CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 - INGETROKKEN Nota van zienswijzen omgevingsvisie Kerkrade

Commissie Grondgebied en Economische Zaken 8 oktober 2025, gemeente KerkradeBij agendapunt: Ontwerpbesluit vaststelling "Omgevingsvisie Kerkrade 2050: Verrassend Kerkrade. 't sjunste óp de welt"19.429 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Nota van zienswijzen ontwerp Omgevingsvisie Kerkrade 2050 In de periode van 6 juni tot en met donderdag 17 juli 2025 heeft de ontwerp “Omgevingsvisie Kerkrade 2050: Verrassen Kerkrade, ’t sjunste óp de Welt” ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn in totaal 14 zienswijzen ontvangen van inwoners, bedrijven in Kerkrade en stakeholders (en daarmee ontvankelijk). Ook heeft de commissie MER een advies uitgebracht op de Omgevingseffectrapportage (OER) dat onderdeel uitmaakt van de ontwerpvisie. De volgende reclamanten en instanties hebben gereageerd op de ontwerpvisie met bijlagen: 1. Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade 2. Fietsersbond afdeling Parkstad 3. Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade 4. Veiligheidsregio Zuid-Limburg 5. Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade 6. Limburgse Land- en Tuinbouwbond (LLTB) 7. GGD Zuid-Limburg 8. Gezamenlijke adviesraden gemeente Kerkrade 9. Enexis 10. Provincie Limburg 11. Waterschap Limburg 12. ProRail 13. Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade 14. Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade 15. Commissie voor de milieueffectrapportage (mer) Deze nota heeft als doel om de indieners van de zienswijzen en belangstellenden kennis te laten nemen van de ingediende reacties en van het standpunt van de gemeente hierover.

Op pagina’s 3, 4 en 5 is een overzicht opgenomen met de aanpassingen op de ontwerpvisie en OER die worden doorgevoerd op basis van de ontvangen zienswijzen. Daarna wordt afzonderlijk op elke zienswijze gereageerd door de gemeente. Tot slot zijn in deze nota ook het voorstel voor de belangrijkste ambtshalve wijzigingen meegenomen. Deze worden apart in het laatste hoofdstuk benoemd zodat er een goed overzicht is welke onderdelen zijn gewijzigd en zijn opgenomen in de Omgevingsvisie die voor vaststelling wordt aangeboden aan de gemeenteraad.

1

Inhoud Nota van zienswijzen ontwerp Omgevingsvisie Kerkrade 2050 ................................................................................ 1 Samenvatting aanpassingen ontwerp Omgevingsvisie Kerkrade 2050 op basis van de ontvangen zienswijzen ............................................................................................................................................................................... 3 1.

Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade ................................................................................. 6 Reactie gemeente.............................................................................................................................................................. 6

2.

Fietsersbond afdeling Parkstad ............................................................................................................................. 6 Reactie gemeente.............................................................................................................................................................. 6

3.

Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade ................................................................................. 6 Reactie gemeente.............................................................................................................................................................. 7

4.

Veiligheidsregio Zuid-Limburg............................................................................................................................... 8 Reactie gemeente.............................................................................................................................................................. 9

5.

Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade .............................................................................. 10 Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 10

6.

Limburgse Land- en Tuinbouwbond (LLTB) ................................................................................................... 11 Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 16

7.

GGD Zuid-Limburg ................................................................................................................................................. 17 Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 17

8.

Gezamenlijke adviesraden Kerkrade ................................................................................................................. 19 Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 28

9.

Enexis .......................................................................................................................................................................... 30 Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 34

10.

Provincie Limburg .............................................................................................................................................. 35

Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 35 11.

Waterschap Limburg.............................................................................................................................................. 35

Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 35 12.

ProRail ................................................................................................................................................................... 36

Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 39 13.

Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade ......................................................................... 39

Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 40 14.

Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade ......................................................................... 41

Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 48 15.

Commissie voor de milieueffectrapportage .................................................................................................... 50

Reactie gemeente........................................................................................................................................................... 52 Voorstel ambtshalve wijzigingen ....................................................................................................................................... 53

2

Samenvatting aanpassingen ontwerp Omgevingsvisie Kerkrade 2050 op basis van de ontvangen zienswijzen Nr.

Organisatie/persoon

Aanpassing omgevingsvisie en/of OER

1

Reclamant is inwoner van de gemeente Kerkrade

De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

2

Fietsersbond afdeling Parkstad

De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

3

Reclamant is inwoner van de gemeente Kerkrade

De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

4

Veiligheidsregio ZuidLimburg

-

5

Reclamant is inwoner van de gemeente Kerkrade

De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

6

Limburgse Land- en Tuinbouwbond (LLTB)

-

-

Er wordt een verwijzing gemaakt naar de kernwaarden en ontwerpprincipes op pagina 77. Er wordt een verwijzing gemaakt naar de bereikbaarheid van hulpdiensten m.b.t. de historische linten op pagina 33.

Aanpassingen Omgevingsvisie Op basis van de zienswijzen van de LLTB en agrarische bedrijven zijn de teksten m.b.t. landbouw herschreven op pagina 44 ‘Ondersteunen van de ecologische basis’ en pagina 67 ‘Overig buitengebied en landbouw’. Aanpassingen OER Aanpassing OER: “De maatregel om in te zetten op natuurinclusief agrarisch beheer heeft ook een positief effect op de waterkwaliteit omdat daarmee voorkomen wordt dat nutriënten en middelen vanuit de landbouwgronden in het (grond)water terecht komen.” Het woord “voorkomen” wordt, gewijzigd in “verminderd” (pagina 44).

7

GGD Zuid-Limburg

-

De term ‘Positieve gezondheid’ wordt toegevoegd op pagina 28.

8

Gezamenlijke adviesraden Kerkrade

-

Hoofdstuk 3.1 ‘De leefbare stad’ (pagina 33) wordt aangevuld met een alinea over het thema veiligheid. Daarin wordt beschreven welke beleidsingrepen de gemeente inzet om de veiligheid binnen de gemeente te verbeteren: -Leegstaande winkels omvormen tot woningen; -Centrumgebieden compacter maken om leegstand tegen te gaan; -Leegstaande achterterreinen grenzend aan de historische linten omvormen tot parkeren, groenvoorziening of kleinschalig 3

wonen; -Geen nieuwe toevoeging van garageboxen in de woongebieden; -Het omvormen van de historische linten naar fietsstraten; -Pleinen dienen multifunctioneel ingezet te worden, momenteel is parkeren de primaire functie. Er dient ruimte te zijn voor sport, bewegen, spel en ontmoeting.

9

Enexis

De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

10

Provincie Limburg

De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

11

Waterschap Limburg

De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

12

ProRail

De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

13

Reclamant is inwoner van de gemeente Kerkrade

-

-

14

Reclamant is inwoner van de gemeente Kerkrade

-

-

Aanpassingen Omgevingsvisie Op basis van de zienswijzen van de LLTB en agrarische bedrijven zijn de teksten m.b.t. landbouw herschreven op pagina 44 ‘Ondersteunen van de ecologische basis’ en pagina 67 ‘Overig buitengebied en landbouw’. Aanpassingen OER Aanpassing OER: “De maatregel om in te zetten op natuurinclusief agrarisch beheer heeft ook een positief effect op de waterkwaliteit omdat daarmee voorkomen wordt dat nutriënten en middelen vanuit de landbouwgronden in het (grond)water terecht komen.” Het woord “voorkomen” wordt, gewijzigd in “verminderd” (pagina 44). Aanpassingen Omgevingsvisie Op basis van de zienswijzen van de LLTB en agrarische bedrijven zijn de teksten m.b.t. landbouw herschreven op pagina 44 ‘Ondersteunen van de ecologische basis’ en pagina 67 ‘Overig buitengebied en landbouw’. Aanpassingen OER Aanpassing OER: “De maatregel om in te zetten op natuurinclusief agrarisch beheer heeft ook een positief effect op de waterkwaliteit omdat daarmee voorkomen wordt dat nutriënten en middelen vanuit de landbouwgronden in het (grond)water terecht komen.” Het woord “voorkomen” wordt, gewijzigd in “verminderd” (pagina 44).

