20i0028480 schrijven provincie Limburg met oproep inzet voor cultuur van de ontvangen Rijksmiddelen voor cultuur.pdf
Tekst van het document
provincie limburq
meente meerite Kerkrats Kerkrat ÎNGEKOMEN INGEKOMEN
G.P.J, Koopmans Lid Gedeputeerde Staten
^
0 î DEC. 2020 No.; Gemeenteraden Limburgse gemeenten Gescand nummer: 20İ0028480
Cluster
Cultuur
Behandeld
K.L. Reynţjens
Ons kenmerk
DOC-00112158
Telefoon
+31 6 15 46 26 52
Maastricht
30 november 2020
2
Verzonden
30 november 2020
Uw kenmerk Bijlage(n)
Onderwerp Oproep inzet voor cultuur van de ontvangen Rijksmiddelen voor cultuur
Geachte leden van de Gemeenteraad, Dankzij diverse maatregelen van het Rijk in relatie tot Corona ontvangt uw Gemeente via het gemeentefonds middelen ter ondersteuning van de culturele infrastructuur. De Limburgse gemeenten ontvangen hierdoor samen in totaal G 17,06 mln. voor cultuur voor de periode 2020-2021. Een overzicht per gemeente is terug te vinden in bijlage 1. Minister van Engelshoven spreekt in de Kamerbrief 'Uitwerking maatregelen tweede specifieke pakket voor de culturele en creatieve sector’ van 16 november 2020 haar vertrouwen uit dat de gemeenten deze extra middelen daadwerkelijk zullen inzetten ter ondersteuning van culturele instellingen en zo de culturele infrastructuur in stand houden. Voor 2020 ontvangen de Limburgse gemeenten middelen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) voor de borging van de lokale en regionale culturele infrastructuur. Deze organisaties missen onder andere inkomsten uit kaartverkoop en horeca, terwijl de vaste lasten zoals huisvesting en beveiliging doorlopen. Deze compensatie wordt via het Gemeentefonds uitgekeerd aan de gemeenten en is niet geoormerkt. Provinciale Staten heeft in de vergadering van 13 november 2020 haar zorg uitgesproken over de inzet van deze middelen op basis van signalen dat Limburgse gemeenten de besteding van deze middelen ten behoeve van de culture sector onvoldoende oppakken.
Zoals ook in de mededeling van Gedeputeerde Koopmans aan Provinciale Staten inzake ‘Inzet vanwege Corona van maatregelen en middelen voor cultuur en erfgoed in Limburg’ van 13 oktober 2020 (bijlage 2) aangegeven en in navolging van Minister van Engelshoven roept de Provincie Limburg dan ook de Limburgse gemeenten op om deze middelen niet op “de grote hoop” te plaatsen alsook niet in het “grote gat” te laten verdwijnen, maar om deze middelen daadwerkelijk in te zetten ten behoeve van de lokale en regionale culturele infrastructuur.
V Bezoekadres: Limburglaan 10 NL-6229 GA Maastricht
Postbus 5700 NL-6202 MA Maastricht postbus@prvlimburg.nl
Tel 4- 31 43 389 99 99 Fax + 31 43 361 80 99 vnvw.limburg.nl
IBAN -nummer: NL08RABO0132575728 BIC-code: RABONL2U
provincie iimburg Zelf heeft de Provincie Limburg via de compensatiepakketten van BZK voor de periode van medio maart tot en met 1 juni 2020 een compensatie van ongeveerd 1,1 mln. ontvangen. In bijgevoegde mededeling Gedeputeerde Koopmans aan Provinciale Staten wordt de inzet van deze middelen toegelicht. Additioneel investeert de Provincie Limburg vanwege Corona onder de noemer “Investeren in overleven” in totaal C 1,67 mln. eigen middelen in de Limburgse culturele en creatieve sector. Voor 2021 ontvangen de Limburgse gemeenten middelen via het tweede specifieke pakket voor de culturele en creatieve sector van OCW om lokale en culturele instellingen en voorzieningen te ondersteunen. De verdeling van deze middelen wordt toegelicht in de Kamerbrief ‘Uitwerking maatregelen tweede specifieke pakket voor de culturele en creatieve sector’ van 16 november 2020. Tot slot, sinds medio maart 2020 maakt de Provincie Limburg zich samen met het Rijk en de Gemeenten sterk om de Limburgse culturele en creatieve sector en de erfgoedsector te helpen bij het overleven van de Coronacrisis en om de gevolgen daarvan zo draaglijk mogelijk te maken. Net als Minister van Engelshoven doet in haar brief van 16 november 2020, vragen wij u nadrukkelijk om de extra middelen van het Rijk ter ondersteuning van de culturele infrastructuur daadwerkelijk voor dit doel in te zetten.
Alleen zo kunnen wij er samen voor zorgen dat de culturele en creatieve sector in uw gemeente en in Limburg in staat wordt gesteld om het hoofd te bieden aan de crisis en de veerkracht kan ontwikkelen om de culturele infrastructuur en het cultureel ecosysteem in Limburg wendbaar en weerbaar te maken voor de toekomst.
