2024-09-11 Reactie projectleider op Brief inwoner over raadsvoorstel Herontwikkeling Crimpenersteijn dd 02092024
Tekst van het document
Beste griffier, Namens de projectleider ‘project Crimpenersteyn’ onderstaande reactie op de ‘Brief inwoner over Raadsvoorstel herontwikkeling Crimpenersteijn’ d.d. 2 september jl. Participatie In januari 2023 heeft de gemeenteraad de stedenbouwkundige kaders voor de herontwikkeling van Crimpenersteyn vastgesteld. Deze stedenbouwkundige kaders zijn na intensieve participatie tot stand gekomen. In deze kaders zijn de hoofdlijnen voor de herontwikkeling vastgelegd. Op basis van deze stedenbouwkundige kaders is het planvoornemen van De Zellingen uitgewerkt in het voorliggende bestemmingsplan. Doordat de hoofdlijn voor de herontwikkeling vastgelegd is in het stedenbouwkundig kader, is de wijze van participatie gewijzigd. Bijkomende factor is dat er in het proces om tot het stedenbouwkundig kader met vertegenwoordigers van de buurt is gesproken welke op dat moment eensgezind leken over de herontwikkeling van Crimpenersteyn. Na vaststelling van de stedenbouwkundige kaders hebben zich meerdere omwonenden gemeld met andere (tegenstrijdige) belangen. Doordat er sprake was van twee tot soms drie tegenstrijdige belangen, is er anders omgegaan met participatie dan toen er sprake was van eensgezindheid in de buurt. Hierdoor zijn overleggen met buurtbewoners gebruikt om belangen en wensen op te halen en deze input is gebruikt als input voor integrale belangenafwegingen.
Omwonenden hebben vervolgens terugkoppeling ontvangen van gemaakte keuzes. Door tegenstrijdige belangen is het lastiger geweest om alle input te kunnen inwilligen. Het college van B&W is van mening dat vanuit de Initiatiefnemer (De Zellingen) en vanuit de gemeente er een zorgvuldig en uitgebreid participatieproces is doorlopen. Na de vaststelling van het stedenbouwkundig kader heeft de participatie een andere vorm gekregen. Het gehele participatieproces heeft een hele grote rol gespeeld in het tot stand komen van voorliggend bestemmingsplan. In de afgelopen 18 maanden hebben er drie buurtbijeenkomsten op Crimpenersteyn plaatsgevonden, hebben er op circa tien momenten gesprekken plaatsgevonden tussen diverse buurtbewoners, De Zellingen en de gemeente en hebben omwonenden zienswijzen kunnen indienen op het ontwerpbestemmingsplan en is er met diverse bewoners regelmatig mail- en telefonisch contact geweest. Sindsdien zijn er diverse inhoudelijke aanpassingen gedaan , mede naar aanleiding van het participatieproces waaronder: - De ligging van ontsluitingen van het plangebied - Het behoud van groen en bomen; - De ligging van het gebouw ‘Wonen met een plus’ (waarvoor in het stedenbouwkundig kader een zoekgebied was aangeduid); de inrichting van de buitenruimte.
Daarnaast heeft De Zellingen op verzoek van omwonenden aanvullend onderzoek uitgevoerd naar windhinder, parkeren en het behoud van groen en bomen. Bouwvlak De gemeente Krimpen aan den IJssel hanteert bij nieuwbouwprojecten de vuistregel dat de afstand tussen nieuwbouw en bestaande woningen minimaal tweemaal de hoogte van de te realiseren bebouwing moet bedragen. Deze vuistregel is bedoeld om het dorpse karakter van Krimpen te waarborgen. Bij de vaststelling van het stedenbouwkundig kader in januari 2023 heeft de raad besloten op een paar punten af te wijken van deze vuistregel. Ter plaatse van de IJsselaak wordt echter niet afgeweken van deze regeling. In dit gedeelte van het plangebied is de
huidige situatie maatgevend. In de huidige situatie geldt al tien tot tientallen jaren voor het gehele Crimpenersteyn een maximale bouwhoogte van 15 meter. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet op deze locatie in een maximale bouwhoogte van 13 meter. In vergelijking met de huidige toegestane situatie neemt de maximale bouwhoogte op deze locatie met 2 meter af, waarbij de afstand tussen de woningen en de nieuwbouw niet verkleind wordt. Aan (noord)oostzijde van het plangebied wordt de gevellijn van het bestaande Crimpenersteyn gerespecteerd. In het stedenbouwkundig kader is de zichtlijn vanaf het Zandrak naar het park vastgelegd. De bebouwingsvrije ruimte zorgt voor een doorzicht tussen gebouwen A en B vanaf het Zandrak naar het park in de richting van de Sportsingel. In het bestemmingsplan is rondom de beoogde gebouwcontour een marge van 1,0 tot 2,5 meter aangehouden om flexibiliteit te bieden voor eventuele verschuivingen in de nadere uitwerking. Deze marge zorgde er ter plaatse van de zichtlijn echter voor dat mogelijke bebouwing de zichtlijn zou doorkruisen. In het voorliggende bestemmingsplan is het bouwvlak daarom ‘afgevlakt’ om de bebouwingsvrije zone te waarborgen en is met minder marge genoegen genomen. Vooralsnog is het de bedoeling dat de toekomstige bebouwing ruimschoots binnen de bouwvlakken uit het voorliggende bestemmingsplan gerealiseerd zal worden.