4

15

Commissie voor de milieueffectrapportage

-

Argumentatie in de OER over de keuze waarom voor sommige indicatoren uiteindelijk kwalitatief onderzoek heeft plaatsgevonden en waarom geen kwantitatief onderzoek. Argumentatie in de OER over de keuze waarom een ‘Passende beoordeling’ te vroeg komt in het omgevingsvisietraject. De regionale samenhang is uitgebreid in paragraaf 5.3 van de omgevingsvisie. Er is een nieuwe paragraaf opgenomen over de confrontatie tussen de verhaallijnen, namelijk paragraaf 3.5. Een aanzet voor een monitoringsplan is opgenomen de omgevingsvisie (paragraaf 5.6) en OER.

5

1. Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade Met veel interesse heb ik kennisgenomen van het ontwerp van de omgevingsvisie Kerkrade 2050. Mijn complimenten voor deze ambitieuze en doordachte visie op de toekomst van de stad. Ik ben ervan overtuigd dat deze plannen Kerkrade in de komende jaren aanzienlijk leefbaarder zullen maken. Ik kijk dan ook met enthousiasme uit naar de verdere uitwerking en realisatie ervan. Het is mijn hoop dat het lukt om zoveel mogelijk inwoners van Kerkrade te betrekken en mee te nemen op deze spannende reis naar 2050. Reactie gemeente De gemeente bedankt de reclamant voor de complimenten. De gemeente zal bij de verdere uitwerking van de omgevingsvisie inwoners blijven betrekken. De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

2. Fietsersbond afdeling Parkstad Het op (langere) termijn ombuigen van de mobiliteit (waar de auto nu de allerbelangrijkste rol speelt) naar een mobiliteit waar nadrukkelijk plaats komt voor andere vervoerswijzen onderstrepen wij als Fietsersbond van harte. De vermelde randvoorwaarden trachten die metamorfose te bewerkstelligen. De historische linten, met nu veel te veel autoverkeer zullen worden ingericht als fiets- en wandelstraten. Een en ander zal veel tijd kosten, dat moge duidelijk zijn. Bij de randvoorwaarden zou wellicht nog kunnen worden opgenomen de educatie: het op basis- en middelbare scholen aandacht besteden aan een milieu- en omgevingsvriendelijkere (en gezondere!) manier van verplaatsen. Reactie gemeente Educatie is inderdaad een belangrijke randvoorwaarde en zit nu al verweven in het Mobiliteitsplan van de gemeente Kerkrade, dit thema zal verder worden opgepakt bij de beleidsmatige en projectmatige uitvoering van mobiliteit en bij toekomstige locatiekeuzes van nieuwe onderwijsvoorzieningen. De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

3. Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade Ik zie onderweg onder andere dat er 6 scholen moeten fuseren in drie gebouwen met veilige omgeving in Kerkrade oost. Dat op zich is nogal prestigieus. Maar of het realiseerbaar is. Ik neem aan dat ze dan uitgaan van schoolmaatschappelijke voorzieningen? Meer groen is fantastisch maar wat me steeds opvalt in de praktijk is het tegelwip effect. Het mag dan niet op gemeentegrond en zelf regelen.

6

Het plan van de fietsroute vind ik erg goed. Alleen zou ik willen pleiten voor fietssnelwegen. Om onze tieners veilig op school te krijgen. En ik zou willen pleiten van een soort folder van tijd tot tijd waarin kort en krachtig in Jjip en Janneke taal staat wat er gaat gebeuren in de stad en dan kort omschreven. Zoals deze punten gaan we het komende half jaar realiseren: - aanleg fietsstraat met groen locatie Bleijerheidestraat. Dit draagt bij aan de verbeterdoelen, veilige omgeving creëren, vergroening van de stad. - start bouw brede maatschappelijke voorziening. Martin Buber, locatie: Old Hickory Plein. - Verbeterdoelen: veilige omgeving, goed onderwijs - ⁠aanleg nieuwe rotonde Sint Pieterstraat met verbinding fietssnelweg. Daarnaast moet het geld ergens vandaag komen. Waarvandaan zie ik nog even niet beschreven. De ideeën zien er goed uit. Nu de realistische realisatie van de financiën nog. Ik werk zelf in het onderwijs. Op de taalschool voor kinderen van vluchtelingen arbeidsmigranten. Of het voor een kind perse goed is om op te gaan in de massa valt te bezien en te bediscussiëren. Reactie gemeente Vanwege de ouderdom van diverse schoolgebouwen zal de gemeente moeten zorgen voor moderne onderwijsvoorzieningen. Een goed voorbeeld hiervan is het Integraal Kind Centrum (IKC) in Eygelshoven, de Droomhof aan de Anselderlaan.

Deze aanpak wordt verder uitgerold binnen de gemeente, waaronder in het stadsdeel Kerkrade-Oost. Het NK-tegelwippen mag ook onder voorwaarden plaatsvinden op gemeentegrond zolang het zichtbaar en kleinschalig is (denk aan de aanleg van een geveltuin). Zie de website: https://www.kerkrade.nl/kerkrade-wipt-mee. Met de aanpak van de historische linten op het gebied van fietsgebruik, ontstaan er in de toekomst veiligere en snellere fietsroutes voor scholieren. In samenhang met een fietsverbinding richting Herzogenrath, aanpak van rotondes en kruispunten wil de gemeente het fietsgebruik verbeteren en stimuleren. Een concreet voorbeeld is de herinrichting van de Roderlandbaan, met de aanleg van een nieuw fietspad tussen Chevremont (Lückerheidekliniek) en de Hopel (treinstation Eygelshoven). Met betrekking tot de folder verwijst de gemeente naar het nieuwe tijdschrift (het ‘Koel magazine’) dat is gelanceerd in maart 2025 en verder naar de website van Beleef Kerkrade. De omgevingsvisie is een ambitiedocument voor de lange termijn (tot 2050). In paragraaf 5.5 van de omgevingsvisie is een paragraaf over financiën opgenomen. De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

7

4. Veiligheidsregio Zuid-Limburg Aanpak fysieke veiligheid Advies/opmerkingen a. Het aspect veiligheid wordt bij verschillende thema’s benoemd, echter is niet altijd uitgelegd hoe hier invulling aan gegeven wordt. Graag zien wij (indien mogelijk en voor zover nog niet gedaan) hier een invulling aan welke ambitie of richting de gemeente wenst te geven in de toekomst. b. In relatie tot punt a wijzen wij op het ambitiedocument omgevingsveiligheid Kerkrade, waarin deze ambities en richting reeds zijn uitgewerkt. c. De veiligheidsregio’s hanteren als uitgangspunt voor fysieke veiligheid een (duurzaam) veilige fysieke leefomgeving. Hiervoor zijn landelijk vanuit Brandweer Nederland een viertal kernwaarden en een zestal ontwerpprincipes opgesteld. Bij de inrichting van een veilige en gezonde leefomgeving wordt rekening gehouden met de volgende kernwaarden en ontwerpprincipes. 1. de kwaliteit van de leefomgeving wordt mede bepaald door (fysieke) veiligheid (waardes); 2. samen werken aan een veilige fysieke leefomgeving; 3. de leefomgeving wordt mede vormgegeven volgens de ontwerpprincipes voor veiligheid: a. voorkomen of beperken van risico’s vergroot de veiligheid; b. afstand tot de risico’s vergroot de veiligheid; c. bouwwerken en omgeving bieden bescherming; d. bouwwerken en gebieden zijn snel en veilig te verlaten; e.

