CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

ondertekende versie bundel tarievennota

Gemeenteraad 17 december 2025, gemeente KerkradeBij agendapunt: Ontwerpbesluit tarievennota 202630.586 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen activiteiten : bedoelde -i" '- '

'

'

a. jregulier: b. jcgmplgx:

€ 3.088,00 € 8.234,00

Artikel 2.17 Dienstverlening, onderwijs en zorg (afdeling 3.7 Besluit activiteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector dienstverlening, onderwijs en zorg als bedoeld in de paragrafen 3.7.6 en 3.7.10 van afdeling 3.7 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: a.

ulier

b.

Artikel 2.L8 Transport, logistiek en ondersteuning daarvan (afdeling 3.8 Besluit actitiviteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.L, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector transport, logistiek en ondersteuning daarvan als bedoeld in de paragrafen 3'8.2,3.8.3,3.8.5, 3.8.6,3.8.8 tot en met 3.8.11van afdeling 3.8 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde

i€ ,€

3 088100

8:234,00

I

activiteiten:

a. :regulier: b. ,complei:

3.088,00 :€8.234,00

Artikel 2.L9 Sport en recreatie (afdeling 3.9 Besluit activiteiten leefomgeving) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.L, tweede lid, aanhef en onder b,

van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sectorsport en recreatie als bedoeld in paragraaf 3.9.1 van afdeling 3.9 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activ¡teit, onverminderd het bepaalde in de andere art¡kelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activite¡ten :

a. regulier:

€ 3.088,00

Bijlage behorende bii roodsbesluit nr. 25Rb088

pog. 18

Artikel 2.20 Samenloop van milieubelastende activiteiten Als bij de toepassing van de artikelen 2.13 tot en met 2.19 dezelfde milieubelastende activiteit onder meer dan een artikel valt, wordt die milieubelastende activiteit slechts eenmaal in de heffing betrokken, waarbij het voor de belastingplichtige meest gunstige van toepassing zijnde tarief wordt toegepast 2 Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kernactiviteit in een bedrijfstak gecombineerd met functioneel ondersteunende activiteiten uit andere bedrijfstakken, dan is, in afwijking van het bepaalde in deze paragraaf, op al deze activiteiten het artikel van toepassing waaronder de bedrijfstak die bepalend is voor de ke lnact iviteit valt. Pa rog raaf 2.6 Lozi ngsactiv ite ite n

-Artikel2.21Loz

iviteit niet afkomstig van milieubelastende activitelt

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit oP een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5'1, tweede lid, aanhef en onder c, onder L, van de Omgevingswet, en het gaat niet om het lozen van

water of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: "Artikel 2.27Lozingsactiviteit afkomstig va n milieu belaste nde activiteit Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktelichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder L, van de Omgevingswet, bestaande uit het lozen van afvalwater, koelwater of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen

bedoelde activiteiten :

464,O0

I

:

;€ 464,O0

Pa ra g ra af 2.7 Aa nleg activ ite ite n

Artikel 2.23 Omgevingsplanactiviteit: opbreken en graven 1. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een iomgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.L, eerste lid, aanhef en onder a, van de :Omgevingswet, bestaande uit het opbreken van de verharding in openbaar gebied of ihet grruen in openbaar gebied, anders dan voor het aanleggen, in stand houden of verwijderen van een kabel of leiding, als bedoeld in het omgevingsplan bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook

€ 464,00 gaa! om {e in die artikelen bedoglde activite,iten: Z. ;Rls de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekklng heeft op een ;omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de ;Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen, in stand houden of verwijderen van een ikabel of leiding in openbaar gebied, als bedoeld in het omgevingsplan, niet zijnde kabels bedoeld in artikel L.1 van de Telecommunicatiewet, bedraagt het tarief, 'als ;onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstukals hetookgaat 464,00 :om de in di9 grtikelen bedoelde activiteiten: op een heeft 3. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking :omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de 464,00 :omgevingswet bestaande uit het graven in het gebied met [normwaarde

Bijloge behorende bii roodsbesluit nr. 25Rb088

pog. 19

464,00

464,00

464,00

Artikel 2.24 Omgevingsplanactiviteit: overige activiteiten beperkingengebied leidingen, landschapselement en aardkundige waarde Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de

Omgevingswet, in het beperkingengebied leidingen, in een bijzonder landschapselement of in een gebied met aardkundige waarde, bestaande uit het: a. aanbrengen of verwijderen van diepwortelende beplanting, b. indrijven van voorwerpen, c. ophogen van de grond, of d. verharden van de grond, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten _:._. als bedoeld in artikel [...] van het I

:

:

t,€464,00 Ì€ 928,00

Artikel 2.25 Omgevingsplanactiviteit: geluid weg Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen of wijzigen van een weg als op grond van het omgevingsplan of bij omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit een geluidgevoelig gebouw is toegelaten binnen het aandachtsgebied van die weg, als bedoeld in artikel 22.272van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1,van het lnvoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen

bedoelde activiteiten : c L

a.

nactiviteit

9e1 buitenplanse omgevingspla Artikel 2.26 Omgevingsplanactiviteit: aanleggen of veranderen weg

b.

464Po

,€ 928,00

Bijlage behorende bii raodsbesluit nr. 25Rb088

pag. 20

(regeting in de Algemene plaatselijke verordening; overgongsrecht Omgevingswet) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.L, eerste lid, aanhef en onder a, van de 'Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de

wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel [2:11] van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.La van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten

464,00

Arti ke I 2.27 O mgevingspla nactiviteit: u itweg/u itrit Variant 1 (regeting in de Algemene plaatseliike verordening/overgangsrecht Omgevingswet) Als de aanvraag om een omgevi ngsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanact¡v¡teit, als bedoeld in artikel 5.L, eerste lid, aanhef en onder a, van de

Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel [2:t2lvan de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.La van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen ya1 dlt hgofdstuk als !r9t ook gaal om de in die artikelen bedoelde activiteiten: Omgevingsvergunn ing tarief: - lndien van toep passing, aanleg inrit door gemeente per strekkende meter:

-

2¡8,90 72,20

Artikel 2. 28 Omgevi ngsplanactiviteit: overige aa n legactiviteiten Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van deze paragraaf is benoemd, bedraagt hettarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: :€ 464,00 an

;€

0,00

,

,€ 464,00 t€ 9?810,0 Po ro g raaf 2.

