2025-04-11 KBL begrotingswijziging 2025 versie F3.0 AB
Tekst van het document
Begrotingswijziging 2025 Kredietbank Limburg
Toegankelijke hulp
Stress sensitieve hulp
Duurzame hulp in het juiste tempo
Van: Steller:
Directie Kredietbank Limburg Jeroen Ronden (afdeling Finance, Planning & Control)
Aan:
Algemeen Bestuur Kredietbank Limburg
Datum:
11-04-2025
Versie:
F3.0 AB
Inhoudsopgave Management samenvatting
3
Inleiding
5
1
Begrotingswijziging 2025
7
2
Specificatie en toelichting begrotingswijziging 2025
8
3
Risicoparagraaf
13
4
Bekostigingsstructuur 2025
16
5
Indicatie facturatie GR gemeenten 2025
18
Lijst van gehanteerde afkortingen is te vinden op pagina 20.
2
Management samenvatting De uitgangspunten uit de KBL kadernota 2025-2028 zoals bestuurlijk in december 2024 vastgesteld dienen als startpunt voor de totstandkoming van de voorliggende begrotingswijziging 2025. Zie de toelichting in de inleiding voor meer details. De in februari 2025 vastgestelde nieuwe KBL-bekostigingsmethodiek is toegepast bij de uitwerking van de voorliggende begrotingswijziging 2025. De begrotingswijziging 2025 bevat een neutraal exploitatieresultaat conform de geldende BBV vereisten; er wordt dus een sluitende begroting gepresenteerd. Zie HS 1 voor meer details. De raming van de opbrengsten is gebaseerd op enerzijds de met de GR gemeenten afgestemde (en gevalideerde) volume-prognoses en anderzijds op alle inmiddels afgesloten DVO-contracten van de overige opdrachtgevers. Zie HS 2 voor meer details. De raming van de kosten is gebaseerd op alle aanwezige inzichten qua historische gegevens, trends en feitelijk bekende (contractuele) kostenstijgingen (of dalingen). In hoofdstuk 2 worden de herzien begrote kosten van 2025 vergeleken met de realisatiecijfers van 2024. Zie HS 2 voor meer details.
De financiële effecten van de gefaseerde uittreding van gemeente Heerlen inclusief de effecten van de overeengekomen schadesom calculatie zijn verwerkt in de voorliggende begrotingswijziging 2025. Er is een uitgebreide actualisatie en herijking van de KBL risico-analyse uitgevoerd die als fundament en onderbouwing dient voor het aanwezige KBL-weerstandsvermogen ter dekking van de betreffende risico’s (zie HS 3 voor meer details).
3
Voor de GR gemeenten resulteert de voorliggende begrotingswijziging in de nu volgende indicatie qua facturatie GR gemeenten in 2025 (zie hoofdstuk 4 en 5 voor meer details):
GR-gemeente
Bestaanslasten 2025
% aandeel (verdeelsleutel '25)
Verbruikslasten 2025
Totaal 2025
% aandeel
indicatief
Brunssum € Kerkrade € Landgraaf € Maastricht € Sittard-Geleen € Totaal GR-gemeenten €
244.803 1.018.623 319.157 1.620.885 1.738.309 4.941.778
€ 20,6% € 6,5% € 32,8% € 35,2% € 100% € 5,0%
213.959 € 868.618 € 290.871 € 1.480.715 € 1.752.137 € 4.606.300 €
458.762 1.887.241 610.028 3.101.600 3.490.447 9.548.079
4,8% 19,8% 6,4% 32,5% 36,6% 100%
Er wordt in 2025 ook een tweetal financiële afdrachten voorzien vanuit KBL aan de GR gemeenten inzake enerzijds het resultaat 2024 en anderzijds de btw-teruggave. Dit levert het volgende indicatieve beeld op aan voorzien saldo 2025 per GR gemeente (zie hoofdstuk 5 voor meer details):
GR-gemeente
Totaal 2025
Resultaat '24 BTW teruggave Saldo GR-gemeenten beoogde afdracht 2025 indicatief
Brunssum Kerkrade Landgraaf Maastricht Sittard-Geleen Totaal GR-gemeenten
€ 458.762 € € 1.887.241 € € 610.028 € € 3.101.600 € € 3.490.447 € € 9.548.079 €
51.579 € 117.781 € 72.302 € 314.169 € 153.038 € 708.869 €
65.191 € -5.330 € 58.671 € 179.265 € 564.249 € 862.046 €
341.992 1.774.790 479.055 2.608.166 2.773.160 7.977.164
4
Inleiding Voor u ligt de begrotingswijziging over het boekjaar 2025 van de Gemeenschappelijke Regeling voor Sociale Kredietverlening en Schuldhulpverlening ofwel Kredietbank Limburg. De bestuurlijk vastgestelde KBL kadernota 2025-2028 (met de hierin opgenomen uitgangspunten) vormt het startpunt bij de totstandkoming van de voorliggende begrotingswijziging 2025:
Prijsindexatie Ten behoeve van de begroting 2025 wordt de CBS-consumentenprijsindex (CPI) van oktober t-2 gehanteerd. Deze betrof -0,4%. Hieruit resulteert de conclusie dat afgerond de tariefstelling in 2025 gelijk wordt gesteld aan de tariefstelling van 2024. Dit prijsindexprincipe wort ook voor de planjaren 2026-2028 toegepast.