de omgeving maakt snel en effectief optreden van de hulpdiensten mogelijk; f. mensen krijgen bij crisis passende medische zorg; 4. mensen zijn bekend met risico's en weten hoe te handelen. Graag zien wij deze kernwaarden opgenomen in het ontwerp Omgevingsvisie in relatie tot het thema veilige fysieke leefomgeving. Mogelijk past dit als overkoepelend thema op pagina 28 van het voorliggende ontwerp. Tevens kunnen onderstaande maatregelen een uitgangspunt vormen ten behoeve van het realiseren van een veilige fysieke leefomgeving. Basismaatregelen Bij de inrichting van de omgeving worden basismaatregelen toegepast zoals: • Tweezijdige bereikbaarheid en aanwezigheid van veilige opstelplaatsen voor brandweervoertuigen rondom risicobronnen; • Aanwezigheid van voldoende bluswater (conform het beleid van Veiligheidsregio Zuid-Limburg); • Het realiseren van vluchtroutes van de risicobron af; • Het creëren van schuilmogelijkheden in gebouwen en/of de omgeving; • Het voorzien in risicocommunicatie (over aanwezige risico’s en het juiste handelingsperspectief); • Het toepassen van Best Beschikbare Technieken; 2. Bereikbaarheid / brandweerzorg In paragraaf 4.5 staat aangegeven dat in de historische linten en woonbuurten richting 2050 een maximale snelheid van 30 km per uur wordt geëffectueerd.

Advies/opmerkingen Duidelijk moet zijn dat het verlagen van de maximumsnelheid invloed kan hebben op de uitruktijden van de hulpdiensten en hiermee op de hulpdienstenzorg in zijn algemeenheid. Zoals aangegeven in het 8

actuele dekkingsplan 2024-2027 van de Veiligheidsregio hebben wegaanpassingen mogelijk gevolgen voor de berekende dekking. Een voldoende brede en vrije doorgang voor al de hulpdiensten tot aan de voordeur vormt een aandachtspunt. Graag zien wij aandacht voor de bereikbaarheid van het gehele gemeentegebied voor de hulpdiensten. Reactie gemeente Met het ambitiedocument omgevingsveiligheid zijn de veranderingen en mogelijkheden onderzocht voor een nieuw omgevingsveiligheidsbeleid in relatie tot de Omgevingswet. Een verdere uitwerking daarvan zal plaatsvinden in het omgevingsplan. Bij de aanvraag van omgevingsvergunningen wordt rekening gehouden met omgevingsveiligheid. De veiligheidsregio biedt een viertal kernwaarden en een zestal ontwerpprincipes aan met betrekking tot omgevingsveiligheid. De gemeente beaamt deze principes en zal deze opnemen bij de uitwerking in het omgevingsplan en bij de behandeling van omgevingsvergunningaanvragen. Op pagina 77 zal een verwijzing worden gemaakt naar deze kernwaarden en ontwerpprincipes en als voorbeeld worden genoemd. Bij de toekomstige herinrichting van historische linten wordt rekening gehouden met de bereikbaarheid en uitrijtijden van de hulpdiensten. Momenteel wordt hier ook al rekening mee gehouden bij wegreconstructies.

De bereikbaarheid van hulpdiensten wordt toegevoegd onder de kop ‘Een netwerk van aantrekkelijke en veilige fietsstraten’ op pagina 33. De reactie leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie: •

Verwijzing naar kernwaarden en ontwerpprincipes op pagina 77;

•

Verwijzing naar de bereikbaarheid van hulpdiensten op pagina 33.

9

5. Reclamant is een inwoner van de gemeente Kerkrade Bedankt voor het toesturen van de omgevingsvisie tot 2050. Is het mogelijk om toelichting te krijgen over een specifieke pagina binnen deze omgevingsvisie? Als dit mogelijk is dan zou ik graag wat toelichting willen ontvangen over de afbeelding van pagina 29. Op pagina 29 staat een groene pijl dwars door Kaalheide heen met als definitie "Versterken ecologische verbinding". Wat houdt dit concreet in? Komt er slechts meer groen in de vorm van extra beplanting over dit hele traject, of betekent dit dat er ook sloop van woningen en/of eventuele andere panden bij komt kijken? Is hier al iets concreets over bekend? Hopelijk kunt u mij van verdere toelichting voorzien! Reactie gemeente De opgenomen groene pijl is indicatief en symbolisch van aard. Het betekent niet dat letterlijk bebouwing wordt weggehaald en hiervoor in de plaats groen komt. De gemeente geeft met de pijl aan dat ze het groen in de woonbuurten in de komende 25 jaar wil uitbreiden en meer op elkaar wil aansluiten. Groene gebieden wil de gemeente behouden en overbodige verhardingen weghalen (zie de verhaallijn van de klimaatbestendige stad). Een voorbeeld hiervan is het behoud van de bomen ter hoogte van Kapelweg-Leliestraat (tegenover de kerk) en dat het openbaar gebied meer wordt vergroend.

In de stadsdeelvisie Kerkrade-West (2011) is ook een groene verbinding (groene loper) opgenomen van zuid naar noord in de woonbuurt Kaalheide. Ook om het wandelen en fietsen in de directe woonomgeving aantrekkelijker te maken. De reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.

10

6. Limburgse Land- en Tuinbouwbond (LLTB) Onderstaand treft u de reactie van de LLTB aan op de ontwerp-omgevingsvisie Kerkrade en het omgevingseffectrapport ontwerp-omgevingsvisie gemeente Kerkrade. We zullen ons met name richten op de aspecten die voor de agrarische ondernemers relevant zijn. Inleiding De wereld is veranderd, met name geopolitiek zijn we de afgelopen jaren in een andere situatie terecht gekomen. Dit heeft invloed op de positie van Europa en ook van Nederland. De globale markt zal er blijven, maar gecombineerd met een regionale behoefte en noodzaak aan autonomie. Autonomie, bijvoorbeeld op het gebied van defensie, energie en voedsel. Autonomie zorgt ervoor dat Europa en Nederland een zoveel als mogelijk onafhankelijke opstelling kunnen blijven kiezen in dit internationale krachtenveld. Daarnaast is beschikbaarheid en betaalbaarheid van voedsel een groeiende zorg in de Nederlandse context. Dit heeft ook zijn invloed op hoe we in Nederland – en dus ook in Limburg – keuzes moeten maken. Tegen deze achtergrond vinden wij dat er dan ook zorgvuldig gekeken moet worden naar de keuzes die op provinciaal niveau en ook op gemeentelijk niveau worden gemaakt. Omgevingsvisie Kerkrade 2050, ontwerp-Omgevingsvisie Pag. 44 reactie Een goed bodembeheer is van groot belang voor agrariërs om te zorgen dat de producten die geteeld worden van goede kwaliteit en kwantiteit zijn.

