Agendabundel
Tekst van het document
Heel simpel: stel dat u in die algemene reserve 30 miljoen euro hebt zitten op een gegeven ogenblik. U hebt nog steeds 7,1 miljoen euro aan risico's, dan praat je over een factor van 3,4 ongeveer. Misschien zegt u: dan hebben we zoveel algemene reserve om risico's op te vangen. Kunnen we dat niet op een andere manier inzetten? Moeten we misschien niet een bovengrens aangeven? Alles wat daarboven zit, is misschien besteedbaar of aanwendbaar om incidentele doelen te gaan realiseren? Dat is een keuze. Dat zou een kader kunnen zijn die je als raad meegeeft. Hoe kijk je naar zo'n bovengrens? Is dat niet relevant op het moment dat je op een gegeven moment een explosieve groei ziet, of een explosieve daling? Dat je dan gaat zeggen: ik zie hier iets ontstaan in dat proces. Dan moeten we even gaan kaderen. Op het moment dat je dit zo ziet lopen zoals het nu loopt, denk ik dat het akkoord is. Op het moment dat daar fluctuaties zijn die echt extreem zijn, dan zullen je op een gegeven moment samen moeten bekijken: wat is hier aan de hand, en wat willen we hier als bovengrens c.q. ondergrens stellen? Daar ben ik het mee eens. Op dit moment is de noodzaak om een bovengrens te er niet echt. Het is niet iets wat direct op tafel ligt. Dat hoeft ook niet, wat u zelf ook aangeeft.
Het is natuurlijk een keuze aan jullie om te zeggen: als dat zich voordoet, als wij zien dat dit boven de twee gaat uitkomen, dan is voor ons het moment aangebroken om wellicht een bovengrens te stellen. Dat kan, dat is ook een kader. Dan zegt u eigenlijk: dit is goed en we gaan erover nadenken op het moment dat het zich voordoet. Met andere woorden, u stelt al veel kaders. Zonder dat u dat misschien altijd heel bewust bent, maar dat doet u wel. Natuurlijk is het goed, en daarom is deze avond ook. Ik heb natuurlijk heel bewust een aantal vragen gesteld. Herkent u deze risico's? Mist u iets? Wat vindt u ervan dat u alleen de algemene reserve heeft aangewezen als weerstandscapaciteit? Hoe kijkt u aan tegen een boven- en een ondergrens? U heeft het in feite allemaal gekaderd, maar het is natuurlijk goed om af en toe te realiseren dat u daar wijzigingen in kunt aanbrengen. Dat geldt ook voor de risicohouding, daar kun je natuurlijk ook wijziging in aanbrengen. Ik vind het ook belangrijk om te constateren dat jullie veel kaders hebben gesteld, maar dat je dat wel kunt aanpassen. Dan wil ik opmerken dat we nu met de Financiële Commissie werken en onder uw begeleiding meegenomen worden in bepaalde processen, dat wij een heel goed beeld krijgen hoe wij staan als gemeente.
We hebben vaker gevraagd: "Hoe doet Kerkrade het ten opzichte van anderen?" Dan hebt u altijd een positief woord over Kerkrade gezegd. Ik denk dat het een wisselwerking is. U bent de accountant die controleert over het wel en wee, hoe het financieel allemaal geregeld is. Wij zijn natuurlijk kaderstellend. In samenhang constateren wij dat we op de goede weg zijn. Op het moment dat we zo naar de toekomst kunnen toewerken, dan geeft dat wel een gevoel dat we op de goede weg zijn. Ik denk dat dit het voordeel is van de Financiële Commissie zoals we die nu in het leven hebben geroepen. Waarin wij samen met de accountant, de wethouder financiën en de ambtenaren van financiën naar de toekomst kijken en ook samen kijken: wat zijn de risico's en zijn we op de goede weg? Dat vind ik alleen maar positief om te noemen. Dank je wel. Ik voel mij zeker vereerd dat ik daar onderdeel van mag uitmaken bij jullie. Wat ik ook zeker vind ten opzichte van de vorige periode... Ik ben hier in 2019 of 2020 ongeveer gekomen, rondom corona. Wat ik gezien heb in die drie of vier jaar die we nu hebben, heb ik wel gezien - dat is vooral met dank aan jullie en de griffie heeft daar ook een belangrijke rol in vervuld - dat deze commissie enorm van toegevoegde waarde is geworden ten opzichte van de korte periode die ik hiervoor heb gezien. Ik zie daar echt een groei bij jullie gemeente.
We hebben het de vorige keer heel uitvoerig over bedrijfsvoering gehad. Dat was een onderwerp wat twee jaar geleden nog moeilijk te agenderen was, terwijl ik zie welke stappen er nu worden gezet. Dan ben ik alleen maar heel blij en ook trots. Dat geldt ook voor dit onderwerp. Dat jullie daar zo mee bezig zijn en dit onderwerp risicomanagement eigenlijk al bijna vanzelfsprekend meenemen, dat is voor mij alleen maar een positief teken. U zult misschien kunnen zeggen: je staat hier al heel de avond over risicomanagement te praten, maar ik heb twee weken geleden een artikel van je gezien. Toen zei je nog: "Schaf af, die paragraaf risicomanagement en weerstandsvermogen." Dat klopt. Ik heb twee weken geleden samen met een aantal andere mensen een artikel in het tijdschrift voor public controles geschreven om deze paragraaf af te schaffen. Ik hecht er toch even aan vanuit welke context ik dat gezegd
heb. Dat heb ik niet gezegd om risicomanagement af te schaffen. Ik vind risicomanagement, daar ben ik ook mee begonnen, een essentieel middel. Het is geen doel maar een middel om je doelen te realiseren. Wat ik wel in het land zie... Dan ga ik even terug naar dit getalletje. Bij u is de weerstandsratio 1,6. Nogmaals, dat is de verhouding tussen de 12 miljoen euro aan weerstandscapaciteit, algemene reserve en 7,1 miljoen euro aan risico's. Wat ik bij een aantal gemeenten zie, is dat het getalletje van 1,6 bijna een doel op zich wordt. Het bijna een soort heilig getal. Dan zie je dat als een gemeenteraad bijvoorbeeld zegt: "Wij moeten minstens een weerstandscapaciteit van twee hebben, een weerstandsratio van twee." Wij moeten twee keer al onze risico's kunnen opvangen. Dat zou in jullie geval 14,2 miljoen euro aan algemene reserve zijn. Als in enig jaar dat getal twee niet wordt gehaald, ontstaat er een soort paniek. Oh, dan moeten we gaan bezuinigen! Alle risico's moeten weg, dus dan moeten we activiteiten stoppen. Als je geen activiteiten meer doet, heb je ook geen risico's meer. We moeten snel zorgen dat de algemene reserve wordt aangevuld, want anders halen we die factor twee niet. Dan schieten in mijn ogen risicomanagement en deze paragraaf het doel compleet voorbij. Zoals ik al zei, het is echt gebruikt als een middel.
Het is een hulpmiddel om inzichtelijk te maken welke risico's je loopt, welke beheersmaatregelen je hebt getroffen, en welke restrisico's er overblijven. Hoeveel potjes heb je om die risico's op te vangen? Het kan nooit een doel op zich zijn. Het gaat om het bewustzijn van risico's, et cetera. Vanuit die achtergrond heb ik dat artikel met een aantal andere mensen geschreven, om de enorme rigide, de enorme focus, overdreven focus op deze paragraaf in het juiste perspectief te plaatsen. Los van het feit dat risico-inschatting altijd iets subjectiefs en altijd een inschatting blijft van. Als je dit absoluut gaat maken, dat het getal van 1,6 hét getal is waar het om draait in Kerkrade, dan zitten we met elkaar op een verkeerd spoor. Zo ken ik u niet de afgelopen drie of vier jaar, dus ik ben er bij u ook niet zo bang voor. Vanuit die achtergrond is het artikel geschreven. Dan komen we inderdaad op een punt. Als het over risicomanagement gaat is niet alleen de ratio van 1,6 cruciaal. Dit plaatje herkent u ongetwijfeld van 24 oktober, toen we het heel uitgebreid over jullie begroting hadden. Dan is dat getal van 1,6 niet alleen belangrijk, wat bij nummer vijf staat. Dan is eigenlijk het hele plaatje van alle kerngetallen belangrijk.