G.P.J. Koopmans
2
provincie limburg Provinciale Staten van Limburg
Cluster
CULT
Ons kenmerk Uw kenmerk Bijlage(n)
2020/41383 1
Behandeld Telefoon Maastricht Verzonden
L.G.D.C. Meijer +31 6 52 72 31 98 13 oktober 2020 13 oktober 2020
Onderwerp Mededeling portefeuillehouder inzake Inzet vanwege Corona van maatregelen en middelen voor cultuur en erfgoed in Limburg
Geachte Staten, Sinds medio maart 2020 maken wij ons sterk om de Limburgse culturele en creatieve sector en de erfgoedsector te helpen bij het overleven van de Coronacrisis en om de gevolgen daarvan zo draaglijk mogelijk te maken. Door middel van de voortgangsberichten inzake ‘Provinciale maatregelen tegen de gevolgen van het Coronavirus’ en hun bijlagen bent u regelmatig geïnformeerd over onze aanpak en de stand van zaken. In deze mededeling zetten wij de tot nu toe genomen maatregelen voor u op een rij en informeren wij u over de concrete inzet voor de Limburgse cultuur- en erfgoedinstellingen van de door het Rijk en door ons vanwege de Coronacrisis beschikbaar gestelde middelen. De mededeling heeft de volgende indeling: 1. Rijksmaatregelen en -middelen 1.1 Eerste specifieke steunpakket van OCW 1.2 Tweede specifieke steunpakket van OCW 1.3 Compensatiepakketten van BZK 2. Provinciale maatregelen en middelen 2.1 Provinciale maatregelen 2.2 Provinciale middelen vanwege Corona: “Investeren in overleven” 3. Besluitvorming landelijke culturele Basisinfrastructuur
Bezoekadres:
Limburglaan 10 NL-6229 GA Maastricht
Postbus 5700 NL-6202 MA Maastricht postbus@prvlimburg.nl
Te! t 31 43 389 99 99 Fax + 31 43 361 80 99 www.limburg.ni
IBAN -nummer: NL08RABO0132575728 BIC-code: RABONL2U
provincie limburg 1.
Riiksmaatreoelen en -middelen
Zoals u bekend heeft het Rijk de afgelopen maanden een aantal algemene en specifieke steunpakketten opengesteld, waarop (ook) de culturele en creatieve sector en erfgoedsector een beroep hebben kunnen doen of nog kunnen doen om de gevolgen van de Coronacrisis op te vangen en te verlichten. Naast de generieke maatregelen van het Kabinet en de algemene coulancemaatregelen ten aanzien van door het Rijk gefinancierde culturele instellingen heeft het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) in april en augustus twee specifieke steunpakketten ter ondersteuning van de culturele en creatieve sector aangekondigd. Waar dat kon, hebben wij in het traject van opstelling en concrete uitwerking daarvan, zowel bij het Ministerie van OCW als bij de Rijkscultuurfondsen, ervoor gepleit en erop geacteerd dat zo veel mogelijk middelen hiervan worden ingezet ter ondersteuning van de Limburgse culturele en creatieve sector en erfgoedsector. Wij zetten steeds in op het maximaal benutten van de Rijksregelingen. Daar waar medefinanciering door het Rijk als een voorwaarde is gesteld, hebben wij te kennen gegeven daartoe financieel bij te dragen. Ook gemeenten zijn daartoe door ons gestimuleerd. Wij hebben de Minister van OCW onze brief d.d.
13 mei 2020 “Investeren in overleven, inzet Provincie Limburg voor de vitale regionale infrastructuur” (kenmerk 2020/19761) gestuurd en regelmatig bestuurlijk overleg gevoerd in het kader van de Cultuurregio’s en het Interprovinciaal Overleg (IPO). Hiernaast heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) als compensatie lagere overheden voor de gevolgen van de Coronacrisis op het gebied van cultuur dit jaar C 120 mln. gereserveerd voor gemeenten en een eerste schijf van C 8 mln. voor de provincies. In dat kader hebben wij binnen het Bestuurlijk Overleg Financiële verhoudingen (BOFv) een claim ingediend. Om die claim te kunnen opstellen, was het nodig om de gevolgen van de Coronacrisis bij de Limburgse cultuur- en erfgoedinstellingen in beeld te krijgen. Wij hebben daartoe gegevens opgehaald bij 27 instellingen in relatie tot het provinciaal Cultuurplan en de Subinfrastructuur (die niet door het Rijk of de Rijkscultuurfondsen gesubsidieerd worden), bij de 3 provinciale musea, bij 6 organisaties op het gebied van erfgoed en bij 8 regionale theaters. Pop in Limburg heeft ons op verzoek van en in samenwerking met de Limburgse poppodia een inzicht gegeven van de financiële impact van de Coronacrisis op de Limburgse poppodia.
Wij hebben steeds intensieve samenwerking met de belangrijkste 8 partnergemeenten voor de regionale culturele infrastructuur: Venlo, Venray, Roermond, Weert, Sittard-Geleen, Heerlen, Kerkrade en Maastricht. Hierbij is in het kader van medefinanciering steeds aandacht voor ieders primaire verantwoordelijkheden en voor een evenwichtige verdeling van vanwege Corona beschikbare overheidsgelden over de regionale culturele infrastructuur. Hierna gaan wij nader in op onze inzet van via het Rijk verkregen middelen. Daarbij hebben wij rekening gehouden met al eventuele eigen provinciale inzet voor de instelling op andere fronten, alternatieve inkomsten voor de instelling van de gemeentelijke overheid of met inmiddels door de instelling zelf georganiseerde oplossingen.
provincie limburg 1.1 Eerste specifieke steunpakket van OCW Niet voor alle onderdelen van de algemene en specifieke steunpakketten van het Rijk ten behoeve van de culturele en creatieve sector en de erfgoedsector is provinciale betrokkenheid en/of besluitvorming nodig. Waar passend hebben wij partijen gestimuleerd om zelf van deze steunpakketten gebruik te maken en steunfunctieorganisaties zoals het Huis voor de Kunsten Limburg, Pop in Limburg en het Limburg Film Office daartoe in stelling gebracht. Verder is er rechtstreekse inzet van middelen vanuit het Ministerie van OCW voor de producerende instellingen in de landelijke Basisinfrastructuur 2017-2020 en voor de instellingen en festivals die meerjarige subsidie ontvangen van de zes Rijkscultuurfondsen in de periode 2017-2020, omdat het Ministerie van OCW de primaire verantwoordelijkheid voor deze instellingen draagt. In de bijlage (blz. 3) kunt u zien welke instellingen welke bijdragen van wie ontvangen. Onderdeel van het eerste steunpakket van de Minister van OCW d.d. 15 april 2020, uitgewerkt in haar brief d.d. 27 mei 2020, vormt 6 48,5 mln. beschikbaar gesteld ter investering in de vitale regionale infrastructuur voor een beperkt aantal cruciale regionale musea, podia en filmtheaters.
