260622_Memo raad merbeoordelingsbesluit
Tekst van het document
Gemeente Kerkrade Markt 33, 6461 EC Kerkrade Postbus 600, 6460 AP Kerkrade www.kerkrade.nl gemeentehuis@kerkrade.nl Telefoon 14 045
MEMO Datum
22 juni 2026
Onderwerp:
Nadere toelichting voorstel mandaat en machtiging merbeoordelingsbesluiten (ontwerpbesluit 26Rb001)
Aan:
De gemeenteraad
Inleiding Naar aanleiding van de behandeling van het voorgestelde mandaat- en machtigingbesluit voor merbeoordelingsbesluit in de Commissie Grondgebied en Economische Zaken op 17 juni jl wordt in deze memo een aantal aandachtspunten nader toegelicht, voorafgaand aan de raadsvergadering van 1 juli a.s., waarin dit voorstel aan de orde komt. Op welke gevallen ziet het voorgestelde mandaat? De categorieën van ontwikkelingen waarvoor een merbeoordelingsbesluit nodig is zijn limitatief opgesomd in Bijlage V bij het Omgevingsbesluit. In Kerkrade gaat het dan hoofdzakelijk om woningbouw en andere stedelijke voorzieningen, die onder de categorie ‘stedelijk ontwikkelingsproject’ vallen. Eerder gold daarvoor een drempel van 2.000 woningen of 200.000 m2 brutovloeroppervlakte. Die drempel geldt niet meer, omdat die niet zijn opgenomen in de hiervoor genoemde bijlage, maar het geeft wel een indicatie van de omvang van projecten waarvoor dergelijke besluitvorming voorheen van toepassing was. Dergelijke woningaantallen of vloeroppervlaktes binnen één project komen in Kerkrade gewoonlijk niet voor. In het bestemmingsplan SUPERLOCAL ging het bijvoorbeeld om 160 woningen en in het Rolduckerveld om 367 woningen. Andere plannen zagen veelal op minder woningen (hooguit enkele tientallen woningen).
Het opstellen van een milieueffectrapport voegt in die gevallen naar het oordeel van het college niets toe aan de toets op milieuaspecten die toch al plaatsvindt. Uitgaande van de ontwikkelingen waarvoor de afgelopen jaren nieuwe bestemmingsplannen of wijzigingen van het omgevingsplan zijn opgesteld, is op basis van de uit te voeren beoordeling steeds geconcludeerd dat het opstellen van een milieueffectrapport niet nodig is, omdat geen aanzienlijke milieueffecten worden verwacht. Er kan niet kan worden gesteld dat het nooit voor komt dat het opstellen van een milieueffectrapport wel wenselijk is, maar gelet op de aard en omvang van de ontwikkelingen die in het recente verleden hebben plaatsgevonden en ontwikkelingen zoals die zijn voorzien – ook binnen de kaders van de door de gemeenteraad vastgestelde omgevingsvisie – zal het naar redelijke verwachting nog steeds nauwelijks voorkomen dat een milieueffectrapport van meerwaarde is. Dat betekent dat het dus op wellicht een enkele uitzondering na gaat om besluiten om géén milieueffectrapport op te stellen.
1
Voor voorgenomen wijzigingen van het omgevingsplan worden namelijk altijd de noodzakelijke milieuonderzoeken uitgevoerd, dan wel op een andere manier wordt onderbouwd dat een plan voldoet aan de wettelijke kaders (o.a. veiligheid, geluid, luchtkwaliteit, bodem, beschermde natuurgebieden, beschermde flora en fauna, etc). Daarbij wordt ook al getoetst op dezelfde aspecten als waarop de mer-richtlijn van de EU ziet. Daarmee is er al voldoende inzicht in de te verwachten milieueffecten en is op voorhand duidelijk dat geen sprake is van aanzienlijke milieueffecten. Blijkt dat een ontwikkeling niet voldoet aan de wettelijke kaders, dan gaat dat plan ook niet verder in procedure. Doet dit voorstel afbreuk aan de kaderstellende rol van de raad bij ruimtelijke ontwikkelingen? Nee, in alle voorkomende gevallen waarbij een merbeoordelingsbesluit moet worden genomen stelt de gemeenteraad de kaders vast: 1) Houdt het merbeoordelingsbesluit in dat geen milieueffectrapport hoeft te worden opgesteld, dan stelt de gemeenteraad wel alsnog de wijziging van het omgevingsplan vast, tenzij de raad dat zelf al heeft gedelegeerd. 2) Houdt het merbeoordelingsbesluit in dat wél een milieueffectrapport moet worden opgesteld, dan beslist de gemeenteraad vervolgens over dat milieueffectrapport én de vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan.
