CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2026

Openbare informatiebijeenkomst 27 oktober 2025, gemeente Kerkrade34.239 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Daarbij wordt nauw aangesloten bij landelijke ontwikkelingen en pilots rondom datadelen en proactieve dienstverlening. Om inwoners nog beter en eerder te ondersteunen, gaan we in 2026 verder met het ontwikkelen van de Stadspas, die toegang biedt tot gemeentelijke en maatschappelijke regelingen op een laagdrempelige en niet-stigmatiserende manier. Daarnaast starten we een pilot voor het schuldenvrij maken van jongeren, waarmee we relatief kleine maar problematische schulden herfinancieren en jongeren begeleiden naar financiële stabiliteit.

2. Onderhouden van de zorginfrastructuur Relatie met taakveld(en): 6.72 en 6.82 Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) Het landelijke AZWA is een aanvulling op en uitbreiding van het Integraal Zorgakkoord (IZA), waar we als gemeente al actief in participeren (o.a. via de transformatieplannen PlusWIJken en Mentale Gezondheid). Het AZWA bevat afspraken die een extra impuls moeten geven aan de beweging van zorg naar gezondheid. Met dit akkoord wordt ingezet op verdere verbreding, intensivering en concretisering van het IZA, waarbij gelijkwaardigere toegang tot zorg en welzijn en het afwenden van het arbeidsmarkttekort centraal staan. Ook krijgt het sociaal domein in het AZWA een explicietere plek. Bovendien wordt een aantal onderdelen van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), dat loopt tot en met 2026, in het AZWA geborgd. Voor de uitvoering van het AZWA (en het HLO, zie verder) komen middelen beschikbaar die we voor dit doel moeten aanwenden. Daarmee biedt het AZWA ons als gemeente een goede basis om de

60

samenwerking tussen het sociaal en het zorgdomein lokaal en regionaal te continueren en te versterken en zo verder te werken aan de beweging van zorg naar preventie en gezondheid. Uiteraard doen we dit in nauwe samenhang en afstemming met VIE. Het gezondheidsperspectief in AZWA is namelijk essentieel om de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden, zodat onze inwoners zoveel mogelijk kans hebben op een gezond leven. Het AZWA hangt zowel inhoudelijk als financieel nauw samen met het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO). Het HLO is vooral gericht op de langdurige zorg. Om vergrijzing op te vangen maken gemeenten hierin ondersteunende afspraken om mantelzorg te versterken, als onderdeel van een basisinfrastructuur die in AZWA is afgesproken. Onderdelen uit het AZWA zijn dus cruciaal voor de uitvoering van het HLO. Wet integrale suïcidepreventie Vanaf 1 januari 2026 treedt de nieuwe Wet integrale suïcidepreventie in werking. Deze wet verplicht gemeenten om actief beleid te voeren om suïcide en suïcidepogingen te voorkomen. Hiervoor ontvangen gemeenten middelen van het rijk. Deze middelen zullen worden ingezet om, conform onze wettelijke verplichting, voor Kerkrade suïcidepreventiebeleid te gaan ontwikkelen en uitvoeren, gericht op risicogroepen in onze wijken.

We gaan hierbij samenwerken met de andere gemeenten in de regio en met belangrijke partners zoals de GGD, 113 Zelfmoordpreventie en maatschappelijke organisaties. Denk bijvoorbeeld aan het trainen van sleutelfiguren, publiekscampagnes, het opzetten van een regionaal suïcidepreventienetwerk en het versterken van signalering in de wijk. Mantelzorg Momenteel is ruim 27% van de inwoners van Kerkrade ouder dan 65 jaar en dit aantal blijft snel stijgen. Dat betekent dat de behoefte aan zorg nu en in de toekomst blijft toenemen. Tegelijkertijd werken steeds minder mensen in de zorg. Dat zorgt voor extra druk op mantelzorgers. Mantelzorgers zijn mensen die voor een naaste zorgen, zonder dat ze daarvoor betaald worden. Voorbeelden van mantelzorg zijn het helpen met persoonlijke verzorging en het huishouden, maar bijvoorbeeld ook het regelen van professionele zorg of financiële zaken. Mantelzorgers zijn onmisbaar voor (kwetsbare) mensen die zo lang mogelijk zelfstandig willen blijven wonen, waaronder ouderen. Mantelzorg is meestal langdurig, vaak intensief en komt voor de mantelzorger bovenop de dagelijkse verplichtingen die iedereen kent. Dit kan leiden tot overbelasting van de mantelzorger. Daarom blijft het waarderen en ondersteunen van mantelzorgers en zorgvrijwilligers erg belangrijk.

De gemeente helpt met subsidie en een gezamenlijke website De gemeente geeft subsidie aan partijen die ondersteuning bieden aan mantelzorgers en zorgvrijwilligers (Steunpunt voor Mantelzorgers en Ruggesteun, SGL Buddyzorg en Levanto Vrijwilligers). Dit doen we samen met gemeenten in de regio. Daarnaast maken we het aanbod voor hulpvragers, mantelzorgers en zorgvrijwilligers beter toegankelijk door een gezamenlijke website. Ook dit doen we in samenwerking met de regio. Jonge mantelzorgers Bij mantelzorgers denken we vaak aan ouderen. Onze aandacht blijft ook uitgaan naar jonge mantelzorgers. Dit zijn jongeren tot 24 jaar die zorgen voor een ziek familielid en daardoor taken hebben die niet passen bij hun leeftijd en ontwikkeling. We bieden ondersteuning aan deze jongeren zodat ze tijdig hulp vragen en ook kunnen ontspannen. Ook neemt de gemeente ieder jaar deel aan de Week van de Jonge Mantelzorger.

3. Blijven opkomen voor de zwaksten en meest kwetsbaren in onze lokale samenleving Relatie met taakveld(en): 6.1 De sociale basis vormt het fundament van een vitale wijk. Het is een samenhangend geheel van vrij toegankelijke formele en informele voorzieningen, activiteiten en initiatieven, gericht op ontmoeten, ondersteunen, ontspannen en ontplooien. Een sterke sociale basis versterkt intrinsiek de sociale samenhang en het gevoel van verbondenheid in wijken en buurten. De kracht van de sociale basis ligt in haar mensgerichte en domein-overstijgende aanpak, waarbij de leefwereld van inwoners centraal staat. Het vraagt om nabijheid, maatwerk en intensieve samenwerking tussen verschillende domeinen, zoals het sociaal domein, (wijk)verpleging, jeugdgezondheidszorg, GGZ en cultuurparticipatie. Deze

61

multidisciplinaire aanpak bevordert niet alleen de fysieke en mentale gezondheid van inwoners, maar versterkt ook hun veerkracht en persoonlijke ontwikkeling. Deze infrastructuur biedt inwoners de ruimte om samen te leven, actief deel te nemen aan hun gemeenschap en waar nodig hulp te bieden of te ontvangen. Oftewel, vitale wijken waarbinnen burgers in staat worden gesteld de regie te voeren over hun leven. Toegankelijkheid Een toegankelijke samenleving begint met bewustwording en verdient daarom blijvende aandacht. Ook in deze bestuursperiode maakt het college extra werk van de toegankelijkheid. Dat geldt voor de toegankelijkheid van gebouwen, de openbare ruimte en de bekendheid van openbare toiletvoorzieningen. Samen met MKB Nederland en Ongehinderd wordt een "toegankelijke route" in kaart gebracht. Als gevolg hiervan krijgen we inzicht in de toegankelijkheid van winkels, bedrijven en de openbare ruimte. Er wordt meer bewustwording gecreëerd bij de ondernemers in Kerkrade en er kunnen hindernissen weggenomen worden. De fysieke toegankelijkheid maakt onderdeel uit van onze Lokale Inclusie Agenda ‘In Kerkrade doet iedereen mee!. Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen in 2026 In 2022 hebben de Parkstadgemeenten de gezamenlijke visie ‘Samen Thuis 2023–2026’ vastgesteld. Deze visie vormde de basis voor een vernieuwde aanpak van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang.

Hoewel de landelijke decentralisatie van Beschermd Wonen oorspronkelijk gepland stond voor 1 januari 2026, is deze inmiddels voor onbepaalde tijd uitgesteld. Het is momenteel onduidelijk wanneer deze daadwerkelijk zal plaatsvinden. Dit betekent dat centrumgemeenten namens de regio voorlopig verantwoordelijk blijven voor de uitvoering en financiering van Beschermd Wonen. Samen met regionale partners, zorgaanbieders, woningcorporaties en ervaringsdeskundigen wordt intensief gewerkt aan een nieuwe, toekomstgerichte visie op Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Deze visie zal richting geven aan het beleid voor de komende negen jaar, tot en met 2035. De nieuwe visie zal zich richten op: - Samen ontwikkelen en innoveren: Gemeenten, cliëntenvertegenwoordigers, adviesraden en woningcorporaties werken gezamenlijk aan een nieuwe visie tot 2035. Daarbij staat innovatie centraal: bestaande voorzieningen worden herijkt en nieuwe vormen van opvang en begeleiding worden ontwikkeld. De aanpak is gestructureerd, inclusief en toekomstgericht. -

Regionale samenwerking en governance: De problematiek is te complex voor individuele gemeenten; samenwerking binnen Parkstad is essentieel. Hierbij worde de komende jaren de ambtelijke, bestuurlijke en juridische structuren verder uitgewerkt.

