CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

schrijven aan commissie nav notulen AZM van februari 2021en agenderingsverzoek SP.pdf

Commissie Algemene Zaken en Middelen 1 februari 2021, gemeente KerkradeBij agendapunt: Schrijven d.d. 18 december 2020 van de provincie Limburg (20i0031825) inzake repressief begrotingstoezicht begroting 2021.1.034 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geachte commissie, Volgens het (concept) verslag van de commissie AZM van februari is o.a. aan de orde gekomen de brief van de Provincie m.b.t. het begrotingstoezicht (agendapunt 10.6 ingekomen stukken). Hieruit blijkt dat de gemeente Kerkrade voldoet aan alle eisen en wederom repressief toezicht krijgt. Door fractie SP is hierbij het volgende aan de orde gesteld: SP 10.6 Schrijven d.d. 18 december 2020 van de provincie Limburg (20i0031825) inzake repressief begrotingstoezicht begroting 2021: de commissie wordt voorgesteld om deze brief voor kennisgeving aan te nemen. Provincie geeft aan dat meerjarenplanning voor 2023 en 2024 weliswaar formeel in evenwicht is maar er desondanks een structureel en reel tekort is van 1 miljoen euro per jaar. Raad moet bespreken hoe met dit tekort moet worden omgegaan. Hadden verwacht dat dit geagendeerd zou worden. SP gaat een agendaverzoek indien om dit te bespreken. Verzoekt het college nu al om, als het besproken wordt of anders ook, met een toelichting en voorstellen te komen om dit structureel tekort anders dan met incidentele baten aan te pakken. In de brief van de Provincie is hierover inderdaad de volgende passage opgenomen: “Als we de formele saldi corrigeren voor de incidentele baten en lasten is er voor het begrotingsjaar 2021 sprake van een structureel en reëel overschot van € 0,76 miljoen.

Voor de jaarschijf 2022 van de meerjarenraming is ook sprake van een structureel en reëel overschot (€ 123.000), terwijl voor de jaarschijven 2023 en 2024 sprake is van een structureel en reëel tekort van respectievelijk € 1,14 miljoen en € 1,05 miljoen.” Dit “kengetal” is gebaseerd op de cijfers volgens de door de raad vastgestelde “Begroting 2021 incl. meerjarenraming 2022-2024” (hierna kortweg: “Begroting 2021”), pag. 143, 145, 147 en 148. Daar presenteert de gemeente op de voorgeschreven wijze de betreffende cijfers die in de brief van de Provincie worden genoemd. De belangrijkste oorzaak van dat saldo was de op dat moment geraamde afname van de reserve sociaal domein, nl. in 2023 circa € 1,8 miljoen en in 2024 circa € 1,7 miljoen. Resulterend in een verwacht eindsaldo van circa € 0,1 miljoen eind 2024. Twee aspecten worden hieronder nader toegelicht. 

Actueel bedrag Ná de Begroting 2021 (raad november 2020) zijn er nog ontwikkelingen geweest. In de commissie van januari 2021 bent u op de hoogte gebracht van de laatste verwachtingen omtrent de reserve sociaal domein. Deze verwachtingen zijn inmiddels beduidend positiever. Zo is zowel in 2023 als in 2024 de afname van de reserve aanzienlijk lager. De inzet van extra middelen (4x€ 0,5 miljoen) in verband met aanjagen VIE wordt van jaar tot jaar bekeken en is niet structureel. De reserve sociaal domein heeft, zelfs bij een extra inzet voor VIE, ultimo 2024 nog een verwacht saldo van € 1,7 miljoen. Dit is fors hoger dan in de Begroting 2021 nog het geval was. De decembercirculaire blijkt ook nog eens licht positief uit te pakken.

Betekenis structureel saldo Eén van de (vele) beoordelingspunten van de Provincie is het structureel begrotingssaldo van de verschillende jaarschijven. Om te komen tot dit bedrag wordt het begrotingssaldo gecorrigeerd voor incidentele posten, zowel baten als lasten. De berekening gaat volgens een bepaalde systematiek die wij ook zo moeten presenteren in de begroting. De toevoegingen en onttrekkingen aan reserves worden daarbij per definitie aangemerkt als incidentele posten. Ook al worden ze precies gebruikt voor het doel waarvoor ze gevormd zijn. In deze berekeningssystematiek wordt verder voorbij gegaan aan de feitelijke omvang van de reserves, ook al zijn deze voldoende om eventuele tekorten nog (ruimschoots) op te kunnen vangen. De middelen zijn dus toereikend om het beleid binnen de meerjarenbegroting te bekostigen, maar in die systematiek wordt daar geen rekening mee gehouden. Het inzetten van de daarvoor bedoelde reserves heeft dan een negatieve uitwerking op het structureel saldo. Andersom, bij aanpassing van het beleid om de kosten te verlagen of opbrengsten te vergroten, heeft dit

consequenties voor de burgers en de stad. Maar de gemeente heeft in dat geval wél een hogere reserve in de boekhouding staan. Dat betekent overigens niet dat een structureel tekort altijd direct en ineens opgelost moet worden. Bij de beoordeling is ook van belang hoeveel tijd de gemeente nog heeft en wat voor buffers er zijn. Voor de jaren 2021 en 2022 hebben we een structureel positief saldo. In 2023 en 2024 hadden we dat nog niet m.n. als gevolg van de ontwikkeling in het sociaal domein. Zoals hiervoor aangegeven, de actuele cijfers zijn beduidend positiever. Opgemerkt wordt dat de reserve sociaal domein tot en met 2024 gewoon toereikend is en naar huidige inzichten ook nog langer. Bovendien wordt volgens de Begroting 2021 in de berekening van het weerstandsvermogen voor het sociaal domein nog rekening gehouden met een extra risico-afdekking ter grootte van € 1,8 miljoen voor het geval er sprake is van onverwachte schommelingen. Landelijk liep ten tijde van de Begroting 2021 de discussie tussen Rijk en VNG (namens de gemeenten) over het ontoereikend zijn van de middelen die de gemeenten krijgen voor het uitvoeren van de extra taken die zij hebben gekregen. Het kabinet heeft de besluitvorming hierover echter overgelaten aan het nieuwe kabinet. Dit is ook met de Provincie besproken en de problematiek wordt onderkend, aangezien dit speelt bij veel gemeenten.

Dit heeft u ook kunnen lezen in de betreffende brief van de Provincie. De inzet vanuit VNG/gemeenten blijft ook nu nog onverminderd groot. Uiteindelijk komt de Provincie ondanks de opmerking toch tot een positief eindoordeel. De gemeente Kerkrade krijgt daarom wederom repressief toezicht (de “lichtste” vorm, toezicht achteraf). Alles overziend is het naar huidige inzichten niet noodzakelijk om nu met voorstellen voor een oplossing te komen. Er zijn nog onduidelijkheden in het financieel perspectief voor het sociaal domein, maar de reserve is vooralsnog ruim toereikend. In het proces van de “Begroting 2022 en meerjarenraming /1e bijstelling 2021” zullen alle cijfers worden geactualiseerd en zal de Provincie de situatie opnieuw beoordelen. Volledigheidshalve merk ik nog op dat de inhoud van dit schrijven ambtelijk besproken is met de Provincie ter borging van de juiste interpretatie van de opmerking in relatie tot het positieve eindoordeel.

De heer H.J. Bejas

Wethouder Financiën, Informatisering en automatisering, Publiekszaken en dienstverlening, Wijkwethouder Oost

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=4d9a3222-6612-44c6-8ef2-b06cde471169