Lokaal Alternatief- vragen cie.vergadering agendapunt 8.docx
Tekst van het document
Commissie B&S dd 16 mei 2023 Vragen betreffende Agendapunt 8 - Ontwerpbesluit Gemeenschappelijke Regeling voor Sociale Kredietverlening en Schuldhulpverlening in Limburg In het onderhavige ontwerpbesluit is sprake van het (vooralsnog) afgeven van neutrale zienswijzen op begrotingswijzigingen 2023 en 2024, de pro forma begroting 2024 en een te maken voorbehoud ten aanzien van de meerjarenbegroting 20252026 voor wat betreft de bijdragen van de gemeente Kerkrade in 2025 en 2026. Gezien de in de aanbiedingsbrief van de Kredietbank Limburg (KBL) geschetste ontwikkelingen en onzekerheden, waarbij de aanstaande uittreding van de Gemeente Heerlen een zwaar wegende en complexe factor is, steunen wij een neutrale tot terughoudende zienswijze. In de nota van toelichting van de gemeente Kerkrade is voorts benoemd dat de visie van de gemeente Kerkrade gericht is op voortbestaan van de KBL. Enerzijds steunen wij uw visie omdat ook ons inziens een goed functionerende KBL een onmisbare schakel is om sociale kredietverlening en schuldhulp verlening in onze stad (technisch) in stand te kunnen houden. Vasthouden aan deze visie betekent echter ook dat gezond kritisch kijken naar de daarmee gepaarde gaande kosten nóg meer aandacht verdient. Participatie van (nog) minder gemeentes in het samenwerkingsverband KBL zal immers per definitie kostenverhogend werken.
Prognoses zijn begrijpelijkerwijs in dit stadium nog niet voorhanden. Ter aanvulling: opmerkelijk is dat de behandelkosten per bewind-dossier bij de KBL momenteel nu al het dubbele bedragen van de vergoeding die een professionele bewindvoerder/saneerder van rechtswege ontvangt. Daarnaast worden onder bewind gestelden met schuldenproblematiek veelal door de gemeente met bijzondere bijstand ten behoeve van dat bewind ondersteund. In casu een (soms onnodige?) driedubbele kostenpost. Tijdsduur van te verstrekken bijzondere bijstand bij te saneren schulden lijkt veelal ruim langer te duren dan de termijnen die (wettelijke) regelingen voorschrijven. Anderzijds moeten wij echter ook de gevolgen van een eventuele uittreding door de gemeente Kerkrade willen kennen. Inkopen van (technisch) vereiste kennis en processen bij KBL buiten participatie in een GR is, alhoewel wellicht ondermijnend voor het instituut KBL, immers ook een optie. In dit kader onze vragen. 1. Is er reeds onderzoek naar de -financiële- gevolgen van eveneens uittreden door de gemeente Kerkrade gedaan? Zo ja, wanneer heeft dit plaatsgevonden en wat zijn de bevindingen daaruit? Zo neen gaat een dergelijk onderzoek wel plaatsvinden en wanneer? Zo neen, waarom niet? 2.
Is onderzocht of samenwerking met professionele bewindvoerders tot kostenreductie kan leiden? Zowel inhoudelijke behandeling door deze partijen als toezicht op verkorting van doorlooptijden zijn o.i. mogelijke aspecten daarin.
Zo ja, wanneer heeft dit plaatsgevonden en wat zijn de bevindingen daaruit? Zo neen gaat een dergelijk onderzoek wel plaatsvinden en wanneer? Zo neen, waarom niet? 3. Is onderzocht of maatregelen anderszins tot kostenreducties inzake de voorzieningen schuldhulpverlening kunnen leiden? Zo ja, wanneer heeft dit plaatsgevonden en wat zijn de bevindingen daaruit? Zo neen gaat een dergelijk onderzoek wel plaatsvinden en wanneer? Zo neen, waarom (nog) niet? Fractie Lokaal Alternatief Marc Charlier, Caroline Szalata, Jean Noël Lokaal Alternatief Kerkrade