Wmo: Toekomstverkenning gemeente Kerkrade - definitieve versie 9 oktober
Tekst van het document
Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Rapport | 2022
Partners in verbetering
Toekomstverkenning gemeente Kerkrade Definitief rapport Gemeente Kerkrade
BMC Oktober 2022
Heleen Rijnkels Saskia Bijpost
| 2 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Toekomstverkenning 1.1 Methode
4 4
1.2 Bronnen
5
1.3 Afbakening van de Wmo
5
Demografische factoren
6
2.1 Vergrijzing
6
2.2 Ontgroening
7
2.3 Mantelzorgers
8
2.4 Vrijwilligers
9
Deel 2 Algemene demografische factoren
9
Economische factoren
10
2.1 Arbeidsmarkt
10
Deel 2 Algemene economische factoren
11
Sociaal-culturele factoren
13
3.1 Langer zelfstandig thuis
13
3.2 Opleidingsniveau
13
3.3 Eenzaamheid
15
3.4 Dementie
17
Technologische factoren
17
4.1 Technologische innovatie
18
4.2 Digitalisering
18
4.3 Datagedreven werken
18
Politiek-juridische factoren
19
5.1 Aandacht voor preventie en sociale basis
19
5.2 Integraliteit tussen wetgevingen
19
5.3. Resultaatgericht indiceren
20
Overige ontwikkelingen 6.1 Toenemende complexiteit van de samenleving
| 3 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
20 20
Toekomstverkenning De gemeente Kerkrade heeft afgelopen jaren gewerkt op basis van het beleidsplan Samen Verder: meerjarenbeleidsplan maatschappelijke ondersteuning 2019-2022. Inmiddels wordt een nieuw beleidsplan opgesteld voor de komende jaren. Bij het formuleren van nieuwe beleidsdoelen wordt uitgegaan van de landelijke ontwikkelingen en de impact ervan op de gemeente. Om die ontwikkelingen in beeld te brengen is deze toekomstverkenning opgesteld. De vraag die centraal staat is: Welke ontwikkelingen zijn van invloed op de vraag naar en het aanbod van zorg en ondersteuning de komende jaren en de inkoop. Zo kunnen beleidsmatige keuzes gemaakt worden vooruitlopend op de impact van de ontwikkelingen. De gemeente kan op die manier grip en controle houden op de financiën. Ontwikkelingen in de samenstelling van de bevolking kunnen grote invloed hebben op de vraag naar zorg. Ook de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt hebben invloed op het aanbod van de arbeidskrachten en dus van zorg en ondersteuning. Voor de gemeente is het van belang om inzicht te krijgen in die ontwikkelingen om erop te kunnen anticiperen. Daarnaast wordt deze toekomstverkenning ook gebruikt bij de scenario’s voor de inrichting van de toegang en inkoop.
1.1 Methode In deze verkenning worden factoren beschreven die van invloed zijn op de ontwikkelingen binnen de Wmo. Om deze factoren te structuren wordt gebruik gemaakt van het gedachtegoed van de DESTEP1-analyse. Een methode die vaak binnen bedrijven wordt gebruikt om externe factoren te beschrijven. In dit geval beschrijven deze factoren de externe ontwikkelingen die de vraag naar en het aanbod van voorzieningen binnen de Wmo kunnen beïnvloeden, zonder dat de gemeente die factoren direct kan beïnvloeden. Een voorbeeld van een demografische factor is vergrijzing van de samenleving; een ontwikkeling die de vraag naar voorzieningen binnen de Wmo sterk beïnvloedt. We hebben een kleine variatie in thema’s gebruikt en maken een analyse aan de hand van de volgende factoren: ● Demografische factoren ● Economische factoren ● Sociaal-culturele factoren ● Technologische factoren ● Politiek-juridische factoren Bij een aantal factoren is een vertaling gemaakt naar de gemeente Kerkrade met een cijfermatige onderbouwing, zodat de impact van die ontwikkeling specifiek voor de gemeente Kerkrade ook zichtbaar wordt. Ook beschrijven we de populatie van de gemeente Kerkrade aan de hand van een aantal algemene demografische en economische factoren. Dit zijn factoren van de huidige situatie waar geen prognose van wordt gegeven. Doel ervan
1
https://www.intemarketing.nl/marketing/analyses/destep
| 4 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
is om een completer beeld te schetsen van de samenstelling van de bevolking van Kerkrade. De toegevoegde factoren zijn gebaseerd op de ambities in het coalitieakkoord: ● Ontmoetingsinitiatieven eenzaamheid ● Integraal ouderenbeleid, meedoen in de samenleving ● Opkomen voor meest zwakke en kwetsbare inwoners ● Investeren in armoede en schuldenbeleid
1.2 Bronnen De ontwikkelingen, die in deze toekomstverkenning zijn omgeschreven, zijn gebaseerd op een aantal bronnen: 1. Documenten van gezaghebbende instituten over de Wmo hebben we bestudeerd, zoals van het SCP, WRR, SER, CBS en de Volksgezondheid Toekomst Verkenning van het RIVM. 2. Kamerbrief over de toekomst van de Wmo2. 3. Op basis van open data en data van de gemeente Kerkrade hebben we een data-analyse uitgevoerd; met name om de demografische effecten goed in beeld te krijgen. 4. Wijkendashboard van de gemeente Kerkrade 5. Binnen BMC hebben we een aantal collega’s bevraagd die werkzaam zijn in het werkveld van de Wmo.
