Beantwoording vragen van Ons Kerkrade.docx
Tekst van het document
Beantwoording vragen van Ons Kerkrade m.b.t. de Kredietbank Limburg (agendapunt 7 van commissie B&S 22 juni 2021). * Vragen: 1- De ‘Onderbesteding’ over 2020 bedroeg voor Kerkrade 350.611 euro: Is dat positief of juist negatief? Was er dan te weinig vraag of waren er te weinig centjes? Antwoord: Reeds vorig jaar werd landelijk een toename van de vraag naar schuldhulpverlening aangekondigd. In de praktijk bleef deze vraag echter ruim achter bij de geraamde aantallen. Het ligt voor de hand dat de perikelen en maatregelen rondom Corona veruit de grootste oorzaak was. Wellicht zijn er ook nog andere oorzaken, maar die zijn vrijwel niet te achterhalen. Omdat de vraag naar schuldhulpverlening achter bleef bij de ramingen, heeft het college een pagina grote ‘’advertentie’’ geplaatst in VIAKerkrade van de Kredietbank Limburg en is de folder van de Kredietbank Limburg zelfs huis-aan-huis verspreid. De onderbesteding was in ieder geval niet te wijten aan ‘’te weinig centjes’’.
2- Als er mogelijk te weinig ‘(aan)vraag’ is, maar men tocht denkt dat er juist meer mensen met schulden zijn (wat ook vandaag ook weer landelijk te horen was), wat doen deze mensen dan momenteel met hun schulden en/of schuldproblematiek (heeft men hier zicht op en zo ja, ook op de aantallen?)? Antwoord: Helaas melden burgers met schulden zich veelal niet in een vroeg stadium waarin de schulden nog niet hoog zijn opgelopen. Deze groep probeert zo lang mogelijk het ene gat met het andere te stoppen. Pas als het water tot aan de lippen staat, vindt men de weg naar schuldhulpverlening. Op aantallen burgers die wel schulden hebben, maar zich niet melden, hebben wij geen zicht. In 2019 heeft de Kredietbank Limburg nog een flinke groei gerealiseerd en die trend heeft zich in het 1e kwartaal van 2020 nog doorgezet. Daarna zijn als gevolg van Corona de aantallen achtergebleven bij de trend. Wellicht is een oorzaak dat tijdens Corona de schuldeisers coulanter geweest dan anders en minder druk hebben gezet op mensen met schulden. Wellicht blijft hierdoor ook dit jaar bij vrijwel alle GR-gemeenten (vooralsnog) de vraag naar schuldhulpverlening achter bij de geraamde aantallen. Gelukkig gaat ons project preventie en vroegsignalering steeds meer vruchten afwerpen en bereiken wij onze burgers met ‘’beginnende’’ schulden steeds beter.
De praktijk laat zien dat het merendeel van deze burgers ook bereid zijn om met een schuldhulpverleningstraject te starten. 3- Door de KBL wordt aangegeven dat de Corona-impact een stijging kan laten zien van 14% tot 79%: Hoe komt men aan deze %-cijfers en hoeveel zijn deze %-cijfers in concrete getallen? Antwoord: Deze prognose is een landelijk weergegeven verwachting van Deloitte en schuldenlab.nl die door de KBL is overgenomen. Mede op basis van deze landelijk te verwachten toename, hebben wij samen met de KBL een instroom in de schuldhulpverlening verwacht van 300. Een 14% stijging betekent dus een toename van 42 trajecten, bij een stijging van 79% zou dit een toename betekenen van 237 trajecten. Zoals reeds aangegeven blijft de instroom nog steeds achter op het geraamde aantal van 300 trajcten. Met behulp van het project preventie en vroegsignalering hopen we onze burgers toch sneller te breiken en op die manier de hulp te kunnen aanbieden die nodig is. 4- De KBL geeft aan vanaf 2022 gefaseerd te gaan werken met kostendekkende prijzen per product waardoor financiële verschuivingen tussen gemeenten zullen gaan plaatsvinden: Wat houden deze financiële verschuivingen precies in? (svp mogelijk onderbouwen met getallen). Antwoord: Dit is nog niet duidelijk omdat de eerste concrete discussie hierover nog moet gaan plaatsvinden. Op hoofdlijnen is deze wel al gevoerd.
Maar niet meer dan in de stukken van de KBL staat weergegeven. Aantallen en/of cijfers kunnen dan ook nog niet worden genoemd. 5- Waar moeten wij als Kerkrade dan financieel aan denken (zowel positief als evt. negatief) bij deze financiële verschuivingen? Antwoord: Zie antwoord bij vraag 4.
6- In de NvT staat dat voor 2021 en de volgende jaren in de (meer)jarenbegroting van onze gemeente voor Sch.Hulp.Verl KBL 1.450.000 euro is opgenomen en er geen aanleiding is dit bedrag vooralsnog aan te passen: Wat waren de hiervoor opgenomen bedragen voor 2017, 2018, 2019 en 2020 en waar liggen hierbij de evt. financiële verschillen en wat was hier de reden van? (Dit ivm een financieel vergelijk). Antwoord: Reële vergelijkbare cijfers met de afgelopen jaren zijn er niet te maken. Het traject schuldhulpverlening is een aantal jaren opgeknipt in een deel voor de gemeente en een deel voor de KBL. Vanaf 2020 voert de KBL wederom de totale schuldhulpverlening uit voor onze gemeente. Vorig jaar hadden we voor schuldhulpverlening € 1.150.000,- geraamd excl. kosten bewindvoering. Vanaf dit jaar hebben we samen met de KBL een dienstverleningsconcept opgesteld waarbij de totale kosten inclusief bewindvoering worden geraamd op € 1.450.000,-. Hierbij zijn tevens kosten opgenomen voor deelname en uitvoering van de KBL aan het project preventie en vroegsignalering. De aantallen trajecten schuldhulpverlening t.o.v. 2020 zijn niet verhoogd omdat we in 2020 reeds achterbleven bij de toen geraamde aantallen.