CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

2021 08 24 Nader onderzoek das landweg Kerkrade.pdf

Gemeenteraad 14 juli 2022, gemeente KerkradeBij agendapunt: Ontwerpbesluit verzoek onttrekking NABO Landweg/Meuserstraat aan openbaarheid2.231 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

Arnhem, 24 augustus 2021

Pagina |2

Colofon Titel Subtitel

: Nader onderzoek das : NABO landweg Kerkrade

Projectnummer Datum

: 21.188 : 24 augustus 2021

Veldonderzoek Auteur(s)

: E.W.A. Janssen : E.W.A. Janssen

Collegiale toets

: T. van den Hove

Opdrachtgever Contactpersoon

: ProRail : C. de Vries

Bezoekadres Postcode Telefoon

: Kerkstraat 20 : 6883 HT Velp : 026-2001900

info@ekoza.nl www.ekoza.nl

Ekoza B.V. is lid van het Netwerk Groene Bureaus: www.netwerkgroenebureaus.nl

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

Pagina |3

Inhoudsopgave 1. 2.

Inleiding ............................................................................................................................... 4 Wettelijk kader ..................................................................................................................... 5 2.1 Soorten ......................................................................................................................... 5 3. Gebiedsbeschrijving .............................................................................................................. 7 3.1 Gebiedsbeschrijving....................................................................................................... 7 3.2 Voorgenomen ingreep ................................................................................................... 8 4. Onderzoeksmethode ............................................................................................................. 9 4.1 Das................................................................................................................................ 9 4.2 Uitwerking en rapportage .............................................................................................. 9 5. Resultaten ..........................................................................................................................

10 5.1 Das.............................................................................................................................. 10 6. Conclusies........................................................................................................................... 11 6.1 Das.............................................................................................................................. 11 Bronnen ..................................................................................................................................... 12 Literatuur ............................................................................................................................... 12 Websites ................................................................................................................................ 12

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

Pagina |4

1.

Inleiding ProRail wil af van de niet actief beveiligde spoorwegovergangen (NABO’s) in Nederland. Zo ook van het wandelpad over het spoor in Kerkrade ter hoogte van geocode 066, km 26.65. Uit de quickscan flora en fauna, uitgevoerd door Ekoza BV (rapport 20.320), kwam naar voren dat er nader onderzoek uitgevoerd moest worden ter hoogte van de alternatieve onderdoorgang, een veetunnel ( km 27.1). Hier zou een looproute van dassen voor kunnen komen. Bij het uitvoeren van de werkzaamheden moet rekening worden gehouden met beschermde soorten. Om te bepalen of dassen aanwezig zijn en gebruik maken van de veetunnel onder het spoor ter hoogte van km 27.1 is onderzoek noodzakelijk. Indien de das voorkomt beoordeelt Ekoza B.V. de effecten van de werkzaamheden op deze soort. Als er negatieve effecten te verwachten zijn, volgt een afweging of een ontheffing van de verbodsbepalingen in de Wet natuurbescherming noodzakelijk is. In hoofdstuk 2 staat het wettelijke kader uiteengezet, waaraan getoetst dient te worden. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van het onderzoeksgebied en de voorgenomen ingrepen. Hoofdstuk 4 geeft een beschrijving van de onderzoeksmethodes die gebruikt zijn. In hoofdstuk 5 worden de resultaten van het onderzoek besproken en getoetst aan de Wet natuurbescherming. Ten slotte zijn in hoofdstuk 6 de conclusies en aanbevelingen beschreven.

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

Pagina |5

2.

Wettelijk kader Sinds 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming van kracht. Deze wet vervangt 3 wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. Het bevoegd gezag ligt bij de provincies. De Rijksoverheid blijft verantwoordelijk voor handelingen en projecten in gebruik, beheer of aanleg door het rijk, zoals hoofdwegen, spoorwegen, hoofdvaarwegen, waterkeringen, militaire terreinen, gastransportnet, hoogspanningsleidingen, delfstoffen, kustlijn, bepaalde visserij etc. De Wet natuurbescherming is gericht op de bescherming van: • Natura 2000-gebieden • Soorten • Houtopstanden Dit onderzoek heeft enkel betrekking op soorten, in dit geval de das In dit hoofdstuk is daarom ook alleen de soortenbescherming uit de Wet natuurbescherming uitgelicht.