-

Flexibele en afgestemde uitvoering: Er wordt gewerkt aan een breed palet van voorzieningen dat naadloos aansluit op de lokale Wmo-infrastructuur. Daarnaast is er aandacht voor het soepel op- en afschalen tussen lokale en regionale voorzieningen om frictie in ondersteuning te voorkomen.

-

Cliëntgericht en inclusief: De cliënt staat centraal: ondersteuning is maatwerk, passend en integraal (1 gezin, 1 plan, 1 regisseur). Er is oog voor de kwetsbaarheid van mensen met psychische problematiek en hun behoefte aan continuïteit. Hierbij wordt de zelfregie en eigen kracht versterkt, met vertrouwen in de professional.

-

Financiën en verantwoorde verdeling: De financiering en inkoop van zorg worden herzien met aandacht voor monitoring, lage administratieve lasten en adequate toegang.

4. Samen met sociaal maatschappelijke organisaties digitalisering/ICT beter toegankelijk maken voor ouderen Relatie met taakveld(en): 6.3, 6.5, 6.71, 7.1 In Kerkrade zetten we ons actief in om digitale inclusie te bevorderen, met speciale aandacht voor ouderen. Samen met maatschappelijke partners zoals de Adviesraad Maatschappelijke Ondersteuning (AMO) en de werkgroep Ongehinderd werken we aan het versterken van digitale zelfredzaamheid. Via het Digitaalhuis van de bibliotheek bieden we laagdrempelige ondersteuning, zoals het Informatiepunt Digitale Overheid (IDO) en diverse trainingen (o.a. Klik & Tik, DigiVitaler, DigiSterker, SeniorWeb). Deze

62

initiatieven sluiten aan bij onze Lokale Inclusie Agenda en worden ontwikkeld in co-creatie met ervaringsdeskundigen en adviesraden. Binnen het uitvoeringsplan Basisvaardigheden Kerkrade krijgt begrijpelijke communicatie een centrale rol, in nauwe samenwerking met communicatie en ICT. Daarnaast wordt de toegankelijkheid van de website elke drie jaar getoetst via een onafhankelijke audit en worden gebruikerstesten uitgevoerd, waarbij ook ouderen en laaggeletterden worden betrokken. Op basis van feedback zal de digitale dienstverlening continu doorontwikkeld worden. Deze aanpak sluit aan bij onze Lokale Inclusie Agenda: in Kerkrade doet iedereen mee – ook digitaal. De gemeente is immers zelf ook steeds meer digitaal in contact met burgers, bedrijven en gerelateerde instanties of organisaties. In de afgelopen jaren is hiervoor een solide basis gelegd en zijn een groot aantal werkprocessen gedigitaliseerd. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat klanten ook nog via andere kanalen (telefonisch, balie, per post) contact kunnen zoeken met de gemeente.

5. Bijdragen aan het voorkomen van eenzaamheid bij jongeren en ouderen Relatie met taakveld(en): 6.7 Eenzaamheid is een probleem van alle leeftijden, waarvan de gevolgen ernstig kunnen zijn. De aanpak van eenzaamheid is en blijft de komende jaren daarom een belangrijk punt van beleid. Dit komt onder andere tot uiting in het Sociaal Programma Rolduckerveld en het Programma ‘VIE, leven in beweging’. We zetten in op vasthouden en blijven verbeteren van deze aanpak. We doen dit samen met de coalitie tegen eenzaamheid. Dat zijn ruim 30 in Kerkrade actieve partijen, uiteenlopend van achtergrond. Met leden van de coalitie worden activiteiten georganiseerd tijdens de Week tegen Eenzaamheid. Tevens worden activiteiten buiten deze week georganiseerd. Het stimuleren van ontmoeting gebeurt onder andere met een gerichte ondersteuning aan de huis- en buurtkamers in Kerkrade, de inzet van de BoodschappenBus (Impuls Kerkrade), de Ontmoetingsbus (Leger des Heils) en het wekelijkse Buurtontbijt. Daarnaast versterken we de aandacht voor eenzaamheid onder jongeren.

6. Inzetten op integraal ouderenbeleid/ stimuleren van zo lang mogelijk zelfstandig functioneren en blijven meedoen Relatie met taakveld(en): 6.2, 6.7 Wmo 2015 Het uitgangspunt van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) is dat de eigen kracht van de persoon (en zijn omgeving) centraal staat om zoveel mogelijk mee te doen in de samenleving (zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie). Eigen kracht betekent dat burgers zelf verantwoordelijk zijn voor hoe ze hun leven vormgeven en dus problemen zelf kunnen oplossen. Wanneer een persoon niet (voldoende) zelfredzaam is of kan meedoen aan de maatschappij, kan er ondersteuning worden geboden. Gemeenten moeten op basis van de Wmo 2015 ervoor zorgen dat iedereen kan meedoen aan de maatschappij en zo zelfstandig mogelijk kan blijven wonen. Een inwoner kan een melding indienen bij de Wmo. Mogelijk krijgt men direct een antwoord op de hulpvraag of wordt een geschikte oplossing gevonden. Als dit niet direct mogelijk is, vindt een aanvullend gesprek plaats. In dit gesprek komt aan bod: wat iemand zelf kan doen; óf en hoe de omgeving kan ondersteunen; de mogelijkheden van het inzetten van algemene of algemeen voorliggende voorzieningen (in de wijk). Als dit niet tot een oplossing leidt voor de hulpvraag, kan een maatwerkvoorziening worden ingezet.

Onafhankelijke Clientondersteuning De Wmo 2015 verplicht gemeenten te zorgen voor deskundige, onafhankelijke en kosteloze clientondersteuning. Een cliëntondersteuner helpt bij het regelen van zorg en ondersteuning. In Kerkrade zorgen de Meedenkers voor clientondersteuning Een Meedenker helpt mensen om goede keuzes te maken. Meedenkers zorgen er ook voor dat de eigen kracht wordt vergroot. Dat is niet alleen fijn voor de mensen zelf, maar zorgt ook voor minder inzet van professionele zorg en ondersteuning.

63

Er zijn drie momenten waarop clientondersteuning plaatsvindt 1: Het moment dat er gekeken wordt naar de vraag (in het sociaal domein); 2: het moment van toegang tot voorzieningen of zorg; 3: het moment dat de client al gebruik maakt van voorzieningen en hierin keuzes moet maken. Kerkrade heeft een Meedenkersnetwerk Dit netwerk bestaat uit zes vrijwillige partijen en drie beroepsmatige partijen (Impuls, MEE en Steunpunt voor Mantelzorgers).Het belang van deze partijen voor evenwichtige ondersteuning van onze inwoners blijkt steeds weer. Om dit te behouden blijven de doelen gericht op: borging van de aanpak en met bijsturen waar nodig; verdere versterking van de samenwerking van de partijen binnen het netwerk en met samenwerkingspartijen (waaronder huisartsen, zorgaanbieders en gemeente); communicatie: inwoners, professionals en vrijwilligers blijven informeren over de aanwezigheid en de mogelijkheden van de Meedenkers. Wmo - hulp bij het huishouden / begeleiding, dagactiviteit (+vervoer) en kortdurend verblijf De kosten van hulp bij het huishouden zijn sterk gestegen. Deze trend zet enerzijds door ten gevolge van de CAO-ontwikkelingen en anderzijds door de stijging in het gebruik van hulp bij het huishouden als belangrijke voorziening om (langer) thuis te kunnen blijven wonen.

Hierbij geldt dat deze ontwikkeling in de voorgaande jaren werd versterkt door de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) reële prijs Wmo 2015 en het abonnementstarief waardoor iedereen, ongeacht inkomen en vermogen, een lage eigen bijdrage betaalt. Een eerder wetsvoorstel om opnieuw een eigen bijdrage in te voeren op basis van inkomen en vermogen is tot nader order aangehouden. We blijven in Kerkrade inzetten op het afremmen van de kosten voor hulp bij het huishouden door een zo groot mogelijke demping van de toename in volume, ondanks de sterke vergrijzing in Kerkrade. Samen met de gecontracteerde aanbieders voor hulp bij het huishouden is een succesvolle aanpak ontwikkeld die ook in beeld is gekomen bij de VNG waardoor Kerkrade landelijk wordt aangehaald als voorbeeldgemeente. Veel gemeenten, niet alleen in Parkstad, tonen interesse om op eenzelfde wijze te gaan werken om de uitdagingen (met name kosten en personeelskrapte) het hoofd te kunnen bieden. Onze werkwijze hulp bij het huishouden kenmerkt zich door het onderzoeken van de ondersteuningsbehoefte aan de hand van het principe van reablement (herstelgerichte ondersteuning). Dit gebeurt via een kennismakingstraject van maximaal 6 weken. Voorop staat de gedachte ‘uitgaan van wat iemand nog wél kan, in plaats van focussen op wat iemand niet meer kan’.