Met andere woorden dit hoort al bij de hedendaagse praktijk. Landschapsbeheer is een integraal onderdeel van een agrarisch bedrijf en dit is verankerd in de GLB. Natuurinclusieve landbouw wordt steeds meer toegepast door agrariërs. In welke mate met dit doet en kan doen is afhankelijk van diverse zaken. Deze keuze en afweging in welke mate dit gebeurt dient door de ondernemer zelf te worden gemaakt. Definitie natuurinclusieve landbouw volgens de LLTB: Natuurinclusieve landbouw is een economisch landbouwsysteem, dat optimaal beheer van natuurlijke hulpbronnen duurzaam integreert in de bedrijfsvoering (zowel veehoudersysteem als teeltsysteem) en inclusief zorgt voor ecologische functies en de biodiversiteit op en om het agrarisch bedrijf. Natuurinclusieve landbouw is een moderne hoogproductieve vorm van landbouw. Graag zien wij de volgende zinssnede geschrapt: “Voor intensieve, productielandbouw is op termijn geen toekomst meer in Kerkrade”. De vraag is wat verstaat de gemeente onder intensieve productielandbouw? Als we naar de CBSlandbouwcijfers (zie bijlage) van de gemeente Kerkrade kijken zien we dat er momenteel geen intensieve teelten zijn maar enkel extensieve teelten als grasland, granen en groenvoedergewassen. Het van bovenaf opleggen en verbieden van bepaalde teelten op percelen is naar onze mening onwenselijk en niet reëel.

Gewassen hebben verzorging nodig om tot wasdom en oogst te kunnen komen. Hierbij horen gewasbescherming en bemesting die worden uitgevoerd binnen de wet- en regelgeving die hiervoor is opgetuigd. Ter beeldvorming, biologische bedrijven vertegenwoordigen binnen de agrarische sector een totaal aandeel van 4%. Zij gebruiken ook gewasbeschermingsmiddelen en bemesting voor de productie. Daarnaast is primair de rijksoverheid aan zet om regels op te stellen aan het gebruik van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen. Als laatste willen we aangeven dat wanneer agrariërs door de gemeente gedwongen worden om hun teeltwijze aan te passen zich mogelijk bij de gemeente gaan melden voor een financiële compensatie. Reactie gemeente De gemeente Kerkrade is sterk verstedelijkt met grote oppervlakten aan woongebieden en bedrijventerreinen. Ongeveer 1/3e van het grondgebied van Kerkrade bestaat uit buitengebied en wordt net zoals in de gemeentelijke structuurvisie Kerkrade 2010-2020 aangemerkt als het landschappelijk 11

raamwerk. Dit raamwerk staat onder druk en wil de gemeente blijven beschermen en versterken. Landbouwgronden, bos- en natuurgebieden vormen een belangrijk onderdeel van dit raamwerk. Ongeveer de helft van de landbouwgronden in Kerkrade bestaat uit akkerbouw. Hier staat nu vooral de productie van gewassen voorop; waarbij mest en gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast. In de visie is aangegeven dat de gemeente streeft naar een duurzame vorm van landbouw in plaats van landbouw alleen gericht op (voedsel)productie. Een duurzame vorm is natuurinclusieve landbouw. Deze is gericht op agrarisch gebruik van gronden waar natuur, water en landschap ook baat bij hebben. Dit betekent veel minder gebruik van mest en gewasbeschermingsmiddelen. Een gezond bodemleven staat voorop. Hierdoor neemt de biodiversiteit, de rijkdom aan planten en dieren, toe. Een agrariër die natuurinclusief werkt heeft respect voor natuur en landschap van de streek. De gemeente wil samen met de agrarische bedrijven in Kerkrade de mogelijkheden onderzoeken om te transformeren naar een duurzame vorm van landbouw die het beste past in Kerkrade; waarbij we rekening houden met de functies en de toekomstige opgaven in het landschappelijk raamwerk.

De term “intensief” kan inderdaad zorgen voor begripsverwarring omdat in de wet- en regelgeving (onder andere in de Omgevingswet en het Besluit activiteiten leefomgeving) deze term alleen wordt gebruikt bij veeteelt. In Kerkrade is intensieve veeteelt niet mogelijk op grond van het tijdelijke deel van het Omgevingsplan. Reguliere landbouw is nu voornamelijk gericht op (maximale) productie van gewassen en vee (vlees en melk). Deze reactie leidt tot aanpassing van de tekst in de ontwerp Omgevingsvisie op pagina 65, bij de alinea “Overig buitengebied en landbouw”. De zin “Voor intensieve, productielandbouw is op termijn geen toekomst meer in Kerkrade” wordt aangepast naar: “Kerkrade is geen grootschalige landbouwgemeente, daarom voorzien we op lange termijn geen toekomst meer voor landbouw alleen gericht op productie van gewassen en vee.” Pag. 65 reactie Natuurinclusieve landbouw wordt door alle agrariërs nu al in meerdere of mindere mate toegepast. Een dergelijke werkwijze is onze ogen niet af te dwingen en moet passen bij de betreffende agrariërs, bedrijfsvoering en het economisch perspectief. Zoals eerder aangegeven is een directieve benadering om bepaalde vormen van ‘intensieve productielandbouw’ niet meer toe te staan, en enkel in te zetten op een natuurinclusieve vorm, niet reëel.

Bovendien kan dit resulteren in een schadeclaim van de betreffende agrariërs die deze beperkingen krijgen opgelegd. Verder mag de vraag worden gesteld wat met de definitie van intensieve landbouw wordt bedoeld. Volgens ons komt deze vorm van landbouw in dit werkgebied niet voor. Reactie gemeente Verwezen wordt naar de vorige beantwoording. Het gemeentelijke omgevingsbeleid is gericht op het stimuleren van een duurzame landbouw in plaats van reguliere landbouw. Een voorbeeld hiervan is natuurinclusieve landbouw. De gemeente kan hiervoor instrumenten inzetten, waaronder het opnemen van randvoorwaarden aan het verpachten van gemeentegrond en het opstellen van regels in het Omgevingsplan, waarbij naast landbouw ook natuurlijke en landschappelijke belangen worden meegenomen. Daarnaast dienen agrarische activiteiten rekening te houden met de kwetsbaarheden voor de leefomgeving in het aangrenzende (stedelijk) woongebied. Daarbij worden scheidingen tussen mens en dier, spuitvrije zones of bufferzones voor fijnstof en geur steeds belangijker. Ook zullen we ons moeten aanpassen en voorbereiden op extremer weer door klimaatverandering (op basis van de klimaatscenario’s van het KNMI 2023). Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

12

Pag. 78 reactie Door de Rijksoverheid zijn regels opgesteld voor het grondgebruik op hellingen. Op de website van RVO (Conditionaliteiten GLB 2024 | RVO.nl) staat aangegeven dat een perceel met een hellingspercentage van 18% of meer uitsluitend als grasland gebruikt mag worden. Erosiemaatregelen schrijven verder voor dat op bouwland niet-kerende grondbewerking moet worden toegepast in combinatie met bodembedekkers. Voor de realisatie van landschapselementen kan dit plaatsvinden via beheer van Coöperatie Natuur Limburg (CNL). Middels overeenkomsten tussen CNL en agrariërs en particulieren wordt geborgd dat de landschapselementen goed worden beheerd. Hiervoor is dan een financiële compensatie (vergoeding) beschikbaar. Reactie gemeente Na beëindiging van de provinciale erosieverordening Limburg in 2014 is de huidige regelgeving op landelijk en provinciaal niveau alleen gericht op stimulering en het uitkeren van (Europese) subsidies om bodemerosie door landbouwactiviteiten te beperken. Voorbeelden hiervan zijn een samenwerkingsovereenkomst ondiep ploegen Zuid-Limburg van 4 september 2020 en de uitvoeringsregeling van het Gemeenschappelijk landbouwbeleid (GBL) 2023 .