Personeelslasten Aan het einde van het eerste kwartaal van 2025 loopt de huidige CAO SGO af. In het tweede kwartaal van 2025 wordt een nieuwe CAO voorzien. Op basis van de gemiddelde salarisstijging van de afgelopen twee jaren en op basis van voorziene cao-effecten zullen de salariskosten in de begroting worden geïndexeerd.
Investeringen In de planperiode 2025-2028 zullen er investeringen gaan plaatsvinden. Deze zijn door het bestuur geaccordeerd door middel van het KBL-investeringsplan 2025-2028 (in februari 2025).
De omzet voor de niet GR-gemeenten/opdrachtgevers wordt ingeschat op basis van DVO’s 2025 die eind 2024 zijn afgestemd en contractueel overeengekomen.
Met de huidige vijf GR-gemeenten vond in Q4 2024 nadere afstemming plaats over te verwachten volumes en voorziene werkzaamheden, deze zijn vertaald in de begrotingswijziging 2025.
Uittreding gemeente Heerlen De effecten van de uittreding van gemeente Heerlen en de hiermee samenhangende, door gemeente Heerlen te betalen schadesom, zijn meerjarig verwerkt volgens de vastgestelde bestuurlijke afspraken.
Bekostiginsstructuur Vanaf 2025 zal de bekostigingsstructuur veranderen (conform de bestuurlijke besluitname hierover in februari 2025). Dit is meegenomen in de begrotingswijziging 2025 inclusief de meerjarige ontwerpbegroting 2026-2028.
In de Algemene Bestuursvergadering van 6 februari 2025 heeft het bestuur besloten de bekostigingswijze te herzien en deze in een andere vorm toe te passen. Deze wijziging beoogt een efficiëntere en eerlijke verdeling van de financiële middelen. In de voorliggende 5
begrotingswijziging 2025 zullen onder andere de (financiële) gevolgen voor de GRdeelnemers van deze nieuwe bekostigingswijze inzichtelijk worden gemaakt. De opbrengsten volgens de begrotingswijziging 2025 zijn gebaseerd op de verwachte en gezamenlijk afgestemde ontwikkelingen van de dienstverlening in 2025 en daarnaast op de opgebouwde historische inzichten van 2024 en eerder. Kredietbank Limburg hanteert vanaf 2025 een verdeling van bestaanslasten en verbruikslasten waarbij de verbruikslasten de basis vormen voor de te hanteren uurtarieven voor de GR-gemeenten. Voor de overige opdrachtgevers (niet GR-gemeenten/partijen) wordt een hoger tarief inclusief risico-opslag gehanteerd. Net als voorgaande jaren worden voor de GR-gemeenten geen dienstverleningsovereenkomsten (DVO’s) meer opgesteld maar wordt gewerkt met een zo realistisch mogelijke inschatting op basis van trends en actualiteit.
De voorliggende begrotingswijziging 2025 wordt vergeleken met de primaire begroting 2025 zoals begin 2024 op- en vastgesteld. Significante verschillen en ontwikkelingen zullen worden toegelicht. Daarnaast wordt een vergelijking gemaakt met de realisatie over 2024. De betreffende vergelijking is opgesteld op basis van de vernieuwde bekostiging en wijkt derhalve af van de daadwerkelijke primaire begroting 2025 en jaarrekening 2024. Gedurende 2025 zal er conform de KBL P&C cyclus in de voorjaars- en najaarsmarap worden gerapporteerd over de voortgang en eventuele afwijkingen en bijzonderheden. Het exploitatieresultaat 2025 wordt dan vergeleken met de begrotingswijziging 2025 en de primaire begroting 2025. Als onderdeel van de najaarsmarap zal bovendien de najaarsprognose 2025 worden opgesteld, waarin het te verwachten exploitatieresultaat over het gehele jaar 2025 zal worden gepresenteerd. Indien van toepassing kan dit dan mogelijk resulteren in een tweede begrotingswijziging over 2025.
6
1
Begrotingswijziging 2025
Kredietbank Limburg bevindt zich als organisatie momenteel in een fase van strategische herijking en heroriëntatie. Daarnaast staat de wereld van schuldhulpverlening, inkomensbeheer en sociale kredietverstrekking niet stil, onder andere op het gebied van uitgesproken ambities vanuit de Rijksoverheid, qua wet- en regelgeving en qua technologische ontwikkelingen. Ook organisatorisch zijn er diverse actuele ontwikkelingen (o.a. het recente vertrek van de voormalig directeur/bestuurder) en wordt hier momenteel tijdelijk op ingespeeld om deze periode te overbruggen.
