Bijlage 6.1 - Reactienota KBL
Tekst van het document
Aan de colleges van B&W Van de GR Kredietbank Limburg
Datum 15 januari 2024
Behandeld door R.C.H. van den Tillaar
Onderwerp Wijziging GR
Ons kenmerk UIT-BMO2406024 Uw kenmerk
Geacht college, In het laatste kwartaal van 2023 heeft u het wijzigingsbesluit voor GR KBL voor zienswijze voorgelegd aan uw raad. De gemeenteraden van Brunssum, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht en Sittard-Geleen hebben zienswijzen ingebracht op het voorstel tot wijziging van de GR KBL. Formeel zijn deze gericht aan de colleges, maar het algemeen bestuur is gebruikt om met elkaar af te stemmen wat er met de zienswijzen moet gebeuren. De ingediende zienswijzen zien op enkele verschillende onderwerpen, voortvloeiend uit de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen van 2022: 1) 2) 3) 4)
Zienswijzen Inspraak (burgerparticipatie) Evaluatie Aanlevertermijnen begroting
1) Zienswijzen De gemeenteraden van Brunssum, Kerkrade, Maastricht en Sittard-Geleen hebben als zienswijzen aangenomen om het aanvullende voorstel opgenomen in de legal opinion uit het BZC-traject omtrent zienswijzen op andere besluiten dan o.a. de begroting over te nemen in de gemeenschappelijke regeling. Dit sluit ook aan bij de toezegging op verzoek van de gemeentesecretarissen uit het gezamenlijke traject om dit te verwerken (zie het eerder toegezonden memo uit het BZC-traject d.d. 12 juni 2023). Dit voorstel luidt: Artikel (…) Zienswijze raden 1. Het algemeen bestuur beslist niet over een voorstel alvorens de raden om zienswijzen zijn gevraagd, wanneer ten minste twee gemeenteraden het dagelijks bestuur hierom verzoeken. In spoedeisende gevallen kan het dagelijks bestuur afzien van het vragen van zienswijzen. Het dagelijks bestuur stelt de raden hiervan schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte. 2. Indien het eerste wordt toegepast, dan hebben de raden twaalf weken de tijd hun zienswijzen bij het dagelijks bestuur naar voren te brengen. Voorafgaande aan het nemen van het besluit waarover de zienswijzen gegeven is stelt het dagelijks bestuur de raden en het algemeen bestuur schriftelijk en gemotiveerd in kennis van het oordeel over de zienswijzen, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt.
De gemeenteraad van Landgraaf heeft geen zienswijze op dit punt aangenomen. Gelet op het feit dat de overgrote meerderheid van de gemeenteraden bovengenoemd voorstel
wenst op te nemen, en dat dit ook in het BZC-traject zal worden voorgesteld, is dit voorstel ook voor KBL overgenomen. De voorgestelde leden zijn toegevoegd aan artikel 24 van de GR KBL. 2) Inspraak/Burgerparticipatie Alle 5 de gemeenteraden hebben een gelijkluidende zienswijze afgegeven omtrent de inspraak en burgerparticipatie. Deze zienswijze sluit aan bij de voorstellen van de raadswerkgroep Noord-Limburg, zoals uitgewerkt in de legal opinion uit het BZC-traject. Dit voorstel luidt: 2. In afwijking van het eerste lid kan het dagelijks bestuur besluiten dat bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid met ingrijpende gevolgen een apart participatietraject wordt doorlopen. 3. Het eerste lid vindt ook toepassing wanneer ten minste twee gemeenteraden het dagelijks bestuur hierom verzoeken. 4. Het dagelijks bestuur informeert de deelnemers zo spoedig mogelijk omtrent zijn voornemen tot het mogelijk maken van inspraak als bedoeld in het tweede of het derde lid en de wijze waarop deze inspraak voor ingezetenen van de gemeenten en belanghebbenden zal worden vormgegeven. Gelet op de unanieme wens van de raden hieromtrent is dit voorstel overgenomen, zoals het ook in het bredere BZC-traject overgenomen zal worden. De voorgestelde leden zijn toegevoegd aan artikel 25 van de GR KBL.