In het onderzoekrapport WPR-1303, van januari 2024, “Evaluatie van goede landbouw- en milieucondities 5 (GLMC-5); GBL maatregelen voor bodembewerkingsbeheer in Zuid-Limburg” in opdracht van het ministerie van LNV is het GLMC-5, onderdeel van het GBL, onderzocht op voorwaarden, teeltmaatregelen en inrichtingsmaatregelen om bodemerosie te verminderen. Uit dit onderzoek blijkt dat de huidige regeling verbeterd kan worden en rekening moet worden gehouden met wijziging van neerslagpatronen door klimaatverandering. De gemeente kan, rekening houdend met de toename van neerslag en zwaardere buien op basis van de verhaallijn “klimaatbestendige stad”, hierop aanvullend beleid opstellen. In dit geval zorgdragen van een klimaatbestendiger grondgebruik in relatie tot de aanwezige hoogteverschillen. Dit betekent concreet dat de gemeente voor de steile hellingen (zie het gebiedspaspoort ‘Steile Hellingen’ in de ontwerp Provinciale Omgevingsvisie Limburg) op termijn geen akkerbouw meer wil toestaan om bodemerosie te voorkomen. Het aanleggen van kleine landschapselementen (bijvoorbeeld hagen, houtwallen, struwelen en graften) kan een positieve bijdrage leveren aan het langer vasthouden van water, het tegengaan van bodemerosie en bijdragen aan het herstel van het oorspronkelijke heuvellandschap. De mogelijkheden hiervoor wil de gemeente verder onderzoeken.

Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

Omgevingseffectrapport ontwerp-Omgevingsvisie gemeente Kerkrade Pag. 28 reactie Zoals eerder bovenstaand aangegeven wordt natuurinclusieve landbouw door alle agrariërs al in meerdere of mindere mate toegepast. Een dergelijke werkwijze is in onze ogen niet af te dwingen en moet passen bij de desbetreffende agrariërs en bedrijfsvoering. Een directieve benadering om bepaalde vormen van ‘intensieve productielandbouw’ niet meer toe te staan en enkel in te zetten naar een natuurinclusieve vorm is niet reëel. Gewassen hebben mest en gewasbeschermingsmiddelen nodig om te kunnen uitgroeien tot een volwaardig en oogstbaar gewas. Dit geldt ook voor de biologische teelten. Reactie gemeente Het gemeentelijk beleid is gericht op extensivering van de landbouwgronden. In dit geval het minder intensief gebruiken van land en hulpbronnen. Reguliere landbouw enkel gericht op productie zal vanuit de gemeente niet worden gestimuleerd omdat in het landschappelijk raamwerk (buitengebied) ook 13

rekening moet worden gehouden met andere functies en toekomstige opgaven. Bemesting en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen zal op termijn moeten afnemen om de bodem en (grond)waterkwaliteit te verbeteren ten gunste van water- en natuurbelangen. Dit blijkt ook uit de Foto voor de Leefomgeving (onderdeel waterkwaliteit) en de Omgevingseffectrapportage, die onderdeel uitmaken van de Omgevingsvisie Kerkrade. Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de Omgevingseffectrapportage. Pag. 38 reactie Agrariërs zijn reeds in toenemende mate bezig met verduurzaming en streven naar efficiënt gebruik van bemesting en gewasbeschermingsmiddelen. Daarnaast is duurzaam bodembeheer, waarbij de uitputting van de bodem wordt tegengegaan, van groot belang voor het behalen van een goede oogst. Aangegeven wordt dat een relatief klein landbouwareaal dat grondgebonden is (weiland en akkerland) vrij intensief bewerkt wordt door enkele agrarische bedrijven. De vraag is wat wordt bedoeld met vrij intensief? De agrarische praktijk houdt zich aan de regels die worden opgesteld door de Rijksoverheid op het gebied van bemesting en gewasbescherming. Reactie gemeente Zoals eerder in de beantwoording is aangegeven wordt de term “intensief” weggehaald om eventuele begripsverwarring met (toekomstige) wet- en regelgeving te voorkomen.

De gemeente kan via het lokale omgevingsbeleid bepalingen opnemen omtrent het grondgebruik. Deze opmerking leidt niet tot aanpassing van de Omgevingseffectrapportage. Pag. 39 en 40 reactie Zoals eerder aangegeven verstaat de LLTB onder natuurinclusieve landbouw het volgende: Natuurinclusieve landbouw is een economisch landbouwsysteem, dat optimaal beheer van natuurlijke hulpbronnen duurzaam integreert in de bedrijfsvoering (zowel veehoudersysteem als teeltsysteem) en inclusief zorgt voor ecologische functies en de biodiversiteit op en om het agrarisch bedrijf. Het is van belang dat er voldoende inkomen behaald kan worden uit de bedrijfstak zodat agrariërs perspectief behouden. De mate waarin agrariërs natuurinclusieve landbouw toepassen is per bedrijf verschillend en moet passen binnen de bedrijfsvoering en bij de individuele ondernemer. Reactie gemeente Er bestaan verschillende omschrijvingen van de term “Natuurinclusieve landbouw“. De meeste gangbare omschrijving is “een vorm van duurzame landbouw die optimaal gebruik maakt van de natuurlijke omgeving en deze integreert in de agrarische bedrijfsvoering (Erisman, 2017)”. Van belang daarbij is dat de landbouw ten dienste staat voor natuur, landschap, water en bodem en niet voor de (maximale) productie van gewassen en veeteelt.

De gemeente zal agrariërs stimuleren om te transformeren naar een duurzame landbouw die het beste past in de gemeente Kerkrade. De afweging en verantwoordelijkheid ligt echter bij de individuele agrarische ondernemer zelf om de bedrijfsvoering (op termijn) hierop aan te passen. Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de Omgevingseffectrapportage. Pag. 41 reactie Het is een misvatting dat door natuurinclusieve landbouw of beheer de uitspoeling van nutriënten tot 0 gereduceerd kan worden. De veelal aanwezige nutriënten in de bodem zullen desondanks door nalevering toch nog uitspoelen. Het moment van bemesting (timing en management) speelt een grotere rol in het al dan niet uitspoelen van nutriënten. 14

Reactie gemeente Het klopt dat ook bij natuurinclusieve landbouw uitspoeling blijft voorkomen. De mate van uit- en afspoeling van landbouwgronden hangt namelijk ook af van de neerslagintensiteit. Bij zware buien of langdurige neerslag zal er uit- en afspoeling blijven optreden. Echter met natuurinclusieve landbouw zal de nutriëntenuitspoeling veel minder zijn ten opzichte van reguliere landbouw door minder mestgebruik. Andere methoden, zoals het verbouwen van groenbemesters en het stimuleren van een gezonde bodembiologie, vangen nutriënten actief op of houden ze (langer) vast in de bodem, waardoor ze minder uitspoelen. Dit draagt bij aan een schonere waterkwaliteit en een gezonder bodemleven. Deze reactie leidt tot een aanpassing van het OER op pagina 44. “De maatregel om in te zetten op natuurinclusief agrarisch beheer heeft ook een positief effect op de waterkwaliteit omdat daarmee voorkomen wordt dat nutriënten en middelen vanuit de landbouwgronden in het (grond)water terecht komen.” Het woord “voorkomen” wordt, gewijzigd in “verminderd”.

Pag. 44 reactie De opmerking dat de bodem door intensief landbouw gebruik wordt uitgeput is in onze optie een foute aanname. Agrariërs willen juist door toepassing van een goede landbouwpraktijk zorgen voor een gezonde bodem. Dit is namelijk het grootste kapitaal waarmee men een inkomen moet behalen. Het uitputten van de bodem spreekt het bovenstaande tegen. Reactie gemeente Bij reguliere productielandbouw ligt uitputting van de bodem eerder voor de hand dan bij de meer extensieve en natuurvriendelijke vormen van landbouw. Bewerking van gronden met grote landbouwmachines, het bemesten van gronden en het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen zorgt ervoor dat het bodemleven onder druk komt te staan. In de Omgevingseffectrapportage (onderdeel Foto voor de Leefomgeving) is ook aangegeven dat de (grond)waterkwaliteit in de gemeente Kerkrade sterk wordt beïnvloed door de aanwezige landbouwgronden, onder meer in het dal van de Anselderbeek (onderdeel van het stroomgebied van de Roer). Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de Omgevingseffectrapportage. Pag. 55 reactie De aanname dat de agrarische sector niet zal groeien wekt de indruk dat er voor de aanwezige agrariërs geen ontwikkelmogelijkheden meer zijn. Een aantal agrarische ondernemers binnen de gemeente Kerkrade heeft jonge bedrijfsopvolgers.