Bij deze, via regelingen van de Rijkscultuurfondsen, vrijgekomen middelen, heeft de Minister van OCW als extra voorwaarde gesteld dat de gemeente of provincie medefinanciert. Op basis van diverse door de Rijkscultuurfondsen opengestelde regelingen is voor de vitale regionale infrastructuur in Limburg een Rijksbijdrage ontvangen van ruim 6 2,5 mln. (zie de bijlage; blz. 3). Wij hebben in het kader van de Compensatieregeling Coronacrisis Musea ž 100.000 bezoekers van het Mondriaanfonds in dit verband een bijdrage verleend aan Museumplein Limburg van C 346.091,00 en aan het Bonnefantenmuseum van C 358.237,00. De medefinanciering voor podia (theaters en poppodia) en filmtheaters is primair een verantwoordelijkheid van de gemeenten. Betrokken gemeenten hebben hierbij dus eenzelfde bijdrage geleverd als het Rijk. De bijdragen zijn medebepalend geweest voor onze besluitvorming inzake “Investeren in overleven", zoals in het vervolg van deze mededeling is opgenomen. 1.2 Tweede specifieke steunpakket van OCW De Minister van OCW heeft in een brief d.d. 28 augustus 2020 een tweede steunpakket aangekondigd ter ondersteuning van culturele en creatieve sector in de eerste helft van 2021. De uitwerking van dit pakket dient nog te gebeuren en de Provincie Limburg is hier zowel in IPO-verband als via de Cultuurregio’s bij betrokken. Onderdeel van dit tweede pakket is C 150 mln.
voor gemeenten ter ondersteuning van de cruciale lokale culturele infrastructuur. Dit geld komt pas in 2021 beschikbaar. 1.3 Compensatiepakketten van BZK De Minister van BZK heeft d.d. 29 mei en 31 augustus 2020 vanwege de gevolgen van de Coronacrisis op vlak van cultuur twee compensatiepakketten voor medeoverheden beschikbaar gesteld. Het gaat om C 120 mln. voor de gemeenten voor de lokale en regionale culturele infrastructuur voor de periode van 15 maart 2020 t/m 31 december 2020. In totaal komt er voor alle Limburgse gemeenten samen ongeveer C 7,5 mln. beschikbaar (zie de bijlage blz. 2; door ons berekend aan de hand van de Septembercirculaire 2020 en bijhorend rekenmodel).
3
provincie limburg Wij hebben met enkele gemeenten een gesprek gevoerd met als doel inzicht te krijgen in de Rijksmiddelen die gemeenten ontvangen ter compensatie van de gevolgen van de Coronacrisis op het gebied van cultuur, onder welke voorwaarden deze middelen worden overgemaakt aan de gemeenten en op welke wijze gemeenten deze middelen (zullen) inzetten ter ondersteuning van de cultuur- en erfgoedsector. De compensatie wordt via het Gemeentefonds uitgekeerd aan de gemeenten en is niet geoormerkt. Wij roepen de Limburgse gemeenten daarom op om deze middelen niet op “de grote hoop” te plaatsen alsook niet in het “grote gat” te laten verdwijnen, maar om deze middelen in te zetten ten behoeve van de lokale en regionale culturele infrastructuur zoals bepaald in de brief van Minister van BZK. Zoals eerder in deze mededeling genoemd is voor de provincies in dit kader C 8 mln. beschikbaar gesteld voor de periode tot 1 juni 2020. Wij verwachten daarvan ongeveer C 1,1 mln. op korte termijn via een specifieke uitkering te ontvangen, op basis van de door ons ingediende claim gebaseerd op de door de instellingen door middel van onze inventarisatie aangeleverde gegevens. Wij maken ons via het BOFv sterk om ook voor de periode van 1 juni t/m 31 december 2020 een dergelijke uitkering te krijgen, net zoals de gemeenten hebben gekregen.
Wij hebben het Rijk nadrukkelijk gevraagd om snel inzicht te geven in de bijdragen van het Rijk en de middelen spoedig en met zo beperkt mogelijke criteria door te zetten naar de provincies en gemeenten. In de bijlage (blz.1) treft u het overzicht aan van onze inzet van deze middelen. Wij hebben besloten om deze middelen in de meeste gevallen conform de ingediende claim te beschikken aan de cultuur- en erfgoedinstellingen. Bij een aantal cultuur- en erfgoedinstellingen wijken wij om redenen hier vanaf, oormerken wij middelen of verbinden wij hieraan voorwaarden. Dit betreffen: Bonnefantenmuseum Bonnefantenmuseum heeft in het kader van matching van de Compensatieregeling Coronacrisis Musea 00.000 bezoekers dus al een provinciale bijdrage ontvangen van C 358.237,00. Gelet hierop oormerken wij van de BZK-middelen die aan het Bonnefantenmuseum toegerekend kunnen worden ter hoogte van C 131.000,00, C 14.173,00 voor indexeringskosten van de provinciale matching voor 2021 van de BIS-aanvraag van het Bonnefantenmuseum, in navolging van de Minister van OCW. De resterende BZK-middelen van C 116.827,00 reserveren wij voor dit museum ten behoeve van de matching van toekomstige extra activiteiten, in lijn met de aanpak “Investeren in overleven”.
