CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

Tarievennota compleet.pdf

Gemeenteraad 15 december 2021, gemeente KerkradeBij agendapunt: Ontwerpbesluit inzake Tarievennota 202229.888 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

indien de bouwkosten bedragen

tlm 2.5OO,Vanaf € 2.501 ,-

2.2.3.2

€.224,OO

€224,OO + 4% van (bouwsom -/- € 2.500,00)

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een

bouwactiviteit 2.2.3.2.1

het verschil tussen de op basis van 2.2.3.1 berekende leges en de op basis van 2.2.1.1 berekende leges behorende bij de opgegeven projectkosten

2.2.4

Gereserveerd

2.2.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveìligheid

2.2.5.1

lndien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.2.5.1.1

indien artikel 2.b van het Bor van toepassing is: 0 personen t/m 2O personen

€ 410,00

2'l personen t/m 50 personen

€ 597,00

51 personen t/m 100 personen

€ 979,QO

1

Bijlage I behorende bij raadsbesluit nr 2l Rbt 20 meer dan 100 personen

pag. 1 4

€ 1.O72,OO

vermeerderd met € 3,50 per persoon boven 'l 00 personen 2.2.5.1.2

wijziging tenaamstelling bij overschrijving

2.2.6

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

€ 65,00

lndien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, of waarvoor op grond van een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist en in gevallen waarvoor op grond van artikel 8.1.1 van de Bouwverordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo bedraagt het tarief: indien de bouwmassa minder dan 500 m3 bedraagt

€ 297,0O

indien de bouwmassa 500 m3 of meer doch minder dan 250 ml

€ 423,00

bedraagt

indien de bouwmassa 750 mr of meer bedraagt

€ 615,00

indien de aanvraag uitsluitend betrekking heeft op asbestverwijdering

€ 297,00

2.2.7

Gereseryeerd

2.2.8

Uitweg/inrit lndien de aanvraag betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg op grond van arlikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening bedraagt het tarief tot en met 3 m:

€ 468,00

vermeerderd met € 70,00 per m of gedeelte daarvan boven 3 m. 2.2.9

Kappen

lndien d e aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of de Bomenverordening Kerkrade 2O12 een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief: 2.2.10

€ 72,00

Startoverleg

Voor het houden van een startoverleg, het uitwisselen van (algemene) i

worden geen leges gevraagd

2.2.11

Vooroverleg €51,89

2.2.12

Voordat een vooroverleg wordt gehouden dient de initiatiefnemer te betalen Principeverzoek Voordat een principeverzoek voor een bouw- en/of ruimtelijke plan in behandeling wordt genomen dient de initiatiefnemer te betalen

€2O7,54

2.2.13

Beoordeling bodemrapport

2.2.13.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bed raagt het tarief, indien krachtens wetteliik

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 2l RbI20

pag. 1 5

voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld voor een locatie met een oppervlakte van:

1.000 m, of minder

€ 334,OO

1.001 m, t/m 5.000 m2

€ 464,00

5.001 m, t/m 10.000 m,

€ 599,00

meer dan 10.000 m,

€ 599,00

vermeerderd met € 599,00 voor elke 10.000 m, of gedeelte daarvan boven 10.000 m,

Hst 3

Gereserveerd

Hst 4

Teruggaaf

2.4.1

Teruggaaf als gevolg van intrekkìng aanwaag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aan leg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.2.1 , 2.2.2 en 2.2.6, intrekT terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

2.4.1.1

indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 4 weken na het in behandeling nemen ervan 7\olo van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

2.4.1.2

2.4.2

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 4 weken na het in behandeling nemen ervan doch voor het verlenen van de omgevingsvergunning 60% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopac-tiviteiten Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.2.1 , 2.2.2 en 2.2.6, inlrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 6 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

2.4.3

Teruggaaî als gevolg van het weigeren van een om gevi n gsvergunning voor

bouw-, aanleg- of sloopacfiviteiten Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of

sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.2.1 , 2.2.2 en

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 2l Rbt 20

pag.16

2.2.6 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

De teruggaaf bedraagt 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.4.2 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. 2.4.4

M i n i m u m bedra g voor te r u ggaaî Een bedrag minder dan € 5,00 wordt niet teruggegeven

2.4.5

Teruggaaf vooroverleg

2.4.6

lnd ien binnen een termijn van één jaar hetzelfde (bouw)planvoornemen/ in dit geval een vergunningaanvraag die identiek is aan het ingediende verzoek met enkel de verwerking van de aandachtpunten uit de beoordeling van het verzoek, leidt tot een positief besluit op een omgevingsvergunningaanvraag dan wordt het bedrag van het vooroverleg voor 100% verrekend met de leges van de omgevingsvergunning. Teruggaaf principeverzoek lnd ien binnen een termijn van één jaar hetzelfde (bouw)planvoornemen, in dit geval een vergunningaanvraag die identiek is aan het ingediende verzoek met enkel de verwerking van de aandachtpunten uit de beoordeling van het verzoek, leidt tot een positief besluit op een omgevingsvergunningaanvraag dan wordt het bedrag van de behandeling van het principeverzoek voor 100% verrekend met de leges van de omgevingsvergunning.

Hst 5

Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

2.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

2.5.1

lndien het bouwplan opnieuw dient te worden beoordeeld 50% van de op basis van 2.2.1.1 dan wel 2.2.3.1 berekende leges

Hfst 6

N atuu rbeschermingswet/Wet

2.6

Handelingen in of nabij Natura 2000-gebieden/gevolgen voor

€ 79,80

natuu rbescherm i ng

habitats en soorten 2.6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een omgevingsvergunning als

bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, Wabo voor het realiseren van een project of het verrichten van een andere handeling als bedoeld in artikel 2.2aa, onder a, Besluit omgevingsrecht, indien de aanvraag betrekking heeft op: 2.6.1.1

a. Landbouw en overige

€ 2.648,25

2.6.1.2

b. lndustrie

€ 13.154,80

2.6.1.3

c. lnfrastructuur

€'t9.724,20

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 21Rbl20

Voor zover deze tarieven door Provinciale Staten van de Provincie Limburg zijn gewijzigd zijn de vigerende tarieven van kracht. 2,6.2

Voor restitutie in geval van weigering van een vergunning, ontheffing enz., als bedoeld in de 2.6.1 tlm 2.6.1.3, wordt verwezen naar de vigerende verordening van de Provincie Limburg.

2.6.3

Voor restitutie in geval van het intrekken van een aanvraag voor een vergunning, ontheffing enz., als bedoeld in de 2.6.1 t/m 2.6.1 .3, wordt verwezen naar de vigerende verordening van de Provincie Limburg.

