25Tl022 nota van toelichting zienswijze ontwerpbegroting 2026 van de RD Rd4
Tekst van het document
Nota van toelichting Nummer.: 25Tl022 25Tl022
Kerkrade, 26 maart 2025
(voor deze GR specifieke tekst in blauw, uniforme tekst alle GR’en in zwart) Behorend bij ontwerpbesluit nummer: 25Rb024
Onderwerp Reinigingsdiensten Rd4 ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2029 Beslispunten I. II.
een positieve zienswijze af te geven op zowel de Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2029; kennis te nemen van de jaarrekening 2024.
Inleiding Voor de uitvoering van gemeentelijke taken kan worden gekozen voor een publiekrechtelijke samenwerking, waarbij een zelfstandige organisatie wordt opgericht die voor verschillende samenwerkende gemeenten taken uitvoert. Deze publiekrechtelijke samenwerking is gebaseerd op een gemeenschappelijke regeling. We noemen deze zelfstandige organisatie de GR (gemeenschappelijke regeling) of Verbonden Partij. Het gevolg van het overdragen van bevoegdheden naar een publiekrechtelijke samenwerking is dat een gemeentelijk bestuur meer op afstand staat en minder invloed kan uitoefenen dan bij taken in eigen beheer. Een van de sturingsinstrumenten voor de raad om grip te houden op de GR-en vormt de P&C-cyclus. De gemeenteraad dient inzicht te hebben in de financiën van een Verbonden Partij om daar controle op uit te kunnen oefenen. De Verbonden Partij is verplicht het volgende te doen: - De kadernota voor het eerstvolgende jaar moet ter kennisname vóór 15 april aan de raad toegezonden worden. In deze kadernota worden de beleidsmatige en financiële kaders geschetst. - De voorlopige jaarrekening van het afgelopen jaar moet eveneens vóór 15 april ter kennisname aan de raad toegezonden worden. In juli volgt de definitieve en vastgestelde jaarrekening. De jaarrekening van de samenwerking laat zien wat het afgelopen jaar in financieel en beleidsmatig opzicht aan de orde is geweest.
De raad kan hierop geen zienswijze indienen. - Het samenwerkingsverband moet een ontwerpbegroting aan de raden sturen, voordat deze wordt vastgesteld. De raad heeft hier de wettelijke mogelijkheid om vooraf wensen of bedenkingen kenbaar te maken door het indienen van een zienswijze. De gemeenteraad heeft geen bevoegdheid om de begroting goed te keuren. In de begroting wordt aangegeven welke activiteiten de Verbonden Partij in het volgende begrotingsjaar gaat uitvoeren en wat de bijdrage per gemeente is. De begroting is daarmee voor de gemeenteraad een belangrijk document om kaders te stellen. Volgens de Wet op de Gemeenschappelijke Regelingen moet de ontwerpbegroting 12 weken, voordat de begroting aan het Algemeen Bestuur (hierna: AB) wordt aangeboden, aan de gemeenteraden worden toegezonden. Gedurende deze 12 weken kunnen de raden een zienswijze indienen bij het Dagelijks Bestuur (hierna: DB). Het DB reageert voor vaststelling door het AB schriftelijk én gemotiveerd op de ingediende zienswijzen door de raad. Het AB stelt vervolgens de begroting vast. De begroting moet binnen 2 weken na vaststelling, maar 1
uiterlijk 15 september, door de Verbonden Partij aan Gedeputeerde Staten worden toegezonden. De uitvoering van de activiteiten is een verantwoordelijkheid van de Verbonden Partij. Hierop kan geen zienswijze worden ingediend.
In deze nota van toelichting ligt de begroting van de GR Reinigingsdiensten Rd4 voor. Ten eerste zullen de strategische ontwikkelingen geschetst worden, die volgens de gemeenschappelijke regeling van invloed zijn op de uitvoering van de kerntaken. Verder zijn voor de beoordeling door uw raad van belang de beleidsaanpassingen en nieuwe ontwikkelingen die een financiële impact hebben op de totale begroting. Tevens betreft dit de financiële gevolgen van CAO-wijzigingen, indexeringen en beleidswijzigingen waarover reeds besluitvorming heeft plaatsgevonden. Tot slot is van belang het Totaalbedrag van de Meerjarenraming 2025 Jaarschijf 2026 en het Totaalbedrag van de begroting van de GR en de impact hiervan op onze gemeente. Onderstaand wordt dit nader toegelicht. Doelstelling De raad de gelegenheid te geven zijn zienswijze te geven op de Ontwerpbegroting, zodat deze betrokken kan worden bij de definitieve besluitvorming door het AB van de GR Rd4 op 7 juli 2025. Argumenten De ontwikkelingen in 2026 bij Rd4 kennen een aantal relevante punten: -Recycling en het hergebruik van grondstoffen staan onder druk. Het lukt Nederland nog niet om de hoeveelheid grondstoffen die we gebruiken fors terug te dringen. Mensen kopen enerzijds meer terwijl anderzijds de levensduur van spullen afneemt. Meubels en kleren gaan steeds minder lang mee. Reparatie is ofwel onmogelijk of te duur.