We helpen klanten om hun vaardigheden uit te breiden, kijken samen naar mogelijke hulpmiddelen en ontdekken sneller andere zorgbehoeften. Leidend is het principe van ‘voor doen, samen doen, zelf doen’. Door deze manier van werken, kunnen inwoners langer thuis blijven functioneren. Ze worden fitter, bewegen makkelijker en voelen zich beter als ze bepaalde taken weer zelf kunnen uitvoeren, al dan niet met ondersteuning. Op deze manier realiseren we optimaal maatwerk. Normaliseren, reablement, wijkgericht werken met toepassing van een hybride toegang vormen belangrijke pijlers van de aanbestedingen voor ‘hulp bij het huishouden’ en ‘begeleiding, dagactiviteit (+vervoer) en kortdurend verblijf’. Deze uitgangspunten zijn verankerd in de contracten met de zorg in natura aanbieders en vormen de grondslag voor de uitvoering. We werken vanuit een sterk partnerschap tussen gemeente, welzijnsinstelling Impuls, zorgaanbieders en de Adviesraad Maatschappelijke Ondersteuning. Door gezamenlijke doelen, integrale aanpak en innovatief werken wordt er duurzame en effectieve ondersteuning/zorg gerealiseerd voor onze inwoners. Hulpmiddelen Een hulpmiddel is een maatwerkvoorziening die binnen de Wmo ingezet kan worden. Voorbeelden zijn: scootmobielen, (elektrische)rolstoelen en aangepaste (driewiel)fietsen.

Hulpmiddelen zijn voor mensen met een lichamelijke aandoening vaak van levensbelang om zelfredzaam te blijven. De laatste jaren heeft een toename plaatsgevonden in het totaal aantal hulpmiddelen en de complexiteit ervan. Dit blijft dan ook om maatwerk vragen. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een deelscootmobiel.

64

Lokale Inclusie Agenda Het VN-Verdrag over de rechten van personen met een handicap is in Nederland bekrachtigd. Het doel van dit verdrag is een inclusieve samenleving waarbij mensen met een beperking dezelfde rechten hebben als mensen zonder beperking en als volwaardige personen aan de maatschappij kunnen deelnemen. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid om de bereikbaarheid van onderwijs, werk, wonen, omgeving, informatie, gebouwen, mobiliteit, passende zorg en ondersteuning, participatie en dienstverlening voor inwoners met een beperking goed te regelen. Elke gemeente is verplicht om een Lokale Inclusie Agenda (LIA) op te stellen. Hierin staat hoe de gemeente uitvoering wil geven aan het VNVerdrag. Belangrijk is dat het plan afgestemd is met de inwoners met een beperking (niets over ons, zonder ons). Op die manier kunnen er voldoende en passende maatregelen worden genomen. Hierdoor kunnen inwoners met een beperking zo zelfstandig en zo onafhankelijk mogelijk leven. De LIA heeft betrekking op de gehele gemeente. Uitgangspunt is dat de uitvoering van de daaraan gekoppelde inclusie activiteiten en maatregelen binnen de beschikbare financiële kaders vallen van bestaande en lopende projecten.

De Kerkraadse LIA ‘In Kerkrade doet iedereen mee!’ is tot stand gekomen in samenwerking met onze eigen werkgroep Ongehinderd, een afvaardigging van de Kerkraadse adviesraden, verschillende andere ervaringsdeskundigen, beleidsmedewerkers en belangenorganisaties. In 2025 vindt een uitgebreide evaluatie plaats waarna de agenda vanaf 2026 wordt voortgezet op basis van de uitkomsten van deze evaluatie. Woonzorgvisie Elk jaar maakt de gemeente samen met woningcorporaties en huurdersorganisaties afspraken over uiteenlopende thema’s gerelateerd aan volkshuisvesting. Een steeds belangrijker wordend thema, is de combinatie van wonen en zorg. Door de toenemende vergrijzing en het streven om mensen langer zelfstandig thuis te kunnen laten wonen, groeit de behoefte aan woningen met zorg- en begeleidingsmogelijkheden. Wonen, zorg en welzijn raken steeds nauwer met elkaar verweven — zowel in de woningen zelf als in de directe leefomgeving. Denk bijvoorbeeld aan ouderen die langer thuis blijven wonen en daardoor behoefte hebben aan zorg aan huis en aanpassingen in hun woning. Maar ook aan mensen in een kwetsbare positie die extra ondersteuning nodig hebben, zoals personen die vanuit een beschermde woonvorm of maatschappelijke opvang doorstromen naar een reguliere woning.

Sinds 2023 is er in samenwerking met de gemeente Landgraaf een sterke coalitie gevormd, waarbij een breed gedragen woonzorgvisie tot stand is gekomen. Deze visie is inmiddels ook opgenomen in het regionale woonzorgtraject en door zowel de gemeenteraden als de bestuurders van betrokken organisaties in de regio officieel vastgesteld. Ondertussen werkt de gemeente Kerkrade verder aan het versterken van de samenwerking tussen partijen die actief zijn op het gebied van wonen, zorg en welzijn. Deze samenwerking krijgt een extra impuls door de ontwikkeling van een regionale uitvoeringsagenda.

7. Het ontwikkelen van kansrijke initiatieven met het oog op de aanwezigheid van gemeenschapshuizen Relatie met taakveld(en): 6.1 Met het “Uitvoeringsplan gemeenschapshuizen Kerkrade” hebben college en raad van de gemeente Kerkrade gekozen voor een sociaal-maatschappelijke exploitatie in het Westhoes, Sjevemethoes, Patronaat en Catharinahoes. Hieraan wordt sinds 1 januari 2025 nader invulling gegeven door de Coöperatie Maatschappelijke Voorzieningen Kerkrade (CMVK). Medio 2025 is een kwartiermaker aangesteld om de maatschappelijke functie in deze gemeenschapshuizen verder door te ontwikkelen. Daarbij wordt ook nadrukkelijk de verbinding gezocht met maatschappelijke organisaties, verenigingen en inwoners uit de wijken. Verder wordt in de gemeenschapshuizen ook het wijkgericht werken mede mogelijk gemaakt. In 2026 wordt de ingezette lijn doorgezet en worden ontwikkelingen verder geïmplementeerd. In financiële zin heeft het college meerjarig de benodigde middelen vrijgemaakt om een kostendekkende sociaal-maatschappelijke exploitatie door CMVK mogelijk te maken. Los daarvan wordt het ingezette beleid uiteraard inhoudelijk geëvalueerd.

65

8. Herstellen van de sociale samenhang in wijken/ herstellen van de gevolgen van Corona Relatie met taakveld(en): 6.7, 8.3 Middels het vastgestelde “uitvoeringsplan gemeenschapshuizen Kerkrade” is in 2024 een nadrukkelijke stap gezet in het kader van sociale cohesie van buurten en wijken. Vanaf 2025 wordt er gewerkt aan het tot uitvoering brengen hiervan. Dit loopt in 2026 door, zie ook de paragraaf hierboven. Samen met collega professionals uit het lokale sociale domein, de woningcorporatie, bedrijven, organisaties, instellingen, scholen en andere relevante stakeholders en inwoners uit de wijk worden initiatieven, die als doelstelling hebben de omgeving prettiger, leefbaarder en socialer te maken en de sociale cohesie te versterken, omarmd, uitgerold en tot uitvoering gebracht.

9. Geen kind tussen wal en schip mede met behulp van vroegsignalering Relatie met taakveld(en): 6.72 Het voeren van preventief jeugdbeleid is van groot belang om negatieve gevolgen, zoals schooluitval, huiselijk geweld en psychische of sociale problemen, zoveel mogelijk te voorkomen. Door tijdig ondersteuning te bieden, vergroten we de ontwikkelkansen van kinderen en leggen we een stevig fundament voor hun toekomst. Thema’s binnen het preventief jeugdbeleid zijn: − Gezond opgroeien: bevorderen van een gezonde leefstijl, een verantwoord gewicht en mentaal welbevinden. − Kansrijk opgroeien: ervoor zorgen dat ieder kind zich optimaal kan ontwikkelen, met passende ondersteuning wanneer dat nodig is. − Veilig opgroeien: bevorderen van een veilige fysieke én digitale omgeving, zowel thuis als in de samenleving. In 2025 is gewerkt aan een tussenevaluatie van het beleidskader Preventief Jeugdbeleid 2023-2027. Deze evaluatie wordt eind 2025 afgerond, waarna de raad hierover wordt geïnformeerd. De tussenevaluatie biedt inzicht in de koers, behaalde successen en gesignaleerde knelpunten. Afhankelijk van de prioriteiten die uit de evaluatie naar voren komen, wordt bepaald welke activiteiten, programma’s en interventies in 2026 concreet worden uitgevoerd. Naast de activiteiten binnen het preventief jeugdbeleid wordt natuurlijk ook vanuit het brede jeugdbeleid ingezet op vroegsignalering.