1.3 Afbakening van de Wmo In deze toekomstverkenning gaan we uit van de inwoners die gebruik maken van de voorzieningen binnen de Wmo. Er zijn grofweg twee groepen inwoners die specifieke aandacht vragen. ● Ten eerste zijn dat ouderen, met name de 75-plusser die grotendeels vanuit een fysieke beperking een beroep doet op de gemeente. ● Ten tweede zijn dat de psychisch kwetsbare inwoners die vanuit een psychische beperking een beroep doen op de voorzieningen. Dit gaat vooral om volwassenen van 18-673 jaar. De Wmo kent een breed aantal voorzieningen, zowel informele oplossingen als algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen. In dit onderzoek richten we ons specifiek op die voorzieningen die bedoeld zijn om kwetsbare inwoners te ondersteunen. Binnen het CBS worden de Wmo-voorzieningen in vier categorieën onderverdeeld: 1. Hulp bij huishouden 2. Ondersteuning thuis 3. Verblijf en opvang 4. Hulpmiddelen en diensten 2
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/03/28/kamerbrief-over-hoof dlijnenbrief-toekomst-wmo 3 We hanteren de leeftijd van 67 als pensioenleeftijd. Tot die tijd zullen inwoners (indien mogelijk) een vorm van betaalde of vrijwillige arbeid verrichten.
| 5 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Demografische factoren In deze paragraaf worden de belangrijkste demografische factoren beschreven die van invloed zijn op de vraag naar en het aanbod van zorg en ondersteuning binnen de Wmo. Een aantal factoren wordt onderbouwd met een prognose over de langere periode. Vervolgens wordt een aantal algemene ontwikkelingen beschreven die kenmerkend zijn voor de populatie van de gemeente Kerkrade
2.1 Vergrijzing De samenleving vergrijst; er komen steeds meer ouderen en deze ouderen worden steeds ouder. Vanaf de leeftijdscategorie 60-75 jaar stijgt de behoefte aan zorg en voorzieningen, zowel absoluut als relatief. Met name de voorzieningen in de eerste drie categorieën Wmo-voorzieningen zijn sterk gerelateerd aan leeftijd: hulp bij huishouden, begeleiding en dagbesteding en hulpmiddelen. Dat maakt dat een stijging van het aantal ouderen en meer ouderen die ouder worden de vraag naar voorzieningen sterk beïnvloedt en het dus ook te voorspellen is met data. Impact op de gemeente Kerkrade In tabel 1 is de bevolkingsontwikkeling binnen Nederland en Kerkrade in absolute aantallen weergegeven. Er valt af te leiden dat de totale bevolking in absolute aantal stijgt in Nederland, maar dat in Kerkrade de aantallen komende jaren dalen.
Kerkrade
Nederland
2020
2025
2030
2035
2040
0-19
7.700
7.600
7.600
7.500
7.500
20-64
26.400
25.300
24.000
22.700
21.900
65+
11.600
12.300
12.900
13.200
12.700
Totaal
45.700
45.200
44.500
43.400
42.000
0-19
3.773.600
3.707.900
3.766.400
3.865.100
3.976.600
20-64
10.213.500
10.224.500
10.030.600
9.799.500
9.640.300
65+
3.391.100
3.797.000
4.234.200
4.604.700
4.804.500
Totaal
17.378.200
17.729.300
18.031.300
18.269.300
18.421.400
Tabel 1 Bevolkingsontwikkeling Nederland 2020 - 2040 In tabel 2 is dezelfde ontwikkeling weergegeven, maar dan op schematische wijze. Daaruit valt af te lezen dat in Nederland het aantal inwoners stijgt met 6%, maar dat in Kerkrade het aantal inwoners daalt met 8%.
| 6 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Tabel 2 Bevolkingsontwikkeling Nederland 2020 - 2040 In tabel 3 wordt het aandeel 65+’ers aangegeven ten opzichte van de gehele bevolking voor heel Nederland en de gemeente Kerkrade. Het valt op dat in Kerkrade relatief veel 65+’ers wonen ten opzichte van Nederland. Dat wordt met name veroorzaakt door een relatief kleinere groep inwoners in de leeftijdscaterogie 20 jaar tot 65 jaar. Het aantal 65+’ers daalt licht in Kerkrade rond 2040.
