[24Rb082] Ontwerpbesluit vaststellen regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2025
Tekst van het document
ÍC
Conform ontwerpbesluit is besloten in de raadsvergadering d.d.
Gemeente Kerkrade
Ontwerpbesluit Nr.: 24Rb082
De raad van de gemeente Kerkrade;
overwegende,
»
dat jaarlijks de nadere regels omtrent kwijtschelding bij gemeentelijke belastingen integraal worden vastgelegd;
gelezen,
»
de nota van toelichting, nr. 24Tİ065, behorende bij dit besluit;
gelet op,
» »
artikel 255 van de Gemeentewet; artikel 26 van de Invorderingswet 1990 en de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990;
besluit:
1. 2. 3. 4.
In te trekken de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2024 vastgesteld d.d. 20 december 2023; Vast te stellen de volgende "Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2025" welke als bijlage bij dit besluit is toegevoegd en als zodanig deel uitmaakt van dit besluit; De datum van intrekking van de onder 1. vermelde verordening is gelijk aan de datum van inwerkingtreding van de onder 2. vermelde verordening; De onder 2. vermelde regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2025.________________
Aldus vastgesteld in openbare raadsvergadering van de gemeente Kerkrade van 11 december 2024.
De voorzitter van de raad,
dr. T.P. Dassen-Housen.
MIX Papier van verantwoorde herkomst
FSC® C017135
Parkstad Limburg Gemeente Kerkrade maakt deel uit van Parkstad Limburg
Bijlage behorende bij raadsbesluit nr. 24Rb082
pag. 1
Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2025 Artikel 1 Uitgesloten van kwijtschelding
De gemeente verleent geen kwijtschelding voor de navolgende belastingaanslagen: 1. Hondenbelasting 2. Parkeerbelasting 3. Toeristenbelasting 4. Leges 5. Marktgelden en marktpromotiegelden 6. Lijkbezorgingsrechten 7. Precariobelasting 8. Reclamebelasting Artikel 2 Beperkte kwijtschelding
De gemeente verleent uitsluitend kwijtschelding voor: 1. De onroerendezaakbelastingen a. voor de belastingbedragen gebaseerd op de belastingtarieven als bedoeld in artikel 5, onder 2. a. (de eigenarenbelasting woning) van de vigerende "Verordening op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen" 2. De afvalstoffenheffing a. voor de belastingbedragen gebaseerd op de belastingtarieven als bedoeld in hoofdstuk 1.1, onderdelen 1.1.1 tot en met 1.1.2 (vastrecht) van de tarieventabel behorende bij de vigerende "Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing''. 3. De rioolheffing a. voor de belastingbedragen gebaseerd op de belastingtarieven als bedoeld in artikel 6, eerste lid a., b. en c., (woningen) van de vigerende "Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing" Artikel 3 Berekeningswijze kosten van bestaan
1.
2.
Bij de kwijtschelding van de belastingen zoals bedoeld in artikel 2 wordt in afwijking van artikel 16, eerste en tweede lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 het percentage voor de berekening van de kosten van bestaan gesteld op 100 percent. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid wordt overeenkomstig artikel 3 van de Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden voor de vaststelling van de kosten van bestaan van pensioengerechtigden in plaats van de bijstandsnorm het netto-ouderdomspensioen gehanteerd.
Artikel 4. Netto kosten kinderopvang
Als uitgaven als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 worden mede in aanmerking genomen de in artikel 28, derde lid, van genoemde regeling bedoelde netto kosten van kinderopvang. Artikel 5 Extra toegestane financiële middelen
In afwijking van artikel 12, tweede lid, onderdeel d, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 wordt het totale bedrag aan financiële middelen, bedoeld in dat onderdeel, verhoogd met: a. Het maximumbedrag genoemd in artikel 4, onder a van de Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden voorde belastingschuldige en zijn echtgenoot,
Bijlage behorende bij raadsbesluit nr. 24Rb082 b. c.
Pa g. 2
757o van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande, en 907o van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande ouder.
Artikel 6 Kwijtschelding aan ondernemers
Met inachtneming van het overigens in dit besluit bepaalde, wordt een verzoek om kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en heffingen die geen verband houden met de uitoefening van het bedrijf of beroep, van een natuurlijk persoon die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefent, behandeld volgens de bepalingen van hoofdstuk II, afdelingen 1,2 en 5 van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. Artikel 7 Inwerkingtreding, overgangsrecht en citeertitel
1.
2. 3. 4.
De "Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2024", vastgesteld 20 december 2023, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de onderhavige verordening, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de kwijtscheldingsverzoeken die voor die datum zijn ingediend. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang is 1 januari 2025. Deze regeling kan worden aangehaald als "Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2025".