Om de bedrijfsvoering nu, maar ook naar de toekomst toe kijkend, op orde te hebben en te houden vinden er in 2025 planmatig ook een aantal wijzigingen plaats in het ICT-landschap, waaronder een pakketselectie qua softwarepakket voor de dienstverlening rondom kredietverstrekking. Ook op het vlak van huisvesting zijn er een aantal reguliere onderhouds- en vervanging vraagstukken aan de orde. De financiële effecten hiervan zijn verwerkt in de voorliggende begrotingswijziging 2025. De dienstverlening van Kredietbank Limburg is succesvol en voldoet aan de kwaliteitswensen van de opdrachtgevende gemeenten en overige opdrachtgevende partijen. De toegenomen volumes in 2024 hebben geleid tot een positief exploitatieresultaat voor 2024. In 2025 en verder wordt deze lijn doorgezet rekening houdend met alle verwachte en afgestemde (volume)ontwikkelingen. Dit vraagt om een juiste en passende wijze van (bij)sturing in benodigde resources aan KBL-zijde. Kredietbank Limburg houdt daarbij bewust grip op de hiermee samenhangende lasten, rekening houdend met alle onderkende ontwikkelingen en aanwezige context. Uit de begrotingswijziging 2025 blijkt dat de baten in 2025 afgerond € 14.052.000 bedragen en de bijbehorende lasten idem. Voor 2025 wordt er dus een neutraal exploitatieresultaat voorzien (conform de bepalingen van de BBV) en wordt een sluitende begroting gepresenteerd.
Samengevat onderstaande tabel: Bedragen in € 1.000
Baten Lasten Resultaat
Begrotingswijziging 2025
Primaire Begroting 2025
Delta
14.052k 14.052k 0
12.499k 12.499k 0
1.553k 1.553k 0
7
2
Specificatie en toelichting begrotingswijziging 2025
Onderstaand worden de staat van baten en lasten en de balans gepresenteerd vanuit de uitgewerkte begrotingswijziging 2025. Daarbij worden de begrotingswijziging 2025 cijfers vergeleken met de initiële primaire begroting 2025 en de (voorlopige) realisatiecijfers 2024.
Staat van baten en lasten
Let op: In de gepresenteerde staat van baten en lasten voor 2025 is de bestuurlijk vastgestelde nieuwe bekostigingsmethodiek toegepast en verwerkt. Deze “systeemwijziging” betekent dat er ook voor voorgaande jaren vergelijkbare cijfers zijn opgenomen gebaseerd op dezelfde systematiek.
8
Onderstaand worden de meest relevante verschillen tussen de begrotingswijziging 2025 en de voorlopige realisatiecijfers 2024 nader toegelicht qua baten en lasten: De baten in de begrotingswijziging 2025 bedragen € 14.051.721 en liggen afgerond € 957.000 lager dan 2024. Belangrijkste verklaringen voor deze daling:
De voor 2025 verwachte volumes aan dienstverlening liggen lager dan 2024, met name door de ingecalculeerde effecten van de uittreding van gemeente Heerlen en de beperkt neerwaarts bijgestelde voorziene volumes qua schuldenaanpak. Afgerond betreft dit een afwijking van indicatief - € 445.000.
Daarnaast was er in 2024 sprake van incidentele extra opbrengsten naar aanleiding van de projecten KOT en FNWL, welke in 2025 aanzienlijk lager zullen zijn vanwege het aflopende karakter van deze projecten. Dit resulteert binnen de vergelijking van de baten tussen 2025 en 2024 tot een afwijking van afgerond - € 800.000.
In 2025 vindt er een neutrale administratieve afhandeling plaats van de openstaande achtergestelde leningen, dit resulteert binnen de vergelijking van de baten tussen 2025 en 2024 tot een afwijking van afgerond + € 494.000.
Door overige mutaties en effecten (inzet eigen vermogen, voorziene rentemarge en voorziene bestaanslasten) is er een effect van afgerond - € 206.000.
De lasten in de begrotingswijziging 2025 bedragen € 14.051.721 en liggen afgerond € 742.000 hoger dan in 2024. Deze stijging kan als volgt worden verklaard:
De verwachte salariskosten (incl. WW-uitkeringen) bedragen voor 2025 € 9.493.000 en liggen hiermee € 166.000 lager dan in 2024. Hierbij is er sprake van een tweetal elkaar opheffende effecten: enerzijds een voorziene stijging van kosten als gevolg van de voorziene cao-wijzigingen, anderzijds een daling van kosten vanwege de voorziene personele reductie vooral samenhangend met de gefaseerde afname van de werkvolumes vanuit gemeente Heerlen.
De inhuurkosten bedragen in 2025 € 788.000 en liggen hiermee afgerond € 83.000 hoger dan in 2024. Oorzaken hiervoor zijn enerzijds inflatie effecten, anderzijds de voorziene benodigde inhuur in 2025 als gevolg van de personele overbruggingssituatie qua een aantal sleutelfunctionarissen.
Als gevolg van de in 2024 gedane (extra) ICT en facilitaire investeringen zijn de afschrijvingen in de begrotingswijziging afgerond € 143.000 hoger ten opzichte van de realisatie in 2024.