Tabel 3 Aandeel 65+’ers als percentage van de gehele bevolking
2.2 Ontgroening Naast vergrijzing is de trend van ontgroening ook een belangrijke ontwikkeling. Dat wil zeggen dat het aandeel jongeren als deel van de totale bevolking afneemt. Een daling van het aantal jongeren heeft impact op de arbeidsmarkt over een aantal jaar. In onderstaande tabel 4 wordt het aantal jongeren tussen 0 tot 19 jaar in Kerkrade weergegeven. Dat daalt met in totaal 2.5% tussen nu en 2040. In heel Nederland stijgt juist het aantal jongeren met ongeveer 5%. In tabel 5 is te zien dat het aandeel jongeren ten opzichte van de gehele bevolking licht stijgt tot 2040.
| 7 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Tabel 4 Ontwikkeling in aantal inwoners in de leeftijdscategorie tussen de 0 en 19 jaar.
Tabel 5 Procentuele ontwikkeling van het aandeel 0 tot 19-jarigen als onderdeel van de gehele bevolking.
2.3 Mantelzorgers Geheel conform de filosofie van de Wmo heeft mantelzorg als een vorm van informele zorg een grote rol in de zorg voor ouderen. De wens van ouderen zo lang mogelijk zelfstandig te blijven, wordt mede bepaald door de beschikbaarheid van mantelzorgers (partner, kinderen, buren, vrienden, etc.). Echter, mantelzorgers worden gemiddeld ook ouder en hebben wat dat betreft minder (fysieke) mogelijkheden om hulp te bieden. Ongeveer 50% van de mantelzorgers is nu tussen de 50 en 75 jaar en ongeveer 10% van de mantelzorgers is 75 jaar en ouder. Het percentage mantelzorgers in de leeftijd van 75 jaar en ouder stijgt de komende jaren tot bijna 17% in 2035. Omdat de bevolking vergrijst, is de aanwas van nieuwe (jongere) mantelzorgers niet voldoende. Dat betekent dat de meest kwetsbare inwoners op steeds minder mantelzorgers beroep kunnen doen.
| 8 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Vanuit twee perspectieven heeft dit invloed op de Wmo. Door de groeiende groep ouderen wordt behoefte aan informele zorg groter, terwijl de groep inwoners die de ondersteuning kan leveren juist kleiner wordt. Daarnaast blijven ouderen steeds langer thuis wonen omdat de toegangseis tot een intramurale setting strenger wordt, waardoor de zorgvraag aan mantelzorgers ook steeds zwaarder wordt. Uit tabel 6 blijkt dat het aantal beschikbare mantelzorgers in de leeftijdscategorie 20 tot 65 een stuk lager ligt dan het landelijk gemiddelde. Tot 2040 daalt het aantal beschikbare inwoners in de leeftijdscategorie 20 tot 65-jarigen in verhouding tot 65-’ers van 2.3 naar 1.7. Daaruit kan geconcludeerd worden dat het aantal beschikbare mantelzorgers voor iedere 65+’er daalt.
Tabel 6 Aantal inwoners in de leeftijdscategorie 20 t/m 64 ten opzichte van 65+’ers.
2.4 Vrijwilligers Vrijwilligerswerk wordt vaker uitgevoerd door mensen van middelbare leeftijd met een hoger opleidingsniveau, hogere inkomensklassen of werkenden dan door mensen een lager opleidingsniveau, lagere inkomensklassen of niet werkenden. De ontwikkelingen in deze leeftijdsgroepen heeft ook invloed op het aantal potentiële vrijwilligers dat beschikbaar is om vrijwilligerswerk uit te voeren. Uit onderzoek blijkt dat vrijwilligerswerk voornamelijk wordt uitgevoerd bij sportverenigingen, jeugdwerk, scholen, verzorging en levensbeschouwelijke organisaties.4
Deel 2 Algemene demografische factoren Een algemene ontwikkeling die de samenstelling van de inwoners van de gemeente Kerkrade omschrijft is de mate waarin inwoners hun eigen gezondheid ervaren. Deze factor wordt beschreven vanuit de huidige situatie; er wordt geen prognose gegeven.
