22Tl054 actualisatie verordeningen Individuele Inkomenstoeslag nota van toelichting.pdf
Tekst van het document
Nota van toelichting Nummer.: 22Tl054
Kerkrade, 18 oktober 2022
Behorend bij ontwerpbesluit nummer: 22Rb083
Onderwerp Vaststelling nieuwe aangepaste Verordening individuele inkomenstoeslag Gemeente Kerkrade 2023
Beslispunten I. II.
vast te stellen de Verordening individuele inkomenstoeslag Kerkrade 2023. in te trekken de Verordening inkomenstoeslag Kerkrade 2015 met ingang van 1 januari 2023
Inleiding Met de komst van de Participatiewet in 2015 is de regeling voor mensen met een minimum inkomen die langdurig van dat minimum inkomen moeten leven omgezet van de zogeheten Langdurigheidstoeslag naar de Individuele Inkomenstoeslag. Al met al betekende dit geen majeure inhoudelijke verandering in de regeling met dien verstande dat de juridisch technische kaders wel veranderd zijn. Naar aanleiding van regelmatig terugkerende jurisprudentie blijkt nu een eveneens technisch juridische aanpassing van de Verordening Individuele Inkomenstoeslag noodzakelijk. Deze aanpassing heeft in voorkomende gevallen rechtsgevolgen voor belanghebbenden. In het onderstaande volgt een nadere uiteenzetting van deze noodzakelijke aanpassing(en). Tevens zijn de toeslagbedragen geïndexeerd naar 2023 conform de consumentenprijsindex (CPI) 2022, met een CPI percentage van 4,9 procent.
Doelstelling De doelstelling is om aan de hand van jurisprudentie de rechtmatigheid bij het toepassen van de individuele inkomenstoeslag conform artikel 36 van de Participatiewet te borgen.
Argumenten Conform de Wet komt het recht op individuele inkomenstoeslag gehuwden gezamenlijk toe. Worden belanghebbenden op de peildatum als gehuwd aangemerkt, dan moeten beide belanghebbenden voldoen aan de voorwaarden van artikel 36 lid 1 Participatiewet (de Individuele Inkomenstoeslag). Voldoet één van de gehuwden niet aan deze voorwaarden, dan bestaat voor beiden geen recht op individuele inkomenstoeslag. Dit is conform meerdere rechterlijke uitspraken (zie CRvB 08-08-2006, ECLI:NL:CRVB:2006:AY8382, CRvB 13-072010, ECLI:NL:CRVB:2010:BN2529 en CRvB 08-11-2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BU6421). Op grond van het bovenstaande is de aan uw raad voorliggende conceptverordening aangepast naar de beschikbare informatie zoals deze bekend was op 1 september 2022. 1
Eén partner geen recht. Het bovenstaande staat los van de algemene toets conform artikel 11 (kring der rechthebbenden) en artikel 13 (de wettelijke uitsluitingsgronden van het recht op algemene en bijzondere bijstand). Komt één van de gehuwden op grond van artikel 11 dan wel artikel 13 niet in aanmerking voor het recht op individuele inkomenstoeslag - anders dan vanwege het niet voldoen aan de voorwaarden van de individuele inkomenstoeslag (artikel 36 lid 1 Participatiewet) – dan dient aan de andere echtgenoot wél een toeslag toegekend te worden naar de norm voor een alleenstaande (ouder). Dit naar analogie van artikel 24 Participatiewet. Uiteraard mits die echtgenoot voldoet aan de voorwaarden daarvoor. Het gaat dan bijvoorbeeld om gehuwden waarvan één partner elders in detentie verblijft. De niet-rechthebbende echtgenoot moet echter wel nog steeds als een gehuwde worden beschouwd. Het gezinsinkomen moet dus worden getoetst aan de toepasselijke norm voor gehuwden. Het vorige geldt dus niet als een van de gehuwden niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 36 lid 1 Participatiewet (de Individuele Inkomenstoeslag). Denk bijvoorbeeld aan het niet voldoen aan de voorwaarden van het hebben van een langdurig laag inkomen of dat een der partners een maatregel opgelegd is in verband met de arbeidsinschakeling.
In dat geval hebben beide echtgenoten geen recht op individuele inkomenstoeslag. Zie TK 2002-2003, 28 870, nr. 3, p 11-13 waaruit expliciet volgt dat de bepalingen van het oorspronkelijke artikel 36 lid 1 Participatiewet voor beide echtgenoten gelden.
Kanttekeningen In artikel 8c van de Participatiewet heeft de wetgever de opdracht opgenomen om regionaal samen te werken. Ook de regio Parkstad, in totaal een achttal gemeenten, heeft derhalve deze samenwerkingsopdracht ter hand genomen. Dit betreft eveneens de verordeningsopdracht ten aanzien van de Verordening individuele inkomenstoeslag. Doel is om tot een uniform afgestemde samenwerking inzake de klant- (en werkgeversbenadering) te komen. Binnen dit regionaal samenwerkingsverband heeft de gemeente Kerkrade de aan uw raad voorliggende conceptverordeningen voorbereidt.
Financiën In de financiering van deze regeling wordt voorzien middels het gebundelde BUIG budget (Inkomensdeel) Participatiewet alsmede Participatiebudget/Gemeentefonds Participatiewet.
Communicatie Voor een rechtmatige inwerkingtreding van bijgaande verordening dient de verordening gepubliceerd te worden op de desbetreffende internetmiddelen van de Rijksoverheid.
Uitvoering Domein Burger, afdeling werk, inkomen en zorg.
Gezondheid en Vitaliteit De relatie met gezondheid en vitaliteit is dat met een adequate inkomenspositie deelname aan de relevante activiteiten verhoogd wordt.
2
Bijlagen (3) - Verordening Individuele inkomenstoeslag Gemeente Kerkrade 2023. - Was-wordt overzicht verordening Individuele inkomenstoeslag. - Advies Cliëntenraad SWI.
3