3) Evaluatie De zienswijzen op de evaluatiebepaling laten een gemengd beeld zien. Dat is ook niet vreemd omdat reeds meerdere voorstellen de ronden deden. Zo waren er verschillende voorstellen van de raadswerkgroep Noord-Limburg (twee gemeenten kunnen hierom verzoeken, dagelijks bestuur doet voorstel) en de gemeenten Brunssum, Stein en Voerendaal (evaluatie eens per vijf jaar, dagelijks bestuur doet voorstel). Beide varianten zijn uitgewerkt in de legal opinion uit het BZC-traject. De gemeenteraden van Kerkrade, Landgraaf en Maastricht hebben gekozen voor de variant waarbij twee deelnemers kunnen verzoeken om een evaluatie, waarna het dagelijks bestuur een onderzoeksvoorstel doet. Hierbij moet worden opgemerkt dat de gemeenteraad van Kerkrade in zijn zienswijze aansluit bij het voorstel in de legal opinion uit het BZC-traject, maar ook stelt dat de gemeenteraad een onderzoeksvoorstel doen. Dat laatste zit echter niet in de voorstellen, en geen van de andere raden heeft hieromtrent opmerkingen gemaakt. Het lijkt ook onwerkbaar wanneer iedere raad een onderzoeksvoorstel kan indienen. Voorgesteld is dus om dit bij het dagelijks bestuur te laten, zoals het ook in alle varianten zat. De gemeenteraden van Brunssum en Sittard-Geleen hebben echter een voorkeur voor een evaluatie eens per vijf jaar, met een onderzoeksvoorstel door het dagelijks bestuur.
Er is gekozen voor de variant van de meerderheid: twee deelnemers kunnen verzoeken om een evaluatie. Dit zal ook het voorstel worden in het gezamenlijke traject (met uitzondering van de grotere gemeenschappelijke regelingen, zoals de Veiligheidsregio’s, de Regionale uitvoeringsdiensten, Omnibuzz, BsGW en de GGD Limburg-Zuid). Op verzoek van de Kredietbank Limburg is daar wel aan toegevoegd dat de deelnemers (lees: de colleges van burgemeester en wethouders) niet vaker dan eens per vier jaar (een raadsperiode) een evaluatie kunnen opleggen. Te vaak evalueren zou immers het
functioneren van KBL kunnen belemmeren en leidt niet tot meer democratische invloed van de gemeenten. De wijzigingen zijn verwerkt in artikel 38 van de GR KBL. 4) Begrotingscyclus De gemeenteraden van Brunssum en Maastricht hebben ook nog een zienswijze ingediend omtrent de begrotingscyclus. Zij willen de kadernota (de algemene financiële en beleidsmatige uitgangspunten) niet pas uiterlijk 30 april ontvangen (de wettelijke deadline), maar reeds voor 1 februari van het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor de kadernota geldt. De ontwerpbegroting willen zij voor 30 april ontvangen. Hoewel de gemeenteraden van Kerkrade, Landgraaf en Sittard-Geleen geen zienswijze hebben aangenomen op dit punt, is het voorstel van Brunssum en Maastricht tóch overgenomen. Dit sluit ook aan bij de toezegging op verzoek van de gemeentesecretarissen uit het gezamenlijke traject om dit te verwerken (zie het eerder toegezonden memo uit het BZC-traject d.d. 12 juni 2023). Zoals in de legal opinion is opgenomen kunnen hieromtrent dan nadere werkafspraken worden gemaakt. De gemeenteraad van Maastricht noemt optioneel ook nog een zienswijze op de kadernota, maar neemt daaromtrent zelf geen beslissing. Ook de andere raden hebben hieromtrent geen zienwijzen ingediend, en in het gezamenlijke BZC-traject is dit ook niet als voorstel naar voren gekomen.
Er wordt hieromtrent daarom geen aanvullende wijziging doorgevoerd. De wijzigingen zijn verwerkt in artikel 27 van de GR. Planning De gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen moet verwerkt zijn voor 1 juli 2024. In lijn met het traject dat veel andere gemeenschappelijke regelingen doorlopen met ondersteuning van Boels Zanders Advocaten en Cooperación resteert de volgende planning: Januari – april 2024 mei 2024 30 juni 2024
Toestemmingsprocedure raden Instemming colleges Inwerkingtreding wijziging
Uw college wordt verzocht de gewijzigde GR KBL voor toestemming door te geleiden naar uw gemeenteraad. Met vriendelijke groet,
Ruud van den Tillaar Secretaris Namens het Algemeen Bestuur Bijlage: Gemeenschappelijke regeling KBL