21tl025 Ontwerpbegroting BsGW 2022 en MJR 2022-2026 nota van toelichting.docx
Tekst van het document
Nota van toelichting Nummer.: 21Tl025
Kerkrade, 21 april 2021
Behorend bij ontwerpbesluit nummer 21Rb020
Onderwerp BsGW ontwerpbegroting 2022 en meerjarenraming 2022-2026 Beslispunten De raad besluit: - een negatieve zienswijze af te geven zoals verwoord in het concept schrijven aan BsGW. Inleiding De BsGW heeft aangeboden de Kadernota 2022, inclusief een oplegnotitie. De kadernota dient als basis voor de begroting. De kadernota is behandeld in de AB vergadering van 18 december 2020. De financiële ontwikkelingen zijn toen uitvoerig aan bod gekomen. In deze AB vergadering is een discussie gevoerd over de stijgende proceskostenvergoedingen en het opvangen van indexeringen binnen de eigen begroting. Het AB heeft daarom opdracht gegeven aan het DB een oplegnotitie toe te voegen aan de kadernota waarin op de genoemde opmerkingen wordt ingegaan. In de oplegnotitie zet het DB uiteen welke kostenbesparingen reeds gerealiseerd zijn door BsGW en waarom het niet verantwoord is nog nadere kostenreducties op te leggen naast de nog lopende kostenbesparingstrajecten. Een zienswijze op deze documenten is niet aan de orde. Deze zijn ter kennisname en maken deel uit van de ingekomen stukken van de commissie AZM in april 2021. Mede naar aanleiding van de gemaakte opmerkingen in de commissie AZM van maart j.l. is BsGW uitgenodigd om in april een nadere toelichting te geven op de aangeboden stukken c.q. is er gelegenheid tot het stellen van vragen hierover.
Dat geldt ook voor de door BsGW aangeboden Ontwerpbegroting 2022 en MJR 2022-2026 (hierna: begroting). Conform de regelgeving wordt de raad van de gemeente Kerkrade namelijk verzocht haar zienswijze op de begroting aan het DB kenbaar te maken. De vaststelling door het AB is gepland in juni 2021. De belangrijkste onderdelen van de begroting zijn: Bij het opstellen van de begroting is het uitgangspunt gehanteerd van een minimale, maar wel onderbouwde begroting, aldus BsGW; In de begroting is rekening gehouden met de indexering voor loonontwikkeling en de indexering goederen en diensten; BsGW is namens de gemeenten gevraagd om de regie van de beheerfase waarderen op gebruiks-oppervlakte te voeren. De kosten voor de aanschaf van het regieportaal zijn in de begroting opgenomen;
1
In de afgelopen jaren zijn de kosten van de proceskostenvergoeding fors toegenomen. De laatste inschatting is dat de te verwachten proceskosten in 2020 zullen liggen rond de € 2,7 miljoen. Daarom verwacht BsGW voor de begroting 2022 een bedrag van € 3 miljoen. Zeker gezien het feit dat de ontwikkeling van het aantal bezwaren en de daaruit voortvloeiende proceskostenvergoedingen niet of nauwelijks beïnvloedbaar zijn door BsGW. Het echte probleem en daarmee ook de oplossing zit in de (landelijke) regelgeving zelf; Een jaarlijkse risicoanalyse maakt onderdeel uit van de begroting, waarbij wordt getoetst of het weerstandsvermogen toereikend is om de geïdentificeerde risico’s te kunnen afdekken; Maatschappelijke ontwikkelingen, ontwikkelingen op het gebied van wetgeving en economische ontwikkelingen kunnen de exploitatie van BsGW onder druk zetten; Een ontwikkeling die speciaal aandacht verdiend is de ontwikkeling die samenhangt met harmonisatie, uniforme (samenhangende) objectenregistratie, I-visie en het vervangen van zowel de ICT-infrastructuur (afloop huidige contract 31-05-2022) als het huidige belastingpakket (afloop huidige contract 31-12-2021) via een Europese aanbesteding; BsGW attendeert op mogelijke ontwikkelingen.
Deze hebben invloed op de bedrijfsvoering en de kosten van BsGW, maar zijn niet opgenomen in de begroting 2022, te weten: Fiscale Vereenvoudigingswet 2017, voortgang implementatie Wet vereenvoudiging beslagvrije voet en verbreding beslagregister, verruiming gemeentelijk belastinggebied, Omgevingswet, samenwerking / nieuwe deelnemers in BsGW, uniforme samenhangende objectenregistratie (SOR), Unie van Waterschappen: onderzoek houdbaarheid belastingstelsel, waardering zonnepanelen voor de WOZ-waarde, vergroening belastingen, amendement Omtzigt: verruimde tariefdifferentiatie OZB, Archiefwet.