2.1 Soorten Onder de Wet natuurbescherming geldt een zorgplicht voor alle in het wild levende dieren. De Wet natuurbescherming kent drie beschermingsregimes: • soorten van de Vogelrichtlijn • soorten van de Habitatrichtlijn • andere soorten

Vogelrichtlijnsoorten Onder de soorten van de Vogelrichtlijn vallen alle van nature in Nederland in het wild levende vogels. Ingevolge artikel 3.1 is het verboden om: 1. Opzettelijk vogels te doden of te vangen; 2. Opzettelijk vogelnesten, -rustplaatsen en -eieren te vernielen of te beschadigen of vogelnesten weg te nemen; 3. Eieren van vogels te rapen en deze onder zich te hebben; 4. Opzettelijk vogels te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.

Habitatrichtlijnsoorten Onder de soorten van de Habitatrichtlijn vallen soorten die genoemd zijn in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn, Bijlage I en II van het Verdrag van Bern en Bijlage I van het Verdrag van Bonn. In de Bijlagen van de Verdragen van Bern en Bonn worden ook vogels genoemd. Wat betreft deze soorten is het ingevolge artikel 3.5 (Bern bijl. II, Bonn bijl. I) verboden om: 1. Opzettelijk dieren te doden of te vangen; 2. Opzettelijk dieren te verstoren; 3. Opzettelijk eieren van dieren te vernielen of te rapen; 4. Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen;

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

Pagina |6

5. Opzettelijk planten in hun natuurlijke verspreidingsgebied te plukken, te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Wat betreft deze soorten is het ingevolge artikel 3.6 (Bern bijl. I en II, Bonn bijl. I) verboden om dieren of planten te verkopen, te vervoeren voor verkoop, te verhandelen, te ruilen of te koop of te ruil aan te bieden, tenzij het gaat om aantoonbaar gefokte of gekweekte dieren of planten.

Andere soorten Onder het beschermingsregime andere soorten vallen soorten waarvoor er geen Europese verplichting tot bescherming is. Dit zijn soorten die vanuit nationaal belang extra bescherming behoeven. De beschermde status van soorten kan per provincie verschillen. Provincies hebben de bevoegdheid om bij provinciale verordening vrijstelling te verlenen voor nationaal beschermde soorten. Ook RVO (bevoegd gezag in deze) heeft een lijst met vrijgestelde soorten welke te vinden zijn in de Regeling natuurbescherming artikel 3.31 en Bijlage 11. Ingevolge de Wet natuurbescherming artikel 3.10 is het verboden om: 1. Opzettelijk dieren te doden of te vangen; 2. Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen; 3. Opzettelijk planten in hun natuurlijke verspreidingsgebied te plukken te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Zorgplicht Artikel 1.11 Wet natuurbescherming voorziet in een algemene verplichting voor eenieder om voldoende zorg te dragen voor Natura 2000-gebieden, bijzondere nationale natuurgebieden en voor in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. Het betreft bovendien niet alleen dieren en planten van soorten waarvoor de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn specifieke beschermingsmaatregelen eisen, maar alle in het wild levende dieren en planten. De zorgplicht is als een open norm geformuleerd in het eerste lid van artikel 1.11. In het tweede lid wordt de zorgplicht iets geconcretiseerd door te bepalen dat de zorgplicht in elk geval inhoudt dat eenieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen kunnen worden veroorzaakt voor een Natura 2000-gebied, een bijzonder nationaal natuurgebied of voor in het wild levende dieren en planten: • dergelijke handelingen achterwege laat, dan wel, • indien dat achterwege laten redelijkerwijs niet kan worden gevergd, de noodzakelijke maatregelen treft om die gevolgen te voorkomen, of • voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk beperkt of ongedaan maakt. Voor de bescherming van dieren en planten van soorten waarvoor geen specifiek beschermingsregime geldt op grond van hoofdstuk 3, heeft de zorgplicht zelfstandig betekenis.