Zie hiervoor het speerpunt “Integraal jeugdbeleid en jongerenvoorzieningen”.

10. Het hanteren van de menselijke maat bij de totstandkoming en uitvoering van regelgeving Relatie met taakveld(en): 6.3 Binnen de klantreis is er aandacht voor alle personen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Personen die op korte termijn aan het werk kunnen, worden direct begeleid naar een passende baan. Voor degenen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt, inclusief de meest kwetsbare groepen, bieden we maatwerkondersteuning. Onze aanpak is gericht op het bevorderen van participatie, waarbij iedereen op basis van hun eigen vermogen de kans krijgt om actief deel te nemen aan de samenleving. Persoonlijke ontwikkeling, vitaliteit en het creëren van kansen staan centraal in ons beleid. Dit begint met een zorgvuldige diagnose bij instroom, zodat we snel en gericht kunnen doorverwijzen naar passende projecten of initiatieven. Elke klant heeft één vast aanspreekpunt, wat continuïteit biedt in hun ontwikkelingstraject. De menselijke maat geven we onder andere vorm door middel van de methode van de “omgekeerde toets”. Hierbij wordt eerst gekeken naar de hulpvraag van inwoners en welke maatregelen nodig zijn om deze te beantwoorden. In tweede instantie moet op grond van de regelgeving duidelijk worden hoe deze maatregelen kunnen worden vormgegeven.

Tevens maken we in de uitvoering ruimte voor wijzigingen die in lijn zijn met het nieuwe landelijke programmaplan ‘Participatiewet in Balans’. Het programma is gericht op het verbeteren van de uitvoering van de Participatiewet, met als doel de balans te vinden tussen regelgeving en maatwerk voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Op deze manier worden er verdere stappen gezet in de samenwerking binnen het sociaal domein en de ondersteuning op maat.

66

11. Integraal jeugdbeleid en jongerenvoorzieningen Relatie met taakveld(en): 6.1, 6.2, 6.7 Onze insteek is dat zo veel mogelijk Kerkraadse kinderen en jongeren in Kerkrade normaal, gezond en veilig opgroeien tot volwassenen die later voor zichzelf kunnen zorgen en kunnen meedoen. Ouders, familie en vrienden ondersteunen daarbij, zoveel als mogelijk is. Wanneer dat niet mogelijk is, helpen we zodat ze het daarna wel zelf kunnen. En waar toch hulp nodig is, zorgen we ervoor dat die er is zo dichtbij als mogelijk, het liefst in de woonwijk en/of op school (als dat de plek is waar ondersteuning nodig is). We doen dit niet alleen, maar samen met de inwoners, zorgverleners en andere organisaties die met en voor jongeren werken. Het streven is dat op hulp niet lang gewacht hoeft te worden. Hulp duurt bovendien zo kort als mogelijk en zo lang als nodig is. De volgende activiteiten en verbetermaatregelen zullen hieraan bijdragen: Lokaal in Kerkrade 1. Stevig lokaal team en toegang tot jeugdhulp. In 2025 is gestart met een nieuwe werkwijze die onder andere inhoudt dat onze jeugdconsulenten meer thuis in het gezin komen (achter de voordeur in de wijk), samenwerken met o.a. scholen, breder kijken dat alleen naar de jeugdhulpvraag en meer volgen hoe de afgesproken jeugdhulpvoorziening wordt uitgevoerd. Deze nieuwe werkwijze wordt in 2026 verder doorgevoerd.

Dit sluit aan op de in de Landelijke Hervormingsagenda opgenomen doelstelling: Jeugdigen en hun ouders moeten voor jeugdhulp laagdrempelig en dicht bij huis terecht kunnen. We werken daaraan door in te zetten op een stevig lokaal team met voldoende kennis en expertise en verbinding met vrij toegankelijke en specialistische hulp. Een team dat met ouders en jeugdigen kijkt naar wat echt nodig is. Dat niet alleen toegang verleent, maar zelf lichte hulp verstrekt, gericht op het versterken van het gewone leven en de veerkracht. 2. WIJ(K): laagdrempeligere lokale hulp in plaats van regionale jeugdhulp. Door middel van WIJ(K) wordt lokaal zelf (lichte) hulp verstrekt. Dit is een lokale samenwerking tussen o.a. Impuls, een aantal jeugdhulpaanbieders en gemeente die voorziet in een passend antwoord op hulpvragen waarvoor basishulp te licht en specialistische jeugdhulp te zwaar is. 3. Doorontwikkeling. In 2026 worden 1 en 2 niet alleen voortgezet maar ook verder ontwikkeld. Met als uiteindelijk doel in elke wijk een team bestaande uit professionals van 1 en 2 en de bestaande wijkteams van Impuls. Zodat er voor onze inwoners, de kinderopvang en de scholen 1 centraal punt in de wijk is voor advies, ondersteuning, begeleiding en hulp in het geval van opvoed- en opgroeiproblemen.

En dat er met een brede blik naar hulp- en ondersteuningsvragen wordt gekeken en optimaal gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden die de wijk te bieden heeft. Subregionaal (Brunssum, Kerkrade en Simpelveld) / Ontwikkeltraject ambulante jeugdhulp De ambulante jeugdhulp moet en gaat veranderen. Dat heeft te maken met de huidige stand van zaken, de landelijke hervormingsagenda en de regionale en lokale visie op de jeugdzorg. In 2026 zetten we het meerjarige ontwikkeltraject samen met de gemeenten Brunssum en Simpelveld, het voorliggend veld (jeugdgezondheidszorg, kinderopvang en maatschappelijk werk), huisartsen, onderwijs en de hiervoor gecontracteerde jeugdhulpaanbieders voort. Dit traject is in 2024 gestart. Hiermee gaan we een verandering in de ambulante jeugdhulp realiseren. Specifieke doelen zijn: • Normaliseren: kinderen en jongeren moeten zo normaal mogelijk kunnen opgroeien. Ouders en jongeren en pedagogische sociale basis zodanig versterken dat vragen en problemen die ‘normaal’ zijn zelf kunnen worden beantwoord/opgelost. • Integraliteit en regie: breed kijken, jeugdhulp verbinden en afstemmen met andere domeinen. Regie primair bij ouders en jongeren, zo nodig met ondersteuning van anderen.

• Verbinding tussen onderwijs en zorg: in de kinderopvang en het onderwijs zorgen (voor)school en zorgaanbieders samen voor de hulp die nodig is in de klas (in plaats van individuele en onsamenhangende vormen van ondersteuning) • Financieel houdbaar systeem: dat maakt dat voldoende capaciteit en geld beschikbaar is/blijft voor specialistische jeugdhulp 67

•

Zoveel mogelijk uniformiteit in de subregio zodat administratieve lasten verminderen.

We streven ernaar de hierboven bij 3 genoemde lokale doorontwikkeling en het ontwikkeltraject ambulante jeugdhulp zoveel mogelijk gelijk te laten lopen (zowel inhoudelijk als in tijd). In 2026 wordt er middels verschillende initiatieven uitvoering gegeven aan bovenstaande doelen. In het kader van de ontwikkelopdracht zijn er twee brede werkgroepen opgezet in 2024: de werkgroep Toegang en de werkgroep Normaliseren. In deze werkgroepen worden verschillende samenwerkingspartners vertegenwoordigd: het voorliggend veld (maatschappelijk werk & kinderopvang), het onderwijs, huisartsen, POH’s, gecontracteerde jeugdhulpaanbieders (vanuit de verschillende samenwerkingsverbanden) en de gemeenten Brunssum, Kerkrade en Simpelveld. 1. Werkgroep normaliseren Momenteel is de werkgroep normaliseren een kader aan het opstellen voor het begrip ‘normaliseren’. Dit om in gezamenlijkheid het abstracte begrip normaliseren concreter en werkbaarder te maken. Dit kader zal ook worden toegepast op de pilot lokaal wijkteam BKS (zie punt 5), welke vanaf eind 2025 gefaseerd uitgerold wordt in Kerkrade-Oost en in 2026 verder doorontwikkeld wordt. 2. Werkgroep toegang De werkgroep toegang staat op het punt om van start te gaan met de BKS pilot lokaal wijkteam in de gemeente Kerkrade.