Museumplein Limburg Museumplein Limburg, heeft in het kader van matching van de Compensatieregeling Coronacrisis musea ^100.000 bezoekers dus al een provinciale bijdrage ontvangen van C 346.091,00. Gelet op de forse bezuinigingen die Museumplein Limburg desondanks heeft moeten doorvoeren en het ontbreken van reserves voor toekomstige tegenvallers, zullen wij de BZK-middelen die aan Museumplein Limburg kunnen worden toegerekend ter hoogte van C 69.674,00 voor dit museum reserveren ten behoeve van mogelijke toekomstige gevolgen van de Coronacrisis. Hiervan oormerken wij reeds C 24.000,00 als bijdrage in de eenmalige transitiekosten waarvoor Museumplein Limburg is komen te staan als gevolg van de noodzakelijke koerswijziging.
provincie limburg Monumentenwacht Limburg en Stichting Restauratie Atelier Limburg In de Mededeling portefeuillehouder d.d. 14 juli 2020 inzake ‘de impact van de Coronacrisis op aankomende besluiten op het gebied van Cultuur en Erfgoed’ (kenmerk 2020/29421)) hebben wij al aangegeven dat een deel van onze erfgoedinstellingen, met name de Monumentenwacht Limburg (MWL) en de Stichting Restauratie Atelier Limburg (SRAL), kampt met de gevolgen van de Coronacrisis, gepaard met een al eerder ervaren moeilijke financiële situatie: De MWL heeft over 2019 een financieel tekort van 6 268.493,00 geschreven, onder andere veroorzaakt door een betalingsachterstand inzake salarissen, langdurig zieke medewerkers en diverse ongedekte uitgaves. De nieuwe directeur heeft in een Meerjarenbegroting transitiekosten in kaart gebracht die voortkomen uit een vooralsnog onafwendbaar negatief resultaat ook in 2020 mede vanuit de actuele situatie én uit de maatregelen die hij in combinatie met bezuinigingen nodig acht om dit om te buigen en zelf tering naar de nering te kunnen zetten. Voor 2020 levert dit een verwacht tekort op van C 140.000,00.
Wij hebben besloten MWL in staat te stellen de bedrijfsvoering structureel te verbeteren en de transitiebegroting te ondersteunen door het tekort over 2019 ten laste te brengen van het Begrotingsresultaat 2020, en de 6 140.000,00 over 2020 ten laste te brengen van onderhavige BZKmiddelen, gegeven de actuele Coronasituatie. Ook bij de SRAL heeft de Coronacrisis het probleem versterkt. Ook hier is de opgave tering naar de nering te zetten. Uit een eerste verkenning is gebleken dat er kansrijke financiële en inhoudelijke perspectieven voortkomen uit samenwerking tussen SRAL en de Stichting Restaura, die inhoudelijk complementair is. Gelet hierop hebben wij besloten voor de nadere uitwerking van de samenwerking een incidentele projectsubsidie van C 25.000,00 te verlenen. Uit de uitwerking moeten kostenbesparingen ten opzichte van de huidige situatie, financiële levensvatbaarheid en een duurzaam perspectief op continuïteit blijken. Deze C 25.000,00 is reeds uit beleidsmiddelen toegekend. Aanvullend zullen wij ook vanuit onderhavige BZK-middelen nog C 25.000,00 toekennen aan SRAL om het actuele verlies aan inkomsten te verlichten. Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij: Conform de opgevoerde schade en daaropvolgende bestuurlijke afspraken ontvangt de Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij uit de BZK-middelen C 250.000,00. Cultuurfonds i.o.
Wij reserveren een bijdrage van C 50.000,00 voor het initiatief vanuit Cultuur in Bedrijf Limburg om te komen tot de inrichting bij het Prins Bernard Cultuurfonds van een Cultuurfonds voor makers, waarbij het idee is dat ook andere partijen zoals het bedrijfsleven, theaters en de Cultuurregio’s hieraan gaan bijdragen. Deze C 50.000,00 brengen wij voor č 35.000,00 ten laste van de BZK-middelen en voor 6 15.000,00 ten laste van “Investeren in overleven” (zie hierna). Wij stellen daarbij voor als voorwaarde dat het om makers genrebreed moet gaan: beeldende kunst, podiumkunst, creatieve industrie en urban, en dat onze bijdrage is gericht op verviervoudiging van dit bedrag door middel van een multiplier effect. De BZK-middelen gaan wij, zo nodig vooruitlopend op formele ontvangst van het Rijk, zo snel mogelijk beschikken. Wij gaan bekijken hoe wij dit kunnen doen met zo weinig mogelijk bureaucratische lastendruk in- en extern in het kader van snelle afhandeling en coulance.
provincie limburg De middelen zijn ter dekking van gemiste inkomsten, opgetreden tekorten of andere geleden schade die in relatie staat tot de Coronacrisis. De inzet van deze middelen is gekoppeld aan de primaire inzet onder de noemer “Investeren in overleven” (zie onder 2.2 van deze mededeling). Hierdoor is het dus soms mogelijk dat de omvang van deze middelen in relatie staan tot de opgevoerde schade, maar in de besteding daarmee geen relatie hebben. De financiële verwerking van onze besluitvorming loopt via de reguliere P&C cyclus. 2.
Provinciale maatregelen en middelen
2,1 Provinciale maatregelen Hierna volgt een overzicht van de maatregelen die wij hebben genomen binnen ons eigen beleid. 1.
Wij hebben inzake ons subsidiebeleid: direct coulancemaatregelen genomen. Wij gaan coulant om met de geldende regels waar het gaat om de bevoorschotting, project(duur)wijzigingen en vaststellingen. Cultuur- en erfgoedinstellingen mogen de aan hun verleende subsidies behouden als prestatieafspraken vanwege de Coronacrisis niet kunnen worden nagekomen, waarmee wij hun een belangrijke steunmaatregel bieden; de Stimuleringsregeling Bovenlokale Evenementen 2020-2023 gewijzigd vastgesteld naar aanleiding van de motie 2611 Gewijzigd Jenneskens c.s. inzake ‘Laat Limburg (be)leven ook digitaal’, zodat subsidieaanvragen ook toegekend kunnen worden als de evenementen digitaal plaatsvinden en/of als subsidieaanvragen worden ingediend door individuele makers en kleine collectieven; de Nadere subsidieregels lokale en regionale musea 2020-2021 opengesteld, waardoor, lokale en regionale musea in onze provincie de mogelijkheid hebben om met ondersteuning van de Provincie Limburg in te zetten op de toekomstbestendigheid van hun publieksactiviteiten voor bezoekers.
