transitie ZVHP - ronde 2 - toestemming -Nota van toelichting
Tekst van het document
Nota van toelichting Nummer.: 23Tl059
Kerkrade, 29 augustus 2023
Behorend bij ontwerpbesluit nummer: 23Rb066 Onderwerp Aangaan Gemeenschappelijke Regeling Zorg- en Veiligheidshuis Parkstad. Beslispunten De raad wordt voorgesteld: 1. Toestemming te verlenen aan college c.q. burgemeester voor het aangaan van de Gemeenschappelijke Regeling Zorg- en Veiligheidshuis Parkstad, zulks overeenkomstig bijgaand concept-raadsvoorstel en besluit. 2. geen zienswijze te geven met betrekking tot de meerjarenbegroting 2024-2027 van het Zorg – en Veiligheidshuis Parkstad. Inleiding Op 28 maart 2023 hebben college en burgemeester van Kerkrade besloten voornemens te zijn de Gemeenschappelijke Regeling Zorg en Veiligheidshuis Parkstad (GR ZVHP) aan te gaan. Dit voornemen is vervolgens aan de raad voorgelegd die in de vergadering van 26 april 2023 besloot tot het afgeven van een positieve zienswijze op dit voornemen. Inmiddels hebben de raden van alle Parkstadgemeenten besloten om geen dan wel een positieve zienswijze te geven op het voornemen van hun college en burgemeester tot het aangaan van de GR ZVHP. Daarmee is tranche 1 van de besluitvorming omtrent het realiseren van de GR ZVHP afgesloten en is nu tranche 2 aan de orde: het geven van toestemming aan de colleges en burgemeesters tot het daadwerkelijk aangaan van een gemeen-schappelijke regeling.
Bij het voorleggen van het voornemen tot aangaan van de GR ZVHP aan de raad is destijds uitvoerig ingegaan op het hoe en waarom van het tot stand brengen van deze regeling. Daarbij werd de doelstelling van de transitie neergelegd, alsmede de argumenten voor het aangaan van de regeling en zijn er enige kanttekeningen geplaatst. Ter informatie is het raadsvoorstel van 8 maart 2023 bijgevoegd, waar in dit verband naar wordt verwezen. Doelstelling Doelstelling is de besluitvorming omtrent de transitie naar een zelfstandige Parkstad-organisatie in de vorm van een ZVHP thans af te ronden. Zie ook het raadsvoorstel van 8 maart 2023. Argumenten Zie het raadsvoorstel van 8 maart 2023. Kanttekeningen Zie het raadsvoorstel van 8 maart 2023. Hetgeen daar staat vermeld kan als volgt actualiserend worden aangevuld. Huisvestingskosten. Per 6 februari 2023 is intrek genomen in het gebouw aan de CBS-Weg in Heerlen, als opmaat naar definitieve huisvesting in het voormalige politiebureau in Hoensbroek waar een “Veiligheidscentrum” zal worden ingericht. Op dit moment vindt er overleg plaats met de beoogde gebruikers van het pand in Hoensbroek. Tot op heden zijn dit de politie, het OM en het Huis van het Recht/Juridisch loket. Het ZVHP wordt de “hoofdgebruiker”. Mogelijk is dat reclassering (3RO) en Haltbureau ook gaan aansluiten.
Na verwerving van het pand zullen er nog de nodige bouwkundige ingrepen moeten plaatsvinden waardoor het onzeker is hoe hoog de huurprijs precies gaat worden en welke kosten daarbij inbegrepen zijn (bijvoorbeeld al dan niet ICT). Binnen het Bestuurlijk Overleg van het ZVHP zijn evenwel afspraken gemaakt deze kosten zo veel mogelijk te 1
minimaliseren, zoals dit nu bij het gebouw aan de CBS-Weg ook het geval is. Uitgangspunt ten aanzien van het huisvestingsvraagstuk is dat de nieuwe huisvestings-kosten en de daarbij horende faciliteiten niet substantieel mogen afwijken van de Kerkraadse situatie (realistisch begroot). Formatietekort en capaciteitsproblemen Er is een toename van complexiteit en aantallen casuïstiek / nieuwe instroom. Dit leidt al in 2023 tot een formatie-tekort en capaciteitsproblemen waardoor er nu voor het eerst met wachtlijsten wordt gewerkt. De casuïstiek wordt ruwer en harder en de doorlooptijden lopen daardoor op. Voor een volledig overzicht van de risico’s wordt verwezen naar de risicoparagraaf van de begroting. Financiën De wijziging van de rechtsvorm van de samenwerking heeft in beginsel geen kostprijsverhogende gevolgen voor de uitvoering door het ZVHP van haar taken. Uitgangspunt is dat het financiële regime van de afgelopen jaren zoveel mogelijk wordt aangehouden. Er komen wel organisatiekosten bij, zoals die bekend zijn van gemeenschappelijke regelingen als bijvoorbeeld Het Gegevenshuis. Nu er vanaf 1 januari 2024 een gemeenschappelijke regeling tot stand is gebracht moet er vóór 15 september 2023 een meerjarenbegroting 2024-2027 voor het ZVHP worden opgesteld, die ter goedkeuring aan Gedeputeerde Staten moet worden voorgelegd.