I Ove r i ge a ctiv ite ite n

.Artikel 2.29 Omgevingsplanactiviteit: ala rminstallatie ptaatseliike verordening¡ overganqsrecht Omgevingswet)

!regeling in Algemene Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en ondera, van de Omgevingswet, bestaande uit het in, op of aan een onroerende zaak hebben van een alarminstallatie die een voor de omgeving opvallend geluid of lichtsignaal kan produceren, bedoeld in artikel 4'.!2van de Algemene plaatselijke verordening in samenh ang met artikel

I

"€27,90

Bijloge behorende bij roodsbesluit nr. 25Rb088

pag. 21

22.8van de Omgevingswet en art¡kel 2.Lavan het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ookgaat om de in die artikelen bedoelde activ¡teiten: -Artikel 2.30 Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houto psta nden (regeting in de Alg-emene ptaatseli!ke vero.rdening/overgølgsrecht O_mgevings*et-l Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.L, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in een provinciale verordening of de Bomenverordening Kerkrade 2Ot2 in samenhang met art¡kel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.La van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die 'artikelen bedoelde activiteiten : '.ArtikeI 2.3 L Omgevingspla nactiviteit: reclame ve ro rd e n i n g/ov e r g a n g s re c ht (regeling in de Algemene Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.L, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, als

bedoeld in artikel van de Algemene plaatseli.¡ke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1"a van het Omgevingsbesluit, en als niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten : ls de activiteit bestaat uit het op of aan een onroerende zaak maken of voeren van die andelsreclame b

77,30

1

123,70

ls de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een

roerende zaak toestaan of gedogen dat die handelsreclame op of aan die onroerende aak wordt gemaakt of gevoerd

t23,70

Artikel 2.32 Omgevingsplanactiviteit: [opslag van roerende zaken OF objecten plaatsen op de wegl (regeling in de Algemene plaatseliike verordening; ove rgo n gs recht O mg ev i ngswet) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit de opslag van roerende zaken in een aangewezen gedeelte van de gemeente, bedoeld in artikel [2:10] van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2'La van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen L0L,00

26,5O

60,00 320,00 348,00

pog. 22

Bijloge behorende bij roodsbesluit nr. 25Rb088

standplaotsen

Artikel2.33

(regeling in de Algemene plaatselijke verordening aangehaakt bii :omgevingsvergunnin g/ov e rga n gs recht O mgev i n gswet) Als de aanvroog om een omgevingsvergunning

omgevingsplanactiviteit,

betrekking heeft op een

ats bedoeld in artikel 5.L, eerste lid, aanhef en onder a, van de

Omgevingswet, bestoonde uit het innemen of hebben von een standplaats, bedoeld in artike! [5:78] van de Algemene ptaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van .de Omgevingswet en artiket 2.1a von het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverm¡nderd het bepaatde in de andere ortikelen van dit hoofdstuk als het ook goat om de in die artikelen bedoelde activiteiten, met inachtneming van de volgende looptiiden: 48,50

maand kwartaal

1L8,50

Jaa r

237,OO

,Artikel 2.34 Andere activiteiten Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk

bedoeld en die activiteit:

reft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen

b.

Pa ra g ra af 2.9 M a atwe rkvoorsch rifte n

,Alifel 2,3f M,qgtwerkvoorschriftel b!j bo,uwgctiviteiten

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouw- of

sloopactiviteit, bedraagt het tarief a.:VOO r een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op: :l' het in stand houden van een bestaand bouwwerk, bedoeld in artikel 3.1van het Besluit bouwwerken leefomgeving; .î¿. bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; i3. het gebruik van een bouwwerk, bedoeld in artikel 6.1van het Besluit bouwwerken ,

a

;

I

)

,

4.

,pe

b ,l

leefomgeving; of het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden als bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; r maatwe rkvoo rsch rift:

l'ì andere gev:llen dan bedoeld inonderdeel a, per maatwerkvoorschrift:

Artikel 2.36 Maatwerkvoorsch riften bij m ilieu belastende activiteiten de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van L Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op:

,€

77,40 77,40

,

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr. 25Rb088

pog. 2i

2.059,00 2.059,00 2.059,00 2.

de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een ndere milieubelastende act¡viteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per rkvoorschrift

2.059,00

Arti kel 2. 37 M aatwe rkvoo rsch rifte n b ij overige activiteite n Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per 77,40

maatwerkvoorsch rift: Pa ragra af 2. 10 Gel ijkwa ardig he i d

Artikel 2.38 Gelijkwaa rdige maatregel Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in €123,70

!23,70 123,70

L23,70

t,

I

]PM

Parograaf 2.1.L Overige tarieven ,Artike,l 2.39 Verlengen tijdelij ke omgevingsvergu nning bouwactiviteit

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van

:

deineenomgevingsvergunningVooreenbouwactiviteitgesteldetermijn,bedoeldin artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit: Artikel 2.40 Wijzigen omgevingsve rgu nn ing Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft.

.€ 77,40 :

j

:

Arti ke I 2.41 W ijzigen voo rsch rifte n o m gevi n gsve rgu n n i ng

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning:

Artikel 2.42 lntrekken omgevingsvergunning

1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of

,

gedeeltelijke intrekking van:

,€ 464,OO

Bijloge behorende bij roodsbesluit nr. 25Rb088

rgunning, tenzij artikel 2.58 van toepassing is: leen omgevingsve rgu n ning milieu, tenzij artikel 2.58 van toepassing is:

pog.24 77,40

o

2.

le 1,9€,oq_

ndien het Milieu betreft wordt het vermelde bedrag verhoogd met de kosten, die de i ìUDZL (zie bijlage ll bij deze tarieventabel) en/of een andere dienst in rekening brengt ¡oor de advisering

I' M

pog. 25

Bijlage behorende bii raadsbesluit nr. 25Rb088

Artikel 2.43 Beoordeling aanvullende gegevens Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel L23,70

bin behandeling is genomen Arti kel 2.44 Beoor del i n g on de rzoe ks ra pporte n De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in

behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, is van een aanvraag om een omgevrng:ve rgunning of ander besluit. zonder

,Artikel 2.45Wijzigen van het omgevingsplan Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsp lan is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsactiviteit of -activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging 928,00

betrekk¡ng h eeft. .Artikel 2.46 N¡et genoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk n iet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemen e maatregelen van bestuur of het omgevingsplan