2.6.4

Leges worden niet geheven voor aanvragen in het kader van de Wet natuurbescherming betrekking hebbende op evenementen en het beheer van een Natura 2000-gebied.

pag.17

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 2I RbI20

Titel 3

Dienstverlenins vallend onder E uropese dienstenrichtli in

Hst 1

Horeca

3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een vergunning of ontheffing of een

pag. lB

€ 25,7O

andere beschikking voor zover daarvan in het vervolg van deze tabel niet van afgeweken wordt. 3.1.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van

3."t.2.2

een aanvraag voor de afgifte van een vergunning ingevolge artikel

€ 393,00

3 Alcoholwet;

3.'t.2.3

een aanvraag voor de afgifte van een vergunning ingevolge artikel 3 Alcoholwet, waarbij slechts sprake is van een wijziging in de persoon van de leidinggevende, zonder dat de inrichting en/of de persoon van de ondernemer wijzigT;

€'l0g,g0

3.1 .3

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet;

€ 108,80

3.1.4

een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet;

€ 44,90

3.1 .5

een verzoek van de ondernemer tot intrekking van de vergunning; een vergunning ex artikel 2:44van de Algemene plaatselijke verordening voor het plaatsen/exploiteren van een terras op de openbare weg of vandaar waarneembaar (terrasvergunning) voor

€ 38,30

3.1.6

€ 305,30

onbepaalde tijd; 3.1 .7

een vergunning als bedoeld in artikel 2:36 van de Algemene plaatselijke verordening voor het exploiteren van een alcoholvrij

€ 393,00

horecabedrijf; 3.1 .7 .'l

een vergunning ingevolge artikel 2:36 van de Algemene plaatselijke verordening voor het exploiteren van een alcoholvrij

€'l0g,g0

horecabedrijf, waarbij slechts sprake is van een wijziging in de persoon van de leidinggevende, zonder dat de inrichting en/of de ondernemer wijzigt; 3.1 .7 .2

een verzoek van de ondernemer tot intrekking van de vergunning.

€ 38,30

3."t .7 .3

een vrijstelling van het verbod ex artikel 2:36

€ 38,30

Hst 2

Organiseren evenementen of markten

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een vergunning of ontheffing of een andere beschikking voor zover daarvan in het vervolg van deze tabel niet van afgeweken wordt.

3.2.2

Meldingsplichtig A-evenement: evenement dat volgens de criteria van artikel 2:24,lid 3 Algemene plaatselijke verordening Kerkrade uitsluitend meldingsplicht is

3.2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene plaatsel ij ke verorden i n g:

€.25,70

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 21Rbl20

3.2.3.1

Vergu nn i ngspl ichtig A-evenement, waarbij operationele voorbereiding en uitvoering door OOV-diensten niet noodzakelijk wordt geacht. Evenement met laag risico, beperkte impact op omgeving en verkeer, veelal minder dan 5.000

pag. 19

€ 37,7O

bezoekers

3.2.3.2

B-evenement, waarbij operationele voorbereiding en uitvoering door een of meerdere OOV-diensten voorstelbaar wordt geacht. Evenement heeft een gemiddeld risico met een grote impact op de directe omgeving en/of gevolgen voor het verkeer, veelal met 5.000 tot 10.000 bezoekers

€ 116,20

3.2.3.3

C-evenement, waarbij operationele voorbereiding en uitvoering door een of meerdere OOV-diensten noodzakelijk wordt geacht. Evenement met hoog risico met een grote impact op de stad en/of regionale gevolgen voor verkeer, veelal met meer dan 10.000 bezoekers.

€.232,20

3.2.3.4

Gereserveerd

3.2.3.5

Een evenement / activiteit in een horecabedrijf:

3.2.4

a) geldig per dag;

€ 25,60

b) geldig voor een kalenderjaar;

€.'lo2,9o

een ontheffing zoals benoemd in arlikel 2:9 van de Algemene plaatselijke verordening voor het optreden als straatartiest, geldig voor een periode: a) korter dan een maand;

€ 44,90

b) langer dan een maand.

€ 'l 13,90

Hst 3

Prostitutiebedrijven

3.3

Een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene

plaatselijke verordening voor het exploiteren van een seksin richti nglescortbed rijf:

3.3.1

a) indien het een seksinrichting betreft;

€ 706,20

b) indien het een escoftbedrijf betreft;

€ 393,00

c) indien het enige andere vormen betreft van het verrichten van enige seksuele handelingen tegen vergoeding.

€ 393,00

Een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene

€ 108,80

plaatselijke verordening voor het exploiteren van een seksinrichting/escortbedrijf waarbij slechts sprake is van een wijziging in de persoon van de leidinggevende, zonder dat de inrichting en/of ondernemer wijzigt. 3.3.2

Een verzoek van de ondernemer tot intrekking of wijziging van de vergunning.

Hst 4

Marktstandplaatsen

3.4.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een vergunning of ontheffing of een

€ 38,30

€ 26,10

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 2t Rbl20

pag. 20

andere beschikking voor zover daarvan in het vervolg van deze tabel niet van afgeweken wordt. 3.4.2

Een aanvraag om een vergunning ingevolge de Marktverordening voor het innemen van een vaste standplaats op een weekmarkt.

Hst 5

Winkeltijdenwet

3.5.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een vrijstelling of ontheffing ingevolge of krachtens de Winkeltijdenwet of het Vrijstel lingenbesluit Winkeltijdenwet.

Hst 6

Bed ri jf smati ge activiteiten

3.6.1

Een vergunning als bedoeld in artikel 2:56 van de Algemene plaatselijke verordening voor het uitoefenen van een bedrijf in een door de burgemeester aangewezen gebouw of gebied, of een door de burgemeester aangewezen bedrijfsmatige activiteit, voor zover dit valt binnen het bereik van de Europese Dienstenrichtlijn.

€ 44,90

€ 44,90

€ 393,00

C< l(erkrade

ARGFf;gHF

Gerneente

Oonform ontwerpbesluit is besloten in de ra a d s v e rg a d e r in g d. d. ... !.ã,. !.?.,.?..9.?r, r

Ontwerpbesluit Nr.: 21Rb'|21

De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, o dat jaarlijks de noodzakelijke tariefaanpassingen worden bezien in relatie tot de begroting;

gelezen, . de nota van toelichting, nr. 21Tl'l 05, behorende bij dit besluit;

gelet op, . artikel 229, eerste lid, onder a en b, van de Cemeentewet;

besluit: 1

2

3

4

ln te trekken de Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden en marktpromotiegelden gemeente Kerkrade 2021 vastgesteld d.d. 16 december 2020; Vast te stellen de volgende "Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden en marktpromotiegelden gemeente Kerkrade 2O22" welke als bijlage bij dit besluit is toegevoegd en als zodanig deel uitmaakt van dit besluit; De datum van intrekking van de onder 1. vermelde verordening is gelijk aan de datum van inwerkingtreding van de onder 2. vermelde verordening; De onder 2. vermelde verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2022.

Aldus vastgesteld in openbare raadsvergadering van de gemeente Kerkrade van 15 december 2021

..ô FSC

De voorzitter van de raad,

De

dr. T.P. Dassen-Housen.

mr. drs. D.G.M.C. Franssen.

Mtx Pepl$ v6n vâmntuædâ hâ*om.l

FSC! C01 7488

Ø

Porkstqd Limbuvg Gemeente Kerkrade maaK deel u¡t van Parkslad L¡mburg

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 21 Rbt 2I Pag. 1

Verordening op de heffing en invorder¡ng van marktgelden en marktpromot¡egelden gemeente Kerkrade 2022 Artikel 1 Definities Deze verordening verstaat onder: 1

'

Markt: openbare koop en verkoop van roerende goederen, die op de daartoe aangewezen dag en plaats wordt gehouden;

2. 3. 4. 5. 6.