Hoe zit het met de ontwikkeling van de schuld? Hoe zit het met de ontwikkeling van je reserves bij de solvabiliteit? Hoe zit het met de belastingcapaciteit? Hoe zit het met die weerstandsratio? Wel allemaal in de samenhang van. Ook in die samenhang, dat hebben we toen ook geconstateerd, zie je dat de financiële positie van de gemeente Kerkrade de afgelopen jaren duidelijk is verbeterd. De reserve is toegenomen, schulden gedaald. Met betrekking tot de belastingcapaciteit zit je zo langzamerhand in het gemiddelde van Nederland, die 104 procent. Dat betekent dat als het over risicomanagement gaat en het opvangen van risico's, het wendbaar zijn, zijn jullie de afgelopen jaren duidelijk versterkt. Zijn jullie meer wendbaar en meer weerbaar geworden. Dat vind ik veel belangrijker dan de focus alleen op die 1,6. Dat weerstandsratiogetalletje. Het gaat over weerbaarheid en wendbaarheid, en niet alleen over de kerngetalletjes of het enige getalletje van 1,6. Dat wil ik als slot nog even meegeven, voordat die weerstandsratio te veel nadruk gaat krijgen. Zijn er nog vragen wellicht? Ik hoop dat het duidelijk was. Ik hoop ook dat hiermee invulling mee is gegeven aan de wens die er vanuit jullie raad en vanuit jullie commissie al langer lag om het over dit onderwerp te hebben, mede ook naar aanleiding van een Rekenkamerrapport.
Mijn stelling is dat jullie op raadniveau veel doen aan risicomanagement en aan het stellen van kaders. Vanavond hebben we gebruikt om nog eens die kaders tegen het licht aan te houden en ook uw mening even te toetsen, hoe u tegen een aantal kaders aankijkt. Als laatste opmerking: als u daar iets in wilt veranderen, gebruik daar dan de volgende begroting voor. In de begroting 2025 zit weer die paragraaf weerstandsvermogen. Als je één van die kaders wilt wijzigen, zou je dat daar vooral kunnen doen. Dank u wel, meneer Van Vught. U vroeg of het duidelijk was en ik zag alleen knikkende gezichten. Die vraag is ook een maand geleden ongeveer na de toelichting op de begroting gesteld. Dat was ook uitermate duidelijk. Ik denk dat de informatie die we nu gekregen hebben, bij de eerdere sessies die we gevolgd hebben, alleen maar leidt dat er nog meer bewustwording komt over wat wij als raadsleden c.q. commissieleden voor het financiële beleid van de gemeente zouden kunnen betekenen. In die zin dank dat u daar de tijd steeds weer voor neemt en naar ons toekomt van het verre bijna Rotterdam. Aan de commissieleden, ik hoop dat jullie met mij delen dat het heel waardevol is wat we hier allemaal horen. Aan jullie ook de vraag om dat mee te nemen, om jullie fracties aan de hand te nemen in deze informatie.
Wellicht niet zo vergaand als hier op dit moment, maar neem ze op hoofdlijnen mee binnen de fractie. Uiteindelijk betekent het ook deze informatie te vertellen naar een stukje inhoud wat beleid betreft. Waar voeren jullie discussie over? Welke punten zou je willen inbrengen, zoals er ook nu al gevraagd wordt: hoe kijk je tegen deze issues en items aan? Zou je hier of daar iets willen bijstellen? Dat is niet alleen aan ons. Dan is het goed om daar binnen jullie fracties de discussie over te voeren en mensen mee te nemen in wat dit cijfermateriaal nog meer zegt dan alleen maar onder de streep een rood of een groen getalletje. Die oproep doe ik graag afsluitend. Nogmaals, dank aan u. De heer Jongen. Dank u wel, voorzitter. Ik wil nog even benoemen dat de griffie daar ook een hele belangrijke functie in heeft. Ik had zojuist de griffie niet genoemd, maar de griffie is natuurlijk heel belangrijk in het proces wat wij nu doormaken. Ook natuurlijk met betrekking tot de
Financiële Commissie. Ik was u bijna vergeten, vandaar dat ik even wil aansluiten. Fijn dat u dat voor mij gedaan heeft. Eerlijk gezegd, we worden zo dik in de watten gelegd door Didier met zijn team dat het haast vanzelfsprekend is, en dat wordt dan ook zo beleefd. Het is goed om te benadrukken dat het niet zo vanzelfsprekend is. Ik sluit me er heel graag bij aan. Dank je wel.
5 Ontwerpbesluit inzake verlenging contract accountant boekjaren 2024-2025 Dan kunnen we naar agendapunt vijf. Het gaat over het ontwerpbesluit inzake de verlenging van het contract van onze accountant. Wellicht dat de wethouder daar inleidend een paar woorden over wil zeggen. Vijf minuten schorsen wordt voorgesteld om praktische zaken af te wikkelen. Prima. Het is nu 20:30 uur. Om 20:35 uur starten we weer. [onderbreking 01:30:33 - 01:33:07] Ik denk dat we verder kunnen. Dan hoeven we niet helemaal tot 20:35 te wachten, wat mij betreft. Akkoord? Dan geef ik graag, inleidend op dit agendapunt, het woord aan de wethouder. Dank u wel, voorzitter. Het gaat vandaag als agendapunt vijf bij de Financiële Commissie over een ontwerpbesluit wat ziet op verlenging van het contract met onze accountant Deloitte over de boekjaren 2024 en 2025. Er ligt een offerte. Die zit niet bij de stukken, maar die was ter inzage. Ik heb aan de heer Van Vugt gevraagd: "Blijf even hier. Mocht het zo zijn dat er commissieleden zijn die vragen hebben naar aanleiding van de offerte, dan kunnen die vragen nu aan de accountant gesteld worden." Ik geef u bij deze, als u daar behoefte aan heeft, de gelegenheid om vragen te stellen aan de heer Van Vugt. Dat hoeft niet formeel via mij. Als er vragen zijn voor de accountant.
Om dat even toe te lichten: de offerte, de tekst, de toelichting zit wel in iBabs, maar het prijsblad lag ter inzage bij de griffie. Dat is specifiek de prijsinformatie. Het staat u nu wel vrij om naar aanleiding van de opdrachtbeschrijving, hoe de accountant daartegen aankijkt, vragen te stellen. Het prijsverhaal, daar kunnen we het hier niet in de openbaarheid over hebben. Dat is waarover het nu gaat. De heer Jongen. Voorzitter, ik ga ervan uit dat het allemaal ambtelijk goed bekeken is. Ik volg het advies. Ik heb er verder geen vragen over. Ik ga ervan uit dat het allemaal heel goed getoetst is, en ook in alle redelijkheid bekeken is. Met de zorgvuldigheid natuurlijk. Dank u wel, duidelijk. Verder nog opof aanmerkingen, toevoegingen? Meneer Rozema. Ik heb wel een opmerking. Wat ik eigenlijk vind dat niet in het stuk hoort te staan, dat is de opmerking van de ambtenaren die aangeven dat zij de werkwijze wel prettig vinden. Als je een contract verlengt is dat logisch. Het wordt hier specifiek benoemd. Ik vind dat je dat niet moet benoemen, want als op dit moment bijvoorbeeld het contract afgelopen was en we moesten het openbaar aanbesteden, kwam het ook niet erin te staan. Nu hebben we het over een verlenging. We zijn het allemaal erover eens dat we dik tevreden zijn.
Ik persoonlijk vind, en dat hebben we ook in de fractie besproken, dat dit stuk in ieder geval eruit zou kunnen. Het heeft geen toegevoegde waarde. Mag ik voorstellen, meneer Rozema, om het punt straks te laten terugkomen? We willen nu naar de inhoudelijkheid van eventuele vragen voor meneer Van Vugt kijken. Mochten die er niet zijn, daar loop ik even op vooruit, dan nemen we zo afscheid van hem en komen we daar straks inhoudelijk op terug. U mag ook andere dingen vragen. Dat had ik altijd al willen weten! Nee? Dan ga ik jullie nu verlaten. Ik vind dat jullie hier vrij over moeten kunnen spreken. Als jullie mij één minuut geven, dan ben ik weg. Nogmaals dank voor de komst en voor de toelichting vanavond. Graag tot ziens. Ik kijk even naar links en pak het agendapunt weer op. Is er nog iets vooraf te zeggen of toe te lichten? Even een korte reactie op de opmerking van de heer Rozema. De heer Rozema heeft natuurlijk een punt als hij zegt: "Het geeft een bepaald beeld, het schept een bepaald beeld." Voor de neutraliteit, als ik de woorden van de heer Rozema goed interpreteer, zou dat niet mogen. Aan de andere kant, we moeten ons realiseren dat een hele hoop ambtenaren met die accountant moeten werken.