Een meer uitvoerige toelichting is opgenomen in de begroting zelf. Hoofdstuk 1 bevat de managementsamenvatting. Hoofdstuk 2 geeft een korte inleiding. In hoofdstuk 3 wordt aandacht besteed aan de beleidsbegroting waar de onderdelen (reken)uitgangspunten, ontwikkelingen, de producten en de paragrafen toegelicht worden. Hoofdstuk 4 bevat de financiële begroting. Daarnaast bevat de begroting nog diverse bijlagen. Wanneer de argumenten en kanttekeningen worden afgeworgen, is een negatieve zienswijze aan de orde. Doelstelling Door het afgeven van een zienswijze wordt de positie van de gemeenteraad versterkt. Bovendien dient BsGW tijdig te beschikken over een Ontwerpbegroting 2022 en MJR 2022-2026 als financieel kader. Argumenten Voorgesteld wordt een negatieve zienswijze af te geven op de begroting om de volgende redenen: De belangrijkste argumentie voor het predicaat “negatief” is het op meerdere plekken afdekken van risico’s, zoals dit ook eerder door meerdere gemeenten, waaronder Kerkrade, is aangedragen. Het weerstandsvermogen wordt bepaald op basis van een risico-analyse. Hierin is opgenomen het risico “Overschrijding begroting BsGW”, dat resulteert in een benodigd weerstandsvermogen van € 200.000. Dit, terwijl BsGW ook al een post onvoorzien hanteert van 1,4% van het begrotingstotaal.
Daarnaast is in het weerstandsvermogen het risico “Landelijke stijging WOZ bezwaren” à € 250.000 meegenomen, terwijl de post proceskostenveroedingen verhoogd is met € 300.000 t.o.v. de verwachte realisatie 2020 (€ 2,7
2
mln) naar € 3,0 mln. Het is onnodig en onwenselijk dat risio’s op meerdere plekken worden afgedekt. BsGW geeft aan dat harmonisatie kan leiden tot lagere kosten en een gelijkblijvende of hogere service aan de deelnemers. Er wordt minder voortgang geconstateerd dan verwacht. BsGW dient dit nader uit te werken. Het probleem van de stijgende proceskostenvergoedingen wordt groter en groter. De oplossing is primair gelegen in de (landelijke) regelgeving. Dat neemt niet weg dat BsGW zich maximaal en proactief moet blijven inzetten om de stijgende lijn te doorbreken. Naast de proceskosten laten ook andere uitgaven een stijgende lijn zien. BsGW wordt daarom gevraagd kritisch te blijven op de uitgaven. Ook al is de stijging van de bijdrage van Kerkrade voorzien in de begroting, er is toch sprake van een kostenstijging voor de deelnemers ten opzichte van vorig jaar (zie financiële paragraaf).
3
Kanttekeningen Niettemin zijn er ook enkele positieve elementen die vermeldenswaardig zijn: BsGW heeft reeds meerder stappen genomen in het proberen terug te dringen van de proceskostenvergoedingen. Zo is een Haagse lobby gestart, is de flitsbezwaarprocedure ingevoerd, is het eenvoudiger gemaakt bezwaar in te dienen via mijnBsGW, vindt er jaarlijks een mediacampagne plaats voor het versturen van de WOZ-aanslag, is de kwaliteit van databestanden verbeterd, is het combibiljet verbeterd in 2021 en wordt ingezet op een betere communicatie met burgers en bedrijven. Vorig jaar is in de zienswijze aandacht gevraagd voor wat BsGW kan betekenen in het kader van vroegsignalering met als doel het voorkomen van schulden en armoede. Naar aanleiding hiervan is door BsGW contact gezocht met de gemeente Kerkrade. Dit is een positief element. Per 1 januari 2021 is de wet gemeentelijke schuldhulpverlening (WGS) gewijzigd. Voor een aantal partijen waaronder woningcorporaties, elektriciteitsleveranciers, etc. geldt een vroegsignaleringsplicht. BsGW valt nog niet onder deze partijen. De gemeente Kerkrade is op dit moment druk doende met het inregelen van deze wettelijke plicht. Zodra dit staat, zal ook met BsGW de aansluiting op vroegsignalering worden opgepakt en aanvullende afspraken worden gemaakt. Financiën De begroting 2022 valt circa € 1.721.000 hoger uit dan in 2021.
Te weten: Loonindexering € 298 duizend; Indexering goederen en diensten € 130 duizend; Proceskostenvergoeding € 960 duizend; Regieportaal € 333 duizend. Daarnaast voert BsGW jaarlijks een risicoanalyse uit. Op basis van de risicoanalyse is het benodigde weerstandsvermogen bepaald. Het totale benodigde weerstandsvermogen voor de genoemde risico’s is € 1,33 miljoen. Bij de (meerjaren)-begroting 2021-2025 is het weerstandsvermogen berekend op € 1,19 miljoen. Er is dus een additionele storting nodig van € 140.000. Dit betekent dat de bijdrage van Kerkrade stijgt van € 742.000 naar € 829.000. Verder is nog een eenmalige storting in het weerstandsvermogen benodigd van ca. € 5.400. Met de hogere bijdrage is in de Kerkraadse begroting al rekening gehouden. Zo werd in Ontwerpbegroting 2021 en MJR 2021-2015 al gerekend met dezelfde meerjarige indexering op lonen en goederen. Daarnaast was reeds een inschatting voorhanden van de kosten van het regieportaal en was bekend dat de proceskostenvergoedingen een stijgende lijn lieten zien. Communicatie Geen bijzonderheden. Uitvoering Na besluitvorming door de raad zal de in de bijgevoegde (concept)brief namens de raad verwoorde zienswijze aan de BsGW worden verstuurd. Finale besluitvorming door het Algemeen Bestuur over de Ontwerpbegroting 2022 en MJR 2022-2026 is gepland in juni 2021.
4