4
https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/rapportages/2021/vrijwilligerswerk-2020?onepage=true
| 9 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Ervaren gezondheid Een belangrijke factor die bijdraagt aan de mate waarin behoefte is aan ondersteuning vanuit de gemeente is de ‘ervaren gezondheid’5. De mate waarin inwoners hun gezondheid ervaren is gebaseerd op een aantal factoren, waaronder: zelfredzaamheid, dagbesteding, voldoende inkomen en sociale netwerken. Mensen die hun eigen gezondheid als laag ervaren, zullen eerder een beroep doen op de gemeente bij ondersteuning op eerder genoemde factoren. Hoewel de ervaren gezondheid een persoonlijke en subjectieve beoordeling is, blijkt uit onderzoek dat bepaalde groepen significant hoger of lager scoren. Hoger opgeleiden ervaren hun gezondheid als beter, net als inwoners met een hoger inkomen. Mannen voelen zich vaker gezonder dan vrouwen. Hoe ouder hoe lager de gezondheidsbeleving. Mensen die roken, drinken of overgewicht hebben, beoordelen hun gezondheid lager dan gemiddeld. Mensen ervaren hun gezondheid als minder goed wanneer zij bijvoorbeeld leiden aan chronische ziekten of psychische of lichamelijke klachten hebben. Op de website van het CBS valt te lezen dat 80,5% van de inwoners in Nederland de gezondheid als (zeer) goed beoordeelt6. In onderstaande tabel 7 is af te lezen welk percentage heeft geantwoord op de vraag in welke mate zij hun gezondheid als goed of zeer goed ervaren.
De wijken in Kerkrade ontlopen elkaar niet erg en scoren lager dan het landelijk gemiddelde.
Tabel 7 Percentage inwoner van 18 jaar of ouder met antwoordcategorie ‘zeer goed’ of ‘goed’.
Economische factoren In deze paragraaf worden de belangrijkste economische factoren beschreven die van invloed zijn op de ontwikkelingen binnen de Wmo. De factor arbeidsmarkt wordt onderbouwd met een prognose over de langere periode. Vervolgens wordt een aantal algemene ontwikkelingen beschreven die kenmerkend zijn voor de populatie van de gemeente Kerkrade.
2.1 Arbeidsmarkt Vraag en aanbod op de arbeidsmarkt zal van grote invloed zijn op de omvang van en de kosten van zorgvoorzieningen. Op het moment van schrijven is het aanbod van gekwalificeerd personeel in de zorg schaars en de vraag groot. Daar dit een probleem is voor 5 6
https://www.vzinfo.nl/ervaren-gezondheid https://www.staatvenz.nl/kerncijfers/ervaren-gezondheid
| 10 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
heel Nederland kan verwacht worden dat de loonkosten, meer dan evenredig, toenemen. Dat heeft invloed op het aanbod van voorzieningen binnen de Wmo, zoals begeleiding. Helaas is het over een periode van 10 jaar moeilijk in te schatten wat dit effect zal zijn. Impact op de gemeente Kerkrade Het prognosemodel7 Zorg en Welzijn heeft in beeld gebracht voor de regio Zuid-Limburg hoe de tekorten op de arbeidsmarkt zich de komende jaren zal ontwikkeling. Uit tabel 8 blijkt dat het tekort voor de regio Zuid-Limburg tot 2031 niet enorm zal oplopen.
Tabel 8 Ontwikkeling in behoefte aan werknemers in welzijnsberoepen.
Deel 2 Algemene economische factoren Een algemene factor die de samenstelling van de inwoners van de gemeente Kerkrade omschrijft is het aantal inwoners met een bijstandsuitkering. Deze factor wordt beschreven vanuit de huidige situatie; er wordt geen prognose gegeven. Bijstandsuitkeringen In het coalitieakkoord van de gemeente Kerkrade staat de ambitie om zich te richten op armoede en schuldenbeleid. Mensen met een bijstandsuitkering hebben een laag inkomen en zijn daardoor kwetsbaar voor schulden.
7
https://www.prognosemodelzw.nl/
| 11 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
In onderstaande tabel 9 valt te lezen welk percentage van de inwoners in die betreffende wijk rond moet komen van een bijstandsuitkering. Het valt op dat in de wijk Kerkrade Oost het percentage inwoners met een uitkering 1,4% hoger is dan in de wijk Kerkrade West.