Het is bekend dat Nederlandse recyclingbedrijven het in het huidige recyclinglandschap moeilijk hebben. “Virgin materiaal” is en blijft goedkoper dan recyclaat en de overheid is (nog) niet dwingend genoeg via wetgeving om recyclaat verplicht te stellen bij de fabricage van nieuwe producten. -Regelgeving vanuit de Rijksoverheid heeft een behoorlijke financiële impact door een extra CO2-heffing op de CO2-uitstoot. Een niet door Rd4 te beïnvloeden punt waarmee financieel weldegelijk rekening mee gehouden moet worden. -Personeelskosten zijn in de afgelopen jaren toegenomen door verhogingen van de afgesloten cao’s. Het sociaal domein, welk prominent actief is binnen Rd4, is ook aan verandering onderhevig met stijging van kosten van de factor sociale arbeid tot gevolg. -In het verduurzamen van het wagenpark zijn voertuigen waarbij dit mogelijk is reeds omgezet naar elektrisch. Dit betreft vooral voertuigen die niet behoren tot het zware materieel, omdat bij deze zwaardere klasse elektrificatie nog geen alternatief is binnen het werkgebied. Bij de inzamel-voertuigen is weliswaar in een pilot met een waterstofvoertuig gereden, maar in het heuvelachtige landschap van Zuid-Limburg blijkt dat deze techniek zich nog verder zal moeten ontwikkelen alvorens waterstofvoertuigen rendabel kunnen worden ingezet binnen het wagenpark van Rd4.
Kanttekeningen Landelijk worden gemeenten de komende periode geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds waarbij het jaar 2026 een dieptepunt kent. Hierdoor worden gemeentelijke organisaties gedwongen om te zoeken naar noodzakelijke bezuinigingen. De gemeenschappelijke regelingen zijn in de afgelopen periode gevraagd om, gelet op de knellende financiële kaders, als ‘verlengd lokaal bestuur’ hun verantwoordelijkheid hierin te nemen. Uw gemeenteraad heeft in de zienswijzebrieven ten aanzien van de ontwerpbegrotingen 2025 van alle gemeenschappelijke regelingen al een passage gewijd aan dit uitgangspunt. 2
Financiën Rekening 2024: Rd4 heeft het jaar 2024 afgesloten met een positief resultaat van 1.501.159 euro. Door minder verwerkingskosten en logistieke efficiëntie plus de afrekening PMD tot en met 2021 is dit resultaat tot stand gekomen. Van dit positieve resultaat zal een bedrag van € 200.663 teruggestort worden naar de gemeente Kerkrade en worden toegevoegd aan de egalisatiereserve afval. Het saldo van de reserve bedraagt per 1 januari 2025 1.556.783 euro. Bij de vaststelling van het tarief voor de afvalstoffenheffing is voor het jaar 2025 rekening gehouden met een bijdrage van 500.000 euro uit deze reserve. Na toevoeging van het rekeningresultaat bedraagt het actuele saldo van de reserve 1.257.446 euro. Begroting 2026: Deelnemende gemeenten, vertegenwoordigd in de opgerichte werkgroep “Bezuinigingsopgave” met beleids- en financiële ambtenaren, hebben input gegeven om tot een gedegen en gefundeerde begroting te komen. Basaal uitgangspunt van de begroting 2026 is dat het servicegevoel bij inwoners niet aangetast wordt, maar waarbij wel gerichte keuzes gemaakt moeten worden om nog “scherper aan de wind te zeilen”. Het bovenstaande betekent voor Kerkrade in 2026 een toename van de begrootte kosten met 349.487 euro (naar 6.615.382 euro) ten opzichte van de begroting 2025.
Van dat bedrag heeft 316.587 euro betrekking op het Basispakket waarvan de kosten via de afvalstoffenheffing doorbelast worden en begroting van de gemeente als zodanig niet belasten. De kosten van het Pluspakket (inhuren voertuigen, gladheidbestrijding, straatreiniging en kolkenreiniging) nemen met 32.900 euro toe naar 967.400 euro. Meerjarenraming 2027-2029 Financieel effect van wijzigingen (totaal GR). Samengevat hebben de begroting 2025 en de ontwerpbegroting 2026 e.v. voor Kerkrade de volgende financiële consequenties: (alle bedragen X 1000 euro)
2025
2026
2027
2028
2029
Begroting - Raming
51.407
54.958
57.678
60.233
62.422
Bijdrage Kerkrade
6.266
6.615
n.n.b.
n.n.b.
n.n.b.
n.n.b. (nog niet bekend), is afhankelijk van hoeveelheden afval Kerkrade en te verlenen diensten.
Communicatie In een gezamenlijke commissievergadering worden de financiële gevolgen van de begrotingen van de verschillende Gemeenschappelijke Regelingen inzichtelijk gemaakt. Uitvoering De begroting 2026 is in de vergadering van het Dagelijks Bestuur op 3 april 2025 behandeld. De aanbiedingsbrief is ontvangen op 4 april 2025. De wettelijke termijn die hieruit voortvloeit is 27 juni 202. Gevraagd wordt om reactie op uiterlijk 3 juli 2025. De vaststelling van de Ontwerpbegroting 2025 door het AB vindt plaats op 7 juli 2025. De jaarrekening 2024 is ter kennisname. Gezondheid en Vitaliteit n.v.t. 3
Burgerparticipatie De begroting en de zienswijze van onze gemeente kunnen via de gemeentelijke kanalen door belanghebbenden worden ingezien. Dit is de participatietrede Informeren.
4