€

Pa rag ra af 2. 12 Moda I ite ite n

Artikel 2.47 Achteraf ingediende aanvraag Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafe n 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met

%

met een maximum van

1-.030,00

5.L47,0O

928,00 928,00

rapport moet worden beoordeeld L23,70

I23,70 de geluid-

interne en e

f o b

de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport beoorde li ng va n een mi lieueffectra ppo rta ge ( M E R):

beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd

L23,70 t23!7O

pag.26

Bijloge behorende bij raodsbesluit nr. 25Rb088

an dit artikel verschuldigde leges wordt verhoogd met de RUDZL en/of een andere dienst in rekening brengt voor de

-Artikel 2.50 Advies inderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk draagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan ofandere stantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een mgevrngsve rgunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: 928,00

een advies van de gemeenteraad: een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de rdening op de gemeentelijke adviescomm¡ss¡e Ru¡mtel¡¡ke ¡te¡t Monumenten en Cultuurhistorie (RKMC)l dat uitsluitend rekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de eente ljjke b_g!ei$s¡ege!¡ bedoeld in artikel4.L9 van de Omgevingswet

2

77,40

een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de ing op de gemeentelijke adviescommissie Ru¡mtel¡ike iteit Monumenten en Cultuurhistorie {RKMC)I in andere gevallen n bedoeld in onderdeel b een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en c: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de anvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het lege van burgemeester en wethouders is opgesteld. een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, is uitgebracht, rdt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag arop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de an vraag voor deze vijf{g w9r!!aq. sghriflelij!.1¡ i¡getrok ken.

L03,00

I

1

t I

Pa rag raaf 2.

Lj Ver mi nd erin g

Artikel 2.52 Vermindering na omgevingsoverleg j.i, aanhef en 1. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel londerdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2'8, is ivoorafgegaan door een aanvraag om omgevingsoverleg als bedoeld in artikel 2.2, iaanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2'2, waarop de ,aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het itweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op verminderi¡B van !e voor het i.n

'100

Bi|age behorende bij raodsbesluit nr.

25Rb088

pog' 27

behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. vermindering bedraagt: iDe ivan de voor het omgevingsoverleg geheven leges.

Z. iVoor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning lgedaan:

i^. voor dezelfde activ¡teit of activiteiten als waarop het omgevingsoverleg betrekking

i trad; i¡. in overeenstemming met de uitkomsten van het omgevingsoverleg; en ic. binnen 12 maanden na het laatste omgevingsoverleg of, als het omgevingsoverleg

i

volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving

-Artikel 2.53 Vermindering bij meervoudige aanvraag Dit artikel is vervangen door artikel Pa rag roaf 2. L4 Te ru ggaaf

Arlilel 2.!a Terug-gaaf bij aanvraag gn oo¡!e-el g-e-en omggvingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activ¡teit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de f

%

eges, De teruggaaf bedraagt:

j

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is cedgg n verschuldigde leges.

Artikel 2.55 Teruggaaf als aanvra 99_ ¡r,9rder bg!¡gn b9!an.del!ng wo1!1 ge-latq1 Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:

:

%

van de voor de acliviteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde lege_s'

Artikel 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht n¡et van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat a anspraak op terugga af van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt a bij gehele of gedeeltelijke ¡ntrekking binnen vier weken na de indiening van de

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf vier weken tot zes weken na de indiening van de aanvraag: ,van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; c. bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening

125%

ivan de aanvraag: ,van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag

%

is ingetrokken verschuldigde leges,

Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorsch rift bij u itgebreide voorbereidingsprocedu re Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestqat

:

: t

i

: :

t

Bijloge behorende bij raodsbesluit nr. 25Rb088

pog. 28

aanspraak op teruggaafvan een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt a. bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen [zes] weken na de indiening van de %

aa nvraag:

van de voor de act¡vite¡t waarvoor de aanvraag is b. bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken tot achttien weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuld igde lege¡¡

'ì c.

%

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf achttien weken na de indiening van d9 ganvlaaqi van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.

%

Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsu"rgunnlng voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnenG maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: ,van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.

%

.Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten

50%

I

-Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten ln afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf

2.r2. Artikel 2.6L Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 25,00 wordt niet teruggegeven

Bijlage behorende bij roadsbesluit nr. 25Rb088

Titel3

D¡enswerlen¡ng vallend onder Europese d¡enstenr¡chtl¡¡n

Hst 1

Horeca

3.1..L

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een vergunning of ontheffing of een andere beschikking voor zover daarvan in het vervolg van deze tabel niet van afgeweken wordt.

3.7.2.L

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van

3.1..2.2

een aanvraag voor de afgifte van een vergunning ingevolge

pog. 29

€26,90

€ 4LL,00

artikel3 Alcoholwet; 3.L.2.3

een aanvraag voor de afgifte van een vergunning ingevolge artikel 3 Alcoholwet, waarbij slechts sprake is van een wijziging in de persoon van de leidinggevende, zonder dat de inrichting en/of de persoon van de ondernemer wijzigt;

€ 11.3,80

3. L.3

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet;

€ LL3,80

3.t.4

een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet;

€46,95

3. L.5

een verzoek van de ondernemer tot intrekking van de

€ 40,15

3.L.6

3.r.7

vergunning; een vergunning ex artikel 2:44van de Algemene plaatselijke verordening voor het plaatsen/exploiteren van een terras op de openbare weg of vandaar waarneembaar (terrasvergunning) voor onbepaalde tijd; een vergunning als bedoeld in artikel 2:36 van de Algemene plaatselijke verordening voor het exploiteren van een

€ 318,95

€ 41L,00

alcoholvrij horeca bedrijf; 3.1..7.1

een vergunning ingevolge artikel 2:36 van de Algemene plaatselijke verordening voor het exploiteren van een alcoholvrij horecabedrijf, waarbij slechts sprake is van een wijziging in de persoon van de leidinggevende, zonder dat de ¡nrichting en/of de ondernemer wijzigt;

€ L1.3,80

3.L.7.2

een verzoek van de ondernemer tot intrekking van de

€ 40,15

vergunning. 3.1..7.3

een vrijstelling van het verbod ex art¡kel 2:36

Hst 2

Organiseren evenementen of markten

3.2.L

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een vergunning of ontheffing of een andere beschikking voor zover daarvan in het vervolg van deze tabel n¡et van afgeweken wordt.