Tabel 9 Percentage inwoners per wijk met een bijstandsuitkering.
Besteedbaar inkomen In grafiek 10 is de hoogte van het besteedbaar inkomen af te lezen in de gemeente Kerkrade. De ontwikkeling van het inkomen tussen 2011 en 2018 in Kerkrade loopt gelijk met het landelijk gemiddelde en het is te verwachten dat dat de afgelopen jaren niet is veranderd. Het valt op dat het besteedbaar inkomen in Kerkrade ongeveer € 7.000 euro per jaar lager ligt dan het landelijk gemiddelde.
Grafiek 10 Hoogte van het besteedbaar inkomen in Kerkrade en Nederland
| 12 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Sociaal-culturele factoren In deze paragraaf worden de belangrijkste sociaal-culturele factoren beschreven die van invloed zijn op de vraag naar voorzieningen binnen de Wmo.
3.1 Langer zelfstandig thuis De trend om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te blijven wonen zal zich voortzetten. De Wmo is het eerste aanspreekpunt als het gaat om voorzieningen wanneer een ondersteuningsvraag zich voordoet. Dat betekent dat wanneer ouderen langer zelfstandig thuis blijven wonen, die ontwikkeling an sich zorgt voor een stijging van de behoefte aan voorzieningen, zoals hulpmiddelen en hulp bij het huishouden. Vaak zijn de woningen niet levensloopbestendig en daardoor ook enigszins onveilig. Denk daarbij aan de aanwezigheid van drempels en vloerkleden, waardoor een risico op vallen ontstaat. Wanneer zich een incident voordoet, wordt direct een beroep gedaan op de Wmo, zoals een traplift, woningaanpassing of huishoudelijke hulp. Ook willen ouderen langer zelfstandig blijven wonen, waardoor zij een ondersteuningsvraag aan de Wlz langer uitstellen, en langer een beroep blijven doen op begeleiding en dagbesteding vanuit de Wmo. De huidige ontwikkeling op de woningmarkt maakt dat kwetsbare inwoners steeds lastiger aan een woning kunnen komen. Daarnaast hebben oudere inwoners weinig doorstroommogelijkheden naar levensloopbestendige woningen. Landelijk wordt er op gestuurd om meer tussenvormen te ontwikkelen waarbij wonen en zorg bij elkaar zijn.
Uit onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving komt naar voren dat minder dan 20% van de inwoners tussen de 75 en 84 jaar eventueel zou willen verhuizen8 en slechts een klein deel is de afgelopen twee jaar daadwerkelijk verhuisd. Gezondheidsredenen is de belangrijkste reden om te gaan verhuizen. Het grootste gedeelte van de woningen in Nederland is met een relatieve kleine investering (< € 10.000) levensloopbestendig te maken. Uit hetzelfde onderzoek komt naar voren dat ouderen nauwelijks bereid zijn om zelf te investeren in het levensloopbestendig maken van de eigen woning. De gemeente Kerkrade is op dit moment bezig met het ontwikkelen van verschillende woonvormen om verschillende doelgroepen kwetsbare inwoners te huisvesten.
3.2 Opleidingsniveau Het opleidingsniveau als indicator voor de vraag naar zorg heeft een tweeledig effect. Enerzijds heeft een hoger opleidingsniveau een beschermend effect, omdat inwoners met een hoger opleidingsniveau vaak gezonder leven en een hoger inkomen hebben, waardoor zij op latere leeftijd een beroep moeten doen op ondersteuning vanuit de gemeente. Het opleidingsniveau van ouderen in Nederland blijft stijgen. Tegelijkertijd zijn hoger opgeleide inwoners ook beter in staat om zich ‘mondiger’ op te stellen richting de gemeente. Dit is een factor die maakt dat de vraag naar hulp toeneemt. Mensen weten de weg naar ondersteuning goed te vinden en zijn in staat om tot andere 8
https://themasites.pbl.nl/o/aanpassen-of-verkassen/
| 13 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
arrangementen te komen (denk bijvoorbeeld aan het inzetten van pgb’s en de de volledige pakket thuis optie in de Wlz). Het lijkt erop dat de mate van mondigheid (niet alleen bepaald door opleiding maar ook door digitale vaardigheid en individualisme) de vraag naar zorg zal doen stijgen. Dit is onderzocht door het SCP9. Impact op gemeente Kerkrade De wijkmonitor van de gemeente Kerkrade geeft inzicht in de verdeling van de opleidingsniveaus in de verschillende wijken. Tabel 11 schetst de hoogte van het opleidingsniveau in Kerkrade in vergelijking met Nederland. Het valt op dat Kerkrade meer dan landelijk gemiddeld inwoners heeft met een Mbo 1 niveau en minder dan gemiddeld aantal inwoners met een HBO of WO niveau. De hoogte van het opleidingsniveau in Kerkrade is verder uitgediept per wijk. Uit tabel 12 blijkt dat ruim 80% van de inwoners een Mbo diploma heeft op niveau 1 tot en met 4. Minder dan 20% van de inwoners heeft een diploma op HBO of WO niveau. In dit tabel 12 is te zien dat er tussen de wijken geen grote verschillen bestaan tussen de hoogte van het opleidingsniveau.
