CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

NIEUW bijlage 1 251118 aanvraag Wbmgp Kerkrade

Gemeenteraad 17 december 2025, gemeente KerkradeBij agendapunt: Ontwerpbesluit aanvraag Wbmgp34.444 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Deze signalen worden actief besproken binnen het interventieteam en de beleidsafdelingen, waarbij indien nodig bestaande regels worden aangepast of aanvullende maatregelen getroffen. Via de fysieke aanpak wordt ook de openbare ruimte op sommige plekken zodanig aangepast zodat het gebied vriendelijker, veiliger en aantrekkelijker is ingericht. Vaak in combinatie met maatregelen voor klimaatadaptatie en hittestress. Binnen het uitvoeringsprogramma Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving onder de Omgevingswet maakt Kerkrade helder welke activiteiten worden ondernomen op het gebied van de fysieke leefomgeving. Daarbij heeft het voorkomen van ongewenste woninguitbreiding via splitsing, kamerverhuur en transformatie in strijd met het bestemmingsplan een hoge prioriteit. Deze inzet sluit aan bij de bredere transformatieopgave van Kerkrade, waarin ruimtelijke ordening, volkshuisvesting, veiligheid en sociaal beleid integraal worden ingezet om de stad toekomstbestendig te maken. Volkshuisvestelijk spoor Via het volkshuisvestelijk spoor werkt de gemeente Kerkrade aan het realiseren van een evenwichtige woningvoorraad die bijdraagt aan leefbare, veilige en veerkrachtige buurten.

De inzet is gericht op differentiatie van het woningaanbod, het verbeteren van de kwaliteit van de bestaande voorraad en het reguleren van instroom, met als doel het doorbreken van hyperconcentraties van kwetsbaarheid. De regionale woonvisie van Parkstad Limburg en de lokale woonvisie van Kerkrade 2023–2028 vormen het beleidsmatige fundament. Binnen deze kaders wordt gewerkt aan kansrijk wonen in een kansrijke woonomgeving, nu en in de toekomst. De nadruk ligt op vernieuwing, kwaliteit, betaalbaarheid en 8.4

[43]

differentiatie, met bijzondere aandacht voor het midden- en hogere segment. Tegelijkertijd wordt ingezet op het aanpakken van slecht particulier bezit en het verbeteren van de leefbaarheid via wijkgerichte gebiedsontwikkeling. Kerkrade heeft in 2023 het woonoffensief gelanceerd als uitvoeringsprogramma van de lokale woonvisie. Binnen dit programma worden in de komende 10 jaar circa 1.500 verouderde woningen gesloopt, voornamelijk binnen de sociale huursector, en vervangen door circa 2.200 nieuwbouwwoningen. Daarvan zijn ongeveer 1.400 sociale huurwoningen van betere kwaliteit en circa 800 woningen in het middenhuur- en koopsegment. Deze transformatie draagt bij aan een gezondere spreiding van inkomensgroepen en woningtypen binnen de stad. Een ander belangrijk onderdeel van de aanpak is het verwerven van slecht particulier bezit. Met middelen uit het Volkshuisvestingsfonds en de Regio Deal worden verouderde panden aangekocht, gesloopt en vervangen door kwalitatief betere woningen. Deze programmatische aanpak leidt tot een betere balans in de buurten van Kerkrade, al blijft het aandeel sociale huurwoningen in Kerkrade als geheel hoog: van 46% daalt het slechts naar ca. 40-44% (afhankelijk van daadwerkelijke invulling, omdat veel plannen nog in ontwikkelfase zijn).

In de kwetsbare buurten zijn soms nog hogere percentages te zien en middels herstructurering proberen we deze beter in balans te brengen. Ook de historische linten in de stad worden aangepakt. Deze straten, ooit levendig en voorzien van winkels en horeca, kennen nu veel leegstand en zijn gevoelig voor illegale activiteiten. Via het woonoffensief en de aanpak van particulier bezit wordt gewerkt aan herinvulling en verbetering, met mogelijkheden voor transformatie van leegstaande commerciële ruimten onder strikte voorwaarden. In de context van deze aanvraag is het van belang om te vermelden dat deze aanpak reeds ruim 10 jaar in Kerkrade wordt toegepast. In samenwerking met onze woningcorporaties zijn er in de buurten Heilust, Erenstein, Bleijerheide en Rolduckerveld grote herstructureringsprojecten uitgevoerd. Deze hebben ook landelijke bekendheid gekregen. In Heilust is bijvoorbeeld sprake geweest van sloop van ruim 600 woningen. In Bleijerheide waren dat ca. 400 woningen en in Erenstein ca. 200 woningen. Hiervoor zijn minder, maar kwalitatief veel betere woningen voor in de plaats gekomen. In Rolduckerveld is een aantal jaren geleden gestart met grootschalige herstructurering van bijna 700 woningen, waarvoor er ca. 500 worden terug gebouwd, met de nadruk op een goede mix en differentiatie van woningen en prijsklassen.

Daarnaast bereiden de gemeente en de woningcorporatie momenteel plannen voor om in de buurten Rolduckerveld, Holz en Kerkrade-Centrum eveneens grootschalige herstructurering door te voeren. Het gaat dan wederom om grote aantallen woningen van ca. 400-600. Het is de bedoeling dat deze in de komende jaren worden uitgevoerd.

Om grip te krijgen op de woningmarkt en de leefbaarheid, zet Kerkrade diverse sturingsinstrumenten in. Op basis van een verdiepend onderzoek door RIGO in 2023 is besloten om bestaande instrumenten intensief te handhaven en waar nodig aan te vullen. Dit heeft geleid tot de oprichting van het gemeentelijk interventieteam en de voorbereiding van een huisvestingsverordening. Deze verordening maakt het mogelijk om via huisvestingsvergunningen, opkoopbescherming en zelfbewoningsplicht te sturen op een evenwichtige opbouw van wijken. [44]

Daarnaast is een beleidsregel opgesteld waarmee onder strikte voorwaarden gebruikswijziging naar wonen en woningsplitsing mogelijk is, mits dit bijdraagt aan een veilige en leefbare woonomgeving. Ook zijn minimale eisen voor de woonkwaliteit vastgelegd, zoals een functionele indeling, eigen buitenruimte, berging, levensloopgeschiktheid en een minimale oppervlakte van 75 m². Kerkrade werkt bovendien aan een toekomstvisie op wonen, welzijn en zorg in regionaal verband. Onder het motto ‘Iedereen een thuis’ wordt ingezet op inclusiviteit, fair share en regionale samenwerking. Binnen deze visie worden levensloopbestendige woningen gerealiseerd, prestatieafspraken uitgevoerd en innovatieve woonzorgconcepten ontwikkeld. De gemeente zet al deze instrumenten in als onderdeel van een integrale wijkaanpak, waarbij fysieke, sociale en volkshuisvestelijke maatregelen elkaar versterken. Het doel is om buurten te transformeren tot vitale, inclusieve, aantrekkelijke en toekomstbestendige woonomgevingen, waarin bewoners zich veilig en thuis voelen. Binnen de regionale samenwerking zet Kerkrade actief in op het fair share-principe, waarbij de huisvesting van aandachtsgroepen evenwichtiger wordt verdeeld over de regio Parkstad.

Kerkrade huisvest momenteel bovengemiddeld veel aandachtsgroepen, mede door het hoge aandeel particuliere huurwoningen en de aanwezigheid van bovenlokale voorzieningen, zoals beschermd wonen. Om deze instroom beter te reguleren, wordt gewerkt met een draagkrachttoets op wijk- en buurtniveau. Deze toets helpt om de instroom van kwetsbare woningzoekenden af te stemmen op de draagkracht van buurten, en draagt bij aan het voorkomen van nieuwe concentraties van problematiek. Samengevat richt Kerkrade zich op het verbeteren van de kwaliteit en het realiseren van specifieke woningtypen die bijdragen aan een gedifferentieerd woningaanbod.