Als die samenwerking stroef gaat, om wat voor reden dan ook - ik spreek geen waardeoordeel uit of dat aan de ambtenaren ligt of aan de accountant - dan heb je ik wil niet zeggen een groot probleem, maar dan werkt het toch lastig. Als dat goed in elkaar klikt, dat komt alleen het product en de samenwerking ten goede. Dat is het enige wat ik meegeef. Ik snap de opmerking van de heer Rozema. Ik snap ook de opmerking in het stuk, ik snap het allemaal. Het is maar hoe je ernaar kijkt. We kunnen die frase daar net zo goed uithalen. Het maakt voor de uiteindelijke besluitvorming, denk ik, op zichzelf niks uit. De heer Rozema heeft een punt, maar ik kan wel verklaren waarom het erin staat. Dat even ten aanzien van de opmerking van de heer Rozema, voorzitter. Dank u. Mevrouw Laumann. Voorzitter, ik ben het met de heer Rozema eens. Nu hij dat gezegd heeft, vind ik het wel een wakkere opmerking. Wat u zegt, daar heeft u natuurlijk ook een punt. Als de samenwerking stroef was gegaan, schreven we het ook niet erin. Waarom zou je het nu wel moeten? Laten we het neutraal houden, dat is de opmerking eigenlijk. Ik ben medeschrijver van het stuk, omdat het een gezamenlijk iets is tussen de afdeling financiën en de griffie. De raad gaat over de aanbesteding van de
accountant. Er zit in het contract een optie om te verlengen. Dan ga je evalueren. Dan ga je kijken: hoe verloopt de samenwerking en hoe functioneert de accountant? Daar zit een waardeoordeel aan vast. Op het moment dat we ontevreden waren geweest, dan had je dus wellicht de keuze kunnen maken om te gaan aanbesteden. Dan had je niet dit voorstel hier gehad, maar dan was er het voorstel om een aanbesteding op te starten. Aanleiding was dan geweest het evaluatie-oordeel. Dan had daar een ander oordeel gestaan. Dan was dat de aanleiding geweest om de aanbesteding op te starten en dan had je dat moeten benoemen. Dan had je geen gebruik gemaakt van de verlengingsoptie. Dat is wel een belangrijk element om mee te geven. Daar wil ik ook even op reageren, als het mag. Dat ben ik helemaal niet eens met de griffier. Een waardeoordeel waarbij een stroeve samenwerking met een accountant kan, kan ook wenselijk zijn. De rol van accountant is juist om af en toe ook echt die controlerende functie te pakken, en soms ook de luis in de pels te zijn. Dat kan soms, als het financieel niet goed gaat of als er misstanden worden geconstateerd binnen een ambtelijk apparaat, dan is het de rol juist van de accountant om wat minder soepel in de samenwerking te zijn. Dat waardeoordeel zou ik echt neutraal houden. Ik sluit me volledig aan bij de opmerking van de heer Essers in deze. Houd dat neutraal.
Sorry, heer Rozema. Dat waardoor ziet zeker niet toe op dat verhaal. Dat is net goed. Zeker als griffier en de raad is het toe te juichen dat die rol door de accountant wordt gepakt. Het waardeoordeel ziet zeker niet toe op die vorm van samenwerking, en dat het daardoor soepel gaat. Het ziet erop toe dat je een goede werkrelatie met elkaar hebt. Niet op: daardoor gaat het goed, en laten we daarom maar verder gaan. Dat maakt het makkelijk. Het is vooral ambtelijk. Wellicht dat Mike nog iets erover kan zeggen, want dat is natuurlijk aan hun kant. Ik kan verzekeren... Wat Didier zegt klopt helemaal. U wilt niet weten hoeveel vragen en kritische vragen we krijgen, die we zorgvuldig moeten gaan beantwoorden. Het is niet zo van... Met de prettige samenwerking wordt bedoeld: hard op de inhoud, maar prettig op de relatie. Dat weegt ook zwaar. Nogmaals, als deze commissie zou vinden dat die passage eruit moet, dan kan die in het definitieve stuk eruit. Dat had ik net met de wethouder kortgesloten. Daar hebben we geen probleem mee. De heer Rozema nog, zie ik. Er zijn geen opmerkingen voor wat betreft het functioneren van de accountant. Dat is hartstikke duidelijk. Het functioneren en de kwaliteit wordt positief ervaren. Meer niet. Dan kun je de rest allemaal weglaten. Dan heb je toch een positief iets gezegd, maar je blijft neutraal.
U pleit ervoor om de nuance een beetje anders te laten klinken. Dat is wat u zegt. Het mag gerust gezegd worden dat er een positieve verstandhouding is, maar het zelfs als positief ervaren, dat zou kunnen aanduiden dat het misschien een beetje te vriendschappelijk is. Met die bijstelling... Het stuk van de raadsleden bedoel je ook te laten schrappen, meneer Rozema? Er staat: "Ook vanuit raadsleden waren er steeds positieve reacties naar aanleiding van", enzovoort. Moet dat ook eruit? Het eerste stuk. De eerste regel en dan de tweede regel, het functioneren en de kwaliteit wordt als positief ervaren. De rest niet. De rest kan blijven staan. Met uw goed vinden, dat gaan we aanpassen voordat het definitief aan de raad wordt aangeboden. Dan kunnen we gelijk door, denk ik. Dit is de nota van toelichting. Zijn er verder nog vragen of opmerkingen over? Zo niet, dan kijken we naar het ontwerpbesluit. Vragen, opmerkingen, aanvullingen? Dan rest mij enkel en alleen nog te vragen of dit als akkoordstuk of bespreekstuk naar de raad kan met de wijziging zoals net voorgesteld daarin opgenomen. Althans in de nota van toelichting. Akkoord? Bij deze. Vastgelegd, dank je wel. Dan komen wij toe aan agendapunt zes, dat is de sluiting.
6 Sluiting Daarna is nog de nazit van mevrouw Laumann niet te vergeten. In het begin waren we ook vrij uitgebreid. Alle gekheid op een stokje... Dank voor jullie participatie vandaag. Ik kijk nog even kort vooruit. In de agenda staat pas op 25 juni een volgende commissievergadering financiën. Die staat er al ingepland omdat we het dan hebben over de jaarrekening. Maar er komt er, uiteraard zou ik haast zeggen, eerder een naar aanleiding van de voorjaarsnota. Zeker wordt daarin meegenomen het studiejaar, en om onze rol daarin duidelijker te gaan oppakken. Jullie zien de datum nog langskomen. De datum komt nog voor het kerstreces, hoor ik van die griffier. We worden weer uitermate goed geservicet. Dank jullie wel. Fijne avond, goed thuis allemaal.
nr. 23it01683 Besluitenlijst Financiële commissie Datum
05-07-2023
Tijd
19:00 - 21:30
Locatie
Raadzaal
Voorzitter
Jean Noël
Aanwezigen
L. Jongen, J.Rozema, N. Heijltjes, M. Laumann, R. van Lieshout, P. Hölsgens en R. Scheeren. Voorts aanwezig wethouder Roland, M. De Waal en N. Dols (beiden ambtelijke ondersteuning) en de heer Van Vught, mevrouw Tholen en mevrouw Honings (allen Deloitte) en H. Verdellen (secretaris)
1
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. Er zijn afmeldingen ontvangen van de heer Essers en de heer Meijer. De heer Essers wordt vervangen door mevrouw Heijltjes en de heer Meijer door de heer Hölsgens.
2
Vaststellen besluitenlijst Financiële Commissie 9 maart 2023 De besluitenlijst wordt ongewijzigd vastgesteld.
3
Ontwerpbesluit Jaarrekening 2022 De accountant (de heer Van Vught) licht de stukken toe via een presentatie. Er worden vanuit de commissie enkele vragen gesteld, die door de heer Van Vught en zijn collega's mevrouw Tholen en Honings worden beantwoord. De accountant biedt aan om in het najaar opnieuw met de commissie te spreken over de financiele positie van de stad, ook met het oog op de discussie over het dreigende 'ravijnjaar' 2026/27. Afgesproken wordt dat de voorzitter van de financiele commissie tijdens de raadsvergadering een korte inleiding zal verzorgen en de raad zal voorstellen het college decharge te verlenen. Er worden verder geen aanbevelingen gedaan. De commissie spreekt zijn dank en waardering uit richting organisatie en de medewerkers die bij dit proces betrokken zijn geweest.