Het saldo van de beheerslasten en de bureau- en administratielasten bedraagt € 2.512.000 en neemt ten opzichte van 2024 toe met afgerond € 123.000. Belangrijkste twee oorzaken hiervoor zijn enerzijds de voorziene inflatie effecten en anderzijds het effect van de overgang naar een ander softwarepakket voor de dienstverlening rondom beschermingsbewind. 9
In 2024 is er vanwege de positieve resultaatontwikkeling sprake van een solvabiliteitsratio boven de 10%, waardoor conform de vigerende bestuurlijke afspraken de aanwezige achtergestelde leningen bij de vijf GR gemeenten vanuit het aanwezige eigen vermogen zullen worden afbetaald. Dit betreft een bedrag van afgerond € 494.000 (welke ook als batenpost is verantwoord).
Diverse overige mutaties (met name huisvestingskosten en mutaties voorzieningen) resulteren tot slot in een stijgend effect ten opzichte van 2024 van afgerond € 65.000.
Balans Begrotingswijziging 2025
Primaire begroting 2025
ACTIVA Vaste Activa Materiële vaste activa Investeringen met economisch nut - Verbouwingen - Machines, apparaten en installaties Totaal materiële vaste activa met economisch nut
0
0
802.000 802.000
826.000 826.000
5.139.000
6.970.000
Financiële vaste activa Kredieten
Vlottende Activa Uitzettingen Liquide Middelen Overlopende ac tiva Totaal vlottende activa
Totaal Activa
700.000
700.000
6.677.000
6.000.000
250.000
100.000
7.627.000
6.800.000
13.568.000
14.596.000
PASSIVA Vaste Passiva Eigen vermogen
625.000
100.000
Voorzieningen
245.000
285.000
0
494.000
870.000
879.000
12.194.000
13.467.000
Vaste Schulden Totaal Vaste Passiva
Vlottende Passiva Netto vlottende sc hulden Overlopende Passiva Totaal vlottende passiva
Totaal Passiva
504.000
250.000
12.698.000
13.717.000
13.568.000
14.596.000
10
Onderstaand worden de meest relevante verschillen qua balansposities tussen de begrotingswijziging 2025 en de initiële primaire begroting 2025 verklaard. Het totaal van de activa en passiva in de begrotingswijziging 2025 is afgerond € 1.028.000 lager dan oorspronkelijk begroot. De belangrijkste oorzaken van deze afname worden hieronder toegelicht:
De verwachte kredietportefeuille is aanzienlijk lager dan begroot, gebaseerd op de portefeuille per 31-12-2024. Een belangrijke oorzaak hiervan is het ‘nulaanbod’ bij de schuldhulpverlening sinds 1 juli 2024, door de richtlijnen van de NVVK. Dit heeft geleid tot een lagere vraag naar kredietverlening.
De uitzettingen zullen naar verwachting hoger uitvallen dan oorspronkelijk begroot. Deze stijging is voornamelijk te verklaren door de nieuwe bekostigingsstructuur.
De liquide middelen zullen in de begrotingswijziging toenemen met € 677.000, op basis van de liquide middelen per 31-12-2024.
De overlopende activa nemen met € 150.000 toe ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Dit heeft te maken met het feit dat een aantal diensten achteraf worden afgerekend, waaronder de dienstverlening voor gemeente Heerlen.
Het eigen vermogen zal naar verwachting hoger zijn dan begroot. Dit is gebaseerd op het weerstandsvermogen per 31-12-2024, verminderd met het te verwachten resultaat over 2025.
De vaste schulden zullen naar verwachting afnemen tot nihil, doordat de achtergestelde leningen in 2025 afgelost zullen worden.
De netto vlottende schulden zullen afnemen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting, onder andere door de positieve resultaten over 2024 en de daarmee verbeterde liquiditeit. Ook door de verwachte afname van de kredietverstrekkingen zal er minder liquiditeit nodig zijn.
De overlopende passiva zijn nagenoeg verdubbeld, voornamelijk door de afrekening met gemeente Heerlen. Dit is als een vooruit ontvangst verwerkt op de balans en zal ten gunste van het resultaat komen in de jaren 2025-2028.
11
Specificatie/verdeling lasten
12
3
Risicoparagraaf
De begrotingswijziging 2025 inclusief de meerjaren ontwerpbegroting 2026, 2027 en 2028 is gebaseerd op een reeks van uitgangspunten en verwachtingen. Deze uitgangspunten en verwachtingen zijn bij de diverse baten- en lastencomponenten van de begroting beschreven. Als al deze uitgangspunten en verwachtingen in 2025 100% daadwerkelijk zo blijken te zijn zal de realisatie per saldo aansluiten bij de begrote resultaten. Onderstaand wordt in beknopte vorm de risico-inventarisatie van Kredietbank Limburg weergegeven met daarbij een inschatting van de mogelijke (financiële) consequenties indien de feitelijkheid in 2025 afwijkt van de nu gehanteerde uitgangspunten. Hierbij moet worden opgemerkt dat het zeer onwaarschijnlijk is dat alle beschreven risico-scenario’s zich daadwerkelijk tegelijk zullen voordoen.