Staanplaats: een aan de belastingplichtige ter beschikking gestelde plaats op de markt; Vaste plaats: een staanplaats die per kalenderjaar of per seizoen ter beschikking wordt gesteld; Dagplaats: een staanplaats, niet zijnde een vaste plaats, geldig voor de duur van een dag; Seizoen: een deel van het jaar waarin een seizoensgebonden arlikel wordt verkocht; Dag: een periode van 24 aaneengesloten uren/ aanvangende te 00.00 uur.

Artikel 2 Belastbaar feit

2

onder de naam marktgelden worden rechtert geheven ter zake van het ter beschikking stellen van een staanplaats voor de uitvoering van de markthandel; onder de naam marktpromotiegeld worden rechten geheven voor collectieve consumenten wervende activiteiten en publiciteit door de stichting Marktpromotie gemeente Kerkrade.

Artikel 3 Belastingplicht De marktgelden en marktpromotiegelden worden geheven van degene aan wie een staanplaats ter beschikking is gesteld.

Artikel 4 Heffingsgrondslag De grondslag waarnaar de marktgelden worden geheven, is het aantal vierkante meter dat voor 2.

standplaatsen wordt ingenomen; Een gedeelte van een vierkante meter wordt voor de berekening van de marktgelden voor een

3.

hele vierkante meter gerekend; De grondslag voor de marktpromotiegelden is het houderschap van een vergunning voor het innemen van een vaste standplaats op een van de warenmarkten.

Artikel 5 Belastingtijdvak Voor zover het marktgeld per dag wordt geheven, is het belastingtijdvak gelijk aan een dag. lngeval het marktgeld per maand wordt geheven, is het belastingtijdvak gelijk aan een maand

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2l Rbl 2t Pag. 2

Artikel 6 Tarief marktgelden

1. I

De marktgelden bedragen: voor de woensdag- en vrijdagmarkt: a) voor een dagp laats, per marktdag en vierkante meter plaatsruimte of een

€ 1,00

gedeelte daarvan met een minimum van

€ 7,80

b) voor een vaste staanplaats, per kalendermaand per vierkante meter

€ 2,80

plaatsruimte of gedeelte daarvan met een minimum van

€ 22,20

Het op grond van het bepaalde onder I verschuldigde marktgeld wordt vermeerderd met

ilt

a) voor een dagplaats, per marktdag

€ 1,00

b) voor een vaste staanplaats, per kalendermaand

€ 4,30

Voor de zaterdagmarkt: a) voor een dagp laats, per marktdag en vierkante meter plaatsruimte of gedeelte

€ 4,30

daarvan met een minimum van

€ 34,40

b) voor een vaste staanplaats, per kalendermaand per vierkante meter

€ 7,60

plaatsruimte of gedeelte daarvan met een minimum van IV

€ 61,10

Het op grond van het bepaalde onder lll verschuldigde marktgeld wordt

vermeerderd met a) voor een dagplaats, per marktdag

b) voor een vaste staanplaats, per kalendermaand

€ 2,1O € 8,60

Voor de toepassing van de tarieven worden gedeelten van een dag of een maand voor een gehele dag, onderscheidenlijk een gehele maand gerekend.

2

Artike! 6a Tarief marktpromotiegelden De marktpromotiegelden bed ragen: I Voor de woensdagmarkt in Kerkrade-West: Voor de branches aardappelen, groenten en fruit, poelier, vis en zuivel Voor de overige branches il

Voor de vrijdagmarkt in Kerkrade-Centrum Voor de branches aa rd appe êñ, groe n ten en fru 1., poel ie r VI S en z U ive Voor de overige branches Voor de zaterdagmarkt in Eygelshoven Voor de branches aardappelen, groenten en fruit, poelier, vis en zuivel Voor de overige branches

Per maand

€ 15,80 € 5,30

€ 15,80 € 5,30

€ 26,40

€ 10,60

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2t Rbt 2t Pag. 3

Artikel 7 Wiize van heffing 1

2

Het marktgeld en marktpromotiegeld wordt geheven bij wijze van aanslag. ln afwijkingvan heteerste lid worden de marktgelden, berekend naarde in artikel 6, eerste lid, bedoelde dagtarieven, geheven bij wijze van schriftelijke kennisgeving.

Artikel I Termijnen van betaling

1' 2. 3. 4'

ln afwijkingvan artikel 9, eerste lid, van de lnvorderingswet 1990 moeten de bij aanslaggeheven marktgelden en marktpromotiegelden worden betaald in één termijn, welke vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. De bij wege van schriftelijke kennisgeving geheven marktgelden dienen te worden voldaan op het moment van het in artikel 2 bedoelde ter beschikking stellen.

Betalingvan determi.in zoals bedoeld in heteerste lid is mogelijkviaautomatische incasso, mits wordt voldaan aan de voorwaarden van de uituoeringsregeling automatische incasso van de Belastingsamenwerking Cemeenten en Waterschappen (BsCW). De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.

Artikel 9 Ontstaan belastingplicht

1. 2.

De bij wege van aanslag geheven marktgelden en marktpromotiegelden zijn verschuldigd bij aanvang van de maand of - zo dit later is - bij het in artikel 2 bedoelde ter beschikking stellen De bij wege van schriftelijke kennisgeving geheven marktgelden zijn verschuldigd bij het in artikel 2 bedoelde ter beschikking stellen.

Artikel 10 Aanslaggrens

. Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven. 2. Voor de toepassing van het vorig lid wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde 'l

aanslagen aangemerkt als één bel astingbed rag.

Artikel 1 1 Kwijtschelding De regelgeving inzake de kwijtschelding is vastgelegd in de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2022.

Artikel 1 2 Overgangsbepaling, inwerkingtreding en citeertitel

1.

De "Verordening markt- en marktpromotiegelden gemeente Kerkrade 2021', vastgesteld 16 december 2O20, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

2. 3. 4.

Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

De ingangsdatum van de heffing is 1 januari 2022. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening markt- en marktpromotiegelden gemeente Kerkrade 2022".

C<

AmffiþdfiffiF

Gerneente l(erkrøde Conform ontwerpbesluit is besloten in de raadsvergaderin g rt. cl. . tã.'.\ ?.'?p. ?.. l.

Ontwerpbesluit Nr.: 21Rb122

De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, . dat jaarlijks de noodzakelijke tariefaanpassingen worden bezien in relatie tot de begroting;

gelezen, . de nota van toelichting, nr. 21T1105, behorende bij dit besluit;

gelet op, ¡ artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Cemeentewet;

besluit: 1.

3.

ln te trekken de Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2021 vastgesteld d.d. 16 december 2020, inclusief de daarbij behorende tarieventabel; Vast te stellen de volgende "Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2O22" inclusief de daarbij behorende tarieventabel welke als bijlagen bij dit besluit zijn toegevoegd en als zodanig deel uitmaken van dit besluit; De datum van intrekking van de onder 1. vermelde verordening is gelijk aan de datum van

4.

inwerkingtreding van de onder 2. vermelde verordening; De onder 2. vermelde verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2O22.

2.

Aldus vastgesteld in openbare raadsvergadering van de gemeente Kerkrade van 15 december 2021

De

de raad,

De

ç9/' dr. T.P. Dassen-Housen

.ô FSC

MIX Pâplervån

vorantwoodo he*om8t

FSC. C017488

mr. drs. D.C.M.C. Franssen.