4
Verdieping kaderstelling n.a.v. opdracht risicomanagement De heer Van Vught geeft via een presentatie een verdiepend inzicht over de rol van de raad bij risicomanagement. Bij de bijeenkomst in het najaar zoals genoemd bij agendapunt 3 zal ook nader worden ingegaan op de actualiteit van het in het verleden aangenomen risicoprofiel van de gemeente. De griffie wordt verzocht de bijeenkomst in te plannen en daaraan voorafgaand ook nog een voorbereidende bijeenkomst met de financiële commissie te organiseren. Wethouder Roland geeft aan dat het college ook hun bijdrage wil leveren aan de bijeenkomst.
5
Verzoek tot agendering in de financiële commissie Het verzoek wordt voor kennisgeving aangenomen. De commissie ziet uit naar de behandeling in een volgende vergadering. De voorzitter verzoekt de commissieleden om dit reeds in de fracties bespreekbaar te maken ter voorbereiding op de behandeling in de commissie.
6
Sluiting De voorzitter dankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering om 21.05 uur.
Pagina 1
Financiële commissie 28 november 2023 Afschrijving scholen
• Aanleiding:
• Investeringsbesluit IKC Droomhof • Alternatieve doorrekening op basis van componentenmethode • Afspraak in financiële commissie om verder te verduidelijken
• Relevante regelgeving:
• BBV en notitie commissie BBV (extern) en 212-verordening (intern) • Belangrijk: bestendige en consistente lijn, relatie levensduur, onafhankelijk van resultaat, diverse eisen aan activeren en afschrijven, componentenmethode • Investeringen/afschrijvingen zorgen voor het grootste verschil tussen ‘begroten/boekhouden’ en ‘financieren’ (aannemer wil zijn geld nu hebben, niet over 25 jaar of langer)
• Op verzoek van fin. commissie: andere gemeenten?
• Ambtelijk contact met Gemeente Heerlen en met Gemeente Maastricht
Vergelijking schoolgebouwen • Kerkrade: all-in 25 jaar (en zgn. componentenmethode doorgerekend als antwoord op vraag commissie B&S) • Heerlen: gebouw 40 jaar, technische installaties gem.10 jaar, voorbereidingskosten, meubilair en inrichting ineens ten laste van exploitatie • Maastricht: all-in 40 jaar, vervangingen van bijvoorbeeld installaties voor rekening schoolbesturen (bij grootschalige renovaties wel voor rekening gemeente), geen reserveringen voor eerdere vervangingen, voorbereidingskosten zoals tijdelijke noodlokalen ineens ten laste van exploitatie. • 5 doorrekeningen gemaakt op basis van IKC Droomhof: bovenstaande + 40 jaar rekening houdend met reserveringen voor vervanging
Totale kosten over looptijd Totale kosten per gemeente 35000
30000
25000
20000
15000
10000
5000
0
Kerkrade all-in
Kerkrade componenten
Heerlen
Maastricht
Maastricht met sparen
Kosten per jaar
Overzicht totale kosten per jaar
1200
1000
800
totaal Kerkrade all-in totaal Kerkrade componenten 600
totaal Heerlen totaal Maastricht totaal Maastricht met sparen
400
200
0
1
6
11
16
21
26
31
36
41
Wat valt op ? • Kerkrade en Heerlen relatief weinig verschil • Maastricht legt meer kosten bij schoolbesturen (risico nieuwe wetgeving bekostiging onderwijs) en is over de totale looptijd duurder uit. • Maastricht neemt meer risico door niet te sparen voor tussentijdse vervangingen, maar door het relatief grote aantal scholen middelt dit zich uit (‘ideaalcomplex’) (Maastricht 37 basisscholen, Heerlen 27 en Kerkrade 12 vlgs www.allecijfers.nl )
• Bekostiging Rijk van scholen op basis van leerlingaantallen. Lange termijn trend demografisch is nog steeds dalende leerlingaantallen voor Kerkrade Bij dalende leerlingenaantallen wordt bekostiging steeds minder terwijl de exploitatiekosten niet dalen. Nieuwe/andere huisvesting noodzakelijk. Langere afschrijvingstermijn vormt dan een ‘financiële molensteen’ omdat de boekwaarde nog relatief groot is. In regio Maastricht tot nu toe minder ‘gevoeld’ door een heel courante vastgoedmarkt, zo geeft Maastricht aan.
Conclusie • Huidige afschrijvingssystematiek is in Kerkraadse situatie goede balans tussen financiële lasten en risico’s • Sluit ook aan bij gemiddelde looptijd van de vaste geldleningen, geeft dus verdere financiële stabiliteit
Toekomstig afschrijvingsbeleid? • Casusafhankelijk / meer ‘maatwerk’, waarbij rekening kan worden gehouden met de nieuwste ontwikkelingen en inzichten.
Gemeente Kerkrade Rol van de gemeenteraad bij Risicomanagement
Kerkrade Kerkrade 28 november 2023 18Lotte oktober 2022en Rein-Aart van Vugt Tholen Claudia Honings, Lotte Tholen en Rein-Aart van Vugt
- Risicobeheersing
© 2016 Deloitte The Netherlands
2
We gaan dagelijks met risico’s om, zoeken ze zelfs
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Risicomanagement: Het is niet van financiën of concerncontrol. Het is van de gehele organisatie en het college.
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Het gaat in essentie om: 1. 2.
Het niet halen van doelstellingen. Financiële risico’s.
En hou het bij die twee!?
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Het gaat om het instrumentarium. Het gaat zeker ook over risicocultuur
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: rollen Systeem van risicomanagement is bedrijfsvoering = Domein van college van burgemeester en wethouders De gemeenteraad stelt kaders waaraan dit systeem moet voldoen en controleert of het college hier aan heeft voldaan. Algemeen: = financiële verordening art. 212 Gemeentewet Specifiek: = Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
© 2020 Deloitte The Netherlands
Weerstandsvermogen Risicomanagement
- Incidenteel - Structureel
Samenloop van risico’s
Risico’s
- Economisch
Weerstandscapaciteit Weerstandscapaciteit - Algemene reserve
- Juridisch
- Onbenutte belastingcapaciteit
- Milieu
- Stille reserves
- Financiële verhouding
- Post onvoorzien/stelposten
- Garantieverplichtingen
- Winst grondexploitaties
- Wanbetaling
- Bestemmingsreserves voor risico’s
- Claims - Schade
Beheersmaatregelen
Voorzien -ing
Verzekeren © 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: kaders raad 2
Kaders van de raad: 1. Financieel beleid 2. Risicohouding 3. Doelstelling risicomanagement 4. Richtlijnen voor: - inventarisatie (netto/bruto) - onderscheid incidenteel/structureel - methodiek kwantificeren - specifieke risico’s, specifieke ‘buffer’ - rapporteren 5. Gewenste zekerheid dat risico’s kunnen worden opgevangen 6. Opbouw weerstandscapaciteit 7. Ondergrens/bovengrens weerstandsvermogen
7 3
4 6
5
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Paragraaf Kerkrade 1
2
3
1. Financieel beleid: 2. Risicohouding: 3. Doelstelling risicomanagement:
Financiële verordening, Begroting, Voorjaarsnota
De gemeente Kerkrade neemt op die schaal als (gewenst) risicoprofiel een middenpositie in: risico’s worden voor zover mogelijk vermeden of afgedekt. Anderzijds moet een ondernemende gemeente risico’s durven te nemen en kan het vormen van reserves geen doel op zich zijn
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Paragraaf Kerkrade 4
4.
5
Richtlijnen voor: inventarisatie (netto/bruto) onderscheid incidenteel/structureel methodiek kwantificeren specifieke risico’s, specifieke ‘buffer’ rapporteren
5. Gewenste zekerheid dat risico’s opgevangen
kunnen worden
© 2020 Deloitte The Netherlands
4
5
Risicomanagement: Paragraaf Kerkrade Jaarrekening 2022
Begroting 2024
a. Herkent u deze risico’s? b. Mist u risico’s? c. Hoe komt de inschatting van het restrisico op u over?