3.2.2

Meldingsplichtig A-evenement: evenement dat volgens de criteria van artikel 2:24,lid 3 Algemene plaatselijke verordening Kerkrade uitsluitend meldingsplicht is

3.2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:25van de Algemene

€40,t5

€26,90

plaatselij ke ve rordening: 3.2.3.1

Vergun ningsplichtig A-evenement, waarbij operationele

voorbereiding en uitvoering door OOV-diensten niet

€ 39,40

Bijloge behorende bij raadsbesluit nr. 25Rb088

pag. 30

noodzakelijk wordt geacht. Evenement met laag risico, beperkte impact op omgeving en verkeer, veelal minder dan 5.000 bezoekers 3.2.3.2

B-evenement, waarbij operationele voorbereiding en uitvoering door een of meerdere OOV-diensten voorstelbaar wordt geacht. Evenement heeft een gemiddeld risico met een grote impact op de directe omgeving en/of gevolgen voor het verkeer, veelal met 5.000 tot L0.000 bezoekers

€ t2L,50

3.2.3.3

C-evenement, waarbij operationele voorbereiding en uitvoering door een of meerdere OOV-diensten noodzakelijk wordt geacht. Evenement met hoog risico met een grote impact op de stad en/of regionale gevolgen voor verkeer, veelal met meer dan L0.000 bezoekers.

€242,85

3.2.3.4

Gereserveerd

3.2.3.5

Een evenement / activiteit in een horecabedrijf:

3.2.4

a) geldig per dag;

€ 26,80

b) geldig voor een kalenderjaar;

€ L07,60

een ontheffing zoals benoemd in artikel 2:9 van de Algemene plaatselijke verordening voor het optreden als straatartiest, geldig voor een periode: a) korter dan een maand;

€46,95

b) langer dan een maand

€ 119,15

Hst 3

Prost¡tut¡ebedrijven

3.3

Een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene

plaatselijke verordening voor het exploiteren van een seksi n richti ng/escortbedrijf:

3.3.1

a) indien het een seksinrichting betreft;

€ 738,50

b) indien het een escortbedrijf betreft;

€ 41L,00

c) indien het enige andere vormen betreft van het verrichten van enige seksuele handelingen tegen vergoeding.

€ 41L,00

Een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene

€ 113,80

plaatselijke verordening voor het exploiteren van een seksinrichting/escortbedrijf waarbij slechts sprake is van een wijziging in de persoon van de leidinggevende, zonder dat de inrichting en/of ondernemer wijzigt. 3.3.2

Een verzoek van de ondernemer tot intrekking of wijziging van

€ 40,1.0

de vergunning.

Hst 4

Marktstandplaatsen

3.4.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een vergunning of ontheffing of een andere beschikking voor zover daarvan in het vervolg van deze tabel n¡et van afgeweken wordt.

€27,30

3.4.2

Een aanvraag om een vergunning ingevolge de

€ 46,85

Marktverordening voor het innemen van een vaste standplaats

Bijlage behorende bii roadsbesluit nr. 25Rb088

pog. 31

op een weekmarkt. Hst 5

Winkeltijdenwet

3.s.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een vrijstelling of ontheffing ingevolge of krachtens de Winkeltijdenwet of het

Hst 6

Vriistellingenbesluit Winkeltijdenwet Bed rijfsmatige activiteiten

3.6.1

Een vergunning als bedoeld in artikel 2:56 van de Algemene

plaatselijke verordening voor het uitoefenen van een bedrijf in een door de burgemeester aangewezen gebouw ofgebied, of een door de burgemeester aangewezen bedrijfsmatige activiteit, voor zover dit valt binnen het bereik van de Europese Dienstenrichtl¡jn

€ 46,85

€ 4LL,00

oemeente

rerrrode

Ontwerpbesluit Nr.: 25Rb089 De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, - dat jaarlijks de noodzakelijke tariefaanpassingen worden bezien in relatie tot de begroting; kennis genomen hebbende van, de nota van toelichting, nr. 25T107L, behorende bij dit besluit; de beraadslagingen in de Commissie AZM d.d. L december 2025

-

gelet op, - artikel 229, eerste lid, onder a en b, van de Gemeentewet; besluit: 1.

2.

3

4

ln te trekken de "Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden en marktpromotiegelden gemeente Kerkrade 2025 " vastgesteld d.d. 11 december 2024; Vast te stellen de volgende "Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden en marktpromotiegelden gemeente Kerkrade 2026" welke als bijlage bij dit besluit is toegevoegd en als zodanig deel uitmaakt van dit besluit; De datum van intrekking van de onder 1. vermelde verordening is gelijk aan de

datum van inwerkingtreding van de onder 2. vermelde verordening; De onder 2. vermelde verordening treedt in werking met ingang van l januari 2026.

Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Kerkrade in zijn openbare vergadering d.d 17 december 2025.

De voorzitter van de raad,

De griftier,

*5)b

-€"dr. T.P. Dassen-Housen

Documentnummer: 25Rb089

mr. drs. D.G.M.G. Franssen

Bijlage behorende bij røadsbesluit nr.

25Rb089

Pog. 1

Verordening op de heffing en invordering van marktgelden en marktpromot¡egelden gemeente Kerkrade 2026

Artikel 1 Definities Deze verordening verstaat onder:

a. markt: openbare koop en verkoop van roerende goederen, die op de daartoe aangewezen dag en plaats wordt gehouden;

b. staanplaats: een aan de belastingplichtige ter beschikking gestelde plaats op de markt; c. vaste plaats: een staanplaats die per kalenderjaar of per seizoen ter beschikking wordt gesteld;

d. dagplaats: een staanplaats, n¡et zijnde een vaste plaats, geldig voor de duur van een dag; e. seizoen: een deel van het jaar waarin een seizoensgebonden artikel wordt verkochU f. dag: een periode van24 aaneengesloten uren, aanvangende te 00.00 uur. Artikel 2 Belastbaar feit 1

2

onder de naam marktgelden worden rechten geheven ter zake van het ter beschikking stellen van een staanplaats voor de uitvoering van de markthandel; onder de naam marktpromotiegeld worden rechten geheven voor collectieve consumenten wervende activiteiten en publiciteit door de stichting Marktpromot¡e gemeente Kerkrade.