Kerkrade
Nederland
MBO 1 [%]
38%
28%
MBO 2-4 [%]
45%
41%
HBO/WO [%]
17%
31%
Tabel 11 Opleidingsniveau 15-75-jarigen - 2020 Onderstaande tabellen schetsen een beeld van de situatie in de wijken in Kerkrade. Opleidingsniveau MBO 1
9
https://www.scp.nl/publicaties/publicaties/2019/04/17/zorgen-voor-thuiswonende-ouderen
| 14 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Opleidingsniveau MBO 4
Opleidingsniveau HBO/WO
Tabel 12: Hoogte van het opleidingsniveau in de gemeente Kerkrade
3.3 Eenzaamheid Eenzaamheid is al jaren een thema binnen de Wmo10. Het is niet gekoppeld aan leeftijd maar aan belangrijke life-events, zoals veranderingen in de huwelijkse staat, kunnen het gevoel van eenzaamheid wel versterken. Denk daarbij aan het wegvallen van een partner door overlijden of echtscheiding, een kleiner wordend netwerk en het ontbreken van werk of zinvolle dagbesteding. Deze gebeurtenissen treden relatief vaker op bij ouderen. We verwachten in die zin ook een toename van het aantal eenzame ouderen: mensen die geen beroep kunnen doen op hun sociale omgeving om hen te helpen zelfstandig, zonder ondersteuning vanuit de overheid, te leven. Impact op de gemeente Kerkrade In onderstaande tabel 13 is te zien dat inwoners in Limburg en Zuid-Limburg zich afgelopen jaren eenzamer voelden dan het landelijk gemiddelde. In Zuid-Limburg ervaren meer inwoners een gevoel van ernstige eenzaamheid in vergelijking met Limburg en Nederland. In tabel 14 wordt een prognose gegeven van het aantal eenzame inwoners van 65 jaar en ouder. Tot 2033 stijgt het aantal ernstig eenzame ouderen in de gemeente Kerkrade. Die life-events vinden niet alleen plaats bij ouderen, maar ook tijdens het volwassen leven. In tabel 15 is de ontwikkeling te zien in de de leeftijdscategorie 18 tot 64 jaar. Het aantal eenzame volwassenen is zowel in Nederland als Zuid-Limburg gestegen tussen 2016 en 2020.
Ook het aantal ernstig eenzame volwassenen is gestegen tussen 2016 en 2020.
10
www.vzinfo.nl/eenzaamheid
| 15 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Tabel 13 Overzicht 2016 - 2020 percentage matig en ernstig eenzame ouderen.
Tabel 14 Prognose aantal ernstig eenzame ouderen in Kerkrade.
| 16 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
Tabel 15 Overzicht 2016 - 2020 percentage matig en ernstig eenzame volwassenen.
3.4 Dementie Door de grote stijging van het aantal oudere inwoners, zowel absoluut als relatief, stijgt ook het aantal inwoners met dementie. Er zijn geen aanwijzingen dat dementie, anders dan door leeftijd, vaker voorkomt als ziektebeeld. Hiervoor verwijzen we naar de Toekomst Verkenningen van het RIVM uit 2018 naar de ontwikkeling van aandoeningen. Uit de Toekomst Verkenning blijkt dat tussen 2015 en 2040 het aantal inwoners met dementie toeneemt met 114%11. Inwoners met dementie doen vaak een beroep op mantelzorgers. Daarnaast maken deze inwoners gebruik van dagbesteding, huishoudelijke hulp en respijtzorg. Dus met meer dan een verdubbeling van het aantal inwoners met dementie, ligt het in de lijn der verwachting dat de vraag naar deze voorzieningen ook verdubbelt. De rijksoverheid heeft een Nationale Dementiestrategie 2021-203012 opgesteld om gemeenten en andere partijen te ondersteunen in de zoektocht naar passende ondersteuning voor inwoners.