Programmatische aanpak Naast de aanpak via de sectorale sporen werkt Kerkrade ook via programmatische lijnen aan het verbeteren van gezondheid, vitaliteit en leefbaarheid in de stad. Deze programma’s zijn aanvullend op het ruimtelijk, volkshuisvestelijk, sociaal en veiligheidsspoor, en richten zich op domeinoverstijgende samenwerking en integrale wijkontwikkeling. 8.5

Het programma ‘Vie Kerkrade’ vormt een belangrijke pijler binnen deze aanpak. Vie staat voor vitaliteit en gezondheid in beweging, met als doel een innovatieve impuls te geven aan de regionale gezondheid en leefstijl. Vanuit een centrale locatie in de stad en via wijkgerichte interventies wordt gewerkt aan een gezonde jeugd, vitale wijken en vitaal ouder worden. De programmalijnen omvatten activiteiten op het gebied van zorg, educatie, voeding, beweging en sociale cohesie. Met het geactualiseerde uitvoeringsprogramma Vie 2025–2027 is de focus gelegd op jeugd, kennis en vaardigheden, schulden en armoede, bewegen als universele preventie, integrale wijkaanpak en sociale cohesie. Vie verbindt bestaande initiatieven, ondersteunt lokale partners en experimenteert met nieuwe vormen van samenwerking. Daarnaast is in 2025 het ambitieplan ‘(B)OOST’ gelanceerd als verbindende beweging in Kerkrade-Oost. (B)OOST is ontstaan uit gesprekken met bewoners en organisaties en bundelt circa 150 initiatieven die bijdragen aan een veilige, gezonde en levendige wijk. De aanpak is gericht op het versterken van betrokkenheid, samenwerking en eigenaarschap in de wijk. Hoewel het plan nog in ontwikkeling is, is de belangstelling groot en is er brede steun onder bewoners en partners.

(B)OOST fungeert als katalysator voor bestaande en nieuwe projecten en draagt bij aan het versterken van de sociale basis in Kerkrade-Oost. [45]

Deze programmatische sporen sluiten aan op de wijkgerichte aanpak van Kerkrade en versterken de integrale inzet op leefbaarheid, gezondheid en participatie. Door fysieke, sociale en programmatische interventies te combineren, werkt de gemeente aan een toekomstbestendige stad waarin bewoners actief betrokken zijn bij hun leefomgeving. Handhaving en toezicht Kerkrade voert een actief en gebiedsgericht toezicht- en handhavingsbeleid om de leefbaarheid en veiligheid in kwetsbare buurten te versterken. De inzet is gericht op het tegengaan van illegale woningvormen (woningsplitsingen en kamerverhuur), het aanpakken van (woon)overlast en het herstellen van het woonklimaat. Handhaving wordt daarbij niet gezien als sluitstuk, maar als integraal onderdeel van de transformatieopgave. 8.6

Sinds 2023 is het bestuurlijk Interventieteam Kerkrade operationeel. Dit team voert bestuursrechtelijke controles uit op basis van een jaarplanning, maar is ook flexibel inzetbaar bij meldingen van overlast en ondermijnende activiteiten. De controles richten zich op een breed pallet aan problematieken met een focus op illegale kamerverhuur, woningsplitsing, strijdig gebruik van woningen en bedrijfspanden evenals ondermijnende activiteiten. Het team bestaat uit een vaste coördinator en procesondersteuner en een flexibele schil van toezichthouders, waaronder een BRP-controleur, handhavingsjurist, bouwinspecteur, milieu-inspecteur, wijkboa en regelmatig ook wijkagenten bij controles waar een mogelijk veiligheidsrisico bestaat. Per actie wordt bekeken welk type toezichthouder en instantie een toegevoegde waarde heeft. Zo sluit regelmatig ook de Belastingdienst, Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) en/of brandweer aan. De inzet concentreert zich op de focuswijken, waar de problematiek het grootst is. In 2024 zijn 27 controles uitgevoerd, waarbij 209 adressen zijn bezocht. Daarbij zijn 49 gevallen van illegale kamerverhuur en 11 gevallen van illegale woningsplitsing geconstateerd. In het eerste halfjaar van 2025 zijn nog eens 21 controles uitgevoerd op 114 adressen, met 10 overtredingen van kamerverhuur en 10 van woningsplitsing.

Tegen deze overtredingen is direct een bestuursrechtelijk handhavingstraject gestart, waarbij voldoende tijd wordt geboden om de overtreding te beëindigen en bewoners op een zorgvuldige manier elders onder te brengen. In totaal zijn tussen januari 2024 en juli 2025 tien overtredingen beëindigd en lopen er nog 34 handhavingsprocedures. Voor gemeente Kerkrade vergt deze handhaving een enorme inzet. Zo is het bijvoorbeeld vanwege de complexiteit en duur van deze trajecten per februari 2025 een extra handhavingsjurist aangesteld. Panden waarin de illegale bewoning is beëindigd, komen beschikbaar voor reguliere bewoning. In sommige gevallen leidt dit tot verkoop door de eigenaar, waarna de gemeente het pand verwerft ten behoeve van stedelijke herontwikkeling, mede gefinancierd via het Volkshuisvestingsfonds en de Regio Deal. Naast overtredingen van het woonbeleid worden bij controles ook andere misstanden aangetroffen, zoals overtredingen van de Opiumwet, bouwregelgeving, brandveiligheid en de aanwezigheid van personen zonder geldige verblijfstitel. Dit onderstreept het belang van integrale handhaving. In november 2025 is een nieuwe beleidsregel ingevoerd voor de aanpak van ernstige woonoverlast. Hiermee kan sneller en daadkrachtiger worden opgetreden tegen aanhoudende overlast. Het beleid sluit aan bij dat van gemeente Heerlen, om het waterbedeffect te voorkomen.

In het najaar van 2025 start de Aanpak Sociaal Veilig in Kerkrade-Oost. Deze aanpak wordt gefinancierd uit de Regio Deal II Parkstad en reguliere gemeentelijke middelen. Regisseurs sociale veiligheid nemen hierin een centrale rol, met regie op problematiek en verbinding tussen partijen. Zij werken planmatig aan het beheersbaar maken van leefbaarheids- en veiligheidsproblemen, met als doel duurzame oplossingen en een versterkt veiligheidsgevoel bij bewoners en ondernemers. Ze werken daarbij nauw samen met de wijkboa’s, gebiedsregisseurs (fysieke leefomgeving) en sociaal beheerders van de woningcorporaties. Ook is er een extra handhavingsjurist aangesteld om meer zaken op grond van de Wet goed verhuurderschap en Wet aanpak [46]

woonoverlast te behandelen en deze met een hoge prioriteit af te handelen. Daardoor wordt er een duidelijk signaal afgegeven aan de burgers dat hun problemen gezien en gehoord worden en de gemeente snel en actief daartegen optreedt. Dat is eveneens de kern van de Aanpak Sociaal Veilig. Vroegtijdig, daadkrachtig, snel en doortastend handelen zodat leefbaarheids- en veiligheidscasussen duurzaam opgelost worden en daarmee een meetbare en tastbare positieve invloed hebben op het veiligheidsgevoel van inwoners en ondernemers. De Wbmgp-aanwijzing ondersteunt deze aanpak door de instroom van (potentiële) overlastveroorzakers aan de voorkant te beperken. Zo ontstaat ruimte om structureel te werken aan herstel en perspectief in de meest kwetsbare buurten. En tevens voldoende capaciteit te hebben om ook de gebieden die nog redelijk tot goed scoren ook minimaal op dat niveau te houden. Conclusie subsidiariteit Wij zijn van mening dat Kerkrade, gezien de inzet van het brede spectrum aan stappen en maatregelen (H3), tot op heden geen mogelijkheden onbenut heeft gelaten om leefbaarheid in de onderhavige buurten te verbeteren, maar uit de gepresenteerde data in de hoofdstukken 4 en 6 blijkt dit helaas nog onvoldoende effect te sorteren. 8.7

Samen vormen deze hierboven vermelde instrumenten een krachtig en flexibel stelsel dat voortdurend wordt geëvalueerd en bijgeschaafd. Zo pakt Kerkrade gericht de controle over de omvang en verdeling van de woningvoorraad en het verbeteren van de zelfredzaamheid en samenredzaamheid van bewoners, gericht op het vergroten van de maatschappelijke veerkracht van elke buurt. Tegelijkertijd blijkt uit de gepresenteerde data in de hoofdstukken 4 tot en met 7 dat dit brede spectrum aan stappen en maatregelen helaas nog onvoldoende effect sorteert en in de geselecteerde buurten en straten/complexen tekortschiet. Ondanks alle inspanningen van gemeente, woningcorporaties en andere partners scoren deze gebieden op veel criteria nog steeds erg laag, hetgeen grote gevolgen heeft voor de veiligheid en leefbaarheid van de buurten. Kerkrade werkt momenteel aan de implementatie van de Opkoopbescherming, de Zelfbewoningsplicht en de Wet toeristisch verhuur, inclusief de opname van deze maatregelen in de Huisvestingsverordening. We constateren echter nu al dat deze instrumenten onvoldoende werking hebben op het beperken van de instroom van kwetsbare inwoners en het voorkomen van overlast en onveiligheid in de geselecteerde buurten. Ook draagt het niet bij aan het toevoegen van sterke schouders aan deze buurten.