Artikel 3 Belastingplicht De marktgelden en marktpromotiegelden worden geheven van degene aan wie een staanplaats ter

beschikking is gesteld.

Artikel 4 Heffingsgrondslag 7

De grondslag waarnaar de marktgelden worden geheven, is het aantal vierkante meter dat

2

voor standplaatsen wordt ingenomen; Een gedeelte van een vierkante meter wordt voor de berekening van de marktgelden voor een hele vierkante meter gerekend;

3

De grondslag voor de marktpromotiegelden is het houderschap van een vergunning voor het

innemen van een vaste standplaats op een van de warenmarkten'

Artikel 5 Belastingtijdvak

1. Voor zover het marktgeld per dag wordt geheven, is het belastingtijdvak gelijk aan een dag.

2. lngeval het marktgeld per maand wordt geheven, is het belastingtijdvak gelijk aan een maand.

Bijloge behorende bij roqdsbesluit nr. 25Rb089

Pag. 2

Artikel 6 Tarief marktgelden

1,. De marktgelden bedragen I

voor de woensdag- en vrijdagmarkt a) voor een dagplaats, per marktdag en v¡erkante meter plaatsruimte of een

€ L,10

gedeelte daarvan met een minimum van

€ 8,10

b) voor een vaste staanplaats, per kalendermaand per vierkante meter

€2,95

plaatsruimte of gedeelte daarvan met een minimum van

ll

ilt

€23,25

het op grond van het bepaalde onder I verschuldigde, vermeerderd met a) voor een dagplaats, per marktdag

€ 1,10

b) voor een vaste staanplaats, per kalendermaand

€ 4,40

voor de zaterdagmarkt a) voor een dagplaats, per marktdag en vierkante meter plaatsruimte of

€ 4,45

gedeelte daarvan met een minimum van

€ 35,90

b) voor een vaste staanplaats, per kalendermaand per vierkante meter

€7,90

plaatsruimte of gedeelte daarvan met een minimum van

IV

€ 63,90

het op grond van het bepaalde onder lll verschuldigde vermeerderd met a) voor een dagplaats, per marktdag

b) voor een vaste staanplaats, per kalendermaand

€ 2,25 € 9,00

Voor de toepassing van de tarieven worden gedeelten van een dag of een maand voor een gehele dag, onderscheidenlijk een gehele maand gerekend.

2.

Artikel 6a Tarief marktpromotiegelden De marktpromotiegelden bedragen I

il

ilt

Per maand

voor de woensdagmarkt in Kerkrade-West voor de branches aardappelen, groenten en fruit, poelier, vis en zuivel

€ 15,80

voor de overige branches

€ 5,30

voor de vrijdagmarkt in Kerkrade-Centrum voor de branches aardappelen, groenten en fruit, poelier, vis en zuivel

€ 15,80

voor de overige branches

€ 5,30

voor de zaterdagmarkt in Eygelshoven

ra adsbesl u it n r. 2 5Rb089 behorende voor de branches aardappelen, groenten en fruit, poelier, vis en zuivel

voor de overige branches

3

€26,40 € L0,60

Artikel 7 Wijze van heffing 1

2

Het marktgeld en marktpromotiegeld wordt geheven bij wijze van aanslag. ln afwijking van het eerste lid worden de marktgelden, berekend naar de in artikel 6, eerste

lid, bedoelde dagtarieven, geheven bij wijze van schriftelijke kennisgeving.

Artikel I Termijnen van betaling

t

ln afwijking van artikel 9, eerste lid, van de lnvorderingswet 1990 moeten de bij aanslag geheven marktgelden en marktpromotiegelden worden betaald ¡n één term¡jn, welke vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aa nslagbiljet is vermeld.

2

De bij wege van schriftelijke kennisgeving geheven marktgelden dienen te worden voldaan

3

op het moment van het in artikel 2 bedoelde ter beschikking stellen. Betaling van de termijn zoals bedoeld in het eerste lid is mogelijk via automatische incasso, mits wordt voldaan aan de voorwaarden van de uitvoeringsregeling automatische incasso

4.

van de Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW). De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.

Artikel 9 Ontstaan belastingplicht 7

De bij wege van aanslag geheven marktgelden en marktpromotiegelden zijn verschuldigd bij

2

aanvang van de maand of - zo dit later is - bij het in artikel2 bedoelde ter beschikking stellen. De bij wege van schriftelijke kennisgeving geheven marktgelden zijn verschuldigd bij het in

artikel 2 bedoelde ter beschikking stellen.

Artikel 10 Aanslaggrens

1,. Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven.

2. Voor de toepassing van het vorige lid wordt het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één belastingbedrag.

Artikel 11 Kwijtschelding De regelgeving inzake de kwijtschelding is vastgelegd in de Regeling kwijtschelding gemeentelijke

belastingen 2026.

Artikel 12 Overgangsbepaling, inwerkingtreding en citeertitel L

De "Verordening markt- en marktpromotiegelden gemeente Kerkrade 2025", vastgesteld LL decembe r 2024, of zoals laatstelijk gewijzigd, wordt ingetrokken met ingang van de in het

derde lid genoemde datum, met dien verstande dat zij van toepassing bl¡jft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Bijtqge behorende bij roadsbesluit

2.

nr.25Rb089

Pag. 4

Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de

bekendmaking.

3. 4.

De ingangsdatum van de heffing is l januari 2026. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening markt- en marktpromot¡egelden

Kerkrade 2026".

oemeen te

kerrrode

Ontwerpbesluit Nr.: 25Rb090 De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, - dat jaarlijks de noodzakelijke tariefaanpassingen worden bezien in relatie tot de begroting; kennis genomen hebbende van, de nota van toelichting, nr. 25T1071, behorende bij dit besluit; de beraadslagingen in de Commissie AZM d.d. 1 december 2025

-

gelet op, - artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet; besluit: L.

ln te trekken de "Verordening op de heffing en de invordering van Iijkbezorgingsrechten 2025 " vastgesteld d.d. LL december 2024;

2.