Technologische factoren In deze paragraaf worden de technologische factoren beschreven die van invloed zijn op de vraag naar voorzieningen binnen de Wmo.
https://www.vtv2018.nl/sites/default/files/2018-08/112810_010513_VTV_kernboodschappen_TG3_1.pdf
11
12
https://open.overheid.nl/pdf/kamerbrief-over-voortgang-nationale-dementiestrategie-20212030.pdf
| 17 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
4.1 Technologische innovatie Iedereen verwacht verdere mogelijkheden vanuit technologie. Allerlei ‘domoticatoepassingen’ zullen uitgebreid worden, hetgeen mensen in staat stelt langer thuis te wonen. Denk daarbij aan het toepassingen zoals slimme sensoren in huis, beeldbellen, slimme alarmering en ondersteuning bij dagstructuur. Dat kan ertoe leiden dat inwoners door middel van domotica hun zorgvraag aan de gemeente uitstellen. Tegelijkertijd kan technologische ontwikkeling een oplossing zijn voor het terugdringen van het tekort aan medewerkers in de zorg. Niet voor het vervangen van de medewerkers, maar juist de medewerkers faciliteren in het effectiever kunnen werken en daarmee meer aanwezig te kunnen zijn voor de inwoner13. Deze ontwikkeling is daarom van ook invloed op het aanbod van voorzieningen binnen de Wmo. Door de lancering van het landelijke programma: Wonen, ondersteuning en zorg voor ouderen. Dit WOZO-programma, wordt vanuit de rijksoverheid ook meer gestuurd op deze opgave. Doel ervan is om ouderen zo lang mogelijk de regie op het eigen leven te laten behouden. De nieuwe norm die wordt gepresenteerd is: zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan.
4.2 Digitalisering De toenemende digitalisering van de samenleving maakt dat inwoners die moeite hebben met lezen en schrijven en/of niet digivaardig zijn, minder goed kunnen meekomen. Zo is bijvoorbeeld de drempel om een uitkering aan te vragen hoger, de gemeente is minder toegankelijk voor hen. Datzelfde geldt voor het vinden van de juiste ondersteuning. Voor veel mensen is het lastig om hun vraag op de juiste plek te stellen. Voor inwoners die makkelijk met informatie en digitale middelen om kunnen gaan, betekent digitalisering juist meer gemak en service. Dat geldt ook voor een groeiende groep ouderen die dagelijks hun smartphone of computer gebruiken. Digitalisering maakt het mogelijk de bereikbaarheid van huishoudens verbeteren. Met een betere (digitale) link tussen huishoudens en hulpverleners kan de drempel om noodzakelijk en tijdig contact tussen hen verlaagd worden. Hierbij past ook een kanttekening die vaak geplaatst wordt: een deel van de inwoners is onvoldoende ‘digitaal vaardig’ om zo’n ontwikkeling bij te benen.
4.3 Datagedreven werken Gemeenten zijn steeds meer in staat om hun beleid ‘datagedreven’ in te vullen. Met behulp van data kan beter worden (bij)gestuurd. Ook de uitvoering kan versterkt worden met behulp van data-inzichten. Denk bijvoorbeeld aan het stroomlijnen van de toegang tot hulp (een algoritme kan behulpzaam zijn bij de keuze voor een keukentafelgesprek of niet) nieuwe vormen van vroegsignalering (signalen op basis van bepaald (koop)gedrag) of de 13
https://open.overheid.nl/brief-inzake-programma-wonen-ondersteuning-en-zorg-voor-ouder en-wozo.pdf
| 18 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
ondersteuning aan multiproblem gezinnen (welke interventies hebben resultaat). Verwacht mag worden dat gemeenten steeds meer in staat zijn om hun (Wmo-)aanbod te verfijnen en te anticiperen op problemen van huishoudens. Ook zal het gebruik van sturingsinformatie, en de kwaliteit ervan, toenemen14.
Politiek-juridische factoren In deze paragraaf worden de belangrijkste politiek-juridische factoren beschreven. Denk daarbij aan de wettelijke kaders en politieke standpunten.