Deze instrumenten helpen ons wel bij illegaal woninggebruik, naast de handhaving van ons reeds aanwezig omgevingsplan. Daarom is ons inziens de gebiedsaanwijzing voor het toepassen van selectieve woningtoewijzing in de bijlage 2 vermelde geselecteerde 6 buurten en 17 straten/complexen op grond van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wbmgp gerechtvaardigd uit oogpunt van subsidiariteit. Samenvattend betekent subsidiariteit dat we niet zwaarder ingrijpen dan nodig. Kerkrade onderschrijft volledig dat de Wbmgp een uiterste redmiddel is, dat pas ingezet dient te worden als lichtere middelen tekortschieten. Precies dat stadium achten we nu bereikt in de geselecteerde gebieden. Wij nemen verantwoordelijkheid door structureel te werken aan een woningmarkt die werkt voor mensen én aan een samenleving waarin leefbaarheid centraal staat. De situatie is van dien aard dat een bijzondere maatregel gerechtvaardigd is. In de woorden van het Rijk: het zijn instrumenten die uitsluitend kunnen worden ingezet waar de leefbaarheid en veiligheid ernstig onder druk staan – en dat is hier het geval. We benadrukken dat de inzet van de Wbmgp zo gericht en beperkt mogelijk plaatsvindt, in samenhang met andere maatregelen. Het is geen vervanging van bestaand beleid, maar een noodzakelijke aanvulling binnen onze integrale aanpak.

Alles overwegende is de gemeente ervan overtuigd dat hiermee wordt voldaan aan zowel de letter als de geest van het subsidiariteitsbeginsel.

[47]

9

PROPORTIONALITEIT

Het principe van proportionaliteit vereist dat de maatregel in verhouding staat tot het probleem dat ermee wordt aangepakt en in dit geval dat er voldoende woonruimte in de regio overblijft voor woningzoekenden die nu niet meer in een Wbmgp-gebied terecht kunnen. Met andere woorden, het effect op woningtoewijzing mag niet significant dalen. In dat verband bekijkt Kerkrade dit vanuit de regio Parkstad en zelfs daarbuiten. De gemeente Kerkrade kiest voor een integrale aanpak in de geselecteerde buurten en straten/complexen die erop gericht is om deze gebieden als geheel sociaal en economisch te versterken en perspectief te bieden aan de huidige en de toekomstige bewoners. Daarvoor is het nodig om inzicht te krijgen in de omvang van de aanvraag, de verhuisbewegingen en de beschikbaarheid van woningen buiten de Wbmgp-gebieden in zowel de gemeente, de regio en de provincie. In dit hoofdstuk gaan wij in op de woningvoorraad waarop de gemeente voornemens is de selectieve woningtoewijzing toe te passen. Omvang van de aanvraag De gemeente Kerkrade doet de Wbmgp-aanvraag voor in totaal 9.668 woningen binnen geselecteerde gebieden. Gebied

Totaal aantal woningen 2024

Corporatie huur % van totaal aantal woningen

Corporatie huur

Particuliere huur %

Particuliere huur

1362 1323 940 2451 1173 1477

66% 31% 42% 28% 71% 35%

899 410 395 686 833 517

6% 10% 19% 25% 4% 12%

82 132 179 613 47 177

156 24 30 23 16 141 76 102 31 49 29 18 36 18 80 54

99% 100% 100% 0% 0% 92% 97% 99% 0% 47% 0% 100% 100% 100% 0% 100%

154 24 30 0 0 130 74 99 0 23 0 18 36 18 0 54

0% 0% 0% 0% 46% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 15% 0%

0 0 0 0 7 0 0 0 0 0 0 0 0 0 12 0

59

0%

0

15%

9

9.668

46%

4.400

13%

1.258

Geselecteerde buurten Heilust Kaalheide Erenstein Bleijerheide Rolduckerveld Nulland Geselecteerde straten/complexen Schleidenstraat Honéestraat Nummer II straat Melchiorstraat Nieuwstraat Burg. Savelberglaan Franckstraat Mucherveldstraat Lempersstraat Kipstraat Deken Quodbachlaan Complex Nieuwenhagerweg Complex Willem Alexanderstraat Complex Waubacherweg St. Pieterstraat Complex St. Pieterstraat/Akkerheide Akerstraat Totalen

Tabel 12: Aantallen woningen in Wbmgp aangewezen buurten, straten/complexen

Afgezet tegen de totale woningvoorraad van de gemeente Kerkrade ziet dit er als volgt uit: Woningvoorraad Kerkrade per 2024

Woningen totaal in Kerkrade

Part. Huurwoningen

3.597

Woningen in de aangewezen Wbmgp gebieden Kerkrade 1.258

Huurwoningen corporaties

7.674

4.400

Totaal

11.271

5.658

Tabel 13: Aantallen huurwoningen in Wbmgp aangewezen buurten, straten/complexen in verhouding tot totalen gemeente

[48]

%

50%

De landelijke en wenselijke richtlijn van een evenwichtige woningvoorraad (30% sociaal, 40% midden, 30% hoog segment) wordt in Kerkrade, ook rekening houdend met de programmering, bij lange na nog niet bereikt. Kerkrade blijft, ook na de eerdergenoemde transformaties en herstructureringsplannen uit ons Woonoffensief, geconfronteerd met een onevenredig groot aandeel van 44% sociale huurwoningen, hetgeen de leefbaarheid en sociaaleconomische draagkracht onder druk blijft zetten. Effect op woningtoewijzing In navolging van de aanvraag van gemeenten Heerlen en Brunssum, hanteert Kerkrade de regio Parkstad Limburg als woningmarktregio, omdat hierbinnen verreweg de meeste verhuisbewegingen plaatsvinden. Het aantal woningen waarop de Wbmgp van toepassing is, hangt samen met de mutatiegraad. Op basis van een gemiddelde mutatiegraad van circa 10% betekent dit dat jaarlijks op ongeveer 966 woningen (10% van 9.668) binnen het aangewezen gebied selectie kan plaatsvinden. Hierbij is het verwachte preventieve effect van de maatregel nog niet meegerekend; op basis van ervaringen elders mag worden aangenomen dat het werkelijke aantal lager zal uitvallen.

Op basis van data-analyse van de bestaande woondynamiek zal door de toepassing van artikelen 8 van de Wbmgp het aantal kwetsbare verhuizingen van buiten Parkstad Limburg naar de geselecteerde Kerkraadse buurten en straten met circa 63 kwetsbare personen per jaar afnemen (zie de tabel met de instroom van buiten de regio met bijstandsuitkering in hoofdstuk 2). Hoewel deze groep gedurende de looptijd van de Wbmgp niet in aanmerking komt voor woningtoewijzing in het Wbmgp-gebied, bieden vrijkomende huurwoningen in de rest van Kerkrade, Parkstad Limburg en Limburg ruim voldoende alternatief. Binnen de gemeente Kerkrade blijft de helft van de huurwoningen onverminderd toegankelijk. De gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning in Kerkrade bedraagt 28 maanden8, hetgeen aanzienlijk korter is dan het landelijke gemiddelde van meer dan 70 maanden. Deze uitzonderlijk korte wachttijd draagt eveneens bij aan de beschikbaarheid van alternatieve huisvesting in Kerkrade. In de regio Parkstad Limburg komen er jaarlijks ca. 2.500 corporatiewoningen vrij. Voor heel Limburg bedraagt dit ongeveer 13.000 vrijkomende huurcontracten. Bovendien wordt verwacht dat het aanbod aan sociale huurwoningen regionaal en landelijk de komende jaren aanzienlijk toeneemt.

