramingen die in de begroting zijn opgenomen is het extra zaaldeel nog opgenomen. Het amendement dat op 26 september is aangenomen hebben wij niet meer in de begroting kunnen verwerken. De eventuele vervolggesprekken met het Comeniuscollege en de Koelmanschool starten wij pas na de kadernota 2026. Maatschappelijk vastgoed Het strategisch huisvestingsplan (SHP) is vastgesteld in de raadsvergadering van 30 mei 2024 en bevat naast het maatschappelijk vastgoed in gebouwen ook de buitensportaccommodaties. Het verschilt van het BOR en het IHP omdat de meeste vervangingsinvesteringen die erin zijn opgenomen, nog niet in de meerjarenbegroting zijn vertaald. Daar moeten nog besluiten over worden genomen.

Het voorbereiden van die besluiten in scenario’s loopt gelijk op met de bezuinigingsopgave richting de kadernota 2026. De geplande investeringen in maatschappelijk vastgoed die al wel zijn opgenomen zijn nogmaals doorgelicht. Dat heeft geleid tot een beter uitgesmeerde planning waarin enkele projecten in de tijd zijn opgeschoven. De effecten hiervan zijn per saldo beperkt. Activeren en afschrijven van ambtelijke inzet Bij de kadernota hebben wij u voorgelegd dat ambtelijke inzet voortaan direct moet worden toegerekend aan investeringen. In de nota vaste activa wordt dit in beleid vertaald. Dat betekent minder personeelslasten in de begroting, maar op termijn oplopende afschrijvingslasten. De positieve effecten van herprioriteren en realistisch plannen worden hierdoor enigszins gedempt. Wijziging afschrijvingstermijnen In de nota vaste activa, die is geagendeerd voor de raadsvergadering van 17 oktober 2024, is een wijziging van de afschrijvingstermijnen voor vastgoed opgenomen. Voortaan wordt vastgoed in 50 jaar afgeschreven. Voor begraafplaatsen wordt dit zelfs met terugwerkende kracht ingevoerd, dus ook voor lopende afschrijvingen. De langere afschrijvingstermijn heeft een voordelig effect op de begroting.

Effecten financieringsbehoefte Bij het doorlichten van de lopende en geplande investeringen is ook gekeken naar de verwachte geldstromen en de daaruit af te leiden financieringsvraag. De doorlooptijd van investeringen is daarbij nauwkeuriger afgestemd op projectplanningen en ervaringsgegevens. Op basis van de geactualiseerde liquiditeitsprognose zijn de komende meerjarenperiode minder leningen nodig dan waar in de kadernota mee werd gerekend. De verlaging van de rentelasten wordt in de begroting meegenomen. Weergave afschrijving en rente De motie Investeringen bevat ook een oproep om in de begroting, en bij elk raadsvoorstel, bij de investeringen de afschrijvingskosten en rentelasten op te nemen.

Dat is geen verandering ten opzichte van de huidige werkwijze. Bij ieder investeringsvoorstel wordt ook nu al rekening gehouden met de kapitaallasten die daarmee gemoeid zijn. Ook bij aanpassing van benodigde krediet vindt herberekening van de jaarlijkse kapitaallasten plaats. De kapitaallasten betreffen immers het gevolg van de investering voor de begroting, waarvoor dekking moet worden geregeld. Uit de motie leiden wij af dat dit voor uw raad niet altijd voldoende duidelijk uit de voorstellen blijkt. We zullen daarom voortaan de afschrijving en rente nadrukkelijker in samenhang met de investering(swijziging) presenteren. In de begroting 2025 hebben wij dat gedaan door in het overzicht van investeringen in de financiële begroting ook de kapitaallasten te vermelden.

Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Krimpen aan den IJssel, De secretaris, De burgemeester,

Mr. A. Boele

J.J. Luteijn

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14640667/1