Op grond van de zorgplichtbepaling moeten schadelijke handelingen in beginsel achterwege worden gelaten dan wel moeten maatregelen worden genomen om schadelijke gevolgen (zoveel mogelijk) te voorkomen. Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

Pagina |7

3.

Gebiedsbeschrijving

3.1 Gebiedsbeschrijving Het projectgebied betreft een veetunnel onder het spoor ter hoogte van Eygelshoven (Kerkrade, km 27.1) nabij de Duitse grens. In Figuur 1 is de globale ligging van de NABO en de veetunnel weergegeven. Het spoor ligt hier op de grens van de bebouwing van Eygelshoven en het natuurgebied rond de beek de Worm. Ten zuidoosten van de NABO komt het spoor verhoogd in het landschap te liggen. De tunnel wordt momenteel niet of nauwelijks gebruikt en is dan ook begroeid met vooral brandnetels. Figuur 2 geeft een impressie van het projectgebied.

Figuur 1. Globale ligging van het projectgebied ten opzichte van Kerkrade en de beek de Worm. De veetunnel ligt in het groene kader en de te saneren NABO in de rode cirkel.

Figuur 2a. Impressie van het projectgebied.

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

Pagina |8

Figuur 2b. Impressie van het projectgebied.

3.2 Voorgenomen ingreep

• • • • •

ProRail is aan het overwegen om de veetunnel te gaan gebruiken als alternatieve spoorwegpassage voor wandelaars. Zo kan de NABO ter hoogte van km 26.5 worden gesaneerd wat ten goede komt aan de veiligheid ervan. De locatie van het toegangspad aan de zuidwestkant van de tunnel is nog een punt van overleg, maar betreffende scenario’s zijn in de quickscan overwogen. Het plan is om tussen half mei en 1 juli 2022 de tunnel geschikt te maken voor voetgangers en de NABO saneren. Het aanpassen van de tunnel bestaat uit de volgende werkzaamheden: De huidige duiker onder het spoor moet vervangen worden, aan de rechterzijde van de veetunnel, dit zal nog worden afgestemd met de gemeente. Er wordt een veerooster geplaatst ten zuiden van het spoor tussen het aanrijdportaal en de veetunnel. De veetunnel wordt opgeknapt, de doorrijhoogte is nu 3,5 m hoog, dat wordt 4 meter, dit wordt gerealiseerd door het afgraven van grond. Ook wordt een drainage aangebracht. Doel is om onderhoudsvoertuigen door te kunnen laten, incidenteel/2 keer per jaar. Het pad naar de veetunnel wordt een porfier/splitpad met halfverharding. Er worden geen bomen gekapt.

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

Pagina |9

4.

Onderzoeksmethode Iedere dier- en plantengroep behoeft zijn eigen methode van inventarisatie om een zo goed mogelijk beeld te verkrijgen van de betekenis van het projectgebied voor de betreffende soorten of groepen. Dassen zijn beschermd onder het beschermingsregime van ‘Andere soorten’.

4.1 Das De habitat van een das bestaat uit diverse biotooptypen. Vaak is er hooggelegen en laaggelegen grond op korte afstand van elkaar. Dassen leggen hun burcht aan op de hogere delen, waar de (zand)grond goede afwatering biedt en waar het graven makkelijk is. Voorwaarde is wel dat er voldoende beschutting is. De lagere gronden bieden een groot voedselaanbod op akkers en in weilanden. Dassen komen soms voor in gebieden met taluds, waar enige bescherming in de vorm van bomen of struiken is. Dit kunnen zelfs weg- of spoorbermen zijn. Verder moet het leefgebied relatief vrij van verstoring zijn. Op de migratieen foerageerroutes tussen de verschillende biotooptypen zijn voldoende bosjes, houtwallen, singels en heggen nodig voor beschutting.