Op basis van de Woondeal worden tussen 2025 en 2030 (eveneens de looptijd van de Wbmgp) in Zuid-Limburg 5.091 extra sociale huurwoningen gerealiseerd; voor heel Limburg gaat het om 10.155 extra woningen. Dit betekent dat in de bredere regio ruim voldoende alternatieve huisvesting beschikbaar is voor de genoemde groep van kwetsbare instromers van gemiddeld jaarlijks ca. 63 personen voor Kerkrade. Dat alternatieve aanbod zal bovendien in veel gevallen veel dichter bij de locatie van vertrek liggen dan een woning in Wbmgp-gebied. Ruim 43% van de instromers met kwetsbare achtergrond komt van buiten de regio Parkstad waarvan 13% uit Limburg, dus ca. 30% uit de rest van Nederland (zie de tabel met de instroom van buiten de regio met bijstandsuitkering in hoofdstuk 2). In relatie tot die laatste groep is het goed om te benadrukken dat er landelijk tussen 2025 en 2030 naar verwachting liefst 290.000 nieuwe sociale huurwoningen bijgebouwd zullen worden, hetgeen de ruime beschikbaarheid van alternatieve huisvesting andermaal onderstreept. Om de proportionaliteit van de aanvraag verder te duiden, wordt in onderstaande tabel de omvang van de aanvraag als percentage afgezet tegen de totale huurwoningvoorraad van de gemeente Kerkrade alsmede de totale huurwoningvoorraad in de regio Parkstad Limburg, de regio Zuid-Limburg en Limburg als geheel. Dit laat onderstaande tabel zien:

8

Rapportage Thuis in Limburg september 2025

[49]

Wbmgp-gebied Kerkrade Particuliere huurwoningen Huurwoningen corporaties

1.258 4.400

Aandeel van Woningvoorraad Parkstad Limburg%9 17.110 7% 39.282

11%

Aandeel van Woningvoorraad ZuidLimburg%10 49.787 3% 86.073

5%

Aandeel van Woningvoorraad Limburg%11 76.656 2% 140.770

3%

Tabel 14: Aantallen huurwoningen in Wbmgp aangewezen buurten, straten/complexen in verhouding tot totalen PSL, Z-L, Limburg

Daarbij komt dat de beschikbaarheid van sociale huurwoningen in Zuid-Limburg en Limburg als geheel structureel toeneemt. Uitgaande van de Woondealcijfers voor de periode 2026-2030 komen er in ZuidLimburg circa 4.500 sociale huurwoningen bij, in Limburg circa 9.500, en landelijk naar verwachting 290.000. Daarmee is er, ook in breder perspectief, voldoende alternatieve woonruimte beschikbaar om huishoudens die geen vergunning verkrijgen op te vangen. Dit onderstreept dat de proportionaliteit van deze aanvraag zorgvuldig is gewogen — lokaal, regionaal én landelijk. Ook de solidariteitsgedachte, zoals verwoord in de regionaal overeengekomen prestatieafspraken, speelt hierin een rol. Op basis daarvan is afgesproken dat locaties waar de leefbaarheid onder druk staat tijdelijk worden ontzien bij het huisvesten van extra kwetsbare bewoners. Het proportionaliteitsvraagstuk kan bovendien niet los worden gezien van de volkshuisvestelijke verantwoordelijkheid van omliggende (sub)regio’s. Daar waar nu nog in onvoldoende mate wordt voorzien in sociale woningbouw, en dan met name het aanbieden van sociale woningbouw onder de aftoppingsgrens, zullen wij blijvend aandacht vragen voor het inlossen van deze verantwoordelijkheid in lijn met de Wet regie op de volkshuisvesting. Voor Parkstedelingen die 6 jaar of langer woonachtig zijn in de regio verandert er niets.

Gezien de overconcentratie van sociale woningbouw onder de aftoppingsgrens binnen Parkstad is het in zoverre ook legitiem om, met betrekking tot proportionaliteit, ook buiten de grenzen van Parkstad te kijken indien het gaat om het kunnen huisvesten van mensen die, als gevolg van de Wbmgp, in Kerkrade in de aangewezen Wbmgp-gebieden geen huisvestingsvergunning kunnen bemachtigen. Toepassingsbereik Wbmgp In de voorgaande hoofdstukken en paragrafen is uiteengezet welke artikelen we willen toepassen – artikel 8, artikel 9 en artikel 10 – maar ook op welke wijze we deze gaan toepassen. Het toepassingsgebied is precies afgebakend op basis van uniforme selectiecriteria in lijn met buurgemeenten Heerlen en Brunssum. Hoewel uit de Veerkrachtanalyse blijkt dat er nog veel meer buurten in Kerkrade ook onder druk staan, hebben we niet meer gebieden dan nodig opgenomen. Binnen de geselecteerde buurten en straten/complexen geldt artikel 8 voor nieuwe woningzoekenden van buiten de regio of die minder dan 6 jaar onafgebroken in de regio Parkstad hebben gewoond. Via toepassing van de Wbmgp ontzien we tijdelijk deze kwetsbare buurten zodat de effectiviteit van ons flankerend beleid wordt vergroot doordat de instroom van kwetsbare inwoners wordt beperkt. Deze woningzoekenden worden niet geweerd uit woningen in de overige draagkrachtigere buurten van Kerkrade.

Woningzoekenden wiens huisvestingsvergunning wordt geweigerd, ontvangen een gemotiveerde beschikking en kunnen op basis van de Awb bezwaar en beroep instellen. De gehanteerde criteria zijn helder omschreven in de Wbmgp en worden eveneens vastgelegd in de Huisvestingsverordening. De Wbmgp is bovendien een tijdelijke maatregel en wordt in beginsel ingesteld voor een periode van 4 jaar. De aangevraagde gebiedsaanwijzing heeft een geldigheidsduur van vier jaar. Indien evaluatie uitwijst dat de maatregelen niet langer nodig zijn of onvoldoende werken, zal Kerkrade geen verzoek doen tot verlenging en de maatregelen beëindigen. Alleen bij gebleken effect én aanhoudende noodzaak zal verlenging overwogen worden, opnieuw in overleg met raad en betrokkenen. Deze waarborg van periodieke toetsing voorkomt dat de maatregelen langer dan proportioneel voortduren. Bovendien moet de minister toestemming verlenen voor verlenging en daarvoor is het aanleveren van een evaluatie verplicht.

9 CBS 10 CBS 11 CBS

[50]

Conclusie proportionaliteit Gelet op de bovenstaande gegevens concluderen we dat de toepassing van selectieve woningtoewijzing op grond van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wbmgp in de in bijlage 2 vermelde geselecteerde 6 buurten en 17 straten/complexen in Kerkrade proportioneel is. Er wordt geen onevenredige inbreuk op rechten gemaakt, er zijn passende alternatieven gewaarborgd voor huishoudens die niet in aanmerking komen voor een huisvestingsvergunning, en de duur en reikwijdte van de maatregel zijn beperkt tot het strikt noodzakelijke. Het aanzienlijke maatschappelijk belang van het herstel van de leefbaarheid in zeer kwetsbare buurten weegt zwaarder dan de beperkte en tijdelijke inbreuk op de vestigingsvrijheid. Dat is ook de uitkomst van de landelijke evaluatie Wbmgp: gemeenten wegen dit instrument zeer zorgvuldig af en zetten het alleen in als het echt nodig is – precies dát doen we in Kerkrade. 9.1

[51]

10 IMPLEMENTATIE, UITVOERING EN MONITORING 10.1

Afstemming en draagvlak

Stadsregio Parkstad Limburg Kerkrade werkt samen met de zes andere gemeenten binnen de stadsregio Parkstad Limburg (WGR-regio) aan haar volkshuisvestelijke opgaven. Er is gezamenlijk beleid, zoals de woonvisie en de Toekomstvisie Wonen, Welzijn en Zorg. Ook de veerkrachtanalyse is voor alle gemeenten in Parkstad opgesteld. Daarnaast wordt thans samengewerkt aan een regionale Huisvestingsverordening met daarin onder andere de toekomstig verplichte urgentieregeling. Zoals vermeld bereiden meerdere Parkstad-gemeenten een aanvraag voor de Wbmgp voor. Deze regionale solidariteit zorgt ervoor dat alle gemeenten een deel van de verantwoordelijkheid dragen voor het huisvesten van kwetsbare groepen, en dat bepaalde buurten tijdelijk ontzien kunnen worden zonder dat één gemeente onevenredig belast wordt. Daartoe hebben we aanvullende afspraken gemaakt, bijvoorbeeld in de regionale Toekomstvisie Wonen, Welzijn en Zorg die is opgesteld door de Parkstad-gemeenten, de in de regio actieve woningcorporaties, hun huurdersorganisaties en zorgpartijen en welzijnsorganisaties. Daarom hebben wij afgesproken dat fair share onder geen beding mag uitmonden in de verplaatsing van overconcentraties van buurt, wijk, of gemeente A naar B. Overconcentraties van kwetsbaarheid zijn namelijk nergens gewenst.