Onder toekomstbestendig wordt daarbij ook verstaan het weerbaar maken van de organisatie naar aanleiding van de Coronacrisis, zoals bijvoorbeeld het verbreden van gangpaden om 1,5 meter afstand tussen bezoekers te borgen, het ontwikkelen van audiotours, het ontwikkelen of het betaald gebruik van een online systeem voor ticketverkoop; de Nadere subsidieregels Participatie opengesteld, waardoor wij projecten ondersteunen die erop zijn gericht om de samenredzaamheid en/of participatie in de samenleving van een kwetsbare doelgroep te vergroten en/of de problematiek van een kwetsbare doelgroep bespreekbaar te maken, bijvoorbeeld door middel van activiteiten op het gebied van cultuur (archeologie, immaterieel erfgoed, kunsten en/of monumenten). Op basis van deze regeling kan een aanvullend subsidiebedrag van 15aZo worden verstrekt, als met het project (ook) het verminderen van negatieve sociaalmaatschappelijke gevolgen van de Coronacrisis wordt
2.
beoogd. Wij hebben om crowdfundingsacties via voordekunst.nl en cinecrowd.nl te laten slagen, onze provinciale bijdrage respectievelijk voor de periode tot 1 september 2020 en voor de periode t/m 31 december 2020 verhoogd van 30o7o naar 50oZo. Beide platforms bieden voor genoemde periodes makers en instellingen die de gevolgen van de Coronamaatregelen financieel merken ook de mogelijkheid om een actiecampagne te starten. Wij ondersteunen deze actiecampagnes eveneens. Bij een actiecampagne bieden makers en instellingen in ruil voor een donatie speciale tegenprestaties aan.
6
provincie limburg Op deze manier kan de actiecampagne ingezet worden om, ondanks de Coronamaatregelen, publiek te blijven bereiken en tijdelijk extra inkomsten te genereren. In de periode maart- september 2020 werden via voordekunst 13 crowdfunding- en 2 actiecampagnes gestart. Hieraan werd tot dusver C 177.166,00 gedoneerd, waarvan wij C 69.862,00 hebben bijgedragen. In de periode maart-september 2020 werden via Cinecrowd 6 crowdfundingcampagnes gestart. Hieraan werd 6 56.533,00 gedoneerd, waarvan wij 3.
C 21.250,00 hebben bijgedragen. Wij hebben het HKL gevraagd extra in te zetten op het ondersteunen van de amateurkunsten- en erfgoedsector bij het overleven van de Coronacrisis en in het vinden van nieuwe/aangepaste praktijken voor de nabije toekomst. Reeds bij het HKL geoormerkte middelen van ruim C 125.000,00 voor verenigingsondersteuning dient het HKL primair hiervoor in te zetten. Verder hebben wij het HKL gevraagd ons te informeren over problematieken en oplossingen die hieruit afgeleid kunnen worden ten behoeve van onze beeldvorming over de situatie in de
4.
amateursector. Wij hebben ons voornemen kenbaar gemaakt om, onder de noemer “Investeren in overleven”, ruim C 1,5 mln. provinciale Cultuurmiddelen in te zetten. Hierna gaan wij in op de specifieke inzet van deze middelen.
2.2 Provinciale middelen vanwege Corona: “Investeren in overleven” Als aangegeven, gaan wij vanwege Corona onder de noemer “Investeren in overleven” provinciale Cultuurmiddelen inzetten ten laste van de nog vrije financiële ruimte binnen het Beleidsprogramma Cultuur 2020-2021 “Ruimte voor Cultuur”, zowel de middelen gereserveerd voor 2020 als deels voor
2021. Wij hebben daarbij een aantal uitgangspunten gehanteerd: de primaire verantwoordelijke overheid is eerst aan zet om instellingen te ondersteunen bij het overleven van de Coronacrisis. Waar verantwoord treden wij dus niet in verantwoordelijkheden van Rijk en gemeenten; benutten voor benodigde provinciale medefinanciering vanwege de Rijksmaatregel gericht op investering in de vitale regionale infrastructuur; hanteren als hefboomconstructie om door gezamenlijke overheidsinzet meerwaarde te creëren; waar mogelijk inzetten passend in (de beleidslijn van) het Beleidsprogramma Cultuur 2020-2021 “Ruimte voor Cultuur”: met aandacht voor diversiteit, spreiding over de Provincie met bijzondere aandacht voor Noord- en Midden-Limburg, de positionering van de makers, regionaal of lokaal draagvlak en een reëel toekomstperspectief. In de bijlage (blz. 4) treft u onze concrete inzet aan. Het gaat in totaliteit om C 1.669.328,00, waarvan C 1.204.328,00 ten laste van de vrije financiële ruimte. De overige 6 465.000,00 is gekoppeld aan reeds in het Beleidsprogramma Cultuur 2020-2021 geoormerkt budget. Hierdoor resteert uiteindelijk toch nog een, weliswaar zeer beperkte, “vrije” financiële ruimte in het Beleidsprogramma Cultuur voor 2021 van ongeveer C 175.000,00.
De ervaring leert dat deze nog noodzakelijk zullen zijn om te kunnen inspelen op actualiteiten die zich gedurende het jaar zullen voordoen in de culturele en creatieve sector.