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Paragraaf Kerkrade 4
5
Bijlage 2 vanaf blz. 172: - Bedrijfsvoering - Demografische ontwikkeling - Subsidies - Financiering - Verbonden partijen - Gewaarborgde geldleningen
a. Herkent u deze risico’s? b. Mist u risico’s? © 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Paragraaf Kerkrade 6
7
6. 7.
Opbouw weerstandscapaciteit Ondergrens/bovengrens weerstandsvermogen
De weerstandscapaciteit wordt onderscheiden in een incidentele en structurele component. Onder de incidentele component wordt verstaan: - de algemene reserve - de post onvoorzien incidenteel - de stille reserves - de incidentele begrotingsruimte. Uitgangspunt is dat de bestemmingsreserves niet worden gekwalificeerd als incidentele weerstandscapaciteit. Onder de structurele component wordt verstaan: - de onbenutte belastingcapaciteit - de post onvoorzien structureel - de structurele begrotingsruimte.
Wat vindt u van deze opbouw van de weerstandscapaciteit ?
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Paragraaf Kerkrade 6
7
© 2020 Deloitte The Netherlands
Risicomanagement: Paragraaf Kerkrade 6
7
Classificatie is gekozen. Wenst u streefwaarden te benoemen (ondergrens en bovengrens) ? © 2020 Deloitte The Netherlands
Ontwikkeling BBV kengetallen gemeente Kerkrade
Kengetal
2019
2020
Begroting 2021
2021
Begroting 2022
2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Landelijk gemiddelde 2021
VNGNorm Goed
VNGNorm Onvoldoende
Netto Schuldquote
1
79%
74%
109%
75%
101%
67%
99%
102%
47%
< 90%
> 130%
Solvabiliteit
2
14%
16%
10%
18%
14%
20%
12%
12,6%
36%
> 50%
< 20%
Structurele exploitatie-ruimte
3
- 0,8%
2,9%
0,4%
4,7%
1,6%
0,9%
0,1%
0,8%
2,9%
> 0%
< 0%
- 0,6%
-/- 0,5%
-/- 0,2%
-/- 0,4%
0%
-/- 0,8%
0%
-/- 1,1%
7,6%
< 20%
> 35%
Grondexploitatie Belastingcapaciteit
4
102,5%
102,7%
112,4%
109,6%
107,3%
111,6%
104,4%
n.n.b.
102,7%
< 95%
> 105%
Weerstandsratio
5
1,3
1,4
1,1
1,5
1,6
1,4
1,7
1,6
N.b.
N.v.t.
N.v.t.
Wendbaar en weerbaar Waar moet het (volgens ons) om draaien: Het gaat erom hoe snel een gemeente op de actuele en dynamisch opgaven en bijhorende lasten kan inspelen (wendbaarheid, flexibiliteit, beïnvloedbaarheid) en hoeveel financiële buffers (weerbaarheid) zijn nodig om voldoende wendbaar te zijn. Hoe kunnen ook incidentele gelden (de sterke financiële positie) bijdragen om op de actuele opgaven en bijhorende lasten in te spelen en de financiële huishouding daar op af te stemmen. Kortom: Wat wilt u bereiken voor de inwoners, monitor de ontwikkelingen en onzekerheden en welke wendbaarheid en weerbaarheid past daar voor uw gemeente bij.
Webinar voor raadsleden - 10 mei 2023
© 2023 Deloitte The Netherlands
TIJDSCHRIFT VOOR PUBLIC GOVERNANCE, AUDIT & CONTROL
TPC
Tom Noordermeer is concerncontroller van de gemeente
3
Chris Ravensbergen is directeur van VNG
www.tpconline.nl
De huidige verplichtingen in de paragraaf Weerstandsvermogenen risicobeheersing vormeneen onderschatrisico
Risicobeheer.
Zevenaar en bestuurslid van het Risico Platform Overheden.
Hilko de Boer is
Tjerk Budding is
eigenaar van Finolia en betrokken bij het Zijlstra Center van
Sector Accounting aan de Vrije Univer-
de VU.
siteit Amsterdam.
Hoogleraar Public
Verplichte weerstandsratio schept : schijnwerkelijkheid Heb jij nog risico’s? Voor het opstellen van de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing van provincies en gemeenten maakt de financieel adviseur of (concern)controller jaarlijkks een ronde langs de directeuren en managers van afdelingen. Hierbij wordt op een systematische manier
Johan de Kruijf is universitair docent bestuurskunde aan
Rein-Aart van Vugt is accountant en partner bij Deloitte.
de Radboud Universiteit Nijmegen.
in beeld gebracht of eerder geidentificeerderisico’s nog relevant zijn en worden nieuwerisicos aan de list toegevoegd. Althans, dat is de gedachte.
Samenvatting
Door Tom Noordermeer,Chris Ravensbergen, Hilko de Boer, Tjerk Budding,
De huidige verplichting van de weer-
Johan de Kruijf en Rein-Aart van Vugt
standsratio in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
en manager zegt dan bijvoorbeeld dat de onderhoudsstatus van een brug
van provincies en gemeenten levert
slecht is en dat daarrisico’s aan zijn verbonden. Aan welkerisico'’s moeten
schijnnauwkeurigheid en geeft de
we dan denken en hoeschatje die ‘risico’s op waarde’? Hoe groot is de kans dat de risico’'s zich voordoen? Allemaal vragen die leiden tot — vaak — moeilijk te objectiveren antwoorden. Uiteindelijk wordt een inschatting van derisico’s en de mogelijke financiéle gevolgen, opgenomenin de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Eventueel aangevuld mette treffen maatregelen.
wethouders en gemeenteraadsleden slechts beperkt informatie. We kunnen de verplichte weerstandsratio beter afschaffen. De auteurs pleiten voor een andere invalshoek en een andere manier om de risico's te identificeren en bespreekbaar te maken.
Voor het bepalen van het weerstandsvermogen,die in de praktijk veelal de weerstandsratio wordt genoemd, wordtdit risico, samen met de andererisico's, afgezet
tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. Bij het bepalen daarvan zijn diverse
TPC keuzes te maken, zoals in hoeverrestille reserves worden meegenomenen hoe wordt aangekeken tegen de onbenutte belastingcapaciteit, dat wil zeggen de mogelijkheid om de tarieven voor de Onroerendzaakbelasting te verhogen.
Aandacht voor risico’s en risicobeheersing is wenselijk en noodzakelijk
de Financiéle Verhoudingen van 20 april 2023 klonk deze
boodschap in verschillende toonaarden. Voormalig minister van Financién en burgemeester van Eindhoven, Jeroen Dijsselbloem, benoemde in zijn speech dat de onzekerheid die gemeenten ervaren vooral doorwerkt bij investeringen in
de grote opgaven voorklimaat, mobiliteit, wonen en maatschappelijke voorzieningen. Dat zijn precies thema’s die
volgens de regelgever in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing aan bod zouden moeten komen(BBV
2003, toelichting art. 66). Een andere belangrijke factor voor de toegenomen onzekerheidis dat de rijksoverheid steeds meer middelen uitkeert in de vorm van specifieke, doel- en
incidentele uitkeringen. Dit leidt tot verrommeling van het
Kortom, een gemeente maakt zowel keuzes bij het bepalen van de risico's als bij de berekening van de weerstandscapaciteit. Fen derde keuze betreft de vraag welk percentage van
begrotingsbeleid.
de mate van onzekerheid die de gemeente wil lopen?
maatschappelijke opgaven en deze betalen uit een waaier
de gemodelleerde verwachte risico's je wil afdekken? Watis
Gemeenten moeteninvesterenin taaie, complexe, langjarige
Ontwikkeling financiéle positie van gemeenten
van regelingen en potjes. Steeds meer opgaven, steeds meer incidentele regelingen en potjes, steeds meer financiéle onzekerheid. Daar komt de spanning op de arbeidsmarkt
De financiéle situatie van gemeentenlijkt rooskleurig, gemeten aan de overschotten op de jaarrekeningentot en met
2022. Tegelijk zijn er zorgen over de lange termijn door het ontbreken van langjarige financiéle zekerheid in de financiéle verhoudingen vanaf met name 2026. Op de Dag van
nog bij; die leidt tot veel vacatures, tijdelijke inhuur en korte contracten. Dat geeft forse risico’s voor gemeenten bij de realisatie van maatschappelijke opgaven en zet gemeenten op achterstand.
www.tpconline.nl
Onderstaand worden drie onderwerpen besproken die vanuit risico-perspectief bijzondere aandachtverdienen,te weten het onderscheid structureel-incidenteel, verantwoording in relatie tot duurzaamheid en lange termijn perspectleven.