Zoals genoemd heeft Kerkrade haar aanvraag inhoudelijk afgestemd met Heerlen en Brunssum en sluit ook qua aanpak aan bij de lijn van deze gemeenten. Zodat regionaal een consistente uitvoering ontstaat en de maatregelen elkaar versterken. Dit betekent bijvoorbeeld dat definities (zoals wat telt als “inkomen uit arbeid” of de criteria voor lokale binding) zoveel mogelijk gelijk worden gehouden, zodat er geen mismatches in uitvoering ontstaan tussen de buurgemeenten. De aanvraag en de uitvoering worden door Heerlen, Brunssum en Kerkrade en de partners, in gezamenlijkheid afgestemd, waarbij periodiek — in de vorm van maandelijkse bijeenkomsten van de stuurgroep en de werkgroep — de voortgang wordt besproken en besluiten worden voorbereid. Woningcorporaties De woningcorporaties spelen een cruciale rol in het versterken van onze wijken en gemeenschappen. De gemeenten, woningcorporaties en huurdersorganisaties van Parkstad hebben op regionaal niveau meerjarige prestatieafspraken gemaakt voor de periode 2024-2028. Eén van deze afspraken ziet toe op het tijdelijk ontzien van gebieden waarbij de leefbaarheid onder druk staat, door daar tijdelijk geen bewoners in een kwetsbare situatie te huisvesten. Ook wordt ‘maatwerktoewijzen’ toegepast door corporaties zodat huurwoningen in deze gebieden gerichter kunnen worden toegewezen.

Binnen de stadsregio (en in afstemming met de Provincie Limburg) is afgesproken om gezamenlijk op te trekken bij dit soort woningmarktingrepen. De corporaties waren al geruime tijd betrokken bij het proces voor de aanvraag Wbmgp in Heerlen en hebben ook zitting in de stuurgroep en werkgroep. De woningcorporaties steunen de aanvragen van Kerkrade, Heerlen en Brunssum en zien deze als een logische versterking van de bestaande wijkenaanpak en als extra instrument om woonoverlast en instabiliteit tegen te gaan. We maken samen afspraken over de praktische uitvoering. De corporaties werken onderling eveneens samen aan bijvoorbeeld interne werkprocessen, zodat die op elkaar afgestemd zijn en een bewoner overal op dezelfde wijze wordt behandeld. Regionaal worden nadere, gezamenlijk afspraken gemaakt over de praktische uitvoering, zoals het opnemen van voorrangsetiketten in woningadvertenties en het handhaven van de huisvestingsvergunningplicht in het corporatiebezit. Naast dit regionale overleg, heeft Kerkrade zeer frequent overleg op lokaal niveau met de corporaties HEEMwonen, Wonen Zuid en Wonen Limburg. Daarbij is ook de aanvraag Wbmgp onderwerp van gesprek geweest. Particuliere verhuurders Er heeft bij het opstellen van deze aanvraag geen afstemming plaatsgevonden met particuliere verhuurders. [52]

In Kerkrade zijn vele verschillende verhuurders, vaak in bezit van 1 of 2 panden. Er is geen belangenorganisatie voor al deze particuliere verhuurders. Het voornemen is om bij het implementatieplan aan te geven hoe de particuliere verhuurders geïnformeerd worden over de invoering van deze wet. Provincie Limburg De Provincie heeft een adviesrol en is daarom betrokken bij deze aanvraag. Het versterken van de leefbaarheid en sociale balans in kwetsbare wijken in Limburg is voor de Provincie cruciaal. Deze aanvraag sluit goed aan bij de gebiedsgerichte Wijkaanpak van de Provincie Limburg. Over de aanvraag is bestuurlijk overleg geweest tussen Kerkrade en Provincie Limburg. Voor Limburg hecht de Provincie groot belang aan het verbeteren van de leefbaarheid en het waarborgen van de sociale samenhang in kwetsbare wijken. Provincie Limburg onderstreept dan ook de noodzaak om in Kerkrade de Wbmgp toe te passen op de kwetsbaarste buurten en heeft daartoe een steunverklaring afgegeven. Politie De politie heeft een belangrijke rol in de uitvoering van deze wet voor met name artikel 10. In gemeente Heerlen is de politie van het begin betrokken. Kerkrade is later gestart, maar ook hier heeft de politie aangegeven de aanvraag te ondersteunen. Ook zij worden bij het lokale en regionale implementatieplan betrokken.

Maatschappelijk draagvlak Tot slot is gekeken naar het draagvlak onder bewoners in de betreffende wijken. Kerkrade werkt wijkgericht en buurtcontacten verlopen veelal via de bewonersplatforms van deze drie wijken. Hier wordt met enige regelmaat zorgen geuit over de leefbaarheid van de wijken. Dan gaat het onder andere om verloedering, vervuiling en illegaal kamerverhuur waardoor overlast ontstaat. In het kader van de nieuwe omgevingsvisie is bewonersparticipatie geweest. Hierbij werden verschillende thema’s behandeld. De input van deze thema’s geven goed weer hoe bewoner over leefbaarheid/veiligheid en historische linten denken. Zo werd onder andere aandacht gevraagd voor een betere variatie en balans in het woningaanbod, verloedering van de buurten, toename achterstandswijken, te veel pandjesbazen, verminderen leegstand, aanpak criminaliteit en verbetering sociale veiligheid. De gemeente is voornemens om bijeenkomsten te organiseren om de toepassing van de Wbmgp toe te lichten. Implementatie en uitvoering De verwachtte startdatum van de uitvoering van de Wbmgp is gezet op 1 juli 2026. 10.2

De aanwijzing is uiteraard alleen van toegevoegde waarde als de maatregelen ook daadwerkelijk uitgevoerd én gehandhaafd wordt. Daarvoor is aanvullende uitvoeringskracht nodig want de gemeentelijke organisatie is daar nog niet voldoende op ingericht. Een eerste inschatting van de benodigde functies en bijbehorende loonsommen zijn als volgt:  Procesondersteuner (administratief verwerken van aanvragen en verleende vergunningen)  Casemanager Vergunningen  Toezichthouders  Juridisch handhaver In totaal is er een jaarlijkse investering voor de periode 2026-2030 van minimaal €250.000,- nodig om de uitvoeringskracht op een basisniveau te organiseren. Dit is reeds in de gemeentelijke begroting opgenomen. Dit basisniveau is wel kwetsbaar en bij het vertrek van personeel of langdurige uitval en ziekte. Ook evaluatie, monitoring en beleidsontwikkeling/-bijstelling vraagt continue extra capaciteit en zal bij monitoring en evaluatie worden meegenomen indien hiervoor extra middelen nodig zijn. In het implementatieplan volgt een nadere uitwerking.

[53]

Monitoring en evaluatie Een zorgvuldige monitoring is van groot belang bij de bepaling van de effectiviteit van de maatregelen. Alleen bij aantoonbare effectiviteit én aanhoudende noodzaak zal Kerkrade overwegen een vervolgaanvraag te doen, en dat besluit zal te zijner tijd opnieuw in samenspraak met de gemeenteraad en betrokkenen worden genomen. Omgekeerd geldt: als de doelen eerder bereikt zijn of de situatie voldoende verbeterd is, kan de gemeente de aanwijzing ook tussentijds intrekken of beperken. Flexibiliteit en periodieke toetsing zijn dus geborgd, zodat de maatregelen niet langer dan nodig voortduren. 10.3