7
provincie limburg gğ In aanvulling op de bijlage nog het volgende wat betreft de genoemde inzet van: č 500.000,00: wij reserveren hiervan Ç 261.000,00 voor theaters of podia, onderdeel van de vitale regionale infrastructuur van de belangrijkste 8 partnergemeenten, die met in aanmerking zijn gekomen voor de Rijksondersteuning via eerdergenoemde regeling van het Fonds Podiumkunsten. Onze ondersteuning in verband met gederfde inkomsten als gevolg van Coronamaatregelen bedraagt voor de Schouwburg Venray maximaal C 186.000,00 en voor het Munttheater Weert maximaal C 75.000,00, op voorwaarde van medefinanciering door de betreffende gemeente. Het restant zijnde ten minste 6 239.000,00 wordt gereserveerd voor (toekomstige) Coronaproblematiek bij de vitale regionale infrastructuur van de partnergemeenten in 2021. 6 250.000,00: een nog nader te bepalen deel van deze middelen reserveren wij voor de Jan van Eyck Academie. De Jan van Eyck Academie heeft geen gebruik kunnen maken van het eerste Rijkssteunpakket voor de cultuursector omdat postacademische instellingen hiervan waren uitgesloten. Ook de generieke maatregelen die de Rijksoverheid neemt, bieden geen uitkomst voor de academie. De Jan van Eyck is echter wel hard geraakt in haar eigen inkomsten die hoofdzakelijk komen uit de horeca, verhuur/evenementen/hotel, opbrengsten uit de werkplaatsen en de opbrengsten van de deelinstituten.
Gelet op het belang van het instituut voor onze regio geven wij een bijdrage als tegemoetkoming voor de geleden schade. Het restant van de 6 250.000,00 reserveren wij vervolgens voor (toekomstige) Coronaproblematiek bij instellingen uit het provinciaal Cultuurplan en de Subinfrastructuur, die ņjeţ in aanmerking komen voor Rijksondersteuning in het kader van de specifieke steunpakketten van OCW. C 30.000,00 ten behoeve van urban initiatieven in Weert en Heerlen. In Weert is de provinciale bijdrage ingezet ter ondersteuning van Het Zuilen Kabinet (aan de Boshoverbrug), die zich ontwikkelt tot een vrijplaats voor street art, en de Urban Culture functionaris/kwartiermaker van de gemeente. In Heerlen is mede dank zij de provinciale bijdrage een project ontwikkeld waarbij verschillende hiphopstromingen, disciplines (dans, muziek, kunst, spoken word), makers en culturele instellingen in verbinding worden gebracht en bezoekers worden uitgenodigd om weer actief te participeren in het culturele leven.
3.
Besluitvorming landelijke culturele Basisinfrastructuur
Wij informeren u door middel van deze mededeling nog over een aantal zaken samenhangend met landelijke culturele Basisinfrastructuur (BIS). Het Ministerie van OCW heeft op Prinsjesdag de toekenningen in het kader van de landelijke culturele BIS 2021-2024 bekend gemaakt. Wij verwijzen u hiervoor naar de bijlage (blz.3). De Minister heeft toen ook bekend gemaakt C 15 mln. extra toe te kennen aan het Fonds Podiumkunsten, waardoor instellingen met een positief advies die eerder door een tekort aan budget waren afgewezen alsnog gehonoreerd kunnen worden. Hierdoor ontvangt Theatercollectief Het Geluid toch een bijdrage van het Fonds Podiumkunsten.
8
provincie limburg gļļ Daarnaast heeft onze lobby, in het kader van een meer evenwichtiger regionale spreiding van Rijkscultuurmiddelen over het land, ertoe geleid dat de Minister heeft besloten om C 2 mln., die de Minister in petto had voor een matchingsregeling Verbreding en Vernieuwing voor de Cultuuregio’s, te verdelen over de provincies Flevoland, Friesland, Overijssel, Drenthe, Zeeland en Limburg. Daarmee volgt de Minister het advies van de Raad voor Cultuur om een extra impuls te geven aan de culturele infrastructuur in de provincies Flevoland, Friesland, Drenthe, Zeeland en Limburg en voegt de Minister hier omwille van een vergelijkbare positie Overijssel aan toe. De Raad voor Cultuur stelt in haar advies dat aanvragen in het kader van de landelijke BIS vanuit genoemde provincies binnen de categorie Ontwikkelinstellingen onvoldoende overtuigen op het gebied van genre- en/of talentontwikkeling, maar wel van belang zijn voor de verdere ontwikkeling van de culturele infrastructuur; hetgeen voor de dóórontwikkeling van de Cultuurregio’s van belang kan zijn. In Limburg betreft het de aanvraag van VIA ZUID. Wij zijn dan ook voornemens om een deel van de middelen die wij in dat kader gaan ontvangen, in te zetten voor ontwikkelinstelling VIA ZUID, waardoor deze middelen bijdragen aan de ontwikkeling van makers in Limburg.
Daarnaast zien wij dat de aanvragen van Hoge Fronten en Musica Sacra, die onderdeel uitmaken van de provinciale culturele basisinfrastuctuur, niet of sterk ondergewaardeerd worden door het Fonds Podiumkunsten waardoor de impact van deze spelers in de regio in het geding komt. Het overige deel van deze middelen worden dan ook ingezet ten behoeve van Hoge Fronten en Musica Sacra. Hoge Fronten heeft een relevante publieksfunctie in de Stedelijke Cultuurregio Zuid en ook Musica Sacra heeft zich stevig geworteld in de culturele infrastructuur. Beide instellingen vormen met hun eigen signatuur en aanpak een (potentieel) interessante aanvulling op het landelijke palet. Met een aanvullende bijdrage voor deze twee instellingen, die ook beide relevante partner zijn van VIA ZUID, moedigen wij de verdere ontwikkeling van deze instellingen aan, hetgeen hen ook in staat moet stellen om over vier jaar succesvol mee te dingen naar ondersteuning door het Fonds Podiumkunsten. De bestedingen voor de drie instellingen VIA ZUID, Hoge Fronten en Musica Sacra worden dus precies aan die instellingen beschikt, omdat dit aansluit bij de besluitvorming van de Minister en/of de onderwaardering in de compensatie door de Rijkscultuurfondsen.
Inmiddels is in IPO-verband een ambtelijke werkgroep opgestart, waarin Limburg ook participeert, om te komen tot een advies aan de Minister van OCW ten behoeve van de volgende periode 2025-2028 inzake aanpassing van het landelijk cultuurbestel, waardoor meer recht wordt gedaan aan de positie van Cultuurregio’s en aan al genoemde evenwichtiger regionale spreiding van Rijkscultuurmiddelen over het land.