In overleg met de toezichthouder bij de provincie is overeengekomen dat de voor een zienswijze aan de raden voorgelegde begroting uiterlijk in de eerste week van oktober 2023 wordt toegezonden. De provincie laat het bestuurlijk besluitvormingstraject over het toezicht op het ZVHP in dat geval meelopen met de overige gemeenschappelijke regelingen. Daarmee kan worden voorkomen dat G.S. preventief toezicht opleggen aan het ZVHP. De meerjarenbegroting ZVHP 2024 – 2027, zoals deze is vastgesteld door het Bestuurlijk Overleg van 12 juli 2023, is als bijlage bijgevoegd. Deze moet de raad worden aangeboden voor het geven van een zienswijze. Deze meerjarenbegroting kent een inwonerbijdrage die oploopt van € 5,61 in 2024 tot € 6,82 in 2027. Deze jaarlijkse stijging met gemiddeld ongeveer € 0,40 is het gevolg van de indexering van de loonkosten en inhuur van derden waaronder de accountant, archivaris, communicatiemedewerker e.d. Aangezien de huidige CAO slechts een looptijd heeft van een jaar, zal de index voor de loon- en prijsontwikkeling op basis van de CPBindices gehanteerd worden, zoals de gemeenten dat ook doen. De financiële consequenties voor de gemeente Kerkrade zullen worden verwerkt in de gemeentebegroting voor 2024 en volgende jaren. De jaarlijkse bijdragen die van Kerkrade worden gevraagd bedragen volgens de mjb van het ZVHP: 2024: € 255.757
2025: € 271.469
2026: € 291.334
2027: € 311.083
Proces. Afgesproken is dat uiterlijk op 5 oktober de zienswijze van de raden met betrekking tot de aan deze voorgelegde meerjarenbegroting van het ZVHP ter kennis worden gebracht van de manager en controller van het ZVHP. Het vragen van een zienswijze aan de raad is meegenomen in het raadsvoorstel voor het vragen van toestemming aan de raad om de gemeenschappelijke regeling aan te gaan. Vervolgens worden deze zienswijzen aan de orde gesteld tijdens een vergadering van de burgemeesters op 6 oktober. Aansluitend aan deze vergadering wordt de begroting dan op 6 oktober toegezonden aan G.S. Aanvullende kosten voor gemeenten Heerlen en Kerkrade. Uit de cijfers van het Zorg- en Veiligheidshuis Parkstad blijkt dat de gemeenten Heerlen en Kerkrade gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor 60% tot 70% van de casuïstiek. Om te voorkomen dat de inzet voor beide gemeenten ten koste gaat van de aanpak van casuïstiek van de overige Parkstadgemeenten, bekostigt de gemeente Heerlen 2 fte en de gemeente Kerkrade 1 fte aan procesregie. Dit zijn bijdragen die verschuldigd zijn naast de jaarlijkse financiële bijdragen van deze gemeenten als vorenbedoeld. Het betreft structurele uitgaven die als zodanig in de gemeentelijke begroting zijn opgenomen. In de meerjarenbegroting van het Zorg- en Veiligheidshuis Parkstad zullen deze extra gemeentelijke bijdragen ook als structurele baten worden opgevoerd.
De aangepaste regeling.
2
Zoals reeds vermeldt in de managementsamenvatting is de concept-regeling op een aantal plaatsen aangepast, nadat deze voor het zienswijzetraject in de raden is geweest. Deze aanpassingen houden het volgende in: 1. De regeling is aangepast zodat deze aansluit bij Grip op verbonden Partijen (dit is de uniformering op Parkstad-niveau conform advies van Boels Zanders Advocaten). In de eerste versie van de conceptregeling was dit advies nog niet verwerkt. In nu voorliggende versie is het advies wel meegenomen. De aanpassingen betreffen vooral wijzigingen in de structuur en het gebruik van formuleringen. Meer concreet gaat het om de volgende inhoudelijke wijzigingen: ▪ opheffing van de GR kan pas indien alle deelnemers min één daartoe besluiten (was eerst ¾). ▪ de uittredingsbepalingen zijn een stuk beperkter dan die in de vorige versie. ▪ evaluatie van de regeling vindt plaats als het AB daartoe besluit. In de vorige versie was opgenomen dat het DB na twee jaar zou evalueren. ▪ Voor burgerparticipatie is opgenomen dat deze plaatsvindt via de reguliere procedures bij de deelnemende gemeenten. In de vorige versie was opgenomen dat ingezetenen en belanghebbenden niet betrokken werden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid op grond van deze regeling. 1.