Deze aanvraag is onder andere gestoeld op een breed scala aan indicatoren van het CBS. Door de data van vóór de invoering van de Wbmgp te vergelijken met de data na invoering, kunnen we het effect van de maatregelen op de buurten meten. Daarnaast wil Kerkrade een verdiepingsslag maken op deze data, gericht op de instroom in de buurten, door ook te kijken naar de microdata van het CBS. Daardoor kunnen we op persoons- en adresniveau en een groot aantal kenmerken inzichtelijk te maken hoe de instroom (verhuisbewegingen naar het Wbmgp-gebied en gemeente Kerkrade) er de afgelopen 5 jaar heeft uit gezien. Dan gaat het bijvoorbeeld om gezinssamenstelling, leeftijd, herkomstgemeente, maar ook kenmerken als inkomen, type arbeid, zorg, gezondheid of sociaal kapitaal worden voor de ‘instromers’ in beeld gebracht. Op basis van zulke (en aanvullende) indicatoren kunnen we per artikel meten of het gewenste effect bereikt wordt. Vragen zoals ‘komen er inderdaad minder kwetsbare mensen van buiten de regio in deze gebieden wonen door de inzet van artikel 8?’ en ‘zorgt artikel 9 er inderdaad voor dat er mensen die werkzaam zijn in de vitale beroepsgroepen in deze wijken gaan wonen?’ kunnen aan de hand van deze data beantwoord worden doordat we ook hier de data van voor en na de invoering vergelijken. Daarnaast worden de persoonsgegevens (m.u.v.

politiegegevens) in relatie tot vergeven huisvestingsvergunningen enkel ter evaluatie van de Wbmgp bewaard. Uiteraard zijn deze slechts toegankelijk nadat de functionaris gegevensverwerking daartoe machtiging heeft gegeven. Verder maken we gebruik van de tweejaarlijkse Parkstad-monitor. Hierin worden diverse thema's uitgevraagd bij inwoners binnen de regio Parkstad en dus ook voor Kerkrade. Ondanks dat dit thema's zijn die veelal zijn gebaseerd op het gevoel dan wel ervaring van de inwoners, is het een instrument dat elke twee jaar wordt uitgezet met als gevolg een gedegen meetuitkomst. Verder is deze aanvraag ook gebaseerd op de Veerkrachtanalyse Parkstad dat niet enkel kijkt naar de huidige situatie, de zogenoemde ‘foto’, maar ook naar de ‘film’, de ontwikkeling gemeten over een langere periode. We verwachten dat we de effecten van de Wbmgp ook hierin terug zullen zien en kunnen door de onderliggende data van deze kaarten te raadplegen, per buurt zien hoe de cijfers zijn veranderd ten opzichte van de cijfers in deze aanvraag. Gezien deze analyse regionaal gedaan wordt, kunnen we ook bekijken of de veerkracht van andere omliggende buurten niet onacceptabel achteruitgaat. De Stadsregio heeft besloten om de Veerkrachtanalyse Parkstad 2-jaarlijks te actualiseren om de effecten van de Wbmgp te monitoren, zowel binnen de Wbmgp-gebieden als ook de situatie buiten de Wbmgp-gebieden.

Op Parkstad-niveau wordt eveneens elke 2 jaar voor elke gemeente in Parkstad een burgeronderzoek gedaan dat ingaat op de belevingen van inwoners ten aanzien van leefbaarheid, wonen, veiligheid, beheer en onderhoud, vrijetijdsbesteding en gezondheid en zorg. Door de resultaten te vergelijken met eerdere onderzoeken uit 2019, 2021 en 2023, ontstaat een waardevol beeld van de ontwikkeling van leefbaarheid over de tijd. Dit maakt het mogelijk om maatschappelijke trends te volgen en beleid gericht te evalueren en bij te sturen. Additioneel halen we informatie op bij onze collega’s en partners die in deze wijken aan de slag gaan, denk aan onze wijkmanagers, de wijk GGD’er, (jeugd)boa’s, straatcoaches, consulenten van ISD-BOL etc., consulenten wijken en buurten van woningcorporaties. Dit doen we onder andere via de overlegtafels Sociaal Veilig en het casuïstiekoverleg waar een groot deel van deze professionals structureel vertegenwoordigd is. Naast bovengenoemde bronnen ontvangen we ook jaarlijks een rapportage van Thuis in Limburg, het [54]

regionale woningtoewijzingsplatform waar alle woningcorporaties die actief zijn in Kerkrade bij zijn aangesloten. In deze rapportage wordt weergegeven hoeveel huurcontracten dat jaar zijn afgesloten, met een uitsplitsing naar woningtype, huishoudtype, prijsklasse en leeftijd. Eveneens wordt er inzicht gegeven in het aandeel vrij aanbod versus bemiddeling en de redenen voor bemiddeling naar een woning. Verder geeft het, naast andere indicatoren, inzicht in de herkomstgemeente van mensen die reageren en de herkomst van nieuwe huurders. Kerkrade zal het bestuurlijke overleg met de buurgemeenten over de aanvraag van de Wbmgp op regelmatige basis continueren. In het ambtelijke Wbmgp-overleg kan onder andere worden gesproken over de inrichting van de monitorings- en evaluatiesystematiek. Na toekenning van de aanvragen zal binnen dit overleg ook ruimte zijn voor het uitwisselen van praktijkervaringen en het onderling delen van inzichten ten behoeve van eventuele bijsturing.

Te verwachten effecten Voor alle aan te wijzen buurten en straten/complexen wordt een verbetering door de invoering van de wet voorzien. Op basis van de omvang en reikwijdte worden in de aangewezen buurten en straten/complexen de volgende effecten verwacht:  verbetering van de positie van de gebieden op de Veerkrachtkaarten;  verbeteren van de negatieve afwijkingen Leefbaarometer t.o.v. het Nederlands gemiddelde;  verbetering van de SES-WOA scores;  verhoging van de arbeidsparticipatie;  verlaging van het aantal misdrijven en overlastmeldingen. 10.4

In andere gemeenten zijn de volgend effecten na toepassing van de Wbmgp zichtbaar12:  Positieve verandering in de bevolkingssamenstelling: sommige gemeenten constateren een stijging van het aandeel bewoners met inkomen uit arbeid, een daling van het aandeel huishoudens met bijstandsuitkering of een verbetering in sociaaleconomische kenmerken, zoals een toename van de economisch zelfstandigen. Andere gemeenten constateren in dit verband een sterkere afname van het aandeel bijstandsontvangers;  Verbetering van de leefbaarheid en veiligheid: in dit kader wordt melding gemaakt van een stijging van de veiligheidsindex in de aangewezen wijken, minder misdrijven en meldingen van overlast en ook minder meldingen van incidenten zoals ruzie en overlast. Door bewoners wordt aangegeven dat ze meer rust en erkenning voelen en zich veiliger voelen in de wijk;  Meer grip op kwetsbare verhuisbewegingen: in dit kader wordt aangegeven dat corporaties meer controle krijgen op wie in de huurwoningen komt. Ook ervaren professionals dat onderlinge relaties in de wijk ‘opengebroken’ werden en de veiligheid toenam;  Preventieve werking: woningzoekenden die weten dat ze niet door de screening komen, reageren vaak niet op woningen in de Wbmgp-gebieden.

Zo worden ongewenste verhuisbewegingen voorkomen zonder dat er een toets hoeft plaats te vinden;  Geen toename van leegstand: in vrijwel alle gemeenten waar de Wbmgp is toegepast, werd geen extra leegstand ervaren. In sommige wijken steeg zelfs het aantal reacties op woningen. Beëindiging van de maatregelen Kerkrade is zich er terdege van bewust dat de Wbmgp niet bedoeld is als permanente regeling, maar als tijdelijk instrument. We zullen de maatregelen dan ook niet langer dan noodzakelijk in stand houden. Tegen het einde van de vierjaars-periode (naar verwachting in jaar 3, zodat tijdig besloten kan worden) zal de gemeente een uitgebreide evaluatierapportage opstellen. Indien de evaluatie aantoont dat de doelen grotendeels behaald zijn en de gebieden voldoende veerkrachtig zijn geworden, zullen we afzien van verlenging en de aanwijzing laten expireren. We zullen dan ook in overleg met de minister tijdig aangeven 10.5

12

Op basis van evaluaties uit bestaande Wbmgp-gebieden

[55]

indien de gebieden niet opnieuw aangewezen hoeven te worden. Mocht de evaluatie echter uitwijzen dat de buurten wel verbeterd zijn maar nog kwetsbaar, dan kan in overleg met de gemeenteraad en het Rijk een verlenging met 4 jaar worden overwogen, eventueel voor een kleiner deel van de gebieden als sommige buurten al voldoende vooruitgang hebben geboekt. Elke verlenging vergt opnieuw een zwaarwegende motivering en een toets op noodzaak, geschiktheid, subsidiariteit, proportionaliteit op dat moment. De totale duur zal in geen geval langer zijn dan 20 jaar (zoals de wet voorschrijft). Echter, de intentie is niet om maximaal te rekken, maar om de maatregel zo kort als mogelijk en zo lang als nodig te hanteren. In het geval dat de situatie nog voor het einde van de 4 jaar aanzienlijk verbeterd, kan besloten worden de aanwijzing te laten vervallen of bepaalde buurten eruit te halen. In Rotterdam is bijvoorbeeld na verloop van tijd het aantal straten waar de maatregel geldt verminderd, zodra daar voldoende vooruitgang was geboekt. Die flexibiliteit houden we in Kerkrade ook: het ultieme doel is immers dat deze wijken op eigen benen kunnen staan zonder uitzonderingsmaatregelen. Tijdens en na afloop van de periode blijft de gemeente in gesprek met bewoners over de situatie (via o.a. de wijkplatforms).