Het is van essentieel belang dat zij bestaansrecht hebben en houden en het bedrijf ontwikkelruimte behoudt. Reactie gemeente In de Omgevingseffectrapportage is de huidige en toekomstige situatie van onder meer landbouw beschreven. Het areaal aan landbouwgrond is beperkt en de bestaande landbouwbedrijven in de gemeente Kerkrade hebben ook eigen grond en pachtgrond buiten de gemeente. Rekening houdend met allerlei ontwikkelingen, bescherming van natuur en landschapsbelangen en de aanwezigheid in het stedelijk gebied is de verwachting dat de ontwikkelruimte naar de toekomst beperkt zal blijven. Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de Omgevingseffectrapportage.

15

BIJLAGE

Reactie gemeente Het standpunt van de gemeente is hierboven per reactie weergegeven, de reactie leidt tot de volgende aanpassingen van de omgevingsvisie en het OER: Aanpassingen Omgevingsvisie - Op basis van de zienswijzen van de LLTB en agrarische bedrijven zijn de teksten m.b.t. landbouw herschreven op pagina 44 ‘Ondersteunen van de ecologische basis’ en pagina 67 ‘Overig buitengebied en landbouw’. Aanpassingen OER Aanpassing OER: “De maatregel om in te zetten op natuurinclusief agrarisch beheer heeft ook een positief effect op de waterkwaliteit omdat daarmee voorkomen wordt dat nutriënten en middelen vanuit de landbouwgronden in het (grond)water terecht komen.” Het woord “voorkomen” wordt, gewijzigd in “verminderd” (pagina 44).

16

7. GGD Zuid-Limburg Gezonde leefomgeving Voor de GGD ZL zitten er twee belangrijke aspecten aan de leefomgeving: deze moe de gezondheid beschermen en gezond gedrag bevorderen. Een van onze adviezen betrof daarom het opnemen van de kernwaarden voor een gezonde fysieke leefomgeving, opgesteld door GGD-GHOR Nederland. We zijn dan ook verheugd dat alle 10 de kernwaarden zijn meegenomen in de ontwerp-omgevingsvisie. Dit zien we als een belangrijke stap richting een gezondere leefomgeving in de gemeente Kerkrade. Lucht- en Geluidbeleid GGD geeft aan dat het positief is dat de gemeente Kerkrade lucht- en geluidbeleid in hoofdlijnen heeft opgenomen in de omgevingsvisie, waaronder ook het aansluiten bij het Schone Lucht Akkoord. De GGD benadrukt dan ook om zowel voor lucht als voor geluid te streven naar een kwaliteit die voldoet aan de gezondheidsdeskundige advieswaarden. Voor luchtkwaliteit zijn dit de advieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) van 2021. Voor geluidbeleid zijn dit de advieswaarden van de GGD GHOR Nederland. De GGD denkt tevens graag mee over beleid m.b.t. houtstook. Bereikbaarheid gymzalen Bij het plannen van de nieuwe schoollocaties is het belangrijk om tegelijkertijd na te denken over de ligging van bestaande of nieuwe gymzalen.

Idealiter liggen deze sportvoorzieningen op korte loopafstand van de scholen, zodat leerlingen veilig en snel toegang hebben tot bewegingsonderwijs. De GGD adviseert om bij ruimtelijke keuzes rond de nieuwe scholen ook de sportinfrastructuur expliciet mee te nemen. Positieve gezondheid De omgevingsvisie sluit aan bij het doel van de Omgevingswet om te komen tot een veilige, gezonde en kwalitatief hoogwaardige fysieke leefomgeving. De GGD adviseert om de omgevingsvisie te verrijken met een brede benadering van gezondheid, geïnspireerd door het gedachtegoed van Positieve Gezondheid. Deze benadering bevordert zelfregie en het aanpassingsvermogen van inwoners binnen jun leefomgeving, en draagt bij aan duurzame leefkwaliteit. Daarbij is het van belang dat het sociaal een structurele rol krijgt in de uitvoering. Fysieke aanpassingen in de leefomgeving zullen effectiever zijn wanneer zij worden ondersteund door zowel formele als informele netwerken binnen het sociaal domein. Burgerparticipatie GGD toont waardering voor het doorlopen participatietraject van de gemeente Kerkrade. Daarnaast onderstreept de GGD het belang van structurele burgerparticipatie, met name ook bij de vertaling van de visie naar de praktijk op wijkniveau.

Reactie gemeente Het streven naar gezondheidsdeskundige advieswaarden met betrekking tot luchtkwaliteit en geluid is een ambitie die de gemeente graag wil waarmaken. Echter heeft de gemeente ook te maken met de bestaande situatie en omgevingsfactoren zoals een sterk verstedelijkt gebied, aanwezigheid van bedrijventerreinen en de ligging aan de Duitse grens. De bereikbaarheid en nabijheid van sportinfrastructuur en andere voorzieningen voor de leerlingen wordt meegenomen in de locatiekeuze van nieuwe scholen. Met de nieuwe omgevingsvisie is een eerste stap gezet om het thema gezondheid te vertalen in de fysieke leefomgeving. In de visie zelf wordt op veel plekken deze koppeling gemaakt, bijvoorbeeld ook door middel van het benoemen van de kernwaarden vanuit de GGD-GHOR Nederland. Tevens wordt de verbinding gelegd met het programma Vie, waarmee een structurele verbinding met het sociale domein 17

is gelegd. De term positieve gezondheid komt niet concreet terug en zal worden toegevoegd op pagina 28. Burgerparticipatie zal verder worden toegepast bij de uitvoering in de omgevingsprogramma’s, het omgevingsplan, omgevingsvergunning en projecten. De reactie leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie: •

Toevoeging van de term ‘Positieve gezondheid’ op pagina 28.

18

8. Gezamenlijke adviesraden Kerkrade De ontwerp−Omgevingsvisie Kerkrade 2050 bevat veel ambities en beleidslijnen die raken aan verschillende dimensies van brede welvaart. De gezamenlijke adviesraden (Seniorenraad, Cliëntenraad Werk en Inkomen, Sportstichting, Jongeren Adviesraad, de Kinderraad en de Adviesraad Maatschappelijke Ondersteuning) hebben bekeken in welke mate de ontwikkelingen een positieve invloed hebben op de elementen van de door het CBS gedefinieerde “brede welvaart”. Dit document geeft per hoofdthema de positieve en negatieve aspecten aan in relatie tot het welzijn van huidige en toekomstige generaties woonachtig in Kerkrade. In detail hebben de adviesraden uiteraard meer specifieke en gedetailleerdere aanbevelingen; het lijkt ons passender om die in het vervolgtraject gestructureerd en in gezamenlijkheid op te pakken. Samenvattende conclusie Allereerst complimenten voor de gedegen meerjarige aanpak, en het feit dat de belangrijkste stakeholders de gelegenheid is geboden om mee te denken, mee te praten en mee te creëren. Hieronder enkele inhoudelijke bevindingen van de gezamenlijke adviesraden:

•

de omgevingsvisie Kerkrade 2050 is sterk gericht op fysieke en ecologische aspecten van brede welvaart. Er zijn duidelijke ambities op het gebied van gezondheid, mobiliteit, klimaat en wonen. Echter, er schuilt een risico in de onderbelichting van sociaal−maatschappelijke dimensies zoals onderwijs, participatie, sociale veiligheid en inkomenszekerheid. Voor een meer evenwichtige benadering van brede welvaart verdient het aanbeveling deze sociale thema’s sterker te verankeren in het vervolgtraject van visie−uitwerking en implementatie.