Voor deze pilot wordt er een multidisciplinair team samengesteld dat vanuit de wijk opereert, hulpvragen beantwoordt en toe leidt naar algemene of specialistische voorzieningen. Het doel is onder andere om zo laagdrempelig en zo dichtbij huis mogelijk ondersteuning te bieden en (lichte) hulp te verstrekken waar nodig. Het lokaal team bestaat uit een vertegenwoordiging van: maatschappelijk werk, gecontracteerde jeugdhulpaanbieders, praktijkondersteuners van huisartsen en de gemeente (consulent en gedragswetenschapper). Deze pilot maakt deel uit van het wijkgericht werken in het sociaal domein in Kerkrade-Oost dat eind 2025 van start gaat. 3. Subregionale projectgroep Doelgroeparrangement (DGA) (Parkstad) Vanuit het ambulante ontwikkeltraject wordt er ook gekeken naar de doelgroeparrangementen (DGA) in het speciaal onderwijs. Een doelgroeparrangement onderwijs-jeugdhulp is een arrangement dat zich richt op een groep van jeugdigen met een onderwijs-ondersteuningsbehoefte en zorg-ondersteuningsbehoefte en diens omgeving, waarin het gespecialiseerd onderwijs niet alleen kan voorzien. De afstemming tussen school en thuis is een wezenlijk kenmerk van het doelgroeparrangement onderwijs-jeugdhulp. De jeugdige en de ouder(s)/verzorger(s) zijn daarin partner.

Daar waar arrangementen in een collectieve vorm op school worden geleverd, kan er geen individueel arrangement meer worden ingezet voor dezelfde leerling(en) met hetzelfde doel tenzij er sprake is van exceptionele specifieke zorgbehoeften, welke besproken dient te worden in het Knooppuntoverleg. Een aantal jaar geleden hebben vertegenwoordigers van de samenwerkingsverbanden, bestuurders van de scholen voor speciaal onderwijs, zorgaanbieders, partners in de voorschoolse voorzieningen en de gemeenten uit de Zuid-Limburgse gemeenten (G16) met elkaar de ambitie uitgesproken om samen te gaan werken in de vorm van doelgroeparrangementen. Een integraal aanbod afgestemd op zorg, onderwijs en vrijetijd waardoor jeugdigen met een extra ondersteuningsbehoefte naar een thuisnabije kinderopvang en/of school kunnen gaan omdat daar waar nodig extra ondersteuning beschikbaar is. Tot op heden is hier uitvoering aan gegeven in de vorm van een subsidieregeling. In 2026 zal er in de subregionale DGA projectgroep gewerkt worden aan de DGA doorontwikkelthema’s (toegewezen vanuit de regionale DGA werkgroep), worden ervaringen met de DGA onderling gedeeld, ontwikkelingen vanuit de subregio besproken en wordt er een eerste hand gelegd aan het ontwikkelen van een afwegingskader onderwijs-jeugd met betrekking tot de DGA.

Hierdoor wordt de samenwerking tussen gemeenten, scholen, jeugdhulpaanbieders en het voorliggend veld in Zuid-Limburg verder versterkt. Zo kunnen de DGA ingezet worden om een betere en efficiëntere ondersteuning van leerlingen met specifieke zorgbehoeften te bewerkstelligen. De opgaven van de ambulante ontwikkelopdracht vereisen de tijd om te kunnen ontwikkelen. Daarom is een structurele samenwerkingsrelatie nodig. Het ontwikkeltraject duurt meerdere jaren.

68

Regionaal in Zuid-Limburg De Zuid-Limburgse gemeenten werken intensief samen om ervoor te zorgen dat voldoende goede en passende jeugdhulp beschikbaar is op het moment dat die nodig is. Deze samenwerking is nodig om te kunnen voldoen aan onze wettelijke taken en verantwoordelijkheden. Het betreft zowel het beleid, de organisatie, de samenwerking met andere betrokken partijen als de inkoop van de jeugdhulp. In dit kader vindt jaarlijks een groot aantal activiteiten plaats. We belichten hier een aantal activiteiten die in 2026 bijzondere aandacht zullen krijgen: • harmoniseren van contractvoorwaarden tussen de Limburgse jeugdregio’s • organiseren van en investeren in een structurele vorm van samenwerking tussen de regio’s • actualiseren en aanscherpen van contractvoorwaarden • implementeren van het Early Warning System van jeugdautoriteit door de zorgaanbieders (om te voorkomen dat zorgaanbieders in financiële problemen komen • contractueel inrichten van een governance voor bovenregionale samenwerking, verkenning van bovenregionale samenwerking op cruciale jeugdzorgfuncties, etc. • aanbesteding van crisishulp, gesloten en intensief klinische jeugdhulp en wonen (jeugdhulp met verblijf) • afbouw gesloten jeugdhulp -JZ+

C. Wat mag het kosten? Exploitatie 6

Sociaal domein

LASTEN 6.1 Samenkracht en burgerparticip. 6.2 Wijkteams 6.21 Toegang en eerstelijnsvoorz. 6.22 Toegang/eerstelijnsvoorz Jeugd 6.23 Toegang/eerstelijnsvz Integraal 6.3 Inkomensregelingen 6.4 Begeleide participatie 6.5 Arbeidsparticipatie 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 6.60 Hulpmiddelen en diensten (WMO) 6.711 Huishoudelijke hulp (WMO) 6.712 Begeleiding (WMO) 6.713 Dagbesteding (WMO) 6.714 Overige maatwerkarrang.(WMO) 6.71a Huishoudelijke hulp (WMO) 6.71b Begeleiding (WMO) 6.71d Ov. maatwerkarrangem. (WMO) 6.72a Jeugdhulp begeleiding 6.72b Jeugdhulp behandeling 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf over 6.73a Pleegzorg 6.73b Gezinsgericht 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugd beh. GGZ zonder verbl.

REK.

BEGR.

MJR.

Bijgesteld

Primair

2024

2025

2026

2027

2028

2029

6.821 4.024 123 0 0 36.816 18.495 1.616 4.133 382 -72 3.902 2.564 183 7.754 575 139 4.686 6.782 1.178 1.958 486 7.687 176

16.091 0 1.160 1.831 1.531 38.119 19.707 3.274 4.599 478 2.055 3.907 2.692 0 5.941 450 0 0 0 0 0 0 0 0

4.888 0 1.021 1.538 793 36.985 18.254 3.589 4.554 399 2.129 3.898 2.696 0 7.294 610 0 0 0 0 0 0 0 0

4.477 0 1.021 1.512 793 36.240 16.950 3.434 4.603 338 2.009 3.784 2.625 0 8.269 598 0 0 0 0 0 0 0 0

4.467 0 1.021 1.513 793 35.558 16.133 3.437 4.639 255 2.009 3.784 2.625 0 8.277 598 0 0 0 0 0 0 0 0

4.424 0 1.021 1.513 793 34.999 16.258 3.437 4.694 175 2.009 3.784 2.625 0 8.277 598 0 0 0 0 0 0 0 0

69

6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verbl 6.751 Jeugdhulp ambulant lokaal 6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal 6.753 Jeugdhulp ambulant landelijk 6.761 Jeugdhulp met verblijf lokaal 6.762 Jeugdhulp verblijf regionaal 6.763 Jeugdhulp verblijf landelijk 6.792 PGB Jeugd 6.812 Maatschap.vrouwenopv (WMO) 6.81b Maatschap- en vrouwenopv.(WMO) 6.821 Jeugdbescherming 6.822 Jeugdreclassering 6.82b Jeugdreclassering 6.92 Coördinatie en beleid Jeugd

1.568 0 0 0 0 0 0 0 11 15 1.492 0 362 0

TOTAAL LASTEN BATEN

0 1.087 13.787 600 1.700 7.932 600 500 207 0 1.600 400 0 1.647

0 1.088 14.012 600 1.600 8.610 800 600 39 0 1.600 400 0 1.577

0 988 14.263 700 1.300 9.018 1.100 700 39 0 1.800 600 0 1.574

0 988 13.762 600 1.300 9.020 900 700 39 0 1.800 600 0 1.575

0 988 13.762 600 1.300 9.020 900 700 39 0 1.800 600 0 1.575

113.854 131.897 119.573 118.733 116.391 115.889

6.1 Samenkracht en burgerparticip. 6.2 Wijkteams 6.23 Toegang/eerstelijnsvz Integraal 6.3 Inkomensregelingen 6.5 Arbeidsparticipatie 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 6.711 Huishoudelijke hulp (WMO) 6.713 Dagbesteding (WMO) 6.714 Overige maatwerkarrang.(WMO) 6.71b Begeleiding (WMO) 6.71c Dagbesteding (WMO) 6.71d Ov. maatwerkarrangem. (WMO) 6.72a Jeugdhulp begeleiding 6.812 Maatschap.vrouwenopv (WMO) 6.81b Maatschap- en vrouwenopv.(WMO) 6.821 Jeugdbescherming 6.92 Coördinatie en beleid Jeugd