Ø

Psvkstsd ümbuvg Gemeente Kerkade maakt deel uit van Parkstad Limbrrg

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2tRbt 22

pag. 1

verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2022 Artikel 1 Definities Deze verordening verstaat onder: 1. begraafplaats: de begraafplaats(en) Bleijerheide, Chevremont, Hambos, Holz, Kaalheide en KerkradeKom; 2. particulier graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: - het doen begraven en begraven houden van lijken; - het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; - het doen verstrooien van as; 3. algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; 4. asbus: een bus ter berging van as van een overledene; 5. urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; 6. verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid; 7. grafbedekking: gedenktekens en/of grafbeplanting op een graf of een verstrooiingsplaats; 8. beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats(enj of degene die hem vervangq 9- rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier graf of een eigen particulier urnengraf, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden.

Artikel 2 Belastbaar feit

op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats

Artikel 3 Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.

Artikel 4 Vrijstellingen

1. Voor het begraven of bijzetten van levenloos geboren of binnen 14 dagen na de geboorte overleden

kinderen van een meervoudige geboorte, die in één kist worden begraven of in éãn asbus worden bijgezet in een graf is het recht éénmaal verschuldigd. 2. Voor het begraven of bijzetten in een graf van stoffelijke resten van kinderen, d ie binnen 14 dagen na geboortezijn overleden en worden begraven in één kistof worden bijgezet in één asbus met het stoffelijk overschot van de overleden moeder is geen recht verschuldigd.

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief

2

De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven/ opgenomen in de bij deze verorden in g behorende tarieventabel. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieven tabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 21Rbl22

Pag.2

Artikel 7 Wiize van heffing Rechten als bedoeld in de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

Artikel I Ontstaan van de belastingschuld Rechten als bedoeld in de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.

Artikel 9 Termijnen van betaling 1

. ln afwijking van artikel 9, eerste lid, van de lnvorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald binnen dertig dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving.

2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn. Artikel l0 Kwijtschelding De regelgeving inzake de kwijtschelding is vastgelegd in de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2022.

Artikel 11 lnwerkingtreding en citeertitel 1

. De "Verordening lijkbezorgingsrechten 2021", vastgesteld 16 december 2020, wordt ingetrokken met

ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2O22. 4. Deze verordening wordt aangehaald als de "Verordening lijkbezorgingsrechten 2022".

Bijlage I behorende bij raadsbesluit nr 2t RbI 22

pag. 1

Bijlage I Tarieventabel behorende bij de Verordening lijkbezorgingsrechte n 2O22 Behoort bij raadsbesluit van 15 december 2021.

De griffier van de gemeente Kerkrade

gg/

Tarieventabel Lijkbezorgingsrechte n 2022 Hoofdstuk 1.'l

1

Verlenen van rechten

Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een graf wordt geheven Betreffende een persoon van '12 jaar en ouder:

bij eerste uitgifte 1.1.1

voor een periode van 20 jaar

€'1.128,00

"1.'t.2

voor een periode van 30 jaar

€'t.452,OO

voor het verlengen

€ 399,00

1.1.3

voor een periode van 5 jaar

1.1.4

voor een periode van 10 jaar

€ 647,00

1.1.5

voor een periode van 20 jaar

Q. 1.121,OO

Betreffende een persoon beneden 12 jaar:,

bij eerste uitgifte 1.1.6

voor een periode van 20 jaar

1.1.7

voor een periode van 30 jaar

Q 682,00 €. 876,00

voor het verlengen 1.1.8

voor een periode van 5 jaar

1.1.9

voor een periode van 10 jaar

1.1.10

voor een periode van 20 jaar

"t.2

e 229,OO € 384,00

€. 679,00 Voor het verlenen van het uitsluitend recht tot het bijzetten van maximaal twee asbussen/urnen in een gral bestemd voor het bijzetten van asbussen/urnen, wordt geheven bij eerste uitgifte

1.2.1

voor een periode van 20 jaar

€ 812,OO

1.2.2

voor een periode van 30 jaar

€ 't.089,00

voor het verlengen 1.2.3

voor een periode van 5 jaar

€ 285,00

1.2.4

voor een periode van 10 jaar

€ 488,00

1.2.5

voor een periode van 20 jaar

€ 805,00

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 2tRbl 22 1.3

pag. 2

Voor het begraven of b ijzetten van levenloos geboren of binnen 14 dagen na de geboorte overleden kinderen van een meervoudige geboorte, die in één kist worden begraven of in één asbus worden bijgezet in een graf, is het recht éénmaal verschuldigd, terwijl geen recht verschuldigd is voor het begraven of bijzetten in een graf van stoffelijke resten van kinderen, die binnen 14 dagen na geboorte overleden, worden begraven in één kist of worden bijgezet in één asbus met het stoffelijk overschot van de overleden moeder.

Hoofdstuk 2 Grafbedekking 2.1

Voor het afgeven van een vergunning terzake van het plaatsen of vernieuwen van een grafteken, behoudens in geval van bijgraving of bijzetting, bedoeld in artikel 18 van de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Kerkrade 2010 wordt geheven:

€ 89,00

Hoofdstuk 3 Bedekking van urnengraven 3.1

Voor het afgeven van een vergunning terzake van het aanbrengen of vernieuwen van een afsluitplaat voor asbussen wordt geheven:

€ 99,00

C<

ARC&ËüffiF

Gerneente Kerkrøde Conform ontwerpbesluit is

besloten in de raadsvergadering cJ. d. ....1.ã,.!.¿,¿ç2.

t

Ontwerpbesluit Nr.: 21Rbl23

De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, o dat jaarlijks de noodzakelijke tariefaanpassingen worden bezien in relatie tot de begroting;

gelezen, . de nota van toelicht¡ng, nr. 21T1105, behorende bij dit besluit;

gelet op,

.

aftikel 228 van de Cemeentewet;

besluit: 1

.

2. 3. 4.

ln te trekken de Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasling 202"1 vastgesteld d.d. 16 december 2020, gewijzigd 7 juli 2021,inclusief de daarbij behorende

tarieventabel; Vast te stellen de volgende "Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2O22" inclusief de daarbij behorende tarieventabel welke als bijlagen bij dit besluit zijn toegevoegd en als zodanig deel uitmaken van dit besluit; De datum van intrekking van de onder 1. vermelde verordening is gelijk aan de datum van inwerkingtreding van de onder 2. vermelde verordening; De onder 2. vermelde verordening treedt in werking met ingang van 1 ianuari 2022 bekendmaking.

Aldus vastgesteld in openbare raadsvergadering van de gemeente Kerkrade van 15 december 2021

De voorzitter van de raad,

De

<_c).-\*--" dr. T.P. Dassen-Housen

.â FSC

MIX Paplor vdn

v€6nfuæd6 herkomal

FSC. C0'f7488

mr. drs. D.C.M.C. Franssen.

Ø

Pqrkstod LimbuYg cemeente Kerkrade maakt deel uit van Parkstad Limburg

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 21Rb1

23

pag. I

Verordening op de heffing en invorder¡ng van precar¡obelasting 2022 Artikel I Definities Voor de toepassing van deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt verstaan onder:

a. het voetgangersdomein zoals aangegeven op de plattegrond, horende bij deze verordening, bijlage 2 gebied A;

b. het centrum zoals aangegeven op de plattegrond, horende bij deze verordening, bijlage 2 gebied B; c. vergunning: een door het gemeentebestuur verleende en in een gemeentelijke registratie opgenomen toestemming op grond waarvan een persoon een of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond mag hebben; d. jaar: een kalenderjaar;

e. kwartaal: een kalenderkwar-taal; f. maand: een kalendermaand; g. week: een kalenderweek; h. dag: een periode van 24 aaneengesloten uren/ aanvangende te 00.00 uur, of een gedeelte daarvan. Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld en genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel, bijlage 1.