Inventarisatie Het onderzoek naar dassen is conform het kennisdocument Das van BIJ12 uitgevoerd. Het onderzoek betreft specifiek de aan- / afwezigheid van een looproute van de das onder de tunnel en heeft plaatsgevonden tussen 7 juni en 19 juli. Het gebruik van de tunnel is met een cameraval (Bushnell Legend) onderzocht. Deze is met een kabel aan het houten hek aan de oostkant vastgemaakt (Figuur 3). Tijdens de onderzoeksperiode is het beeld voor de camera vrij gemaakt door regelmatig de brandnetels te verwijderen.

Figuur 3. De cameraval aan het hek, gericht richting de onderdoorgang.

4.2 Uitwerking en rapportage Onderzocht wordt of de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming worden overtreden, een ontheffing noodzakelijk is en of daaruit voortvloeiende verplichtingen in de vorm van mitigatie of compensatie noodzakelijk zijn.

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

P a g i n a | 10

5.

Resultaten

5.1 Das Onder de tunnel zijn geen dassen waargenomen in de zes weken dat de camera er hing. Wel is er eenmaal een steenmarter vastgelegd (Figuur 4). Verder waren er de volgende soorten op beeld: koolmees, houtduif, fazant (v), zanglijster, merel, ekster, bosmuis en winterkoning. Ook maakten diverse mensen, ondanks de brandnetels, gebruik van de tunnel.

Figuur 4. Een steenmarter. Effectenbeoordeling Dassen maken geen gebruik van de tunnel. In zes weken tijd in de zomer van 2021 zijn er geen dassen door de wildcamera gefotografeerd. Op een eventuele dassenlooproute is daarmee door het gebruik van de veetunnel door wandelaars in de toekomst geen negatief effect te verwachten. De aangetroffen steenmarter is eenmaal waargenomen en maakt dus niet regelmatig gebruik van de tunnel. Het is een zwervend exemplaar geweest dat op zoek was naar een leef- of een foerageergebied. De tunnel zal na aanpassing aan wandelaars nog steeds door zoogdieren gebruikt kunnen worden. Als er langs de zijkanten wat groen behouden blijft of aangelegd wordt, kunnen ook kleine zoogdieren en reptielen/ amfibieën er veilig en beschut gebruik van maken.

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

P a g i n a | 11

6.

Conclusies De Wet natuurbescherming is gericht op het duurzaam in stand houden van soorten in hun natuurlijk leefgebied. Niet alleen de instandhouding van verblijfplaatsen is van belang, maar ook de instandhouding van het leefgebied. Te allen tijde dient men de zorgplicht in acht te nemen. Deze zorgplicht houdt in dat nadelige gevolgen voor flora en fauna zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. De zorgplicht geldt voor alle planten en dieren, beschermd of niet.

6.1 Das Er zijn geen dassen vastgesteld onder de tunnel waardoor een negatief effect van de werkzaamheden en het nieuwe wandelpad op dassen of hun looproute is uitgesloten. De waargenomen steenmarter is geen regelmatig gebruiker van de onderdoorgang. Een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming is niet nodig. Aangeraden wordt om groene elementen langs de zijkanten van de tunnel te behouden of aan te leggen zodat kleine zoogdieren, reptielen en amfibieën in de toekomstige situatie de tunnel beschut kunnen passeren.

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

P a g i n a | 12

Bronnen Literatuur • • •

Broekhuizen, S., K. Spoelstra, J.B.M. Thissen, K.J. Kanters & J.C. Buys 2016. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. Natuur van Nederland 12: 1-432. Ekoza BV, 2020. Quickscan flora en fauna NABO - Kerkrade. Rapportnr. 20.320. In opdracht van ProRail, Utrecht. Kennisdocument Das Meles meles. Versie 1.0, juli 2017. BIJ12.

Websites • • •

https://wetten.overheid.nl/BWBR0037552/ https://wetten.overheid.nl/BWBR0038668/ www.zoogdiervereniging.nl

Nader onderzoek das NABO landweg Kerkrade

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=6cfa46f8-efd4-42d8-950d-00244c762eaf