•

Een ander belangrijk aspect is dat de meer concrete uitwerking van deze thema’s mogelijk versnipperd wordt opgepakt, in een van de vele projecten die Kerkrade rijk is. Deze versnippering staat de integraliteit in de weg, met kans op inhoudelijke hiaten en dubbelingen, en maakt het voor inwoners moeilijk te begrijpen welke beweging we willen maken.

•

Tot slot: het is belangrijk om te onderkennen dat de uitvoering van elementen uit de omgevingsvisie onvoldoende succesvol zullen zijn indien de visie niet met een bottom up− aanpak wordt verbonden. Deze aanpak zou een geïntegreerd, praktisch en wijkgericht plan moeten zijn, gebaseerd op samenwerking tussen inwoners, verenigingen, bewoners− platforms, adviesraden en professionals. In lijn met het vastgestelde gemeentelijke visiedocument inzake inwonersparticipatie zou de burger de rol en positie van co−creator moeten vervullen. In bepaalde thema’s zou de burger zelfs “in the lead” moeten zijn. De betrokkenheid van adviesraden is hierin onmiskenbaar belangrijk

Reactie gemeente De gemeente bedankt de adviesraden voor hun uitgebreide advies, waarin waardevolle aandachtspunten zijn aangekaart. De gemeente deelt de visie dat meer specifieke en gedetailleerde aanbevelingen gezamenlijk kunnen worden uitgewerkt in het vervolgtraject richting het omgevingsprogramma, het omgevingsplan en de uitwerking in concrete projecten of vergunningen. De omgevingsvisie vormt hierbij de integrale basis om de volgende stappen te zetten. Ook in het vervolgtraject blijft de gemeente inzetten op burgerparticipatie, waarbij het niveau van betrokkenheid afhankelijk is van het type en de omvang van het project.

19

Een aantal onderwerpen meer in detail: Wonen. Er is behoefte aan passende huisvesting voor ouderen, met en zonder zorgbehoefte. Ouderen blijven langer thuis wonen, maar vaak ontbreekt de benodigde zorg− en welzijnsinfrastructuur. Wijkgericht werken biedt inzicht in wensen en behoeften, en bevordert maatwerk. Nieuwe woonvormen zoals geclusterd wonen met zorg en welzijn verdienen aandacht. Ouderen moeten gestimuleerd worden om tijdig over hun woontoekomst na te denken, ondersteund door campagnes als “Denk vandaag over morgen”. Ook het persoonlijk netwerk speelt een grote rol, zowel voor ouderen als mantelzorgers, die vaak overbelast raken bij complexe zorgvragen. Daarnaast is veel ouderenhuisvesting nog niet bestand tegen hitte. Uitwerking van de omgevingsvisie zou meer concreet moeten ingaan op aspecten die het bovenstaande adresseren.

Voor het thema Wonen geldt ook nog dat er een grote behoefte is aan kamergewijze verhuur, ondanks de wens om verkamering te beperken. Inwoners die momenteel in kleine of dure woningen, verblijven zijn zoekende, terwijl grotere woningen leegstaan. De gemeente zou samen met woningcorporaties meer panden geschikt kunnen maken voor kamerverhuur tegen redelijke prijzen, of eigenaren bij leegstand een verhuurverplichting kunnen opleggen, zoals in Heerlen gebeurt. Sociale participatie. Ouderen moeten actief kunnen blijven deelnemen aan de samenleving. Interactie tussen generaties is hierbij waardevol. Informatie over activiteiten en voorzieningen in de wijk moet toegankelijk zijn, ook voor kwetsbare groepen zoals laaggeletterden of mensen zonder digitale vaardigheden. Zorg− en welzijnsdiensten moeten zichtbaar, bereikbaar en laagdrempelig zijn. In de omgevingsvisie wordt dit aangestipt, maar een concrete aanpak ontbreekt vooralsnog. Mobiliteit Voorzieningen moeten voor iedereen veilig en goed bereikbaar zijn. Huidige vervoersinitiatieven zoals het automaatje en de boodschappenbus kunnen worden uitgebreid. De openbare ruimte wordt veiliger en leefbaarder door transformaties zoals fietsstraten en autoluwe zones. Aandacht blijft nodig voor mensen met beperkte mobiliteit, zeker gezien de heuvelachtige ligging van Kerkrade. Sport komt beperkt aan bod in de omgevingsvisie.

Belangrijke knelpunten rond maatschappelijke sportbeoefening en het verenigingsleven worden benoemd, maar concrete oplossingen ontbreken. Voorbeelden van knelpunten:

•

sportverenigingen zijn essentieel voor sociale cohesie, maar hebben te maken met de terugloop van leden, hoge kosten en het tekort aan vrijwilligers; Er ontbreken echter concrete maatregelen om verenigingen te ondersteunen.

•

sport wordt genoemd als onderdeel van een gezonde leefomgeving, zoals bij multifunctionele accommodaties, groene verbindingen (Rodaboulevard), en openbare sportplekken (schoolpleinen, speeltuinen). Het blijft (te) onduidelijk waar en hoe deze ambities gerealiseerd worden.

20

Voortzetten of uitbouwen: −

het Thematisch Programma Sport (p. 77), waarin ook ‘Bewegen in de Openbare Ruimte (BIOR)’ wordt opgenomen.

−

LiMe, een monitoringstool voor gezondheidsprojecten (zoals Vie). De Sportstichting pleit voor blijvend gebruik en doorontwikkeling hiervan, ook binnen de verdere uitvoering van de visie.

−

het programma voor veilig fietsen en wandelen is welkom, maar vraagt om snelle, zichtbare maatregelen zoals veilige oversteekplaatsen (bijv. Stationsstraat) en beter onderhoud van fietspaden (bijv. Locht).

De jeugd heeft de toekomst Onderwerpen als verkeersveiligheid, natuur en een veilige ruimtelijke omgeving zijn prominent aanwezig in deze toekomstvisie, wat vanuit de jongeren wordt omarmd. In het kader van deze onderwerpen heeft de Kinderraad Kerkrade de afgelopen jaren ook al adviezen gegeven. Deze omgevingsvisie bespreekt veel thema’s die de jongeren nu of in de nabije toekomst direct raken, opvallend genoeg worden ze als groep niet vermeldt. De belevingswereld van jongeren is anders dan die van volwassenen, echter hun stem is wel van enorm belang om te weten wat speelt en belangrijk is bij het ontwikkelen en uitvoeren van een visie die qua lengte zeker minimaal 1 generatie betreft. Een specifiek aandachtspunt hierbij is de wijze van communicatie met de jongeren. Laat de huidige jongeren niet wachten op de toekomst maar laat ze meebouwen aan het nu. Denk hierbij zowel aan co−creëren en evalueren met de adviesraden, maar organiseer daarnaast ook jongerenpanels/jongerenmonitors en trek hierin samen op met partners als onderwijs, welzijnsorganisaties en verenigingen. Materiële Welvaart De visie van Kerkrade zet in op het stimuleren van economische vitaliteit, onder meer door herstructurering van bedrijventerreinen en het streven naar meer arbeidsplaatsen per hectare.

Deze beleidslijn is positief, omdat ze inspeelt op de behoefte aan werkgelegenheid en economische herleving, zeker na decennia van economische krimp na de mijnsluiting. Het lokale midden− en kleinbedrijf (MKB) krijgt een plek in de visie, evenals het benutten van de strategische grensligging richting Duitsland.