10.751 132 0 29.564 194 423 662 1 195 12 13 123 10 0 4 6 0

9.687 0 366 27.717 148 241 650 0 0 0 0 0 0 4 0 0 125

617 0 0 28.193 15 241 650 0 0 0 0 0 0 4 0 0 0

339 0 0 28.476 15 241 650 0 0 0 0 0 0 4 0 0 0

339 0 0 29.019 15 241 650 0 0 0 0 0 0 4 0 0 0

339 0 0 29.728 15 241 650 0 0 0 0 0 0 4 0 0 0

TOTAAL BATEN

42.088

38.937

29.719

29.724

30.267

30.976

Investeringen bedragen * € 1.000 TV

Omschrijving

V/U¹ E/M²

2025

2026

2027

2028

2029

2025 2029

I Reguliere investeringen 6.6

Wmo-hulpmiddelen

v

e

345

6.6

Wmo-trapliften

v

e

155

75

75

75

75

455

500

500

500

500

500

2.500

Totaal Programma 6

425

¹ V = vervangingsinvestering, U = uitbreidingsinvestering ² E = investering met economisch nut, M = investering met maatschappelijk nut

70

425

425

425

2.045

D. Toelichting op financiële mutaties en overige vermeldenswaardige zaken Financiële mutaties Exploitatie Besparingen gemeentebreed/Studiejaar (diverse taakvelden) Op 2 juli 2025 is het studiejaar-project afgerond en is een keuze gemaakt uit de onderzochte besparingsmogelijkheden (25Rb050). Voor programma 6 ging het om: • burger 52 maatwerkvoorzieningen wmo hulpmiddelen • burger 54 werkdeel participatie • burger 55 maatschappelijke opvang (anders) Gemeenschappelijke regelingen (diverse taakvelden) In de raadsvergadering van 2 juli 2025 zijn de ontwerpbegrotingen 2026 en meerjarenramingen (alsook in enkele gevallen begrotingswijzigingen 2025) van de gemeenschappelijke regelingen behandeld en is hierop een zienswijze afgegeven. Zie verder bij programma 0. Bij programma 6 gaat het om: • GR Kredietbank • GR Omnibuzz • GR WOZL en WSP Gemeenschapshuizen/Jongerenaccommodaties CMVK is verantwoordelijke voor de uitvoering van de gemeenschapshuizen, waarbij wijkgericht werken en spil in de wijk belangrijk daarom investeren we hierin voor een bedrag van € 300.000. Jongerenaccommodatie The New Generation zal voortgezet worden waarmee een bedrag van € 150.000 gemoeid is. Participatie Het participatiebudget laat een kleine onderbesteding zien van € 227.000, dit kan worden ingezet ter positieve beïnvloeding van het begrotingssaldo.

Wmo Het totaalbudget Wmo laat voor 2025 een overschot zien van € 1.249.000, 2026 sluit op een klein tekort, meerjarig ontstaat er vanaf 2027 echter een groter tekort van € 1.400.000. Dit tekort wordt veroorzaakt door een beperkte stijging van het aantal cliënten dagbesteding en begeleiding en een stijging van de tarieven. Jeugdzorg Ondanks alle inspanningen van team Jeugd en de positieve financiële ontwikkelingen aan de uitgavenkant blijven de kosten autonoom stijgen door indexeringen, die contractueel zijn vastgelegd. De lobby van de VNG heeft gelukkig een positief effect gehad, het Rijk is qua compensatie van kosten over de brug gekomen. In de mei- en septembercirculaire is derhalve een groot bedrag in de algemene uitkering verwerkt. De meerjarige tekortreeks kan hierdoor grotendeels worden gecompenseerd. BUIG Op basis van de voorlopige beschikking bijstandsbudgetten 2025 is de meerjarenreeks aangepast. Voor 2026 en 2027 wordt een tekort geprognosticeerd, voor 2028 en 2029 een overschot. Deze prognoses zijn verwerkt in deze begroting 2026.

71

Investeringen N.v.t.

Overige vermeldenswaardige zaken Wijkgericht werken We zijn met ingang van 7 oktober 2025 gestart met wijkgericht werken binnen het sociaal domein. Vanaf die datum is er een extra ingang voor Jeugd en Wmo-hulpvragen in het Sjevemethoes en het Patronaat. Daardoor hoeven hulpvragen die in beide gemeenschapshuizen binnenkomen niet meer door de vrijwilliger of professional van Impuls te worden doorverwezen naar een ambtenaar van de gemeente elders. Die is nu immers fysiek aanwezig op dezelfde locatie. In 2026 zal de eerste periode worden geëvalueerd en zal worden bezien hoe en in welke mate uitbreiding wenselijk is. Daarbij wordt eveneens bekeken of verbreding van het aanbod passend is, denk daarbij aan het onderdeel maatschappelijke participatie.

E. Indicatoren Basisset beleidsindicatoren Omschrijving

Bron

Eenheid

Periode

Kerkrade

Nederland

Limburg

Banen

CBS/LISA

2023

575,9

836,6

810,5

Jongeren met een delict voor de rechter Kinderen in uitkeringsgezin Netto arbeidsparticipatie Werkloze jongeren Personen met een bijstandsuitkering Lopende reintegratievoorzieningen

CBS

Aantal per 1.000 inwoners 15-64 jaar %

2023

1

1

1

CBS

%

2023

8

6

6

CBS

%

2024

64,5

73,2

69,1

CBS CBS

2023 2024

2 465,1

2 343,6

2 319,5

2024

160,5

203,1

192,8

Jongeren met jeugdhulp Jongeren met jeugdbescherming

CBS

2024

17,6

13,7

15,3

CBS

% Aantal per 10.000 inwoners Aantal per 10.000 inwoners 15-64 jaar % Jongeren tot 18 jaar %

2024

1,9

1,0

1,4

Jongeren met jeugdreclassering

CBS

%

2024

0,9

0,4

0,4

Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo

CBS

Aantal per 10.000 inwoners

2024

1210

720

863

CBS

72

Overige indicatoren Omschrijving

Bron

Eenheid

Maatschappelijke participatie * unieke klanten begeleiding unieke klanten dagbesteding unieke klanten hulp bij het huishouden unieke klanten kortdurend verblijf voorzieningen voor rolstoel vervoervoorzieningen woonvoorzieningen Vrijwilligers Tevredenheid buurtvoorzieningen Sociale cohesie

burgeronderzoek

score (0 - 10) aantal

WIZ

2020

2021

2022

2023

3,3

2024

3,2

1055

1060

937

1.086

994

573

545

492

483

478

WIZ

aantal

2354

2528

2566

2.678

2.679

WIZ

aantal

4

6

8

7

13

WIZ

aantal

867

813

812

811

741

WIZ WIZ burgeronderzoek burgeronderzoek

aantal aantal % %

3769 823

3884 871 30 61

3893 960

4.023 1.326 28 62

4.014 1.367

burgeronderzoek

score (0 - 10)

73

5,5

5,6

74

7 Volksgezondheid en milieu

A. Algemeen Omschrijving van het programma Beschermen van de volksgezondheid van de gehele lokale bevolking, met speciale aandacht voor de meest kwetsbare personen. De gemeente zorgt voor een goed en leefbaar milieu in Kerkrade. Dit doen we door bijvoorbeeld met zorg om te gaan met onze grond en gebouwen en door het opwekken van duurzame energie zoals zonne-energie uit zonnepanelen. Klimaatbeleid of energiebesparing kan de aanjager zijn voor onderwijs en het scheppen van nieuwe banen door klimaat- en energieprojecten. Het bewust omgaan met natuur, gezondheid en milieu wordt aangemoedigd. Hier hoort ook voorbeeldgedrag van de gemeente zelf bij. De gemeente staat op dat gebied open voor nieuwe ontwikkelingen en ideeën. Op het gebied van de inzameling van het huishoudelijk afval, controleert de gemeente Rd4. Daarnaast beheert de gemeente de riolering en begraafplaatsen.

Relatie met paragrafen Dit programma heeft een relatie met de paragrafen Lokale heffingen (§1) en Onderhoud kapitaalgoederen (§3). Voor het project VIE, zie programma 5 (programmalijnen) en programma 8 (fysieke realisatie).

Taakvelden 7.1 7.2 7.3 7.4 7.5

Volksgezondheid Riolering Afval Milieubeheer Begraafplaatsen

75

B. Speerpunten van beleid 1. 1. Stimuleren van burgers voor het treffen van duurzaamheidsmaatregelen Relatie met taakveld(en): 7.4 In ’t Kirchroa va Mörje willen we gezond, veilig en duurzaam wonen, werken, leren, reizen en recreëren. Hiervoor moeten stappen gezet worden. ‘T Kirchroa va Mörje moeten we vormgeven, maar dat kunnen we niet alleen. Dit moeten we samen doen. Samen met de scholen, samen met de ondernemers en samen met de inwoners. In 2025 zijn de gerealiseerde structuren gebruikt om projecten op te starten om fysieke en maatschappelijke resultaten te bereiken. In 2026 zullen deze projecten verder uitgewerkt en uitgevoerd worden. Met deze fundamenten kunnen we nu vol vertrouwen vooruitkijken naar een toekomstig duurzaam Kerkrade, ook wel ’t Kirchroa va Mörje genoemd. Het stimuleren van burgers voor het treffen van duurzaamheidsmaatregelen houdt in dat we met bewoners in contact treden en zij overtuigd worden om te participeren bij de verduurzaming van Kerkrade. Door middel van burgerparticipatie hebben burgers de mogelijkheid om invloed uit te oefenen op hun omgeving. Om deze invloed te kunnen uitoefenen moeten burgers weten wat mogelijk is, hoe ze dit kunnen doen en waar ze moeten beginnen. Laagdrempelige en doelgerichte communicatie moet ervoor zorgen dat kennis voor iedereen beschikbaar is en dat er bruikbare handvaten zijn.