5.1 Aandacht voor preventie en sociale basis Een ander belangrijk onderdeel van de filosofie achter de decentralisaties in het sociaal domein was de veronderstelling dat gemeenten beter in staat zijn om een verschuiving van relatief dure individuele voorzieningen naar efficiënte en effectieve collectieve voorzieningen te realiseren. Tot nu toe is de ‘transformatie’ naar een versterking van ‘de sociale basis’ nauwelijks waarneembaar. Tegelijkertijd is er blijvende aandacht om die sociale basis –effectieve collectieve voorzieningen- te versterken. De Rijksoverheid streeft ernaar om gemeenten bij het opstellen van een dergelijk plan te ondersteunen, blijkt uit de kamerbrief over de toekomst van de Wmo15 Lokale overheden hebben fors ingezet op formatie en uitbreiding van wijkteams om inwoners beter te bereiken. Eén van de belangrijke argumenten hierbij is de gedachte dat een zorgvraag zich vaak niet beperkt tot een voorziening vanuit één wet. Ofwel: de behoefte/zorgvraag van de inwoner moet centraal komen te staan en niet de afbakening vanuit de wet. Vanuit verschillende bronnen wordt de effectiviteit van deze aanpak verschillend geëvalueerd. Enerzijds wordt gewezen op de praktijk dat deze aanpak (de integrale benadering vanuit wijkteams) nog onvoldoende is toegepast.
Anderzijds wordt benadrukt dat ‘multigebruik’ –inwoners/huishoudens die te maken hebben met voorzieningen vanuit meerdere wettelijke achtergronden- beperkt is16.
5.2 Integraliteit tussen wetgevingen Zorgvoorzieningen voor inwoners worden niet alleen vanuit het wettelijk kader van de Wmo georganiseerd. Ook de zorgverzekeringswet en de Wet Langdurige Zorg spelen een belangrijke rol. Deze wettelijke, maar ook institutionele versnippering leidt enerzijds tot onduidelijkheid bij inwoners; anderzijds tot de nodige ‘grensgevechten’ tussen de betrokken partijen. Zowel de zorgverzekeringswet als de Wet Langdurige Zorg zijn sterk afgebakende 14
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/03/28/kamerbrief-over-hoof dlijnenbrief-toekomst-wmo 15
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/03/28/kamerbrief-over-hoof dlijnenbrief-toekomst-wmo 16 https://www.movisie.nl/publicatie/sociale-wijkteams-vijf-jaar-later en https://www.movisie.nl/artikel/wijkteams-inrichting-positionering-sociale-wijkteams
| 19 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade
wetten, waardoor veel zorgvragen terecht komen bij de Wmo. Daarnaast is de eigen bijdrage voor inwoners onder de Wmo lager is dan de inkomensafhankelijke eigen bijdrage onder de Wlz, waardoor inwoners een financieel motief hebben om langer gebruik te maken van de Wmo. Het is niet ondenkbaar dat in de komende jaren aanpassingen volgen.
5.3. Resultaatgericht indiceren Een ontwikkeling die past bij het gedachtegoed van de Wmo is het resultaatgericht indiceren. Afgelopen jaren hebben diverse gemeenten daarmee geëxperimenteerd. Echter, uit jurisprudentie blijkt dat het indiceren van een resultaat ten koste gaat van de rechtszekerheid van inwoners. Er ligt nu een wetsvoorstel bij de Raad van State die resultaatgericht indiceren mogelijk moet maken zonder dat de rechtszekerheid in het geding komt.
Overige ontwikkelingen Hieronder beschrijven we een ontwikkeling die niet te kwantificeren is in het kader van deze verkennende rapportage. Daardoor is ook de impact op de vraagontwikkeling in de Wmo niet goed aan te geven. Toch noemen wij deze ontwikkelingen wel, omdat het interessant kan zijn om in een volgend stadium verder te verdiepen en te voorzien van een passende data-analyse.
6.1 Toenemende complexiteit van de samenleving In een gestaag tempo kan een groep mensen –gecombineerd met de groeiende individualisering- zich moeilijk verhouden tot de reguliere instituten van de maatschappij. Er bestaat ‘veel onzekerheid over de bestaanszekerheid’. Dat leidt tot een grotere behoefte aan begeleiding door professionals. Tegelijkertijd legt de ambulantisering van de GGZ en de transformatie van beschermd wonen naar beschermd thuis ook meer druk op de vraag naar begeleiding vanuit de gemeente. Beide ontwikkelingen hebben impact op de leefbaarheid in de wijk. Het doet ook een beroep op andere partners in de wijk, zoals woningcorporaties. Een groep inwoners die gebruik maakt van individuele begeleiding en dagbesteding vanuit de gemeente bevindt zich in de leeftijdscategorie 20-64 jaar. Daarom is het interessant om de bevolkingsontwikkelingen in deze groep inzichtelijk te maken. Uit tabel 6 blijkt dat het aantal 20 tot 65-jarigen in Kerkrade tot 2040 met bijna 20% afneemt.
| 20 | Toekomstverkenning gemeente Kerkrade