1. Strategie & bekostiging (+ doorontwikkeling bedrijfsvoering en ondersteuning) Als gevolg van de herijking en actualisering van de Kredietbank Limburg strategie en waardenpropositie ("Mass customization") en de bijbehorende gefaseerde wijziging qua passende Kredietbank Limburg bekostigingsstructuur zijn er mogelijk effecten te verwachten aangaande de scope van dienstverlening, uniformering en standaardisatie van dienstverlening en bijbehorende optimale organisatorische inrichting. Dientengevolge wordt er een risico geïdentificeerd aangaande deze transitie. Kredietbank Limburg staat voor de uitdaging om haar operationele efficiëntie te verbeteren en te voldoen aan de steeds veranderende wet- en regelgeving. Operationele risico's omvatten de risico's die verband houden met processen, mensen en systemen. Hoewel de afgelopen jaren de kosten gerelateerd aan deze risico's beperkt zijn gebleven, blijft er altijd een restrisico bestaan. Dit vereist dat er voldoende financiële middelen beschikbaar worden gehouden om adequaat op eventuele uitdagingen te kunnen reageren. Om de impact van operationele verstoringen te minimaliseren en een robuuste organisatie te waarborgen, is het essentieel dat Kredietbank Limburg blijft investeren in de versterking van haar operationele processen en systemen. Dit omvat ook de noodzaak om doorontwikkeling van processen en systemen te realiseren.
Het behouden van een passende financiële buffer is hierbij cruciaal, zodat Kredietbank Limburg snel en effectief kan ingrijpen bij operationele problemen. 2. ICT landschap & ontwikkelingen De recente overgang naar softwarepakket IBS Bizon voor beschermingsbewind en de integratie met andere softwarepakketten voor o.a. kredietverlening hebben het operationele risico vergroot. Deze technologische migratie vereist nauwe samenwerking en coördinatie tussen verschillende systemen, wat potentiële uitdagingen en risico's met zich meebrengt. Bovendien staat het huidige softwarepakket van Stratech gepland voor uitfasering in de 13
komende jaren (transitie naar een nieuwe Cloud oplossing) wat extra complexiteit aan het IT-landschap van Kredietbank Limburg toevoegt. De ICT-transitie en keuzes die voor de diverse terreinen van dienstverlening dienen te worden gemaakt gaan gepaard met bedrijfsrisico's op het vlak van systeemintegratie, beschikbaarheid en beperkingen qua implementatiekracht. Daarnaast evolueren ICT-ontwikkelingen in een snel tempo, hetgeen een voortdurende doorontwikkeling van onze systemen noodzakelijk maakt. Deze ontwikkelingen brengen niet alleen technologische uitdagingen met zich mee, maar ook de noodzaak om te voldoen aan nieuwe regelgeving, zoals de NIS2-richtlijn. Het voldoen aan NIS2-compliance is een prioriteit, aangezien het de bescherming van netwerk- en informatiesystemen in de Europese Unie versterkt. Gezien deze dynamische omgeving is het essentieel dat Kredietbank Limburg investeert in de modernisering van haar ITinfrastructuur en het versterken van haar cyberbeveiliging. Dit omvat het implementeren van robuuste risicobeheerstrategieën en het waarborgen van de naleving van alle relevante regelgeving om de continuïteit en veiligheid van onze dienstverlening te garanderen. Het risico op niet naleving van compliance regels of het moeten aanpassen op snel opvolgende ontwikkelingen brengt financiële risico met zich mee voor Kredietbank Limburg. 3.
AVG Gelinkt aan het eerder vermelde ICT-risico bestaat er nog separaat het AVG-risico. Door de invoering van de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) op 25 mei 2018 worden er hogere eisen gesteld aan de beveiliging van persoonsgegevens. Het risico op datalekken is aanzienlijk en kan worden bestraft met hoge boetes. Het risico wordt door Kredietbank Limburg beperkt door informatiemanagement en cybersecurity te optimaliseren. Hiervoor zijn medewerkers aangetrokken om de beveiliging te waarborgen en datalekken (inbraak, diefstal, verlies) te voorkomen en AVG-regelgeving streng op te volgen en te controleren binnen Kredietbank Limburg. 4. Flexibele schil Kredietbank Limburg wordt gevraagd om flexibel om te gaan met de fluctuerende vraag naar haar dienstverlening. Om aan deze vraag te voldoen, is het noodzakelijk om een flexibele schil van medewerkers te behouden. Dit wordt gerealiseerd door het gebruik van flexibele (jaar)contracten, met de mogelijkheid om deze bij afloop niet te verlengen indien de omstandigheden dat vereisen. Een gevolg hiervan kan zijn dat er aanspraak wordt gemaakt op WW-uitkeringen, waarvoor Kredietbank Limburg als eigen risicodrager zelf verantwoordelijk is voor de betaling. Om deze risico's te beheersen, stemt Kredietbank Limburg de personeelsformatie zorgvuldig af op de actuele vraag naar dienstverlening.