Alleen zo kan ook iedereen deelnemen en kan een aanpak “van onder op” gestimuleerd worden. Gezamenlijk met andere partners (Parkstadgemeenten, woningcorporaties, onderwijsinstellingen, zorginstellingen en maatschappelijke organisaties) moet gekeken worden naar niveaus voor hulp en ondersteuning. Wat willen we bereiken? • Goed geïnformeerde burgers • Oprichting onafhankelijke regionale energiecoöperatie • Groei van het festival ’t Kirchroa va Mörje • Goede inzet van de subsidiestromen voor energiearmoede • Vervolggeven aan de campagne De Warme Huiskamer • Aanpassen van witgoedregeling om meer inwoners te helpen • Stimuleren van woningverduurzaming bij particuliere verhuur via gespreksvoering (initiatiefrecht) • Samenwerking met WoonWijzerWinkel Limburg onderhouden • Verder aanjagen van het Isolatieproject Parkstad en inzet middelen Lokale Aanpak Isolatie Wat gaan we ervoor doen? • Samen met afdeling communicatie optimaliseren van communicatie over duurzaamheid • Samenwerken over verschillende afdelingen heen (synergievoordelen) • Samenwerking regio • Samenwerking stakeholders • Uitvoering projecten uit het uitvoeringsprogramma • Periodiek overleg met WoonWijzerWinkel Limburg • Stimuleren en informeren van burgers over isoleren en verduurzamen van de eigen woning

2. 2. De gevolgen van klimaatverandering onder controle krijgen Relatie met taakveld(en): 7.2 De gevolgen van klimaatverandering onder controle krijgen, houdt in dat alle partijen in Kerkrade zich aanpassen aan het veranderende klimaat en daardoor beter kunnen omgaan met de gevolgen en de risico’s van extremer weer (wateroverlast, droogte en hitte). Door te investeren in de eigen omgeving moet Kerkrade klimaatbestendig en waterrobuust worden ingericht zodat we ons aanpassen aan de extremere weersomstandigheden. Kerkraadse inwoners en bedrijven kunnen niet alleen een bijdrage leveren aan een duurzamere toekomst, maar zichzelf ook beter voorbereiden op de uitdagingen die klimaatverandering met zich meebrengt. Wat willen we bereiken? • Lokale kwetsbaarheden als gevolg van klimaatverandering in beeld brengen, met name op het gebied van hittestress en droogte.

76

•

• • • • •

Er wordt uitvoering gegeven aan de Omgevingsvisie Kerkrade (verhaallijn “de klimaatbestendige stad”). Bij elke ruimtelijke ontwikkeling wordt de richtlijn “3-30-300-regel” (aanwezigheid van groen), de “menukaart hitte” met de pijlers gezondheid, gebouw en gebied toegepast, waarbij wordt voorgesorteerd op de klimaatscenario’s van het KNMI 2023 (rekening wordt gehouden met de lange termijn, 50-100 jaar). Opstellen van een regionaal en lokaal Omgevingsprogramma Water en Klimaatadaptatie Klimaatadaptatie (regels over hemelwaterbeheer en het tegengaan van hittestress) opnemen in het Omgevingsplan Uitvoering geven aan de stimuleringsregeling groendaken en groengevels in Kerkrade. Vergroening van de stad, door (overbodige) verhardingen weg te halen en groen aan te planten (NK Tegelwippen, Steenbreek en groenblauwe schoolpleinen) Toepassing maatlat groene klimaat adaptieve gebouwde omgeving.

Wat gaan we ervoor doen? • Samenwerking stakeholders en kennisinstanties waaronder Klimaatverbond, Steenbreek, Bomenstichting en GGD Zuid-Limburg. • Beoordeling (bouw)plannen op het gebied van klimaatadaptatie. • Uitvoering en doorontwikkeling van het Hitteplan Kerkrade. • Uitvoering en communicatie over projecten Klimaatadaptatie en vergroening (gezonde leefomgeving) van de stad.

3. Windmolens worden alleen geplaatst als 95 tot 100% van de direct omwonenden instemt Relatie met taakveld(en): 7.4 “Windmolens worden alleen geplaatst als 95 tot 100% van de direct omwonenden instemt”, houdt in dat draagvlak een belangrijke rol speelt binnen de energietransitie. Dit geld niet alleen voor windmolens maar ook voor onder andere windturbines, grote energieopslag, warmtepompen enz. Bij de overstap van fossiele brandstoffen naar een mix van nieuwe energiebronnen zal samenwerking en participatie essentieel zijn om zo snel en zoveel als mogelijk werk te maken van de energietransitie en energieopgave. Het doel is en blijft een klimaatneutraal Kerkrade in 2040. Het verlagen van de energiebehoefte is de belangrijkste opgave binnen de energietransitie voor Kerkrade. Hierbij wordt ingezet op de verduurzaming van woningen en op de haalbaarheid van warmtenetten. Het wettelijk verplichte warmteprogramma zal hiervoor de leidraad worden. Daarnaast moet de inzet op het opwekken van energie waar de burgers ook de vruchten van plukken vergroot worden. Er moet bij de aanpak rekening gehouden worden met de betaalbaarheid van de maatregelen op zowel korte als ook lange termijn om energiearmoede om te buigen naar energierechtvaardigheid. Door het opzetten van buurtgerichte projecten wordt iedereen betrokken.

Hierdoor is niet alleen participatie mogelijk, maar kunnen burgers die het nodig hebben ook optimaal ontzorgd worden. Wat willen we bereiken? • Vaststelling van een regionale energievisie • Vaststelling van het warmteprogramma • Inzicht in de haalbaarheid van collectieve warmtenetten • Samenwerking tussen bedrijven van industrieterrein • Ondertekening samenwerkingsovereenkomst Enexis • Haalbaarheidsscan buurtgerichte energieopslag • Aansluiting van het monument Rolduc op het Duitse elektriciteitsnetwerk Wat gaan we ervoor doen? • Samenwerking regionale partners, stakeholders en kennisinstanties • Inzet expertisetafel RES • Opstellen energiebeleid PALET 5.0 • Opstarten voorbereidingsonderzoek Smart-Grid industrieterreinen • Ondersteuning van de ontwikkeling van collectieve warmtenetten • Uitvoering projecten uit het uitvoeringsprogramma

77

4. Bevorderen van een circulaire economie Relatie met taakveld(en): 7.4 Bevorderen van een circulaire economie houdt in dat het thema circulaire economie hoog op de agenda gezet wordt bij nieuwe ontwikkelingen of beleidsthema’s. Door efficiënt met grondstoffen om te gaan zijn er weinig nieuwe materialen nodig en is er bijna geen afval. En de grondstoffen die wél nodig zijn, zijn hernieuwbaar. Dit betekent zo min mogelijk nieuw kopen, zo lang mogelijk met dingen doen, repareren wat kapot is, producten delen en na gebruik de grondstoffen niet verloren te laten gaan door ze “goed” weg te gooien. Wat willen we bereiken? • Opening Circulair Ambachtscentrum • Afronden handboek Circulaire Openbare Ruimte • Circulariteit op de agenda zetten bij nieuwe projectontwikkelingen Wat gaan we ervoor doen? • Samenwerking regionale partners, stakeholders en kennisinstanties • Meer communiceren over alle circulaire activiteiten in de regio • Actieve deelname aan projectgroep circulair ambachtscentrum • Opdracht verstrekken en opstellen van het handboek Circulaire Openbare Ruimte • Adviseren over hoe circulariteit meegenomen kan worden bij nieuwe ontwikkelingen

C. Wat mag het kosten? Exploitatie 7

Volksgezondheid en milieu

REK.

BEGR.

MJR.