Vast te stellen de volgende "Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2026" welke als bijlage bij dit besluit is toegevoegd en als

3. 4.

zodanig deel uitmaakt van dit besluit; De datum van intrekking van de onder L. vermelde verordening is gelijk aan de datum van inwerkingtred¡ng van de onder 2. vermelde verordening; De onder 2. vermelde verordening treedt in werking met ingang van l januari

2026.

Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Kerkrade in zijn openbare vergadering d.d 1"7 december 2O25.

De voorzitter van de raad,

De griffier,

*>)-*^dr. T.P. Dassen-Housen.

Documentnummer: 25Rb090

mr. drs. D.G.M.G. Franssen

Bijloge behorende bij roodsbesluit nr 25Rb090

Pog.7

Verordening op de heffing en de invordering van l'rjkbezorgingsrechten 2026

Artikel 1 Definities Deze verordening verstaat onder:

1.. begraafplaats: de begraafplaats(en) Bleijerheide, Chevremont, Hambos, Holz, Kaalheide en Kerkrade-Kom;

2. particulier graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: - het doen begraven en begraven houden van lijken; - het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; - het doen verstrooien van as; 3. algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;

4. asbus: een bus ter berging van as van een overledene; 5. urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; 6. verstroo¡ingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid; 7. grafbedekking: gedenktekens en/of grafbeplanting op een graf of een verstrooiingsplaats; 8. beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats(en) of degene die hem vervang!

g. rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier graf of een eigen particulier urnengraf, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden.

Artikel 2 Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.

Artikel 3 Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst

wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel 4 Vrijstellingen

1-. Voor het begraven of bijzetten van levenloos geboren of binnen L4 dagen na de geboorte overleden kinderen van een meervoudige geboorte, die in één kist worden begraven of in één asbus worden bijgezet in een graf is het recht éénmaal verschuldigd. 2. Voor het begraven of bijzetten in een graf van stoffelijke resten van kinderen, die binnen 14 dagen na geboorte zijn overleden en worden begraven in één kist of worden bijgezet in één asbus met het stoffel¡jk overschot van de overleden moeder is geen recht verschuldigd.

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief

L. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieven tabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Bijlage behorende bij roodsbesluit nr 25Rb090

Pag.2

Artikel 6 Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 7 Wijze van heffing Rechten als bedoeld in de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld Rechten als bedoeld in de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.

Artikel 9 Termijnen van betaling

l. ln afwijking van artikel 9, eerste lid, van de lnvorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald binnen dertig dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving. 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.

Artikel 10 Kwijtschelding De regelgeving inzake de kwijtschelding is vastgelegd in de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2026.

Artikel 11 lnwerkingtreding en citeertitel

1. De "Verordening lijkbezorgingsrechten2O25",vastgesteld 11 december2O24, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking' 3. De datum van ingang van de heffing is L januari 2026. 4. Deze verordening wordt aangehaald als de "Verordening lijkbezorgingsrechten 2026".

Bijlage 1 behorende bii raodsbesluit nr 25Rb090

pqg. 1

Bijlage 1 Ta rieventa bel be horende bij de Vero rden ing lijkbezorgingsrechten 2026

Behoort bij raadsbesluit van 17 december 2O25.

De griffier van de gemeente Kerkrade

Tarieventabel Lijkbezorgingsrechten 2026 Hoofdstuk 1 1..'J.

Verlenen van rechten

Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een graf wordt geheven Betreffende een persoon van I2jaar en ouder bij eerste uitgifte

Lt.t

voor een periode van 20 jaar

L,L.2

voor een periode van 30jaar

€ 1.181,00 € L.520,00

voor het verlengen L.T.4

voor een periode van 5 jaar voor een periode van 10 jaar

€ 41.8,00 € 677,00

1.1.5

voor een periode van 20 jaar

€ t.r74,oo

1..1.3

Betreffende een persoon beneden L2iaar: bij eerste uitgifte L.L.6 L.L.7

voor een periode van 20 jaar voor een periode van 30 jaar

€ 715,00 € 918,00

voor het verlengen

€ 24L,OO € 402,00 € 7L2,00

1.. L.9

voor een periode van 5 jaar voor een periode van 10 jaar

1.L.L0

voor een periode van 20jaar

1.2

Voor het verlenen van het uitsluitend recht tot het bijzetten van maximaa I twee asbussen/urnen in een graf, bestemd voor het bijzetten van asbussen/urnen, wordt

1.1.8

geheven:

bij eerste uitgifte L.2.1

voor een periode van 20 jaar

€ 851,00

1..2.2

voor een periode van 30jaar

€ L.140,00

voor het verlengen r.2.3

voor een periode van 5 jaar

€ 300,00

Bijloge 7 behorende bij roadsbesluit nr 25Rb090

L.2.4 L.2.5

1.3

voor een per¡ode van L0 jaar voor een periode van 20 jaar

pog. 2

€ 512,00 € 844,00

Voor het begraven of bijzetten van levenloos geboren of binnen 14 dagen na de geboorte overleden kinderen van een meervoudige geboorte, die in één kist worden begraven of in één asbus worden bijgezet in een graf, is het recht éénmaal verschuldigd, terwijl geen recht verschuldigd is voor het begraven of bijzetten in een graf van stoffelijke resten van kinderen, die binnen 14 dagen na geboorte overleden, worden begraven in één kist of worden bijgezet in één asbus met het stoffelijk overschot van de overleden moeder.

Hoofdstuk 2 2.L

Voor het afgeven van een vergunning terzake van het plaatsen of vernieuwen van een grafteken, behoudens in gevalvan bijgraving of bijzetting, bedoeld in artikel 18 van de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Kerkrade 201.0 wordt geheven:

Hoofdstuk 3 3.1

Gratbedekking

€ 95,00

Bedekking van urnengraven

Voor het afgeven van een vergunning terzake van het aanbrengen of vernieuwen van een afsluitplaat voor asbussen wordt geheven

€ 95,00

oemeen fe

rerrrode

Ontwerpbesluit Nr.: 25Rb091 De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, - dat jaarlijks de noodzakelijke tariefaanpassingen worden bezien in relatie tot de begroting; kennis genomen hebbende van, de nota van toelichting, nr. 25T1071, behorende bij dit besluiU de beraadslagingen in de Commissie AZM d'd. 1 december 2025

-

gelet op, - artikel 228van de Gemeentewet; besluit:

1 2

3.