Artikel 3 Belastingplicht De precariobelasting wordt geheven van degene die één of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp

of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn.

Artikel 4 Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven ter zake van:

t

het hebben van voorwerpen, waaryan de aanwezigheid door de gemeente op grond van een overeenkomst of anderszins rechtens moet worden gedoogd;

2

het hebben van voorwerpen ten behoeve van percelen, waaryan de gemeente krachtens eigendom, bezit of beperkt recht de genothebbende is, met uitzondering van die percelen, welke aan derden zijn verhuurd; voorwerpen, waaryoor voorheen krachtens de bepalingen van de "Verordening op de heffing en invordering van een baatbelasting ter zake van het winkelerf in de Akerstraat te Kerkrade-West" belasting werd betaald t voorwerpen welke uitsluitend in een algemeen belang voorzien of welke uitsluitend worden gebezigd voor weldad ige doeleinden; overbouwingen, erkers, uitbouwingen, balkons, vensterbanken, kelderingangen, funderingen, putten, koekoeken, licht- en luchtopeningen, stoeptreden, dakgoten, afvoerbuizen van hemelwater, gevelroosters, rolluiken, rolluikkasten, luidsprekers, hijswerktuigen; verkeerstekens, wegwijzers, lichtmasten, standbeelden, kruisbeelden, banken, hekken, palen, rijwielblokken, rijwielbeugels, fonteinen, brievenbussen, telefooncellen, abri,s;

3 4 5 6

Bijlage behorende bij raadsbeslu¡t N 2tRbt 23

pag. 2

7

buizen, kabels, transportleid ingen;

I

vlaggen, vlaggendoeken, vlaggenstokken en wimpels, tenzij deze voor reclamedoeleinden

worden gebezigd; 9 10

voorwerpen op de openbare weg bij kleinschalige, niet-commerciële buurtactiviteiten; voorzieningen aangebracht ten behoeve van mindervaliden, tot het toegankelijk maken van een eigendom;

"t1

voorwerpen, waarvoor krachtens de bepalingen van de "Verordening reclamebelasfing 2022" belasti ng wordt betaald.

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het overigens in deze verordening bepaalde.

Artikel 6 Berekening van de belasting

2

3

4 5

Voor de berekening van de precariobelasting wordt met betrekking tot een in de tarieventabel genoemde lengte- of oppervlaktemaat een gedeelte daarvan als een volle eenheid aangemerkt. lndien een oppervlakte{arief is vastgesteld,, de belasting berekend naarde horizontale projectie van de voorwerpen, tenzij anders is bepaald. lndien voorwerpen of gedeelten van voorwerpen naar maatschappelijke opvatting bij elkaar horen, worden deze als één voorwerp aangemerkt. De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op het product van de twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp geplaatste denkbeeldige rechthoek. lndien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de precariobelasting aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning, tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een koftere of langere periode heeft voorgedaan.

6

7

8

lndien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de voor de belastingplichtige meest voordelige wijze. ln afwijking van het bepaalde in artikel 1 wordt voor de berekening van de precariobelasting: a. indien in de tar¡eventabel voor een voorwerp wel een weektarief, maar geen dagtarief is opgenomen, een gedeelte van een week gelijkgesteld met een week; b. indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een maandtarief, maar geen dag- of weektarief is opgenomen, een gedeelte van een maand gelijkgesteld met een maand. lndien in de tarieventabel voor een voorwerp een dagtarief, weektarief of maandtarief is opgenomen en het belastingtijdvak een langere periode dan een dag, onderscheidenlijk een week of een maand omvat, gelden deze tarieven per dag, onderscheidenlijk week of maand van het belastingtijdvak.

Bijlage behorende bij raadsbeslu¡t nr 2l Rbt 23

pag. 3

Artikel 7 Belastingtijdvak lndien de belasting wordt geheven naar jaartarieven is het belastingtijdvak het kalenderjaar waarin de voorwerpen aanwezig zijn. ln de overige gevallen is het belastingtijdvak het kwartaal, de maand, de week of de dag waarin de voorwerpen aanwezig zijn, met dien verstande dat ook heffing voor elk belastbaar feit afzonderl ijk kan plaatsvinden.

Artikel I Wijze van heffing De precariobelasting wordt geheven bij wege van aanslag.

Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

2.

3

4. 5.

ln de gevallen bedoeld in artikel 6, is de precariobelasting verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of , zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. lndien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt is de naar jaartarieven geheven precariobelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde belasting als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overbl ijven. lndien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de naar jaartarieven geheven precariobelasting voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde precariobelasting als er in dat tijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overbrlijven. Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven. Voor de toepassing van het vorig lid wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt al s één belastin gbed rag.

Artikel 10 Termijnen van betaling ln afwijkingvan artikel 9, eerste lid, van de lnvorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede

termijn een maand later. 2

3

4

ln afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat en het bedrag daarvan niet hoger is dan € 20.000,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog niet geëindigde maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste vier en ten hoogste tien bedraagt. Betalingvan de termijnen zoals bedoeld in de leden 1 en 2 is mogelijk via automatische incasso, mits wordt voldaan aan de voorwaarden van de Uituoeringsregeling automatische incasso van de Belastingsamenwerking Cemeenten en Waterschappen (BsCW). De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2l Rbt 23

pa$. 4

Artikel 11 Kwijtschelding De regelgeving inzake de kwijtschelding is vastgelegd in de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2022.

Bijlage behorende bij raadsbesluit nt 2t Rbt 23

pa$. 5

Artikel 12 lnwerkinglreding en citeertitel 1

De "Verordening Precariobelasting 2021", vastgesteld 16 december 2020, gewijzigd 7 juli 2O21 ,

wordt ingetrokken, met dien verstande dat zi.i van toepassing blijft op belastbare feiten die zich voor de in het derde lid vermelde datum van ingang van de heffing hebben voorgedaan. 2

Deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel treden in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

3

De datum van ingang van de heffing ís 1 januari 2022.

4

Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening Precariobelasting 2022",

Bijlage I behorende bij raadsbeslu¡t M 2l Rb|23

pag. 1

Bijlage 1 Tarieventabel behorende bij de Verordening precariobelasting 2022 Behoort bij raadsbesluit van 15 december 2021.

De griffier van de gemeente Kerkrade

Tarieventabel precariobelasting 2022

Nummer

Omschrijving

0

Algemeen tarief

0.01

Voorwerpen, waaryoor onder de volgende nummers niet in een bijzonder tarief is voorzien

1

Automaten

1.01

Automatische verkoop-, weeg- of andere

Eenheid

Bedrag

per m2 per jaar

€ 0,00

per stuk per jaar

€ 0,00

per stuk per jaar

€ 0,00

toestellen

2

Benzine-, oliepompen, tanks e.d.