Mocht de aanwijzing eindigen, zullen we dat uitvoerig communiceren en tegelijk duidelijk maken welke reguliere instrumenten en investeringen doorgaan om de wijken verder te ondersteunen. Het beëindigen van de Wbmgp-maatregel betekent immers niet dat de aandacht voor de wijk wegvalt – integendeel, het zou het resultaat zijn van verbeteringen die we dan bestendigen met ander beleid. In het ideale scenario kunnen we over enkele jaren concluderen dat dankzij de gecombineerde inspanningen (waaronder de Wbmgp) in deze 6 buurten en 17 straten/complexen een kentering heeft plaatsgevonden en dat bijzondere maatregelen niet langer nodig zijn. Het stokje wordt dan volledig overgenomen door reguliere middelen (diversificatie van woningaanbod), sociaaleconomische stimulansen en preventief jeugd- en welzijnswerk om de buurt structureel goed te houden. Dat is het perspectief waar we naartoe werken. Tot die tijd zetten we de Wbmgp in als tijdelijke katalysator van verandering. En als die verandering is bereikt, laten we dit instrument met vertrouwen los, wetende dat we samen met bewoners een nieuw hoofdstuk voor hun buurten hebben geopend – een hoofdstuk waarin iedere inwoner, ongeacht achtergrond, kan profiteren van een leefbare, veilige en hoopvolle omgeving.

[56]

11 BIJLAGEN Bijlage 1 – Integrale aanpak Kerkrade – sporen en instrumenten Inleiding Kerkrade werkt al geruime tijd aan het versterken van leefbaarheid, veiligheid en ontwikkelkansen in kwetsbare wijken. De gemeente kiest hierbij voor een integrale en wijkgerichte aanpak, waarbij fysieke, sociale en volkshuisvestelijke maatregelen hand in hand gaan. Deze inzet is georganiseerd langs vier hoofdsporen:  Het ruimtelijk spoor: gericht op het verbeteren van de fysieke leefomgeving, met aandacht voor openbare ruimte, infrastructuur en stedenbouwkundige kwaliteit.  Het volkshuisvestelijk spoor: gericht op een evenwichtige woningvoorraad, differentiatie in het aanbod en het aanpakken van kwetsbare particuliere verhuur.  Het sociale spoor: gericht op het versterken van bewonerskracht, participatie en het bieden van ontwikkelkansen.  Het spoor openbare orde en veiligheid: gericht op het vergroten van veiligheid en het handhaven waar nodig. Binnen deze sporen zet Kerkrade diverse juridische en beleidsmatige instrumenten in, waaronder renovatie, sloop en nieuwbouw, het fair share-principe, en binnenkort ook de toepassing van de Wet gemeentelijke instrumenten volkshuisvesting (Wbmgp). Deze bijlage biedt een overzicht van de concrete maatregelen en beleidsinzet binnen elk spoor.

Sociaal spoor Aanpak armoede en schulden – Koersvast 2025–2027 De gemeente Kerkrade voorkomt en bestrijdt armoede en schulden via vijf samenhangende pijlers. Daarmee versterken we bestaanszekerheid, stabiliteit en leefbaarheid in de (geselecteerde) buurten. 1) Preventie en vroegsignalering: Team Vroeg Eropaf benadert inwoners proactief bij betalingsachterstanden (huisbezoek/telefonisch) om escalatie te voorkomen. Voorzieningenwijzer en Geldwijzerwinkel vergroten gebruik van regelingen en bieden hulp bij aanvragen; we werken zichtbaar met publieksvoorlichting via verschillende maatschappelijke organisaties om stille armoede vroeg te signaleren. 2) Redzaamheid versterken: Coaching en praktische ondersteuning via Financieel Maatje en Impuls om financieel zelfredzaam te worden en te blijven. Inzet van Nibud Geldplannen en ondersteuning via Taalhuis en wijkpunten voor basisvaardigheden en administratie. 3) Inkomensondersteuning: Stadspas (in ontwikkeling) als laagdrempelige, niet-stigmatiserende toegangspoort tot regelingen en meedoen-kansen. Collectieve zorgverzekering, bijzondere bijstand, woonkostentoeslag en kwijtschelding gemeentelijke belastingen; aanvullende steun via Voedselbank, Kledingbank en Ruilwinkel Kerkrade/Eygelshoven.

4) Schuldhulpverlening: Uitvoering door Kredietbank Limburg met integrale aanpak (quickscan → plan van aanpak, budgetbegeleiding/-beheer, schuldregeling, saneringskrediet, nazorg). Extra focus op gezinnen met kinderen en zelfstandig ondernemers; ontwikkeling van pilot ‘schuldenvrij maken’ (o.a. schuldenvrije wijk, jongerenaanpak met herfinanciering van kleine schulden). 5) Aanpak kinderarmoede: Samenwerking met Stichting Leergeld Parkstad, Jeugdfonds Sport & Cultuur en het Jeugdeducatiefonds voor sport, cultuur, schoolbenodigdheden en zwemlessen, mogelijk later ook via de Stadspas. Seizoensprogramma’s Zommersjpas en Winktersjpas en inzet schoolmaatschappelijk werk zorgen dat alle kinderen kunnen meedoen. Vanuit bovenstaande aanpak lopen er meerdere specifieke projecten:  Voorzieningenwijzer (gebruik regelingen vergroten). [57]

 

Stadspas (in ontwikkeling; toegang tot meedoen-regelingen zonder stigma). Schuldenvrij maken (pilot: schuldenvrije wijk/jongerenaanpak met saneringskredieten).

Aanpak en transformatie jeugd/preventief jeugdbeleid Preventief jeugdbeleid Kerkrade De gemeente Kerkrade zet in op het versterken van een gezonde, veilige en kansrijke ontwikkeling van kinderen en jongeren. Het preventief jeugdbeleid richt zich op het vroegtijdig signaleren van risico’s en het voorkomen dat lichte zorgen uitgroeien tot complexe problematiek. Daarmee wordt bijgedragen aan het welzijn van jeugdigen en hun gezinnen én wordt de inzet van zwaardere vormen van jeugdhulp zoveel mogelijk voorkomen. Doel en uitgangspunten Preventie is essentieel om negatieve gevolgen zoals schooluitval, huiselijk geweld of psychische en sociale problemen te beperken. Door tijdig ondersteuning te bieden, vergroten we de ontwikkelkansen van kinderen en creëren we een stevig fundament voor hun toekomst. Thema’s binnen het beleid  Gezond opgroeien: bevorderen van een gezonde leefstijl, een verantwoord gewicht en mentaal welbevinden.  Kansrijk opgroeien: ervoor zorgen dat ieder kind zich maximaal kan ontwikkelen, met passende ondersteuning als dit niet vanzelf gaat.  Veilig opgroeien: bevorderen van een veilige fysieke en digitale omgeving, thuis en in de samenleving. De beschikbare interventies/programma’s zijn gebundeld en via een website toegankelijk alle inwoners.

Digitaal loket Iedereen die met kinderen en jongeren tussen -9 maanden en 23 jaar te maken heeft, kan een signaal doorgeven wanneer extra aandacht of ondersteuning wenselijk is. Het kernteam preventie jeugd beoordeelt deze meldingen en zet indien nodig vervolgstappen. Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen In Kerkrade richt het beleid voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen zich op het ondersteunen van inwoners die tijdelijk of langdurig niet zelfstandig kunnen wonen door psychische, psychosociale of sociale problemen. Hierin trekken we als regio Parkstad samen op, met Heerlen als centrumgemeente. Maatschappelijke opvang Gericht op mensen die dakloos zijn of dreigen te worden. Ondersteuning bij het vinden van onderdak, dagbesteding en begeleiding naar zelfstandigheid. Speciale aandacht voor mensen die te maken hebben met huiselijk geweld of ernstige sociale problemen. Beschermd wonen Voor mensen met psychische of psychosociale problemen die intensieve begeleiding nodig hebben. Doel: herstel, vergroten van zelfredzaamheid en uiteindelijk zelfstandig wonen. Begeleiding is afgestemd op individuele behoeften, zoals hulp bij financiën, dagstructuur en sociale vaardigheden. Transformatie Wmo Het sociaal domein kent mede door de decentralisaties grote uitdagingen. We moeten in beweging blijven om kansen te ontwikkelen en uitdagingen zo goed mogelijk het hoofd te bieden.