In het stedenbouwkundige kader is de (globale) ligging van de gebouwen en de maximale bouwhoogte vastgelegd. Binnen het stedenbouwkundig kader is er enige mate van vrijheid om te schuiven met de ligging van de gebouwen. Op basis van het stedenbouwkundig kader dient de bestaande gevellijn van het huidige Crimpenersteyn aan de IJsselaak/Plechtaak gerespecteerd te worden alsmede de rooilijn van de westzijde van het Zandrak. Daarnaast dienen de gebouwen niet verder het park in te schuiven. Tot slot dient de zichtlijn naar het park gerespecteerd te worden. Het afgelopen anderhalf jaar heeft De Zellingen de gebouwen verder uitgewerkt naar een voorlopig ontwerp. Sindsdien zijn ook gebouwontwerpen gemaakt en is daadwerkelijk inzichtelijk gemaakt waar verschillende ruimtes in het gebouw komen en op welke wijze de gebouwen ingericht kunnen worden zodat De Zellingen in haar gebouwen optimaal zorg kan verlenen. Sinds de plattegronden gemaakt zijn, is ook inzichtelijk hoe lang en hoe breed gebouwen dienen te worden. Daarbij speelt ook de fasering voor de Zellingen een rol. In de toekomst wordt een deel van het gebouw gesloopt en een deel van het gebouw gehandhaafd. Hierbij is het onwenselijk dat bijvoorbeeld bouwwerkzaamheden op zeer beperkte afstand van bestaande woningen van Crimpenersteyn uitgevoerd worden.
Daarmee is de feitelijke ligging van gebouwen onder andere bepaald om overlast voor bewoners en omwonenden te beperken. Voor gebouw A heeft dit ertoe geleid dat de gevels dichter bij het Zandrak komen te liggen dan op basis van de indicatieve schetsen uit het stedenbouwkundig kader is weergegeven. Dit is ook de enige plek binnen het stedenbouwkundig kader waarbinnen verschuivingen voor gebouw A en gebouw B plaats kunnen vinden. Verschuivingen naar andere richtingen voor deze gebouwen zijn binnen het stedenbouwkundig kader niet mogelijk in verband met de afstand tot bestaande woningen (oostzijde), het handhaven van het park (aan de zuidzijde) en het respecteren van de zichtlijn (westzijde). Aan de noordzijde wordt de bestaande gevellijn aan het Zandrak behouden en wordt voldoende ruimte aangehouden ten behoeve van de zichtlijn Zandrak-park. Het voorliggende bestemmingsplan respecteert daarmee het stedenbouwkundig kader. Parkeren Op het ontwerpbestemmingsplan zijn door omwonenden zienswijzen ingediend. In deze zienswijzen is onder andere aandacht gevraagd over het parkeren rondom de te realiseren
gebouwen. Aangezien parkeerproblematiek tot veel zorgen in de buurt leidt, heeft De Zellingen naar aanleiding van de ingediende zienswijzen aanvullend onderzoek laten uitvoeren door een onafhankelijke deskundige naar de parkeerbehoefte van het nieuwe Crimpenersteyn. Dit onderzoek is ambtelijk getoetst en akkoord bevonden. Uit dit onderzoek blijkt dat er als gevolg van de nieuwbouw 27 extra parkeerplaatsen toegevoegd moeten worden aan het plangebied. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in de realisatie van 27 extra parkeerplaatsen in de beoogde situatie. Het onafhankelijke deskundige parkeeronderzoek is tevens als bijlage bij het vast te stellen bestemmingsplan gevoegd. In de beantwoording van de zienswijze wordt inderdaad gesproken over de 28 inpandige parkeerplaatsen die in de toekomstige openbare ruimte één-op-één gecompenseerd worden. Dit naar aanleiding van de ingediende zienswijze van de schrijver van de brief dat de inpandige parkeergarage van Crimpenersteyn, naar eigen zeggen, op dit moment maar voor maximaal 50% wordt gebruikt. In de toekomstige situatie is er geen sprake meer van inpandige parkeerplaatsen en zijn alle parkeerplaatsen openbaar toegankelijk. Hierdoor kunnen deze parkeerplaatsen meer efficiënt benut worden dan in de huidige situatie het geval is.