2.01

Vaste aftappunten met toebehoren voor

motorbrandstof 2.02

Aftappunten met toebehoren voor lucht of water

per stuk per jaar

€ 0,00

2.O3

Vulputten, kraanputten e.d

per stuk per jaar

€ o,o0

2.O4

Opslagtan ks voor motorbrandstof

per 1.000 l. inh. p. jaar

€ 0,00

2.O5

Lu ifels of overkappi ngen

per m2 per jaar

€ 0,00

2.06

Pompheuvels (perrons of voetstu kken)

per m2 per jaar

€ 0,00

3

Etalages, vitrines e.d

3.01

Etalages, vitrines e.d

per stuk per jaar

€ 0,00

4

Reclamevoorwerpen

4.01

Reclameborden, uithangborden, uithangtekens, letteropschriften, letterreclames of andere dergel ij ke reclamevoorwerpen, zonder ku nstverl ichti n g, over de frontoppervlakte

( 1 m2 per jaar

€ 0,00

(: opp.) 4.O2

Als onder nummer 4.01

1 m2 <opp ( 3 m2

€ o,oo

4.03

Als onder nummer 4.01

> 3 m2 per jaar

€ 0,00

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 21Rbl23

Nummer

Omschrijving

4.O4

Reclameborden,

paq. 2

Eenheid u ithan gborden, u ithan gtekens,

Bedrag

( 1 m2 per jaar

€ 0,00

letteropsch riften, letterreclames of andere

dergelijke reclamevoorwerpen, met kunstverlichting, over de frontoppervlakte ( :opp) 4.05

als onder nummer 4.04

1 m2 <opp( 3 m2

€ 0,00

4.06

als onder nummer 4.04

> 3 m2 per jaar

€ 0,00

Reclamezui len, -kubussen, d riehoeksborden

per stuk per jaar

€ 0,00

4.O7

zonder kunstverl ichti ng 4.08

Reclamezuilen, -kubussen, driehoeksborden met kunstverlichting

per stuk per jaar

€ 0,00

4.O9

Reclamevlaggen, -vlaggendoeken en -wimpels

per stuk per jaar

€ 0,00

4.10

Tocht-, windschermen en rijwielrekken met reclameopschrift(en)

per stuk per jaar

€ 0,00

4.11

Lantaarns met reclameopsch rift(en)

per stuk per jaar

€ 0,00

5

Zonneschermen, markiezen en luifels

5.01

Zonneschermen, markiezen en luifels

per m1 per jaar

€ 0,00

6

U itstallen

6.01

Uitstal len van goederen

per m2 per jaar

€ 0,00

6.O2

als onder nummer 6.01

per m2 per kwartaal

€ 0,00

6.03

als onder nummer 6.01

per m2 per maand

€ 0,00

7

Terrassen

7.01

Terrassen binnen het voetgangersdomein

per m2 per kwartaal

€ 0,00

7.02

Als onder nummer 7.01

per m2 per maand

€ 0,00

7.03

Terrassen elders

per m2 per kwartaal

€ 0,00

7.O4

Als onder nummer 7.03

per m2 per maand

€ 0,00

7.O5

Terrassen u itb reid i n gen, ti jdel j k toegestaan i.v. m i

Covid-19

per m2 per kwartaal / maand

nihil

8

Standplaatsen

8.01

het in het centrum innemen van standplaatsen waaryoor vergunning is vereist ingevolge artikel 5.2.3 APV:

8.01a

op alle voor detai lhandel toegestane dagen van de week zonder stroom

per dag per m2

€ 0,00

8.01b

op alle voor detailhandel toegestane dagen van de week met stroom

per dag per m2

€ 0,00

8.01c

voor ideële doeleinden

n.v.t.

8.O2

het buiten het centrum innemen van een standplaats waarvoor vergunning is vereist ingevolge artikel 5.2.3 APV:

8.02a

op alle voor detailhandel toegestane dagen van de week zonder stroom

per dag per m2

€ 0,00

op alle voor detailhandel toegestane dagen van

per dag per m2

€ 0,00

8.02b

de week met stroom

n

ihil

Bijlage I behorende bij raadsbesluit nr 21 Rbl 23

pag. 3

Nummer

Omschrijving

Eenheid

8.O2c

voor ideële doeleinden

n.v.t.

9

Diverse voorwerpen

9.01

Tocht-, windschermen en rijwielrekken

per stuk per jaar

€ 0,00

9.02

Lantaarns

per stuk per jaar

€ 0,00

9.03

Krantenstandaards

per stuk per jaar

€ 0,00

9.O4a

Afzetcontainers

per geplaatste

€ 0,00

Bedrag n

ihil

container per dag 9.O4b

Afzetcontainers

per vergunninghouder per jaar

€ 0,00

9.05a

Draaiorgels e.d

per dag

€ 0,00

9.0sb

Draaiorgels e.d

per kwartaal

€ 0,00

Bijlage 2 behorende bij raadsbesluit nr 2I Rbl 23

pag. 1

Bijlage 2 Plattegrond behorende bij de Verordening precariobelasting

2022

Behoort bij raadsbesluit van 15 december 2021.

De griffíer van de gemeente Kerkrade

U^hV'*-

Bijlage 2 behorende bij raadsbesluit nr 2t Rbt 23

I l-]

pag. 2

-lf-

schml

voetgangersdomein ( gebied A )

3ósffi-b

centrum ( gebied B )

A

300 m.

;ì lri

li li

l'.i

â)

ù

B

ii I

J

..,1

a'

r1.

!

,:,.::\ .,'.. \.\.

',: .l *i 'iiti\ '1",r .li\\

C<

ARtrH4ffiffiffi

Gerneente l{erkrøde Conform ontwerpbesluit ís besloten ín de raad svorg aderng d.d.

J.ã-.i-?jäç.T*

Ontwerpbesluit Nr.: 21Rb124

De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, . dat jaarlijks de noodzakelijke tariefaanpassingen worden bezien in relatie tot de begroting;

gelezen, r de nota van toelichting, nr. 21T1105, behorende bij dit besluit;

gelet op, ¡ artikel 227 van de Cemeentewet;

besluit: 1

2

3.

4.

ln te trekken de Verordening op de heffing en de invordering van reclamebelasting 2021 vastgesteld d.d. 16 december 2020, gewiizigd 7 iuli 2021; Vast te stellen de volgende "Verordening op de heffing en de invordering van reclamebelasting 2022" inclusief de daarbij behorende tarieventabel welke als bijlagen bij dit besluit zijn toegevoegd en als zodanig deel uitmaken van dit besluit zijn toegevoegd en als zodanig deel uitmaken van dit besluit; De datum van intrekking van de onder 1. vermelde verordening is gelijk aan de datum van inwerkingtreding van de onder 2. vermelde verordening; van 1 anuari 2022. met De onder 2. vermelde verordenin treedt in werki

Aldus vastgesteld in openbare raadsvergadering van de gemeente Kerkrade van 15 december 2021

De voorzitter van de raad,

dr. T.P. Dassen-Housen

.ô FSC

MIX Papl6rven

vo€ntwoord6 he*omal

FSC¡ C017488

De

rs. D.C.M.C. Franssen

ø

Porkstqd Limbuvg Gemeente Kerkrade maaK deel uit van Parkstad L¡mburq

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2t Rbt 24

pag. 1

verordening op de heffing en invorder¡ng van reclamebelasting 2022 Artikel 1 Definities Voor de toepassing van deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt verstaan onder: 1. reclameobject: een openbare aankondiging in letters, symbolen of kleuren, of een combinatie daarvan, zichtbaar vanaf de openbare weg;

2. bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij directe of indirecte steun vindt in of op de grond;

3. vestiging: een gebouw, of een deel daarvan, dat door één organisatie of bedrijf wordt gebruikt; 4. tussenpersoon: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die zijn bedrijf maakt van het verlenen van

bemiddeling bij het tot stand brengen en sluiten van overeenkomsten in opdracht en op naam van personen tot wie hij niet in vaste betrekking staat; 5. exploitant: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die zi.jn bedrijf maakt van het ten behoeve van derden tegen vergoeding aanbrengen van reclameobjecten op door hem daartoe beschikbaar gestelde oppervlakten; 6. voorziening: specifiek hulpmiddel bestemd voor het aanbrengen van één of meer (al dan niet wisselende) openbare aankondigingen;

7. jaar: een kalenderjaar. Artikel 2 Gebiedsomschrijving Deze verordening is van toepassing binnen de (winkel)gebieden Kerkrade Centrum en Kerkrade West van de gemeente Kerkrade zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende kaarten, bijlage 2 en

bijlage 3.

Artikel 3 Belastbaar feit Onder de titel 'reclamebelasting' wordt onder de in de bij deze verordening behorende tarieventabel, bijlage 1, gesteldevoorwaarden, binnen de gebieden als bedoeld in artikel 2 een belastinggeheven ter zake van openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de openbare weg.

Artikel 4 Belastingplicht 1

. De reclamebelasting wordt geheven van degene van wie, dan wel ten behoeve van wie, al dan n iet met vergunning, de openbare aankondiging wordt aangetroffen.

2- ln afwijking van het bepaalde in het eerste lid wordt de reclamebelasting, voor een openbare aankondiging die met vermelding van de naam van een tussenpersoon is gedaan in verband met de verhuur of de verkoop van roerende en onroerende zaken, geheven van die tussenpersoon. 3. ln afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid wordt de reclamebelasting voor een openbare aankondiging die door tussenkomst van een exploitant is aangebracht, geheven van die exploitant.

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2t Rbt 24

paï. 2

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief

1. De reclamebelasting wordt geheven per vestiging naar de oppervlakte van een reclameobject, met inachtneming van het overige in deze verordening bepaalde. 2. Voor de toepassing van dit artikel worden de op basis van artikel 6, tweede lid, bepaalde oppervlakten van reclameobjecten, die bij één vestiging, bouwwerk of deel daarvan behoren, bij ' elkaar opgeteld. lndien meerdere bouwwerken of delen daarvan direct naast elkaar gelegen zijn en tezamen worden gebruikt door één belastingplichtige voor één vestiging, worden de oppervlakten van reclameobjecten die bij deze bouwwerken of delen daarvan behoren voor de toepassing van dit artikel bij elkaar opgeteld.

3. Reclameobjecten behoren in elk geval tot één bouwwerk indien zij daarmee fysiek zijn verbonden of 4.

daarmee tezamen worden gebruikt. Het tarief van de reclamebelasting is opgenomen in de bij de verordening behorende tarieventabel,

bijlage 1.

Artikel 6 Berekening van de reclamebelasting

1. Voor de berekening van de reclamebelasting wordt met betrekking tot een in de tarieventabel Senoemde oppervlaktemaat een gedeelte daarvan als volle eenheid aangemerkt.

2. De oppervlakte van een reclameob.iect wordt vastgesteld als volgt: a. indien de openbare aankondiging wordt gedaan op een zuil, bord, vlag, (span)doek, poster of soortelijk aankondigingsvoorwerp, waarop door verschillende belastingplichtige een aankondiging wordt gedaan, wordt de oppervlakte van de aankondiging van de belastingplichtige bepaald op de aan hem voor het doen van de aankondiging ter besch ikki ng staande oppervlakte van het aan kond i gin gsvoo rwerp;

b. indien de openbare aankondiging bestaat uit het aankondigingsvoorwerp zelf, wordt de oppervlakte van de aankondiging bepaald op de oppervlakte van het voorwerp. lndien het voorwerp niet rechthoekig is, wordt de oppervlakte bepaald door de lengte c.q. de hoogte en de breedte van de denkbeeldige rechthoek die het voorwerp omsluit; c. indien sprake is van een voorziening voor het doen van de aankondiging, wordt de oppervlakte van de aankondiging bepaald op de oppervlakte van de voorziening. lndien de voorziening niet rechthoekig is, wordt de oppervlakte bepaald door de lengte c.q. de hoogte en de breedte van de denkbeeldige rechthoek die de voorziening omsluit; d. indien de openbare aankondiging wordt gedaan door middel van een combinatie van verschillende losse voorwerpen of een opschrift met losse letters of symbolen, wordt de oppervlakte van het reclameobject bepaald door de lengte c.q. de hoogte en de breedte van de denkbeeldige rechthoek die de voorwerpen of het opschrift omsluit. 3. lndien het reclameobject slechts voor een deel zichtbaar is vanaf de openbare weg wordt de oppervlakte van het reclameobject bepaald op het van de openbare weg zichtbaar gedeelte van het reclameobject.

Artikel 7 Belastingtijdvak Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2l Rbt 24

paç. 3

Artikel I Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

1. De belastingschuld ontstaat bij het begin van het belastingtijdvak. 2. lndien de belastingplicht na het begin van het belastingtijdvak aanvangt, ontstaat de belastingschuld bij de aanvang van de belastingplicht.

3. lndien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, is de reclamebelasting verschuldigd voor zoveel maanden als er in da|. jaar, na het ti;dstip van de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4. lndien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt dan wel vermindert, wordt de aanslag op verzoek van belastingplichtige verminderd met zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde reclamebelasting als er in dat jaar na het tijdstip van de beëindiging van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

Artikel 9 Wijze van heffing De reclamebelasting wordt geheven bij wege van aanslag.

Artikel 10 Vrijstellingen De reclamebelasting wordt niet geheven voor openbare aankondigingen:

1. die korter dan 'l 3 weken aanwezig zijn,tenzij deze openbare aankondigingen zijn geplaatst in een voorziening waarin, waaraan of waarop wisselende openbare aankondigingen worden geplaatst, die

individueel korter dan 'l 3 weken aanwezig zijn, maar waarbij de verschillende openbare aankondigingen gezamenlijk 13 weken of meer aanwezig zijn;

2. waaryoor op grond van een privaatrechtelijke overeenkomst betaling aan de gemeente moet geschieden onderscheidenlijk een vergoeding aan de gemeente verschuldigd is;

3. die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt gediend kunnen worden aangemerkt;

4. die door de gemeente of in opdracht van de gemeente is geplaatst of aangebracht, indien en voor zover de openbare aankondiging geschiedt ter uitvoering van de publieke taak;

5. die door (semi) overheden of cultureel-maatschappelijke instellingen zijn aangebracht en die een cultureel, maatschappelijk, charitatief of ideeel belang dienen; 6. op parasols welke zijn geplaatst op een terras bij een horecaonderneming; 7. aangebracht door of namens winkeliersverenigingen of wijkorganen, waarbij het reclameobject uitsluitend bestaat uit een vlag met naam van de winkeliersvereniging of het wijkorgaan; 8. op zuilen, borden, muren of andere constructies, aangewezen door het bevoegde bestuursorgaan; 9. voorzien van opschriften aangebracht op bouwterreinen, voor zover deze opschriften rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering zijnde bouwwerkzaamheden; 10. die door politieke partijen zijn aangebracht en die een ideëel belang dienen; 'l 1 . die onderdeel uitmaken van voor de verkoop of verhuur bestemde artikelen en producten in een etalage of in de winkel; 12. bestemd voor de verkoop of verhuur van onroerende zaken, indien deze aanwezig zijn in de onmiddellijke nabijheid van de te verkopen zaak; 13. die zijn aangebracht ten behoeve van de uitvoering van medische en paramedische beroepen.