Toch blijven er ook zorgen bestaan. Er is relatief weinig aandacht voor inkomenszekerheid of inkomensverschillen. Zo wordt de zogeheten 'armoedeval' genoemd – een situatie waarin werken financieel nauwelijks loont ten opzichte van uitkeringen – maar niet voorzien van oplossingsrichtingen. Daarnaast bestaat het risico dat verduurzaming (van woningen of bedrijvigheid) financieel moeilijk haalbaar is voor inwoners met lage inkomens, zoals ouderen of mensen in energiearmoede. Positieve aspecten: •

Er is sprake van een duidelijke ambitie om werkgelegenheid te versterken, vooral via herstructurering van bedrijventerreinen en de focus op ‘arbeidsplaatsen per hectare’.

•

De visie stimuleert economische groei via het versterken van het MKB, het aantrekken van bedrijven in de logistiek en de MedTech−sector, en het benutten van de grensligging.

21

Kritische punten: •

Er wordt weinig concreet gezegd over inkomenszekerheid of de armoedeval. Er is zorg geuit dat werken financieel niet aantrekkelijk genoeg is voor sommige inwoners.

•

De energietransitie wordt wel benoemd, maar de betaalbaarheid van verduurzamings− maatregelen voor huishoudens met lage inkomens (zoals ouderen en minima) krijgt onvoldoende aandacht.

Reactie gemeente We begrijpen de reactie m.b.t. inkomenszekerheid of armoedeval, vanuit de omgevingsvisie kan vooral invloed worden uitgeoefend op fysieke ingreep zoals leegstand op de bedrijventerreinen aanpakken en meer arbeidsplaatsen per hectare te realiseren. Daarnaast streeft de omgevingsvisie naar het bereiken van meer evenwicht in de woningvoorraad, Kerkrade zit namelijk al ruim boven de norm van 30% sociale huurwoningen en streeft naar meer middenhuur en (duurdere) koopwoningen. Voor huishoudens met lage inkomens gebeurt er al veel op gebied van de energietransitie, dit is uitwerking van de omgevingsvisie, hiervoor verwijzen we naar de website: https://www.kerkrade.nl/energiezuinig-wonen-en-werken. De grootste opgave is om deze ouderen en minima te bereiken. Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. Gezondheid Kerkrade scoort relatief laag op gezondheidsindicatoren: de gemiddelde levensverwachting en het aantal gezonde levensjaren liggen onder het landelijk gemiddelde. Positief is dat de gemeente via het programma Vie en door aansluiting bij de GGD−kernwaarden bewust inzet op een gezonde leefomgeving. Denk aan veilige wandelroutes, schaduwrijke plekken, vergroening van de openbare ruimte en het bevorderen van actief vervoer (lopen, fietsen).

Desondanks blijft het zorgelijk dat de toegang tot zorgvoorzieningen, met name in kleinere kernen, niet expliciet is uitgewerkt. Ouderen en mensen zonder auto hebben recht op toegankelijke huisartsenzorg, apotheken en dagopvang binnen korte afstand. Hier ligt nog een lacune in de visie, zeker gezien de vergrijzingspiek die wordt verwacht rond 2035. Positieve aspecten: •

De gemeente sluit aan bij het programma Vie om gezondheidsachterstanden te verminderen. De GGD−kernwaarden voor een gezonde leefomgeving worden als toetskader gebruikt.

•

Er is veel aandacht voor een gezonde fysieke leefomgeving: vergroening, veilige looproutes, schaduwplekken en ruimte voor beweging.

Kritische punten: •

De levensverwachting en gezonde levensjaren liggen fors onder het landelijk gemiddelde (53,1 jaar tegenover 62,4 jaar gezond ervaren leven).

•

Hoewel gezondheid een rode draad is, ontbreekt een duidelijke strategie om toegang tot 22

zorgvoorzieningen dichtbij huis te borgen, zeker voor kwetsbare groepen. Reactie gemeente Met de komst van de Omgevingswet is gezondheid ook een essentieel thema geworden in het fysieke domein, deze omgevingsvisie zet daarin een eerste stap voor de gemeente Kerkrade. Met het programma VIE, de omgevingsvisie en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) zet de gemeente in op de gezonde levensjaren te verbeteren op de lange termijn. Het voorzieningenniveau in Kerkrade is momenteel goed vergeleken met andere gemeenten in Nederland, in elke wijk (noord, oost en west) liggen de belangrijkste voorzieningen (winkels, zorgvoorzieningen, buurthuizen) op 15 minuten loop- of fietsafstand. Het doel richting 2050 is deze voorzieningen zoveel mogelijk te behouden richting 2050 door de bestaande centra verder te clusteren en te intensiveren. Zie hiervoor ook pagina 52 van de ontwerp-omgevingsvisie. Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. Werk en Vrije Tijd Kerkrade wil haar bedrijventerreinen aantrekkelijker maken voor werknemers en deze beter verbinden met stad en natuur. Ook worden investeringen in recreatieve routes genoemd – zoals wandel− en fietspaden – waarmee het toeristisch en lokaal recreatief gebruik wordt gestimuleerd. Werkgebieden moeten aantrekkelijk worden voor zowel het bedrijfsleven als werkzoekenden.

Tegelijkertijd is er sprake van teruglopende deelname aan verenigingen en informele netwerken. De visie noemt deze trend, maar de aanpak blijft vaag. Concrete ondersteuning voor buurthuizen, cultuurinstellingen of kleinschalige voorzieningen wordt slechts op hoofdlijnen aangestipt. Zeker voor ouderen en jongeren zijn deze plekken cruciaal voor hun welzijn en sociale binding. Positieve aspecten: •

Recreatieve routes voor wandelen en fietsen worden verbeterd, met goede verbindingen naar het buitengebied.

•

Er is aandacht voor leefbaarheid op bedrijventerreinen (meer groen, looproutes, ontmoetings− plekken).

Kritische punten: •

Het belang van verenigingsleven wordt erkend, maar de terugloop van leden en vrijwilligers wordt slechts summier aangepakt.

•

Vrijetijdsbesteding buiten de Rodaboulevard krijgt weinig expliciete aandacht, zeker voor senioren en jongeren.

Reactie gemeente De terugloop van leden en vrijwilligers is een probleem dat landelijk speelt. Kerkrade werkt nauw samen met het verenigingsleven en zet in op goede faciliteiten zoals goed onderhouden sportvelden, 23

zalen en ontmoetingsruimtes. Op lange termijn zal de gemeente ook keuzes moeten maken om verenigingen en ruimtes te combineren binnen de wijken (bijv. multifunctionele accommodaties), om genoeg draagvlak te behouden (zie pagina 33 van de ontwerp-omgevingsvisie). Ook het verenigingsleven is een vorm van vrije tijd die in de gehele gemeente plaatsvindt. Deze reactie leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. Onderwijs en Vaardigheden De visie erkent de noodzaak tot herstructurering van het onderwijsaanbod in Kerkrade−Oost en benut dit moment om schoolomgevingen gezonder en veiliger te maken. Dit is een belangrijke stap voorwaarts. Echter, de gemeente kampt met een hoog aandeel laaggeletterdheid (25%) en een stijging van het aantal voortijdige schoolverlaters. Deze zorgwekkende trends worden wel benoemd, maar missen concrete interventies in de visie. Het versterken van basisvaardigheden, taalonderwijs en aansluiting onderwijs−arbeidsmarkt zou sterker geïntegreerd moeten worden in het beleid. Positieve aspecten: •

De herstructurering van scholen in Oost Kerkrade wordt benut om gezonde en veilige schoolomgevingen te creëren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=364314d3-3ca5-4230-89df-badc24f15ffb