Aanvullend op de benodigde 27 extra te realiseren parkeerplaatsen worden 28 inpandige parkeerplaatsen, die op dit moment inefficiënt gebruikt worden, openbaar toegankelijk. Dit leidt tot een aanvullende positieve bijdrage aan de parkeerdruk, maar staat los van de minimaal 27 extra parkeerplaatsen die De Zellingen moet realiseren als gevolg van de nieuwbouw. Tot slot geldt dat het voorliggende bestemmingsplan voorziet in een initiatief van De Zellingen. Een eventueel tekort aan parkeerplaatsen in de omgeving, bijvoorbeeld als gevolg van gewijzigd autogebruik, kan niet opgelegd worden aan De Zellingen en staat daarmee los van deze opgave. Bereikbaarheid W+ gebouw Het ontwerpbestemmingsplan voorzag in de realisatie van ontsluitingen op het Zandrak, de Boveneindselaan en op de IJsselaak. Diverse omwonenden hebben zorgen geuit over de kans op sluipverkeer die deze ontsluitingen met zich meebrengt. Het ambtelijk apparaat van de gemeente heeft richting De Zellingen aangegeven dat het nieuwe Crimpenersteyn bij voorkeur ontsloten moet worden op het Zandrak zoals nu ook het geval is. Ontsluitingen op de Boveneindselaan en de IJsselaak hadden daarbij niet de voorkeur, maar zijn acceptabel indien er geen passend alternatief voorhanden is. Op basis hiervan en op basis van de ingediende zienswijzen is eerst de ontsluiting op de IJsselaak komen te vervallen.
Op een later moment is ook de ontsluiting op de Boveneindselaan komen te vervallen waarbij het verkeer afgewikkeld wordt via het Jan van Zutphenhof richting het Zandrak. In alle ingediende zienswijzen is opgeroepen om de ‘groene entree’ en het ‘robuuste groen’ ter plaatse van de Boveneindselaan te handhaven. Door de ontsluiting op de Boveneindselaan te verleggen op het Jan van Zutphenhof wordt dit door de buurt gewaardeerde groen gehandhaafd. De schrijver van deze brief is één van de indieners van de zienswijzen die oproepen om het groen op deze plek te handhaven. Bij andere omwonenden is draagvlak voor deze keuze. Het realiseren van een brug richting de Sportsingel is een kostbare ingreep. Daarbij zal de realisatie van een brug richting de Sportsingel dwars door het park lopen. Bij het tot stand komen van het stedenbouwkundig kader is er vanuit de buurt veel weerstand geweest op het bouwen in het park. We zijn daarom tot een stedenbouwkundig kader gekomen waarbij het park zoveel mogelijk gespaard wordt. Een verbinding met de Sportsingel ter plaatse van het plangebied zal het park afsnijden en daarnaast zal een weg door het park de kwaliteit van het park aanzienlijk verslechteren. Ten tijde van het vaststellen van het stedenbouwkundig kader
hebben we de belofte gedaan aan de leden van buurtactiegroep ‘Handen af van het park’ waar de schrijver van de brief vertegenwoordiger van is, niet in het park te bouwen. Door geen ontsluiting in het park te leggen, houden we ons aan deze belofte. Tot slot leidt de herontwikkeling van Crimpenersteyn worst-case tot een toename van circa 204 verkeersbewegingen per etmaal. In praktijk kan het totale aantal extra verkeersbewegingen lager liggen. In vergelijking met de huidige situatie worden er immers maar circa 25 zorgwoningen aan het plangebied toegevoegd. Allen bedoeld voor bewoners die geen eigen auto meer hebben. In dit worst-case scenario wordt dus uitgegaan van een toename van 47% aan verkeersbewegingen vanuit het plangebied. Het Zandrak fungeert als een erftoegangsweg. De maximale capaciteit van dit type weg is enkele duizenden verkeersbewegingen per etmaal. Op de totale capaciteit van het Zandrak zorgt de herontwikkeling van Crimpenersteyn tot een geringe toename van het aantal verkeersbewegingen. In het bestemmingsplan is geconcludeerd dat de omliggende wegen (ruimschoots) voldoende capaciteit hebben om deze extra verkeersbewegingen veilig en vlot af te wikkelen. Bij de nadere uitwerking van de plannen zal er voldoende aandacht besteed worden aan het aspect verkeersveiligheid.