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2t Rbl 24

pag.4

Artikel 11 Termijnen van betaling 1

. ln afwijking van artikel 9, eerste lid, van de lnvorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede termijn een maand later.

2. ln afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde

aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat en het bedrag daarvan niet hoger is dan € 20.000,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog niet geëindigde maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste vier en ten hoogste tien bedraagt. 3. Betalingvan determijnen zoals bedoeld in de leden 1 en 2 is mogelijkviaautomatische incasso, mits wordt voldaan aan de voorwaarden van de Uitvoeringsregeling automatische incasso van de

4.

Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsCW). De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel f 2 Aanslaggrens

1. Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven. 2. Voor de toepassing van het vorig lid wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één belastingbedrag.

Artikel l3 Kwijtschelding De regelgeving inzake de kwijtschelding is vastgelegd in de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2022.

Artikel 14 Inwerkingtreding en citeertitel

1. De "Verordening Reclamebelasting 2021", vastgesteld 16 december 2O2O, gewijzigd 7 juli 2021 , wordt ingetrokken, met dien verstand e dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich voor de in het derde lid vermelde datum van ingang van de heffing hebben voorgedaan.

2. Deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel treden in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022.

4. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening Reclamebelasting 2022".

Bijlage 1 behorende bij raadsbesluit nr 2I Rbt 24

pag. 1

Bijlage 1 Tarieventabel behorende bij de Verordening reclamebelasting 2022 Behoort bij raadsbesluit van 15 december 2021.

De griffier van de gemeente Kerkrade

Tarieventabel reclamebelasting 2022

1.

Het tarief bedraagt voor het hebben van een reclameobject gelegen in: het aangewezen gebied in artikel 2 van de verordening, de straten, zoals aangegeven op de bij deze

verordening behorende kaart betreffende Kerkrade Centrum, bijlage 2, per jaar, per vestiging

2.

a

indien de oppervlakte van het reclameobject niet meer is dan 1m2

€ 0,00

b

indien de oppervlakte van het reclameobject meer is dan 1m2, maar niet meer is dan 25m2

€ 0,00

c.

indien de oppervlakte van het reclameobject meer is dan 25m2

€ 0,00

Het tarief bedraagt voor het hebben van een reclameobject gelegen in: het aangewezen gebied in artikel 2 van de verordening, de straten, zoals aangegeven op de bij deze

verordening behorende kaart betreffende Kerkrade West, bijlage 3, per jaar, per vestiging a.

indien de oppervlakte van het reclameobject niet meer is dan 1m2

€ 0,00

b.

indien de oppervlakte van het reclameobject meer is dan 1m2, maar niet meer is dan 25m2

€ 0,00

c.

indien de oppervlakte van het reclameobject meer is dan 25m2

€ 0,00

Bijlage 2 behorende bij ruadsbesluit nr 2t Rbt 24

pag.l

Bijlage 2 Als aangewezen gebied, Kerkrade Centrum ' bedoeld in artikel 2 van de Verordening Reclamebelasting 2021 en onderdeel

r

tarieventabel geldt het op deze kaart geel gemarkeerde gedeelte.

Behoort bíj raadsbesluít van 15 december 2021.

De griffier van de gemeente

uL

-"y/--

1 van de

Bijlage 2 behorende bij raadsbesluit nr 2t RbI24

pag.2

c'}

¡i

/!

LtJ

sr-J

$

ü

i_l

.t

"o% ¡¡-¡o LLT

I

s

A o

ri.J-l

ìi

b

Ë$

lt Ct

r.c

ç

t/

Bijlage 3 beho¡ende bij raadsbesluit nr 2l Rbl24

pag.l

Bijlage 3 Als aangewezen gebied, Kerkrade West

o

r

bedoeld in artikel 2 van de Verordening Reclamebelasting 2021 en onderdeel 2 van de tarieventabel geldt het op deze kaart geel gemarkeerde gedeelte.

Behoort bij raadsbesluit van 15 december 202.1.

De griffier van de gemeente Kerkrade

a'>H-

Bijlage 3 behorende bij raadsbesluit nr 21 Rb\24

t

--oil

pag. 2

-û

ç

{3o

r'

'-t

's

s

s

11

r)

d,

ds

t2

r

.C

aé

C*

t

6 dÞ

t--)

t_¡ tlj- "Fp

tr

{\p

[l

d,#

^hä

s 'J

c

VLI

o&+

4T

c

J<

ÅffiæffiHffiW

Gerneente Kerkrøde Conform ontwerpbesluit is besloten in de raadsvorgadering d.d. ..1 5.r.\ã:*9.#.

Ontwerpbesluit Nr.: 21 Rbl25

De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, ¡ dat jaarlijks de nadere regels omtrent kwijtschelding bij gemeentelijke belastingen integraal worden vastgelegd;

gelezen, . de nota van toelichting, nr. 21T1105, behorende bij dit besluit;

gelet op, ¡ artikel 255 van de Cemeentewet; o aftikel 26van de lnvorderingswet 1990 en de Uitvoeringsregeling lnvorderingswet 1990;

besluit: 1. ln te trekken de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2021 vastgesteld d.d. 1

6 december 2020;

2. Vast te stellen de volgende "Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2022" welke als bijlage bij dit besluit is toegevoegd en als zodanig deel uitmaakt van dit besluit;

3. De datum van intrekking van de onder'l . vermelde verordening is gelijk aan de datum van inwerkingtreding van de onder 2. vermelde verordening;

4. De onder 2. vermelde regeling treedt in werking met ingang van 1 ianuari 2022. Aldus vastgesteld in openbare raadsvergadering van de gemeente Kerkrade van 15 december 2021

De voorzitter van de raad,

De

C

dr. T.P. Dassen-Housen

t/} FSC

Mtx Paplor van v€mnfuoordo horkonat

FSC. C0 f7488

drs. D.C.M.C. Franssen

Ø

Parkstod Limbuvg Gemeente Kerkrade maaK deel uit van Parkstad Limburg

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr 2l Rbt 25

pag. 1

Regeling kwijtschelding gemeentelijke belasting en 2O22

Artikel 1 Uitgesloten van kwijtschelding De gemeente verleent geen kwijtschelding voor de navolgende belastingaanslagen

. Hondenbelasting 2. Parkeerbelasting 3. Toeristenbelasting 4. Leges 5. Marktgelden en marktpromotiegelden 6. Lijkbezorgingsrechten 7. Precariobelasting 8. Reclamebelasting 'l

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=225b6ce6-c423-47e9-8ea2-614b0b6a32f9