Rigide onderscheid structurele en incidentele baten en
de SDG’s kan een belangrijk onderdeel van risicobeheersing en de rapportage daarover zijn. Langtermijn focus De afgelopen jaren moesten gemeenten ad hoc reageren op
crises, zoals corona en de toestroom van vluchtelingenuit
andere benadering van het toezichthoudenop de financiéle
Oekraine. Tegelijk moeten ze de langjarige opgavenuitvoeren. Dit brengt een spanningsveld met zich mee. Goed bestuur vereist een goed gesprek over de scenario’s voor die langere termijn, afgezet tegen de mate van wendbaarheid en weerbaarheid van de gemeente. De maatschappelijke opgaven stellen gemeenten voor de noodzaak doelen te bepalen met onvoorspelbare uitkomsten. Naar onze mening zou juist hierover verslag moeten worden gedaanin de paragraaf
huishouding van gemeenten. Het uitgangspunt van het dek-
Weerstandsvermogenen risicobeheersing.
lasten Katie Zwetsloot (concerncontroller gemeente Utrecht) en
Rein-Aart van Vugt (partner Deloitte Accountants) schreven ter gelegenheid van de Dag van de Financiéle Verhoudingen
2023 een essay dat veel weerklank en herkenning kreeg in gemeenten(Zwetsloot en Van Vugft, 2023). Z1j pleiten voor een
ken van structurele lasten met structurele baten staatte veel centraal, stellen Zwetsloot en Van Vugt. Ze signaleren dat de financiéle positie van gemeentenis verbeterd, dat gemeenten meergeld overhoudendan begroot, veelal door onverwachte rijksmiddelen. Het jaarrekeningresultaat van de gemeenten
gezamenlijk, laat over 2022 een positief saldo zien van 3,9 miljard euro, dat voor een deel wordt veroorzaakt door voorschotten op in 2023 uit te keren energietoeslagen. Het overschot wordt grotendeels aan de algemenereserve toegevoegd en wordt daarmee een incidenteel dekkingsmiddel. Over 2020 en 2021 was ook al sprake van forse positieve saldi. Tegelijk zijn
Bezwarentegen de weerstandsparagraaf
In reactie op het denken van Zwetsloot en Van Vugt houden wij de verplichte paragraaf Weerstandsvermogen enrisicobeheersing tegen hetlicht. De verplichte verantwoording
over risico's deed z’'n intrede in 1995 en werd in 2004 verder uitgebreid met onder meerde verplichting tot het opnemen van een weerstandsratio. Het was een reactie op het grote
aantal gemeentendat door niet-gesignaleerde financiéle risico’s in de problemen kwam en de artikel 12-status kreeg, een status waarbij een gemeente ondertoezicht wordt
er moeilijke discussies over bezuinigingen op voorzieningen
geplaatst en additionele middelen ontvangt (ten laste van
omdat structurele bekostiging ontbreekt, zoals op het vilak van jeugdhulpverlening. Door het ontbreken vanstructurele dekking is het lastig om vast personeel aan te nemen,watleidt
andere gemeenten). Sinds 2004 zijn er door veel gemeenten inspanningen gedaan om definanciéle verantwoording te verbeteren, ook als gevolg van de aanscherping van het
tot meer inhuurenrisico’s voor de kennisborging.
Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) door de commissie Depla in 2017.
De gemeentebegrotingzit op slot door het rigide onderscheid
tussen incidenteel en structureel geld. Zo zijn financiéle risico’s geminimaliseerd, maar het realiseren van maat-
schappelijke opgaven komt nog meeronder drukte staan, mede omdathet geld op de plank blijft liggen. Zwetsloot en Van Vugt pleiten voor het werken aan maatschappelijke opgaven doorte redeneren vanuit wendbaarheid en weerbaarheid. Wendbaarheid gaat over de mate waarin opgaven te beinvloeden zijn, weerbaarheid overde financiéle buffer die nodig is. Hoe minder wendbaarde gemeente, hoe groter de benodigde weerbaarheid. Maatschappelijke ontwikkelingen en verantwoording In de hele maatschappij worden de standaarden voor verslaglegging aangescherpt. In het bedrijfsleven is onder invloed van kritische stakeholders (beleggers, klanten, werk-
nemers) veel aandacht voor ESG-maatstaven en informatie (environmental, social en governance), een ontwikkeling die gericht is op het ontwikkelen van bredere, transparantere verslaggeving. Hier ligt een directe relatie en overlap met de onderdelen van de Brede Welvaartsagenda en de
Sustainable Development Goals (SDG’s). Het CBS publiceert op verzoek van de Tweede Kamer jaarlijks de Monitor Brede Welvaart en de SDG's. Hetligt in de rede dat in de publieke sector — waaronder bij gemeenten — deze vereisten ook hun weg gaan vinden naar de begroting en de jaarstukken. Een verantwoording overrisico’s met betrekking tot het niet realiseren van de doelen van de Brede Welvaartsagenda en
Vervang huidige invulling door een werkwijze die bijdraagt aan een beter gesprek over de echterisico’s De risicoparagraaf in de geameentebegroting was ooit bedoeld om de informatiepositie van de gemeenteraad te versterken (BBV 2003, toelichting). Het moet informatie zijn om de financiéle robuustheid van de begroting te beoordelen. Welke informatie (risico’s) zit nog niet in de begroting, maaris wel relevant om mee te wegen in de besluitvorming? Verder staat in de toelichting op het BBV dat er geen algemene norm vastte stellen is voor de omvang van het benodigde weerstandsvermogen. Gemeenten hanteren in de regel wel een norm: ten minste meer beschikbaar weerstandsvermogen danrisico’s. Verschillende gemeenten gevenhet signaal dat de weerstandsparagraaf een doel op zich is gewordenen dat de
weerstandsratio subjectief is. Dat heeft niet zozeer te maken met de tools, maar meer metde input (waar wordt mee gerekend), de verwerking daarvan en met namein de interpretatie
van de output. Hetis erg financieel en op de uitkomst van een financiéle ratio gericht. Een ratio groter dan 1 wordt al
www.tpconline.nl
Onderstaand worden drie onderwerpen besprokendie vanuit risico-perspectief bijzondere aandacht verdienen,te weten het onderscheid structureel-incidenteel, verantwoording in relatie tot duurzaamheid en lange termijn perspectleven. Rigide onderscheid structurele en incidentele baten en lasten Katie Zwetsloot (concerncontroller gemeente Utrecht) en
Rein-Aart van Vugt (partner Deloitte Accountants) schreven ter gelegenheid van de Dag van de Financiéle Verhoudingen 2023 een essay dat veel weerklank en herkenning kreeg in gemeenten(Zwetsloot en Van Vugft, 2023). Zij pleiten voor een andere benadering van het toezichthouden op definanciéle huishouding van gemeenten. Het uitgangspuntvan het dekken van structurele lasten met structurele baten staatte veel centraal, stellen Zwetsloot en Van Vugt. Ze signaleren dat de financiéle positie van gemeentenis verbeterd, dat gemeenten
meergeld overhoudendan begroot, veelal door onverwachte tijksmiddelen. Het jaarrekeningresultaat van de gemeenten gezamenlijk, laat over 2022 een positief saldo zien van 3,9 miljard euro, dat voor een deel wordt veroorzaakt door voorschotten op in 2023 uit te keren energietoeslagen. Het overschot wordt grotendeels aan de algemenereserve toegevoegd en wordt daarmee een incidenteel dekkingsmiddel. Over 2020 en 2021 was ook al sprake van forse positieve saldi. Tegelijk zijn er moeilijke discussies over bezuinigingen op voorzieningen omdatstructurele bekostiging ontbreekt, zoals op het vlak van jeugdhulpverlening. Door het ontbreken van structurele dekking is het lastig om vast personeel aan te nemen,watleidt tot meer inhuuren risico’s voor de kennisborging. De gemeentebegrotingzit op slot door het rigide onderscheid tussen incidenteel en structureel geld. Zo zijn financiéle risico’s geminimaliseerd, maarhet realiseren van maatschappelijke opgaven komt nog meer onderdrukte staan,
mede omdat het geld op de plankblijft liggen. Zwetsloot en Van Vugt pleiten voor het werken aan maatschappelijke