4.

ln te trekken de "Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2025 " vastgesteld d.d. 11 december 2024; Vast te stellen de volgende "Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2026" welke als bijlage bij dit besluit is toegevoegd en als

zodanig deel uitmaakt van dit besluit; De datum van intrekking van de onder L. vermelde verordening is gelijk aan de datum van inwerkingtreding van de onder 2' vermelde verordening; De onder 2. vermelde verordening treedt in werking met ingang van L januari

2026.

Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Kerkrade in zijn openbare vergadering d'd 17 december 2O25

De voorzitter van de raad,

De griffier,

dr. T. P. Dassen-Housen.

mr. drs. D.G.M.G. Franssen

Documentnummer: 25Rb091

Bijlage behorende bij roodsbesluit nr. 25Rb097

pog. 1

Verordening op de heffing en ¡nvorder¡ng van precar¡obelasting 2026

Artikel 1 Definities Voor de toepassing van deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt verstaan onder:

a. voetgangersdomein: het voetgangersdomein zoals aangegeven met gebied A op de plattegrond, behorende bij deze verordening, opgenomen in bijlage 2; b. centrum: het centrum zoals aangegeven met gebied B op de plattegrond, behorende bij deze verordening, opgenomen in bijlage 2; c. vergunning: een door het gemeentebestuur verleende en in een gemeentelijke registratie opgenomen toestemm¡ng op grond waarvan een persoon een of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond mag hebben; d. jaar: een kalenderjaar;

e. kwartaal: een kalenderkwartaal; f. maand: een kalendermaand; g. week: een kalenderweek; h. dag: een periode van24 aaneengesloten uren, aanvangende te 00.00 uur, of een gedeelte daa rvan.

Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam 'precariobelasting' wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld en

genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel, opgenomen in bijlage 1.

Artikel 3 Belastingplicht De precariobelasting wordt geheven van degene die één of meer voorwerpen onder, op of boven

voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn.

Artikel 4 Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven ter zake van:

a. het hebben van voorwerpen, waarvan de aanwezigheid door de gemeente op grond van een overeenkomst of anderszins rechtens moet worden gedoogd; b. het hebben van voorwerpen ten behoeve van percelen, waarvan de gemeente krachtens eigendom, bezit of beperkt recht de genothebbende is, met uitzondering van die percelen, welke aan derden zijn verhuurd;

c. voorwerpen, waarvoor voorheen krachtens de bepalingen van de "Verordening op de heffing en invordering van een baatbelasting ter zake van het winkelerf in de Akerstraat te Kerkrade-West"

Bijlage behorende bii roodsbesluit nr. 25Rb097

pag. 2

belasting werd betaald;

d. voorwerpen welke uitsluitend in een algemeen belang voorzien of welke uitsluitend worden gebezigd voor weldadige doeleinden;

e. overbouwingen, erkers, uitbouwingen, balkons, vensterbanken, kelderingangen, funderingen, putten, koekoeken, licht- en luchtopeningen, stoeptreden, dakgoten, afuoerbuizen van hemelwater, gevelroosters, rolluiken, rolluikkasten, luidsprekers, hijswerktuigen;

f. verkeerstekens, wegwijzers, lichtmasten, standbeelden, kruisbeelden, banken, hekken, palen, rijwielblokken, rijwielbeugels, fonteinen, brievenbussen, telefooncellen en abri's; g. buizen, kabels en transportleidingen; h. vlaggen, vlaggendoeken, vlaggenstokken en wimpels, tenzij deze voor reclamedoeleinden worden gebezigd;

i. voorwerpen op de openbare weg bij kleinschalige, niet-commerciële buurtactiviteiten; j. voorzieningen aangebracht ten behoeve van mindervaliden, tot het toegankelijk maken van een eigendom;

k. voorwerpen, waarvoor krachtens de bepalingen van de vigerende verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting belasting wordt betaald.

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belast¡ngtar¡ef De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, opgenomen in bijlage L, met inachtneming van het overigens

in deze verordening bepaalde.

Artikel 6 Berekening van de belasting 7

2

3

Voor de berekening van de precariobelasting wordt met betrekking tot een in de tarieventabel genoemde lengte- of oppervlaktemaat een gedeelte daarvan als een volle eenheid aangemerkt. lndien een oppervlaktetarief is vastgesteld, wordt de belasting berekend naar de horizontale projectie van de voorwerpen, tenzij anders is bepaald. lndien voorwerpen of gedeelten van voorwerpen naar maatschappelijke opvatting bij elkaar horen, worden deze als één voorwerp aangemerkt.

4

De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op het product van

de twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp geplaatste denkbeeldige rechthoek. 5

lndien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de precariobelasting aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning, tenzij blijkt dat het belastbaarfeit zich gedurende een kortere of langere periode

6

heeft voorgedaan. lndien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de voor de belastingplichtige meest voordelige wijze.

Bijlage behorende bij raadsbesluit nr. 25Rb09L

7

pog.i

ln afwijking van het bepaalde in artikel 1 wordt voor de berekening van de precariobelasting: indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een weektarief, maar geen dagtarief is

a.

b. 8

opgenomen, een gedeelte van een week gelijkgesteld met een week; indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een maandtarief, maar geen dag- of

weektarief is opgenomen, een gedeelte van een maand gelijkgesteld met een maand. lndien in de tarieventabel voor een voorwerp een dagtariel weektarief of maandtarief is opgenomen en het belastingtijdvak een langere periode dan een dag, onderscheidenlijk een week of een maand omvat, gelden deze tarieven per dag, onderscheidenlijk week of maand van het belastingtijdva k.

Artikel 7 Belastingtijdvak lndien de belasting wordt geheven naar jaartarieven is het belastingtijdvak het kalenderjaar waarin de voorwerpen aanwezig zijn. ln de overige gevallen is het belastingtijdvak het kwartaal, de maand, de week of de dag waarin de voorwerpen aanwezig zijn, met dien verstande dat ook heffing voor elk belastbaa r feit afzonderlij k ka n plaatsvinden.

Artikel 8 Wijze van heffing De precariobelasting wordt geheven bij wege van aanslag'

Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang L

De precariobelasting is verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak ol als dit later is,

2

bij de aanvang van de belastingplicht. lndien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt is de naar jaartarieven geheven precariobelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat

3.

tijdvak verschuldigde belasting als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, lndien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de naar jaartarieven geheven precariobelasting voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde precariobelasting als er in dat tijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

4.