Dit omvat een maandelijkse monitoring en aanpassing van de benodigde formatie. Daarnaast wordt er actief gewerkt aan de onderlinge uitwisseling van personeel tussen regio's om zowel over- als onderbezetting effectief te beheren. Door deze maatregelen kan Kredietbank Limburg flexibel inspelen op veranderende omstandigheden, terwijl het gelijktijdig de financiële risico's beheerst. 5. Liquiditeitsrisico Dit is het risico dat de bank niet in staat is om aan haar korte termijnverplichtingen te voldoen door gebrek aan voldoende liquide middelen. Dit kan aan de orde zijn op het moment dat Kredietbank Limburg haar volledige eigen vermogen moet terugbetalen aan de 5 GR-gemeenten. Tevens bestaat het risico dat klanten hun dienstverlening bij Kredietbank Limburg beëindigen en hun tegoeden opvragen. Indien de uitstaande kredieten dan niet 14
worden terugbetaald is er onvoldoende saldo om te betalen. In de afgelopen jaren heeft dit risico zich niet voortgedaan waardoor de kans laag blijft. 6. Renterisico's De onrust op de financiële markten kan potentieel leiden tot een stijging van de rentetarieven. Gezien de huidige historisch lage rentestanden, bestaat de mogelijkheid dat deze tarieven op termijn zullen stijgen. In 2025 heeft Kredietbank Limburg geen uitstaande geldleningen, waardoor de directe impact van eventuele rentestijgingen wordt geminimaliseerd. Het rentegevoelige risico is derhalve beperkt tot het saldo van de rekening-courant. Dit stelt Kredietbank Limburg in staat om de gevolgen van fluctuaties in rentetarieven effectief te beheersen en de financiële stabiliteit te waarborgen. 7. Regelgevingsrisico Kredietbank Limburg bevindt zich in een dynamische omgeving waarin veranderende weten regelgeving snelle aanpassingen vereisen. Dit brengt het risico met zich mee dat er extra capaciteit moet worden vrijgemaakt om aan nieuwe eisen te voldoen, wat kan leiden tot verhoogde kosten. In 2024 heeft Kredietbank Limburg al moeten investeren om te voldoen aan de vereisten voor rechtmatigheidsverantwoording.
Vooruitkijkend naar 2025 e.v., staan verdere investeringen gepland op het gebied van ICT, met inbegrip van de naleving van de NIS2-richtlijn, die de cyberbeveiliging en de bescherming van netwerk- en informatiesystemen versterkt. Daarnaast zijn er investeringen nodig in Human Resources evenals het aanpassen aan overige wetswijzigingen die de operationele uitvoering beïnvloeden. Kredietbank Limburg blijft zich inzetten om proactief en effectief te anticiperen op veranderingen in wet- en regelgeving. Door investeringen in zowel technologie als personeelsbeheer, streeft de organisatie ernaar om continu aan de wettelijke vereisten te voldoen en tegelijkertijd de operationele efficiëntie en effectiviteit te waarborgen. 8. Kredietrisico Medio 2024 heeft Kredietbank Limburg ongeveer € 134.000 aan uitstaand krediet zonder borgsteller. Historische gegevens tonen aan dat minder dan 5% van deze kredieten over de afgelopen jaren als oninbaar is gebleken. Dit percentage vertegenwoordigt een risico dat zorgvuldig wordt meegenomen in de algehele risicoanalyse van de organisatie. Kredietbank Limburg erkent het belang van het beheersen van dit kredietrisico en blijft zich inzetten voor een grondige kredietbeoordeling en risicomanagementstrategieën.
Door deze proactieve benadering zorgt Kredietbank Limburg ervoor dat mogelijke verliezen tot een minimum worden beperkt, terwijl tegelijkertijd de integriteit en stabiliteit van de kredietportefeuille behouden blijft. 9. Huisvesting hoofdkantoor De huidige huisvesting qua hoofdkantoor van Kredietbank Limburg te Geleen betreft een tijdelijk huurcontract dat per 1 juli 2025 tijdelijk zal worden verlengd. Afhankelijk van de nader uit te werken huisvestingsstrategie bevat dit deelgebied risico's op het vlak van afhankelijkheid met verhuurder(s), een dynamische onroerend goed markt in de ZuidLimburgse regio en een beperking qua implementatiesnelheid/kracht i.r.t. een eventuele wijziging van huisvestingsplek en concept. Uit bovenstaande opstelling blijkt dat de som van de potentiële financiële risico’s € 837.250 bedraagt en hiermee dient als onderbouwing voor het benodigde KBLweerstandvermogen (tot max. 6% van de KBL-lasten conform bestuursafspraken). 15
4
Bekostigingsstructuur 2025
Achtergrond In februari 2025 is er een bestuursbesluit genomen rondom een gewijzigde KBLbekostigingsmethodiek. De details hieromtrent zijn terug te vinden in de uitgewerkte en vastgestelde onderzoeksrapportage (d.d. 03-02-25).