opgaven door te redeneren vanuit wendbaarheid en weerbaarheid. Wendbaarheid gaat over de mate waarin opgaven te beinvloedenzijn, weerbaarheid over de financiéle buffer die nodig is. Hoe minder wendbaar de gemeente, hoe groter de benodigde weerbaarheid. Maatschappelijke ontwikkelingen en verantwoording In de hele maatschappij worden de standaarden voor verslaglegging aangescherpt. In het bedrijfsleven is onder invloed van kritische stakeholders (beleggers, klanten, werk-
nemers) veel aandacht voor ESG-maatstaven en informatie (environmental, social en governance), een ontwikkeling die gericht is op het ontwikkelen van bredere, transparantere verslaggeving. Hier ligt een directe relatie en overlap met de onderdelen van de Brede Welvaartsagenda en de Sustainable Development Goals (SDG’s). Het CBS publiceert op verzoek van de Tweede Kamerjaarlijks de Monitor Brede Welvaart en de SDG's. Hetligt in de rede dat in de publieke sector — waaronder bij gemeenten — deze vereisten ook hun weg gaan vinden naarde begroting en de jaarstukken. Een
verantwoordingoverrisico’s met betrekkingtot het niet realiseren van de doelen van de Brede Welvaartsagenda en
de SDG’s kan een belangrijk onderdeel van risicobeheersing en de rapportage daaroverzijn. Langtermijn focus De afgelopen jaren moesten gemeenten ad hoc reageren op crises, zoals corona en de toestroom van vluchtelingen uit Oekraine. Tegelijk moeten ze de langjarige opgaven uitvoeren. Dit brengt een spanningsveld met zich mee. Goed bestuur vereist een goed gesprek over de scenario’s voor die langere termijn, afgezet tegen de mate van wendbaarheid en weerbaarheid van de gemeente. De maatschappelijke opgaven stellen gemeenten voor de noodzaak doelen te bepalen met onvoorspelbare uitkomsten. Naar onze mening zou juist hierover verslag moeten worden gedaanin de paragraaf Weerstandsvermogenen risicobeheersing. Bezwarentegen de weerstandsparagraaf In reactie op het denken van Zwetsloot en Van Vugt houden wij de verplichte paragraaf Weerstandsvermogen enrisicobeheersing tegen hetlicht. De verplichte verantwoording over risico's deed z’'n intrede in 1995 en werd in 2004 verder uitgebreid met onder meer de verplichting tot het opnemen van een weerstandsratio. Het was een reactie op het grote aantal gemeenten dat door niet-gesignaleerde financiéle
risico’s in de problemen kwam en de artikel 12-status kreeg, een status waarbij een gemeente onder toezicht wordt geplaatst en additionele middelen ontvangt (ten laste van andere gemeenten). Sinds 2004 zijn er door veel geameenten inspanningen gedaan om de financiéle verantwoording te verbeteren, ook als gevolg van de aanscherping van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) door de commissie Depla in 2017.
Vervang huidige invulling door een werkwijze die bijdraagt aan een beter gesprek over de echte risico’s De risicoparagraaf in de gemeentebegroting was ooit bedoeld om de informatiepositie van de gemeenteraad te versterken (BBV 2003, toelichting). Het moet informatie zijn om de financiéle robuustheid van de begroting te beoordelen. Welke informatie (risico’s) zit nog niet in de begroting, maaris wel relevant om mee te wegen in de besluitvorming? Verder staat in de toelichting op het BBV dat er geen algemene norm vastte stellen is voor de omvang van het benodigde weerstandsvermogen. Gemeenten hanteren in de regel wel een norm: ten minste meerbeschikbaar weerstandsvermogen dan risico’s. Verschillende gemeenten gevenhet signaal dat de weerstandsparagraaf een doel op zich is geworden en dat de weerstandsratio subjectief is. Dat heeft niet zozeer te maken met de tools, maar meer metde input (waar wordt mee gerekend), de verwerking daarvan en met namein de interpretatie van de output. Hetis erg financieel en op de uitkomst van
een financiéle ratio gericht. Een ratio groter dan 1 wordt al
TPC snel beschouwdals ruimte om te investeren. Wanneerop basis van de aannames deratio onder de 1 komt of ver boven
de 5, dan wordenniet zelden de aannames (bedrag of kans) herzien en vindt herrekeningplaats. Dit vormt op zichzelf een risico en kan het doel van de paragraafjuist ondermijnen.
De weerstandsparagraaf is een doel op zich geworden Een ander bezwaar tegen de weerstandsparagraafis dat die zelden een weerslag is van de risico’s waarhet in de organisatie, het college en in de gemeenteraad echt om gaat. Dit zijn veelal niet de financiéle, maar de beleids- en uitvoeringsrisico’s, de mate waarin de gemeenteerin slaagt invulling te geven aan maatschappelijke opgaven en wette-
De informatie is daarnaast moeilijk vergelijkbaar. De commissie Depla stelde dat wanneer je over vergelijkbaarheid wilt spreKen, er een eenduidige definitie van het begrip weerstandsvermogen zou moeten zijn (VNG, 2014,p. 10-11). Die definitie is niet ontwikkeld. Berekeningswijzen lopen te veel uiteen en belangrijke risico’s worden buiten de analyse gehouden. Daarnaast ontbreekt een wetenschappelijke onderbouwing van de methodiek. De weerstandsratio draagt
niet bij aan het goede gesprek over risico's en vormt in sommige situaties zelf een risico.
De weerstandsratio is te
subjectief
like taken uit te voeren. Lukt het om kwetsbare inwonerste bereiken en ze uit de schulden te halen? Worden de woning-
Dat laat onverlet dat aandachtvoorrisico’s en risicobeheersing in de begroting en het jaarverslag wenselijk en noodzakelijk is, ook voor de gemeenteraad als kaderstellend en
bouwopgaven en verbetering van de mobiliteit gerealiseerd? Maken wede bedrijfsvoering en ICT van de gemeente robuust en toekomstbestendig? De risico’s die een mogelijke realisatie van deze doelen en maatschappelijke opgaven in
niet ‘anderszins’ (BBV 2003, toelichting art. 11) zijn onder-
controlerend orgaan. In die zin biedt de wetstechnische toelichting op de paragraaf Weerstandsvermogen enrisicobeheersing nog steeds houvast. Het gaat om de risico's die
weerstandsparagraaf onvoldoende hun weg naar de begroting en jaarrekening. De huidige werkwijze geeft bestuurders
vangen. Voorbeelden die in de toelichting zijn genoemd, hebben betrekking op ondernemingsrisico’s, sociale structuur en open einde regelingen. Het gaat om inzichtin
dan ook geen mate van zekerheid of zij maatschappelijke doelen al dan niet realiseren. Het geeft bestuurders een soort
gaat dus niet om de uitkomsten van een reken technische
de weg kunnenzitten, vinden door de huidige opzet van de
(financiéle) waarheid die geen waarheid is.
risico’s, risicohouding en -gedrag en risicobeheersing. Het exercitie, waarbij het weerstandsvermogen de verhouding
www.tpconline.nl
vormt tussen de risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiéle betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiéle positie en de weerstandscapaciteit, waarbij de uitkomst boven een bepaalde norm zou moeten liggen.
organisatie, bij het college en in de gemeenteraad. Kortom, integreer het risico-denken in de reguliere planning en
control-cyclus. De paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing kan dan beperkt blijven tot een plaats waar (meer dan nu) het risicobeleid wordt besproken, scenario’s
worden gepresenteerd en risico’s waarbij een integrale Vijfde W-vraag Kortom,wij pleiten ervoor de huidige invulling van de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing af te schaffen en te vervangen door een werkwijze die bijdraagt aan een beter gesprek over de echte risico’s van de gemeente. Dit ligt ook in lijn met het denken van Zwetsloot en Van Vugt
die weerbaarheid en wendbaarheid centraalstellen.