5.

Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven. Voor de toepassing van het vorige lid wordt het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet

verenigde aanslagen aangemerkt als één belastingbedrag.

Artikel 10 Termijnen van betaling

t

ln afwijking van artikel 9, eerste lid, van de lnvorderingswet L990 moet een aanslag worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede

termijn een maand later.

Bijlage behorende bii roadsbesluit nr. 25Rb091

2

pog.4

ln afwijking van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van een of meerdere op een aanslagbiljet vermelde aanslagen niet hoger is dan € 20.000,00 en zolang de verschuldigde bedragen door middelvan automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog niet geëindigde maanden in het kalenderjaar

overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste vier en ten hoogste tien bedraagt. 3

4

Betaling van de termijnen zoals bedoeld in de leden 1 en 2 is mogelijk via automatische incasso, mits wordt voldaan aan de voorwaarden van de Uitvoeringsregeling automatische incasso van de Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW). De Algemene termijnenwet is niet van toepass¡ng op de in de voorgaande leden gestelde

termijnen.

Artikel 11 Kwijtschelding De regelgeving inzake de kwijtschelding is vastgelegd in de Regeling kwijtschelding gemeentelijke

belastingen 2026.

Artikel 12 lnwerkingtreding en citeertitel L

De "Verordening Precariobelasting 2025" , vastgesteld L1 december 2024, of zoals laatstelijk gewijzigd, wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op belastbare

feiten die zich voor de in het derde lid vermelde datum van ingang van de heffing hebben voorgedaan. 2

Deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel treden in werking met ingang van

de eerste dag na die van de bekendmaking. 3

De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

4

Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening precariobelasting Kerkrade

2026".

pag. 2

Bijloge 2 behorende bii raodsbesluit nr 25Rb091

0(

schaal

f,

voetgangersdomein (gebied A )

3dsrb¡¡du4o¡3ùd

lTl centrum (gebied B )

A

300 m.

200

ì\ ri

oo r:

i

tjtt l!

â

ry

i1 i

ù

::}

ù

I

il ':

ì:]

dì r:¡

Ll d

'.t i

,ti t.l

i

:r

"{i

¡r 1..-

,l I

f

,!

jj

.--::)

Li,

Ì.ì

pag. 1

Bi|oge 1 behorende bii raadsbesluit nr 25Rb091

Bijlage 1 Tarieventabel behorende bij de Verordening precariobelasting 2026 Behoort bij raadsbesluit van L7 december 2025.

De griffier van de gemeente Kerkrade Itr¡¡

Tarieventabel precariobelasting 2026

Nummer

Omschrijving

0

Algemeen tarief

0.0r.

Voorwerpen, waarvoor onder de volgende nummers niet in een bijzonder tarief is

Eenheid

Bedrag

per m2 per jaar

€

29,60

per stuk perjaar

€

29,60

per stuk perjaar

€ t97,OO

per stuk per jaar

€

per stuk perjaar

€ €

voorzien

I

Automaten

1.01

Automatische verkoop-, weeg- of andere toestellen

2

Benzine-. oliepompen. tanks e.d.

2.Ot

Vaste aftappunten met toebehoren voor

motorbrandstof 2.02

Aftappunten met toebehoren voor lucht of

L9,70

water 2.03

Vulputten, kraa nPutten e.d

2.O4

Opslagtanks voor motorbrandstof

per 1.0001. inh. p.

L9,70

39,50

jaa r

9,90

per m2 per jaar

€ €

per stuk per jaar

€

82,20

< 1 m2 per jaar

€

29 60

2.Os

Luifels of overkappingen

per m2 per jaar

2.06

Pompheuvels (perrons of voetstukken)

3

Etalaqes, vitrines e.d.

3.01"

Etalages, vitrines e.d

4

Reclamevoorwerpen

4.Ot

Reclameborden, uithangborden,

uithangtekens, letteroPschriften,

9,90

pog. 2

Bijtage 1 behorende bii raadsbesluit nr 25Rb091

Nummer

Omschrijving

Eenheid

Bedrag

€ € €

letterreclames of andere dergelijke reclamevoorwerpen, zonder kunstverlichting, over de frontoppervlakte (=oPP.¡ 4.O2

Als onder nummer 4.01

1m2 <opp<3m2

4,03

Als onder nummer 4.01.

> 3 m2 per jaar

4.04

Reclameborden, uithangborden, u itha ngtekens, letteropsch rifte n, letterreclames of andere dergelijke

< L m2 per jaar

recla mevoorwerpen,

59,20 88,70 59,20

ry! ku nstverl ichti ng, over

de frontoppervla kte (=opP)

4.0s

als onder nummer 4.04

4.06

als onder nummer 4.04

4.O7

Reclamezuilen, -kubussen, d riehoeksborden

2 3 m2 per jaar per stuk per jaar

€ 118,30 € t77,40 € 59,20

per stuk per jaar

€ 118,30 39,50

1m2 (opp<3m2

zonder kunstverlichting 4.08

Reclamezuilen, -kubussen, driehoeksborden

ry! kunstverlichting 4.09

Reclamevlaggen, -vlaggendoeken en -wimpels

per stuk per jaar

4.ro

Tocht-, windschermen en rijwielrekken met

per stuk per jaar

€ €

per stuk per jaar

€

39,50

per m1 per jaar

€

9,90

9,90

reclameopschrift(en) 4.1.1.

Lantaa rns met recla meopschrift (en)

5

Zonneschermen, markiezen en luifels

5.0L

Zonneschermen, markiezen en luifels

6

U itstallen

6.01

Uitstallen van goederen

per m2 per jaar

€

67 10

6.02

als onder nummer 6.01

per m2 per kwartaal

20,60

6.03

als onder nummer 6.01

per m2 per maand

€ €

7

Terrassen

7.O1

Terrassen binnen het voetgangersdomein

per m2 per kwartaal

€

9,50

7.02

Als onder nummer 7.0L

per m2 per maand

7.O3

Terrassen elders

per m2 per kwartaal

7.04

Als onder nummer 7.03

per m2 per maand

7.O5

Te rrassenu itbreid ingen, tijdelijk toegestaa n

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=f5952912-e33e-4529-8595-a991c3ce8ca2