De eventuele milieueffecten en de uitgevoerde merbeoordeling zijn ook onderdeel van het omgevingsplan en daarmee van de besluitvorming. Bovendien is de gemeenteraad vaak al in een eerder stadium betrokken bij met name grotere ontwikkelingen, vanwege besluitvorming over het voorziene programma, het vaststellen van een stedenbouwkundige visie of stedenbouwkundig ontwerp of de vaststelling van de grondexploitatie. Is in de Omgevingswet door de wetgever de bevoegdheid om een merbeoordelingsbesluit te nemen bewust alleen aan de raad toebedeeld? Uit de Memorie van Toelichting op de Omgevingswet kan het volgende worden opgemaakt: •
er is beoogd de procedure rondom merbeoordelingsbesluiten te vereenvoudigen en te versnellen. Daarin is voorzien door het merbeoordelingsbesluit onderdeel te maken van de besluitvorming van het ‘moederbesluit’, in dit geval het besluit om een ontwerpwijziging van het omgevingsplan ter inzage te leggen. Het merbeoordelingsbesluit wordt dus niet meer apart bekendgemaakt en ter inzage gelegd;
•
de mogelijkheid van mandatering van het besluit is expliciet genoemd voor gevallen waarin de voorbereiding van een besluit (in dit geval de voorbereiding van de (ontwerp)wijziging van het omgevingsplan) ook door een ander bestuursorgaan gebeurt.
Het merbeoordelingsbesluit moet worden genomen vóór het ter inzage leggen van de ontwerpwijziging van het omgevingsplan. De besluitvorming over het ter inzage leggen van een ontwerpwijziging van het omgevingsplan ligt – net als voorheen de besluitvorming over ontwerpbestemmingsplannen – bij het college. Het ligt daarom voor de hand het merbeoordelingsbesluit ook door het college te laten nemen. Ook omdat gezien het voorgaande het merbeoordelingsbesluit niet meer afzonderlijk bekend wordt gemaakt, maar moet worden verwerkt in het (college)besluit over de ontwerpwijziging van het omgevingsplan.
2
Wat levert het aan tijdswinst op? Indien die besluiten moeten worden genomen door de raad, dan leidt dat tot een langere doorlooptijd van procedures van circa 2 maanden (zomerreces niet meegerekend). Gelet op het voorgaande zal dat bij de veelal relatief kleine plannen niet tot andere besluiten, omdat aanzienlijke milieugevolgen op voorhand kunnen worden uitgesloten. Indien overigens wél wordt besloten een milieueffectrapport op te stellen, dan duurt de procedure – ook voor zo’n relatief klein plan – minimaal 1-1,5 jaar langer. Onverwijld informeren van de gemeenteraad Voor wat betreft het informeren van de raad over merbeoordelingsbesluiten kan worden toegezegd dat dit wordt meegenomen in de raadsinformatiebrief waarmee uw raad – zoals gebruikelijk – wordt geïnformeerd over het ter inzage leggen van een ontwerpwijziging van het omgevingsplan. Ook volgt uit het delegatiebesluit van 29 september 2021 (21Rb057) dat de raad jaarlijks dan wel halfjaarlijks wordt geïnformeerd over het gebruik van die bevoegdheid om wijzigingen van het omgevingsplan door het college te laten vaststellen. Ook in die rapportage zou de toepassing van het nu gevraagde mandaat worden gerapporteerd.
3