Het rijk heeft het afschalen van de langdurige zorg en de daaraan verbonden overheveling van een groot aantal taken naar de Wmo 2015 gekoppeld aan een verlaging van beschikbare financiële middelen. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wmo 2015 en staan daarmee aan de lat om met de middelen die beschikbaar zijn een transformatie in het sociaal domein waarvan de Wet maatschappelijke ondersteuning deel uitmaakt, te bewerkstelligen. Tegelijkertijd neemt in Nederland de zelfredzaamheid van inwoners af, is de maatschappij gewend geraakt aan het idee dat voor heel veel hulpvragen een zorgoplossing kan en moet worden geboden en dat die zorgoplossing wel betaald wordt door ‘de overheid’. De gemeente Kerkrade is van opvatting dat [58]

daarom samen met partners langjarig (blijvend) toegewerkt moet worden naar een duurzame en integrale ondersteuning van inwoners, waarbij de focus ligt op zelfredzaamheid, participatie en kwaliteit van leven. Een wijkgerichte inrichting van de Wmo 2015 waarin voor iedereen passende (maatwerk)ondersteuning die dat nodig heeft beschikbaar is, staat voorop. De sociale basis is ons vertrekpunt. We zien daarbij dat zowel landelijk als in Kerkrade de problematiek onder kwetsbare inwoners groeit. We beogen een integrale aanpak waarin de gemeente, de welzijnsinstelling, zorgaanbieders en stakeholders zoals de Adviesraad Maatschappelijke Ondersteuning als partners samenwerken. Een duurzaam en effectief partnerschap tussen deze partijen is belangrijk om het gemeenschappelijk doel te bereiken. We doen dit via:  Preventieve en integrale benadering: voorkomen van zorgvraag door vroegsignalering en ondersteuning in de wijk;  Normaliseren: Inwoners worden zoveel mogelijk ondersteund binnen hun eigen netwerk en leefomgeving. Er wordt gewerkt vanuit het principe: wat iemand zelf, met naasten of binnen de wijk kan, wordt gestimuleerd voordat professionele ondersteuning/ zorg wordt ingezet.

Daarbij wordt gewerkt vanuit het gedachtegoed van reablement (herstelgerichte ondersteuning):  tijdelijke, doelgerichte ondersteuning om mensen te helpen weer zelfstandig te functioneren;  focus op het vergroten van eigen kracht en vaardigheden, met waar nodig kortdurende interventies van professionals.  Het realiseren en dynamisch in stand houden van een passend en samenhangend zorgaanbod: ontsloten via een hybride toegang en wijkgericht ingestoken;  kwaliteitsgericht werken: gericht op maatwerk, cliëntgerichte zorg en innovatie; Wijkgericht werken binnen de Wmo sluit aan op de reikwijdte van de Wbmgp. Beide wetten kunnen instrumenten zijn voor de gemeente bij het versterken van het sociale en fysieke leefklimaat. Beschrijving inzet i.r.t. Pluswijken Vanuit PlusWIJken (een IZA-transformatieplan) versterken we de zorg en ondersteuning in onze wijken. Dit is nodig vanwege de vele kwetsbare inwoners en grote gezondheidsachterstanden in onze stad. Het programma brengt inwoners, zorgprofessionals en sociale partners samen om domeinoverstijgend te werken aan gezondheid, eigen regie en samenredzaamheid. In zes pilotwijken in Zuid-Limburg, waaronder in Kerkrade-Oost, onderzoeken PlusWIJkteams wat inwoners écht nodig hebben en stemmen hier zorg en ondersteuning slim op af.

Daarnaast worden binnen de regio vier bewezen aanpakken breed uitgerold:  Doorbraakmethode: maatwerk voor huishoudens met complexe problemen.  Welzijn op Recept: welzijnscoaches via de huisarts voor psychosociale klachten.  Kernteam Ouderen: betere samenwerking rond kwetsbare ouderen thuis.  PlusPraktijken: innovatieve huisartsenpraktijken met wijkgerichte zorg Binnen PlusWIJken bouwen we dus aan sterke wijken waarin gezondheid, eigen regie en samenredzaamheid van inwoners centraal staan en ondersteuning en zorg slim en samenhangend zijn georganiseerd. Spoor Openbare orde en veiligheid Het Integraal Veiligheidsplan 2023-2026 (IVP) beschrijft op hoofdlijnen welke inspanningen en acties we ondernemen om Kerkrade naar het niveau van een bovengemiddeld veilige en leefbare tillen. Eind 2026 leggen we een nieuw IVP voor waarbij we de regionale samenwerking opzoeken met de overige Parkstadgemeenten nu we als feitelijk één grootstedelijk gebied met circa 250.000 inwoners met veel dezelfde leefbaarheids- en veiligheidsproblematiek te maken hebben. Momenteel concentreren we ons op:

[59]

Drugsoverlast We treden streng op tegen drugsoverlast op straat en in/vanuit panden. Drugspanden sluiten we en leggen drugsdealers en -kopers een last onder dwangsom op om de drugshandel op straat tegen te gaan. De strafrechtelijke opsporing van drugscriminaliteit is een bevoegdheid en taak van de politie. Door als gemeente wijkgerichter te werken zijn we extra ogen en oren voor de politie. Deze kan daardoor de beperkte opsporingscapaciteit gerichter en effectiever inzetten. In de Lokale Driehoek maakt de burgemeester waar nodig aanvullende afspraken over extra inzet voor de aanpak van drugsoverlast. Bij het (her)inrichten van de openbare ruimte letten we extra op dat er geen plekken ontstaan waar drugshandel makkelijk kan plaatsvinden. Woonoverlast Met nieuwe beleidsregels pakken we ernstige woonoverlast sneller en steviger aan met gedragsaanwijzingen, dwangsommen en in het uiterste geval een tijdelijk verblijfsverbod. Daar zetten we bovendien extra juridische capaciteit op in. Het onbedoeld verplaatsen van de overlast voorkomen we door meer aandacht te besteden aan de achtergronden van overlast gevend gedrag en het wegnemen daarvan. Daarvoor betrekken we zorgen welzijnspartners en de woningcorporaties. Jeugd overlast en -criminaliteit In 2026 zetten we onder de vlag van Preventie met Gezag (PmG) de aanpak voort van overlast gevende jeugd en (potentieel) criminele jongeren.

We werken hierin samen met andere Parkstad-gemeenten. De aanpak ziet niet (alleen) op het hard aanpakken van overlastende jeugd maar legt vooral de nadruk op preventie. Het bieden van perspectief en kansen voor jongeren om op het rechte pad te komen en te blijven. Daarvoor is voldoende straatkennis nodig over welke jeugdigen overlast veroorzaken en welke jongeren een verhoogd risico lopen het criminele pad op te gaan. Daarvoor werken we steeds nauwer samen met jeugd- en jongerenwerkers, politie, (jeugd)boa's, omwonenden, de jongeren zelf en hun ouders evenals scholen. De financiering voor dit programma door het Ministerie van Justitie en Veiligheid loopt tot juli 2027 en dit wordt waarschijnlijk niet verlengd. Om dit belangrijk programma voort te zetten na die periode moet er alvast gezocht worden naar alternatieve financiering of financiering uit eigen middelen. Handhaving Het aantal meldingen voor Handhaving blijft, mede door de goede bereikbaarheid en bekendheid, doorzetten van 2619 in 2021 naar ongeveer 9000 in 2025 (in 2024 waren er dit 7300). Met het stijgend aantal meldingen stijgt ook de druk op de inzet van onze boa's. Gemiddeld voeren zij 54 acties per dag uit en ook dat is stijgend. Met de huidige bezetting moeten we daarom soms keuzes maken en prioriteiten stellen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=23c17007-5939-443c-956d-a28df0751a5a