Wij beogen door onze provinciale inzet vanwege Corona van maatregelen en middelen de Limburgse cultuur- en erfgoedinstellingen in deze bijzondere periode daadwerkelijk verder te helpen in hun overlevingsstrijd en bij te dragen aan hun toekomstperspectief. De aanscherping per 29 september 2020 van de landelijke maatregelen, gericht op het tegen gaan van de verdere verspreiding van het Coronavirus, laat zien dat deze toekomst buitengewoon onzeker is en er nog veel van de flexibiliteit en creativiteit van de cultuur- en erfgoedinstellingen gevraagd gaat worden.
9
provincie limburg De inzet van de Provincie Limburg zoals in deze mededeling toegelicht, vormt hierbij alvast een belangrijke steun in de rug. Tegelijkertijd is het van belang op te merken dat alleen de terugkeer van bezoekers naar musea, theaters, overige culturele instellingen en voorstellingen kan leiden tot de terugkeer naar een normale (financieel gezonde) situatie bij culturele instellingen en organisaties.
Gedeputeerde Staten van Limburg namens dezen,
G.P.J. Koopmans
'JgZK CompensaíFe 2Ö20 - ŵîio.
I
Bonnefantenmuseum Buitenplaats Kasteel Wijlre Cultuurfonds i.o. voor makers Destination Unknown Fashionclash Jera on Air Limburgs Museum Mediaprofessionals Limburg( Cinesud) Monumentenwacht Limburg Moving Mountains (Dutch Mountain Film Festival) Museumplein Limburg Nederlandse Dansdagen Odapark Opera Compact SCHUNCK Sociaal Historisch Centrum voor Limburg Stichting Restauratie Atelier Limburg Theatercollectief Het Geluid Videopower Vocallis Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij (Miljoenenlijn)
6 131.000,00 6 4.572,00 6 35.000,00 6 3.000,00 6 33.110,00 6 19.210,00 6 175.000,00 6 12.500,00 6 140.000,00 6 8.200,00 C 69.674,00 C 13.250,00 6 5.500,00 6 78.851,00 6 51.000,00 6 15.400,00 6 25.000,00 6 7.000,00 6 4.750,00 6 9.150,00 6 250.000,00
Totaal
61.091.167,00
= onder oormerking/voorwaarden (toelichting zie in Mededeling portefeuillehouder)
fêlïC Cŵìĩpertšŝtfë 2Q2Ŵ* ĈuííuUf » LittŴírgsé GéŵiéětâXKĒĘ&ĘļP
Berekening door de Provincie Limburg aan de hand van de Septembercirculaire 2020 en bijhorend rekenmodel. Gemeenten kunnen voor deze berekening ook “eigen berekende aantallen” hanteren waardoor onderstaande bijdragen in beperkte mate worden bijgesteld.
Beek Beekdaelen Beesel Bergen Brunssum Echt-Susteren Eijsden-Margraten Gennep Gulpen-Wittem Heerlen Horst aan de Maas Kerkrade Landgraaf Leudal Maasgouw Maastricht Meerssen Mook en Middelaar Nederweert Peel en Maas Roerdalen Roermond Simpelveld Sittard-Geleen Stein Vaals Valkenburg aan de Geul Venlo Venray Voerendaal Weert Totaal Compensatie Gemeenten 2020 - cultuur AANDEEL LIMBURG
C c c e e c e c e c c c e c c c c c c c e e c c c c ţ
c e c e
89.031,89 184.269,49 71.585,50 70.919,80 183.999,53 194.511,83 129.369,84 102.912,15 69.615,04 675.822,20 246.378,14 315.779,76 244.199,34 195.918,71 135.977,63 991.629,32 102.424,88 40.669,29 98.127,41 248.293,03 111.451,43 445.429,78 55.606,18 691.138,05 151.496,59 59.284,96 94.682,04 757.889,83 291.051,18 61.496,35 353.862,79 C 7.464.823,98
e 120.000.000,00 6,2207o
OCW Regeling aanvullende ondersteuning culturele en creatieve sector COVID-19 Producerende BIS-insteilingen (OCW) Het Laagland Marres Nederlandse Dansdagen Opera Zuid philharmonie zuidnederland Toneelgroep Maastricht
« 130.000,00 «80.000,00 « 189.110,00 « 222.000,00 « 980.700,00 «611.200,00
Meerjarige fondsinstelling Fonds voor Cultuurparticipatie Notorious IBE WMC
6 68.800,00 «0,00
Mondriaan Fonds x Nederlands Fonds voor de Film x Fonds voor Podiumkunsten Cultura Nova Hoge Fronten Musica Sacra Sally Dansgezelschap Maastricht Step by Step (SchriMmacher)
«395.500,00 6 75.300,00 C 52.500,00 6 79.500,00 « 102.200,00
Nederlands Letterenfonds x Stimuleringsfonds Creatieve Industrie Bureau Europa
6 28.580,00
Cruciale regionale instellingen Mondriaan Fonds Bonnefantenmuseum Museumplein Limburg
« 358.237,00 «346.091,00
Fonds voor Podiumkunsten De Maaspoort, Venlo Poppodium Grenswerk, Venlo De Bosuil, Weert ECI, Roermond De Domijnen, Sittard Parkstad Limburg Theaters, Heerlen/Kerkrade Muziekgieterij, Maastricht Theater aan het Vrijthof, Maastricht
« 180.000,00 « 129.827,00 « 60.000,00 «21.603,00 6 100.000,00 «581.000,00 ‘ « 140.019,00 « 397.277,00
* waarvan « 35.000,00 Poppodium Nieuwe Nor Nederlands Fonds voor de Film Lumière Cinema, Maastricht
« 277.500,00
Provincie Limburg - investeren in overleven
6 704.328,00