In de nieuwe KBL-bekostigingsstructuur wordt er een onderscheid gemaakt tussen KBLbestaanslasten en variabele verbruikslasten. De KBL-bestaanslasten 2025 worden conform besluit verdeeld over de vijf GR gemeenten door middel van een vastgestelde verdeelsleutel systematiek, waarbij wordt gekeken naar de problematische schuldenindex (CBS) en de gerealiseerde omzetten van de voorgaande drie kalenderjaren. De variabele verbruikslasten worden op basis van een P x Q methodiek afgerekend middels een vooraf bepaald variabel uurtarief. Bestaanslasten 2025 De begrotingswijziging 2025 is qua lasten als volgt opgebouwd: Bedragen in € 1.000
Totale lasten 2025 (zie HS 2) -/- EV deel achtergestelde leningen Saldo -/- Salderingseffecten a.g.v. DVO’s niet-GR, zelfbetalers, KOT/FNWL, effect BSBW/BBRMW en inzet EV Netto bestaanslasten 2025
Totaal € 14.052k € 494k € 13.558k
Bestaanslasten
Verbruikslasten
€ 8.035k (59%) € 3.093k
€ 5.523k (41%)
€ 4.942k
door GR gemeenten te betalen
De totale netto door de GR gemeenten te betalen bestaanslasten bedragen voor 2025 dus afgerond € 4.942.000. 16
Onderstaand vervolgens de uitwerking van de toepassing van de vastgestelde verdeelsleutel, waarbij in 2025 een ingroeiscenario geldt qua calculatie van de uiteindelijke % verdeling per GR gemeente: VERDEELSLEUTEL 2025 % aandeel in sleutel
16,7%
83,3%
CBS PS index 1-1-24
Omzet 2022-2024
8,3% 18,1% 10,9% 33,4% 29,3% 100,0%
4,3% 21,1% 5,6% 32,7% 36,4% 100,0%
Brunssum Kerkrade Landgraaf Maastricht Sittard-Geleen GR KBL totaal
Conform bestuursbesluit d.d. 6-2-25
VERDEELSLEUTEL 2025 5,0% 20,6% 6,5% 32,8% 35,2% 100,0%
Verdeling bestaanslasten € € € € € €
244.803,38 1.018.623,26 319.157,32 1.620.884,61 1.738.309,44 4.941.778,00
De betreffende bestaanslastenbijdrage per GR-gemeente zal gedurende 2025 in rekening worden gebracht (op kwartaalbasis, voorafgaand). Verbruikslasten 2025 Uit de begrotingswijziging 2025 en hiermee gepaard gaande bekostigingsanalyse blijkt dat het variabele generieke KBL-verbruikstarief voor de GR-gemeenten in 2025 € 47 per uur zal bedragen. Dit is logischerwijs circa 40% van het initiële tarief 2024 (zijnde € 119 per uur). Alle bestaande KBL-producten en diensten worden op basis van dit uurtarief en de geldende urennormeringen per product/dienst afgerekend. Voor de dienst Beschermingsbewind (en hieraan gekoppeld ook de dienst Budgetbeheer maatwerk) geldt met ingang van 2025 als uitgangspunt het landelijk bepaalde wettelijke tarief van € 82,50 per uur. Gezien de voorziene praktische impact van een tariefwijziging in 2025 binnen het aanbod van onze reguliere budgetbeheer pakketten is ervoor gekozen om hier de pakketprijzen in 2025 niet aan te passen c.q. te verlagen maar dus gelijk te houden aan 2024. Uiteraard is dit niet van toepassing voor de niet GR-gemeenten en opdrachtgevers. Zij betalen in 2025 namelijk op basis van een uurtarief van € 119 per uur (en gemeente Heerlen zelfs € 123 per uur conform de overeengekomen meerjarige DVO) en betalen hiermee dus een risico-opslag ten gunste van de GR gemeenten.
Voor de GR-gemeenten geldt dat de daadwerkelijk gerealiseerde variabele verbruikslasten op maandbasis achteraf zullen worden gefactureerd/verrekend.