Bijgesteld

Primair

2025

2026

2024

2027

2028

2029

LASTEN 7.1 Volksgezondheid

3.150

3.237

3.099

2.863

2.989

2.989

7.2 Riolering

3.317

3.377

3.463

3.497

3.590

3.686

7.3 Afval

5.320

5.734

6.264

6.271

6.271

6.271

7.4 Milieubeheer

2.743

5.511

3.252

2.918

2.090

1.967

188

195

173

168

169

169

14.717

18.054

16.251

15.717

15.109

15.081

706

555

276

0

0

0

7.2 Riolering

5.639

5.681

5.758

5.854

5.949

6.049

7.3 Afval

6.728

6.878

7.187

7.503

7.503

7.703

7.4 Milieubeheer

1.892

3.507

1.670

1.202

386

386

72

44

44

44

44

44

15.036

16.665

14.935

14.603

13.882

14.182

7.5 Begraafplaatsen en crematoria

TOTAAL LASTEN BATEN 7.1 Volksgezondheid

7.5 Begraafplaatsen en crematoria

TOTAAL BATEN

78

Investeringen bedragen * € 1.000 TV

Omschrijving

V/U¹ E/M²

2025

2026

2027

2028

2025 2029

2029

I Reguliere investeringen 7.4

Klimaatadaptie

u

e

265

250

250

250

250

1.265

v

e

3.145

2.900

2.500

2.600

2.700

13.845

u

-

II Overige investeringen 7.2

Riolen

III Leningen 7.4

Woonwijzerwinkel

Totaal Programma 7

35

0

0

0

0

35

3.445

3.150

2.750

2.850

2.950

15.145

¹ V = vervangingsinvestering, U = uitbreidingsinvestering ² E = investering met economisch nut, M = investering met maatschappelijk nut

D. Toelichting op financiële mutaties en overige vermeldenswaardige zaken Financiële mutaties Exploitatie Gemeenschappelijke regelingen (diverse taakvelden) In de raadsvergadering van 2 juli 2025 zijn de ontwerpbegrotingen 2026 en meerjarenramingen (alsook in enkele gevallen begrotingswijzigingen 2025) van de gemeenschappelijke regelingen behandeld en is hierop een zienswijze afgegeven. Zie verder bij programma 0. Bij programma 7 gaat het om: • GR GGD Zuid-Limburg • GR Omgevingsdienst Opruimen drugsafval (7.4) De kosten van het opruimen van gedumpt drugsafval in de Torenstraat, Berenbosweg en Dringelsvoorweg voor een bedrag van € 55.000 waren niet begroot. Van het Rijk is hiervoor een bijdrage van € 21.000 ontvangen.

Investeringen Riolen (7.2) Bij de jaarlijkse evaluatie van het Watertakenplan is rekening gehouden met jaarlijkse prijsstijgingen en dient het investeringsprogramma dienovereenkomstig aangepast te worden.Voor 2026 is 2.900.000 begroot. Voor 2027 is € 2.500.000 en voor de jaren 2028 en 2029 neemt het bedrag met jaarlijks € 100.000 toe naar € 2.700.000 in 2029.

Overige vermeldenswaardige zaken Schoon, Heel & Veilig: Zwerfafval (7.3) Kerkrade streeft naar een schone openbare ruimte met als motto: ‘Schoonmaken doet schoon houden’. We gaan ervan uit dat in een schone omgeving minder zwerfafval ontstaat dan in een reeds vervuilde omgeving. Onze aanpak van het zwerfafval voeren wij uit met ondersteuning van het landelijk instituut Verpact (voorheen Nedvang). Ook werken wij samen met Nederland Schoon. De aanpak is meerjarig. In 2026 blijven de twee zwerfvuilteams van Werkgeversservicepunt (WSP) Parkstad en Relim actief. Daarnaast maken we gebruik van moderne machines en materiaal. We ondersteunen schoonmaakacties van onze inwoners, scholen en buurtverenigingen. Zoals elk jaar blijven we het zwerfafval meten volgens landelijke kwaliteitsnormen. De aanpak van illegale afvalstortingen zetten wij samen met Rd4 voort.

79

Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (SPUK-CDOKE) De regeling SPUK-CDOKE loopt tot 31 december 2025. Vanaf 2026 worden deze uitvoeringsmiddelen anders uitgekeerd. Het jaar 2026 via een decentralisatie uitkering in het gemeentefonds. Vanaf 2027 zal dit waarschijnlijk via een Bijzondere Fondsuitkering (BFU) gaan. Bij alle taken en projecten waarbij de huidige SPUK-CDOKE middelen ingezet worden, dient rekening gehouden te worden met een wijziging in de uitkeringsvorm. Begraafplaatsen (7.5) Begraafplaatsen zijn voor veel inwoners en bezoekers belangrijke plekken. In Kerkrade bevinden zich 6 gemeentelijke begraafplaatsen. Daarnaast zijn er meerdere begraafplaatsen in eigendom en beheer bij parochies of particulieren. De gemeente besteedt veel aandacht aan beheer en onderhoud van de gemeentelijke begraafplaatsen. Omdat de overheid geen chemische bestrijdingsmiddelen mag gebruiken, bestrijden we het onkruid met de hand (schoffelen), met hete lucht en met heet water. In 2025 zal een nieuwe aanbesteding plaatsvinden mbt het beheer en onderhoud. De nabestaanden (‘rechthebbenden’) zijn verantwoordelijk voor het onderhoud van de graven zelf. In 2026 wordt extra aandacht besteed aan vergroening van de begraafplaatsen. Op de gemeentelijke begraafplaatsen zijn in totaal 5 oorlogsgraven aanwezig.

Het onderhoud en beheer van deze graven voeren wij uit in samenwerking met de nationale Oorlogsgravenstichting.

E. Indicatoren Basisset beleidsindicatoren Omschrijving Omvang huishoudelijk restafval Hernieuwbare elektriciteit

Bron

Eenheid

Periode

Kerkrade

Nederland

Limburg

CBS

Kg/inwoner

2023

135

148

100

RWS

%

2022

17,7

32,5

19,1

Overige indicatoren Omschrijving

Bron

Eenheid

2020

2021

2022

2023

2024

kosten kwijtschelding in relatie tot kosten afvalverwerking kosten kwijtschelding in relatie tot kosten riolering ervaren goede gezondheid volwassenen aangeboden restafval aangeboden GFT

BsGW/ Milieu en Bouwen

%

6,8

7,5

6,9

6,5

6,0

BsGW/ Stedelijk Beheer

%

8,8

9,2

9,2

8,8

7,7

GGD Zuid Limburg

% ≥ 18 jaar

69,1

Rd4-monitor Rd4-monitor

tonnage tonnage

6.860 5.645

80

61,7

6.646 5.754

6.134 4.764

62,8

6.139 5.230

6.413 5.073

8 Wonen, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

A. Algemeen Omschrijving van het programma Het scheppen van optimale condities voor het woningaanbod en de woon- en leefomgeving alsook een wervend vestigingsklimaat.

Relatie met paragrafen Dit programma heeft een relatie met de paragrafen Onderhoud kapitaalgoederen (§3) en Grondbeleid (§7).

Taakvelden 8.1 8.2 8.3 8.4

Ruimtelijke ordening Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Wonen en bouwen Implementatie Omgevingswet

B. Speerpunten van beleid 1. Inzetten op een verantwoorde mix van woningaanbod Relatie met taakveld(en): 8.1 en 8.3 In deze paragraaf worden kort de actuele ontwikkelingen genoemd. In ‘§7. Grondbeleid’ zijn de activiteiten beschreven.

81

Vigerende beleidsdocumenten: a) ‘Iédereen een thuis’, Regionale Toekomstvisie Wonen, Welzijn & Zorg, (2025) b) Woonbehoefteonderzoek regio Parkstad Limburg (2025) c) ‘Kansrijk wonen in vitaal leefbaar Kerkrade’, Kader meerjarige prestatieafspraken 2024-2028 (2024) d) Prestatieafspraken gemeente Kerkrade, jaarschijf 2025 (2024) e) Advies opgaven in de woningvoorraad en leefbaarheid Rigo (2023) f) Regionale woonvisie Parkstad Limburg en lokale woonvisie gemeente Kerkrade 2023-2028 (2023); g) Beleidsregel ‘Woningsplitsing & gebruikswijziging naar wonen gemeente Kerkrade’ (2023); h) Woondeal Limburg – wonen in Limburg bereikbaar voor iedereen (2023). i) Beleidsregel ‘Ruim baan voor goede woningbouwplannen’ (2021); j) Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg (2016). De belangrijkste algemene ontwikkelingen van de afgelopen tijd: • De koopwoningmarkt in Kerkrade volgt de landelijke trends: de verkoopprijzen zijn gestegen, woningen worden snel verkocht en er is sprake van overbieden. • De gemiddelde verkoopprijs t/m mei 2025) is wederom gestegen naar €277.817 (was €262.548 in 2024). • Ook het aantal woningtransacties zijn gestegen en zijn er meer vergunningen afgegeven voor nieuwbouwwoningen. • In de eerste helft van 2025 zijn meerdere nieuwbouwplannen opgeleverd (o.a. Rolduckerveld, Schoutstraat / Toupsbergstraat) en zijn een aantal plannen in aanbouw of gaan binnenkort starten (o.a.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=99cb9a6a-7b4a-424a-ad7f-290a76c1c3f3