Medefinanciering rijksondersteuning cruciale regionale instellingen Bonnefantenmuseum Museumplein Limbrug
6 358.237,00 6 346.091,00
6 500.000,00
Medefinanciering gemeenten vitaíe regionale infrastructuur Schouwburg Venray Munttheater Weert
6 186.000,00 6 75.000,00
reservering voor (toekomstige) Coronaproblematiek bij vitale regionale infrastructuur partnergemeenten
6 239.000,00
Instellingen Cultuurplan en Subinfrastructuur zonder Rijksondersteuning
6 250.000,00
Jan van Eyck Academie restant voor (toekomstige) Coronaproblematiek bij instellingen Cultuurplan en Subinfrastructuur zonder Rijksondersteuning
6 100.000,00
Regionale en lokale streekmusea in alle Limburgse gemeenten Nadere subsidieregels lokale en regionale musea 2020 - 2021
6 30.000,00
Initiatieven op het gebied van Urban Gemeente Weert - projecten Urban Culture Gemeente Heerlen - project Urban initiatieven in Coronatijd
Projecten makers uit de Creatieve Industrie
6 15.000,00 6 15.000,00
6 20.000,00
gereserveerd voor projectvoorstellen
Bijdrage aan Cultuurfonds i.o. f.b.v. makers genrebreed
6 15.000,00
t.b.v. makers in beeldende kunst, podiumkunst, creatieve industrie en urban gericht op multiplier effect
Pop in Limburg
6 50.000,00
t.b.v. Proeftuin Masterplan Popontwikkeling Noord Totaal
C 1.669.328,00
Rijksbijdrage aan de Limburgse gemeenten vanwege de gevolgen van de Coronacrisis op vlak van cultuur voor de periode 2020-2021
Gemeente Beek Beekdaelen Beesel Bergen Brunssum Echt-Susteren Eijsden-Margraten Gennep Gulpen-Wittem Heerlen Horst aan de Maas Kerkrade Landgraaf Leudal Maasgouw Maastricht Meerssen Mook en Middelaar Nederweert Peel en Maas Roerdalen Roermond Simpelveld Sittard-Geleen Stein Vaals Valkenburg aan de Geul Venlo Venray Voerendaal Weert TOTAAL
Publicatie BZK 03.11.2020 - verdeling 1e en 2e compensatiepakket culturele voorzieningen Meicirculaire 2020 Sep.circulaire 2020 Totaal 2020 C e e č e c č
e e
e c e e
c c c c e c c c c e e e e c e e e c
44.932,74 91.528,92 43.275,45 35.667,43 93.450,17 97.775,76 64.548,86 52.138,21 35.079,44 338.677,78 123.352,96 158.256,46 123.242,54 97.536,14 67.392,05 498.233,16 51.692,12 20.340,60 49.214,18 124.298,56 56.084,98 223.709,56 27.755,16 348.714,71 75.925,51 29.694,46 47.836,97 380.228,60 145.111,82 30.774,98 176.533,25
e
e e e
e e č Ê c e c
e e c
e e
e c c e c c e e e e e
e e
e e
44.070,13 91.250,81 42.383,54 35.008,38 90.997,27 96.255,04 64.067,17 50.942,24 34.482,16 333.915,30 121.926,34 156.121,46 120.763,67 96.997,98 67.315,82 490.245,84 50.706,36 20.139,43 48.564,19 122.882,66 55.182,67 220.208,15 27.534,27 341.613,37 74.953,56 29.344,36 46.883,99 374.658,80 143.915,18 30.458,01 174.970,51
e
e c e 6 e e c c e t c e e
89.002,87 182.779,73 85.658,99 70.675,81 184.447,44 194.030,81 128.616,04 103.080,45 69.561,60 672.593,08 245.279,30 314.377,92 244.006,22 194.534,12 134.707,86 988.478,99 102.398,47 40.480,04 97.778,37 247.181,22 111.267,64 443.917,70 55.289,43 690.328,07 150.879,07 59.038,82 94.720,96 754.887,39 289.027,01 61.232,99 351.503,76
c
7.451.762,18
c 6 6 č C i
e e
e e
e c e
c c
c
Brief OCW 16.11.2020 uitwerking 2e specifieke pakket voor de culturele en creatieve sector Dec.circulaire 2020 Totaal 2021 e
e c
e e e e
e
e e e
e c e e
e c e 6 e e e c e c c e e c « e
79.199,00 77.956,00 47.364,00 24.924,00 148.692,00 165.153,00 62.505,00 64.834,00 49.693,00 1.503.610,00 134.017,00 501.514,00 158.242,00 142.480,00 90.457,00 1.943.395,00 43.870,00 9.473,00 120.584,00 230.142,00 64.524,00 498.408,00 23.760,00 1.304.371,00 118.565,00 73.686,00 102.492,00 904.651,00 310.272,00 51.091,00 562.543,00
C C č e e e c c
Totaal 2020-2021
e e e c c c e č c e Ê c c
79.199,00 77.956,00 47.364,00 24.924,00 148.692,00 165.153,00 62.505,00 64.834,00 49.693,00 1.503.610,00 134.017,00 501.514,00 158.242.00 142.480,00 90.457,00 1.943.395,00 43.870,00 9.473,00 120.584,00 230.142,00 64.524,00 498.408,00 23.760,00 1.304.371,00 118.565,00 73.686,00 102.492,00 904.651,00 310.272,00 51.091,00 562.543.00
« e c c c e e c e e c f c c
168.201,87 260.735,73 133.022,99 95.599.81 333.139,44 359.183,81 191.121,04 167.914,45 119.254,60 2.176.203,08 379.296,30 815.891,92 402.248,22 337.014,12 225.164,86 2.931.873,99 146.268,47 49.953,04 218.362,37 477.323,22 175.791,64 942.325,70 79.049,43 1.994.699,07 269.444,07 132.724,82 197.212,96 1.659.538,39 599.299,01 112.323,99 914.046,76
e
9.612.467,00
e
17.064.229,18
e e e
c e e c
c c
e
C C c e e c c
e Ê c c c
e e
c