17
5
Indicatie facturatie GR-gemeenten 2025
Op basis van de voorgaande gegevens kan er voor de vijf GR-gemeenten een overzicht worden gepresenteerd qua de te verwachten te facturen bedragen vanuit KBL-zijde aangaande 2025. Dit betreft dus enerzijds het aandeel aan voorgecalculeerde bestaanslasten 2025 voor de vijf GR gemeenten en anderzijds een indicatie van het variabele verbruiksdeel (P x Q) voor 2025, waarbij de afgestemde aannames qua verwachte volumeontwikkelingen per product/dienst per GR-gemeente als basis voor deze indicatieve calculatie dienen: GR-gemeente
Bestaanslasten 2025
Verbruikslasten 2025 (verdeelsleutel '25) % aandeel
Totaal 2025
% aandeel
indicatief
Brunssum Kerkrade Landgraaf Maastricht Sittard-Geleen Totaal GR-gemeenten
€ € € € € €
244.803 1.018.623 319.157 1.620.885 1.738.309 4.941.778
€ € 6,5% € 32,8% € 35,2% € 100% € 5,0%
20,6%
213.959 € 868.618 € 290.871 € 1.480.715 € 1.752.137 € 4.606.300 €
458.762 1.887.241 610.028 3.101.600 3.490.447 9.548.079
4,8% 19,8% 6,4% 32,5% 36,6% 100%
Er wordt in 2025 ook een tweetal afdrachten voorzien vanuit KBL aan de GR-gemeenten: 1. inzake het resultaat 2024 2. inzake de zogenaamde “btw-teruggave”. Deze btw-teruggave kent de volgende achtergrond (ter toelichting): op 14 april 2023 heeft de Hoge Raad in een aantal samenhangende arresten bepaalt dat organisaties zonder winstoogmerk en publiekrechtelijke lichamen in het bijzonder geen BTW mogen heffen over diensten die voortvloeien uit het aanbieden van schuldhulpverlening. In het geval van KBL vallen daaronder ook beschermingsbewind en Budgetbeheer Maatwerk. Dat was goed nieuws want dit betekent dat KBL voor deze diensten vrijgesteld is van BTW, waardoor deze diensten met ingang van 1 juli 2023 goedkoper worden aangeboden. KBL heeft destijds direct de noodzakelijke aanpassingen in de automatiseringssystemen en facturatie doorgevoerd zodat de lagere tarieven vanaf 1 juli 2023 in rekening worden gebracht bij zowel klanten als bij de GR-gemeenten die rechtstreeks met KBL afrekenen. Met behulp van een fiscalist heeft KBL reeds sinds januari 2020 bezwaar gemaakt tegen de te betalen omzetbelasting voor beschermingsbewind en budgetbeheer maatwerk.
Hiervoor liep nog een juridische procedure bij de rechtbank Zeeland-West Brabant welke inmiddels is ingetrokken door KBL als gevolg van een onderling akkoord tussen KBL en de lokale belastinginspecteur, naar aanleiding van de hierboven aangehaalde arresten vanuit de Hoge Raad. De belastinginspecteur heeft zich uiteindelijk geschikt in terugbetaling van de onterecht afgedragen omzetbelasting (over tijdvak januari 2020 - juni 2023), rentecompensatie alsmede een aandeel in de ontstane proceskosten. Meer details zijn terug te vinden in het AB document 25.01.AB d.d. 06-02-2025. In de volgende tabel is een specificatie van deze btw teruggave opgenomen:
18
Dit levert het volgende indicatieve totaalbeeld voor 2025 op aan voorzien saldo per GRgemeente:
GR-gemeente
Totaal 2025
Resultaat '24 BTW teruggave Saldo GR-gemeenten beoogde afdracht 2025 indicatief
Brunssum Kerkrade Landgraaf Maastricht Sittard-Geleen Totaal GR-gemeenten
€ 458.762 € € 1.887.241 € € 610.028 € € 3.101.600 € € 3.490.447 € € 9.548.079 €
51.579 € 117.781 € 72.302 € 314.169 € 153.038 € 708.869 €
65.191 € -5.330 € 58.671 € 179.265 € 564.249 € 862.046 €
341.992 1.774.790 479.055 2.608.166 2.773.160 7.977.164
Tot slot: wanneer de indicatieve 2025 facturatie aan de GR-gemeenten wordt vergeleken met voorgaand boekjaar 2024 dan kan de volgende tabel worden gepresenteerd:
GR-gemeente
Totaal 2024
% aandeel delta '25 vs '24
%
gefactureerd
Brunssum Kerkrade Landgraaf Maastricht Sittard-Geleen Totaal GR-gemeenten
€ 449.808 € 1.861.356 € 558.826 € 3.044.159 € 3.471.165 € 9.385.314
4,8% € 19,8% € 6,0% € 32,4% € 37,0% € 100% €
8.954 2,0% 25.885 1,4% 51.202 9,2% 57.441 1,9% 19.282 0,6% 162.765 1,7%
Let op: het zichtbaar hogere stijgings % bij gemeente Landgraaf (+9,2%) hangt grotendeels samen met het volume effect a.g.v. de introductie van de quick scan gesprekken.
19
Lijst van gehanteerde afkortingen AB AVG BBR BBR MW BBV BSBW BGS CAO CBS CPI DB DK DVO EV FNWL GR I(C)T KBL KOT MSNP NVVK PL P&C SAAS SBN SHV SB SK SR VPB VV WGS WSNP WW
Algemeen Bestuur Algemene Verordening Gegevensbescherming Budgetbeheer Budgetbeheer Maatwerk Besluit Begroting en Verantwoording Beschermingsbewind Besluit Gemeentelijke Schuldhulpverlening Collectieve Arbeids Overeenkomst Centraal Bureau Statistiek Consumenten Prijs Index Dagelijks Bestuur Doorlopend Krediet Dienstverleningsovereenkomst Eigen Vermogen Project Financiële Nood Waterschade Limburg Gemeenschappelijke Regeling Information (Communication) Technology Kredietbank Limburg Project Kinderopvangtoeslagaffaire Minnelijke Schuldsanering Natuurlijke Personen Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet Persoonlijke lening Planning & Control Software as a Service Sociale Banken Nederland Schuldhulpverlening Schuldbemiddeling Saneringskrediet Schuldregelen Vennootschapsbelasting Vreemd Vermogen Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen Werkloosheidswet
20