Schaf de huidige invulling van de paragraaf af Risico-afwegingen spelen in de politiek-bestuurlijke besluitvorming een belangrijKerol. Geef die de plaats die het verdient. De gemeenteraad beantwoordt nu per programma vier samenhangende vragen: Wat willen we bereiken (doelstellingen)? Wat gaan we daarvoordoen(activiteiten)? Welke externe (verbonden) partijen zijn daarbij betrokken? Wat mag het kosten? De informatiewaarde van begrotingen en jaarverslagen zou erop vooruit gaan door het toevoegen van een vijfde W-vraag: Welke onzekerheden, kansen en risico’s, gekoppeld aan de maatschappelijke doelen en opgaven, spelen een rol bij het realiseren van deze doelen en opgaven? Dit leidt tot een beter gesprek en meer risicobewustzijn in de
of programma-overstijgende analyse gewenstis, aan bod kunnen komen. Referenties: -
BBV toelichting, Bes/uit van 17januari 2003, staatsblad nr. 27 VNG (2014). Rapport Vernieuwing van de begroting en verantwoording van gemeenten (rapport commissie Depla), VNG, Den Haag. Zwetsloot, K. en R.M.J. van Vugt (2023). ‘Bezuinigingen met goedgevulde reservepotten? Dat kan anders. Hetfaillisserment van structureel financieel evenwicht' in: Raad voor het Openbaar Bestuur (2023). Een financieel fundament voor grote opgaven. Raad voor het Openbaar Bestuur, Den Haag, 2023, p. 57-66.
Agendapunt nr.:
Registratienummer: 23it01628 Sector: Bestuur
Kerkrade, 28 november 2023
Aanbiedingsbrief aan de raad. Nr.: Hierbij bieden wij u ter overweging en beslissing een ontwerpbesluit, nr. 23Rb098, inzake ‘Verlenging contract accountant boekjaren 2024-2025’ aan. In de nota van toelichting, nr. 23Tl80, die het ontwerpbesluit vergezelt, zijn de overwegingen en nadere gronden aangegeven waarop het ontwerpbesluit berust.
Het college,
De secretaris,
dr. T.P. Dassen-Housen
R.M.J.S. Stijns
Ontwerpbesluit Nr.: 23Rb098
De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, • Dat in de vergadering van juni 2019 de raad ná het volgen van een Europese aanbesteding besloten heeft om de opdracht voor de accountantscontrole 2019-2023 te gunnen aan Deloitte Accountants BV. • Dat het contract reeds een verlengingsoptie van 2 jaar bevatte. • Dat deze optie thans aan de orde is ter continuering van de wettelijk verplichte accountantscontrole van de jaarrekening van de gemeente.
kennis genomen hebbende van, • de nota van toelichting, nr. 23Tl080 , behorende bij dit besluit; • de beraadslagingen in de Financiële commissie d.d. 28 november 2023
gelet op, • programma: Bestuur en ondersteuning (0) • gemeentelijk/regionaal beleidskader: Controleverordening ex artikel 213 Gemeentewet, Gemeentelijk inkoop- en aanbestedingsbeleid • wetsartikel: desbetreffende artikelen van de Gemeentewet (o.a. artikel 197), Aanbestedingswetgeving
besluit: I. Het contract met Deloitte Accountants BV voor de accountantscontrole van de jaarrekening te verlengen naar de boekjaren 2024 en 2025.
Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Kerkrade in zijn openbare vergadering d.d. 20 december 2023. De voorzitter van de raad,
De griffier,
dr. T.P. Dassen-Housen.
mr. drs. D.G.M.G. Franssen.
Documentnummer: 23Rb098
Nota van toelichting Nummer.: 23Tl080
Kerkrade, 7 november 2023
Behorend bij ontwerpbesluit nummer: 23Rb098
Onderwerp Verlenging contract accountant boekjaren 2024-2025 Beslispunten Het contract met Deloitte Accountants BV voor de accountantscontrole van de jaarrekening te verlengen naar de boekjaren 2024 en 2025. Inleiding In de vergadering van juni 2019 heeft de raad ná het volgen van een Europese aanbesteding besloten om de opdracht voor de accountantscontrole 2019-2023 te gunnen aan Deloitte Accountants BV. Het contract bevatte reeds een verlengingsoptie van 2 jaar. Voorgesteld wordt om het contract te verlengen voor de boekjaren 2024 en 2025. Dit ontwerpbesluit is tot stand gekomen als coproductie tussen de griffier en de afdeling Financiën. De Financiële commissie heeft o.a. als taak om in overleg met het college de procedure tot selectie en (herbenoeming) van een accountant als bedoeld in artikel 213 van de Gemeentewet voor te bereiden en hierover advies uit te brengen aan de raad over de benoeming. Het verlengen van het bestaande contract past bij deze taak. De specifieke prijsbijlage van het van Deloitte ontvangen voorstel voor de auditfee 2024-2025 ligt onder geheimhouding volgens de gebruikelijke procedure bij de griffie ter inzage aangezien deze concurrentiegevoelige informatie bevat. Doelstelling Het continueren van de wettelijke verplichte accountantscontrole van de jaarrekening van de gemeente Kerkrade. Argumenten • •
• •
Het oorspronkelijke contract van 5 jaar (boekjaren 2019-2023) bevatte reeds een verlengingsoptie van 2 jaar. Er zijn geen opmerkingen voor wat betreft het functioneren van de accountant. Het functioneren en de kwaliteit wordt zelfs ambtelijk en door college als positief ervaren. Ook vanuit raadsleden waren er steeds positieve reacties naar aanleiding van toelichtingen en presentaties van dhr. Van Vugt in de commissie AZM, in de financiële commissie of in informatiebijeenkomsten. Er is geen sprake van een inhoudelijke wijziging van de opdracht, met uitzondering van de rechtmatigheidsverantwoording door het college vanaf 2023. Deze was echter bij de oorspronkelijke opdracht al voorzien, maar feitelijke invoering werd door de wetgever steeds uitgesteld. Gelet op de lopende trajecten in het kader van verbeteren van de bedrijfsvoering en de verankering van de rechtmatigheidsverantwoording college heeft het verlengen van de huidige opdracht de voorkeur van het college en ambtelijk boven het overstappen naar een andere accountant. Op deze wijze blijft sprake van een optimale afstemming zonder tijdsverlies. Verder zou het doorlopen van een aanbestedingsproces, 1
maar ook het inwerken van en afstemmen met een eventuele nieuwe accountant veel (extra) ambtelijke inzet vragen. Die nu beter ingezet kan worden voor de lopende trajecten. Kanttekeningen •
Het prijsniveau ligt thans hoger door externe ontwikkelingen, maar is conform de ontwikkelingen in de markt.
Financiën De verhoogde prijs wordt veroorzaakt door externe omstandigheden sinds 2019 waar elke gemeente c.q. accountant mee geconfronteerd wordt. Namelijk een enorme toename van het aantal en de complexiteit van te controleren regelingen en hoger dan historisch gebruikelijke loon/prijsstijgingen. Het aantal regelingen (specifieke uitkeringen) dat gemeenten in 2019 via hun jaarrekening moesten verantwoorden bedroeg 64, waarvan er 5 relevant waren voor de gemeente Kerkrade. In de jaarrekening 2022 waren dat er al 351, waarvan er 22 relevant waren voor de gemeente Kerkrade. De trend is dat deze verder toenemen. Deze enorme en destijds onvoorziene ontwikkeling was al eerder een gegronde reden tot meerwerk, want de accountant moest veel meer regelingen in zijn controle betrekken. De loon/prijsstijgingen 2019-2023 waren wel steeds voor rekening en risico van Deloitte conform contract, maar zijn vanaf 2024 helaas niet meer te vermijden. De CBS-index voor dit soort dienstverlening is in 2023 met bijna 16% gestegen ten opzichte van 2019. Over het jaar 2024 is dit cijfer nog niet beschikbaar. Houden wij rekening met de kosten van de extra regelingen, indexeert Deloitte in haar opgave 2024 ten opzichte van de basisfee van 2019 slechts met de helft hiervan. Bij andere gemeenten en GR-en zien wij overigens ook behoorlijke prijsstijgingen.
Verder valt het jaar 2023 incidenteel hoger uit door extra ondersteuning in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording door het college vanaf boekjaar 2023. Tot nu toe betrof dit voorbereidende werkzaamheden welke voor rekening van Deloitte zijn gekomen. Nu deze verantwoording over 2023 voor het eerst daadwerkelijk gerealiseerd moet gaan worden is extra ondersteuning noodzakelijk. Die behoefte aan extra ondersteuning op dit vlak zien wij overigens ook bij andere gemeenten. Op de meerkosten 2023 en verder is reeds geanticipeerd in de begroting. Communicatie Niet van toepassing / geen extra activiteiten. Burgerparticipatie Niet van toepassing, het betreft een contract voor een wettelijk verplichte accountantscontrole van de gemeentelijke jaarrekening. Uitvoering Na besluitvorming zal het contract worden verlengd. Gezondheid en Vitaliteit Niet van toepassing.