Dan is de regeling aangepast door toevoeging van de bepaling “Middelen” (artikel 19) en een bepaling over het sluiten van een dienstverleningsovereenkomst bij extra opdrachten (artikel 4). Het gaat hierbij om het volgende: ▪ Artikel 19 “Middelen” is toegevoegd. Dit artikel regelt dat er door de deelnemers zorg voor wordt gedragen dat er te allen tijde voldoende middelen zijn om te kunnen voldoen aan verplichtingen jegens derden. Indien een deelnemer weigert de uitgaven op de begroting te zetten dan kan een verzoek bij de provincie worden ingediend om artikel 194 en 195 gemeentewet toe te passen. Tot slot dient in het geval van opheffing een liquidatieplan opgesteld te worden. ▪ In artikel 4 is opgenomen dat het basisafnamepakket in de begroting wordt omschreven en dat er alleen dienstverleningsovereenkomsten worden gesloten voor zover andere diensten worden afgenomen dan die in het basisafnamepakket zijn opgenomen. Dit was in de vorige regeling niet opgenomen. 2. Verder is de regeling aangepast door een bepaling (in artikel 16) toe te voegen inzake aansluiting bij Werkgeversvereniging Gemeentelijke Organisaties (WSGO) om zo een behoorlijke arbeidsregeling voor de medewerkers van het ZVHP te borgen. Per 1 januari 2020 is de Wet normalisatie rechtspositie ambtenaren (Wnra) in werking getreden.
De ambtelijke arbeidsvoorwaardenregeling CAR-UWO voor gemeentelijke organisaties, niet zijnde gemeenten, is daarbij vervangen door de privaatrechtelijke cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO). Deze cao wordt namens de werkgevers afgesloten door de Werkgeversvereniging SGO (WSGO). De WSGO is opgericht om de gemeenschappelijke sociale en sociaaleconomische belangen van de leden in de brede sector van gemeentelijke organisaties te behartigen. Concreet betekent dit dat de vereniging opkomt voor de belangen van gemeentelijke organisaties bij arbeidsvoorwaardelijke onderwerpen. Eén van de belangrijkste activiteiten van de vereniging is daarbij het afsluiten van een cao en het geven van informatie over arbeidsvoorwaarden. Om ervoor te zorgen dat het ZVHP de arbeidsvoorwaarden van de sector gemeenten kan volgen, is lidmaatschap van deze werkgeversvereniging noodzakelijk. In de bijgaande concept-regeling zijn de wijzigingen ten opzichte van de vorige versie voor de duidelijkheid in groene tekstkleur weergegeven. Personele consequenties Vanuit het ZVHP is een werknemersdelegatie samengesteld die met name de ontvlechting van de P&Oaangelegenheden monitort.
Rechtmatigheid Het voornemen om te komen tot een transitie van het ZVHP naar een bestuurslichaam overeenkomstig de thans voorliggende concept-regeling is getoetst aan de Wet gemeenschappelijke regelingen en rechtmatig bevonden. Duurzaamheid N.v.t. 3
Communicatie Het besluit van het college en de burgemeester, alsmede de besluiten van de raad inzake toestemming voor het aangaan van de GR en de voor een zienswijze voorgelegde begroting ZVHP 2024-2027 zullen volgens afspraak kenbaar worden gemaakt aan het management van het ZVHP. De GR wordt op overheid.nl. gepubliceerd. Nu het ZVHP in Heerlen is gevestigd zal de gemeente Heerlen zorgdragen voor deze publicatie. Daarnaast publiceert iedere deelnemende gemeente het besluit dat wordt deelgenomen aan de GR. Marketing/PR N.v.t. Gezondheid en Vitaliteit Niet van toepassing. Uiteraard kunnen sommige taken van het ZVHP c.q. de uitvoering daarvan effecten hebben voor dit thema. Toch is het in het kader van de besluitvorming waar het hier om gaat niet relevant om daar nader op in te gaan. Het gaat immers om de transitie van het ZVHP naar een GR - dit wil zeggen het veranderen van organisatievorm - en dus niet over de missie, doelstelling, taakuitvoering etc. van het ZVHP. Burgerparticipatie Niet van toepassing. Het nemen van een principebesluit te nemen tot het aangaan van de Gemeenschappelijke Regeling Zorg- en Veiligheidshuis Parkstad overeenkomstig bijgevoegde conceptregeling is uitgezonderd van burgerparticipatie daar deze kwestie geen direct herkenbaar belang kent voor de bewoners en het een intern proces en organisatorische kwestie betreft.
Het uitvoeren van de GR kan in de toekomst wèl leiden tot burgerparticipatie, als het gaat om (het voorbereiden van) besluiten die betrekking hebben op het wijzigen van missie en doelstelling van het ZVHP of de uitvoering van taken. Burgerparticipatie kan dan plaatsvinden via de reguliere procedures bij de deelnemende gemeenten, zoals ook aangegeven is in de regeling. Uitvoering De beoogde ingangsdatum van de Gemeenschappelijke Regeling ZVHP is 1 januari 2024.
4